De Indiaansche Namen.Cheokhes, kie-ok-ez’, de Amerikaansche “mink”, een ottersoort.Cheplahgan, tsjep-la’-guan, de Canadeesche arend.Ch’geegee-lokh-sis,tsj-dsjie-dsjie’-lok-siz, de zwartkopmees: parus atricapillus.Chigwooltz, tsjigg-woelts’, de stierkikvorsch.Clote Scarpe, Kloot Skaarp, een fabelachtige held van de Noordelijke Indianen, zooals Hiawatha.Commoossie, kom-moe-sie’, een kleine schuilplaats of hut, van bast en takken gemaakt.Deedeeaskh, die-die’-ask, de blauwe gaai.Eleemos, el-ie’mos, de vos.Hawahak, ha-wa-hek’, de havik.Hukweem, huk-wiem’, de groote Noordelijke duiker of ijsduiker.Ismaques, is-ma-kwez’, de vischarend.Kagax, ke’-guaks, de wezel.Kakagos, ka-ka-guoz, de raaf.K’dunk, k’dunk’, de pad.Keeokuskh, kie-o-kusk’, de muskusrat.Keeonekh, kie’-o-nek, de otter.Killoleet, kil’-loe-liet, de witkeel-musch.Kookooskoos, koe-koes-koes’, de groote oehoe.Koskomenos, kos’-kom-ie-nos’, de ijsvogel.Kupkawis, kup-kee’-wiz: syrnium varium, een gestreepte uil.Kwaseekho, kwa-ziek’o, de zaagbek.Lhoks, loks, de panter.Malsun, mel’-sun, de wolf.Meeko, mie’-ko, de roode eekhoorn.Megaleep, meg’-a-liep, de caribou of ’t N.-Amerikaansche rendier.Milicete, mil’-i-siet, de naam van een Indiaanschen stam, ook Malicete geschreven.Mitches, mit’-sjes, het gekraagde hazelhoen, een soort “grouse”: bonasia umbellis of Amerikaansche “patrijs”.Moktaques, mok-ta’-kwes, de haas.Mooween, moe-wien’, de zwarte beer.Musquash, mus’kwosj, de muskusrat.Nemox, nem’-moks,Pekquam, pek-wem, de vischmarter uit N.-Amer.Quoskh, kwosk, de blauwe reiger.Seksagadagee, sek’-sa-guee-da’-guie, het Canadeesche hazelhoen, ook een soort “grouse”.Skooktum, skoek’-tum, de forel.Tookhees, tok’-ies, de boschmuis.Umquenawis, um-kwie-na’-wiz, de eland.Unkwunk, unk’-wunk, het stekelvarken.Upweekis, up-wiek’-is, de Canadeesche lynx.Van William J. Long verschijnen in de vertaling van Cilia Stoffel met teekeningen van Charles Copeland:1 Dierenleven in de Wildernis (3de druk)2 Kijkjes in het Dierenleven (2de druk)3 Het Boschvolkje4 Op eenzame Zwerftochten5 Boschgeheimen6 Een Broertje van den Beer7 Op Herten uit8 Zonder Geweer op jacht9 De Witte Wolf10 Langs Dierenpaden in het Hooge NoordenOorspronkelijk schutblad.ColofonBeschikbaarheidDit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team opwww.pgdp.net.This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online atwww.gutenberg.org.This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team atwww.pgdp.net.CoderingDit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn gemarkeerd met het corr-element.Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met “. Geneste dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.De illustraties waren in het origineel in de marge en om te tekst geplaatst. Deze opmaak is in deze editie niet gehandhaafd.Documentgeschiedenis31-MAR-2007 begonnen.VerbeteringenDe volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:PlaatsBronVerbeteringBladzijde 120[Niet in bron];
De Indiaansche Namen.Cheokhes, kie-ok-ez’, de Amerikaansche “mink”, een ottersoort.Cheplahgan, tsjep-la’-guan, de Canadeesche arend.Ch’geegee-lokh-sis,tsj-dsjie-dsjie’-lok-siz, de zwartkopmees: parus atricapillus.Chigwooltz, tsjigg-woelts’, de stierkikvorsch.Clote Scarpe, Kloot Skaarp, een fabelachtige held van de Noordelijke Indianen, zooals Hiawatha.Commoossie, kom-moe-sie’, een kleine schuilplaats of hut, van bast en takken gemaakt.Deedeeaskh, die-die’-ask, de blauwe gaai.Eleemos, el-ie’mos, de vos.Hawahak, ha-wa-hek’, de havik.Hukweem, huk-wiem’, de groote Noordelijke duiker of ijsduiker.Ismaques, is-ma-kwez’, de vischarend.Kagax, ke’-guaks, de wezel.Kakagos, ka-ka-guoz, de raaf.K’dunk, k’dunk’, de pad.Keeokuskh, kie-o-kusk’, de muskusrat.Keeonekh, kie’-o-nek, de otter.Killoleet, kil’-loe-liet, de witkeel-musch.Kookooskoos, koe-koes-koes’, de groote oehoe.Koskomenos, kos’-kom-ie-nos’, de ijsvogel.Kupkawis, kup-kee’-wiz: syrnium varium, een gestreepte uil.Kwaseekho, kwa-ziek’o, de zaagbek.Lhoks, loks, de panter.Malsun, mel’-sun, de wolf.Meeko, mie’-ko, de roode eekhoorn.Megaleep, meg’-a-liep, de caribou of ’t N.-Amerikaansche rendier.Milicete, mil’-i-siet, de naam van een Indiaanschen stam, ook Malicete geschreven.Mitches, mit’-sjes, het gekraagde hazelhoen, een soort “grouse”: bonasia umbellis of Amerikaansche “patrijs”.Moktaques, mok-ta’-kwes, de haas.Mooween, moe-wien’, de zwarte beer.Musquash, mus’kwosj, de muskusrat.Nemox, nem’-moks,Pekquam, pek-wem, de vischmarter uit N.-Amer.Quoskh, kwosk, de blauwe reiger.Seksagadagee, sek’-sa-guee-da’-guie, het Canadeesche hazelhoen, ook een soort “grouse”.Skooktum, skoek’-tum, de forel.Tookhees, tok’-ies, de boschmuis.Umquenawis, um-kwie-na’-wiz, de eland.Unkwunk, unk’-wunk, het stekelvarken.Upweekis, up-wiek’-is, de Canadeesche lynx.
Cheokhes, kie-ok-ez’, de Amerikaansche “mink”, een ottersoort.
Cheplahgan, tsjep-la’-guan, de Canadeesche arend.
Ch’geegee-lokh-sis,tsj-dsjie-dsjie’-lok-siz, de zwartkopmees: parus atricapillus.
Chigwooltz, tsjigg-woelts’, de stierkikvorsch.
Clote Scarpe, Kloot Skaarp, een fabelachtige held van de Noordelijke Indianen, zooals Hiawatha.
Commoossie, kom-moe-sie’, een kleine schuilplaats of hut, van bast en takken gemaakt.
Deedeeaskh, die-die’-ask, de blauwe gaai.
Eleemos, el-ie’mos, de vos.
Hawahak, ha-wa-hek’, de havik.
Hukweem, huk-wiem’, de groote Noordelijke duiker of ijsduiker.
Ismaques, is-ma-kwez’, de vischarend.
Kagax, ke’-guaks, de wezel.
Kakagos, ka-ka-guoz, de raaf.
K’dunk, k’dunk’, de pad.
Keeokuskh, kie-o-kusk’, de muskusrat.
Keeonekh, kie’-o-nek, de otter.
Killoleet, kil’-loe-liet, de witkeel-musch.
Kookooskoos, koe-koes-koes’, de groote oehoe.
Koskomenos, kos’-kom-ie-nos’, de ijsvogel.
Kupkawis, kup-kee’-wiz: syrnium varium, een gestreepte uil.
Kwaseekho, kwa-ziek’o, de zaagbek.
Lhoks, loks, de panter.
Malsun, mel’-sun, de wolf.
Meeko, mie’-ko, de roode eekhoorn.
Megaleep, meg’-a-liep, de caribou of ’t N.-Amerikaansche rendier.
Milicete, mil’-i-siet, de naam van een Indiaanschen stam, ook Malicete geschreven.
Mitches, mit’-sjes, het gekraagde hazelhoen, een soort “grouse”: bonasia umbellis of Amerikaansche “patrijs”.
Moktaques, mok-ta’-kwes, de haas.
Mooween, moe-wien’, de zwarte beer.
Musquash, mus’kwosj, de muskusrat.
Nemox, nem’-moks,Pekquam, pek-wem, de vischmarter uit N.-Amer.
Quoskh, kwosk, de blauwe reiger.
Seksagadagee, sek’-sa-guee-da’-guie, het Canadeesche hazelhoen, ook een soort “grouse”.
Skooktum, skoek’-tum, de forel.
Tookhees, tok’-ies, de boschmuis.
Umquenawis, um-kwie-na’-wiz, de eland.
Unkwunk, unk’-wunk, het stekelvarken.
Upweekis, up-wiek’-is, de Canadeesche lynx.
Van William J. Long verschijnen in de vertaling van Cilia Stoffel met teekeningen van Charles Copeland:1 Dierenleven in de Wildernis (3de druk)2 Kijkjes in het Dierenleven (2de druk)3 Het Boschvolkje4 Op eenzame Zwerftochten5 Boschgeheimen6 Een Broertje van den Beer7 Op Herten uit8 Zonder Geweer op jacht9 De Witte Wolf10 Langs Dierenpaden in het Hooge Noorden
Van William J. Long verschijnen in de vertaling van Cilia Stoffel met teekeningen van Charles Copeland:
Oorspronkelijk schutblad.
Oorspronkelijk schutblad.
ColofonBeschikbaarheidDit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team opwww.pgdp.net.This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online atwww.gutenberg.org.This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team atwww.pgdp.net.CoderingDit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn gemarkeerd met het corr-element.Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met “. Geneste dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.De illustraties waren in het origineel in de marge en om te tekst geplaatst. Deze opmaak is in deze editie niet gehandhaafd.Documentgeschiedenis31-MAR-2007 begonnen.VerbeteringenDe volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:PlaatsBronVerbeteringBladzijde 120[Niet in bron];
Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie bij dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.
Dit eBoek is geproduceerd door Jeroen Hellingman en het on-line gedistribueerd correctie team opwww.pgdp.net.
This eBook is for the use of anyone anywhere at no cost and with almost no restrictions whatsoever. You may copy it, give it away or re-use it under the terms of the Project Gutenberg License included with this eBook or online atwww.gutenberg.org.
This eBook is produced by Jeroen Hellingman and the Online Distributed Proofreading Team atwww.pgdp.net.
Dit bestand is in een verouderde spelling. Er is geen poging gedaan de tekst te moderniseren. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn gecorrigeerd. Dergelijke correcties zijn gemarkeerd met het corr-element.
Hoewel in het origineel laag liggende aanhalingstekens openen gebruikt, zijn deze in dit bestand gecodeerd met “. Geneste dubbele aanhalingstekens zijn stilzwijgend veranderd in enkele aanhalingstekens.
De illustraties waren in het origineel in de marge en om te tekst geplaatst. Deze opmaak is in deze editie niet gehandhaafd.
De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst: