Chapter 43

Monbuttoe’s, verschil in kleur tusschen de seksen bij de —, II312.Mongolen, scherpe zinnen der —,62.Monogamie, geen natie die oorspronkelijk in — leefde,258.Monogenisten,341.Mononychus pseudacori, gesjirp van —,568.Monotremata,279;ontwikkeling van demembrana nictitansbij de —,24;melkafscheidende klieren der —,284;verbinding der zoogdieren met de reptielen door de —,288.Monstruositeiten, overeenkomstig den mensch en de lagere dieren,57;veroorzaakt door stilstand in ontwikkeling,65;correlatie van —,73;overplanting van —,337.Montagu, G., over de gewoonten van den korhaan en den rooden Schotschen boschhaan,448;over de strijdlustigheid van den kemphaan, II41;over het zingen van vogels, II49;over de dubbele ruiing van de mannelijke pijlstaarteend, II81.Monteiro, de heer, overBucoraxabyssinicus, II68.Montes de Oca, M., over de strijdlustigheid van mannelijke Kolibri’s, II39.Monticola cyanea, II164.Monumenten, als sporen van uitgestorven stammen,384.Morinel, — Plevier, II192.Morgan, L. H., over den bever,114;over het redeneerend vermogen van den bever,123;over het met geweld rooven der vrouwen,258; over het castoreum der bevers, II270;het huwelijk in de vroegste tijden onbekend, II352;polyandrie, II359.Morris, F. O., over een verlaten havik die door andere haviken gevoed werd, II103.Morse, Dr., over beschermende kleuren bij weekdieren,515.Morselli, E., over het jukbeen,68.Morton, over het aantal menschenrassen,339.Moschus moschiferus, riekende stoffen en afscheidende organen van —, II271.Mosdieren, ziePolyzoa.Mosselen, door apen geopend,81.Mosselkreeften, zieCirrhipedia.Motacillae, jongen van Indische —, II181.Motmot, raketvormige vederen in den staart van een —, II70.Motmots, over den staart der —, II372.Muilezel, met rede begaafd,127;onvruchtbaarheid en lang leven van den —,335.Muggen, langbeenige,538.Mulatten, blijvende vruchtbaarheid van —,335;vrij van gele koorts,363.[454]Müller, Ferd., over de Mexicanen en Peruanen,259.Müller, Fritz, over de mannetjes vanTanais,435;over het verdwijnen van vlekken en strepen bij volwassen Zoogdieren, II293;over de verhouding der seksen bij sommige Schaaldieren,495;over secundaire seksueele kenmerken bij verschillende Schaaldieren,517v.v.;muzikale strijd tusschen twee mannelijke cicaden,540;over de seksueele rijpheid van jonge tot de vlookreeften behoorende Schaaldieren, II202;over het pronken vanGastnia,584.Müller, H., overEristalis,538.Müller, Dr. Hermann en Fritz, over de verhouding der seksen bij de bijen,493,494.Müller, Hermann, over seksueele kleurverschillen bij de bijen,553.Müller, J., over demembrana nictitansen deplica semilunaris,24.Müller, Max, over den oorsprong der spraak,137;strijd om het bestaan bij de woorden, enz. der taal,142;over Darwin’s verklaring van den oorsprong der taal,139.Müller, S., over den Bantengstier, II280;over de kleuren vanSemnopithecuschrysomelas, II281.Muntjac-hert, wapenen van het —, II242.Murray, A., over de luizen bij verschillende menschenrassen,334.Murray, T. A., over de vruchtbaarheid van Australische vrouwen bij Europeesche mannen,325.Murrie, J., over de verkleining van organen,19;over de ooren derLemuroidea,22;over de variabiliteit der spieren bij deLemuroidea,71,78;over het omsloten zijn der eerste staartwervels vanMacacus brunneusin het lichaam,92;over verschillen bij deLemuroidea,275;over den keelzak van het mannetje van de trapgans, II56;over de manen vanOtaria jubata, II251;over de suborbitaalgroeven der Herkauwende Zoogdieren, II271;over de kleuren der seksen bijOtaria nigrescens, II278.Mus coninga,130.Mus minutus, seksueel verschil in kleur van —, II277.Musca vomitoria,86.Muscicapa grisola, II163.Muscicapa luctuosa, II163.Muscicapa ruticilla, het broeden van — in onvolwassen gevederte, II201.Musculus acromio-basilaris,71.Musculus ischio-pubicus,70.Musculus sternalis, Prof. Turner over den —,20.Muskusdier, hondstanden van het mannetje van het —,227,242;reukgevende organen van het mannelijk —, II271;winterkleed van het —, II287.Muskuseend, Australische, II37;grootte van het mannetje van de —, II41;strijdlustigheid van de —van Guiana, II41.Muskusos, horens van den —, II232.Muskusrat, beschermende gelijkenis van een — op een aardkluit, II286.Musophagae, kleuren en nestbouw van de —, II163;beide seksen van — even schitterend, II169.Musch, huis—, strijdlustigheid van de mannelijke —, II39;een — die leert zingen als een kneutje, II52,327;kleuren van de —, II187;onvolwassen gevederte van de —, II179.Musch, wit gekroonde, jongen van de —, II204.Musschen, het vinden van nieuwe gezellen door —, II101;seksen en jongen der —, II200;het leeren zingen der —, II327.Musschen, huis- enring—, II163.Mustela, winterkleed van twee soorten van —, II287.Musters, Kapt., over de huwelijken der Patagoniërs, II365.Mutilla Europaea, gesjirp van —,554.[455]Mutillen, ontbreken van bijoogjes bij de wijfjes der —,531.Mutsaap,270.Muziek,269;bewondering der — door menschen en dieren,144;van visschen, II20;van mannelijke kikvorschen en padden, II24;van vogels, II49;instrumentale — van vogels, II59,60, v.v.;smaak der wilden voor wanluidende —, II63;verschillende waardeering der — bij verschillende volken, II327;oorsprong der —, II327,329;invloed der —, II328.Muzikalematen, waarneming der — door dieren, II326;— vermogens van den mensch, II324v.v.Mycetes Caraya, veelwijvig,445;stemorganen van —, II268;baard van —, II275;seksueele verschillen van kleur bij —, II280;stem van —, II325.Mycetes seniculus, seksueele verschillen van kleur bij —, II281.Myriapoda,528.N.Naaldvisch, draden van een —, II16.Naaldvisschen, broedzak der mannetjes van de —,285, II19.Nabootsing,115,597;— van den mensch door de apen,120;aandrift tot — bij de apen, microcephale idioten en wilden,137.Nachtegaal, aankomst van den mannelijken — vóór het wijfje,440;doel van het zingen van den —, II49.Nachtegalen, het verkrijgen van nieuwe gezellen door —, II101.Nachtpauwoog,585.Nachtreiger, geluid van den —, II49.Nachtvlinders,582;gemis van den mond bij sommige mannelijke —,435;vleugellooze wijfjes der —,436;grijpen der wijfjes met de voeten door de —,437;de mannelijke — door de wijfjes gelokt,497;geluiden van —,576;kleuren der —,584;seksueele kleurverschillen bij de —,586.Nachtzwaluw, paring van de Virginische —, II47;gewijzigde vederen van een —, II69,93;keus van een mannetje door het wijfje van de —, II112.Nachtzwaluwen, geraas van de mannetjes van sommige — met hun vleugels, II59.Nägeli, over den invloed der natuurlijke teeltkeus op planten,94;over tusschenvormen bij planten,340.Nagels, rood of purper verven der — in een deel van Afrika,332.Napels, geringer overmaat der mannelijke sekse bij onwettige dan bij wettige geboorten te —,478.Narwal, tanden van den —, II227,235.Nathusius, H. von, over de verbeterde varkensrassen,342;over de horens van gesneden rammen, II233;over het fokken van tamme dieren, II363.Nathusius, von, over de ontwikkeling van secundaire seksueele kenmerken,453.Natuurkeus, zieNatuurlijke Teeltkeus.Natuurlijkeen seksueele teeltkeus vergeleken,457.Natuurlijke teeltkeus, de invloed der — op de vroege voorouders van den mensch,78;invloed der — op den mensch,93,95;beperking van het beginsel der —,94;invloed der — op sociale dieren,96;de heer Wallace over de beperking der — door den invloed der verstandelijke vermogens van den mensch,238;invloed der — op den vooruitgang in de Vereenigde Staten,255.Naaktkieuwigeweekdieren, zieNudibranchia.Naulette, grootte der hoektanden in de kaak van la —,70.Navolging, zieNabootsing.Naijverder zangvogels, II50.Neanderdalschedel, inhoud van den —,87.[456]Necrophorus, gesjirp van —,564,567.Nectarinia, jongen van —, II181.Nectariniae, nestbouw van —, II162;ruien der —, II79.Nederlanders, behouden van hun kleur door — in Zuid-Afrika,362.Neger, overeenkomst in geestvermogens van een — met een Europeaan,344.Negerin, welwillendheid van een — jegens Mungo Park,204.Negers, inborst der —,204;luizen der —,334;zwartheid der —,338, II374;variabiliteit der —,339;vrijblijven der — van de gele koorts,363;verschil tusschen — en Amerikanen,367;misvorming der —, II333;kleur der pasgeboren kinderen van —, II313;betrekkelijke schraalheid van den baard der —, II316;aanleg der — voor muziek, II326;waardeering der — van de schoonheid hunner vrouwen, II336,338;denkbeelden over schoonheid bij de —, II341;samendrukken van den neus door sommige —, II343.Nemertina,516.Neolithischeperiode,132.Neomorpha, seksueel verschil in den snavel van —, II38.Nepaul, bewoners van — gevoelig voor verandering van klimaat,356.Nephila,525;kleinheid van het mannetje van het geslacht —,527.Nestbouw,van visschen, II17;betrekking tusschen de wijze van — en kleur, II160,163;de — der vogels van Engeland, II162.Nesten, maken van — door visschen, II17;versiering der — door kolibri’s, II108.Neteldieren, zieCoelenterata.Netvleugelige Insekten, zieNeuroptera.Neumeister, over een verandering van kleur bij sommige duiven, na verscheidene malen te hebben geruid,470.Neuroptera,494,549.Neurothemis, dimorphisme bij —,550.Neus, overeenkomst van den — bij den mensch en de apen,270;doorboren en versieren van den —, II333;platdrukken van den —, II343;een zeer platte — door de negers niet bewonderd, II342.Neusaap,270.Neusholten, groote — bij de inboorlingen van Amerika,62.Neushoorn, onbehaardheid van den —,89;de horens van den — tot verdediging gebruikt, II247;het aanvallen van witte of grijze paarden door den —, II284.Neushorenvogel, opblazen van de vleeschlappen aan den hals door den Afrikaanschen — gedurende den paartijd, II69;seksueel verschil in de kleur der oogen van den —, II123;nestbouw en bloeitijd van den —, II162.Newton, A., over den keelzak van de mannelijke trapgans, II56;over het verschil tusschen de wijfjes van twee soorten vanOxynotus, II183;over de gewoonten van de Franjepooten en den Morinel-plevier, II193.Nicholson, Dr., over het niet vrij blijven van donker gekleurde Europeanen van de gele koorts,365.Nier,60.Niet gebruiken, gevolgen van het — op het ontstaan van rudimentaire organen,18;gevolgen van het gebruiken en — van deelen,58;invloed van het — van deelen op de menschenrassen,368.Nieuw-Zeeland, verwachting van den inboorling van — over hun verdwijning,361;gewoonte van tatoeëeren op —, II335;afkeer der inboorlingen van — van haren in het gelaat, II340;het rooven der mooie meisjes door de opperhoofden van —, II362.Nieuwe Wereld, Apen der —, ziePlatyrrhinae.Nieuwsgierigheid, het toonen van — door dieren,119.[457]Nilgau, seksueel kleurverschil bij den —, II278.Nilsson, Prof., over de overeenkomst van steenen pijlpunten die op verschillende plaatsen zijn gevonden,345;over de ontwikkeling der horens bij het rendier,466.Nitsche, Dr., fotogram van een foetus van den orang,23.Nitzsch, C. L., over het dons der vogels, II77.Noctuae, aan de ondervlakte levendig gekleurd,585.Noctuidae, kleur van —,582.Nomadischegewoonten, nadeelig voor den vooruitgang van den mensch,244.Nommerkapel,581.Noorwegen, getalsverhouding der mannelijke en vrouwelijke geboorten in —,476.Nordmann, A., overTetrao urogalloides, II97.Norfolk-eilanders, nauw met elkander verwant, hun snelle vermeerdering,357.Notten Gliddon, over de gelaatstrekken van Rhamses II,332;over de gelaatstrekken van Amenophis III,332;over schedels uit de holen van Brazilië,332;over het vrijblijven der negers en mulatten van de gele koorts,363;over de misvorming van den schedel bij de Amerikaansche stammen, II343.Nudibranchia, schitterende kleuren der —,515.Nunemaya, baarden van de inboorlingen van —, II317.Nijlpaard, zieHippopotamus.O.Ocelli, gemis der — bij de wijfjes der Mutillen,531.Ocelot, seksueele kleurverschillen bij den —, II278.Ocyphaps lophotes, II92.Odonestis potatoria, seksueel kleurverschil bij —,586.Oecanthus nivalis, kleurverschil bij de seksen van —,548.Oernieren, zieCorpora Wolffiana.Oidemia, II221.Olifant,277;onbehaardheid van den —,89;langzame voortplanting van den —,77;bedrog gepleegd door den vrouwelijken —,116;veelwijvige gewoonten van den Indischen —,446;strijdlustigheid van den mannelijken —, II226;tanden van den —, II227,228,234,243;wijze van vechten van den Indischen —, II242;geur van den mannelijken —, II270;witte of grijze paarden door den — aangevallen, II284;getrouwheid van den —,187.Olivier, over geluiden voortgebracht doorPimelia striata,569.Omalopliabrunnea, gesjirp van —,566.Ombervisschen, geluid der —, II20, zieUmbrina.Omzichtigheid, door dieren verkregen,128.Onder-soort,340.Ongehuwde staat, zieCelibaat.Onitis furcifer, uitsteeksels aan de dijen der voorpooten van de mannetjes, en op den kop en op het borststuk der wijfjes van —,560.Onmatigheid, geen ondeugd bij de wilden,205;verwoestende werking der —,250.Onrusten,487.Onthophagus,556.Onthophagus rangifer, seksueele verschillen van —,557;variabiliteit der horens van —,557.Ontmanning, invloed der — op de horens van dieren, II233.Ontstekingder ingewanden bijCebus Azarae,13.Ontwikkeling, embryonale — van den mensch,15,17;correlatieve —, II124;de mensch alleen vatbaar voor trapsgewijze —,128.Onvolwassengevederte der vogels, II175,178.Onvruchtbaarheid, aanleg tot — van éénige dochters,248;bij kruising een kenmerk van afzonderlijke soorten,329.[458]Onwelvoegelijkheid, afkeer van — een moderne deugd,206.Onwettige, verhouding der seksen bij — en wettige kinderen,477.Ooievaar, zwarte —, seksueele verschillen in de longpijpen van den —, II57;roode snavel van den —, II212.Ooievaars, II211,214;seksueel verschil in de kleur der oogen bij de —, II123.Oog, vernieling van het —,60;verandering van stelling van het —,88;schuinheid van het oog door de Chineezen en Japaneezen als schoonheid beschouwd, II337.Oogen, verschil in de kleur der — bij de seksen der vogels, II123;gesteelde — bij het mannetje vanChloëon,531.Oogharen, uittrekken der — door de Indianen van Paraguay, II340.Oogleden, zwart kleuren der — in één deel van Afrika,332.Ooglid, derde —, zieMembrana nictitans.Oogvlekken, vormingswijze en veranderlijkheid der — op het gevederte van vogels, II126;op de vleugels van vlinders,585,591, II127.Oor, beweging van het —,21;de —schelp voor den mensch van geen nut,21;rudimentaire punten van het — bij den mensch,22.Opgerichtegang van den mensch,82,83.Ophidia, seksueele verschillen van —, II26.Ophidium, geluid van —, II20.Oplettendheid, toonen van — bij de dieren,121.Opossums, verspreiding der — in Amerika,333.Oprechtheid, niet zeldzaam tusschen leden van den zelfden stam,284;door sommige stammen zeer hoog geschat,209.Opvoeding, invloed der — op de ongelijkheid in geestvermogens bij de seksen van den mensch, II323.Orang, oor van den foetus van den —,23.Orang-oetan, II318;Bischoff over de overeenkomst van de hersenen van den — met die van den mensch,13;leeftijd waarop de — volwassen is,15;ooren van den —,21;wormvormig aanhangsel van den —,28;platte nesten van den —,113;schrik van een — op het zien van een schildpad,120;gebruik van een stok als hefboom door een —,130;gebruik van werktuigen door een —,131;gebruik der bladeren van den Pandanus door den — om zich des nachts te bedekken,132;handen van den —,81;gemis van tepelvormige uitsteeksels bij den —,84;richting van het haar op de armen van den —,271;de — een der meest afwijkende vormen,274;veronderstelde ontwikkeling van den —,343;stem van den —, II268;eenwijvige levenswijze van den —, II355;baard van den mannelijken —, II274.Oranjeappelen, het behandelen der —door de apen,81.Orbigny, A. d’, over den invloed van droogte en vocht op de kleur der huid,363;over de Yura-Cara’s, II339.Orchestia Darwinii,dimorphismeder mannetjes van —,521,Orchestia Tucuratinga, ledematen van —,519,525.Oreas canna, kleuren van —, II279.Oreas Derbianus, kleuren van —, II279,288.Organen, grijp—,437;gebruik der — voor een ander dan het oorspronkelijke doel, II328.

Monbuttoe’s, verschil in kleur tusschen de seksen bij de —, II312.Mongolen, scherpe zinnen der —,62.Monogamie, geen natie die oorspronkelijk in — leefde,258.Monogenisten,341.Mononychus pseudacori, gesjirp van —,568.Monotremata,279;ontwikkeling van demembrana nictitansbij de —,24;melkafscheidende klieren der —,284;verbinding der zoogdieren met de reptielen door de —,288.Monstruositeiten, overeenkomstig den mensch en de lagere dieren,57;veroorzaakt door stilstand in ontwikkeling,65;correlatie van —,73;overplanting van —,337.Montagu, G., over de gewoonten van den korhaan en den rooden Schotschen boschhaan,448;over de strijdlustigheid van den kemphaan, II41;over het zingen van vogels, II49;over de dubbele ruiing van de mannelijke pijlstaarteend, II81.Monteiro, de heer, overBucoraxabyssinicus, II68.Montes de Oca, M., over de strijdlustigheid van mannelijke Kolibri’s, II39.Monticola cyanea, II164.Monumenten, als sporen van uitgestorven stammen,384.Morinel, — Plevier, II192.Morgan, L. H., over den bever,114;over het redeneerend vermogen van den bever,123;over het met geweld rooven der vrouwen,258; over het castoreum der bevers, II270;het huwelijk in de vroegste tijden onbekend, II352;polyandrie, II359.Morris, F. O., over een verlaten havik die door andere haviken gevoed werd, II103.Morse, Dr., over beschermende kleuren bij weekdieren,515.Morselli, E., over het jukbeen,68.Morton, over het aantal menschenrassen,339.Moschus moschiferus, riekende stoffen en afscheidende organen van —, II271.Mosdieren, ziePolyzoa.Mosselen, door apen geopend,81.Mosselkreeften, zieCirrhipedia.Motacillae, jongen van Indische —, II181.Motmot, raketvormige vederen in den staart van een —, II70.Motmots, over den staart der —, II372.Muilezel, met rede begaafd,127;onvruchtbaarheid en lang leven van den —,335.Muggen, langbeenige,538.Mulatten, blijvende vruchtbaarheid van —,335;vrij van gele koorts,363.[454]Müller, Ferd., over de Mexicanen en Peruanen,259.Müller, Fritz, over de mannetjes vanTanais,435;over het verdwijnen van vlekken en strepen bij volwassen Zoogdieren, II293;over de verhouding der seksen bij sommige Schaaldieren,495;over secundaire seksueele kenmerken bij verschillende Schaaldieren,517v.v.;muzikale strijd tusschen twee mannelijke cicaden,540;over de seksueele rijpheid van jonge tot de vlookreeften behoorende Schaaldieren, II202;over het pronken vanGastnia,584.Müller, H., overEristalis,538.Müller, Dr. Hermann en Fritz, over de verhouding der seksen bij de bijen,493,494.Müller, Hermann, over seksueele kleurverschillen bij de bijen,553.Müller, J., over demembrana nictitansen deplica semilunaris,24.Müller, Max, over den oorsprong der spraak,137;strijd om het bestaan bij de woorden, enz. der taal,142;over Darwin’s verklaring van den oorsprong der taal,139.Müller, S., over den Bantengstier, II280;over de kleuren vanSemnopithecuschrysomelas, II281.Muntjac-hert, wapenen van het —, II242.Murray, A., over de luizen bij verschillende menschenrassen,334.Murray, T. A., over de vruchtbaarheid van Australische vrouwen bij Europeesche mannen,325.Murrie, J., over de verkleining van organen,19;over de ooren derLemuroidea,22;over de variabiliteit der spieren bij deLemuroidea,71,78;over het omsloten zijn der eerste staartwervels vanMacacus brunneusin het lichaam,92;over verschillen bij deLemuroidea,275;over den keelzak van het mannetje van de trapgans, II56;over de manen vanOtaria jubata, II251;over de suborbitaalgroeven der Herkauwende Zoogdieren, II271;over de kleuren der seksen bijOtaria nigrescens, II278.Mus coninga,130.Mus minutus, seksueel verschil in kleur van —, II277.Musca vomitoria,86.Muscicapa grisola, II163.Muscicapa luctuosa, II163.Muscicapa ruticilla, het broeden van — in onvolwassen gevederte, II201.Musculus acromio-basilaris,71.Musculus ischio-pubicus,70.Musculus sternalis, Prof. Turner over den —,20.Muskusdier, hondstanden van het mannetje van het —,227,242;reukgevende organen van het mannelijk —, II271;winterkleed van het —, II287.Muskuseend, Australische, II37;grootte van het mannetje van de —, II41;strijdlustigheid van de —van Guiana, II41.Muskusos, horens van den —, II232.Muskusrat, beschermende gelijkenis van een — op een aardkluit, II286.Musophagae, kleuren en nestbouw van de —, II163;beide seksen van — even schitterend, II169.Musch, huis—, strijdlustigheid van de mannelijke —, II39;een — die leert zingen als een kneutje, II52,327;kleuren van de —, II187;onvolwassen gevederte van de —, II179.Musch, wit gekroonde, jongen van de —, II204.Musschen, het vinden van nieuwe gezellen door —, II101;seksen en jongen der —, II200;het leeren zingen der —, II327.Musschen, huis- enring—, II163.Mustela, winterkleed van twee soorten van —, II287.Musters, Kapt., over de huwelijken der Patagoniërs, II365.Mutilla Europaea, gesjirp van —,554.[455]Mutillen, ontbreken van bijoogjes bij de wijfjes der —,531.Mutsaap,270.Muziek,269;bewondering der — door menschen en dieren,144;van visschen, II20;van mannelijke kikvorschen en padden, II24;van vogels, II49;instrumentale — van vogels, II59,60, v.v.;smaak der wilden voor wanluidende —, II63;verschillende waardeering der — bij verschillende volken, II327;oorsprong der —, II327,329;invloed der —, II328.Muzikalematen, waarneming der — door dieren, II326;— vermogens van den mensch, II324v.v.Mycetes Caraya, veelwijvig,445;stemorganen van —, II268;baard van —, II275;seksueele verschillen van kleur bij —, II280;stem van —, II325.Mycetes seniculus, seksueele verschillen van kleur bij —, II281.Myriapoda,528.N.Naaldvisch, draden van een —, II16.Naaldvisschen, broedzak der mannetjes van de —,285, II19.Nabootsing,115,597;— van den mensch door de apen,120;aandrift tot — bij de apen, microcephale idioten en wilden,137.Nachtegaal, aankomst van den mannelijken — vóór het wijfje,440;doel van het zingen van den —, II49.Nachtegalen, het verkrijgen van nieuwe gezellen door —, II101.Nachtpauwoog,585.Nachtreiger, geluid van den —, II49.Nachtvlinders,582;gemis van den mond bij sommige mannelijke —,435;vleugellooze wijfjes der —,436;grijpen der wijfjes met de voeten door de —,437;de mannelijke — door de wijfjes gelokt,497;geluiden van —,576;kleuren der —,584;seksueele kleurverschillen bij de —,586.Nachtzwaluw, paring van de Virginische —, II47;gewijzigde vederen van een —, II69,93;keus van een mannetje door het wijfje van de —, II112.Nachtzwaluwen, geraas van de mannetjes van sommige — met hun vleugels, II59.Nägeli, over den invloed der natuurlijke teeltkeus op planten,94;over tusschenvormen bij planten,340.Nagels, rood of purper verven der — in een deel van Afrika,332.Napels, geringer overmaat der mannelijke sekse bij onwettige dan bij wettige geboorten te —,478.Narwal, tanden van den —, II227,235.Nathusius, H. von, over de verbeterde varkensrassen,342;over de horens van gesneden rammen, II233;over het fokken van tamme dieren, II363.Nathusius, von, over de ontwikkeling van secundaire seksueele kenmerken,453.Natuurkeus, zieNatuurlijke Teeltkeus.Natuurlijkeen seksueele teeltkeus vergeleken,457.Natuurlijke teeltkeus, de invloed der — op de vroege voorouders van den mensch,78;invloed der — op den mensch,93,95;beperking van het beginsel der —,94;invloed der — op sociale dieren,96;de heer Wallace over de beperking der — door den invloed der verstandelijke vermogens van den mensch,238;invloed der — op den vooruitgang in de Vereenigde Staten,255.Naaktkieuwigeweekdieren, zieNudibranchia.Naulette, grootte der hoektanden in de kaak van la —,70.Navolging, zieNabootsing.Naijverder zangvogels, II50.Neanderdalschedel, inhoud van den —,87.[456]Necrophorus, gesjirp van —,564,567.Nectarinia, jongen van —, II181.Nectariniae, nestbouw van —, II162;ruien der —, II79.Nederlanders, behouden van hun kleur door — in Zuid-Afrika,362.Neger, overeenkomst in geestvermogens van een — met een Europeaan,344.Negerin, welwillendheid van een — jegens Mungo Park,204.Negers, inborst der —,204;luizen der —,334;zwartheid der —,338, II374;variabiliteit der —,339;vrijblijven der — van de gele koorts,363;verschil tusschen — en Amerikanen,367;misvorming der —, II333;kleur der pasgeboren kinderen van —, II313;betrekkelijke schraalheid van den baard der —, II316;aanleg der — voor muziek, II326;waardeering der — van de schoonheid hunner vrouwen, II336,338;denkbeelden over schoonheid bij de —, II341;samendrukken van den neus door sommige —, II343.Nemertina,516.Neolithischeperiode,132.Neomorpha, seksueel verschil in den snavel van —, II38.Nepaul, bewoners van — gevoelig voor verandering van klimaat,356.Nephila,525;kleinheid van het mannetje van het geslacht —,527.Nestbouw,van visschen, II17;betrekking tusschen de wijze van — en kleur, II160,163;de — der vogels van Engeland, II162.Nesten, maken van — door visschen, II17;versiering der — door kolibri’s, II108.Neteldieren, zieCoelenterata.Netvleugelige Insekten, zieNeuroptera.Neumeister, over een verandering van kleur bij sommige duiven, na verscheidene malen te hebben geruid,470.Neuroptera,494,549.Neurothemis, dimorphisme bij —,550.Neus, overeenkomst van den — bij den mensch en de apen,270;doorboren en versieren van den —, II333;platdrukken van den —, II343;een zeer platte — door de negers niet bewonderd, II342.Neusaap,270.Neusholten, groote — bij de inboorlingen van Amerika,62.Neushoorn, onbehaardheid van den —,89;de horens van den — tot verdediging gebruikt, II247;het aanvallen van witte of grijze paarden door den —, II284.Neushorenvogel, opblazen van de vleeschlappen aan den hals door den Afrikaanschen — gedurende den paartijd, II69;seksueel verschil in de kleur der oogen van den —, II123;nestbouw en bloeitijd van den —, II162.Newton, A., over den keelzak van de mannelijke trapgans, II56;over het verschil tusschen de wijfjes van twee soorten vanOxynotus, II183;over de gewoonten van de Franjepooten en den Morinel-plevier, II193.Nicholson, Dr., over het niet vrij blijven van donker gekleurde Europeanen van de gele koorts,365.Nier,60.Niet gebruiken, gevolgen van het — op het ontstaan van rudimentaire organen,18;gevolgen van het gebruiken en — van deelen,58;invloed van het — van deelen op de menschenrassen,368.Nieuw-Zeeland, verwachting van den inboorling van — over hun verdwijning,361;gewoonte van tatoeëeren op —, II335;afkeer der inboorlingen van — van haren in het gelaat, II340;het rooven der mooie meisjes door de opperhoofden van —, II362.Nieuwe Wereld, Apen der —, ziePlatyrrhinae.Nieuwsgierigheid, het toonen van — door dieren,119.[457]Nilgau, seksueel kleurverschil bij den —, II278.Nilsson, Prof., over de overeenkomst van steenen pijlpunten die op verschillende plaatsen zijn gevonden,345;over de ontwikkeling der horens bij het rendier,466.Nitsche, Dr., fotogram van een foetus van den orang,23.Nitzsch, C. L., over het dons der vogels, II77.Noctuae, aan de ondervlakte levendig gekleurd,585.Noctuidae, kleur van —,582.Nomadischegewoonten, nadeelig voor den vooruitgang van den mensch,244.Nommerkapel,581.Noorwegen, getalsverhouding der mannelijke en vrouwelijke geboorten in —,476.Nordmann, A., overTetrao urogalloides, II97.Norfolk-eilanders, nauw met elkander verwant, hun snelle vermeerdering,357.Notten Gliddon, over de gelaatstrekken van Rhamses II,332;over de gelaatstrekken van Amenophis III,332;over schedels uit de holen van Brazilië,332;over het vrijblijven der negers en mulatten van de gele koorts,363;over de misvorming van den schedel bij de Amerikaansche stammen, II343.Nudibranchia, schitterende kleuren der —,515.Nunemaya, baarden van de inboorlingen van —, II317.Nijlpaard, zieHippopotamus.O.Ocelli, gemis der — bij de wijfjes der Mutillen,531.Ocelot, seksueele kleurverschillen bij den —, II278.Ocyphaps lophotes, II92.Odonestis potatoria, seksueel kleurverschil bij —,586.Oecanthus nivalis, kleurverschil bij de seksen van —,548.Oernieren, zieCorpora Wolffiana.Oidemia, II221.Olifant,277;onbehaardheid van den —,89;langzame voortplanting van den —,77;bedrog gepleegd door den vrouwelijken —,116;veelwijvige gewoonten van den Indischen —,446;strijdlustigheid van den mannelijken —, II226;tanden van den —, II227,228,234,243;wijze van vechten van den Indischen —, II242;geur van den mannelijken —, II270;witte of grijze paarden door den — aangevallen, II284;getrouwheid van den —,187.Olivier, over geluiden voortgebracht doorPimelia striata,569.Omalopliabrunnea, gesjirp van —,566.Ombervisschen, geluid der —, II20, zieUmbrina.Omzichtigheid, door dieren verkregen,128.Onder-soort,340.Ongehuwde staat, zieCelibaat.Onitis furcifer, uitsteeksels aan de dijen der voorpooten van de mannetjes, en op den kop en op het borststuk der wijfjes van —,560.Onmatigheid, geen ondeugd bij de wilden,205;verwoestende werking der —,250.Onrusten,487.Onthophagus,556.Onthophagus rangifer, seksueele verschillen van —,557;variabiliteit der horens van —,557.Ontmanning, invloed der — op de horens van dieren, II233.Ontstekingder ingewanden bijCebus Azarae,13.Ontwikkeling, embryonale — van den mensch,15,17;correlatieve —, II124;de mensch alleen vatbaar voor trapsgewijze —,128.Onvolwassengevederte der vogels, II175,178.Onvruchtbaarheid, aanleg tot — van éénige dochters,248;bij kruising een kenmerk van afzonderlijke soorten,329.[458]Onwelvoegelijkheid, afkeer van — een moderne deugd,206.Onwettige, verhouding der seksen bij — en wettige kinderen,477.Ooievaar, zwarte —, seksueele verschillen in de longpijpen van den —, II57;roode snavel van den —, II212.Ooievaars, II211,214;seksueel verschil in de kleur der oogen bij de —, II123.Oog, vernieling van het —,60;verandering van stelling van het —,88;schuinheid van het oog door de Chineezen en Japaneezen als schoonheid beschouwd, II337.Oogen, verschil in de kleur der — bij de seksen der vogels, II123;gesteelde — bij het mannetje vanChloëon,531.Oogharen, uittrekken der — door de Indianen van Paraguay, II340.Oogleden, zwart kleuren der — in één deel van Afrika,332.Ooglid, derde —, zieMembrana nictitans.Oogvlekken, vormingswijze en veranderlijkheid der — op het gevederte van vogels, II126;op de vleugels van vlinders,585,591, II127.Oor, beweging van het —,21;de —schelp voor den mensch van geen nut,21;rudimentaire punten van het — bij den mensch,22.Opgerichtegang van den mensch,82,83.Ophidia, seksueele verschillen van —, II26.Ophidium, geluid van —, II20.Oplettendheid, toonen van — bij de dieren,121.Opossums, verspreiding der — in Amerika,333.Oprechtheid, niet zeldzaam tusschen leden van den zelfden stam,284;door sommige stammen zeer hoog geschat,209.Opvoeding, invloed der — op de ongelijkheid in geestvermogens bij de seksen van den mensch, II323.Orang, oor van den foetus van den —,23.Orang-oetan, II318;Bischoff over de overeenkomst van de hersenen van den — met die van den mensch,13;leeftijd waarop de — volwassen is,15;ooren van den —,21;wormvormig aanhangsel van den —,28;platte nesten van den —,113;schrik van een — op het zien van een schildpad,120;gebruik van een stok als hefboom door een —,130;gebruik van werktuigen door een —,131;gebruik der bladeren van den Pandanus door den — om zich des nachts te bedekken,132;handen van den —,81;gemis van tepelvormige uitsteeksels bij den —,84;richting van het haar op de armen van den —,271;de — een der meest afwijkende vormen,274;veronderstelde ontwikkeling van den —,343;stem van den —, II268;eenwijvige levenswijze van den —, II355;baard van den mannelijken —, II274.Oranjeappelen, het behandelen der —door de apen,81.Orbigny, A. d’, over den invloed van droogte en vocht op de kleur der huid,363;over de Yura-Cara’s, II339.Orchestia Darwinii,dimorphismeder mannetjes van —,521,Orchestia Tucuratinga, ledematen van —,519,525.Oreas canna, kleuren van —, II279.Oreas Derbianus, kleuren van —, II279,288.Organen, grijp—,437;gebruik der — voor een ander dan het oorspronkelijke doel, II328.

Monbuttoe’s, verschil in kleur tusschen de seksen bij de —, II312.Mongolen, scherpe zinnen der —,62.Monogamie, geen natie die oorspronkelijk in — leefde,258.Monogenisten,341.Mononychus pseudacori, gesjirp van —,568.Monotremata,279;ontwikkeling van demembrana nictitansbij de —,24;melkafscheidende klieren der —,284;verbinding der zoogdieren met de reptielen door de —,288.Monstruositeiten, overeenkomstig den mensch en de lagere dieren,57;veroorzaakt door stilstand in ontwikkeling,65;correlatie van —,73;overplanting van —,337.Montagu, G., over de gewoonten van den korhaan en den rooden Schotschen boschhaan,448;over de strijdlustigheid van den kemphaan, II41;over het zingen van vogels, II49;over de dubbele ruiing van de mannelijke pijlstaarteend, II81.Monteiro, de heer, overBucoraxabyssinicus, II68.Montes de Oca, M., over de strijdlustigheid van mannelijke Kolibri’s, II39.Monticola cyanea, II164.Monumenten, als sporen van uitgestorven stammen,384.Morinel, — Plevier, II192.Morgan, L. H., over den bever,114;over het redeneerend vermogen van den bever,123;over het met geweld rooven der vrouwen,258; over het castoreum der bevers, II270;het huwelijk in de vroegste tijden onbekend, II352;polyandrie, II359.Morris, F. O., over een verlaten havik die door andere haviken gevoed werd, II103.Morse, Dr., over beschermende kleuren bij weekdieren,515.Morselli, E., over het jukbeen,68.Morton, over het aantal menschenrassen,339.Moschus moschiferus, riekende stoffen en afscheidende organen van —, II271.Mosdieren, ziePolyzoa.Mosselen, door apen geopend,81.Mosselkreeften, zieCirrhipedia.Motacillae, jongen van Indische —, II181.Motmot, raketvormige vederen in den staart van een —, II70.Motmots, over den staart der —, II372.Muilezel, met rede begaafd,127;onvruchtbaarheid en lang leven van den —,335.Muggen, langbeenige,538.Mulatten, blijvende vruchtbaarheid van —,335;vrij van gele koorts,363.[454]Müller, Ferd., over de Mexicanen en Peruanen,259.Müller, Fritz, over de mannetjes vanTanais,435;over het verdwijnen van vlekken en strepen bij volwassen Zoogdieren, II293;over de verhouding der seksen bij sommige Schaaldieren,495;over secundaire seksueele kenmerken bij verschillende Schaaldieren,517v.v.;muzikale strijd tusschen twee mannelijke cicaden,540;over de seksueele rijpheid van jonge tot de vlookreeften behoorende Schaaldieren, II202;over het pronken vanGastnia,584.Müller, H., overEristalis,538.Müller, Dr. Hermann en Fritz, over de verhouding der seksen bij de bijen,493,494.Müller, Hermann, over seksueele kleurverschillen bij de bijen,553.Müller, J., over demembrana nictitansen deplica semilunaris,24.Müller, Max, over den oorsprong der spraak,137;strijd om het bestaan bij de woorden, enz. der taal,142;over Darwin’s verklaring van den oorsprong der taal,139.Müller, S., over den Bantengstier, II280;over de kleuren vanSemnopithecuschrysomelas, II281.Muntjac-hert, wapenen van het —, II242.Murray, A., over de luizen bij verschillende menschenrassen,334.Murray, T. A., over de vruchtbaarheid van Australische vrouwen bij Europeesche mannen,325.Murrie, J., over de verkleining van organen,19;over de ooren derLemuroidea,22;over de variabiliteit der spieren bij deLemuroidea,71,78;over het omsloten zijn der eerste staartwervels vanMacacus brunneusin het lichaam,92;over verschillen bij deLemuroidea,275;over den keelzak van het mannetje van de trapgans, II56;over de manen vanOtaria jubata, II251;over de suborbitaalgroeven der Herkauwende Zoogdieren, II271;over de kleuren der seksen bijOtaria nigrescens, II278.Mus coninga,130.Mus minutus, seksueel verschil in kleur van —, II277.Musca vomitoria,86.Muscicapa grisola, II163.Muscicapa luctuosa, II163.Muscicapa ruticilla, het broeden van — in onvolwassen gevederte, II201.Musculus acromio-basilaris,71.Musculus ischio-pubicus,70.Musculus sternalis, Prof. Turner over den —,20.Muskusdier, hondstanden van het mannetje van het —,227,242;reukgevende organen van het mannelijk —, II271;winterkleed van het —, II287.Muskuseend, Australische, II37;grootte van het mannetje van de —, II41;strijdlustigheid van de —van Guiana, II41.Muskusos, horens van den —, II232.Muskusrat, beschermende gelijkenis van een — op een aardkluit, II286.Musophagae, kleuren en nestbouw van de —, II163;beide seksen van — even schitterend, II169.Musch, huis—, strijdlustigheid van de mannelijke —, II39;een — die leert zingen als een kneutje, II52,327;kleuren van de —, II187;onvolwassen gevederte van de —, II179.Musch, wit gekroonde, jongen van de —, II204.Musschen, het vinden van nieuwe gezellen door —, II101;seksen en jongen der —, II200;het leeren zingen der —, II327.Musschen, huis- enring—, II163.Mustela, winterkleed van twee soorten van —, II287.Musters, Kapt., over de huwelijken der Patagoniërs, II365.Mutilla Europaea, gesjirp van —,554.[455]Mutillen, ontbreken van bijoogjes bij de wijfjes der —,531.Mutsaap,270.Muziek,269;bewondering der — door menschen en dieren,144;van visschen, II20;van mannelijke kikvorschen en padden, II24;van vogels, II49;instrumentale — van vogels, II59,60, v.v.;smaak der wilden voor wanluidende —, II63;verschillende waardeering der — bij verschillende volken, II327;oorsprong der —, II327,329;invloed der —, II328.Muzikalematen, waarneming der — door dieren, II326;— vermogens van den mensch, II324v.v.Mycetes Caraya, veelwijvig,445;stemorganen van —, II268;baard van —, II275;seksueele verschillen van kleur bij —, II280;stem van —, II325.Mycetes seniculus, seksueele verschillen van kleur bij —, II281.Myriapoda,528.N.Naaldvisch, draden van een —, II16.Naaldvisschen, broedzak der mannetjes van de —,285, II19.Nabootsing,115,597;— van den mensch door de apen,120;aandrift tot — bij de apen, microcephale idioten en wilden,137.Nachtegaal, aankomst van den mannelijken — vóór het wijfje,440;doel van het zingen van den —, II49.Nachtegalen, het verkrijgen van nieuwe gezellen door —, II101.Nachtpauwoog,585.Nachtreiger, geluid van den —, II49.Nachtvlinders,582;gemis van den mond bij sommige mannelijke —,435;vleugellooze wijfjes der —,436;grijpen der wijfjes met de voeten door de —,437;de mannelijke — door de wijfjes gelokt,497;geluiden van —,576;kleuren der —,584;seksueele kleurverschillen bij de —,586.Nachtzwaluw, paring van de Virginische —, II47;gewijzigde vederen van een —, II69,93;keus van een mannetje door het wijfje van de —, II112.Nachtzwaluwen, geraas van de mannetjes van sommige — met hun vleugels, II59.Nägeli, over den invloed der natuurlijke teeltkeus op planten,94;over tusschenvormen bij planten,340.Nagels, rood of purper verven der — in een deel van Afrika,332.Napels, geringer overmaat der mannelijke sekse bij onwettige dan bij wettige geboorten te —,478.Narwal, tanden van den —, II227,235.Nathusius, H. von, over de verbeterde varkensrassen,342;over de horens van gesneden rammen, II233;over het fokken van tamme dieren, II363.Nathusius, von, over de ontwikkeling van secundaire seksueele kenmerken,453.Natuurkeus, zieNatuurlijke Teeltkeus.Natuurlijkeen seksueele teeltkeus vergeleken,457.Natuurlijke teeltkeus, de invloed der — op de vroege voorouders van den mensch,78;invloed der — op den mensch,93,95;beperking van het beginsel der —,94;invloed der — op sociale dieren,96;de heer Wallace over de beperking der — door den invloed der verstandelijke vermogens van den mensch,238;invloed der — op den vooruitgang in de Vereenigde Staten,255.Naaktkieuwigeweekdieren, zieNudibranchia.Naulette, grootte der hoektanden in de kaak van la —,70.Navolging, zieNabootsing.Naijverder zangvogels, II50.Neanderdalschedel, inhoud van den —,87.[456]Necrophorus, gesjirp van —,564,567.Nectarinia, jongen van —, II181.Nectariniae, nestbouw van —, II162;ruien der —, II79.Nederlanders, behouden van hun kleur door — in Zuid-Afrika,362.Neger, overeenkomst in geestvermogens van een — met een Europeaan,344.Negerin, welwillendheid van een — jegens Mungo Park,204.Negers, inborst der —,204;luizen der —,334;zwartheid der —,338, II374;variabiliteit der —,339;vrijblijven der — van de gele koorts,363;verschil tusschen — en Amerikanen,367;misvorming der —, II333;kleur der pasgeboren kinderen van —, II313;betrekkelijke schraalheid van den baard der —, II316;aanleg der — voor muziek, II326;waardeering der — van de schoonheid hunner vrouwen, II336,338;denkbeelden over schoonheid bij de —, II341;samendrukken van den neus door sommige —, II343.Nemertina,516.Neolithischeperiode,132.Neomorpha, seksueel verschil in den snavel van —, II38.Nepaul, bewoners van — gevoelig voor verandering van klimaat,356.Nephila,525;kleinheid van het mannetje van het geslacht —,527.Nestbouw,van visschen, II17;betrekking tusschen de wijze van — en kleur, II160,163;de — der vogels van Engeland, II162.Nesten, maken van — door visschen, II17;versiering der — door kolibri’s, II108.Neteldieren, zieCoelenterata.Netvleugelige Insekten, zieNeuroptera.Neumeister, over een verandering van kleur bij sommige duiven, na verscheidene malen te hebben geruid,470.Neuroptera,494,549.Neurothemis, dimorphisme bij —,550.Neus, overeenkomst van den — bij den mensch en de apen,270;doorboren en versieren van den —, II333;platdrukken van den —, II343;een zeer platte — door de negers niet bewonderd, II342.Neusaap,270.Neusholten, groote — bij de inboorlingen van Amerika,62.Neushoorn, onbehaardheid van den —,89;de horens van den — tot verdediging gebruikt, II247;het aanvallen van witte of grijze paarden door den —, II284.Neushorenvogel, opblazen van de vleeschlappen aan den hals door den Afrikaanschen — gedurende den paartijd, II69;seksueel verschil in de kleur der oogen van den —, II123;nestbouw en bloeitijd van den —, II162.Newton, A., over den keelzak van de mannelijke trapgans, II56;over het verschil tusschen de wijfjes van twee soorten vanOxynotus, II183;over de gewoonten van de Franjepooten en den Morinel-plevier, II193.Nicholson, Dr., over het niet vrij blijven van donker gekleurde Europeanen van de gele koorts,365.Nier,60.Niet gebruiken, gevolgen van het — op het ontstaan van rudimentaire organen,18;gevolgen van het gebruiken en — van deelen,58;invloed van het — van deelen op de menschenrassen,368.Nieuw-Zeeland, verwachting van den inboorling van — over hun verdwijning,361;gewoonte van tatoeëeren op —, II335;afkeer der inboorlingen van — van haren in het gelaat, II340;het rooven der mooie meisjes door de opperhoofden van —, II362.Nieuwe Wereld, Apen der —, ziePlatyrrhinae.Nieuwsgierigheid, het toonen van — door dieren,119.[457]Nilgau, seksueel kleurverschil bij den —, II278.Nilsson, Prof., over de overeenkomst van steenen pijlpunten die op verschillende plaatsen zijn gevonden,345;over de ontwikkeling der horens bij het rendier,466.Nitsche, Dr., fotogram van een foetus van den orang,23.Nitzsch, C. L., over het dons der vogels, II77.Noctuae, aan de ondervlakte levendig gekleurd,585.Noctuidae, kleur van —,582.Nomadischegewoonten, nadeelig voor den vooruitgang van den mensch,244.Nommerkapel,581.Noorwegen, getalsverhouding der mannelijke en vrouwelijke geboorten in —,476.Nordmann, A., overTetrao urogalloides, II97.Norfolk-eilanders, nauw met elkander verwant, hun snelle vermeerdering,357.Notten Gliddon, over de gelaatstrekken van Rhamses II,332;over de gelaatstrekken van Amenophis III,332;over schedels uit de holen van Brazilië,332;over het vrijblijven der negers en mulatten van de gele koorts,363;over de misvorming van den schedel bij de Amerikaansche stammen, II343.Nudibranchia, schitterende kleuren der —,515.Nunemaya, baarden van de inboorlingen van —, II317.Nijlpaard, zieHippopotamus.O.Ocelli, gemis der — bij de wijfjes der Mutillen,531.Ocelot, seksueele kleurverschillen bij den —, II278.Ocyphaps lophotes, II92.Odonestis potatoria, seksueel kleurverschil bij —,586.Oecanthus nivalis, kleurverschil bij de seksen van —,548.Oernieren, zieCorpora Wolffiana.Oidemia, II221.Olifant,277;onbehaardheid van den —,89;langzame voortplanting van den —,77;bedrog gepleegd door den vrouwelijken —,116;veelwijvige gewoonten van den Indischen —,446;strijdlustigheid van den mannelijken —, II226;tanden van den —, II227,228,234,243;wijze van vechten van den Indischen —, II242;geur van den mannelijken —, II270;witte of grijze paarden door den — aangevallen, II284;getrouwheid van den —,187.Olivier, over geluiden voortgebracht doorPimelia striata,569.Omalopliabrunnea, gesjirp van —,566.Ombervisschen, geluid der —, II20, zieUmbrina.Omzichtigheid, door dieren verkregen,128.Onder-soort,340.Ongehuwde staat, zieCelibaat.Onitis furcifer, uitsteeksels aan de dijen der voorpooten van de mannetjes, en op den kop en op het borststuk der wijfjes van —,560.Onmatigheid, geen ondeugd bij de wilden,205;verwoestende werking der —,250.Onrusten,487.Onthophagus,556.Onthophagus rangifer, seksueele verschillen van —,557;variabiliteit der horens van —,557.Ontmanning, invloed der — op de horens van dieren, II233.Ontstekingder ingewanden bijCebus Azarae,13.Ontwikkeling, embryonale — van den mensch,15,17;correlatieve —, II124;de mensch alleen vatbaar voor trapsgewijze —,128.Onvolwassengevederte der vogels, II175,178.Onvruchtbaarheid, aanleg tot — van éénige dochters,248;bij kruising een kenmerk van afzonderlijke soorten,329.[458]Onwelvoegelijkheid, afkeer van — een moderne deugd,206.Onwettige, verhouding der seksen bij — en wettige kinderen,477.Ooievaar, zwarte —, seksueele verschillen in de longpijpen van den —, II57;roode snavel van den —, II212.Ooievaars, II211,214;seksueel verschil in de kleur der oogen bij de —, II123.Oog, vernieling van het —,60;verandering van stelling van het —,88;schuinheid van het oog door de Chineezen en Japaneezen als schoonheid beschouwd, II337.Oogen, verschil in de kleur der — bij de seksen der vogels, II123;gesteelde — bij het mannetje vanChloëon,531.Oogharen, uittrekken der — door de Indianen van Paraguay, II340.Oogleden, zwart kleuren der — in één deel van Afrika,332.Ooglid, derde —, zieMembrana nictitans.Oogvlekken, vormingswijze en veranderlijkheid der — op het gevederte van vogels, II126;op de vleugels van vlinders,585,591, II127.Oor, beweging van het —,21;de —schelp voor den mensch van geen nut,21;rudimentaire punten van het — bij den mensch,22.Opgerichtegang van den mensch,82,83.Ophidia, seksueele verschillen van —, II26.Ophidium, geluid van —, II20.Oplettendheid, toonen van — bij de dieren,121.Opossums, verspreiding der — in Amerika,333.Oprechtheid, niet zeldzaam tusschen leden van den zelfden stam,284;door sommige stammen zeer hoog geschat,209.Opvoeding, invloed der — op de ongelijkheid in geestvermogens bij de seksen van den mensch, II323.Orang, oor van den foetus van den —,23.Orang-oetan, II318;Bischoff over de overeenkomst van de hersenen van den — met die van den mensch,13;leeftijd waarop de — volwassen is,15;ooren van den —,21;wormvormig aanhangsel van den —,28;platte nesten van den —,113;schrik van een — op het zien van een schildpad,120;gebruik van een stok als hefboom door een —,130;gebruik van werktuigen door een —,131;gebruik der bladeren van den Pandanus door den — om zich des nachts te bedekken,132;handen van den —,81;gemis van tepelvormige uitsteeksels bij den —,84;richting van het haar op de armen van den —,271;de — een der meest afwijkende vormen,274;veronderstelde ontwikkeling van den —,343;stem van den —, II268;eenwijvige levenswijze van den —, II355;baard van den mannelijken —, II274.Oranjeappelen, het behandelen der —door de apen,81.Orbigny, A. d’, over den invloed van droogte en vocht op de kleur der huid,363;over de Yura-Cara’s, II339.Orchestia Darwinii,dimorphismeder mannetjes van —,521,Orchestia Tucuratinga, ledematen van —,519,525.Oreas canna, kleuren van —, II279.Oreas Derbianus, kleuren van —, II279,288.Organen, grijp—,437;gebruik der — voor een ander dan het oorspronkelijke doel, II328.

Monbuttoe’s, verschil in kleur tusschen de seksen bij de —, II312.

Mongolen, scherpe zinnen der —,62.

Monogamie, geen natie die oorspronkelijk in — leefde,258.

Monogenisten,341.

Mononychus pseudacori, gesjirp van —,568.

Monotremata,279;ontwikkeling van demembrana nictitansbij de —,24;melkafscheidende klieren der —,284;verbinding der zoogdieren met de reptielen door de —,288.

Monstruositeiten, overeenkomstig den mensch en de lagere dieren,57;veroorzaakt door stilstand in ontwikkeling,65;correlatie van —,73;overplanting van —,337.

Montagu, G., over de gewoonten van den korhaan en den rooden Schotschen boschhaan,448;over de strijdlustigheid van den kemphaan, II41;over het zingen van vogels, II49;over de dubbele ruiing van de mannelijke pijlstaarteend, II81.

Monteiro, de heer, overBucoraxabyssinicus, II68.

Montes de Oca, M., over de strijdlustigheid van mannelijke Kolibri’s, II39.

Monticola cyanea, II164.

Monumenten, als sporen van uitgestorven stammen,384.

Morinel, — Plevier, II192.

Morgan, L. H., over den bever,114;over het redeneerend vermogen van den bever,123;over het met geweld rooven der vrouwen,258; over het castoreum der bevers, II270;het huwelijk in de vroegste tijden onbekend, II352;polyandrie, II359.

Morris, F. O., over een verlaten havik die door andere haviken gevoed werd, II103.

Morse, Dr., over beschermende kleuren bij weekdieren,515.

Morselli, E., over het jukbeen,68.

Morton, over het aantal menschenrassen,339.

Moschus moschiferus, riekende stoffen en afscheidende organen van —, II271.

Mosdieren, ziePolyzoa.

Mosselen, door apen geopend,81.

Mosselkreeften, zieCirrhipedia.

Motacillae, jongen van Indische —, II181.

Motmot, raketvormige vederen in den staart van een —, II70.

Motmots, over den staart der —, II372.

Muilezel, met rede begaafd,127;onvruchtbaarheid en lang leven van den —,335.

Muggen, langbeenige,538.

Mulatten, blijvende vruchtbaarheid van —,335;vrij van gele koorts,363.[454]

Müller, Ferd., over de Mexicanen en Peruanen,259.

Müller, Fritz, over de mannetjes vanTanais,435;over het verdwijnen van vlekken en strepen bij volwassen Zoogdieren, II293;over de verhouding der seksen bij sommige Schaaldieren,495;over secundaire seksueele kenmerken bij verschillende Schaaldieren,517v.v.;muzikale strijd tusschen twee mannelijke cicaden,540;over de seksueele rijpheid van jonge tot de vlookreeften behoorende Schaaldieren, II202;over het pronken vanGastnia,584.

Müller, H., overEristalis,538.

Müller, Dr. Hermann en Fritz, over de verhouding der seksen bij de bijen,493,494.

Müller, Hermann, over seksueele kleurverschillen bij de bijen,553.

Müller, J., over demembrana nictitansen deplica semilunaris,24.

Müller, Max, over den oorsprong der spraak,137;strijd om het bestaan bij de woorden, enz. der taal,142;over Darwin’s verklaring van den oorsprong der taal,139.

Müller, S., over den Bantengstier, II280;over de kleuren vanSemnopithecuschrysomelas, II281.

Muntjac-hert, wapenen van het —, II242.

Murray, A., over de luizen bij verschillende menschenrassen,334.

Murray, T. A., over de vruchtbaarheid van Australische vrouwen bij Europeesche mannen,325.

Murrie, J., over de verkleining van organen,19;over de ooren derLemuroidea,22;over de variabiliteit der spieren bij deLemuroidea,71,78;over het omsloten zijn der eerste staartwervels vanMacacus brunneusin het lichaam,92;over verschillen bij deLemuroidea,275;over den keelzak van het mannetje van de trapgans, II56;over de manen vanOtaria jubata, II251;over de suborbitaalgroeven der Herkauwende Zoogdieren, II271;over de kleuren der seksen bijOtaria nigrescens, II278.

Mus coninga,130.

Mus minutus, seksueel verschil in kleur van —, II277.

Musca vomitoria,86.

Muscicapa grisola, II163.

Muscicapa luctuosa, II163.

Muscicapa ruticilla, het broeden van — in onvolwassen gevederte, II201.

Musculus acromio-basilaris,71.

Musculus ischio-pubicus,70.

Musculus sternalis, Prof. Turner over den —,20.

Muskusdier, hondstanden van het mannetje van het —,227,242;reukgevende organen van het mannelijk —, II271;winterkleed van het —, II287.

Muskuseend, Australische, II37;grootte van het mannetje van de —, II41;strijdlustigheid van de —van Guiana, II41.

Muskusos, horens van den —, II232.

Muskusrat, beschermende gelijkenis van een — op een aardkluit, II286.

Musophagae, kleuren en nestbouw van de —, II163;beide seksen van — even schitterend, II169.

Musch, huis—, strijdlustigheid van de mannelijke —, II39;een — die leert zingen als een kneutje, II52,327;kleuren van de —, II187;onvolwassen gevederte van de —, II179.

Musch, wit gekroonde, jongen van de —, II204.

Musschen, het vinden van nieuwe gezellen door —, II101;seksen en jongen der —, II200;het leeren zingen der —, II327.

Musschen, huis- enring—, II163.

Mustela, winterkleed van twee soorten van —, II287.

Musters, Kapt., over de huwelijken der Patagoniërs, II365.

Mutilla Europaea, gesjirp van —,554.[455]

Mutillen, ontbreken van bijoogjes bij de wijfjes der —,531.

Mutsaap,270.

Muziek,269;bewondering der — door menschen en dieren,144;van visschen, II20;van mannelijke kikvorschen en padden, II24;van vogels, II49;instrumentale — van vogels, II59,60, v.v.;smaak der wilden voor wanluidende —, II63;verschillende waardeering der — bij verschillende volken, II327;oorsprong der —, II327,329;invloed der —, II328.

Muzikalematen, waarneming der — door dieren, II326;— vermogens van den mensch, II324v.v.

Mycetes Caraya, veelwijvig,445;stemorganen van —, II268;baard van —, II275;seksueele verschillen van kleur bij —, II280;stem van —, II325.

Mycetes seniculus, seksueele verschillen van kleur bij —, II281.

Myriapoda,528.

N.

Naaldvisch, draden van een —, II16.

Naaldvisschen, broedzak der mannetjes van de —,285, II19.

Nabootsing,115,597;— van den mensch door de apen,120;aandrift tot — bij de apen, microcephale idioten en wilden,137.

Nachtegaal, aankomst van den mannelijken — vóór het wijfje,440;doel van het zingen van den —, II49.

Nachtegalen, het verkrijgen van nieuwe gezellen door —, II101.

Nachtpauwoog,585.

Nachtreiger, geluid van den —, II49.

Nachtvlinders,582;gemis van den mond bij sommige mannelijke —,435;vleugellooze wijfjes der —,436;grijpen der wijfjes met de voeten door de —,437;de mannelijke — door de wijfjes gelokt,497;geluiden van —,576;kleuren der —,584;seksueele kleurverschillen bij de —,586.

Nachtzwaluw, paring van de Virginische —, II47;gewijzigde vederen van een —, II69,93;keus van een mannetje door het wijfje van de —, II112.

Nachtzwaluwen, geraas van de mannetjes van sommige — met hun vleugels, II59.

Nägeli, over den invloed der natuurlijke teeltkeus op planten,94;over tusschenvormen bij planten,340.

Nagels, rood of purper verven der — in een deel van Afrika,332.

Napels, geringer overmaat der mannelijke sekse bij onwettige dan bij wettige geboorten te —,478.

Narwal, tanden van den —, II227,235.

Nathusius, H. von, over de verbeterde varkensrassen,342;over de horens van gesneden rammen, II233;over het fokken van tamme dieren, II363.

Nathusius, von, over de ontwikkeling van secundaire seksueele kenmerken,453.

Natuurkeus, zieNatuurlijke Teeltkeus.

Natuurlijkeen seksueele teeltkeus vergeleken,457.

Natuurlijke teeltkeus, de invloed der — op de vroege voorouders van den mensch,78;invloed der — op den mensch,93,95;beperking van het beginsel der —,94;invloed der — op sociale dieren,96;de heer Wallace over de beperking der — door den invloed der verstandelijke vermogens van den mensch,238;invloed der — op den vooruitgang in de Vereenigde Staten,255.

Naaktkieuwigeweekdieren, zieNudibranchia.

Naulette, grootte der hoektanden in de kaak van la —,70.

Navolging, zieNabootsing.

Naijverder zangvogels, II50.

Neanderdalschedel, inhoud van den —,87.[456]

Necrophorus, gesjirp van —,564,567.

Nectarinia, jongen van —, II181.

Nectariniae, nestbouw van —, II162;ruien der —, II79.

Nederlanders, behouden van hun kleur door — in Zuid-Afrika,362.

Neger, overeenkomst in geestvermogens van een — met een Europeaan,344.

Negerin, welwillendheid van een — jegens Mungo Park,204.

Negers, inborst der —,204;luizen der —,334;zwartheid der —,338, II374;variabiliteit der —,339;vrijblijven der — van de gele koorts,363;verschil tusschen — en Amerikanen,367;misvorming der —, II333;kleur der pasgeboren kinderen van —, II313;betrekkelijke schraalheid van den baard der —, II316;aanleg der — voor muziek, II326;waardeering der — van de schoonheid hunner vrouwen, II336,338;denkbeelden over schoonheid bij de —, II341;samendrukken van den neus door sommige —, II343.

Nemertina,516.

Neolithischeperiode,132.

Neomorpha, seksueel verschil in den snavel van —, II38.

Nepaul, bewoners van — gevoelig voor verandering van klimaat,356.

Nephila,525;kleinheid van het mannetje van het geslacht —,527.

Nestbouw,van visschen, II17;betrekking tusschen de wijze van — en kleur, II160,163;de — der vogels van Engeland, II162.

Nesten, maken van — door visschen, II17;versiering der — door kolibri’s, II108.

Neteldieren, zieCoelenterata.

Netvleugelige Insekten, zieNeuroptera.

Neumeister, over een verandering van kleur bij sommige duiven, na verscheidene malen te hebben geruid,470.

Neuroptera,494,549.

Neurothemis, dimorphisme bij —,550.

Neus, overeenkomst van den — bij den mensch en de apen,270;doorboren en versieren van den —, II333;platdrukken van den —, II343;een zeer platte — door de negers niet bewonderd, II342.

Neusaap,270.

Neusholten, groote — bij de inboorlingen van Amerika,62.

Neushoorn, onbehaardheid van den —,89;de horens van den — tot verdediging gebruikt, II247;het aanvallen van witte of grijze paarden door den —, II284.

Neushorenvogel, opblazen van de vleeschlappen aan den hals door den Afrikaanschen — gedurende den paartijd, II69;seksueel verschil in de kleur der oogen van den —, II123;nestbouw en bloeitijd van den —, II162.

Newton, A., over den keelzak van de mannelijke trapgans, II56;over het verschil tusschen de wijfjes van twee soorten vanOxynotus, II183;over de gewoonten van de Franjepooten en den Morinel-plevier, II193.

Nicholson, Dr., over het niet vrij blijven van donker gekleurde Europeanen van de gele koorts,365.

Nier,60.

Niet gebruiken, gevolgen van het — op het ontstaan van rudimentaire organen,18;gevolgen van het gebruiken en — van deelen,58;invloed van het — van deelen op de menschenrassen,368.

Nieuw-Zeeland, verwachting van den inboorling van — over hun verdwijning,361;gewoonte van tatoeëeren op —, II335;afkeer der inboorlingen van — van haren in het gelaat, II340;het rooven der mooie meisjes door de opperhoofden van —, II362.

Nieuwe Wereld, Apen der —, ziePlatyrrhinae.

Nieuwsgierigheid, het toonen van — door dieren,119.[457]

Nilgau, seksueel kleurverschil bij den —, II278.

Nilsson, Prof., over de overeenkomst van steenen pijlpunten die op verschillende plaatsen zijn gevonden,345;over de ontwikkeling der horens bij het rendier,466.

Nitsche, Dr., fotogram van een foetus van den orang,23.

Nitzsch, C. L., over het dons der vogels, II77.

Noctuae, aan de ondervlakte levendig gekleurd,585.

Noctuidae, kleur van —,582.

Nomadischegewoonten, nadeelig voor den vooruitgang van den mensch,244.

Nommerkapel,581.

Noorwegen, getalsverhouding der mannelijke en vrouwelijke geboorten in —,476.

Nordmann, A., overTetrao urogalloides, II97.

Norfolk-eilanders, nauw met elkander verwant, hun snelle vermeerdering,357.

Notten Gliddon, over de gelaatstrekken van Rhamses II,332;over de gelaatstrekken van Amenophis III,332;over schedels uit de holen van Brazilië,332;over het vrijblijven der negers en mulatten van de gele koorts,363;over de misvorming van den schedel bij de Amerikaansche stammen, II343.

Nudibranchia, schitterende kleuren der —,515.

Nunemaya, baarden van de inboorlingen van —, II317.

Nijlpaard, zieHippopotamus.

O.

Ocelli, gemis der — bij de wijfjes der Mutillen,531.

Ocelot, seksueele kleurverschillen bij den —, II278.

Ocyphaps lophotes, II92.

Odonestis potatoria, seksueel kleurverschil bij —,586.

Oecanthus nivalis, kleurverschil bij de seksen van —,548.

Oernieren, zieCorpora Wolffiana.

Oidemia, II221.

Olifant,277;onbehaardheid van den —,89;langzame voortplanting van den —,77;bedrog gepleegd door den vrouwelijken —,116;veelwijvige gewoonten van den Indischen —,446;strijdlustigheid van den mannelijken —, II226;tanden van den —, II227,228,234,243;wijze van vechten van den Indischen —, II242;geur van den mannelijken —, II270;witte of grijze paarden door den — aangevallen, II284;getrouwheid van den —,187.

Olivier, over geluiden voortgebracht doorPimelia striata,569.

Omalopliabrunnea, gesjirp van —,566.

Ombervisschen, geluid der —, II20, zieUmbrina.

Omzichtigheid, door dieren verkregen,128.

Onder-soort,340.

Ongehuwde staat, zieCelibaat.

Onitis furcifer, uitsteeksels aan de dijen der voorpooten van de mannetjes, en op den kop en op het borststuk der wijfjes van —,560.

Onmatigheid, geen ondeugd bij de wilden,205;verwoestende werking der —,250.

Onrusten,487.

Onthophagus,556.

Onthophagus rangifer, seksueele verschillen van —,557;variabiliteit der horens van —,557.

Ontmanning, invloed der — op de horens van dieren, II233.

Ontstekingder ingewanden bijCebus Azarae,13.

Ontwikkeling, embryonale — van den mensch,15,17;correlatieve —, II124;de mensch alleen vatbaar voor trapsgewijze —,128.

Onvolwassengevederte der vogels, II175,178.

Onvruchtbaarheid, aanleg tot — van éénige dochters,248;bij kruising een kenmerk van afzonderlijke soorten,329.[458]

Onwelvoegelijkheid, afkeer van — een moderne deugd,206.

Onwettige, verhouding der seksen bij — en wettige kinderen,477.

Ooievaar, zwarte —, seksueele verschillen in de longpijpen van den —, II57;roode snavel van den —, II212.

Ooievaars, II211,214;seksueel verschil in de kleur der oogen bij de —, II123.

Oog, vernieling van het —,60;verandering van stelling van het —,88;schuinheid van het oog door de Chineezen en Japaneezen als schoonheid beschouwd, II337.

Oogen, verschil in de kleur der — bij de seksen der vogels, II123;gesteelde — bij het mannetje vanChloëon,531.

Oogharen, uittrekken der — door de Indianen van Paraguay, II340.

Oogleden, zwart kleuren der — in één deel van Afrika,332.

Ooglid, derde —, zieMembrana nictitans.

Oogvlekken, vormingswijze en veranderlijkheid der — op het gevederte van vogels, II126;op de vleugels van vlinders,585,591, II127.

Oor, beweging van het —,21;de —schelp voor den mensch van geen nut,21;rudimentaire punten van het — bij den mensch,22.

Opgerichtegang van den mensch,82,83.

Ophidia, seksueele verschillen van —, II26.

Ophidium, geluid van —, II20.

Oplettendheid, toonen van — bij de dieren,121.

Opossums, verspreiding der — in Amerika,333.

Oprechtheid, niet zeldzaam tusschen leden van den zelfden stam,284;door sommige stammen zeer hoog geschat,209.

Opvoeding, invloed der — op de ongelijkheid in geestvermogens bij de seksen van den mensch, II323.

Orang, oor van den foetus van den —,23.

Orang-oetan, II318;Bischoff over de overeenkomst van de hersenen van den — met die van den mensch,13;leeftijd waarop de — volwassen is,15;ooren van den —,21;wormvormig aanhangsel van den —,28;platte nesten van den —,113;schrik van een — op het zien van een schildpad,120;gebruik van een stok als hefboom door een —,130;gebruik van werktuigen door een —,131;gebruik der bladeren van den Pandanus door den — om zich des nachts te bedekken,132;handen van den —,81;gemis van tepelvormige uitsteeksels bij den —,84;richting van het haar op de armen van den —,271;de — een der meest afwijkende vormen,274;veronderstelde ontwikkeling van den —,343;stem van den —, II268;eenwijvige levenswijze van den —, II355;baard van den mannelijken —, II274.

Oranjeappelen, het behandelen der —door de apen,81.

Orbigny, A. d’, over den invloed van droogte en vocht op de kleur der huid,363;over de Yura-Cara’s, II339.

Orchestia Darwinii,dimorphismeder mannetjes van —,521,

Orchestia Tucuratinga, ledematen van —,519,525.

Oreas canna, kleuren van —, II279.

Oreas Derbianus, kleuren van —, II279,288.

Organen, grijp—,437;gebruik der — voor een ander dan het oorspronkelijke doel, II328.


Back to IndexNext