KlinkertOPD. WILLEBRORDUS SNELLIUS,MATHESEOS PROFESSORIN DE HOOGE SCHOLE TOT LEIDEN.Watsnelgewiekte bood' brengt ons den gulden tak?'t Is Snellius, diesnelvan geest, van zinnen wakker,Diensnellikplukken liet op Ramus'[1]vetten akkerEnsneldees spruite gaf een kracht die haar ontbrak.Veelsnellerzal men nu gaan meten 's werelds dak,O,snellenSnellius, Euclides'[2]weerdsten makker!Gij vliegt de kunst voorbij insnelheid; want men sprak erNooitsnelleraf met reên eer Snel het hoofd opstak.Gij,snelleGeesten! volgt ensnellerop wilt merkenVermids u Snel gaat voort metsnelleen lichte vlerken,Of giert hij u tesnel, zoo trekt eensnelleschachtUit zijn gezwinde wiek, zoo spoedig, langs hoesneller,En hoe gijsnellerstijgt, hoe haar de meetkunst heller[3]Ensnellerop zal doen, tot in haar volle kracht.J. V. VONDELEN.[1]De wijsgeer P. Ramus, wiens 27 boeken over de Meetkunst Snellius verklaard had. Zie het meêgedeelde bij Van Lennep II, bl. 138.[2]De beroemde Grieksche wiskundige.[3]klaarder.
Watsnelgewiekte bood' brengt ons den gulden tak?'t Is Snellius, diesnelvan geest, van zinnen wakker,Diensnellikplukken liet op Ramus'[1]vetten akkerEnsneldees spruite gaf een kracht die haar ontbrak.Veelsnellerzal men nu gaan meten 's werelds dak,O,snellenSnellius, Euclides'[2]weerdsten makker!Gij vliegt de kunst voorbij insnelheid; want men sprak erNooitsnelleraf met reên eer Snel het hoofd opstak.Gij,snelleGeesten! volgt ensnellerop wilt merkenVermids u Snel gaat voort metsnelleen lichte vlerken,Of giert hij u tesnel, zoo trekt eensnelleschachtUit zijn gezwinde wiek, zoo spoedig, langs hoesneller,En hoe gijsnellerstijgt, hoe haar de meetkunst heller[3]Ensnellerop zal doen, tot in haar volle kracht.J. V. VONDELEN.
Watsnelgewiekte bood' brengt ons den gulden tak?'t Is Snellius, diesnelvan geest, van zinnen wakker,Diensnellikplukken liet op Ramus'[1]vetten akkerEnsneldees spruite gaf een kracht die haar ontbrak.Veelsnellerzal men nu gaan meten 's werelds dak,O,snellenSnellius, Euclides'[2]weerdsten makker!Gij vliegt de kunst voorbij insnelheid; want men sprak erNooitsnelleraf met reên eer Snel het hoofd opstak.Gij,snelleGeesten! volgt ensnellerop wilt merkenVermids u Snel gaat voort metsnelleen lichte vlerken,Of giert hij u tesnel, zoo trekt eensnelleschachtUit zijn gezwinde wiek, zoo spoedig, langs hoesneller,En hoe gijsnellerstijgt, hoe haar de meetkunst heller[3]Ensnellerop zal doen, tot in haar volle kracht.J. V. VONDELEN.
Watsnelgewiekte bood' brengt ons den gulden tak?'t Is Snellius, diesnelvan geest, van zinnen wakker,Diensnellikplukken liet op Ramus'[1]vetten akkerEnsneldees spruite gaf een kracht die haar ontbrak.
Watsnelgewiekte bood' brengt ons den gulden tak?
't Is Snellius, diesnelvan geest, van zinnen wakker,
Diensnellikplukken liet op Ramus'[1]vetten akker
Ensneldees spruite gaf een kracht die haar ontbrak.
Veelsnellerzal men nu gaan meten 's werelds dak,O,snellenSnellius, Euclides'[2]weerdsten makker!Gij vliegt de kunst voorbij insnelheid; want men sprak erNooitsnelleraf met reên eer Snel het hoofd opstak.
Veelsnellerzal men nu gaan meten 's werelds dak,
O,snellenSnellius, Euclides'[2]weerdsten makker!
Gij vliegt de kunst voorbij insnelheid; want men sprak er
Nooitsnelleraf met reên eer Snel het hoofd opstak.
Gij,snelleGeesten! volgt ensnellerop wilt merkenVermids u Snel gaat voort metsnelleen lichte vlerken,Of giert hij u tesnel, zoo trekt eensnelleschacht
Gij,snelleGeesten! volgt ensnellerop wilt merken
Vermids u Snel gaat voort metsnelleen lichte vlerken,
Of giert hij u tesnel, zoo trekt eensnelleschacht
Uit zijn gezwinde wiek, zoo spoedig, langs hoesneller,En hoe gijsnellerstijgt, hoe haar de meetkunst heller[3]Ensnellerop zal doen, tot in haar volle kracht.
Uit zijn gezwinde wiek, zoo spoedig, langs hoesneller,
En hoe gijsnellerstijgt, hoe haar de meetkunst heller[3]
Ensnellerop zal doen, tot in haar volle kracht.
J. V. VONDELEN.
J. V. VONDELEN.
[1]De wijsgeer P. Ramus, wiens 27 boeken over de Meetkunst Snellius verklaard had. Zie het meêgedeelde bij Van Lennep II, bl. 138.
[1]De wijsgeer P. Ramus, wiens 27 boeken over de Meetkunst Snellius verklaard had. Zie het meêgedeelde bij Van Lennep II, bl. 138.
[2]De beroemde Grieksche wiskundige.
[2]De beroemde Grieksche wiskundige.
[3]klaarder.
[3]klaarder.