Iniquitous,inikwitɐs, zondig, onrechtvaardig;Iniquity,inikwiti, ongerechtigheid, onrechtvaardigheid, zonde, misdaad.Inirritability,iniritəbiliti, subst v.Inirritable,iniritəb’l, ongevoelig.Initial,iniš’l, beginnend, eerste, voorste; subst. beginletter, vóórletter;Initialverb. met zijn initialen teekenen (borduren), parafeeren;Initiate,inišiit, nieuw …; nieuweling, ingewijde; verb. (inišieit), inleiden, in de eerste beginselen onderrichten, inwijden;Negotiations on the linesinitiatedat Bloemfontein= onderhandelingen in de lijn der voorloopige besprekingen te B; subst.Initiation;Initiative= inleidend; subst. eerste stap, begin, initiatief:Totake the initiative in;Initiatory= inleidend, inwijdend.Inject,indžekt, inspuiten, inbrengen; subst.Injection:Inject-cock= injector;Inject-pipe;Inject-syringe= injectiespuitje;Injector= injector.Injudicious,indžudišəs, onoordeelkundig, onverstandig; subst.Injudiciousness.Injunct,indžɐŋkt, uitdrukkelijk verbieden, inscherpen;Injunction= opdracht, bevel, rechterlijk verbod:Togive strict injunctions to=Tolay strong injunctions upon a person= iemand op het hart binden.Injure,inžə, onrecht doen, verongelijken, krenken, benadeelen, kwetsen;Injurer;Injurious,indžûriəs, nadeelig, schadelijk, krenkend; subst.Injuriousness;Injury,inžəri, onrecht, schade, beleediging, krenking, verwonding:He is detained by aninjury to his leg= door eene wond aan zijn been.Injustice,indžɐstis, onrecht(vaardigheid).Ink,iŋk, subst. inkt;Inkverb. zwart maken, met inkt besmeren;Ink-bag= inktblaas (bij visschen);Ink-blot= vlek;Ink-bottle= inktflesch;Ink-eraser= inktgomelastiek;Ink-fish= inktvisch;Ink-holder= reservoir;Ink-lines= gelinieerd blad;Ink-slinger= broodschrijver, journalist (Amer.);Inkstand= inktkoker, inktstel;Ink-stone= inktsteen;Inkiness= inktachtigheid, zwartheid;Inking:Inking-ball= drukbal;Inking-pad= inktkussen;Inky= inktachtig, zwart;Inkyburn= de Hel:I wished him at Inkyburn= ik wou, dat hij op de Mookerhei zat.Inkle,iŋk’l, breed lint, soort sajet.Inkling,iŋkliŋ, wenk, flauw idee (van):Hehas an inkling of it= hij weet er iets van;I gathered an inkling of their project= kreeg er de lucht van.Inknit,in-nit, inbreien, vastmaken.Inknot,in-not, met een knoop vastmaken.[277]Inland,inland, binnenlandsch:Inland duty= accijns;Inland navigation= binnenscheepvaart;Inland revenue= binnenlandsche rechten;Inland sea= binnenzee;Inland town= landstad, binnenl. stad.Inlay,inlei,inlei, subst. mozaïek, fineerhout;Inlayverb.inlei, inleggen, met mozaïek versieren;Inlaid,inleid; predikatief:inleid:Amother-of-pearl inlaiddesk= met paarlemoer ingelegde.Inlet,inlet, ingang, baai, inham.Inly,inli, innerlijk:Man’s conscience is aninly-written law= innerlijke, in zijn binnenste geschreven;Hechuckled inly= lachte in zich zelf.Inmate,inmeit, medebewoner, huisgenoot, bewoner:The carriage was crumbled up, andmost of the inmateskilled= inzittenden.Inmost,inmoust, binnenste, geheimste.Inn,in, subst. herberg; college van rechtsgeleerden en studenten:Inns of Chancery= opleidingsschool voor de studenten in de rechten (in vroeger tijd);Inns of Court= 4 colleges:InnerenMiddle Temple,Lincoln’s enGray’s Inn, waar de aanstaande juristen hunne opleiding totbarristerontvangen, examens afleggen en later vaak hunne bureau’s (Chambers) hebben;Inn-keeper= herbergier.Innate,in-neit,in-neit,ineit, in- of aangeboren:Innate ideas= aangeboren begrippen; subst.Innateness.Inner,inə, meer naar binnen gelegen, innerlijk, binnen …:The inner man= inwendige mensch, maag;The inner office= kantoor van den chef;That’s an inner= een mooi schot;He hasmade an inner= hij heeft in de roos (behalve de “witte”) geschoten;Innermost= binnenste.Innervate,inɐ̂veit, prikkelen;Innervation= zenuwprikkeling (versterking);Innerve= sterken.Inning,iniŋ:Innings= aangeslibd land; beurt om te spelen (bij het cricket), gelegenheid, kans:Tohave one’s innings= “aan slag” zijn (fig.);Hehad a long innings= prachtige gelegenheid.Innocence,inəsens, onschuld, onnoozelheid;Innocent= onschuldig; Innocentius:You needn’tdo the innocent with me= je van den domme houden;Massacre of the Innocents=Innocents’ Day= 28 December (ZieMatth. II, 16).Innocuous,in-nokjuəs, onschadelijk; subst.Innocuousness.Innominate,in-nominit, naamloos:Innominate bone= schaambeen.Innovate,inəveit, nieuwigheden invoeren, veranderingen aanbrengen; subst.Innovation;Innovative= verzot op ’t invoeren van nieuwigheden;Innovator.Innoxious,in-nokšəs, onschadelijk; subst.Innoxiousness.Innuendo,injuendou, wenk, (hatelijke) toespeling.Innumerability,in-njumərəbiliti, subst. v.Innumerable,in-njûmərəb’l, ontelbaar, talloos =Innumerous.Innutritious,injutrišəs, niet voedzaam= Innutrative.Inobservance,inobzɐ̂v’ns,Inobservancy, subst. v.Inobservant,inobzɐ̂v’nt, achteloos.Inoccupation,inokjupeiš’n, gebrek aan bezigheid, werkeloosheid.Inoculate,inokjuleit, enten, inenten; subst. Inocculation.Inoffensive,inofensiv, onschadelijk, argeloos; subst.Inoffensiveness.Inoperative,inopərətiv, zonder uitwerking.Inopportune,inopətjûn, ongelegen, ontijdig; subst.Inopportunity.Inordinate,inödinit, ongeregeld, buitensporig:Tokeep inordinate hours= ongeregeld opstaan en te bed gaan.Inorganic(al),inöganik(’l), onbewerktuigd.Inosculate,inos’kjuleit, inmonden van aderen; nauw verbinden; in nauw verband staan.In-patient,in-peiš’nt, verpleegde (in een hospitaal, etc.).Inquest,inkwest, onderzoek:Coroner’s inquest= gerechtelijke lijkschouwing.Inquietude,inkwaiitjûd, ongerustheid.Inquire,inkwaiə, vragen, onderzoeken:Inquire after him= informeer naar;Heinquired intothe matter= onderzocht;Inquire within= informatiën hier te verkrijgen;Inquirer;Inquiring look= vorschende, vragende blik;Inquiry,inkwairi, vraag, onderzoek, navraag:Writ of Inquiry= rechterlijk bevel ter vaststelling van het bedrag eener schadeloosstelling;Tomake inquiries= onderzoek doen;Inquiry-office= informatiebureau;Inquisition,inkwiziš’n, onderzoek, inquisitie, gerechtelijk onderzoek;Inquisitive,inkwizitiv, onderzoekend, nieuwsgierig; subst.Inquisitiveness;Inquisitor,inkwizitə, rechter met het onderzoek belast, inquisiteur;Inquisitorial,inkwizitôriəl, streng onderzoekend, tot de inquisitie behoorende.Inroad,inroud, vijandelijke inval, inbreuk:Tomake an inroad upon= inbreuk maken op.Inrush,inrɐš, inval, binnendringen.Insalubrious,insəl(j)ûbriəs, ongezond; subst.Insalubrity,insəl(j)ûbriti.Insane,insein, krankzinnig, dol; subst.Insaneness=Insanity,insaniti.Insatiability,inseišəbiliti, subst. v.Insatiable,inseišəb’l, onverzadelijk;Insatiate,inseišit, onverzadelijk, onverzadigd.Inscribe,inskraib, opschrijven, graveeren, opdragen, wijden, inprenten (Inscribe on the memory), beschrijven;Inscriber;Inscription= opschrift, opdracht, onderschrift;Inscriptive= van een opschrift voorzien.Inscrutability,inskrutəbiliti, subst. v.Inscrutable,inskrûtəb’l, onnaspeurlijk; subst.Inscrutableness.Insect,insekt, subst. insect; adj. als van een insect, klein, verachtelijk:Insect-powder;Insecticide,insektisaid, praeparaat om insecten te dooden;Insectivora,insektivərə, insecten-etenden;Insectivorous,insektivərɐs, insectenetend.Insecure,insəkjûə, onveilig; subst.Insecurity,insəkjûriti.Insensate,insensit, gevoelloos, zinneloos, onzinnig.[278]Insensibility,insensibiliti, subst. v.Insensible,insensib’l, onmerkbaar, ongevoelig, niet bewust, onverschillig, bewusteloos:Insensible of danger,Insensible of pain,Insensible to shame;Insensibly= onmerkbaar, langzamerhand;Insensitive= ongevoelig (to);Insensient= gevoelloos.Inseparability,insepərəbiliti, subst. v.Inseparable,insepərəb’l, onscheidbaar, onafscheidelijk; subst.Inseparableness;Inseparate= onscheidbaar (from).Insert,insɐ̂t, opnemen, invoegen;Insertion,insɐ̂š’n, plaatsing of opneming (Amer.=Insert), inlassching, tusschenzetsel.Inset,inset, inzetten, inleggen;Inset= het ingezette, ingezet blad.Insheathe,inšîdh, in de scheede steken.Inshore,inšö, nabij of aan de kust, naar de kust toe.Inside,insaid,insaid, subst. binnenkant, binnenste, inhoud, passagier binnenin; adj.insaid, aan den binnenkant, inwendig, binnen:Toturn inside out= binnenste buiten;Inside callipers= bolpasser;Insider,insaidə, ingewijde.Insidious,insidjəs, verraderlijk, sluw, arglistig; subst.Insidiousness.Insight,insait, inzicht, begrip.Insignia,insigniə, onderscheidingsteekenen.Insignificance, Insignificancy,insignifik’ns(i), onbeteekenendheid; adj.Insignificant.Insincere,insinsîə, onoprecht, huichelachtig; subst.Insincerity,insinseriti.Insinuate,insinjueit, zich ongemerkt indringen, ongemerkt voeren of plaatsen tusschen (among), bedekt te kennen geven, kronkelen:They insinuated the pony among carts and baskets;Sheinsinuated herself into her mother’s favour;Insinuating,insinjueitiŋ, kronkelend, inpakkend, vleierig;Insinuation= vleiendop- ofindringen; insinuatie;Insinuative= insinueerend, inpakkend;Insinuator.Insipid,insipid, laf, smakeloos; subst.Insipidity,insipiditi.Insist,insist, aandringen, staan op, blijven bij:This need hardly beinsisted on= hierover behoeven we niet uit te weiden;Insistence(Insistance) = halstarrigheid, aandrang; adj.Insistent.Insnare,insnêə, verstrikken, verleiden;Insnarer.Insobriety,insəbraiiti, onmatigheid.Insociable,insoušəb’l, ongezellig.Insolence,insəlens, onbeschaamdheid; adj.Insolent.Insolubility,insoljubiliti, subst. v.Insoluble,insoljub’l, onoplosbaar, onverklaarbaar.Insolvency,insolv’nsi, staat van onvermogen;Insolvent,insolv’nt, subst. en adj. onvermogend(e), insolvent.Insomnia,insomniə, slapeloosheid.Insomuch,insoumɐtš, voor zooverre, zóó dat.Inspan,inspan, aanspannen (Transvaal).Inspect,inspekt, inspecteeren, het opzicht houden over;Inspection,inspekš’n, nauwkeurig onderzoek, opzicht:For your kind inspection= ter inzage;Inspector= inspecteur;Inspectorate=Inspectorship= opzienerschap, inspectie (-district).Inspiration,inspireiš’n, inademing, ingeving, inspiratie;Inspirational= geinspireerd, inspireerend;Inspirationist= iemand die gelooft dat ieder woord van den Bijbel door den H. Geest is ingegeven;Inspiratory,inspairətəri,inspirətəri:Inspiratory muscle= longspier;Inspire,inspaiə, inademen, ingeven, inboezemen, bezielen.Inspirit,inspirit, bezielen, geest en leven mededeelen, opwekken, moed geven.Inspissate,inspisit, adj. verdikt;Inspissateverb. (inspiseit,inspiseit), verdikken, indampen; dik worden; subst.Inspissation.Instability,instəbiliti, onbestendigheid, wankelmoedigheid.Install,instôl, met een ambt bekleeden, installeeren;Installation= installatie;Installment= installatie, afdoening, termijn (van betaling), gedeelte:They bought a pianoon the installment plan= op afbetaling in termijnen;The article will be insertedin installments= bij gedeelten.Instance,inst’ns, subst. aandrang, verzoek, instantie, geval, voorbeeld;Instanceverb. een voorbeeld aanhalen of geven:At the instance of= op aandrang van;He resignedat the instance ofpopular clamour= op den krachtigen aandrang der volksstem;For instance= bij voorbeeld;It was a kind thoughtin the first instance= in de eerste plaats;Instant,inst’nt, loopend, dadelijk, dringend; subst. oogenblik;The fifth inst(ant)= de 5de dezer;This instant,On the instant= dadelijk;Instantaneous,inst’nteinjəs, oogenblikkelijk, in een oogenblik, moment - -; subst.Instantaneousness;Instanter,instantə, dadelijk, onmiddellijk;Instantly= dadelijk:We expect itinstantly= elk oogenblik.Instate,insteit, aanstellen, plaatsen.Instauration,instôreiš’n, hernieuwing, herstelling.Instead of,instedəv, in plaats van.Instep,instep, wreef (van den voet):Tobe (To go) high in the instep= den neus in den wind steken.Instigate,instigeit, aansporen, aanzetten, ophitsen; subst.Instigation:Under the instigation of= op aansporing van;Instigator,instigeitə, aanzetter, ophitser.Instil,instil, indruppelen, langzamerhand inprenten; subst.Instillation=Instilment.Instinct,instiŋkt, subst. natuurdrift; adj. (instiŋkt), bezield, doordrongen van, vol:Instinct with life;Instinctive,instiŋktiv, instinctmatig, spontaan.Institute,institjût, subst. instelling, wet, genootschap(sgebouw), (wets)instituut;Instituteverb. instellen, stichten, vaststellen, beginnen, aanstellen:An inquiry wasinstituted into (as to)his actions= ingesteld;Institution,institjûš’n, instelling, aanstelling, wet, stichting, genootschap(sgebouw);Institutional= instellend, vastgesteld, elementair;Institutor,institjûtə, insteller, oprichter:Institutor of law= wetgever.Instruct,instrɐkt, onderwijzen, leeren, instrueeren, last geven:To instruct national opinion= opvoeden;He wasinstructed out[279]= hij werd op hooger last uit zijn ambt ontslagen (Amer.);Instruction= onderwijs, bevel, last;Instructional= onderwijs - -, opvoedings;Instructive= onderwijzend, leerzaam; subst.Instructiveness;Instructor, onderwijzer, instructeur; vr.Instructress.Instrument,instrument, werktuig, instrument (ookfig.), middel, gereedschap, stuk, document, oorkonde;Instrumentverb.instrument, instrumenteeren;Instrumental,instrument’l, instrumentaal; dienstbaar, bevorderlijk voor:That will beinstrumental toyour welfare= zal strekken tot;Instrumentality= bemiddeling, werktuig, middel:By the instrumentality of= door middel van;Instrumentary,instrumentəri=Instrumental;Instrumentation= arrangement, instrumenteering;Instrumentoon,instrum’ntûn, kwispeldoor (Amer.).Insubordinate,insəbödinit, weerspannig, oproerig; subst.Insubordination.Insuccess,insəkses:Methods, receivedwith conspicuous insuccess= waarmee men absoluut geen succes had.Insufferable,insɐfərəb’l, onverdragelijk.Insufficiency,insəfiš’nsi, ongenoegzaamheid, onbekwaamheid; adj.Insufficient.Insufflation,insəfleiš’n, inblazing, opgeblazenheid;Insufflator= inblaasapparaat.Insular,insiulə, van een eiland, geisoleerd, bekrompen; subst.Insularism=Insularity,insiulariti.Insulate,insiuleit, afzonderen, isoleeren (ook in natuurk. zin):Insulating-stool(electr.);Theinsulationof overhead wires= het isoleeren van;Insulator,insiuleitə, isolator.Insult,insɐlt, beleediging, hoon.Insult,insɐlt, beleedigen, honen;Insulter.Insuperability,insiupərəbiliti, subst. v.Insuperable,insiûpərəb’l, onoverkomelijk; subst.Insuperableness.Insupportable,insəpötəb’l, on(ver)dragelijk; subst.Insupportableness.Insuppressible,insəpresib’l, niet te onderdrukken.Insurable,inšûrəb’l, verzekerbaar;Insurance,inšûr’ns, verzekering (in ’t algemeen; op het leven ook welassurance), assurantie:Toeffect(Tomake)an insurance= een verzekering sluiten;Accident insurance= verzekering tegen ongevallen;Fire, Hailstorm, Life, Live Stock, Marine, Sanitary insurance= verzek. tegen brand, hagelslag, levensverzek., veeverzek., zeeassurantie, verz. tegen ziekte en invaliditeit;Insurance-agent;Insurance-broker= assuradeur;Insurance-company= verzekeringsmaatschappij;Insurance-money= verzekeringspremie;Insurance-office= assurantiekantoor;Insurance-policy= assurantiepolis;Insure,inšûə, verzekeren:I insured my voyage out and home= heb mij voor de heen- en terugreis verzekerd;Insured:Theinsured party=Party insured= de verzekerde;Insurer= verzekeraar.Insurgence, -cy,insɐ̂dž’ns(i), opstand;Insurgent,insɐ̂dž’nt, subst. en adj. oproermaker, oproerig.Insurmountable,insəmauntəb’l, onoverkomelijk; subst.Insurmountableness.Insurrection,insərekš’n, opstand, muiterij:Theyrose (were roused) in insurrection againsttheir lawful prince= kwamen in (werden gebracht tot) opstand tegen; adj.Insurrectional=Insurrectionary;Insurrectionist=Insurgent.Insusceptibility,insəseptibiliti, subst. v.Insusceptible,insəseptib’l, onvatbaar (voor indrukken).Intact,intakt, onaangeroerd, ongeschonden.Intaglio,intaljou,intâljou, subst. gegraveerde edelsteen, tegenoverCameo(die in relief is gesneden).Intake,inteik, inham, vernauwing, insnoering.Intangibility,intandžibiliti, subst. v.Intangible,intanžib’l, onvoelbaar, ontastbaar.Integer,intədžə, het geheel, geheel getal;Integral,intəgr’l, subst. geheel getal, integraal; adj. geheel, volledig, ongeschonden, integraal …;Integrant,intəgr’nt, deel van een geheel vormend, integreerend:Integrant parts= samenstellende deelen;Integrate,intəgreit, het geheel aanwijzen, de integraal vinden van; subst.Integration.Integrity,integriti, oprechtheid, braafheid, onverdorvenheid, volledigheid.Integument,integjument, vlies, vel, huid; adj.Integumental=Integumentary.Intellect,intəlekt, verstandelijk vermogen; ontwikkeling, de ontwikkelden:Intellects= verstand:Disordered in his intellects;Intellective,intəlektiv, verstandelijk;Intellectual,intəlektjuəl, verstands …, intellectueel:Intellectual powers= verstandelijke vermogens;Intellectalism,intəlektjuəlizm, de leer dat alle kennis van de zuivere rede komt, rede-overschatting;Intellectuality= verstandelijk vermogen.Intelligence,intelidžens, verstand, oordeel, begrip, verkregen kennis, vlugheid v. begrip; bericht, inlichting, nieuws:A wink of intelligence= knipoogje van verstandhouding;Intelligence department= informatie-departement (-bureau);Intelligence-office= informatiebureau, adreskantoor;Intelligent,intelidžent, verstandig, vlug v. geest, intelligent;Intelligibility,intelidžibiliti, begrijpelijkheid, duidelijkheid; adj.Intelligible.Intemperance,intempər’ns, onmatigheid, overdaad;Intemperate,intempərit, onmatig, te buiten gaande; guur, ruw.Intend,intend, zich voornemen, van plan zijn, bedoelen, bestemmen:He isintended forthe church= zal predikant worden;I intend to leave (leaving)at four= ben van plan;She isintended to marryhim= zij is voor hem bestemd;He isnot intended to listen= niet van plan;Intended= subst. en adj. verloofd(e).Intendancy,intend’nsi, intendance;Intendant= intendant.Intense,intens, krachtig, ingespannen, hevig, geweldig, bovenmate; subst.Intenseness;Intensification= versterking, verhooging;Intensifier= versterker;Intensify,intensifai, verhoogen, versterken.Intension,intenš’n, spanning, intensiteit;Intensity,intensiti, intensiteit, kracht, hevigheid;Intensive,intensiv, versterkend, intensief:Intensive cultivation.Intent,intent, subst. plan, voornemen, bedoeling:He is the right manto all intents[280]and purposes= in alle opzichten, inderdaad;To the intent that= opdat (veroud.);He isintent onhis work= ijverig bij, vervuld van zijn werk;He lookedintentlyat me= opmerkzaam;Intention= voornemen, doel, bedoeling, einde:By the first intention= snel;Intentional= met een bepaald oogmerk;A well-intentioned man= met goede bedoelingen;Intentness= gespannen opmerkzaamheid, ijver.Inter,intɐ̂, ter aarde bestellen, begraven;Interment= teraardebestelling.Inter,intə, in samenstellingen: tusschen in:Inter alia, (intəreiljə) = o.a.Interact,intərakt, subst. tusschenbedrijf, tusschenwerk;Interactverb.intərakt, wederzijds werken op;Interactaction= wisselwerking.Interbreed,intəbrîd, kruisen van dieren of planten.Intercalate,intɐ̂kəleit, inlasschen, inschuiven (van een dag, b.v.);Intercalary= ingelascht:Intercalary day;Intercalation= inlassching.Intercede,intəsîd, tusschenbeide komen, pleiten, voorspreken;Interceder.Intercept,intəsept, onderscheppen, tegenhouden, verbreken, afsnijden, versperren, afbreuk doen aan:Tointercept the trade; subst.Interception.Intercession,intəseš’n, voorspraak, tusschenkomst, bemiddeling:Tomake intercession to a person for; adj.Intercessional:Intercessor,intəsesə, middelaar, tusschenpersoon:Intercessiony= bemiddelend.Interchange,intətšeinž, subst. ruil, wisseling, ruilhandel, afwisseling;Interchangeverb.intətšeinž, wisselen, ruilen, ruilhandel drijven, afwisselen; subst.Interchangeability, adj.Interchangeable= verwisselbaar, afwisselend.Intercolonial,intəkəlounj’l, interkoloniaal, tusschen de koloniën onderling.Intercommunicate,intəkəmjûnikeit, onderling gemeenschap hebben, met elkaar verkeeren, meedeelen;Intercommunication, onderling verkeer =Intercommunion;Intercommunity, wederzijdsche mededeeling, gemeenschappelijkheid.Intercourse,intəkös, omgang, verkeer.Intercross,intəkros, onderling kruisen.Intercurrent,intəkɐr’nt, ongeregeld:Intercurrent pulse.Interdependence,intədipend’ns, onderlinge afhankelijkheid; adj.Interdependent.Interdict,intədikt, verbod:Toput an interdict upon= verbieden;Tolay under an interdict.Interdict,intədikt, verbieden:Tointerdict a person from a thing,Tointerdict a person,a thing= iemand uitsluiten van (bijv.kerkelijke gemeenschap), subst.Interdiction; adj.Interdictory.Interest,intərest, belangstelling, belang, voordeel, invloed, aandeel, interest;Interestverb. belang stellen, belang inboezemen, belang hebben, enz.:Idisposed of a third interestin the factory= ik verkocht een derde aandeel;Toattend to a person’s interests= waken voor de belangen;Toexcite a person’s interest= belangstelling wekken;Tohave an interest in= belang hebben bij;Hehas little or no interest= weinig of geen invloed;Most of themlost on interest account,and closed mills= konden hun interest niet goedmaken;Topromote a person’s interests= iemand’s belangen bevorderen;Put out at interest= op interest gezet;Totake an interest in= belangstellen in;Compound,simple interest= samengestelde, enkelvoudige interest;Thecotton (iron, landed, moneyed, shipping) interest= de gezamenlijke katoenspinners (ijzerhandelaars, landeigenaren, geldmannen, reeders);Interest-ticket,Interest-warrant= coupon;Heinterested himself for me= stelde belang in mij, trok zich mijner aan;I aminterested inyour fate= stel belang in;He isinterested inthe matter= heeft belang bij;Interested marriages (marriages of interest)= waarbij andere belangen in het spel zijn dan de liefde;Interesting= belangwekkend.Interfere,intəfîə, tusschenbeide komen, benadeelen, storend werken, interfereeren, aanslaan of strijken (van paarden):Don’tinterfere withme= bemoei u niet;If it does notinterfere withyour plan= niet verstoort;Interference,intəfîr’ns, bemiddeling, bemoeiing, botsing, interferentie;Interferer;Interfering= storend, belemmerend.Interim,intərim, subst. tusschentijd; adj. tijdelijk:In the interim= voorloopig.Interior,intîriə, binnen, inwendig, binnenlandsch; subst. binnenste, binnenland:Department (Secretary) of the Interior= Departement (Minister) v. Binnenlandsche Zaken (Amer.);Interior angle= binnenhoek.Interjacency,intədžeis’nsi, tusschenligging; adj.Interjacent.Interjaculate,intədžakjuleit, aanmerkingen (opmerkingen) tusschenin maken =Tointerject;Interjection= tusschenwerpsel; adj.Interjectional=Interjectionary=Injectory:Interjectionary remarks= tusschenin gemaakte aanmerkingen.Interlace,intəleis, tusschenvlechten, doorheen vlechten; doorvlochten of ineengestrengeld zijn:Interlaced arches= kruisbogen; subst.Interlacement.Interlaminated,intəlamineitid, tusschen twee platen of vlakken gelegen.Interlard,intəlâd, doorspekken, vermengen.Interleaf,intəlîf, doorschoten blad;Tointerleave,intəlîv, doorschieten met wit papier.Interline,intəlain, tusschen (de regels) schrijven;Interlinear,Interlineal,intəlinjə(l), tusschen de regels, interliniair;Interlineation,intəlinieiš’n, plaatsing tusschen de regels, doorhaling en vervanging van woorden.Interlock,intəlok, in elkaar sluiten (-haken, -grijpen).Interlocution,intələkjûš’n, onderhoud;Interlocutor,intəlokjutə, deelnemer aan een gesprek:My interlocutor= de persoon met wien ik spreek;Interlocutory= uit eene samenspraak bestaande; voorloopig.Interlope,intəloup, beunhazen, opjagen der prijzen, zich onbevoegd indringen;Interloper= indringer, beunhaas.Interlude,intəl(j)ûd, tusschenspel, “entre-acte”, intermezzo (ookfig.).[281]Interlunar,intəl(j)ûnə, den tijd van de nieuwe maan betreffende:Interlunar nights.Intermarriage,intəmaridž, onderling huwelijk (tusschen families of stammen);Intermarry,intəmari, onder elkander huwen.Intermaxillary,intəmaksiləri,intəmaksiləri:Intermaxillary bone= tusschenkaaksbeen.Intermeddle,intəmed’l, zich (ongepast) bemoeien met;Intermeddler= bemoeial.Intermediary,intəmîdjəri, tusschenliggend of komend, verbindings - -; subst. agent, tusschenpersoon.Intermediate,intəmîdjit, tusschen(komend of liggend), verbindings - -, indirect:Intermediate cylinder= middelb. druk cylinder;Intermediate education(Intermediate schools) = middelbaar onderwijs (hoogere burgerscholen);Intermediate person= tusschenpersoon.Interminable,intɐ̂minəb’l, oneindig, vervelend, gerekt; subst.Interminableness.Intermingle,intəmiŋg’l, (zich) onderling vermengen.Intermission,intəmiš’n, tusschenpoos, onderbreking;Intermissive.Intermit,intəmit, tijdelijk afbreken, ophouden, verpoozen;Intermittence,Intermittency= onderbreking;Intermittent fever= intermitteerende koorts =Intermitting fever.Intermix,intəmiks, onder elkander mengen;Intermixture= mengsel, dooreenmenging.Intermural,intəmjûr’l, tusschen de muren.Intermuscular,intəmɐskjulə, tusschen de spieren.Intern,intɐ̂n, interneeren, waren naar het binnenland zenden (Amer.);Internal= innerlijk, inwendig, inlandsch;Internation= zending naar het binnenland;Internment= interneering.International,intənašən’l, subst. “de Internationale” Zie:Internationalistadj, internationaal:International law= volkenrecht;Internationalism= internationalisme;Internationalist, subst. lid van de “Internationale”, soc. arbeidersvereenig. opgericht te Londen in 1864; adj. tot de “I” behoorende;Internationalize= internationaal maken.Internecine,intənîs(a)in, moorddadig, verdelgings-:Internecine war.Internodal,intənoud’l, tusschen twee knoopen of geledingen;Internode,intənoud, lid of been tusschen twee knoopen of geledingen.Internuncius,intənɐnšəs, pauselijk vertegenwoordiger.Interoceanic,intəroušianik, tusschen twee oceanen.Interosseal,intərosiəl, tusschen de beenderen gelegen =Interosseous.Interpellant,intəpel’nt, in de rede vallend; interpellant;Interpellate,intəpeleit, interpelleeren;Interpellation= interpellatie.Interplead,intəplîd, met iemand over eigendomsrecht procedeeren.Interpolate,intɐ̂pəleit, inschuiven, tusschenvoegen, interpoleeren;Interpolator;Interpolation= interpolatie.Interpose,intəpouz, tusschenplaatsen, (zich) opdringen, in de rede vallen, tusschen beide komen, in ’t voorbijgaan opmerken:They didn’tinterpose inher management, or interfere in the choice of servants= zij bemoeiden zich niet met;Tointerpose appeal= appèl aanteekenen;Interposer;Interposition,intəpəziš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Interpret,intɐ̂prət, verklaren, vertalen, vertolken;Interpreter= tolk, uitlegger:Student interpreter= leerling tolk;Interpretation,intəpriteiš’n, vertolking, verklaring.Interregnum,intəregn’m, tusschenregeering.Interrogate,interəgeit, (onder)vragen; subst.Interrogation;Interrogative,intərogətiv, subst. en adj. vragend (voornaamwoord);Interrogator,interəgeitə, (onder)vrager, interpellant;Interrogatory,intərogətəri, vragend; subst. verhoor, schriftelijke vraag.Interrupt,intərɐpt, in de rede vallen, afbreken, storen;Interrupter;Interruption= onderbreking, storing, pauze; adj.Interruptive.Interscapular,intəskapjulə, tusschen de schouderbladen.Intersect,intəsekt, (door)snijden, (door)kruisen;Intersection= doorsnede, snijpunt, kruispunt.Interspace,intəspeis, tusschenruimte;Interspaceverb.intəspeis, tusschenruimte overlaten of aanvullen, innemen.Intersperse,intəspɐ̂s, overal verspreiden, (rond)strooien.Interstice,intɐ̂stis,intəstis, tusschenruimte; adj.Interstitial,intəstiš’l.Intertropical,intətropik’l, tusschen de tropen of keerkringen.Intertwine,intətwain, dooreenvlechten; subst.Intertwinement.Intertwist,intətwist= Intertwine.Interval,intəv’l, tusschenruimte(-tijd), interval, pauze, vlakke grond tusschen heuvels (ookintervalegespeld;Amer.):At intervals= van tijd tot tijd.Interveined,intəveind, geaderd.Intervene,intəvîn, liggen tusschen, tusschenbeide komen, storen;Intervention,intəvenš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Intervertebral,intəvɐ̂təbr’l, tusschen de wervels.Interview,intəvjû, subst. samenkomst, gesprek, formeel bezoek van een dagbladcorrespondent aan een bekend persoon om hem op onderscheidene punten te hooren;Interviewverb. formeel bezoeken om ingelicht te worden;Interviewer.Interweave,intəwîv, dooréénweven.Intestacy,intestəsi, afwezigheid van een testament;Intestate,intestit, zonder testament overleden, niet bij testament vermaakt; subst. persoon, die zonder testament gestorven is.Intestinal,intestin’l, tot de ingewanden behoorende; darm …;Intestine,intestin, inwendig, binnenlandsch:Intestine war= burgeroorlog;Intestines= darmen, ingewanden.Inthral,inthrôl, tot slavernij brengen, insluiten.Intimacy,intiməsi, gemeenzaamheid, vertrouwelijkheid;Intimate,intimit, adj. gemeenzaam, vertrouwelijk; subst. boezemvriend(in);[282]Intimateverb. (intimeit) vertrouwelijk mededeelen, te kennen geven;Intimation,intimeiš’n, kennisgeving, wenk:Intimation of death= kennisgeving van overlijden.Intimidate,intimideit, vrees aanjagen, ontmoedigen, beangst maken; subst.Intimidation; adj.Intimidatory.Intimity,intimiti, intimiteit.Intitulation,intitjuleiš’n, subst. v.Intitule,intitjûl, betitelen.Into,intu, in (drukt “richting” uit):He waslaughed into good humouragain= door lachen werd zijn goed humeur hersteld;Let melook intoit= laat mij het eens onderzoeken, inzien;This roomlooks intothe garden= ziet uit op;Hereasoned them into courage= hij wist door zijne woorden hun moed te doen herleven;You aresitting well into the fire= je zit haast bovenop het vuur.Intolerability,intolərəbiliti, subst. v.Intolerable,intolərəb’l, onduldbaar, onverdragelijk; subst.Intolerableness.Intolerance,intolər’ns, onverdraagzaamheid, niet in staat zijn te verdragen; adj.Intolerant,intolər’nt, ook subst.Intonate,intəneit, intoneeren, aanheffen;Intonation,intouneiš’n, aanhef, intonatie, toongeving;Intone= aanheffen, intoneeren, zingen (v. kerkgezangen).Intoxicant,intoksik’nt, dronken makend, bedwelmend(e drank);Intoxicate,intoksikeit, dronken maken, opwinden, dol maken;Intoxication, dronkenschap.Intractability,intraktəbiliti, subst. v.Intractable,intraktəb’l, onhandelbaar, weerspannig; subst.Intractableness.Intramural,intrəmjûr’l, binnen de muren.Intranquillity,intraŋkwiliti, ongerustheid.Intransitive,intransitiv, onovergankelijk.Intransmissible,intransmisib’l, wat niet overgedragen kan worden.Intrench,intrenš, met loopgraven omringen, verschansen;Intrenchment= verschansing.Intrepid,intrepid, onverschrokken, onversaagd; subst.Intrepidity,intrəpiditi.Intricacy,intrikəsi, ingewikkeldheid, neteligheid;Intricate,intrikit, ingewikkeld, netelig, duister; subst.Intricateness.Intrig(u)ant,intrigənt, intrigant;Intrig(u)ante,intrigant,intrigant, intrigante.Intrigue,intrîg, subst. kuiperij, intrigue;Intrigueverb. kuipen, intrigeeren:He isan intriguer, an intriguing fellow= een kuiper of intrigant.Intrinsic(al),intrinsik(’l), innerlijk, eigen, echt.Introcession,intrəseš’n, verzakking (Med.).Introduce,intrədjûs, inleiden, invoeren, inlasschen, bekend maken, voorstellen; subst.Introduction,intrədɐkš’n:Letter of introduction= aanbevelingsbrief;Hemade some introductory (introductive) remarks= eenige inleidende opmerkingen.Introit,introu-it, introïtus, woorden gezongen of opgezegd bij den aanvang der mis.Intromission,intrəmiš’n, invoeging, toelating;—verb.Intromit,intrəmit.Introspection,intrəspekš’n, zelfonderzoek;Introspective,intrəspektiv, bespiegelend.Introversion,intrəvɐ̂š’n, naar binnen wenden of gekeerd zijn; adj.Introversive;Introvert,intrəvɐ̂t, naar binnen wenden:AnIntroverted nature= eenzelvige aard.Intrude,intrûd, zich indringen, lastig vallen, zich opdringen:I hope Ido not intrude= niet ongelegen kom;Heintruded himself uponthe minister= drong zich op aan;Intruder;Intrusion,intrûž’n, indringing, het lastig vallen, onrechtmatige bezitneming van onbeheerd goed;Intrusive,intrûsiv, opdringend; subst.Intrusiveness.Intrust,intrɐst, toevertrouwen:Heintrusted me withhis secret,Heintrusted his secret to me= vertrouwde mij toe.Intuition,intjuiš’n, intuitie, innerlijke aanschouwing, niet op waargenomen feiten berustend;Intuitive,intjûitiv, innerlijk aanschouwend, intuitief.Intumesce,intjumes, opzwellen, uitzetten;Intumescence= opzwelling, gezwel; adj.Intumescent.Intussusception,intəsəsepš’n, opneming en inschuiving van het eene stuk of deel in een ander.Intwine,intwain,Intwist,intwist, samenvlechten, ineenvlechten.Inundate,inəndeit,inɐndeit, overstroomen;Inundation= overstrooming; overvloed.Inure,injûə, gewennen, harden, tot eene gewoonte worden; ten goede komen (metto).Inurn,inɐ̂n, in eeneurnverzamelen, bijzetten.Inutility,injutiliti, nutteloosheid.Inutterable,inɐtərəb’l, onuitsprekelijk.Invade,inveid, invallen, inbreuk maken op, schenden;Invader.Invalid,invalid, krachteloos, ongeldig, van geen waarde;Invalid,invəlîd,invəlid,invəlîd, subst. zieke, zwakke, invalide; adj. teer, zwak, ziek;Invalidverb. door ziekte aangetast worden, ongeschikt verklaren voor actieven dienst, buiten gevecht stellen:They wereinvalided home= als invalide naar huis gezonden;Invalidate,invalideit, krachteloos of van onwaarde maken, omverwerpen, vernietigen; subst.Invalidation;Invalidism,invəlîdizm,invəlîdizm= invaliditeit;Invalidity,invəliditi= ongeldigheid, krachteloosheid, invaliditeit.Invaluable,invaljuəb’l, onschatbaar.Invariability,invêriəbiliti, subst. v.Invariable,invêriəb’l, onveranderlijk, standvastig.Invasion,inveiž’n, inval, inbreuk, schending; adj.Invasive.Invective,invektiv, subst. smaadrede, scheldwoord, scherpe aanval; adj. stekelig, smadelijk, satirisch.Inveigh,invei, uitvaren;Inveigher.Inveigle,invîg’l, verlokken, verleiden, in de val lokken; subst.Inveiglement;Inveigler.Invent,invent, uitvinden, verdichten, verzinnen;Invention= uitvinding, ontdekking, verzinsel, plannetje:Pure invention= een grove leugen;The inventions= Tentoonstelling der uitvindingen (1885);Inventive= vindingrijk; subst.Inventiveness;Inventor= uitvinder, bedenker; vr.Inventress.[283]Inventory,invəntəri, subst. inventaris, lijst;Inventoryverb. inventariseeren.Inveraray,invərêri;Inverness,invənes.Inverse,invâs,invâs, omgekeerd; subst. omkeering:Inverse proportion= omgekeerde verhouding of reden;The father’s influence variedinverselyas the age of the son= in omgekeerde reden tot;Inversion,invɐ̂š’n, omkeering, omzetting (van woorden in een zin); adj.Inversive.Invert,invât, onderstboven keeren, omzetten:Inverted commas= aanhalingsteekens.Invertebrata,invɐ̂tibreitə, ongewervelde dieren;Invertebrate,invɐ̂tibrit, ongewerveld; slap (fig.); subst. ongewerveld dier, zwakkeling;Invertebrated= ongewerveld.
Iniquitous,inikwitɐs, zondig, onrechtvaardig;Iniquity,inikwiti, ongerechtigheid, onrechtvaardigheid, zonde, misdaad.Inirritability,iniritəbiliti, subst v.Inirritable,iniritəb’l, ongevoelig.Initial,iniš’l, beginnend, eerste, voorste; subst. beginletter, vóórletter;Initialverb. met zijn initialen teekenen (borduren), parafeeren;Initiate,inišiit, nieuw …; nieuweling, ingewijde; verb. (inišieit), inleiden, in de eerste beginselen onderrichten, inwijden;Negotiations on the linesinitiatedat Bloemfontein= onderhandelingen in de lijn der voorloopige besprekingen te B; subst.Initiation;Initiative= inleidend; subst. eerste stap, begin, initiatief:Totake the initiative in;Initiatory= inleidend, inwijdend.Inject,indžekt, inspuiten, inbrengen; subst.Injection:Inject-cock= injector;Inject-pipe;Inject-syringe= injectiespuitje;Injector= injector.Injudicious,indžudišəs, onoordeelkundig, onverstandig; subst.Injudiciousness.Injunct,indžɐŋkt, uitdrukkelijk verbieden, inscherpen;Injunction= opdracht, bevel, rechterlijk verbod:Togive strict injunctions to=Tolay strong injunctions upon a person= iemand op het hart binden.Injure,inžə, onrecht doen, verongelijken, krenken, benadeelen, kwetsen;Injurer;Injurious,indžûriəs, nadeelig, schadelijk, krenkend; subst.Injuriousness;Injury,inžəri, onrecht, schade, beleediging, krenking, verwonding:He is detained by aninjury to his leg= door eene wond aan zijn been.Injustice,indžɐstis, onrecht(vaardigheid).Ink,iŋk, subst. inkt;Inkverb. zwart maken, met inkt besmeren;Ink-bag= inktblaas (bij visschen);Ink-blot= vlek;Ink-bottle= inktflesch;Ink-eraser= inktgomelastiek;Ink-fish= inktvisch;Ink-holder= reservoir;Ink-lines= gelinieerd blad;Ink-slinger= broodschrijver, journalist (Amer.);Inkstand= inktkoker, inktstel;Ink-stone= inktsteen;Inkiness= inktachtigheid, zwartheid;Inking:Inking-ball= drukbal;Inking-pad= inktkussen;Inky= inktachtig, zwart;Inkyburn= de Hel:I wished him at Inkyburn= ik wou, dat hij op de Mookerhei zat.Inkle,iŋk’l, breed lint, soort sajet.Inkling,iŋkliŋ, wenk, flauw idee (van):Hehas an inkling of it= hij weet er iets van;I gathered an inkling of their project= kreeg er de lucht van.Inknit,in-nit, inbreien, vastmaken.Inknot,in-not, met een knoop vastmaken.[277]Inland,inland, binnenlandsch:Inland duty= accijns;Inland navigation= binnenscheepvaart;Inland revenue= binnenlandsche rechten;Inland sea= binnenzee;Inland town= landstad, binnenl. stad.Inlay,inlei,inlei, subst. mozaïek, fineerhout;Inlayverb.inlei, inleggen, met mozaïek versieren;Inlaid,inleid; predikatief:inleid:Amother-of-pearl inlaiddesk= met paarlemoer ingelegde.Inlet,inlet, ingang, baai, inham.Inly,inli, innerlijk:Man’s conscience is aninly-written law= innerlijke, in zijn binnenste geschreven;Hechuckled inly= lachte in zich zelf.Inmate,inmeit, medebewoner, huisgenoot, bewoner:The carriage was crumbled up, andmost of the inmateskilled= inzittenden.Inmost,inmoust, binnenste, geheimste.Inn,in, subst. herberg; college van rechtsgeleerden en studenten:Inns of Chancery= opleidingsschool voor de studenten in de rechten (in vroeger tijd);Inns of Court= 4 colleges:InnerenMiddle Temple,Lincoln’s enGray’s Inn, waar de aanstaande juristen hunne opleiding totbarristerontvangen, examens afleggen en later vaak hunne bureau’s (Chambers) hebben;Inn-keeper= herbergier.Innate,in-neit,in-neit,ineit, in- of aangeboren:Innate ideas= aangeboren begrippen; subst.Innateness.Inner,inə, meer naar binnen gelegen, innerlijk, binnen …:The inner man= inwendige mensch, maag;The inner office= kantoor van den chef;That’s an inner= een mooi schot;He hasmade an inner= hij heeft in de roos (behalve de “witte”) geschoten;Innermost= binnenste.Innervate,inɐ̂veit, prikkelen;Innervation= zenuwprikkeling (versterking);Innerve= sterken.Inning,iniŋ:Innings= aangeslibd land; beurt om te spelen (bij het cricket), gelegenheid, kans:Tohave one’s innings= “aan slag” zijn (fig.);Hehad a long innings= prachtige gelegenheid.Innocence,inəsens, onschuld, onnoozelheid;Innocent= onschuldig; Innocentius:You needn’tdo the innocent with me= je van den domme houden;Massacre of the Innocents=Innocents’ Day= 28 December (ZieMatth. II, 16).Innocuous,in-nokjuəs, onschadelijk; subst.Innocuousness.Innominate,in-nominit, naamloos:Innominate bone= schaambeen.Innovate,inəveit, nieuwigheden invoeren, veranderingen aanbrengen; subst.Innovation;Innovative= verzot op ’t invoeren van nieuwigheden;Innovator.Innoxious,in-nokšəs, onschadelijk; subst.Innoxiousness.Innuendo,injuendou, wenk, (hatelijke) toespeling.Innumerability,in-njumərəbiliti, subst. v.Innumerable,in-njûmərəb’l, ontelbaar, talloos =Innumerous.Innutritious,injutrišəs, niet voedzaam= Innutrative.Inobservance,inobzɐ̂v’ns,Inobservancy, subst. v.Inobservant,inobzɐ̂v’nt, achteloos.Inoccupation,inokjupeiš’n, gebrek aan bezigheid, werkeloosheid.Inoculate,inokjuleit, enten, inenten; subst. Inocculation.Inoffensive,inofensiv, onschadelijk, argeloos; subst.Inoffensiveness.Inoperative,inopərətiv, zonder uitwerking.Inopportune,inopətjûn, ongelegen, ontijdig; subst.Inopportunity.Inordinate,inödinit, ongeregeld, buitensporig:Tokeep inordinate hours= ongeregeld opstaan en te bed gaan.Inorganic(al),inöganik(’l), onbewerktuigd.Inosculate,inos’kjuleit, inmonden van aderen; nauw verbinden; in nauw verband staan.In-patient,in-peiš’nt, verpleegde (in een hospitaal, etc.).Inquest,inkwest, onderzoek:Coroner’s inquest= gerechtelijke lijkschouwing.Inquietude,inkwaiitjûd, ongerustheid.Inquire,inkwaiə, vragen, onderzoeken:Inquire after him= informeer naar;Heinquired intothe matter= onderzocht;Inquire within= informatiën hier te verkrijgen;Inquirer;Inquiring look= vorschende, vragende blik;Inquiry,inkwairi, vraag, onderzoek, navraag:Writ of Inquiry= rechterlijk bevel ter vaststelling van het bedrag eener schadeloosstelling;Tomake inquiries= onderzoek doen;Inquiry-office= informatiebureau;Inquisition,inkwiziš’n, onderzoek, inquisitie, gerechtelijk onderzoek;Inquisitive,inkwizitiv, onderzoekend, nieuwsgierig; subst.Inquisitiveness;Inquisitor,inkwizitə, rechter met het onderzoek belast, inquisiteur;Inquisitorial,inkwizitôriəl, streng onderzoekend, tot de inquisitie behoorende.Inroad,inroud, vijandelijke inval, inbreuk:Tomake an inroad upon= inbreuk maken op.Inrush,inrɐš, inval, binnendringen.Insalubrious,insəl(j)ûbriəs, ongezond; subst.Insalubrity,insəl(j)ûbriti.Insane,insein, krankzinnig, dol; subst.Insaneness=Insanity,insaniti.Insatiability,inseišəbiliti, subst. v.Insatiable,inseišəb’l, onverzadelijk;Insatiate,inseišit, onverzadelijk, onverzadigd.Inscribe,inskraib, opschrijven, graveeren, opdragen, wijden, inprenten (Inscribe on the memory), beschrijven;Inscriber;Inscription= opschrift, opdracht, onderschrift;Inscriptive= van een opschrift voorzien.Inscrutability,inskrutəbiliti, subst. v.Inscrutable,inskrûtəb’l, onnaspeurlijk; subst.Inscrutableness.Insect,insekt, subst. insect; adj. als van een insect, klein, verachtelijk:Insect-powder;Insecticide,insektisaid, praeparaat om insecten te dooden;Insectivora,insektivərə, insecten-etenden;Insectivorous,insektivərɐs, insectenetend.Insecure,insəkjûə, onveilig; subst.Insecurity,insəkjûriti.Insensate,insensit, gevoelloos, zinneloos, onzinnig.[278]Insensibility,insensibiliti, subst. v.Insensible,insensib’l, onmerkbaar, ongevoelig, niet bewust, onverschillig, bewusteloos:Insensible of danger,Insensible of pain,Insensible to shame;Insensibly= onmerkbaar, langzamerhand;Insensitive= ongevoelig (to);Insensient= gevoelloos.Inseparability,insepərəbiliti, subst. v.Inseparable,insepərəb’l, onscheidbaar, onafscheidelijk; subst.Inseparableness;Inseparate= onscheidbaar (from).Insert,insɐ̂t, opnemen, invoegen;Insertion,insɐ̂š’n, plaatsing of opneming (Amer.=Insert), inlassching, tusschenzetsel.Inset,inset, inzetten, inleggen;Inset= het ingezette, ingezet blad.Insheathe,inšîdh, in de scheede steken.Inshore,inšö, nabij of aan de kust, naar de kust toe.Inside,insaid,insaid, subst. binnenkant, binnenste, inhoud, passagier binnenin; adj.insaid, aan den binnenkant, inwendig, binnen:Toturn inside out= binnenste buiten;Inside callipers= bolpasser;Insider,insaidə, ingewijde.Insidious,insidjəs, verraderlijk, sluw, arglistig; subst.Insidiousness.Insight,insait, inzicht, begrip.Insignia,insigniə, onderscheidingsteekenen.Insignificance, Insignificancy,insignifik’ns(i), onbeteekenendheid; adj.Insignificant.Insincere,insinsîə, onoprecht, huichelachtig; subst.Insincerity,insinseriti.Insinuate,insinjueit, zich ongemerkt indringen, ongemerkt voeren of plaatsen tusschen (among), bedekt te kennen geven, kronkelen:They insinuated the pony among carts and baskets;Sheinsinuated herself into her mother’s favour;Insinuating,insinjueitiŋ, kronkelend, inpakkend, vleierig;Insinuation= vleiendop- ofindringen; insinuatie;Insinuative= insinueerend, inpakkend;Insinuator.Insipid,insipid, laf, smakeloos; subst.Insipidity,insipiditi.Insist,insist, aandringen, staan op, blijven bij:This need hardly beinsisted on= hierover behoeven we niet uit te weiden;Insistence(Insistance) = halstarrigheid, aandrang; adj.Insistent.Insnare,insnêə, verstrikken, verleiden;Insnarer.Insobriety,insəbraiiti, onmatigheid.Insociable,insoušəb’l, ongezellig.Insolence,insəlens, onbeschaamdheid; adj.Insolent.Insolubility,insoljubiliti, subst. v.Insoluble,insoljub’l, onoplosbaar, onverklaarbaar.Insolvency,insolv’nsi, staat van onvermogen;Insolvent,insolv’nt, subst. en adj. onvermogend(e), insolvent.Insomnia,insomniə, slapeloosheid.Insomuch,insoumɐtš, voor zooverre, zóó dat.Inspan,inspan, aanspannen (Transvaal).Inspect,inspekt, inspecteeren, het opzicht houden over;Inspection,inspekš’n, nauwkeurig onderzoek, opzicht:For your kind inspection= ter inzage;Inspector= inspecteur;Inspectorate=Inspectorship= opzienerschap, inspectie (-district).Inspiration,inspireiš’n, inademing, ingeving, inspiratie;Inspirational= geinspireerd, inspireerend;Inspirationist= iemand die gelooft dat ieder woord van den Bijbel door den H. Geest is ingegeven;Inspiratory,inspairətəri,inspirətəri:Inspiratory muscle= longspier;Inspire,inspaiə, inademen, ingeven, inboezemen, bezielen.Inspirit,inspirit, bezielen, geest en leven mededeelen, opwekken, moed geven.Inspissate,inspisit, adj. verdikt;Inspissateverb. (inspiseit,inspiseit), verdikken, indampen; dik worden; subst.Inspissation.Instability,instəbiliti, onbestendigheid, wankelmoedigheid.Install,instôl, met een ambt bekleeden, installeeren;Installation= installatie;Installment= installatie, afdoening, termijn (van betaling), gedeelte:They bought a pianoon the installment plan= op afbetaling in termijnen;The article will be insertedin installments= bij gedeelten.Instance,inst’ns, subst. aandrang, verzoek, instantie, geval, voorbeeld;Instanceverb. een voorbeeld aanhalen of geven:At the instance of= op aandrang van;He resignedat the instance ofpopular clamour= op den krachtigen aandrang der volksstem;For instance= bij voorbeeld;It was a kind thoughtin the first instance= in de eerste plaats;Instant,inst’nt, loopend, dadelijk, dringend; subst. oogenblik;The fifth inst(ant)= de 5de dezer;This instant,On the instant= dadelijk;Instantaneous,inst’nteinjəs, oogenblikkelijk, in een oogenblik, moment - -; subst.Instantaneousness;Instanter,instantə, dadelijk, onmiddellijk;Instantly= dadelijk:We expect itinstantly= elk oogenblik.Instate,insteit, aanstellen, plaatsen.Instauration,instôreiš’n, hernieuwing, herstelling.Instead of,instedəv, in plaats van.Instep,instep, wreef (van den voet):Tobe (To go) high in the instep= den neus in den wind steken.Instigate,instigeit, aansporen, aanzetten, ophitsen; subst.Instigation:Under the instigation of= op aansporing van;Instigator,instigeitə, aanzetter, ophitser.Instil,instil, indruppelen, langzamerhand inprenten; subst.Instillation=Instilment.Instinct,instiŋkt, subst. natuurdrift; adj. (instiŋkt), bezield, doordrongen van, vol:Instinct with life;Instinctive,instiŋktiv, instinctmatig, spontaan.Institute,institjût, subst. instelling, wet, genootschap(sgebouw), (wets)instituut;Instituteverb. instellen, stichten, vaststellen, beginnen, aanstellen:An inquiry wasinstituted into (as to)his actions= ingesteld;Institution,institjûš’n, instelling, aanstelling, wet, stichting, genootschap(sgebouw);Institutional= instellend, vastgesteld, elementair;Institutor,institjûtə, insteller, oprichter:Institutor of law= wetgever.Instruct,instrɐkt, onderwijzen, leeren, instrueeren, last geven:To instruct national opinion= opvoeden;He wasinstructed out[279]= hij werd op hooger last uit zijn ambt ontslagen (Amer.);Instruction= onderwijs, bevel, last;Instructional= onderwijs - -, opvoedings;Instructive= onderwijzend, leerzaam; subst.Instructiveness;Instructor, onderwijzer, instructeur; vr.Instructress.Instrument,instrument, werktuig, instrument (ookfig.), middel, gereedschap, stuk, document, oorkonde;Instrumentverb.instrument, instrumenteeren;Instrumental,instrument’l, instrumentaal; dienstbaar, bevorderlijk voor:That will beinstrumental toyour welfare= zal strekken tot;Instrumentality= bemiddeling, werktuig, middel:By the instrumentality of= door middel van;Instrumentary,instrumentəri=Instrumental;Instrumentation= arrangement, instrumenteering;Instrumentoon,instrum’ntûn, kwispeldoor (Amer.).Insubordinate,insəbödinit, weerspannig, oproerig; subst.Insubordination.Insuccess,insəkses:Methods, receivedwith conspicuous insuccess= waarmee men absoluut geen succes had.Insufferable,insɐfərəb’l, onverdragelijk.Insufficiency,insəfiš’nsi, ongenoegzaamheid, onbekwaamheid; adj.Insufficient.Insufflation,insəfleiš’n, inblazing, opgeblazenheid;Insufflator= inblaasapparaat.Insular,insiulə, van een eiland, geisoleerd, bekrompen; subst.Insularism=Insularity,insiulariti.Insulate,insiuleit, afzonderen, isoleeren (ook in natuurk. zin):Insulating-stool(electr.);Theinsulationof overhead wires= het isoleeren van;Insulator,insiuleitə, isolator.Insult,insɐlt, beleediging, hoon.Insult,insɐlt, beleedigen, honen;Insulter.Insuperability,insiupərəbiliti, subst. v.Insuperable,insiûpərəb’l, onoverkomelijk; subst.Insuperableness.Insupportable,insəpötəb’l, on(ver)dragelijk; subst.Insupportableness.Insuppressible,insəpresib’l, niet te onderdrukken.Insurable,inšûrəb’l, verzekerbaar;Insurance,inšûr’ns, verzekering (in ’t algemeen; op het leven ook welassurance), assurantie:Toeffect(Tomake)an insurance= een verzekering sluiten;Accident insurance= verzekering tegen ongevallen;Fire, Hailstorm, Life, Live Stock, Marine, Sanitary insurance= verzek. tegen brand, hagelslag, levensverzek., veeverzek., zeeassurantie, verz. tegen ziekte en invaliditeit;Insurance-agent;Insurance-broker= assuradeur;Insurance-company= verzekeringsmaatschappij;Insurance-money= verzekeringspremie;Insurance-office= assurantiekantoor;Insurance-policy= assurantiepolis;Insure,inšûə, verzekeren:I insured my voyage out and home= heb mij voor de heen- en terugreis verzekerd;Insured:Theinsured party=Party insured= de verzekerde;Insurer= verzekeraar.Insurgence, -cy,insɐ̂dž’ns(i), opstand;Insurgent,insɐ̂dž’nt, subst. en adj. oproermaker, oproerig.Insurmountable,insəmauntəb’l, onoverkomelijk; subst.Insurmountableness.Insurrection,insərekš’n, opstand, muiterij:Theyrose (were roused) in insurrection againsttheir lawful prince= kwamen in (werden gebracht tot) opstand tegen; adj.Insurrectional=Insurrectionary;Insurrectionist=Insurgent.Insusceptibility,insəseptibiliti, subst. v.Insusceptible,insəseptib’l, onvatbaar (voor indrukken).Intact,intakt, onaangeroerd, ongeschonden.Intaglio,intaljou,intâljou, subst. gegraveerde edelsteen, tegenoverCameo(die in relief is gesneden).Intake,inteik, inham, vernauwing, insnoering.Intangibility,intandžibiliti, subst. v.Intangible,intanžib’l, onvoelbaar, ontastbaar.Integer,intədžə, het geheel, geheel getal;Integral,intəgr’l, subst. geheel getal, integraal; adj. geheel, volledig, ongeschonden, integraal …;Integrant,intəgr’nt, deel van een geheel vormend, integreerend:Integrant parts= samenstellende deelen;Integrate,intəgreit, het geheel aanwijzen, de integraal vinden van; subst.Integration.Integrity,integriti, oprechtheid, braafheid, onverdorvenheid, volledigheid.Integument,integjument, vlies, vel, huid; adj.Integumental=Integumentary.Intellect,intəlekt, verstandelijk vermogen; ontwikkeling, de ontwikkelden:Intellects= verstand:Disordered in his intellects;Intellective,intəlektiv, verstandelijk;Intellectual,intəlektjuəl, verstands …, intellectueel:Intellectual powers= verstandelijke vermogens;Intellectalism,intəlektjuəlizm, de leer dat alle kennis van de zuivere rede komt, rede-overschatting;Intellectuality= verstandelijk vermogen.Intelligence,intelidžens, verstand, oordeel, begrip, verkregen kennis, vlugheid v. begrip; bericht, inlichting, nieuws:A wink of intelligence= knipoogje van verstandhouding;Intelligence department= informatie-departement (-bureau);Intelligence-office= informatiebureau, adreskantoor;Intelligent,intelidžent, verstandig, vlug v. geest, intelligent;Intelligibility,intelidžibiliti, begrijpelijkheid, duidelijkheid; adj.Intelligible.Intemperance,intempər’ns, onmatigheid, overdaad;Intemperate,intempərit, onmatig, te buiten gaande; guur, ruw.Intend,intend, zich voornemen, van plan zijn, bedoelen, bestemmen:He isintended forthe church= zal predikant worden;I intend to leave (leaving)at four= ben van plan;She isintended to marryhim= zij is voor hem bestemd;He isnot intended to listen= niet van plan;Intended= subst. en adj. verloofd(e).Intendancy,intend’nsi, intendance;Intendant= intendant.Intense,intens, krachtig, ingespannen, hevig, geweldig, bovenmate; subst.Intenseness;Intensification= versterking, verhooging;Intensifier= versterker;Intensify,intensifai, verhoogen, versterken.Intension,intenš’n, spanning, intensiteit;Intensity,intensiti, intensiteit, kracht, hevigheid;Intensive,intensiv, versterkend, intensief:Intensive cultivation.Intent,intent, subst. plan, voornemen, bedoeling:He is the right manto all intents[280]and purposes= in alle opzichten, inderdaad;To the intent that= opdat (veroud.);He isintent onhis work= ijverig bij, vervuld van zijn werk;He lookedintentlyat me= opmerkzaam;Intention= voornemen, doel, bedoeling, einde:By the first intention= snel;Intentional= met een bepaald oogmerk;A well-intentioned man= met goede bedoelingen;Intentness= gespannen opmerkzaamheid, ijver.Inter,intɐ̂, ter aarde bestellen, begraven;Interment= teraardebestelling.Inter,intə, in samenstellingen: tusschen in:Inter alia, (intəreiljə) = o.a.Interact,intərakt, subst. tusschenbedrijf, tusschenwerk;Interactverb.intərakt, wederzijds werken op;Interactaction= wisselwerking.Interbreed,intəbrîd, kruisen van dieren of planten.Intercalate,intɐ̂kəleit, inlasschen, inschuiven (van een dag, b.v.);Intercalary= ingelascht:Intercalary day;Intercalation= inlassching.Intercede,intəsîd, tusschenbeide komen, pleiten, voorspreken;Interceder.Intercept,intəsept, onderscheppen, tegenhouden, verbreken, afsnijden, versperren, afbreuk doen aan:Tointercept the trade; subst.Interception.Intercession,intəseš’n, voorspraak, tusschenkomst, bemiddeling:Tomake intercession to a person for; adj.Intercessional:Intercessor,intəsesə, middelaar, tusschenpersoon:Intercessiony= bemiddelend.Interchange,intətšeinž, subst. ruil, wisseling, ruilhandel, afwisseling;Interchangeverb.intətšeinž, wisselen, ruilen, ruilhandel drijven, afwisselen; subst.Interchangeability, adj.Interchangeable= verwisselbaar, afwisselend.Intercolonial,intəkəlounj’l, interkoloniaal, tusschen de koloniën onderling.Intercommunicate,intəkəmjûnikeit, onderling gemeenschap hebben, met elkaar verkeeren, meedeelen;Intercommunication, onderling verkeer =Intercommunion;Intercommunity, wederzijdsche mededeeling, gemeenschappelijkheid.Intercourse,intəkös, omgang, verkeer.Intercross,intəkros, onderling kruisen.Intercurrent,intəkɐr’nt, ongeregeld:Intercurrent pulse.Interdependence,intədipend’ns, onderlinge afhankelijkheid; adj.Interdependent.Interdict,intədikt, verbod:Toput an interdict upon= verbieden;Tolay under an interdict.Interdict,intədikt, verbieden:Tointerdict a person from a thing,Tointerdict a person,a thing= iemand uitsluiten van (bijv.kerkelijke gemeenschap), subst.Interdiction; adj.Interdictory.Interest,intərest, belangstelling, belang, voordeel, invloed, aandeel, interest;Interestverb. belang stellen, belang inboezemen, belang hebben, enz.:Idisposed of a third interestin the factory= ik verkocht een derde aandeel;Toattend to a person’s interests= waken voor de belangen;Toexcite a person’s interest= belangstelling wekken;Tohave an interest in= belang hebben bij;Hehas little or no interest= weinig of geen invloed;Most of themlost on interest account,and closed mills= konden hun interest niet goedmaken;Topromote a person’s interests= iemand’s belangen bevorderen;Put out at interest= op interest gezet;Totake an interest in= belangstellen in;Compound,simple interest= samengestelde, enkelvoudige interest;Thecotton (iron, landed, moneyed, shipping) interest= de gezamenlijke katoenspinners (ijzerhandelaars, landeigenaren, geldmannen, reeders);Interest-ticket,Interest-warrant= coupon;Heinterested himself for me= stelde belang in mij, trok zich mijner aan;I aminterested inyour fate= stel belang in;He isinterested inthe matter= heeft belang bij;Interested marriages (marriages of interest)= waarbij andere belangen in het spel zijn dan de liefde;Interesting= belangwekkend.Interfere,intəfîə, tusschenbeide komen, benadeelen, storend werken, interfereeren, aanslaan of strijken (van paarden):Don’tinterfere withme= bemoei u niet;If it does notinterfere withyour plan= niet verstoort;Interference,intəfîr’ns, bemiddeling, bemoeiing, botsing, interferentie;Interferer;Interfering= storend, belemmerend.Interim,intərim, subst. tusschentijd; adj. tijdelijk:In the interim= voorloopig.Interior,intîriə, binnen, inwendig, binnenlandsch; subst. binnenste, binnenland:Department (Secretary) of the Interior= Departement (Minister) v. Binnenlandsche Zaken (Amer.);Interior angle= binnenhoek.Interjacency,intədžeis’nsi, tusschenligging; adj.Interjacent.Interjaculate,intədžakjuleit, aanmerkingen (opmerkingen) tusschenin maken =Tointerject;Interjection= tusschenwerpsel; adj.Interjectional=Interjectionary=Injectory:Interjectionary remarks= tusschenin gemaakte aanmerkingen.Interlace,intəleis, tusschenvlechten, doorheen vlechten; doorvlochten of ineengestrengeld zijn:Interlaced arches= kruisbogen; subst.Interlacement.Interlaminated,intəlamineitid, tusschen twee platen of vlakken gelegen.Interlard,intəlâd, doorspekken, vermengen.Interleaf,intəlîf, doorschoten blad;Tointerleave,intəlîv, doorschieten met wit papier.Interline,intəlain, tusschen (de regels) schrijven;Interlinear,Interlineal,intəlinjə(l), tusschen de regels, interliniair;Interlineation,intəlinieiš’n, plaatsing tusschen de regels, doorhaling en vervanging van woorden.Interlock,intəlok, in elkaar sluiten (-haken, -grijpen).Interlocution,intələkjûš’n, onderhoud;Interlocutor,intəlokjutə, deelnemer aan een gesprek:My interlocutor= de persoon met wien ik spreek;Interlocutory= uit eene samenspraak bestaande; voorloopig.Interlope,intəloup, beunhazen, opjagen der prijzen, zich onbevoegd indringen;Interloper= indringer, beunhaas.Interlude,intəl(j)ûd, tusschenspel, “entre-acte”, intermezzo (ookfig.).[281]Interlunar,intəl(j)ûnə, den tijd van de nieuwe maan betreffende:Interlunar nights.Intermarriage,intəmaridž, onderling huwelijk (tusschen families of stammen);Intermarry,intəmari, onder elkander huwen.Intermaxillary,intəmaksiləri,intəmaksiləri:Intermaxillary bone= tusschenkaaksbeen.Intermeddle,intəmed’l, zich (ongepast) bemoeien met;Intermeddler= bemoeial.Intermediary,intəmîdjəri, tusschenliggend of komend, verbindings - -; subst. agent, tusschenpersoon.Intermediate,intəmîdjit, tusschen(komend of liggend), verbindings - -, indirect:Intermediate cylinder= middelb. druk cylinder;Intermediate education(Intermediate schools) = middelbaar onderwijs (hoogere burgerscholen);Intermediate person= tusschenpersoon.Interminable,intɐ̂minəb’l, oneindig, vervelend, gerekt; subst.Interminableness.Intermingle,intəmiŋg’l, (zich) onderling vermengen.Intermission,intəmiš’n, tusschenpoos, onderbreking;Intermissive.Intermit,intəmit, tijdelijk afbreken, ophouden, verpoozen;Intermittence,Intermittency= onderbreking;Intermittent fever= intermitteerende koorts =Intermitting fever.Intermix,intəmiks, onder elkander mengen;Intermixture= mengsel, dooreenmenging.Intermural,intəmjûr’l, tusschen de muren.Intermuscular,intəmɐskjulə, tusschen de spieren.Intern,intɐ̂n, interneeren, waren naar het binnenland zenden (Amer.);Internal= innerlijk, inwendig, inlandsch;Internation= zending naar het binnenland;Internment= interneering.International,intənašən’l, subst. “de Internationale” Zie:Internationalistadj, internationaal:International law= volkenrecht;Internationalism= internationalisme;Internationalist, subst. lid van de “Internationale”, soc. arbeidersvereenig. opgericht te Londen in 1864; adj. tot de “I” behoorende;Internationalize= internationaal maken.Internecine,intənîs(a)in, moorddadig, verdelgings-:Internecine war.Internodal,intənoud’l, tusschen twee knoopen of geledingen;Internode,intənoud, lid of been tusschen twee knoopen of geledingen.Internuncius,intənɐnšəs, pauselijk vertegenwoordiger.Interoceanic,intəroušianik, tusschen twee oceanen.Interosseal,intərosiəl, tusschen de beenderen gelegen =Interosseous.Interpellant,intəpel’nt, in de rede vallend; interpellant;Interpellate,intəpeleit, interpelleeren;Interpellation= interpellatie.Interplead,intəplîd, met iemand over eigendomsrecht procedeeren.Interpolate,intɐ̂pəleit, inschuiven, tusschenvoegen, interpoleeren;Interpolator;Interpolation= interpolatie.Interpose,intəpouz, tusschenplaatsen, (zich) opdringen, in de rede vallen, tusschen beide komen, in ’t voorbijgaan opmerken:They didn’tinterpose inher management, or interfere in the choice of servants= zij bemoeiden zich niet met;Tointerpose appeal= appèl aanteekenen;Interposer;Interposition,intəpəziš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Interpret,intɐ̂prət, verklaren, vertalen, vertolken;Interpreter= tolk, uitlegger:Student interpreter= leerling tolk;Interpretation,intəpriteiš’n, vertolking, verklaring.Interregnum,intəregn’m, tusschenregeering.Interrogate,interəgeit, (onder)vragen; subst.Interrogation;Interrogative,intərogətiv, subst. en adj. vragend (voornaamwoord);Interrogator,interəgeitə, (onder)vrager, interpellant;Interrogatory,intərogətəri, vragend; subst. verhoor, schriftelijke vraag.Interrupt,intərɐpt, in de rede vallen, afbreken, storen;Interrupter;Interruption= onderbreking, storing, pauze; adj.Interruptive.Interscapular,intəskapjulə, tusschen de schouderbladen.Intersect,intəsekt, (door)snijden, (door)kruisen;Intersection= doorsnede, snijpunt, kruispunt.Interspace,intəspeis, tusschenruimte;Interspaceverb.intəspeis, tusschenruimte overlaten of aanvullen, innemen.Intersperse,intəspɐ̂s, overal verspreiden, (rond)strooien.Interstice,intɐ̂stis,intəstis, tusschenruimte; adj.Interstitial,intəstiš’l.Intertropical,intətropik’l, tusschen de tropen of keerkringen.Intertwine,intətwain, dooreenvlechten; subst.Intertwinement.Intertwist,intətwist= Intertwine.Interval,intəv’l, tusschenruimte(-tijd), interval, pauze, vlakke grond tusschen heuvels (ookintervalegespeld;Amer.):At intervals= van tijd tot tijd.Interveined,intəveind, geaderd.Intervene,intəvîn, liggen tusschen, tusschenbeide komen, storen;Intervention,intəvenš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Intervertebral,intəvɐ̂təbr’l, tusschen de wervels.Interview,intəvjû, subst. samenkomst, gesprek, formeel bezoek van een dagbladcorrespondent aan een bekend persoon om hem op onderscheidene punten te hooren;Interviewverb. formeel bezoeken om ingelicht te worden;Interviewer.Interweave,intəwîv, dooréénweven.Intestacy,intestəsi, afwezigheid van een testament;Intestate,intestit, zonder testament overleden, niet bij testament vermaakt; subst. persoon, die zonder testament gestorven is.Intestinal,intestin’l, tot de ingewanden behoorende; darm …;Intestine,intestin, inwendig, binnenlandsch:Intestine war= burgeroorlog;Intestines= darmen, ingewanden.Inthral,inthrôl, tot slavernij brengen, insluiten.Intimacy,intiməsi, gemeenzaamheid, vertrouwelijkheid;Intimate,intimit, adj. gemeenzaam, vertrouwelijk; subst. boezemvriend(in);[282]Intimateverb. (intimeit) vertrouwelijk mededeelen, te kennen geven;Intimation,intimeiš’n, kennisgeving, wenk:Intimation of death= kennisgeving van overlijden.Intimidate,intimideit, vrees aanjagen, ontmoedigen, beangst maken; subst.Intimidation; adj.Intimidatory.Intimity,intimiti, intimiteit.Intitulation,intitjuleiš’n, subst. v.Intitule,intitjûl, betitelen.Into,intu, in (drukt “richting” uit):He waslaughed into good humouragain= door lachen werd zijn goed humeur hersteld;Let melook intoit= laat mij het eens onderzoeken, inzien;This roomlooks intothe garden= ziet uit op;Hereasoned them into courage= hij wist door zijne woorden hun moed te doen herleven;You aresitting well into the fire= je zit haast bovenop het vuur.Intolerability,intolərəbiliti, subst. v.Intolerable,intolərəb’l, onduldbaar, onverdragelijk; subst.Intolerableness.Intolerance,intolər’ns, onverdraagzaamheid, niet in staat zijn te verdragen; adj.Intolerant,intolər’nt, ook subst.Intonate,intəneit, intoneeren, aanheffen;Intonation,intouneiš’n, aanhef, intonatie, toongeving;Intone= aanheffen, intoneeren, zingen (v. kerkgezangen).Intoxicant,intoksik’nt, dronken makend, bedwelmend(e drank);Intoxicate,intoksikeit, dronken maken, opwinden, dol maken;Intoxication, dronkenschap.Intractability,intraktəbiliti, subst. v.Intractable,intraktəb’l, onhandelbaar, weerspannig; subst.Intractableness.Intramural,intrəmjûr’l, binnen de muren.Intranquillity,intraŋkwiliti, ongerustheid.Intransitive,intransitiv, onovergankelijk.Intransmissible,intransmisib’l, wat niet overgedragen kan worden.Intrench,intrenš, met loopgraven omringen, verschansen;Intrenchment= verschansing.Intrepid,intrepid, onverschrokken, onversaagd; subst.Intrepidity,intrəpiditi.Intricacy,intrikəsi, ingewikkeldheid, neteligheid;Intricate,intrikit, ingewikkeld, netelig, duister; subst.Intricateness.Intrig(u)ant,intrigənt, intrigant;Intrig(u)ante,intrigant,intrigant, intrigante.Intrigue,intrîg, subst. kuiperij, intrigue;Intrigueverb. kuipen, intrigeeren:He isan intriguer, an intriguing fellow= een kuiper of intrigant.Intrinsic(al),intrinsik(’l), innerlijk, eigen, echt.Introcession,intrəseš’n, verzakking (Med.).Introduce,intrədjûs, inleiden, invoeren, inlasschen, bekend maken, voorstellen; subst.Introduction,intrədɐkš’n:Letter of introduction= aanbevelingsbrief;Hemade some introductory (introductive) remarks= eenige inleidende opmerkingen.Introit,introu-it, introïtus, woorden gezongen of opgezegd bij den aanvang der mis.Intromission,intrəmiš’n, invoeging, toelating;—verb.Intromit,intrəmit.Introspection,intrəspekš’n, zelfonderzoek;Introspective,intrəspektiv, bespiegelend.Introversion,intrəvɐ̂š’n, naar binnen wenden of gekeerd zijn; adj.Introversive;Introvert,intrəvɐ̂t, naar binnen wenden:AnIntroverted nature= eenzelvige aard.Intrude,intrûd, zich indringen, lastig vallen, zich opdringen:I hope Ido not intrude= niet ongelegen kom;Heintruded himself uponthe minister= drong zich op aan;Intruder;Intrusion,intrûž’n, indringing, het lastig vallen, onrechtmatige bezitneming van onbeheerd goed;Intrusive,intrûsiv, opdringend; subst.Intrusiveness.Intrust,intrɐst, toevertrouwen:Heintrusted me withhis secret,Heintrusted his secret to me= vertrouwde mij toe.Intuition,intjuiš’n, intuitie, innerlijke aanschouwing, niet op waargenomen feiten berustend;Intuitive,intjûitiv, innerlijk aanschouwend, intuitief.Intumesce,intjumes, opzwellen, uitzetten;Intumescence= opzwelling, gezwel; adj.Intumescent.Intussusception,intəsəsepš’n, opneming en inschuiving van het eene stuk of deel in een ander.Intwine,intwain,Intwist,intwist, samenvlechten, ineenvlechten.Inundate,inəndeit,inɐndeit, overstroomen;Inundation= overstrooming; overvloed.Inure,injûə, gewennen, harden, tot eene gewoonte worden; ten goede komen (metto).Inurn,inɐ̂n, in eeneurnverzamelen, bijzetten.Inutility,injutiliti, nutteloosheid.Inutterable,inɐtərəb’l, onuitsprekelijk.Invade,inveid, invallen, inbreuk maken op, schenden;Invader.Invalid,invalid, krachteloos, ongeldig, van geen waarde;Invalid,invəlîd,invəlid,invəlîd, subst. zieke, zwakke, invalide; adj. teer, zwak, ziek;Invalidverb. door ziekte aangetast worden, ongeschikt verklaren voor actieven dienst, buiten gevecht stellen:They wereinvalided home= als invalide naar huis gezonden;Invalidate,invalideit, krachteloos of van onwaarde maken, omverwerpen, vernietigen; subst.Invalidation;Invalidism,invəlîdizm,invəlîdizm= invaliditeit;Invalidity,invəliditi= ongeldigheid, krachteloosheid, invaliditeit.Invaluable,invaljuəb’l, onschatbaar.Invariability,invêriəbiliti, subst. v.Invariable,invêriəb’l, onveranderlijk, standvastig.Invasion,inveiž’n, inval, inbreuk, schending; adj.Invasive.Invective,invektiv, subst. smaadrede, scheldwoord, scherpe aanval; adj. stekelig, smadelijk, satirisch.Inveigh,invei, uitvaren;Inveigher.Inveigle,invîg’l, verlokken, verleiden, in de val lokken; subst.Inveiglement;Inveigler.Invent,invent, uitvinden, verdichten, verzinnen;Invention= uitvinding, ontdekking, verzinsel, plannetje:Pure invention= een grove leugen;The inventions= Tentoonstelling der uitvindingen (1885);Inventive= vindingrijk; subst.Inventiveness;Inventor= uitvinder, bedenker; vr.Inventress.[283]Inventory,invəntəri, subst. inventaris, lijst;Inventoryverb. inventariseeren.Inveraray,invərêri;Inverness,invənes.Inverse,invâs,invâs, omgekeerd; subst. omkeering:Inverse proportion= omgekeerde verhouding of reden;The father’s influence variedinverselyas the age of the son= in omgekeerde reden tot;Inversion,invɐ̂š’n, omkeering, omzetting (van woorden in een zin); adj.Inversive.Invert,invât, onderstboven keeren, omzetten:Inverted commas= aanhalingsteekens.Invertebrata,invɐ̂tibreitə, ongewervelde dieren;Invertebrate,invɐ̂tibrit, ongewerveld; slap (fig.); subst. ongewerveld dier, zwakkeling;Invertebrated= ongewerveld.
Iniquitous,inikwitɐs, zondig, onrechtvaardig;Iniquity,inikwiti, ongerechtigheid, onrechtvaardigheid, zonde, misdaad.Inirritability,iniritəbiliti, subst v.Inirritable,iniritəb’l, ongevoelig.Initial,iniš’l, beginnend, eerste, voorste; subst. beginletter, vóórletter;Initialverb. met zijn initialen teekenen (borduren), parafeeren;Initiate,inišiit, nieuw …; nieuweling, ingewijde; verb. (inišieit), inleiden, in de eerste beginselen onderrichten, inwijden;Negotiations on the linesinitiatedat Bloemfontein= onderhandelingen in de lijn der voorloopige besprekingen te B; subst.Initiation;Initiative= inleidend; subst. eerste stap, begin, initiatief:Totake the initiative in;Initiatory= inleidend, inwijdend.Inject,indžekt, inspuiten, inbrengen; subst.Injection:Inject-cock= injector;Inject-pipe;Inject-syringe= injectiespuitje;Injector= injector.Injudicious,indžudišəs, onoordeelkundig, onverstandig; subst.Injudiciousness.Injunct,indžɐŋkt, uitdrukkelijk verbieden, inscherpen;Injunction= opdracht, bevel, rechterlijk verbod:Togive strict injunctions to=Tolay strong injunctions upon a person= iemand op het hart binden.Injure,inžə, onrecht doen, verongelijken, krenken, benadeelen, kwetsen;Injurer;Injurious,indžûriəs, nadeelig, schadelijk, krenkend; subst.Injuriousness;Injury,inžəri, onrecht, schade, beleediging, krenking, verwonding:He is detained by aninjury to his leg= door eene wond aan zijn been.Injustice,indžɐstis, onrecht(vaardigheid).Ink,iŋk, subst. inkt;Inkverb. zwart maken, met inkt besmeren;Ink-bag= inktblaas (bij visschen);Ink-blot= vlek;Ink-bottle= inktflesch;Ink-eraser= inktgomelastiek;Ink-fish= inktvisch;Ink-holder= reservoir;Ink-lines= gelinieerd blad;Ink-slinger= broodschrijver, journalist (Amer.);Inkstand= inktkoker, inktstel;Ink-stone= inktsteen;Inkiness= inktachtigheid, zwartheid;Inking:Inking-ball= drukbal;Inking-pad= inktkussen;Inky= inktachtig, zwart;Inkyburn= de Hel:I wished him at Inkyburn= ik wou, dat hij op de Mookerhei zat.Inkle,iŋk’l, breed lint, soort sajet.Inkling,iŋkliŋ, wenk, flauw idee (van):Hehas an inkling of it= hij weet er iets van;I gathered an inkling of their project= kreeg er de lucht van.Inknit,in-nit, inbreien, vastmaken.Inknot,in-not, met een knoop vastmaken.[277]Inland,inland, binnenlandsch:Inland duty= accijns;Inland navigation= binnenscheepvaart;Inland revenue= binnenlandsche rechten;Inland sea= binnenzee;Inland town= landstad, binnenl. stad.Inlay,inlei,inlei, subst. mozaïek, fineerhout;Inlayverb.inlei, inleggen, met mozaïek versieren;Inlaid,inleid; predikatief:inleid:Amother-of-pearl inlaiddesk= met paarlemoer ingelegde.Inlet,inlet, ingang, baai, inham.Inly,inli, innerlijk:Man’s conscience is aninly-written law= innerlijke, in zijn binnenste geschreven;Hechuckled inly= lachte in zich zelf.Inmate,inmeit, medebewoner, huisgenoot, bewoner:The carriage was crumbled up, andmost of the inmateskilled= inzittenden.Inmost,inmoust, binnenste, geheimste.Inn,in, subst. herberg; college van rechtsgeleerden en studenten:Inns of Chancery= opleidingsschool voor de studenten in de rechten (in vroeger tijd);Inns of Court= 4 colleges:InnerenMiddle Temple,Lincoln’s enGray’s Inn, waar de aanstaande juristen hunne opleiding totbarristerontvangen, examens afleggen en later vaak hunne bureau’s (Chambers) hebben;Inn-keeper= herbergier.Innate,in-neit,in-neit,ineit, in- of aangeboren:Innate ideas= aangeboren begrippen; subst.Innateness.Inner,inə, meer naar binnen gelegen, innerlijk, binnen …:The inner man= inwendige mensch, maag;The inner office= kantoor van den chef;That’s an inner= een mooi schot;He hasmade an inner= hij heeft in de roos (behalve de “witte”) geschoten;Innermost= binnenste.Innervate,inɐ̂veit, prikkelen;Innervation= zenuwprikkeling (versterking);Innerve= sterken.Inning,iniŋ:Innings= aangeslibd land; beurt om te spelen (bij het cricket), gelegenheid, kans:Tohave one’s innings= “aan slag” zijn (fig.);Hehad a long innings= prachtige gelegenheid.Innocence,inəsens, onschuld, onnoozelheid;Innocent= onschuldig; Innocentius:You needn’tdo the innocent with me= je van den domme houden;Massacre of the Innocents=Innocents’ Day= 28 December (ZieMatth. II, 16).Innocuous,in-nokjuəs, onschadelijk; subst.Innocuousness.Innominate,in-nominit, naamloos:Innominate bone= schaambeen.Innovate,inəveit, nieuwigheden invoeren, veranderingen aanbrengen; subst.Innovation;Innovative= verzot op ’t invoeren van nieuwigheden;Innovator.Innoxious,in-nokšəs, onschadelijk; subst.Innoxiousness.Innuendo,injuendou, wenk, (hatelijke) toespeling.Innumerability,in-njumərəbiliti, subst. v.Innumerable,in-njûmərəb’l, ontelbaar, talloos =Innumerous.Innutritious,injutrišəs, niet voedzaam= Innutrative.Inobservance,inobzɐ̂v’ns,Inobservancy, subst. v.Inobservant,inobzɐ̂v’nt, achteloos.Inoccupation,inokjupeiš’n, gebrek aan bezigheid, werkeloosheid.Inoculate,inokjuleit, enten, inenten; subst. Inocculation.Inoffensive,inofensiv, onschadelijk, argeloos; subst.Inoffensiveness.Inoperative,inopərətiv, zonder uitwerking.Inopportune,inopətjûn, ongelegen, ontijdig; subst.Inopportunity.Inordinate,inödinit, ongeregeld, buitensporig:Tokeep inordinate hours= ongeregeld opstaan en te bed gaan.Inorganic(al),inöganik(’l), onbewerktuigd.Inosculate,inos’kjuleit, inmonden van aderen; nauw verbinden; in nauw verband staan.In-patient,in-peiš’nt, verpleegde (in een hospitaal, etc.).Inquest,inkwest, onderzoek:Coroner’s inquest= gerechtelijke lijkschouwing.Inquietude,inkwaiitjûd, ongerustheid.Inquire,inkwaiə, vragen, onderzoeken:Inquire after him= informeer naar;Heinquired intothe matter= onderzocht;Inquire within= informatiën hier te verkrijgen;Inquirer;Inquiring look= vorschende, vragende blik;Inquiry,inkwairi, vraag, onderzoek, navraag:Writ of Inquiry= rechterlijk bevel ter vaststelling van het bedrag eener schadeloosstelling;Tomake inquiries= onderzoek doen;Inquiry-office= informatiebureau;Inquisition,inkwiziš’n, onderzoek, inquisitie, gerechtelijk onderzoek;Inquisitive,inkwizitiv, onderzoekend, nieuwsgierig; subst.Inquisitiveness;Inquisitor,inkwizitə, rechter met het onderzoek belast, inquisiteur;Inquisitorial,inkwizitôriəl, streng onderzoekend, tot de inquisitie behoorende.Inroad,inroud, vijandelijke inval, inbreuk:Tomake an inroad upon= inbreuk maken op.Inrush,inrɐš, inval, binnendringen.Insalubrious,insəl(j)ûbriəs, ongezond; subst.Insalubrity,insəl(j)ûbriti.Insane,insein, krankzinnig, dol; subst.Insaneness=Insanity,insaniti.Insatiability,inseišəbiliti, subst. v.Insatiable,inseišəb’l, onverzadelijk;Insatiate,inseišit, onverzadelijk, onverzadigd.Inscribe,inskraib, opschrijven, graveeren, opdragen, wijden, inprenten (Inscribe on the memory), beschrijven;Inscriber;Inscription= opschrift, opdracht, onderschrift;Inscriptive= van een opschrift voorzien.Inscrutability,inskrutəbiliti, subst. v.Inscrutable,inskrûtəb’l, onnaspeurlijk; subst.Inscrutableness.Insect,insekt, subst. insect; adj. als van een insect, klein, verachtelijk:Insect-powder;Insecticide,insektisaid, praeparaat om insecten te dooden;Insectivora,insektivərə, insecten-etenden;Insectivorous,insektivərɐs, insectenetend.Insecure,insəkjûə, onveilig; subst.Insecurity,insəkjûriti.Insensate,insensit, gevoelloos, zinneloos, onzinnig.[278]Insensibility,insensibiliti, subst. v.Insensible,insensib’l, onmerkbaar, ongevoelig, niet bewust, onverschillig, bewusteloos:Insensible of danger,Insensible of pain,Insensible to shame;Insensibly= onmerkbaar, langzamerhand;Insensitive= ongevoelig (to);Insensient= gevoelloos.Inseparability,insepərəbiliti, subst. v.Inseparable,insepərəb’l, onscheidbaar, onafscheidelijk; subst.Inseparableness;Inseparate= onscheidbaar (from).Insert,insɐ̂t, opnemen, invoegen;Insertion,insɐ̂š’n, plaatsing of opneming (Amer.=Insert), inlassching, tusschenzetsel.Inset,inset, inzetten, inleggen;Inset= het ingezette, ingezet blad.Insheathe,inšîdh, in de scheede steken.Inshore,inšö, nabij of aan de kust, naar de kust toe.Inside,insaid,insaid, subst. binnenkant, binnenste, inhoud, passagier binnenin; adj.insaid, aan den binnenkant, inwendig, binnen:Toturn inside out= binnenste buiten;Inside callipers= bolpasser;Insider,insaidə, ingewijde.Insidious,insidjəs, verraderlijk, sluw, arglistig; subst.Insidiousness.Insight,insait, inzicht, begrip.Insignia,insigniə, onderscheidingsteekenen.Insignificance, Insignificancy,insignifik’ns(i), onbeteekenendheid; adj.Insignificant.Insincere,insinsîə, onoprecht, huichelachtig; subst.Insincerity,insinseriti.Insinuate,insinjueit, zich ongemerkt indringen, ongemerkt voeren of plaatsen tusschen (among), bedekt te kennen geven, kronkelen:They insinuated the pony among carts and baskets;Sheinsinuated herself into her mother’s favour;Insinuating,insinjueitiŋ, kronkelend, inpakkend, vleierig;Insinuation= vleiendop- ofindringen; insinuatie;Insinuative= insinueerend, inpakkend;Insinuator.Insipid,insipid, laf, smakeloos; subst.Insipidity,insipiditi.Insist,insist, aandringen, staan op, blijven bij:This need hardly beinsisted on= hierover behoeven we niet uit te weiden;Insistence(Insistance) = halstarrigheid, aandrang; adj.Insistent.Insnare,insnêə, verstrikken, verleiden;Insnarer.Insobriety,insəbraiiti, onmatigheid.Insociable,insoušəb’l, ongezellig.Insolence,insəlens, onbeschaamdheid; adj.Insolent.Insolubility,insoljubiliti, subst. v.Insoluble,insoljub’l, onoplosbaar, onverklaarbaar.Insolvency,insolv’nsi, staat van onvermogen;Insolvent,insolv’nt, subst. en adj. onvermogend(e), insolvent.Insomnia,insomniə, slapeloosheid.Insomuch,insoumɐtš, voor zooverre, zóó dat.Inspan,inspan, aanspannen (Transvaal).Inspect,inspekt, inspecteeren, het opzicht houden over;Inspection,inspekš’n, nauwkeurig onderzoek, opzicht:For your kind inspection= ter inzage;Inspector= inspecteur;Inspectorate=Inspectorship= opzienerschap, inspectie (-district).Inspiration,inspireiš’n, inademing, ingeving, inspiratie;Inspirational= geinspireerd, inspireerend;Inspirationist= iemand die gelooft dat ieder woord van den Bijbel door den H. Geest is ingegeven;Inspiratory,inspairətəri,inspirətəri:Inspiratory muscle= longspier;Inspire,inspaiə, inademen, ingeven, inboezemen, bezielen.Inspirit,inspirit, bezielen, geest en leven mededeelen, opwekken, moed geven.Inspissate,inspisit, adj. verdikt;Inspissateverb. (inspiseit,inspiseit), verdikken, indampen; dik worden; subst.Inspissation.Instability,instəbiliti, onbestendigheid, wankelmoedigheid.Install,instôl, met een ambt bekleeden, installeeren;Installation= installatie;Installment= installatie, afdoening, termijn (van betaling), gedeelte:They bought a pianoon the installment plan= op afbetaling in termijnen;The article will be insertedin installments= bij gedeelten.Instance,inst’ns, subst. aandrang, verzoek, instantie, geval, voorbeeld;Instanceverb. een voorbeeld aanhalen of geven:At the instance of= op aandrang van;He resignedat the instance ofpopular clamour= op den krachtigen aandrang der volksstem;For instance= bij voorbeeld;It was a kind thoughtin the first instance= in de eerste plaats;Instant,inst’nt, loopend, dadelijk, dringend; subst. oogenblik;The fifth inst(ant)= de 5de dezer;This instant,On the instant= dadelijk;Instantaneous,inst’nteinjəs, oogenblikkelijk, in een oogenblik, moment - -; subst.Instantaneousness;Instanter,instantə, dadelijk, onmiddellijk;Instantly= dadelijk:We expect itinstantly= elk oogenblik.Instate,insteit, aanstellen, plaatsen.Instauration,instôreiš’n, hernieuwing, herstelling.Instead of,instedəv, in plaats van.Instep,instep, wreef (van den voet):Tobe (To go) high in the instep= den neus in den wind steken.Instigate,instigeit, aansporen, aanzetten, ophitsen; subst.Instigation:Under the instigation of= op aansporing van;Instigator,instigeitə, aanzetter, ophitser.Instil,instil, indruppelen, langzamerhand inprenten; subst.Instillation=Instilment.Instinct,instiŋkt, subst. natuurdrift; adj. (instiŋkt), bezield, doordrongen van, vol:Instinct with life;Instinctive,instiŋktiv, instinctmatig, spontaan.Institute,institjût, subst. instelling, wet, genootschap(sgebouw), (wets)instituut;Instituteverb. instellen, stichten, vaststellen, beginnen, aanstellen:An inquiry wasinstituted into (as to)his actions= ingesteld;Institution,institjûš’n, instelling, aanstelling, wet, stichting, genootschap(sgebouw);Institutional= instellend, vastgesteld, elementair;Institutor,institjûtə, insteller, oprichter:Institutor of law= wetgever.Instruct,instrɐkt, onderwijzen, leeren, instrueeren, last geven:To instruct national opinion= opvoeden;He wasinstructed out[279]= hij werd op hooger last uit zijn ambt ontslagen (Amer.);Instruction= onderwijs, bevel, last;Instructional= onderwijs - -, opvoedings;Instructive= onderwijzend, leerzaam; subst.Instructiveness;Instructor, onderwijzer, instructeur; vr.Instructress.Instrument,instrument, werktuig, instrument (ookfig.), middel, gereedschap, stuk, document, oorkonde;Instrumentverb.instrument, instrumenteeren;Instrumental,instrument’l, instrumentaal; dienstbaar, bevorderlijk voor:That will beinstrumental toyour welfare= zal strekken tot;Instrumentality= bemiddeling, werktuig, middel:By the instrumentality of= door middel van;Instrumentary,instrumentəri=Instrumental;Instrumentation= arrangement, instrumenteering;Instrumentoon,instrum’ntûn, kwispeldoor (Amer.).Insubordinate,insəbödinit, weerspannig, oproerig; subst.Insubordination.Insuccess,insəkses:Methods, receivedwith conspicuous insuccess= waarmee men absoluut geen succes had.Insufferable,insɐfərəb’l, onverdragelijk.Insufficiency,insəfiš’nsi, ongenoegzaamheid, onbekwaamheid; adj.Insufficient.Insufflation,insəfleiš’n, inblazing, opgeblazenheid;Insufflator= inblaasapparaat.Insular,insiulə, van een eiland, geisoleerd, bekrompen; subst.Insularism=Insularity,insiulariti.Insulate,insiuleit, afzonderen, isoleeren (ook in natuurk. zin):Insulating-stool(electr.);Theinsulationof overhead wires= het isoleeren van;Insulator,insiuleitə, isolator.Insult,insɐlt, beleediging, hoon.Insult,insɐlt, beleedigen, honen;Insulter.Insuperability,insiupərəbiliti, subst. v.Insuperable,insiûpərəb’l, onoverkomelijk; subst.Insuperableness.Insupportable,insəpötəb’l, on(ver)dragelijk; subst.Insupportableness.Insuppressible,insəpresib’l, niet te onderdrukken.Insurable,inšûrəb’l, verzekerbaar;Insurance,inšûr’ns, verzekering (in ’t algemeen; op het leven ook welassurance), assurantie:Toeffect(Tomake)an insurance= een verzekering sluiten;Accident insurance= verzekering tegen ongevallen;Fire, Hailstorm, Life, Live Stock, Marine, Sanitary insurance= verzek. tegen brand, hagelslag, levensverzek., veeverzek., zeeassurantie, verz. tegen ziekte en invaliditeit;Insurance-agent;Insurance-broker= assuradeur;Insurance-company= verzekeringsmaatschappij;Insurance-money= verzekeringspremie;Insurance-office= assurantiekantoor;Insurance-policy= assurantiepolis;Insure,inšûə, verzekeren:I insured my voyage out and home= heb mij voor de heen- en terugreis verzekerd;Insured:Theinsured party=Party insured= de verzekerde;Insurer= verzekeraar.Insurgence, -cy,insɐ̂dž’ns(i), opstand;Insurgent,insɐ̂dž’nt, subst. en adj. oproermaker, oproerig.Insurmountable,insəmauntəb’l, onoverkomelijk; subst.Insurmountableness.Insurrection,insərekš’n, opstand, muiterij:Theyrose (were roused) in insurrection againsttheir lawful prince= kwamen in (werden gebracht tot) opstand tegen; adj.Insurrectional=Insurrectionary;Insurrectionist=Insurgent.Insusceptibility,insəseptibiliti, subst. v.Insusceptible,insəseptib’l, onvatbaar (voor indrukken).Intact,intakt, onaangeroerd, ongeschonden.Intaglio,intaljou,intâljou, subst. gegraveerde edelsteen, tegenoverCameo(die in relief is gesneden).Intake,inteik, inham, vernauwing, insnoering.Intangibility,intandžibiliti, subst. v.Intangible,intanžib’l, onvoelbaar, ontastbaar.Integer,intədžə, het geheel, geheel getal;Integral,intəgr’l, subst. geheel getal, integraal; adj. geheel, volledig, ongeschonden, integraal …;Integrant,intəgr’nt, deel van een geheel vormend, integreerend:Integrant parts= samenstellende deelen;Integrate,intəgreit, het geheel aanwijzen, de integraal vinden van; subst.Integration.Integrity,integriti, oprechtheid, braafheid, onverdorvenheid, volledigheid.Integument,integjument, vlies, vel, huid; adj.Integumental=Integumentary.Intellect,intəlekt, verstandelijk vermogen; ontwikkeling, de ontwikkelden:Intellects= verstand:Disordered in his intellects;Intellective,intəlektiv, verstandelijk;Intellectual,intəlektjuəl, verstands …, intellectueel:Intellectual powers= verstandelijke vermogens;Intellectalism,intəlektjuəlizm, de leer dat alle kennis van de zuivere rede komt, rede-overschatting;Intellectuality= verstandelijk vermogen.Intelligence,intelidžens, verstand, oordeel, begrip, verkregen kennis, vlugheid v. begrip; bericht, inlichting, nieuws:A wink of intelligence= knipoogje van verstandhouding;Intelligence department= informatie-departement (-bureau);Intelligence-office= informatiebureau, adreskantoor;Intelligent,intelidžent, verstandig, vlug v. geest, intelligent;Intelligibility,intelidžibiliti, begrijpelijkheid, duidelijkheid; adj.Intelligible.Intemperance,intempər’ns, onmatigheid, overdaad;Intemperate,intempərit, onmatig, te buiten gaande; guur, ruw.Intend,intend, zich voornemen, van plan zijn, bedoelen, bestemmen:He isintended forthe church= zal predikant worden;I intend to leave (leaving)at four= ben van plan;She isintended to marryhim= zij is voor hem bestemd;He isnot intended to listen= niet van plan;Intended= subst. en adj. verloofd(e).Intendancy,intend’nsi, intendance;Intendant= intendant.Intense,intens, krachtig, ingespannen, hevig, geweldig, bovenmate; subst.Intenseness;Intensification= versterking, verhooging;Intensifier= versterker;Intensify,intensifai, verhoogen, versterken.Intension,intenš’n, spanning, intensiteit;Intensity,intensiti, intensiteit, kracht, hevigheid;Intensive,intensiv, versterkend, intensief:Intensive cultivation.Intent,intent, subst. plan, voornemen, bedoeling:He is the right manto all intents[280]and purposes= in alle opzichten, inderdaad;To the intent that= opdat (veroud.);He isintent onhis work= ijverig bij, vervuld van zijn werk;He lookedintentlyat me= opmerkzaam;Intention= voornemen, doel, bedoeling, einde:By the first intention= snel;Intentional= met een bepaald oogmerk;A well-intentioned man= met goede bedoelingen;Intentness= gespannen opmerkzaamheid, ijver.Inter,intɐ̂, ter aarde bestellen, begraven;Interment= teraardebestelling.Inter,intə, in samenstellingen: tusschen in:Inter alia, (intəreiljə) = o.a.Interact,intərakt, subst. tusschenbedrijf, tusschenwerk;Interactverb.intərakt, wederzijds werken op;Interactaction= wisselwerking.Interbreed,intəbrîd, kruisen van dieren of planten.Intercalate,intɐ̂kəleit, inlasschen, inschuiven (van een dag, b.v.);Intercalary= ingelascht:Intercalary day;Intercalation= inlassching.Intercede,intəsîd, tusschenbeide komen, pleiten, voorspreken;Interceder.Intercept,intəsept, onderscheppen, tegenhouden, verbreken, afsnijden, versperren, afbreuk doen aan:Tointercept the trade; subst.Interception.Intercession,intəseš’n, voorspraak, tusschenkomst, bemiddeling:Tomake intercession to a person for; adj.Intercessional:Intercessor,intəsesə, middelaar, tusschenpersoon:Intercessiony= bemiddelend.Interchange,intətšeinž, subst. ruil, wisseling, ruilhandel, afwisseling;Interchangeverb.intətšeinž, wisselen, ruilen, ruilhandel drijven, afwisselen; subst.Interchangeability, adj.Interchangeable= verwisselbaar, afwisselend.Intercolonial,intəkəlounj’l, interkoloniaal, tusschen de koloniën onderling.Intercommunicate,intəkəmjûnikeit, onderling gemeenschap hebben, met elkaar verkeeren, meedeelen;Intercommunication, onderling verkeer =Intercommunion;Intercommunity, wederzijdsche mededeeling, gemeenschappelijkheid.Intercourse,intəkös, omgang, verkeer.Intercross,intəkros, onderling kruisen.Intercurrent,intəkɐr’nt, ongeregeld:Intercurrent pulse.Interdependence,intədipend’ns, onderlinge afhankelijkheid; adj.Interdependent.Interdict,intədikt, verbod:Toput an interdict upon= verbieden;Tolay under an interdict.Interdict,intədikt, verbieden:Tointerdict a person from a thing,Tointerdict a person,a thing= iemand uitsluiten van (bijv.kerkelijke gemeenschap), subst.Interdiction; adj.Interdictory.Interest,intərest, belangstelling, belang, voordeel, invloed, aandeel, interest;Interestverb. belang stellen, belang inboezemen, belang hebben, enz.:Idisposed of a third interestin the factory= ik verkocht een derde aandeel;Toattend to a person’s interests= waken voor de belangen;Toexcite a person’s interest= belangstelling wekken;Tohave an interest in= belang hebben bij;Hehas little or no interest= weinig of geen invloed;Most of themlost on interest account,and closed mills= konden hun interest niet goedmaken;Topromote a person’s interests= iemand’s belangen bevorderen;Put out at interest= op interest gezet;Totake an interest in= belangstellen in;Compound,simple interest= samengestelde, enkelvoudige interest;Thecotton (iron, landed, moneyed, shipping) interest= de gezamenlijke katoenspinners (ijzerhandelaars, landeigenaren, geldmannen, reeders);Interest-ticket,Interest-warrant= coupon;Heinterested himself for me= stelde belang in mij, trok zich mijner aan;I aminterested inyour fate= stel belang in;He isinterested inthe matter= heeft belang bij;Interested marriages (marriages of interest)= waarbij andere belangen in het spel zijn dan de liefde;Interesting= belangwekkend.Interfere,intəfîə, tusschenbeide komen, benadeelen, storend werken, interfereeren, aanslaan of strijken (van paarden):Don’tinterfere withme= bemoei u niet;If it does notinterfere withyour plan= niet verstoort;Interference,intəfîr’ns, bemiddeling, bemoeiing, botsing, interferentie;Interferer;Interfering= storend, belemmerend.Interim,intərim, subst. tusschentijd; adj. tijdelijk:In the interim= voorloopig.Interior,intîriə, binnen, inwendig, binnenlandsch; subst. binnenste, binnenland:Department (Secretary) of the Interior= Departement (Minister) v. Binnenlandsche Zaken (Amer.);Interior angle= binnenhoek.Interjacency,intədžeis’nsi, tusschenligging; adj.Interjacent.Interjaculate,intədžakjuleit, aanmerkingen (opmerkingen) tusschenin maken =Tointerject;Interjection= tusschenwerpsel; adj.Interjectional=Interjectionary=Injectory:Interjectionary remarks= tusschenin gemaakte aanmerkingen.Interlace,intəleis, tusschenvlechten, doorheen vlechten; doorvlochten of ineengestrengeld zijn:Interlaced arches= kruisbogen; subst.Interlacement.Interlaminated,intəlamineitid, tusschen twee platen of vlakken gelegen.Interlard,intəlâd, doorspekken, vermengen.Interleaf,intəlîf, doorschoten blad;Tointerleave,intəlîv, doorschieten met wit papier.Interline,intəlain, tusschen (de regels) schrijven;Interlinear,Interlineal,intəlinjə(l), tusschen de regels, interliniair;Interlineation,intəlinieiš’n, plaatsing tusschen de regels, doorhaling en vervanging van woorden.Interlock,intəlok, in elkaar sluiten (-haken, -grijpen).Interlocution,intələkjûš’n, onderhoud;Interlocutor,intəlokjutə, deelnemer aan een gesprek:My interlocutor= de persoon met wien ik spreek;Interlocutory= uit eene samenspraak bestaande; voorloopig.Interlope,intəloup, beunhazen, opjagen der prijzen, zich onbevoegd indringen;Interloper= indringer, beunhaas.Interlude,intəl(j)ûd, tusschenspel, “entre-acte”, intermezzo (ookfig.).[281]Interlunar,intəl(j)ûnə, den tijd van de nieuwe maan betreffende:Interlunar nights.Intermarriage,intəmaridž, onderling huwelijk (tusschen families of stammen);Intermarry,intəmari, onder elkander huwen.Intermaxillary,intəmaksiləri,intəmaksiləri:Intermaxillary bone= tusschenkaaksbeen.Intermeddle,intəmed’l, zich (ongepast) bemoeien met;Intermeddler= bemoeial.Intermediary,intəmîdjəri, tusschenliggend of komend, verbindings - -; subst. agent, tusschenpersoon.Intermediate,intəmîdjit, tusschen(komend of liggend), verbindings - -, indirect:Intermediate cylinder= middelb. druk cylinder;Intermediate education(Intermediate schools) = middelbaar onderwijs (hoogere burgerscholen);Intermediate person= tusschenpersoon.Interminable,intɐ̂minəb’l, oneindig, vervelend, gerekt; subst.Interminableness.Intermingle,intəmiŋg’l, (zich) onderling vermengen.Intermission,intəmiš’n, tusschenpoos, onderbreking;Intermissive.Intermit,intəmit, tijdelijk afbreken, ophouden, verpoozen;Intermittence,Intermittency= onderbreking;Intermittent fever= intermitteerende koorts =Intermitting fever.Intermix,intəmiks, onder elkander mengen;Intermixture= mengsel, dooreenmenging.Intermural,intəmjûr’l, tusschen de muren.Intermuscular,intəmɐskjulə, tusschen de spieren.Intern,intɐ̂n, interneeren, waren naar het binnenland zenden (Amer.);Internal= innerlijk, inwendig, inlandsch;Internation= zending naar het binnenland;Internment= interneering.International,intənašən’l, subst. “de Internationale” Zie:Internationalistadj, internationaal:International law= volkenrecht;Internationalism= internationalisme;Internationalist, subst. lid van de “Internationale”, soc. arbeidersvereenig. opgericht te Londen in 1864; adj. tot de “I” behoorende;Internationalize= internationaal maken.Internecine,intənîs(a)in, moorddadig, verdelgings-:Internecine war.Internodal,intənoud’l, tusschen twee knoopen of geledingen;Internode,intənoud, lid of been tusschen twee knoopen of geledingen.Internuncius,intənɐnšəs, pauselijk vertegenwoordiger.Interoceanic,intəroušianik, tusschen twee oceanen.Interosseal,intərosiəl, tusschen de beenderen gelegen =Interosseous.Interpellant,intəpel’nt, in de rede vallend; interpellant;Interpellate,intəpeleit, interpelleeren;Interpellation= interpellatie.Interplead,intəplîd, met iemand over eigendomsrecht procedeeren.Interpolate,intɐ̂pəleit, inschuiven, tusschenvoegen, interpoleeren;Interpolator;Interpolation= interpolatie.Interpose,intəpouz, tusschenplaatsen, (zich) opdringen, in de rede vallen, tusschen beide komen, in ’t voorbijgaan opmerken:They didn’tinterpose inher management, or interfere in the choice of servants= zij bemoeiden zich niet met;Tointerpose appeal= appèl aanteekenen;Interposer;Interposition,intəpəziš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Interpret,intɐ̂prət, verklaren, vertalen, vertolken;Interpreter= tolk, uitlegger:Student interpreter= leerling tolk;Interpretation,intəpriteiš’n, vertolking, verklaring.Interregnum,intəregn’m, tusschenregeering.Interrogate,interəgeit, (onder)vragen; subst.Interrogation;Interrogative,intərogətiv, subst. en adj. vragend (voornaamwoord);Interrogator,interəgeitə, (onder)vrager, interpellant;Interrogatory,intərogətəri, vragend; subst. verhoor, schriftelijke vraag.Interrupt,intərɐpt, in de rede vallen, afbreken, storen;Interrupter;Interruption= onderbreking, storing, pauze; adj.Interruptive.Interscapular,intəskapjulə, tusschen de schouderbladen.Intersect,intəsekt, (door)snijden, (door)kruisen;Intersection= doorsnede, snijpunt, kruispunt.Interspace,intəspeis, tusschenruimte;Interspaceverb.intəspeis, tusschenruimte overlaten of aanvullen, innemen.Intersperse,intəspɐ̂s, overal verspreiden, (rond)strooien.Interstice,intɐ̂stis,intəstis, tusschenruimte; adj.Interstitial,intəstiš’l.Intertropical,intətropik’l, tusschen de tropen of keerkringen.Intertwine,intətwain, dooreenvlechten; subst.Intertwinement.Intertwist,intətwist= Intertwine.Interval,intəv’l, tusschenruimte(-tijd), interval, pauze, vlakke grond tusschen heuvels (ookintervalegespeld;Amer.):At intervals= van tijd tot tijd.Interveined,intəveind, geaderd.Intervene,intəvîn, liggen tusschen, tusschenbeide komen, storen;Intervention,intəvenš’n, tusschenkomst, bemiddeling.Intervertebral,intəvɐ̂təbr’l, tusschen de wervels.Interview,intəvjû, subst. samenkomst, gesprek, formeel bezoek van een dagbladcorrespondent aan een bekend persoon om hem op onderscheidene punten te hooren;Interviewverb. formeel bezoeken om ingelicht te worden;Interviewer.Interweave,intəwîv, dooréénweven.Intestacy,intestəsi, afwezigheid van een testament;Intestate,intestit, zonder testament overleden, niet bij testament vermaakt; subst. persoon, die zonder testament gestorven is.Intestinal,intestin’l, tot de ingewanden behoorende; darm …;Intestine,intestin, inwendig, binnenlandsch:Intestine war= burgeroorlog;Intestines= darmen, ingewanden.Inthral,inthrôl, tot slavernij brengen, insluiten.Intimacy,intiməsi, gemeenzaamheid, vertrouwelijkheid;Intimate,intimit, adj. gemeenzaam, vertrouwelijk; subst. boezemvriend(in);[282]Intimateverb. (intimeit) vertrouwelijk mededeelen, te kennen geven;Intimation,intimeiš’n, kennisgeving, wenk:Intimation of death= kennisgeving van overlijden.Intimidate,intimideit, vrees aanjagen, ontmoedigen, beangst maken; subst.Intimidation; adj.Intimidatory.Intimity,intimiti, intimiteit.Intitulation,intitjuleiš’n, subst. v.Intitule,intitjûl, betitelen.Into,intu, in (drukt “richting” uit):He waslaughed into good humouragain= door lachen werd zijn goed humeur hersteld;Let melook intoit= laat mij het eens onderzoeken, inzien;This roomlooks intothe garden= ziet uit op;Hereasoned them into courage= hij wist door zijne woorden hun moed te doen herleven;You aresitting well into the fire= je zit haast bovenop het vuur.Intolerability,intolərəbiliti, subst. v.Intolerable,intolərəb’l, onduldbaar, onverdragelijk; subst.Intolerableness.Intolerance,intolər’ns, onverdraagzaamheid, niet in staat zijn te verdragen; adj.Intolerant,intolər’nt, ook subst.Intonate,intəneit, intoneeren, aanheffen;Intonation,intouneiš’n, aanhef, intonatie, toongeving;Intone= aanheffen, intoneeren, zingen (v. kerkgezangen).Intoxicant,intoksik’nt, dronken makend, bedwelmend(e drank);Intoxicate,intoksikeit, dronken maken, opwinden, dol maken;Intoxication, dronkenschap.Intractability,intraktəbiliti, subst. v.Intractable,intraktəb’l, onhandelbaar, weerspannig; subst.Intractableness.Intramural,intrəmjûr’l, binnen de muren.Intranquillity,intraŋkwiliti, ongerustheid.Intransitive,intransitiv, onovergankelijk.Intransmissible,intransmisib’l, wat niet overgedragen kan worden.Intrench,intrenš, met loopgraven omringen, verschansen;Intrenchment= verschansing.Intrepid,intrepid, onverschrokken, onversaagd; subst.Intrepidity,intrəpiditi.Intricacy,intrikəsi, ingewikkeldheid, neteligheid;Intricate,intrikit, ingewikkeld, netelig, duister; subst.Intricateness.Intrig(u)ant,intrigənt, intrigant;Intrig(u)ante,intrigant,intrigant, intrigante.Intrigue,intrîg, subst. kuiperij, intrigue;Intrigueverb. kuipen, intrigeeren:He isan intriguer, an intriguing fellow= een kuiper of intrigant.Intrinsic(al),intrinsik(’l), innerlijk, eigen, echt.Introcession,intrəseš’n, verzakking (Med.).Introduce,intrədjûs, inleiden, invoeren, inlasschen, bekend maken, voorstellen; subst.Introduction,intrədɐkš’n:Letter of introduction= aanbevelingsbrief;Hemade some introductory (introductive) remarks= eenige inleidende opmerkingen.Introit,introu-it, introïtus, woorden gezongen of opgezegd bij den aanvang der mis.Intromission,intrəmiš’n, invoeging, toelating;—verb.Intromit,intrəmit.Introspection,intrəspekš’n, zelfonderzoek;Introspective,intrəspektiv, bespiegelend.Introversion,intrəvɐ̂š’n, naar binnen wenden of gekeerd zijn; adj.Introversive;Introvert,intrəvɐ̂t, naar binnen wenden:AnIntroverted nature= eenzelvige aard.Intrude,intrûd, zich indringen, lastig vallen, zich opdringen:I hope Ido not intrude= niet ongelegen kom;Heintruded himself uponthe minister= drong zich op aan;Intruder;Intrusion,intrûž’n, indringing, het lastig vallen, onrechtmatige bezitneming van onbeheerd goed;Intrusive,intrûsiv, opdringend; subst.Intrusiveness.Intrust,intrɐst, toevertrouwen:Heintrusted me withhis secret,Heintrusted his secret to me= vertrouwde mij toe.Intuition,intjuiš’n, intuitie, innerlijke aanschouwing, niet op waargenomen feiten berustend;Intuitive,intjûitiv, innerlijk aanschouwend, intuitief.Intumesce,intjumes, opzwellen, uitzetten;Intumescence= opzwelling, gezwel; adj.Intumescent.Intussusception,intəsəsepš’n, opneming en inschuiving van het eene stuk of deel in een ander.Intwine,intwain,Intwist,intwist, samenvlechten, ineenvlechten.Inundate,inəndeit,inɐndeit, overstroomen;Inundation= overstrooming; overvloed.Inure,injûə, gewennen, harden, tot eene gewoonte worden; ten goede komen (metto).Inurn,inɐ̂n, in eeneurnverzamelen, bijzetten.Inutility,injutiliti, nutteloosheid.Inutterable,inɐtərəb’l, onuitsprekelijk.Invade,inveid, invallen, inbreuk maken op, schenden;Invader.Invalid,invalid, krachteloos, ongeldig, van geen waarde;Invalid,invəlîd,invəlid,invəlîd, subst. zieke, zwakke, invalide; adj. teer, zwak, ziek;Invalidverb. door ziekte aangetast worden, ongeschikt verklaren voor actieven dienst, buiten gevecht stellen:They wereinvalided home= als invalide naar huis gezonden;Invalidate,invalideit, krachteloos of van onwaarde maken, omverwerpen, vernietigen; subst.Invalidation;Invalidism,invəlîdizm,invəlîdizm= invaliditeit;Invalidity,invəliditi= ongeldigheid, krachteloosheid, invaliditeit.Invaluable,invaljuəb’l, onschatbaar.Invariability,invêriəbiliti, subst. v.Invariable,invêriəb’l, onveranderlijk, standvastig.Invasion,inveiž’n, inval, inbreuk, schending; adj.Invasive.Invective,invektiv, subst. smaadrede, scheldwoord, scherpe aanval; adj. stekelig, smadelijk, satirisch.Inveigh,invei, uitvaren;Inveigher.Inveigle,invîg’l, verlokken, verleiden, in de val lokken; subst.Inveiglement;Inveigler.Invent,invent, uitvinden, verdichten, verzinnen;Invention= uitvinding, ontdekking, verzinsel, plannetje:Pure invention= een grove leugen;The inventions= Tentoonstelling der uitvindingen (1885);Inventive= vindingrijk; subst.Inventiveness;Inventor= uitvinder, bedenker; vr.Inventress.[283]Inventory,invəntəri, subst. inventaris, lijst;Inventoryverb. inventariseeren.Inveraray,invərêri;Inverness,invənes.Inverse,invâs,invâs, omgekeerd; subst. omkeering:Inverse proportion= omgekeerde verhouding of reden;The father’s influence variedinverselyas the age of the son= in omgekeerde reden tot;Inversion,invɐ̂š’n, omkeering, omzetting (van woorden in een zin); adj.Inversive.Invert,invât, onderstboven keeren, omzetten:Inverted commas= aanhalingsteekens.Invertebrata,invɐ̂tibreitə, ongewervelde dieren;Invertebrate,invɐ̂tibrit, ongewerveld; slap (fig.); subst. ongewerveld dier, zwakkeling;Invertebrated= ongewerveld.
Iniquitous,inikwitɐs, zondig, onrechtvaardig;Iniquity,inikwiti, ongerechtigheid, onrechtvaardigheid, zonde, misdaad.
Inirritability,iniritəbiliti, subst v.Inirritable,iniritəb’l, ongevoelig.
Initial,iniš’l, beginnend, eerste, voorste; subst. beginletter, vóórletter;Initialverb. met zijn initialen teekenen (borduren), parafeeren;Initiate,inišiit, nieuw …; nieuweling, ingewijde; verb. (inišieit), inleiden, in de eerste beginselen onderrichten, inwijden;Negotiations on the linesinitiatedat Bloemfontein= onderhandelingen in de lijn der voorloopige besprekingen te B; subst.Initiation;Initiative= inleidend; subst. eerste stap, begin, initiatief:Totake the initiative in;Initiatory= inleidend, inwijdend.
Inject,indžekt, inspuiten, inbrengen; subst.Injection:Inject-cock= injector;Inject-pipe;Inject-syringe= injectiespuitje;Injector= injector.
Injudicious,indžudišəs, onoordeelkundig, onverstandig; subst.Injudiciousness.
Injunct,indžɐŋkt, uitdrukkelijk verbieden, inscherpen;Injunction= opdracht, bevel, rechterlijk verbod:Togive strict injunctions to=Tolay strong injunctions upon a person= iemand op het hart binden.
Injure,inžə, onrecht doen, verongelijken, krenken, benadeelen, kwetsen;Injurer;Injurious,indžûriəs, nadeelig, schadelijk, krenkend; subst.Injuriousness;Injury,inžəri, onrecht, schade, beleediging, krenking, verwonding:He is detained by aninjury to his leg= door eene wond aan zijn been.
Injustice,indžɐstis, onrecht(vaardigheid).
Ink,iŋk, subst. inkt;Inkverb. zwart maken, met inkt besmeren;Ink-bag= inktblaas (bij visschen);Ink-blot= vlek;Ink-bottle= inktflesch;Ink-eraser= inktgomelastiek;Ink-fish= inktvisch;Ink-holder= reservoir;Ink-lines= gelinieerd blad;Ink-slinger= broodschrijver, journalist (Amer.);Inkstand= inktkoker, inktstel;Ink-stone= inktsteen;Inkiness= inktachtigheid, zwartheid;Inking:Inking-ball= drukbal;Inking-pad= inktkussen;Inky= inktachtig, zwart;Inkyburn= de Hel:I wished him at Inkyburn= ik wou, dat hij op de Mookerhei zat.
Inkle,iŋk’l, breed lint, soort sajet.
Inkling,iŋkliŋ, wenk, flauw idee (van):Hehas an inkling of it= hij weet er iets van;I gathered an inkling of their project= kreeg er de lucht van.
Inknit,in-nit, inbreien, vastmaken.
Inknot,in-not, met een knoop vastmaken.[277]
Inland,inland, binnenlandsch:Inland duty= accijns;Inland navigation= binnenscheepvaart;Inland revenue= binnenlandsche rechten;Inland sea= binnenzee;Inland town= landstad, binnenl. stad.
Inlay,inlei,inlei, subst. mozaïek, fineerhout;Inlayverb.inlei, inleggen, met mozaïek versieren;Inlaid,inleid; predikatief:inleid:Amother-of-pearl inlaiddesk= met paarlemoer ingelegde.
Inlet,inlet, ingang, baai, inham.
Inly,inli, innerlijk:Man’s conscience is aninly-written law= innerlijke, in zijn binnenste geschreven;Hechuckled inly= lachte in zich zelf.
Inmate,inmeit, medebewoner, huisgenoot, bewoner:The carriage was crumbled up, andmost of the inmateskilled= inzittenden.
Inmost,inmoust, binnenste, geheimste.
Inn,in, subst. herberg; college van rechtsgeleerden en studenten:Inns of Chancery= opleidingsschool voor de studenten in de rechten (in vroeger tijd);Inns of Court= 4 colleges:InnerenMiddle Temple,Lincoln’s enGray’s Inn, waar de aanstaande juristen hunne opleiding totbarristerontvangen, examens afleggen en later vaak hunne bureau’s (Chambers) hebben;Inn-keeper= herbergier.
Innate,in-neit,in-neit,ineit, in- of aangeboren:Innate ideas= aangeboren begrippen; subst.Innateness.
Inner,inə, meer naar binnen gelegen, innerlijk, binnen …:The inner man= inwendige mensch, maag;The inner office= kantoor van den chef;That’s an inner= een mooi schot;He hasmade an inner= hij heeft in de roos (behalve de “witte”) geschoten;Innermost= binnenste.
Innervate,inɐ̂veit, prikkelen;Innervation= zenuwprikkeling (versterking);Innerve= sterken.
Inning,iniŋ:Innings= aangeslibd land; beurt om te spelen (bij het cricket), gelegenheid, kans:Tohave one’s innings= “aan slag” zijn (fig.);Hehad a long innings= prachtige gelegenheid.
Innocence,inəsens, onschuld, onnoozelheid;Innocent= onschuldig; Innocentius:You needn’tdo the innocent with me= je van den domme houden;Massacre of the Innocents=Innocents’ Day= 28 December (ZieMatth. II, 16).
Innocuous,in-nokjuəs, onschadelijk; subst.Innocuousness.
Innominate,in-nominit, naamloos:Innominate bone= schaambeen.
Innovate,inəveit, nieuwigheden invoeren, veranderingen aanbrengen; subst.Innovation;Innovative= verzot op ’t invoeren van nieuwigheden;Innovator.
Innoxious,in-nokšəs, onschadelijk; subst.Innoxiousness.
Innuendo,injuendou, wenk, (hatelijke) toespeling.
Innumerability,in-njumərəbiliti, subst. v.Innumerable,in-njûmərəb’l, ontelbaar, talloos =Innumerous.
Innutritious,injutrišəs, niet voedzaam= Innutrative.
Inobservance,inobzɐ̂v’ns,Inobservancy, subst. v.Inobservant,inobzɐ̂v’nt, achteloos.
Inoccupation,inokjupeiš’n, gebrek aan bezigheid, werkeloosheid.
Inoculate,inokjuleit, enten, inenten; subst. Inocculation.
Inoffensive,inofensiv, onschadelijk, argeloos; subst.Inoffensiveness.
Inoperative,inopərətiv, zonder uitwerking.
Inopportune,inopətjûn, ongelegen, ontijdig; subst.Inopportunity.
Inordinate,inödinit, ongeregeld, buitensporig:Tokeep inordinate hours= ongeregeld opstaan en te bed gaan.
Inorganic(al),inöganik(’l), onbewerktuigd.
Inosculate,inos’kjuleit, inmonden van aderen; nauw verbinden; in nauw verband staan.
In-patient,in-peiš’nt, verpleegde (in een hospitaal, etc.).
Inquest,inkwest, onderzoek:Coroner’s inquest= gerechtelijke lijkschouwing.
Inquietude,inkwaiitjûd, ongerustheid.
Inquire,inkwaiə, vragen, onderzoeken:Inquire after him= informeer naar;Heinquired intothe matter= onderzocht;Inquire within= informatiën hier te verkrijgen;Inquirer;Inquiring look= vorschende, vragende blik;Inquiry,inkwairi, vraag, onderzoek, navraag:Writ of Inquiry= rechterlijk bevel ter vaststelling van het bedrag eener schadeloosstelling;Tomake inquiries= onderzoek doen;Inquiry-office= informatiebureau;Inquisition,inkwiziš’n, onderzoek, inquisitie, gerechtelijk onderzoek;Inquisitive,inkwizitiv, onderzoekend, nieuwsgierig; subst.Inquisitiveness;Inquisitor,inkwizitə, rechter met het onderzoek belast, inquisiteur;Inquisitorial,inkwizitôriəl, streng onderzoekend, tot de inquisitie behoorende.
Inroad,inroud, vijandelijke inval, inbreuk:Tomake an inroad upon= inbreuk maken op.
Inrush,inrɐš, inval, binnendringen.
Insalubrious,insəl(j)ûbriəs, ongezond; subst.Insalubrity,insəl(j)ûbriti.
Insane,insein, krankzinnig, dol; subst.Insaneness=Insanity,insaniti.
Insatiability,inseišəbiliti, subst. v.Insatiable,inseišəb’l, onverzadelijk;Insatiate,inseišit, onverzadelijk, onverzadigd.
Inscribe,inskraib, opschrijven, graveeren, opdragen, wijden, inprenten (Inscribe on the memory), beschrijven;Inscriber;Inscription= opschrift, opdracht, onderschrift;Inscriptive= van een opschrift voorzien.
Inscrutability,inskrutəbiliti, subst. v.Inscrutable,inskrûtəb’l, onnaspeurlijk; subst.Inscrutableness.
Insect,insekt, subst. insect; adj. als van een insect, klein, verachtelijk:Insect-powder;Insecticide,insektisaid, praeparaat om insecten te dooden;Insectivora,insektivərə, insecten-etenden;Insectivorous,insektivərɐs, insectenetend.
Insecure,insəkjûə, onveilig; subst.Insecurity,insəkjûriti.
Insensate,insensit, gevoelloos, zinneloos, onzinnig.[278]
Insensibility,insensibiliti, subst. v.Insensible,insensib’l, onmerkbaar, ongevoelig, niet bewust, onverschillig, bewusteloos:Insensible of danger,Insensible of pain,Insensible to shame;Insensibly= onmerkbaar, langzamerhand;Insensitive= ongevoelig (to);Insensient= gevoelloos.
Inseparability,insepərəbiliti, subst. v.Inseparable,insepərəb’l, onscheidbaar, onafscheidelijk; subst.Inseparableness;Inseparate= onscheidbaar (from).
Insert,insɐ̂t, opnemen, invoegen;Insertion,insɐ̂š’n, plaatsing of opneming (Amer.=Insert), inlassching, tusschenzetsel.
Inset,inset, inzetten, inleggen;Inset= het ingezette, ingezet blad.
Insheathe,inšîdh, in de scheede steken.
Inshore,inšö, nabij of aan de kust, naar de kust toe.
Inside,insaid,insaid, subst. binnenkant, binnenste, inhoud, passagier binnenin; adj.insaid, aan den binnenkant, inwendig, binnen:Toturn inside out= binnenste buiten;Inside callipers= bolpasser;Insider,insaidə, ingewijde.
Insidious,insidjəs, verraderlijk, sluw, arglistig; subst.Insidiousness.
Insight,insait, inzicht, begrip.
Insignia,insigniə, onderscheidingsteekenen.
Insignificance, Insignificancy,insignifik’ns(i), onbeteekenendheid; adj.Insignificant.
Insincere,insinsîə, onoprecht, huichelachtig; subst.Insincerity,insinseriti.
Insinuate,insinjueit, zich ongemerkt indringen, ongemerkt voeren of plaatsen tusschen (among), bedekt te kennen geven, kronkelen:They insinuated the pony among carts and baskets;Sheinsinuated herself into her mother’s favour;Insinuating,insinjueitiŋ, kronkelend, inpakkend, vleierig;Insinuation= vleiendop- ofindringen; insinuatie;Insinuative= insinueerend, inpakkend;Insinuator.
Insipid,insipid, laf, smakeloos; subst.Insipidity,insipiditi.
Insist,insist, aandringen, staan op, blijven bij:This need hardly beinsisted on= hierover behoeven we niet uit te weiden;Insistence(Insistance) = halstarrigheid, aandrang; adj.Insistent.
Insnare,insnêə, verstrikken, verleiden;Insnarer.
Insobriety,insəbraiiti, onmatigheid.
Insociable,insoušəb’l, ongezellig.
Insolence,insəlens, onbeschaamdheid; adj.Insolent.
Insolubility,insoljubiliti, subst. v.Insoluble,insoljub’l, onoplosbaar, onverklaarbaar.
Insolvency,insolv’nsi, staat van onvermogen;Insolvent,insolv’nt, subst. en adj. onvermogend(e), insolvent.
Insomnia,insomniə, slapeloosheid.
Insomuch,insoumɐtš, voor zooverre, zóó dat.
Inspan,inspan, aanspannen (Transvaal).
Inspect,inspekt, inspecteeren, het opzicht houden over;Inspection,inspekš’n, nauwkeurig onderzoek, opzicht:For your kind inspection= ter inzage;Inspector= inspecteur;Inspectorate=Inspectorship= opzienerschap, inspectie (-district).
Inspiration,inspireiš’n, inademing, ingeving, inspiratie;Inspirational= geinspireerd, inspireerend;Inspirationist= iemand die gelooft dat ieder woord van den Bijbel door den H. Geest is ingegeven;Inspiratory,inspairətəri,inspirətəri:Inspiratory muscle= longspier;Inspire,inspaiə, inademen, ingeven, inboezemen, bezielen.
Inspirit,inspirit, bezielen, geest en leven mededeelen, opwekken, moed geven.
Inspissate,inspisit, adj. verdikt;Inspissateverb. (inspiseit,inspiseit), verdikken, indampen; dik worden; subst.Inspissation.
Instability,instəbiliti, onbestendigheid, wankelmoedigheid.
Install,instôl, met een ambt bekleeden, installeeren;Installation= installatie;Installment= installatie, afdoening, termijn (van betaling), gedeelte:They bought a pianoon the installment plan= op afbetaling in termijnen;The article will be insertedin installments= bij gedeelten.
Instance,inst’ns, subst. aandrang, verzoek, instantie, geval, voorbeeld;Instanceverb. een voorbeeld aanhalen of geven:At the instance of= op aandrang van;He resignedat the instance ofpopular clamour= op den krachtigen aandrang der volksstem;For instance= bij voorbeeld;It was a kind thoughtin the first instance= in de eerste plaats;Instant,inst’nt, loopend, dadelijk, dringend; subst. oogenblik;The fifth inst(ant)= de 5de dezer;This instant,On the instant= dadelijk;Instantaneous,inst’nteinjəs, oogenblikkelijk, in een oogenblik, moment - -; subst.Instantaneousness;Instanter,instantə, dadelijk, onmiddellijk;Instantly= dadelijk:We expect itinstantly= elk oogenblik.
Instate,insteit, aanstellen, plaatsen.
Instauration,instôreiš’n, hernieuwing, herstelling.
Instead of,instedəv, in plaats van.
Instep,instep, wreef (van den voet):Tobe (To go) high in the instep= den neus in den wind steken.
Instigate,instigeit, aansporen, aanzetten, ophitsen; subst.Instigation:Under the instigation of= op aansporing van;Instigator,instigeitə, aanzetter, ophitser.
Instil,instil, indruppelen, langzamerhand inprenten; subst.Instillation=Instilment.
Instinct,instiŋkt, subst. natuurdrift; adj. (instiŋkt), bezield, doordrongen van, vol:Instinct with life;Instinctive,instiŋktiv, instinctmatig, spontaan.
Institute,institjût, subst. instelling, wet, genootschap(sgebouw), (wets)instituut;Instituteverb. instellen, stichten, vaststellen, beginnen, aanstellen:An inquiry wasinstituted into (as to)his actions= ingesteld;Institution,institjûš’n, instelling, aanstelling, wet, stichting, genootschap(sgebouw);Institutional= instellend, vastgesteld, elementair;Institutor,institjûtə, insteller, oprichter:Institutor of law= wetgever.
Instruct,instrɐkt, onderwijzen, leeren, instrueeren, last geven:To instruct national opinion= opvoeden;He wasinstructed out[279]= hij werd op hooger last uit zijn ambt ontslagen (Amer.);Instruction= onderwijs, bevel, last;Instructional= onderwijs - -, opvoedings;Instructive= onderwijzend, leerzaam; subst.Instructiveness;Instructor, onderwijzer, instructeur; vr.Instructress.
Instrument,instrument, werktuig, instrument (ookfig.), middel, gereedschap, stuk, document, oorkonde;Instrumentverb.instrument, instrumenteeren;Instrumental,instrument’l, instrumentaal; dienstbaar, bevorderlijk voor:That will beinstrumental toyour welfare= zal strekken tot;Instrumentality= bemiddeling, werktuig, middel:By the instrumentality of= door middel van;Instrumentary,instrumentəri=Instrumental;Instrumentation= arrangement, instrumenteering;Instrumentoon,instrum’ntûn, kwispeldoor (Amer.).
Insubordinate,insəbödinit, weerspannig, oproerig; subst.Insubordination.
Insuccess,insəkses:Methods, receivedwith conspicuous insuccess= waarmee men absoluut geen succes had.
Insufferable,insɐfərəb’l, onverdragelijk.
Insufficiency,insəfiš’nsi, ongenoegzaamheid, onbekwaamheid; adj.Insufficient.
Insufflation,insəfleiš’n, inblazing, opgeblazenheid;Insufflator= inblaasapparaat.
Insular,insiulə, van een eiland, geisoleerd, bekrompen; subst.Insularism=Insularity,insiulariti.
Insulate,insiuleit, afzonderen, isoleeren (ook in natuurk. zin):Insulating-stool(electr.);Theinsulationof overhead wires= het isoleeren van;Insulator,insiuleitə, isolator.
Insult,insɐlt, beleediging, hoon.
Insult,insɐlt, beleedigen, honen;Insulter.
Insuperability,insiupərəbiliti, subst. v.Insuperable,insiûpərəb’l, onoverkomelijk; subst.Insuperableness.
Insupportable,insəpötəb’l, on(ver)dragelijk; subst.Insupportableness.
Insuppressible,insəpresib’l, niet te onderdrukken.
Insurable,inšûrəb’l, verzekerbaar;Insurance,inšûr’ns, verzekering (in ’t algemeen; op het leven ook welassurance), assurantie:Toeffect(Tomake)an insurance= een verzekering sluiten;Accident insurance= verzekering tegen ongevallen;Fire, Hailstorm, Life, Live Stock, Marine, Sanitary insurance= verzek. tegen brand, hagelslag, levensverzek., veeverzek., zeeassurantie, verz. tegen ziekte en invaliditeit;Insurance-agent;Insurance-broker= assuradeur;Insurance-company= verzekeringsmaatschappij;Insurance-money= verzekeringspremie;Insurance-office= assurantiekantoor;Insurance-policy= assurantiepolis;Insure,inšûə, verzekeren:I insured my voyage out and home= heb mij voor de heen- en terugreis verzekerd;Insured:Theinsured party=Party insured= de verzekerde;Insurer= verzekeraar.
Insurgence, -cy,insɐ̂dž’ns(i), opstand;Insurgent,insɐ̂dž’nt, subst. en adj. oproermaker, oproerig.
Insurmountable,insəmauntəb’l, onoverkomelijk; subst.Insurmountableness.
Insurrection,insərekš’n, opstand, muiterij:Theyrose (were roused) in insurrection againsttheir lawful prince= kwamen in (werden gebracht tot) opstand tegen; adj.Insurrectional=Insurrectionary;Insurrectionist=Insurgent.
Insusceptibility,insəseptibiliti, subst. v.Insusceptible,insəseptib’l, onvatbaar (voor indrukken).
Intact,intakt, onaangeroerd, ongeschonden.
Intaglio,intaljou,intâljou, subst. gegraveerde edelsteen, tegenoverCameo(die in relief is gesneden).
Intake,inteik, inham, vernauwing, insnoering.
Intangibility,intandžibiliti, subst. v.Intangible,intanžib’l, onvoelbaar, ontastbaar.
Integer,intədžə, het geheel, geheel getal;Integral,intəgr’l, subst. geheel getal, integraal; adj. geheel, volledig, ongeschonden, integraal …;Integrant,intəgr’nt, deel van een geheel vormend, integreerend:Integrant parts= samenstellende deelen;Integrate,intəgreit, het geheel aanwijzen, de integraal vinden van; subst.Integration.
Integrity,integriti, oprechtheid, braafheid, onverdorvenheid, volledigheid.
Integument,integjument, vlies, vel, huid; adj.Integumental=Integumentary.
Intellect,intəlekt, verstandelijk vermogen; ontwikkeling, de ontwikkelden:Intellects= verstand:Disordered in his intellects;Intellective,intəlektiv, verstandelijk;Intellectual,intəlektjuəl, verstands …, intellectueel:Intellectual powers= verstandelijke vermogens;Intellectalism,intəlektjuəlizm, de leer dat alle kennis van de zuivere rede komt, rede-overschatting;Intellectuality= verstandelijk vermogen.
Intelligence,intelidžens, verstand, oordeel, begrip, verkregen kennis, vlugheid v. begrip; bericht, inlichting, nieuws:A wink of intelligence= knipoogje van verstandhouding;Intelligence department= informatie-departement (-bureau);Intelligence-office= informatiebureau, adreskantoor;Intelligent,intelidžent, verstandig, vlug v. geest, intelligent;Intelligibility,intelidžibiliti, begrijpelijkheid, duidelijkheid; adj.Intelligible.
Intemperance,intempər’ns, onmatigheid, overdaad;Intemperate,intempərit, onmatig, te buiten gaande; guur, ruw.
Intend,intend, zich voornemen, van plan zijn, bedoelen, bestemmen:He isintended forthe church= zal predikant worden;I intend to leave (leaving)at four= ben van plan;She isintended to marryhim= zij is voor hem bestemd;He isnot intended to listen= niet van plan;Intended= subst. en adj. verloofd(e).
Intendancy,intend’nsi, intendance;Intendant= intendant.
Intense,intens, krachtig, ingespannen, hevig, geweldig, bovenmate; subst.Intenseness;Intensification= versterking, verhooging;Intensifier= versterker;Intensify,intensifai, verhoogen, versterken.
Intension,intenš’n, spanning, intensiteit;Intensity,intensiti, intensiteit, kracht, hevigheid;Intensive,intensiv, versterkend, intensief:Intensive cultivation.
Intent,intent, subst. plan, voornemen, bedoeling:He is the right manto all intents[280]and purposes= in alle opzichten, inderdaad;To the intent that= opdat (veroud.);He isintent onhis work= ijverig bij, vervuld van zijn werk;He lookedintentlyat me= opmerkzaam;Intention= voornemen, doel, bedoeling, einde:By the first intention= snel;Intentional= met een bepaald oogmerk;A well-intentioned man= met goede bedoelingen;Intentness= gespannen opmerkzaamheid, ijver.
Inter,intɐ̂, ter aarde bestellen, begraven;Interment= teraardebestelling.
Inter,intə, in samenstellingen: tusschen in:Inter alia, (intəreiljə) = o.a.
Interact,intərakt, subst. tusschenbedrijf, tusschenwerk;Interactverb.intərakt, wederzijds werken op;Interactaction= wisselwerking.
Interbreed,intəbrîd, kruisen van dieren of planten.
Intercalate,intɐ̂kəleit, inlasschen, inschuiven (van een dag, b.v.);Intercalary= ingelascht:Intercalary day;Intercalation= inlassching.
Intercede,intəsîd, tusschenbeide komen, pleiten, voorspreken;Interceder.
Intercept,intəsept, onderscheppen, tegenhouden, verbreken, afsnijden, versperren, afbreuk doen aan:Tointercept the trade; subst.Interception.
Intercession,intəseš’n, voorspraak, tusschenkomst, bemiddeling:Tomake intercession to a person for; adj.Intercessional:Intercessor,intəsesə, middelaar, tusschenpersoon:Intercessiony= bemiddelend.
Interchange,intətšeinž, subst. ruil, wisseling, ruilhandel, afwisseling;Interchangeverb.intətšeinž, wisselen, ruilen, ruilhandel drijven, afwisselen; subst.Interchangeability, adj.Interchangeable= verwisselbaar, afwisselend.
Intercolonial,intəkəlounj’l, interkoloniaal, tusschen de koloniën onderling.
Intercommunicate,intəkəmjûnikeit, onderling gemeenschap hebben, met elkaar verkeeren, meedeelen;Intercommunication, onderling verkeer =Intercommunion;Intercommunity, wederzijdsche mededeeling, gemeenschappelijkheid.
Intercourse,intəkös, omgang, verkeer.
Intercross,intəkros, onderling kruisen.
Intercurrent,intəkɐr’nt, ongeregeld:Intercurrent pulse.
Interdependence,intədipend’ns, onderlinge afhankelijkheid; adj.Interdependent.
Interdict,intədikt, verbod:Toput an interdict upon= verbieden;Tolay under an interdict.
Interdict,intədikt, verbieden:Tointerdict a person from a thing,Tointerdict a person,a thing= iemand uitsluiten van (bijv.kerkelijke gemeenschap), subst.Interdiction; adj.Interdictory.
Interest,intərest, belangstelling, belang, voordeel, invloed, aandeel, interest;Interestverb. belang stellen, belang inboezemen, belang hebben, enz.:Idisposed of a third interestin the factory= ik verkocht een derde aandeel;Toattend to a person’s interests= waken voor de belangen;Toexcite a person’s interest= belangstelling wekken;Tohave an interest in= belang hebben bij;Hehas little or no interest= weinig of geen invloed;Most of themlost on interest account,and closed mills= konden hun interest niet goedmaken;Topromote a person’s interests= iemand’s belangen bevorderen;Put out at interest= op interest gezet;Totake an interest in= belangstellen in;Compound,simple interest= samengestelde, enkelvoudige interest;Thecotton (iron, landed, moneyed, shipping) interest= de gezamenlijke katoenspinners (ijzerhandelaars, landeigenaren, geldmannen, reeders);Interest-ticket,Interest-warrant= coupon;Heinterested himself for me= stelde belang in mij, trok zich mijner aan;I aminterested inyour fate= stel belang in;He isinterested inthe matter= heeft belang bij;Interested marriages (marriages of interest)= waarbij andere belangen in het spel zijn dan de liefde;Interesting= belangwekkend.
Interfere,intəfîə, tusschenbeide komen, benadeelen, storend werken, interfereeren, aanslaan of strijken (van paarden):Don’tinterfere withme= bemoei u niet;If it does notinterfere withyour plan= niet verstoort;Interference,intəfîr’ns, bemiddeling, bemoeiing, botsing, interferentie;Interferer;Interfering= storend, belemmerend.
Interim,intərim, subst. tusschentijd; adj. tijdelijk:In the interim= voorloopig.
Interior,intîriə, binnen, inwendig, binnenlandsch; subst. binnenste, binnenland:Department (Secretary) of the Interior= Departement (Minister) v. Binnenlandsche Zaken (Amer.);Interior angle= binnenhoek.
Interjacency,intədžeis’nsi, tusschenligging; adj.Interjacent.
Interjaculate,intədžakjuleit, aanmerkingen (opmerkingen) tusschenin maken =Tointerject;Interjection= tusschenwerpsel; adj.Interjectional=Interjectionary=Injectory:Interjectionary remarks= tusschenin gemaakte aanmerkingen.
Interlace,intəleis, tusschenvlechten, doorheen vlechten; doorvlochten of ineengestrengeld zijn:Interlaced arches= kruisbogen; subst.Interlacement.
Interlaminated,intəlamineitid, tusschen twee platen of vlakken gelegen.
Interlard,intəlâd, doorspekken, vermengen.
Interleaf,intəlîf, doorschoten blad;Tointerleave,intəlîv, doorschieten met wit papier.
Interline,intəlain, tusschen (de regels) schrijven;Interlinear,Interlineal,intəlinjə(l), tusschen de regels, interliniair;Interlineation,intəlinieiš’n, plaatsing tusschen de regels, doorhaling en vervanging van woorden.
Interlock,intəlok, in elkaar sluiten (-haken, -grijpen).
Interlocution,intələkjûš’n, onderhoud;Interlocutor,intəlokjutə, deelnemer aan een gesprek:My interlocutor= de persoon met wien ik spreek;Interlocutory= uit eene samenspraak bestaande; voorloopig.
Interlope,intəloup, beunhazen, opjagen der prijzen, zich onbevoegd indringen;Interloper= indringer, beunhaas.
Interlude,intəl(j)ûd, tusschenspel, “entre-acte”, intermezzo (ookfig.).[281]
Interlunar,intəl(j)ûnə, den tijd van de nieuwe maan betreffende:Interlunar nights.
Intermarriage,intəmaridž, onderling huwelijk (tusschen families of stammen);Intermarry,intəmari, onder elkander huwen.
Intermaxillary,intəmaksiləri,intəmaksiləri:Intermaxillary bone= tusschenkaaksbeen.
Intermeddle,intəmed’l, zich (ongepast) bemoeien met;Intermeddler= bemoeial.
Intermediary,intəmîdjəri, tusschenliggend of komend, verbindings - -; subst. agent, tusschenpersoon.
Intermediate,intəmîdjit, tusschen(komend of liggend), verbindings - -, indirect:Intermediate cylinder= middelb. druk cylinder;Intermediate education(Intermediate schools) = middelbaar onderwijs (hoogere burgerscholen);Intermediate person= tusschenpersoon.
Interminable,intɐ̂minəb’l, oneindig, vervelend, gerekt; subst.Interminableness.
Intermingle,intəmiŋg’l, (zich) onderling vermengen.
Intermission,intəmiš’n, tusschenpoos, onderbreking;Intermissive.
Intermit,intəmit, tijdelijk afbreken, ophouden, verpoozen;Intermittence,Intermittency= onderbreking;Intermittent fever= intermitteerende koorts =Intermitting fever.
Intermix,intəmiks, onder elkander mengen;Intermixture= mengsel, dooreenmenging.
Intermural,intəmjûr’l, tusschen de muren.
Intermuscular,intəmɐskjulə, tusschen de spieren.
Intern,intɐ̂n, interneeren, waren naar het binnenland zenden (Amer.);Internal= innerlijk, inwendig, inlandsch;Internation= zending naar het binnenland;Internment= interneering.
International,intənašən’l, subst. “de Internationale” Zie:Internationalistadj, internationaal:International law= volkenrecht;Internationalism= internationalisme;Internationalist, subst. lid van de “Internationale”, soc. arbeidersvereenig. opgericht te Londen in 1864; adj. tot de “I” behoorende;Internationalize= internationaal maken.
Internecine,intənîs(a)in, moorddadig, verdelgings-:Internecine war.
Internodal,intənoud’l, tusschen twee knoopen of geledingen;Internode,intənoud, lid of been tusschen twee knoopen of geledingen.
Internuncius,intənɐnšəs, pauselijk vertegenwoordiger.
Interoceanic,intəroušianik, tusschen twee oceanen.
Interosseal,intərosiəl, tusschen de beenderen gelegen =Interosseous.
Interpellant,intəpel’nt, in de rede vallend; interpellant;Interpellate,intəpeleit, interpelleeren;Interpellation= interpellatie.
Interplead,intəplîd, met iemand over eigendomsrecht procedeeren.
Interpolate,intɐ̂pəleit, inschuiven, tusschenvoegen, interpoleeren;Interpolator;Interpolation= interpolatie.
Interpose,intəpouz, tusschenplaatsen, (zich) opdringen, in de rede vallen, tusschen beide komen, in ’t voorbijgaan opmerken:They didn’tinterpose inher management, or interfere in the choice of servants= zij bemoeiden zich niet met;Tointerpose appeal= appèl aanteekenen;Interposer;Interposition,intəpəziš’n, tusschenkomst, bemiddeling.
Interpret,intɐ̂prət, verklaren, vertalen, vertolken;Interpreter= tolk, uitlegger:Student interpreter= leerling tolk;Interpretation,intəpriteiš’n, vertolking, verklaring.
Interregnum,intəregn’m, tusschenregeering.
Interrogate,interəgeit, (onder)vragen; subst.Interrogation;Interrogative,intərogətiv, subst. en adj. vragend (voornaamwoord);Interrogator,interəgeitə, (onder)vrager, interpellant;Interrogatory,intərogətəri, vragend; subst. verhoor, schriftelijke vraag.
Interrupt,intərɐpt, in de rede vallen, afbreken, storen;Interrupter;Interruption= onderbreking, storing, pauze; adj.Interruptive.
Interscapular,intəskapjulə, tusschen de schouderbladen.
Intersect,intəsekt, (door)snijden, (door)kruisen;Intersection= doorsnede, snijpunt, kruispunt.
Interspace,intəspeis, tusschenruimte;Interspaceverb.intəspeis, tusschenruimte overlaten of aanvullen, innemen.
Intersperse,intəspɐ̂s, overal verspreiden, (rond)strooien.
Interstice,intɐ̂stis,intəstis, tusschenruimte; adj.Interstitial,intəstiš’l.
Intertropical,intətropik’l, tusschen de tropen of keerkringen.
Intertwine,intətwain, dooreenvlechten; subst.Intertwinement.
Intertwist,intətwist= Intertwine.
Interval,intəv’l, tusschenruimte(-tijd), interval, pauze, vlakke grond tusschen heuvels (ookintervalegespeld;Amer.):At intervals= van tijd tot tijd.
Interveined,intəveind, geaderd.
Intervene,intəvîn, liggen tusschen, tusschenbeide komen, storen;Intervention,intəvenš’n, tusschenkomst, bemiddeling.
Intervertebral,intəvɐ̂təbr’l, tusschen de wervels.
Interview,intəvjû, subst. samenkomst, gesprek, formeel bezoek van een dagbladcorrespondent aan een bekend persoon om hem op onderscheidene punten te hooren;Interviewverb. formeel bezoeken om ingelicht te worden;Interviewer.
Interweave,intəwîv, dooréénweven.
Intestacy,intestəsi, afwezigheid van een testament;Intestate,intestit, zonder testament overleden, niet bij testament vermaakt; subst. persoon, die zonder testament gestorven is.
Intestinal,intestin’l, tot de ingewanden behoorende; darm …;Intestine,intestin, inwendig, binnenlandsch:Intestine war= burgeroorlog;Intestines= darmen, ingewanden.
Inthral,inthrôl, tot slavernij brengen, insluiten.
Intimacy,intiməsi, gemeenzaamheid, vertrouwelijkheid;Intimate,intimit, adj. gemeenzaam, vertrouwelijk; subst. boezemvriend(in);[282]Intimateverb. (intimeit) vertrouwelijk mededeelen, te kennen geven;Intimation,intimeiš’n, kennisgeving, wenk:Intimation of death= kennisgeving van overlijden.
Intimidate,intimideit, vrees aanjagen, ontmoedigen, beangst maken; subst.Intimidation; adj.Intimidatory.
Intimity,intimiti, intimiteit.
Intitulation,intitjuleiš’n, subst. v.Intitule,intitjûl, betitelen.
Into,intu, in (drukt “richting” uit):He waslaughed into good humouragain= door lachen werd zijn goed humeur hersteld;Let melook intoit= laat mij het eens onderzoeken, inzien;This roomlooks intothe garden= ziet uit op;Hereasoned them into courage= hij wist door zijne woorden hun moed te doen herleven;You aresitting well into the fire= je zit haast bovenop het vuur.
Intolerability,intolərəbiliti, subst. v.Intolerable,intolərəb’l, onduldbaar, onverdragelijk; subst.Intolerableness.
Intolerance,intolər’ns, onverdraagzaamheid, niet in staat zijn te verdragen; adj.Intolerant,intolər’nt, ook subst.
Intonate,intəneit, intoneeren, aanheffen;Intonation,intouneiš’n, aanhef, intonatie, toongeving;Intone= aanheffen, intoneeren, zingen (v. kerkgezangen).
Intoxicant,intoksik’nt, dronken makend, bedwelmend(e drank);Intoxicate,intoksikeit, dronken maken, opwinden, dol maken;Intoxication, dronkenschap.
Intractability,intraktəbiliti, subst. v.Intractable,intraktəb’l, onhandelbaar, weerspannig; subst.Intractableness.
Intramural,intrəmjûr’l, binnen de muren.
Intranquillity,intraŋkwiliti, ongerustheid.
Intransitive,intransitiv, onovergankelijk.
Intransmissible,intransmisib’l, wat niet overgedragen kan worden.
Intrench,intrenš, met loopgraven omringen, verschansen;Intrenchment= verschansing.
Intrepid,intrepid, onverschrokken, onversaagd; subst.Intrepidity,intrəpiditi.
Intricacy,intrikəsi, ingewikkeldheid, neteligheid;Intricate,intrikit, ingewikkeld, netelig, duister; subst.Intricateness.
Intrig(u)ant,intrigənt, intrigant;Intrig(u)ante,intrigant,intrigant, intrigante.
Intrigue,intrîg, subst. kuiperij, intrigue;Intrigueverb. kuipen, intrigeeren:He isan intriguer, an intriguing fellow= een kuiper of intrigant.
Intrinsic(al),intrinsik(’l), innerlijk, eigen, echt.
Introcession,intrəseš’n, verzakking (Med.).
Introduce,intrədjûs, inleiden, invoeren, inlasschen, bekend maken, voorstellen; subst.Introduction,intrədɐkš’n:Letter of introduction= aanbevelingsbrief;Hemade some introductory (introductive) remarks= eenige inleidende opmerkingen.
Introit,introu-it, introïtus, woorden gezongen of opgezegd bij den aanvang der mis.
Intromission,intrəmiš’n, invoeging, toelating;—verb.Intromit,intrəmit.
Introspection,intrəspekš’n, zelfonderzoek;Introspective,intrəspektiv, bespiegelend.
Introversion,intrəvɐ̂š’n, naar binnen wenden of gekeerd zijn; adj.Introversive;Introvert,intrəvɐ̂t, naar binnen wenden:AnIntroverted nature= eenzelvige aard.
Intrude,intrûd, zich indringen, lastig vallen, zich opdringen:I hope Ido not intrude= niet ongelegen kom;Heintruded himself uponthe minister= drong zich op aan;Intruder;Intrusion,intrûž’n, indringing, het lastig vallen, onrechtmatige bezitneming van onbeheerd goed;Intrusive,intrûsiv, opdringend; subst.Intrusiveness.
Intrust,intrɐst, toevertrouwen:Heintrusted me withhis secret,Heintrusted his secret to me= vertrouwde mij toe.
Intuition,intjuiš’n, intuitie, innerlijke aanschouwing, niet op waargenomen feiten berustend;Intuitive,intjûitiv, innerlijk aanschouwend, intuitief.
Intumesce,intjumes, opzwellen, uitzetten;Intumescence= opzwelling, gezwel; adj.Intumescent.
Intussusception,intəsəsepš’n, opneming en inschuiving van het eene stuk of deel in een ander.
Intwine,intwain,Intwist,intwist, samenvlechten, ineenvlechten.
Inundate,inəndeit,inɐndeit, overstroomen;Inundation= overstrooming; overvloed.
Inure,injûə, gewennen, harden, tot eene gewoonte worden; ten goede komen (metto).
Inurn,inɐ̂n, in eeneurnverzamelen, bijzetten.
Inutility,injutiliti, nutteloosheid.
Inutterable,inɐtərəb’l, onuitsprekelijk.
Invade,inveid, invallen, inbreuk maken op, schenden;Invader.
Invalid,invalid, krachteloos, ongeldig, van geen waarde;Invalid,invəlîd,invəlid,invəlîd, subst. zieke, zwakke, invalide; adj. teer, zwak, ziek;Invalidverb. door ziekte aangetast worden, ongeschikt verklaren voor actieven dienst, buiten gevecht stellen:They wereinvalided home= als invalide naar huis gezonden;Invalidate,invalideit, krachteloos of van onwaarde maken, omverwerpen, vernietigen; subst.Invalidation;Invalidism,invəlîdizm,invəlîdizm= invaliditeit;Invalidity,invəliditi= ongeldigheid, krachteloosheid, invaliditeit.
Invaluable,invaljuəb’l, onschatbaar.
Invariability,invêriəbiliti, subst. v.Invariable,invêriəb’l, onveranderlijk, standvastig.
Invasion,inveiž’n, inval, inbreuk, schending; adj.Invasive.
Invective,invektiv, subst. smaadrede, scheldwoord, scherpe aanval; adj. stekelig, smadelijk, satirisch.
Inveigh,invei, uitvaren;Inveigher.
Inveigle,invîg’l, verlokken, verleiden, in de val lokken; subst.Inveiglement;Inveigler.
Invent,invent, uitvinden, verdichten, verzinnen;Invention= uitvinding, ontdekking, verzinsel, plannetje:Pure invention= een grove leugen;The inventions= Tentoonstelling der uitvindingen (1885);Inventive= vindingrijk; subst.Inventiveness;Inventor= uitvinder, bedenker; vr.Inventress.[283]
Inventory,invəntəri, subst. inventaris, lijst;Inventoryverb. inventariseeren.
Inveraray,invərêri;Inverness,invənes.
Inverse,invâs,invâs, omgekeerd; subst. omkeering:Inverse proportion= omgekeerde verhouding of reden;The father’s influence variedinverselyas the age of the son= in omgekeerde reden tot;Inversion,invɐ̂š’n, omkeering, omzetting (van woorden in een zin); adj.Inversive.
Invert,invât, onderstboven keeren, omzetten:Inverted commas= aanhalingsteekens.
Invertebrata,invɐ̂tibreitə, ongewervelde dieren;Invertebrate,invɐ̂tibrit, ongewerveld; slap (fig.); subst. ongewerveld dier, zwakkeling;Invertebrated= ongewerveld.