LXXIII.Uw rijkdom is niet oneindig, mijn geduldige en donkere moeder aarde!Gij zwoegt om de monden uwer kinderen te vullen, maar voedsel is schaars.De gave der blijdschap, die gij voor ons hebt, is nooit volkoomen.Het speelgoed, dat ge voor uw kinderen maakt, is broos.Gij kunt al onze hongerigeverwachtingenniet voldoen, maar zou ik u daarom verlaten?Uw door smart beschaduwde glimlach is liefelijk voor mijn oogen.Uw liefde, die geen voleindiging kent, is mijn hart dierbaar.Gij hebt ons uit uw borst gevoed met leeven, niet met onsterfelijkheid, daarom zijn uw oogen altijd waaksaam.Aeonen lang werkt gij met kleur en zang, toch is uw heemel niet gebouwd, alleen zijn droeve aanduiding.Oover uwe schoonheids-scheppingen ligt de tranen-neevel.Ik zal mijn zangen storten in uw zwijgend hart, en mijn liefde in uwe liefde.Ik zal u eeren door arbeid.Ik heb uw zacht gelaat gezien en ik min uw rouw-vol stof, moeder aarde.
LXXIII.Uw rijkdom is niet oneindig, mijn geduldige en donkere moeder aarde!Gij zwoegt om de monden uwer kinderen te vullen, maar voedsel is schaars.De gave der blijdschap, die gij voor ons hebt, is nooit volkoomen.Het speelgoed, dat ge voor uw kinderen maakt, is broos.Gij kunt al onze hongerigeverwachtingenniet voldoen, maar zou ik u daarom verlaten?Uw door smart beschaduwde glimlach is liefelijk voor mijn oogen.Uw liefde, die geen voleindiging kent, is mijn hart dierbaar.Gij hebt ons uit uw borst gevoed met leeven, niet met onsterfelijkheid, daarom zijn uw oogen altijd waaksaam.Aeonen lang werkt gij met kleur en zang, toch is uw heemel niet gebouwd, alleen zijn droeve aanduiding.Oover uwe schoonheids-scheppingen ligt de tranen-neevel.Ik zal mijn zangen storten in uw zwijgend hart, en mijn liefde in uwe liefde.Ik zal u eeren door arbeid.Ik heb uw zacht gelaat gezien en ik min uw rouw-vol stof, moeder aarde.
LXXIII.
Uw rijkdom is niet oneindig, mijn geduldige en donkere moeder aarde!Gij zwoegt om de monden uwer kinderen te vullen, maar voedsel is schaars.De gave der blijdschap, die gij voor ons hebt, is nooit volkoomen.Het speelgoed, dat ge voor uw kinderen maakt, is broos.Gij kunt al onze hongerigeverwachtingenniet voldoen, maar zou ik u daarom verlaten?Uw door smart beschaduwde glimlach is liefelijk voor mijn oogen.Uw liefde, die geen voleindiging kent, is mijn hart dierbaar.Gij hebt ons uit uw borst gevoed met leeven, niet met onsterfelijkheid, daarom zijn uw oogen altijd waaksaam.Aeonen lang werkt gij met kleur en zang, toch is uw heemel niet gebouwd, alleen zijn droeve aanduiding.Oover uwe schoonheids-scheppingen ligt de tranen-neevel.Ik zal mijn zangen storten in uw zwijgend hart, en mijn liefde in uwe liefde.Ik zal u eeren door arbeid.Ik heb uw zacht gelaat gezien en ik min uw rouw-vol stof, moeder aarde.
Uw rijkdom is niet oneindig, mijn geduldige en donkere moeder aarde!
Gij zwoegt om de monden uwer kinderen te vullen, maar voedsel is schaars.
De gave der blijdschap, die gij voor ons hebt, is nooit volkoomen.
Het speelgoed, dat ge voor uw kinderen maakt, is broos.
Gij kunt al onze hongerigeverwachtingenniet voldoen, maar zou ik u daarom verlaten?
Uw door smart beschaduwde glimlach is liefelijk voor mijn oogen.
Uw liefde, die geen voleindiging kent, is mijn hart dierbaar.
Gij hebt ons uit uw borst gevoed met leeven, niet met onsterfelijkheid, daarom zijn uw oogen altijd waaksaam.
Aeonen lang werkt gij met kleur en zang, toch is uw heemel niet gebouwd, alleen zijn droeve aanduiding.
Oover uwe schoonheids-scheppingen ligt de tranen-neevel.
Ik zal mijn zangen storten in uw zwijgend hart, en mijn liefde in uwe liefde.
Ik zal u eeren door arbeid.
Ik heb uw zacht gelaat gezien en ik min uw rouw-vol stof, moeder aarde.