Chapter 5

143rust

143rust

144bevangen

144bevangen

145toen hem

145toen hem

146in het geheel niet

146in het geheel niet

147hij heeft een fiere, edele, inborst

147hij heeft een fiere, edele, inborst

148dit woord is hier niet zeer begrijpelijk. Moltzer wil er “kenlijk” voor in de plaats lezen

148dit woord is hier niet zeer begrijpelijk. Moltzer wil er “kenlijk” voor in de plaats lezen

149geleden

149geleden

150wel

150wel

151liefste

151liefste

152schoon

152schoon

153Deed ik het

153Deed ik het

154waande ik

154waande ik

155van begin tot einde

155van begin tot einde

156wist

156wist

157houd het ten goede

157houd het ten goede

158wandelen

158wandelen

159haar, bezitt. voornaamwoord

159haar, bezitt. voornaamwoord

160te boven komen

160te boven komen

161moge

161moge

162schande

162schande

163of ik...

163of ik...

164onderzoek gedaan

164onderzoek gedaan

165bij

165bij

166oneer

166oneer

167nooit

167nooit

168bovendien

168bovendien

169meer dan

169meer dan

170mensch

170mensch

171gehandeld

171gehandeld

172= dat en = dat... niet

172= dat en = dat... niet

173vreugde

173vreugde

174daarvoor moet ik u eeuwig prijzen

174daarvoor moet ik u eeuwig prijzen

175eigenl. zich verheugen, feestvieren; hier behagen scheppen in

175eigenl. zich verheugen, feestvieren; hier behagen scheppen in

176eerst

176eerst

177gedraald

177gedraald

178deugt

178deugt

179teweeggebracht

179teweeggebracht

180verdriet

180verdriet

181helaas!

181helaas!

182Of ik....

182Of ik....

183ter wille van (uw) genade = goedheid

183ter wille van (uw) genade = goedheid

184edel

184edel

185spoedig

185spoedig

186zult hem

186zult hem

187rondom

187rondom

188op de “bant”

188op de “bant”

189verheugd

189verheugd

190bepaald

190bepaald

191“van edelen bloede”

191“van edelen bloede”

192wanneer ik niet heb...

192wanneer ik niet heb...

193zou het hem betaald zetten

193zou het hem betaald zetten

194geheel en al

194geheel en al

195ligt

195ligt

196gevangenis

196gevangenis

197volgens het handschr. Waarschijnlijk moet er staan: verraderie

197volgens het handschr. Waarschijnlijk moet er staan: verraderie

198dit alles

198dit alles

199dat en

199dat en

200draag hem

200draag hem

201stoplap voor ’t rijm = voorwaar

201stoplap voor ’t rijm = voorwaar

202deugd, hier meer in de beteekenis van weldaad

202deugd, hier meer in de beteekenis van weldaad

203vreugde

203vreugde

204weet dit

204weet dit

205terstond

205terstond

206dichtbij

206dichtbij

207op het idee bracht

207op het idee bracht

208dralen, toeven

208dralen, toeven

209hier in ’t algemeen: edelman

209hier in ’t algemeen: edelman

210schiep

210schiep

211genadig

211genadig

212verlossen

212verlossen

213want de vreugde is eindeloos groot

213want de vreugde is eindeloos groot

214had ik hem

214had ik hem

215onmiddellijk

215onmiddellijk

216zeer

216zeer

217dienaar

217dienaar

218schulden

218schulden

219uit liefde

219uit liefde

220zeer

220zeer

221verdwenen

221verdwenen

222leed

222leed

223Mamet (= Mahoen), zie vs.114

223Mamet (= Mahoen), zie vs.114

224eerder

224eerder

225edele

225edele

226ik ze

226ik ze

227kwartieren

227kwartieren

228verloor

228verloor

229die aan het kruis wilde sterven

229die aan het kruis wilde sterven

230nooit kwam voor ...

230nooit kwam voor ...

231misdaad

231misdaad

232of ze

232of ze

233aan het licht komen

233aan het licht komen

234in ’t eind

234in ’t eind

235doornenkroon

235doornenkroon

236of hij moest mij ontgaan doordat hij in de aarde wegzonk

236of hij moest mij ontgaan doordat hij in de aarde wegzonk

237in het gebied der christenen

237in het gebied der christenen

238ontkomen

238ontkomen

239laten varen

239laten varen

240eveneens

240eveneens

241hemel

241hemel

242kuisch, edel

242kuisch, edel

243dat is zooals het behoort, niet meer dan billijk

243dat is zooals het behoort, niet meer dan billijk

244toeven

244toeven

245verloren

245verloren

246tegenspoed

246tegenspoed

247verlaat

247verlaat

248in goeden hoghen = verheugd

248in goeden hoghen = verheugd

249den jongeling zoo bemint

249den jongeling zoo bemint

250edel

250edel

251pelgrim

251pelgrim

252lieve, geliefde

252lieve, geliefde

253beter

253beter

254ooit

254ooit

255of ik moest....

255of ik moest....

256moeite

256moeite

257bij de

257bij de

258hier

258hier

259om mijnentwil

259om mijnentwil

260overgeven

260overgeven

261d. i. de kroon

261d. i. de kroon

262hier = plan

262hier = plan

263bedacht

263bedacht

264ontvangen

264ontvangen

265hierheen

265hierheen

266ten opzichte van

266ten opzichte van

267nl. van het hart

267nl. van het hart

268geleden

268geleden

269afhandig maken

269afhandig maken

270bepaald

270bepaald

271manier van doen, van spreken

271manier van doen, van spreken

272vertelt

272vertelt

273buiten mij zelf

273buiten mij zelf

274durfde

274durfde

275heer

275heer

276schiep

276schiep

277d.i. endedach = sterfdag

277d.i. endedach = sterfdag

278dat en

278dat en

279altijd

279altijd

280noch

280noch

281zie vs.363; de heele uitdrukking = schurk

281zie vs.363; de heele uitdrukking = schurk

282ooit

282ooit

283wijsmaken

283wijsmaken

284strijdperk (voor een tweegevecht als godsoordeel)

284strijdperk (voor een tweegevecht als godsoordeel)

285aantijgen, beschuldigen

285aantijgen, beschuldigen

286hier: booswicht

286hier: booswicht

287juist van pas, onverwacht

287juist van pas, onverwacht

288kist

288kist

289van ivoor

289van ivoor

290verwedden

290verwedden

291dag des oordeels, hier sterfdag;

291dag des oordeels, hier sterfdag;

292in het einde, d.i. bij uw dood

292in het einde, d.i. bij uw dood

293d.i. verselt (vergezeld) = vereenigd

293d.i. verselt (vergezeld) = vereenigd

294gunne, verleene

294gunne, verleene

295op zijn gemak

295op zijn gemak

296klucht; na een “abel spel” werd een “sotternie” = een klucht, vertoond

296klucht; na een “abel spel” werd een “sotternie” = een klucht, vertoond

297trap

297trap

In de serie Uitgaven van

KLASSIEKE NEDERLANDSCHE LETTERKUNDE

zijn op gelijke wijze als dit boekje uitgegeven:

BEATRIJS

Het middelneerlandsche gedicht in proza naverteld.

LANSELOET ENDE SANDERIJN (Lanseloet van Denemerken.)

Middeleeuwsch tooneelspel in den oorspronkelijken tekst, met inleiding en verklarende aanteekeningen.

UIT HOOFT’s LYRIEK

Bloemlezing met inleiding over den dichter en aanteekeningen.

De uitgave van deze boekjes is verzorgd door R. J. SPITZ

Leeraar in de Nederlandsche Taal- en Letterkunde aan de Hoogere Burgerschool te Apeldoorn.

Prijs ƒ0.60 per stuk.


Back to IndexNext