1Het is natuurlijk niet altijd letterlijk waar, dat iedere ouder juist de helft van de erfelijkheid aanbrengt, want, zooals we in het algemeen onder de dieren zien, nadert de nakomelingschap somtijds meer tot de eene ouder, somtijds tot de andere, terwijl onder planten, zooals De Vries en anderen hebben aangetoond, de erfelijkheid nog wel ongelijker verdeeld is.↑2Het zal wel haast niet noodig zijn te zeggen, dat, waar wij zeggen dat het moederschap de hoogste functie is van een vrouw, wij daar in het geheel niet beweren, dat haar werkzaamheden zich tot het tehuis moeten beperken. Dat is een opinie, die nu wel mag beschouwd worden als niet meer bestaande, zelfs onder hen, die het meest de functie van de vrouw als moeder verheerlijken. Zooals Friedrich Naumann en anderen zeer waar gezegd hebben, is een vrouw niet volkomen toegerust om haar functies van moeder en opvoedster van de kinderen te vervullen, als zij niet in de wereld geleefd en een beroep uitgeoefend heeft.↑3“Als de hoedanigheden van hoofd en hart dezelfde waren in beide geslachten”, zegt Lily Braun terecht (Die Frauenfrage, pag. 207), “dan zou het binnentreden van de vrouw in het publieke leven geen waarde hebben voor de menschheid, en zou zelfs leiden tot een nog heviger concurrentie. Alleen de erkenning, dat de geheele aard van de vrouw verschillend is van dien van den man, dat zij beteekent een nieuw, levenwekkend beginsel in het menschelijk leven, maakt de vrouwenbeweging, ondanks de verkeerde opvattingen van haar vijanden en haar vrienden, een maatschappelijke revolutie”. (Zie ook Havelock Ellis, Man en vrouw, vierde uitgave, 1904, vooral hoofdstuk XVIII).↑4Het woord “puericultuur” is uitgevonden door Dr. Caron in 1866, om aan te duiden de ontwikkeling van kinderen na de geboorte. Het was Pinard, de bekende Fransche verloskundige, die er, in 1895, een ruimer en meer ware beteekenis aan gaf, door het te gebruiken óok voor de ontwikkeling van kinderen vóór de geboorte. Het wordt nu gedefinieerd als “de wetenschap, die zich ten doel stelt, te zoeken naar de kennis, die betrekking heeft op de reproductie, de instandhouding en de verbetering van het menschelijk ras”. (Péchin,La Puériculture avant la Naissance, Thèse de Paris, 1908).↑5In “La Grossesse” (pp. 450 en volgende) heeft Bouchacourt de problemen van puericultuur tamelijk uitvoerig besproken.↑6Het belang der puericultuur voor de geboorte werd ten volle erkend in China duizend jaar geleden. Zoo schreef Madame Cheng te dien tijde over de opvoeding van het kind: “Zijn opvoeding kan zelfs vóor de geboorte beginnen; en daarom lag de toekomstige moeder van vroeger, als ze lag, rechtuit; als ze zat, zat ze rechtop; en als ze stond, stond ze rechtop. Ze wilde geen vreemde smaken proeven, noch iets te maken hebben met spiritualisme; als haar voedsel niet klein gesneden was, wilde ze het niet eten en als haar mat niet recht gelegd was, wilde ze er niet op zitten. Zij wilde naar niets zien, dat onaangenaam was, niet luisteren naar een onaangenaam geluid, geen ruw woord spreken en geen onrein ding aanraken. ’s Avonds bestudeerde zij een klassiek boek, overdag hield zij zich bezig met ceremonieel en met muziek. Daarom werden haar zoons oprecht en uitmuntend in talenten en deugden; dat was het resultaat van de opvoeding vóor de geboorte”. (H. A. Giles, “Woman in Chinese Literature”.Nineteenth Century, Nov. 1914).↑7Max Bartels “IsländischerBrauch”, etc.Zeitschrift für Ethnologie, 1900, p. 65. Een opsomming van de gewoonten van verschillende volken met betrekking tot de zwangerschap wordt gegeven door Ploss en Bartels,Das Weib, Sect. XXIX.↑8Over den invloed van alcohol tijdens de zwangerschap op het embryo, zie men b.v. G. Newman,Infant Mortalityp.p.72–77. W. C. Sullivan (Alcoholism, 1906, Ch. XI), resumeert het bewijsmateriaal, dat aantoont, dat alcohol een factor is bij menschelijke ontaarding.↑9Er is zelfs reden te gelooven, dat het alcoholisme van den vader van de moeder, schade doet aan haar geschiktheid als een moeder. Bunge (Die Zunehmende Unfähigkeit der Frauen ihre Kinder zu Stillen, 5de uitgave, 1907), bevindt, bij een onderzoek, dat zich uitstrekt over 2.000 families, dat chronische alcoholvergiftiging bij den vader de voornaamste oorzaak is van de ongeschiktheid van de dochter om te zoogen, en dat deze ongeschiktheid gewoonlijk niet in orde komt in volgende geslachten. Tegenover Bunge heeft zich echter gesteld Dr. Agnes Bluhm “Die Stillungsnot”,Zeitschrift für Soziale Medizin, 1908 (geheel door haarzelf geresumeerd inSexual-Probleme, Jan. 1909).↑10Zie bv. T. Arthur Helme, “The Unborn Child”,British Medical Journal, Aug. 24, 1907. Het voedsel moet natuurlijk goed zijn. Noel Paton heeft aangetoond, (Lancet, Juli 4, 1903) dat onvoldoende voeding van de zwangere vrouw het gewicht van het kind vermindert.↑11Debreyne,Maechialogie, p. 277. En van den kant der Protestanten zie men Northcote (Christianity and Sex Problems, hoofdst. IX) die geslachtsverkeer tijdens de zwangerschap toestaat.↑12Zie ook Ploss en Bartels,loc. cit.↑13Zoo schrijft een dame: “Ik heb maar éen kind gehad, maar ik mag wel zeggen dat tijdens de zwangerschap het verlangen naar vereeniging veel sterker was, den geheelen tijd door, dan op eenigen anderen tijd”. Bouchacourt (La Grossesse,pag. 180–183) zegt, dat als regel, sexueel verlangen niet verminderd wordt door zwangerschap en nu en dan vermeerderd.↑14Dit “lastig zijn” blijft nog altijd een struikelblok bij veel uitmuntende autoriteiten. “Behalve als er een neiging is tot miskraam”, zegt Kossmann (Senator en Kaminer,Health and Disease in Relation to Marriage, vol. I, pag. 257),“moeten wij zeer voorzichtig zijn met het aanbevelen van abstinentie tijdens de zwangerschap”, en Ballantyne (The Foetus, pag. 475) maakt voorzichtig de opmerking, dat het een moeilijke kwestie is om te beslissen. Ook Forel (Die Sexuelle Frage, 4de editie, pag. 81), die niet geneigd is volkomen sexueele abstinentie aan te raden tijdens een normale zwangerschap, geeft toe dat het een vrij lastige kwestie is.↑15Dit punt wordt bv. besproken door Séropian in een Thèse de Paris (Fréquence comparée des Causes de l’Accouchement Prématuré, 1907); hij komt tot de conclusie, datcoïtustijdens de zwangerschap een méer vóorkomende oorzaak is van ontijdige bevalling dan gewoonlijk gedacht wordt, vooral in primiparae, en dat vooral in de negende maand.↑16“Infantile Mortality: The Huddersfield Scheme”,British Medical Journal, Dec. 1907; Samson Moore, “Infant Mortality”,ib., August 29, 1908.↑17Ellen Key heeft voorstellen van deze soort (zooals ze zijn ontwikkeld door C. P. Stetson) in haar Essays “On Love and Marriage” schitterend behandeld. In tegenstelling met dergelijke voorstellen oppert Ellen Key dat vrouwen, die behoorlijk geoefend zijn voor moederplichten en die niet in staat zijn zichzelf te onderhouden, terwijl zij ze uitoefenen, een subsidie moeten ontvangen van den Staat, gedurende de drie eerste levensjaren van het kind. Wij kunnen hier aan toevoegen, dat in Leipzig het plan moeders te subsidieeren die (onder behoorlijk medisch en ander toezicht) haar kinderen zoogen, reeds is ingevoerd.↑
1Het is natuurlijk niet altijd letterlijk waar, dat iedere ouder juist de helft van de erfelijkheid aanbrengt, want, zooals we in het algemeen onder de dieren zien, nadert de nakomelingschap somtijds meer tot de eene ouder, somtijds tot de andere, terwijl onder planten, zooals De Vries en anderen hebben aangetoond, de erfelijkheid nog wel ongelijker verdeeld is.↑2Het zal wel haast niet noodig zijn te zeggen, dat, waar wij zeggen dat het moederschap de hoogste functie is van een vrouw, wij daar in het geheel niet beweren, dat haar werkzaamheden zich tot het tehuis moeten beperken. Dat is een opinie, die nu wel mag beschouwd worden als niet meer bestaande, zelfs onder hen, die het meest de functie van de vrouw als moeder verheerlijken. Zooals Friedrich Naumann en anderen zeer waar gezegd hebben, is een vrouw niet volkomen toegerust om haar functies van moeder en opvoedster van de kinderen te vervullen, als zij niet in de wereld geleefd en een beroep uitgeoefend heeft.↑3“Als de hoedanigheden van hoofd en hart dezelfde waren in beide geslachten”, zegt Lily Braun terecht (Die Frauenfrage, pag. 207), “dan zou het binnentreden van de vrouw in het publieke leven geen waarde hebben voor de menschheid, en zou zelfs leiden tot een nog heviger concurrentie. Alleen de erkenning, dat de geheele aard van de vrouw verschillend is van dien van den man, dat zij beteekent een nieuw, levenwekkend beginsel in het menschelijk leven, maakt de vrouwenbeweging, ondanks de verkeerde opvattingen van haar vijanden en haar vrienden, een maatschappelijke revolutie”. (Zie ook Havelock Ellis, Man en vrouw, vierde uitgave, 1904, vooral hoofdstuk XVIII).↑4Het woord “puericultuur” is uitgevonden door Dr. Caron in 1866, om aan te duiden de ontwikkeling van kinderen na de geboorte. Het was Pinard, de bekende Fransche verloskundige, die er, in 1895, een ruimer en meer ware beteekenis aan gaf, door het te gebruiken óok voor de ontwikkeling van kinderen vóór de geboorte. Het wordt nu gedefinieerd als “de wetenschap, die zich ten doel stelt, te zoeken naar de kennis, die betrekking heeft op de reproductie, de instandhouding en de verbetering van het menschelijk ras”. (Péchin,La Puériculture avant la Naissance, Thèse de Paris, 1908).↑5In “La Grossesse” (pp. 450 en volgende) heeft Bouchacourt de problemen van puericultuur tamelijk uitvoerig besproken.↑6Het belang der puericultuur voor de geboorte werd ten volle erkend in China duizend jaar geleden. Zoo schreef Madame Cheng te dien tijde over de opvoeding van het kind: “Zijn opvoeding kan zelfs vóor de geboorte beginnen; en daarom lag de toekomstige moeder van vroeger, als ze lag, rechtuit; als ze zat, zat ze rechtop; en als ze stond, stond ze rechtop. Ze wilde geen vreemde smaken proeven, noch iets te maken hebben met spiritualisme; als haar voedsel niet klein gesneden was, wilde ze het niet eten en als haar mat niet recht gelegd was, wilde ze er niet op zitten. Zij wilde naar niets zien, dat onaangenaam was, niet luisteren naar een onaangenaam geluid, geen ruw woord spreken en geen onrein ding aanraken. ’s Avonds bestudeerde zij een klassiek boek, overdag hield zij zich bezig met ceremonieel en met muziek. Daarom werden haar zoons oprecht en uitmuntend in talenten en deugden; dat was het resultaat van de opvoeding vóor de geboorte”. (H. A. Giles, “Woman in Chinese Literature”.Nineteenth Century, Nov. 1914).↑7Max Bartels “IsländischerBrauch”, etc.Zeitschrift für Ethnologie, 1900, p. 65. Een opsomming van de gewoonten van verschillende volken met betrekking tot de zwangerschap wordt gegeven door Ploss en Bartels,Das Weib, Sect. XXIX.↑8Over den invloed van alcohol tijdens de zwangerschap op het embryo, zie men b.v. G. Newman,Infant Mortalityp.p.72–77. W. C. Sullivan (Alcoholism, 1906, Ch. XI), resumeert het bewijsmateriaal, dat aantoont, dat alcohol een factor is bij menschelijke ontaarding.↑9Er is zelfs reden te gelooven, dat het alcoholisme van den vader van de moeder, schade doet aan haar geschiktheid als een moeder. Bunge (Die Zunehmende Unfähigkeit der Frauen ihre Kinder zu Stillen, 5de uitgave, 1907), bevindt, bij een onderzoek, dat zich uitstrekt over 2.000 families, dat chronische alcoholvergiftiging bij den vader de voornaamste oorzaak is van de ongeschiktheid van de dochter om te zoogen, en dat deze ongeschiktheid gewoonlijk niet in orde komt in volgende geslachten. Tegenover Bunge heeft zich echter gesteld Dr. Agnes Bluhm “Die Stillungsnot”,Zeitschrift für Soziale Medizin, 1908 (geheel door haarzelf geresumeerd inSexual-Probleme, Jan. 1909).↑10Zie bv. T. Arthur Helme, “The Unborn Child”,British Medical Journal, Aug. 24, 1907. Het voedsel moet natuurlijk goed zijn. Noel Paton heeft aangetoond, (Lancet, Juli 4, 1903) dat onvoldoende voeding van de zwangere vrouw het gewicht van het kind vermindert.↑11Debreyne,Maechialogie, p. 277. En van den kant der Protestanten zie men Northcote (Christianity and Sex Problems, hoofdst. IX) die geslachtsverkeer tijdens de zwangerschap toestaat.↑12Zie ook Ploss en Bartels,loc. cit.↑13Zoo schrijft een dame: “Ik heb maar éen kind gehad, maar ik mag wel zeggen dat tijdens de zwangerschap het verlangen naar vereeniging veel sterker was, den geheelen tijd door, dan op eenigen anderen tijd”. Bouchacourt (La Grossesse,pag. 180–183) zegt, dat als regel, sexueel verlangen niet verminderd wordt door zwangerschap en nu en dan vermeerderd.↑14Dit “lastig zijn” blijft nog altijd een struikelblok bij veel uitmuntende autoriteiten. “Behalve als er een neiging is tot miskraam”, zegt Kossmann (Senator en Kaminer,Health and Disease in Relation to Marriage, vol. I, pag. 257),“moeten wij zeer voorzichtig zijn met het aanbevelen van abstinentie tijdens de zwangerschap”, en Ballantyne (The Foetus, pag. 475) maakt voorzichtig de opmerking, dat het een moeilijke kwestie is om te beslissen. Ook Forel (Die Sexuelle Frage, 4de editie, pag. 81), die niet geneigd is volkomen sexueele abstinentie aan te raden tijdens een normale zwangerschap, geeft toe dat het een vrij lastige kwestie is.↑15Dit punt wordt bv. besproken door Séropian in een Thèse de Paris (Fréquence comparée des Causes de l’Accouchement Prématuré, 1907); hij komt tot de conclusie, datcoïtustijdens de zwangerschap een méer vóorkomende oorzaak is van ontijdige bevalling dan gewoonlijk gedacht wordt, vooral in primiparae, en dat vooral in de negende maand.↑16“Infantile Mortality: The Huddersfield Scheme”,British Medical Journal, Dec. 1907; Samson Moore, “Infant Mortality”,ib., August 29, 1908.↑17Ellen Key heeft voorstellen van deze soort (zooals ze zijn ontwikkeld door C. P. Stetson) in haar Essays “On Love and Marriage” schitterend behandeld. In tegenstelling met dergelijke voorstellen oppert Ellen Key dat vrouwen, die behoorlijk geoefend zijn voor moederplichten en die niet in staat zijn zichzelf te onderhouden, terwijl zij ze uitoefenen, een subsidie moeten ontvangen van den Staat, gedurende de drie eerste levensjaren van het kind. Wij kunnen hier aan toevoegen, dat in Leipzig het plan moeders te subsidieeren die (onder behoorlijk medisch en ander toezicht) haar kinderen zoogen, reeds is ingevoerd.↑
1Het is natuurlijk niet altijd letterlijk waar, dat iedere ouder juist de helft van de erfelijkheid aanbrengt, want, zooals we in het algemeen onder de dieren zien, nadert de nakomelingschap somtijds meer tot de eene ouder, somtijds tot de andere, terwijl onder planten, zooals De Vries en anderen hebben aangetoond, de erfelijkheid nog wel ongelijker verdeeld is.↑2Het zal wel haast niet noodig zijn te zeggen, dat, waar wij zeggen dat het moederschap de hoogste functie is van een vrouw, wij daar in het geheel niet beweren, dat haar werkzaamheden zich tot het tehuis moeten beperken. Dat is een opinie, die nu wel mag beschouwd worden als niet meer bestaande, zelfs onder hen, die het meest de functie van de vrouw als moeder verheerlijken. Zooals Friedrich Naumann en anderen zeer waar gezegd hebben, is een vrouw niet volkomen toegerust om haar functies van moeder en opvoedster van de kinderen te vervullen, als zij niet in de wereld geleefd en een beroep uitgeoefend heeft.↑3“Als de hoedanigheden van hoofd en hart dezelfde waren in beide geslachten”, zegt Lily Braun terecht (Die Frauenfrage, pag. 207), “dan zou het binnentreden van de vrouw in het publieke leven geen waarde hebben voor de menschheid, en zou zelfs leiden tot een nog heviger concurrentie. Alleen de erkenning, dat de geheele aard van de vrouw verschillend is van dien van den man, dat zij beteekent een nieuw, levenwekkend beginsel in het menschelijk leven, maakt de vrouwenbeweging, ondanks de verkeerde opvattingen van haar vijanden en haar vrienden, een maatschappelijke revolutie”. (Zie ook Havelock Ellis, Man en vrouw, vierde uitgave, 1904, vooral hoofdstuk XVIII).↑4Het woord “puericultuur” is uitgevonden door Dr. Caron in 1866, om aan te duiden de ontwikkeling van kinderen na de geboorte. Het was Pinard, de bekende Fransche verloskundige, die er, in 1895, een ruimer en meer ware beteekenis aan gaf, door het te gebruiken óok voor de ontwikkeling van kinderen vóór de geboorte. Het wordt nu gedefinieerd als “de wetenschap, die zich ten doel stelt, te zoeken naar de kennis, die betrekking heeft op de reproductie, de instandhouding en de verbetering van het menschelijk ras”. (Péchin,La Puériculture avant la Naissance, Thèse de Paris, 1908).↑5In “La Grossesse” (pp. 450 en volgende) heeft Bouchacourt de problemen van puericultuur tamelijk uitvoerig besproken.↑6Het belang der puericultuur voor de geboorte werd ten volle erkend in China duizend jaar geleden. Zoo schreef Madame Cheng te dien tijde over de opvoeding van het kind: “Zijn opvoeding kan zelfs vóor de geboorte beginnen; en daarom lag de toekomstige moeder van vroeger, als ze lag, rechtuit; als ze zat, zat ze rechtop; en als ze stond, stond ze rechtop. Ze wilde geen vreemde smaken proeven, noch iets te maken hebben met spiritualisme; als haar voedsel niet klein gesneden was, wilde ze het niet eten en als haar mat niet recht gelegd was, wilde ze er niet op zitten. Zij wilde naar niets zien, dat onaangenaam was, niet luisteren naar een onaangenaam geluid, geen ruw woord spreken en geen onrein ding aanraken. ’s Avonds bestudeerde zij een klassiek boek, overdag hield zij zich bezig met ceremonieel en met muziek. Daarom werden haar zoons oprecht en uitmuntend in talenten en deugden; dat was het resultaat van de opvoeding vóor de geboorte”. (H. A. Giles, “Woman in Chinese Literature”.Nineteenth Century, Nov. 1914).↑7Max Bartels “IsländischerBrauch”, etc.Zeitschrift für Ethnologie, 1900, p. 65. Een opsomming van de gewoonten van verschillende volken met betrekking tot de zwangerschap wordt gegeven door Ploss en Bartels,Das Weib, Sect. XXIX.↑8Over den invloed van alcohol tijdens de zwangerschap op het embryo, zie men b.v. G. Newman,Infant Mortalityp.p.72–77. W. C. Sullivan (Alcoholism, 1906, Ch. XI), resumeert het bewijsmateriaal, dat aantoont, dat alcohol een factor is bij menschelijke ontaarding.↑9Er is zelfs reden te gelooven, dat het alcoholisme van den vader van de moeder, schade doet aan haar geschiktheid als een moeder. Bunge (Die Zunehmende Unfähigkeit der Frauen ihre Kinder zu Stillen, 5de uitgave, 1907), bevindt, bij een onderzoek, dat zich uitstrekt over 2.000 families, dat chronische alcoholvergiftiging bij den vader de voornaamste oorzaak is van de ongeschiktheid van de dochter om te zoogen, en dat deze ongeschiktheid gewoonlijk niet in orde komt in volgende geslachten. Tegenover Bunge heeft zich echter gesteld Dr. Agnes Bluhm “Die Stillungsnot”,Zeitschrift für Soziale Medizin, 1908 (geheel door haarzelf geresumeerd inSexual-Probleme, Jan. 1909).↑10Zie bv. T. Arthur Helme, “The Unborn Child”,British Medical Journal, Aug. 24, 1907. Het voedsel moet natuurlijk goed zijn. Noel Paton heeft aangetoond, (Lancet, Juli 4, 1903) dat onvoldoende voeding van de zwangere vrouw het gewicht van het kind vermindert.↑11Debreyne,Maechialogie, p. 277. En van den kant der Protestanten zie men Northcote (Christianity and Sex Problems, hoofdst. IX) die geslachtsverkeer tijdens de zwangerschap toestaat.↑12Zie ook Ploss en Bartels,loc. cit.↑13Zoo schrijft een dame: “Ik heb maar éen kind gehad, maar ik mag wel zeggen dat tijdens de zwangerschap het verlangen naar vereeniging veel sterker was, den geheelen tijd door, dan op eenigen anderen tijd”. Bouchacourt (La Grossesse,pag. 180–183) zegt, dat als regel, sexueel verlangen niet verminderd wordt door zwangerschap en nu en dan vermeerderd.↑14Dit “lastig zijn” blijft nog altijd een struikelblok bij veel uitmuntende autoriteiten. “Behalve als er een neiging is tot miskraam”, zegt Kossmann (Senator en Kaminer,Health and Disease in Relation to Marriage, vol. I, pag. 257),“moeten wij zeer voorzichtig zijn met het aanbevelen van abstinentie tijdens de zwangerschap”, en Ballantyne (The Foetus, pag. 475) maakt voorzichtig de opmerking, dat het een moeilijke kwestie is om te beslissen. Ook Forel (Die Sexuelle Frage, 4de editie, pag. 81), die niet geneigd is volkomen sexueele abstinentie aan te raden tijdens een normale zwangerschap, geeft toe dat het een vrij lastige kwestie is.↑15Dit punt wordt bv. besproken door Séropian in een Thèse de Paris (Fréquence comparée des Causes de l’Accouchement Prématuré, 1907); hij komt tot de conclusie, datcoïtustijdens de zwangerschap een méer vóorkomende oorzaak is van ontijdige bevalling dan gewoonlijk gedacht wordt, vooral in primiparae, en dat vooral in de negende maand.↑16“Infantile Mortality: The Huddersfield Scheme”,British Medical Journal, Dec. 1907; Samson Moore, “Infant Mortality”,ib., August 29, 1908.↑17Ellen Key heeft voorstellen van deze soort (zooals ze zijn ontwikkeld door C. P. Stetson) in haar Essays “On Love and Marriage” schitterend behandeld. In tegenstelling met dergelijke voorstellen oppert Ellen Key dat vrouwen, die behoorlijk geoefend zijn voor moederplichten en die niet in staat zijn zichzelf te onderhouden, terwijl zij ze uitoefenen, een subsidie moeten ontvangen van den Staat, gedurende de drie eerste levensjaren van het kind. Wij kunnen hier aan toevoegen, dat in Leipzig het plan moeders te subsidieeren die (onder behoorlijk medisch en ander toezicht) haar kinderen zoogen, reeds is ingevoerd.↑
1Het is natuurlijk niet altijd letterlijk waar, dat iedere ouder juist de helft van de erfelijkheid aanbrengt, want, zooals we in het algemeen onder de dieren zien, nadert de nakomelingschap somtijds meer tot de eene ouder, somtijds tot de andere, terwijl onder planten, zooals De Vries en anderen hebben aangetoond, de erfelijkheid nog wel ongelijker verdeeld is.↑2Het zal wel haast niet noodig zijn te zeggen, dat, waar wij zeggen dat het moederschap de hoogste functie is van een vrouw, wij daar in het geheel niet beweren, dat haar werkzaamheden zich tot het tehuis moeten beperken. Dat is een opinie, die nu wel mag beschouwd worden als niet meer bestaande, zelfs onder hen, die het meest de functie van de vrouw als moeder verheerlijken. Zooals Friedrich Naumann en anderen zeer waar gezegd hebben, is een vrouw niet volkomen toegerust om haar functies van moeder en opvoedster van de kinderen te vervullen, als zij niet in de wereld geleefd en een beroep uitgeoefend heeft.↑3“Als de hoedanigheden van hoofd en hart dezelfde waren in beide geslachten”, zegt Lily Braun terecht (Die Frauenfrage, pag. 207), “dan zou het binnentreden van de vrouw in het publieke leven geen waarde hebben voor de menschheid, en zou zelfs leiden tot een nog heviger concurrentie. Alleen de erkenning, dat de geheele aard van de vrouw verschillend is van dien van den man, dat zij beteekent een nieuw, levenwekkend beginsel in het menschelijk leven, maakt de vrouwenbeweging, ondanks de verkeerde opvattingen van haar vijanden en haar vrienden, een maatschappelijke revolutie”. (Zie ook Havelock Ellis, Man en vrouw, vierde uitgave, 1904, vooral hoofdstuk XVIII).↑4Het woord “puericultuur” is uitgevonden door Dr. Caron in 1866, om aan te duiden de ontwikkeling van kinderen na de geboorte. Het was Pinard, de bekende Fransche verloskundige, die er, in 1895, een ruimer en meer ware beteekenis aan gaf, door het te gebruiken óok voor de ontwikkeling van kinderen vóór de geboorte. Het wordt nu gedefinieerd als “de wetenschap, die zich ten doel stelt, te zoeken naar de kennis, die betrekking heeft op de reproductie, de instandhouding en de verbetering van het menschelijk ras”. (Péchin,La Puériculture avant la Naissance, Thèse de Paris, 1908).↑5In “La Grossesse” (pp. 450 en volgende) heeft Bouchacourt de problemen van puericultuur tamelijk uitvoerig besproken.↑6Het belang der puericultuur voor de geboorte werd ten volle erkend in China duizend jaar geleden. Zoo schreef Madame Cheng te dien tijde over de opvoeding van het kind: “Zijn opvoeding kan zelfs vóor de geboorte beginnen; en daarom lag de toekomstige moeder van vroeger, als ze lag, rechtuit; als ze zat, zat ze rechtop; en als ze stond, stond ze rechtop. Ze wilde geen vreemde smaken proeven, noch iets te maken hebben met spiritualisme; als haar voedsel niet klein gesneden was, wilde ze het niet eten en als haar mat niet recht gelegd was, wilde ze er niet op zitten. Zij wilde naar niets zien, dat onaangenaam was, niet luisteren naar een onaangenaam geluid, geen ruw woord spreken en geen onrein ding aanraken. ’s Avonds bestudeerde zij een klassiek boek, overdag hield zij zich bezig met ceremonieel en met muziek. Daarom werden haar zoons oprecht en uitmuntend in talenten en deugden; dat was het resultaat van de opvoeding vóor de geboorte”. (H. A. Giles, “Woman in Chinese Literature”.Nineteenth Century, Nov. 1914).↑7Max Bartels “IsländischerBrauch”, etc.Zeitschrift für Ethnologie, 1900, p. 65. Een opsomming van de gewoonten van verschillende volken met betrekking tot de zwangerschap wordt gegeven door Ploss en Bartels,Das Weib, Sect. XXIX.↑8Over den invloed van alcohol tijdens de zwangerschap op het embryo, zie men b.v. G. Newman,Infant Mortalityp.p.72–77. W. C. Sullivan (Alcoholism, 1906, Ch. XI), resumeert het bewijsmateriaal, dat aantoont, dat alcohol een factor is bij menschelijke ontaarding.↑9Er is zelfs reden te gelooven, dat het alcoholisme van den vader van de moeder, schade doet aan haar geschiktheid als een moeder. Bunge (Die Zunehmende Unfähigkeit der Frauen ihre Kinder zu Stillen, 5de uitgave, 1907), bevindt, bij een onderzoek, dat zich uitstrekt over 2.000 families, dat chronische alcoholvergiftiging bij den vader de voornaamste oorzaak is van de ongeschiktheid van de dochter om te zoogen, en dat deze ongeschiktheid gewoonlijk niet in orde komt in volgende geslachten. Tegenover Bunge heeft zich echter gesteld Dr. Agnes Bluhm “Die Stillungsnot”,Zeitschrift für Soziale Medizin, 1908 (geheel door haarzelf geresumeerd inSexual-Probleme, Jan. 1909).↑10Zie bv. T. Arthur Helme, “The Unborn Child”,British Medical Journal, Aug. 24, 1907. Het voedsel moet natuurlijk goed zijn. Noel Paton heeft aangetoond, (Lancet, Juli 4, 1903) dat onvoldoende voeding van de zwangere vrouw het gewicht van het kind vermindert.↑11Debreyne,Maechialogie, p. 277. En van den kant der Protestanten zie men Northcote (Christianity and Sex Problems, hoofdst. IX) die geslachtsverkeer tijdens de zwangerschap toestaat.↑12Zie ook Ploss en Bartels,loc. cit.↑13Zoo schrijft een dame: “Ik heb maar éen kind gehad, maar ik mag wel zeggen dat tijdens de zwangerschap het verlangen naar vereeniging veel sterker was, den geheelen tijd door, dan op eenigen anderen tijd”. Bouchacourt (La Grossesse,pag. 180–183) zegt, dat als regel, sexueel verlangen niet verminderd wordt door zwangerschap en nu en dan vermeerderd.↑14Dit “lastig zijn” blijft nog altijd een struikelblok bij veel uitmuntende autoriteiten. “Behalve als er een neiging is tot miskraam”, zegt Kossmann (Senator en Kaminer,Health and Disease in Relation to Marriage, vol. I, pag. 257),“moeten wij zeer voorzichtig zijn met het aanbevelen van abstinentie tijdens de zwangerschap”, en Ballantyne (The Foetus, pag. 475) maakt voorzichtig de opmerking, dat het een moeilijke kwestie is om te beslissen. Ook Forel (Die Sexuelle Frage, 4de editie, pag. 81), die niet geneigd is volkomen sexueele abstinentie aan te raden tijdens een normale zwangerschap, geeft toe dat het een vrij lastige kwestie is.↑15Dit punt wordt bv. besproken door Séropian in een Thèse de Paris (Fréquence comparée des Causes de l’Accouchement Prématuré, 1907); hij komt tot de conclusie, datcoïtustijdens de zwangerschap een méer vóorkomende oorzaak is van ontijdige bevalling dan gewoonlijk gedacht wordt, vooral in primiparae, en dat vooral in de negende maand.↑16“Infantile Mortality: The Huddersfield Scheme”,British Medical Journal, Dec. 1907; Samson Moore, “Infant Mortality”,ib., August 29, 1908.↑17Ellen Key heeft voorstellen van deze soort (zooals ze zijn ontwikkeld door C. P. Stetson) in haar Essays “On Love and Marriage” schitterend behandeld. In tegenstelling met dergelijke voorstellen oppert Ellen Key dat vrouwen, die behoorlijk geoefend zijn voor moederplichten en die niet in staat zijn zichzelf te onderhouden, terwijl zij ze uitoefenen, een subsidie moeten ontvangen van den Staat, gedurende de drie eerste levensjaren van het kind. Wij kunnen hier aan toevoegen, dat in Leipzig het plan moeders te subsidieeren die (onder behoorlijk medisch en ander toezicht) haar kinderen zoogen, reeds is ingevoerd.↑
1Het is natuurlijk niet altijd letterlijk waar, dat iedere ouder juist de helft van de erfelijkheid aanbrengt, want, zooals we in het algemeen onder de dieren zien, nadert de nakomelingschap somtijds meer tot de eene ouder, somtijds tot de andere, terwijl onder planten, zooals De Vries en anderen hebben aangetoond, de erfelijkheid nog wel ongelijker verdeeld is.↑
2Het zal wel haast niet noodig zijn te zeggen, dat, waar wij zeggen dat het moederschap de hoogste functie is van een vrouw, wij daar in het geheel niet beweren, dat haar werkzaamheden zich tot het tehuis moeten beperken. Dat is een opinie, die nu wel mag beschouwd worden als niet meer bestaande, zelfs onder hen, die het meest de functie van de vrouw als moeder verheerlijken. Zooals Friedrich Naumann en anderen zeer waar gezegd hebben, is een vrouw niet volkomen toegerust om haar functies van moeder en opvoedster van de kinderen te vervullen, als zij niet in de wereld geleefd en een beroep uitgeoefend heeft.↑
3“Als de hoedanigheden van hoofd en hart dezelfde waren in beide geslachten”, zegt Lily Braun terecht (Die Frauenfrage, pag. 207), “dan zou het binnentreden van de vrouw in het publieke leven geen waarde hebben voor de menschheid, en zou zelfs leiden tot een nog heviger concurrentie. Alleen de erkenning, dat de geheele aard van de vrouw verschillend is van dien van den man, dat zij beteekent een nieuw, levenwekkend beginsel in het menschelijk leven, maakt de vrouwenbeweging, ondanks de verkeerde opvattingen van haar vijanden en haar vrienden, een maatschappelijke revolutie”. (Zie ook Havelock Ellis, Man en vrouw, vierde uitgave, 1904, vooral hoofdstuk XVIII).↑
4Het woord “puericultuur” is uitgevonden door Dr. Caron in 1866, om aan te duiden de ontwikkeling van kinderen na de geboorte. Het was Pinard, de bekende Fransche verloskundige, die er, in 1895, een ruimer en meer ware beteekenis aan gaf, door het te gebruiken óok voor de ontwikkeling van kinderen vóór de geboorte. Het wordt nu gedefinieerd als “de wetenschap, die zich ten doel stelt, te zoeken naar de kennis, die betrekking heeft op de reproductie, de instandhouding en de verbetering van het menschelijk ras”. (Péchin,La Puériculture avant la Naissance, Thèse de Paris, 1908).↑
5In “La Grossesse” (pp. 450 en volgende) heeft Bouchacourt de problemen van puericultuur tamelijk uitvoerig besproken.↑
6Het belang der puericultuur voor de geboorte werd ten volle erkend in China duizend jaar geleden. Zoo schreef Madame Cheng te dien tijde over de opvoeding van het kind: “Zijn opvoeding kan zelfs vóor de geboorte beginnen; en daarom lag de toekomstige moeder van vroeger, als ze lag, rechtuit; als ze zat, zat ze rechtop; en als ze stond, stond ze rechtop. Ze wilde geen vreemde smaken proeven, noch iets te maken hebben met spiritualisme; als haar voedsel niet klein gesneden was, wilde ze het niet eten en als haar mat niet recht gelegd was, wilde ze er niet op zitten. Zij wilde naar niets zien, dat onaangenaam was, niet luisteren naar een onaangenaam geluid, geen ruw woord spreken en geen onrein ding aanraken. ’s Avonds bestudeerde zij een klassiek boek, overdag hield zij zich bezig met ceremonieel en met muziek. Daarom werden haar zoons oprecht en uitmuntend in talenten en deugden; dat was het resultaat van de opvoeding vóor de geboorte”. (H. A. Giles, “Woman in Chinese Literature”.Nineteenth Century, Nov. 1914).↑
7Max Bartels “IsländischerBrauch”, etc.Zeitschrift für Ethnologie, 1900, p. 65. Een opsomming van de gewoonten van verschillende volken met betrekking tot de zwangerschap wordt gegeven door Ploss en Bartels,Das Weib, Sect. XXIX.↑
8Over den invloed van alcohol tijdens de zwangerschap op het embryo, zie men b.v. G. Newman,Infant Mortalityp.p.72–77. W. C. Sullivan (Alcoholism, 1906, Ch. XI), resumeert het bewijsmateriaal, dat aantoont, dat alcohol een factor is bij menschelijke ontaarding.↑
9Er is zelfs reden te gelooven, dat het alcoholisme van den vader van de moeder, schade doet aan haar geschiktheid als een moeder. Bunge (Die Zunehmende Unfähigkeit der Frauen ihre Kinder zu Stillen, 5de uitgave, 1907), bevindt, bij een onderzoek, dat zich uitstrekt over 2.000 families, dat chronische alcoholvergiftiging bij den vader de voornaamste oorzaak is van de ongeschiktheid van de dochter om te zoogen, en dat deze ongeschiktheid gewoonlijk niet in orde komt in volgende geslachten. Tegenover Bunge heeft zich echter gesteld Dr. Agnes Bluhm “Die Stillungsnot”,Zeitschrift für Soziale Medizin, 1908 (geheel door haarzelf geresumeerd inSexual-Probleme, Jan. 1909).↑
10Zie bv. T. Arthur Helme, “The Unborn Child”,British Medical Journal, Aug. 24, 1907. Het voedsel moet natuurlijk goed zijn. Noel Paton heeft aangetoond, (Lancet, Juli 4, 1903) dat onvoldoende voeding van de zwangere vrouw het gewicht van het kind vermindert.↑
11Debreyne,Maechialogie, p. 277. En van den kant der Protestanten zie men Northcote (Christianity and Sex Problems, hoofdst. IX) die geslachtsverkeer tijdens de zwangerschap toestaat.↑
12Zie ook Ploss en Bartels,loc. cit.↑
13Zoo schrijft een dame: “Ik heb maar éen kind gehad, maar ik mag wel zeggen dat tijdens de zwangerschap het verlangen naar vereeniging veel sterker was, den geheelen tijd door, dan op eenigen anderen tijd”. Bouchacourt (La Grossesse,pag. 180–183) zegt, dat als regel, sexueel verlangen niet verminderd wordt door zwangerschap en nu en dan vermeerderd.↑
14Dit “lastig zijn” blijft nog altijd een struikelblok bij veel uitmuntende autoriteiten. “Behalve als er een neiging is tot miskraam”, zegt Kossmann (Senator en Kaminer,Health and Disease in Relation to Marriage, vol. I, pag. 257),“moeten wij zeer voorzichtig zijn met het aanbevelen van abstinentie tijdens de zwangerschap”, en Ballantyne (The Foetus, pag. 475) maakt voorzichtig de opmerking, dat het een moeilijke kwestie is om te beslissen. Ook Forel (Die Sexuelle Frage, 4de editie, pag. 81), die niet geneigd is volkomen sexueele abstinentie aan te raden tijdens een normale zwangerschap, geeft toe dat het een vrij lastige kwestie is.↑
15Dit punt wordt bv. besproken door Séropian in een Thèse de Paris (Fréquence comparée des Causes de l’Accouchement Prématuré, 1907); hij komt tot de conclusie, datcoïtustijdens de zwangerschap een méer vóorkomende oorzaak is van ontijdige bevalling dan gewoonlijk gedacht wordt, vooral in primiparae, en dat vooral in de negende maand.↑
16“Infantile Mortality: The Huddersfield Scheme”,British Medical Journal, Dec. 1907; Samson Moore, “Infant Mortality”,ib., August 29, 1908.↑
17Ellen Key heeft voorstellen van deze soort (zooals ze zijn ontwikkeld door C. P. Stetson) in haar Essays “On Love and Marriage” schitterend behandeld. In tegenstelling met dergelijke voorstellen oppert Ellen Key dat vrouwen, die behoorlijk geoefend zijn voor moederplichten en die niet in staat zijn zichzelf te onderhouden, terwijl zij ze uitoefenen, een subsidie moeten ontvangen van den Staat, gedurende de drie eerste levensjaren van het kind. Wij kunnen hier aan toevoegen, dat in Leipzig het plan moeders te subsidieeren die (onder behoorlijk medisch en ander toezicht) haar kinderen zoogen, reeds is ingevoerd.↑