XV.Ik ren als het muskus-hert rent in de schaduw van het woud, dol door zijn eigen geur.De nacht is midden-Mei-nacht, de wind is Zuide-wind.Ik raak van mijn pad af en ik ga dwalen, ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.Het beeld van mijn eigen begeerte komt uit mijn hart en danst.Het stralend vizioen vliedt heen.Ik tracht het vast te grijpen, het ontwijkt me en leidt me van mijn weg af.Ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.
XV.Ik ren als het muskus-hert rent in de schaduw van het woud, dol door zijn eigen geur.De nacht is midden-Mei-nacht, de wind is Zuide-wind.Ik raak van mijn pad af en ik ga dwalen, ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.Het beeld van mijn eigen begeerte komt uit mijn hart en danst.Het stralend vizioen vliedt heen.Ik tracht het vast te grijpen, het ontwijkt me en leidt me van mijn weg af.Ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.
XV.
Ik ren als het muskus-hert rent in de schaduw van het woud, dol door zijn eigen geur.De nacht is midden-Mei-nacht, de wind is Zuide-wind.Ik raak van mijn pad af en ik ga dwalen, ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.Het beeld van mijn eigen begeerte komt uit mijn hart en danst.Het stralend vizioen vliedt heen.Ik tracht het vast te grijpen, het ontwijkt me en leidt me van mijn weg af.Ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.
Ik ren als het muskus-hert rent in de schaduw van het woud, dol door zijn eigen geur.
De nacht is midden-Mei-nacht, de wind is Zuide-wind.
Ik raak van mijn pad af en ik ga dwalen, ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.
Het beeld van mijn eigen begeerte komt uit mijn hart en danst.
Het stralend vizioen vliedt heen.
Ik tracht het vast te grijpen, het ontwijkt me en leidt me van mijn weg af.
Ik zoek wat ik niet krijgen kan, ik krijg wat ik niet zoek.