MISBRUIK DES KERKELIJKEN BANS.Klink-dicht.

MISBRUIK DES KERKELIJKEN BANS.Klink-dicht.Die Kristenen ontzeît den Kristelijken beker,Dat 's een geweldenaar in Kristus' Koninkrijk;God Vader heeft zijn feest bereid voor iegelijk,Die in den Zoon gelooft; dat woord blijft vast en zeker.Wat meet[1]gij u dan toe[1], o zotte logen-preêker!O, overdwaalsch[2]tyran! schijnheilig stof en slijk!Die dwingelanderij pleegt in eens anders wijk;Gewetens-beudel, vrees den Goddelijken wreker!Een oprecht harder weidt met zorg zijn lieve lammeren,En hoedt ze voor den wolf, en zal zich hunner jammeren;Een reukloos[3]hureling misbruikt den harder-staf,En slaat en schopt en stoot des Heeren lieve kudden,Verwareloost zijn wacht, in stede van beschudden;Eens harders[4]lieflijk is, eens huurlings harte[5]straf.[1]matigt — aan.[2]verdwaalde, dolende.[3]roekeloos.[4]Zoo slaat Van Lennep te recht voor, in plaats vanharderte lezen.[5]hart.

Die Kristenen ontzeît den Kristelijken beker,Dat 's een geweldenaar in Kristus' Koninkrijk;God Vader heeft zijn feest bereid voor iegelijk,Die in den Zoon gelooft; dat woord blijft vast en zeker.Wat meet[1]gij u dan toe[1], o zotte logen-preêker!O, overdwaalsch[2]tyran! schijnheilig stof en slijk!Die dwingelanderij pleegt in eens anders wijk;Gewetens-beudel, vrees den Goddelijken wreker!Een oprecht harder weidt met zorg zijn lieve lammeren,En hoedt ze voor den wolf, en zal zich hunner jammeren;Een reukloos[3]hureling misbruikt den harder-staf,En slaat en schopt en stoot des Heeren lieve kudden,Verwareloost zijn wacht, in stede van beschudden;Eens harders[4]lieflijk is, eens huurlings harte[5]straf.

Die Kristenen ontzeît den Kristelijken beker,Dat 's een geweldenaar in Kristus' Koninkrijk;God Vader heeft zijn feest bereid voor iegelijk,Die in den Zoon gelooft; dat woord blijft vast en zeker.Wat meet[1]gij u dan toe[1], o zotte logen-preêker!O, overdwaalsch[2]tyran! schijnheilig stof en slijk!Die dwingelanderij pleegt in eens anders wijk;Gewetens-beudel, vrees den Goddelijken wreker!Een oprecht harder weidt met zorg zijn lieve lammeren,En hoedt ze voor den wolf, en zal zich hunner jammeren;Een reukloos[3]hureling misbruikt den harder-staf,En slaat en schopt en stoot des Heeren lieve kudden,Verwareloost zijn wacht, in stede van beschudden;Eens harders[4]lieflijk is, eens huurlings harte[5]straf.

Die Kristenen ontzeît den Kristelijken beker,Dat 's een geweldenaar in Kristus' Koninkrijk;God Vader heeft zijn feest bereid voor iegelijk,Die in den Zoon gelooft; dat woord blijft vast en zeker.

Die Kristenen ontzeît den Kristelijken beker,

Dat 's een geweldenaar in Kristus' Koninkrijk;

God Vader heeft zijn feest bereid voor iegelijk,

Die in den Zoon gelooft; dat woord blijft vast en zeker.

Wat meet[1]gij u dan toe[1], o zotte logen-preêker!O, overdwaalsch[2]tyran! schijnheilig stof en slijk!Die dwingelanderij pleegt in eens anders wijk;Gewetens-beudel, vrees den Goddelijken wreker!

Wat meet[1]gij u dan toe[1], o zotte logen-preêker!

O, overdwaalsch[2]tyran! schijnheilig stof en slijk!

Die dwingelanderij pleegt in eens anders wijk;

Gewetens-beudel, vrees den Goddelijken wreker!

Een oprecht harder weidt met zorg zijn lieve lammeren,En hoedt ze voor den wolf, en zal zich hunner jammeren;Een reukloos[3]hureling misbruikt den harder-staf,

Een oprecht harder weidt met zorg zijn lieve lammeren,

En hoedt ze voor den wolf, en zal zich hunner jammeren;

Een reukloos[3]hureling misbruikt den harder-staf,

En slaat en schopt en stoot des Heeren lieve kudden,Verwareloost zijn wacht, in stede van beschudden;Eens harders[4]lieflijk is, eens huurlings harte[5]straf.

En slaat en schopt en stoot des Heeren lieve kudden,

Verwareloost zijn wacht, in stede van beschudden;

Eens harders[4]lieflijk is, eens huurlings harte[5]straf.

[1]matigt — aan.

[1]matigt — aan.

[2]verdwaalde, dolende.

[2]verdwaalde, dolende.

[3]roekeloos.

[3]roekeloos.

[4]Zoo slaat Van Lennep te recht voor, in plaats vanharderte lezen.

[4]Zoo slaat Van Lennep te recht voor, in plaats vanharderte lezen.

[5]hart.

[5]hart.


Back to IndexNext