Anxiety,aŋzaiiti, angst, bezorgdheid; benauwdheid; vurig verlangen;Anxious,aŋšəs, angstig, bezorgd; verlangend, begeerig:He ison the anxious seat= hij zit leelijk in de klem;I am anxious to increase my collection of stamps= verlangend; subst.Anxiousness= bezorgdheid; verlangen.Any,eni, eenig (in zéér algemeenen zin) etc.:Have youanymoney for me? = ook?Is my fatherany better?= soms ook wat; (Verg.’t Amer.:That don’t comfort meany= geen sier;Will that help youany?= in eenig opzicht;If I had sleptanylast night= ook maar een oogenblik);You have not been hereany time= nog maar zoo kort;You will be welcomeat any time, (anywhen)= te allen tijde, wanneer ge ook komt.Anyhow,enihau, in elk geval, hoe dan ook;Anything= iets, wat dan ook, etc.:For anything I know= voor zoover ik weet;Like anything= zooveel mogelijk, dat het een aard heeft;That istoo charming for anything= onbeschrijfelijk (weergaloos) bekoorlijk;Anything but= alles behalve;My clock is,if anything,fast= loopt in elk geval voor;Anything likeforty times= lang geen 40 keer;He ceased to think of her as the most beautiful orthe most anything woman= of superieur in wat opzicht dan ook;Anyway= hoe dan ook, in allen gevalle;Anywhere= ergens;Anywise= op eenigerlei wijze.Aonian,eiounj’n, dichterlijk.Aorist,eiərist, aoristus.Aorta,eiöta, aorta;Aortic, tot de aorta behoorend.Aoul,âûl, een Tartaarsch kamp.Apace,əpeis, snel, vlug:Ill weeds grow apace= onkruid vergaat niet.Apanage,apənidž, apenage, aandeel, afhankelijk gebied.Apart,əpât, afgescheiden van, apart, anders dan anders:You cannot consider the one apart from the other= de beide dingen zijn niet te scheiden; subst.Apartness.Apartment,əpâtm’nt, vertrek:Apartments, reeks vertrekken (als woning);Apartments to let= kamers te huur (ookfig.);Apartment house(Am.) = huizen in verdiepingen verhuurd met gemeenschappel. ingang.Apathetic,apəthetik, apathisch;Apathy,apəthi, apathie, laksheid.Ape,eip, subst. aap (zonder staart), naäper; verb. naäpen:The higher the ape goes, the more he shows his tail;An ape’s an ape, a varlet’s a varlet, tho’ they be clad in silk and scarlet= al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een leelijk ding;Apery= apenstreek; naäperij.Apeak,əpîk, recht op en neer, bijna loodrecht =Apeek.Apelles,əpelîz;Apennines,apənainz= Appenijnen.Apepsia,əpepsiə,Apepsy,əpepsi, slechte spijsvertering.Aperient,əpîriənt, subst. laxeermiddel; adj. laxeerend =Aperitive.Aperture,apətjuə, opening, spleet.Apetalous,əpetəlɐs, zonder bloemblad.Apex,eipeks(Meerv.Apices,eipisiz, ofApexes,eipeksiz), toppunt.Aphaeresis,əfîrisisofəferisis, aphaeresis.Aphelion,əfîliən, aphelium.Aphidian,əfidiən, adj. bladluis …; subst. =Aphis,eifisofafis, bladluis. (Mv.Aphides,afidîz).Aphorism,afərizm, aphorisme;Aphoristic, aphoristisch.Aphrodite,afrədaiti, de Grieksche Venus.Aphtha,af-thə, spruw.Aphyllous,əfiləsofafilɐs, bladloos.Apiarian,eipiêriən, de bijen betreffend;Apiarist,eipjərist, ijmker;Apiary,eipjəri, bijenstal.A-piece,əpîs, per stuk, elk.Apish,eipiš, aapachtig, potsierlijk; subst.Apishness.A-pit(-a)pat,əpit(ə)pat, met snel geklop.Aplomb,əploŋ, aplomb.Apocalypse,əpokəlips, Openbaring;Apocalypticnumber= het getal 666.Apocope,əpokəpî, apocope.Apocrypha,əpokrifə, de apocryphe boeken (van het Oude Testament);Apocryphal= aprocief.Apodictic,apədiktik, apodictisch.Apogean,apədžîən:Apogean tides=Neap apogean;Apogee,apədži, apogaeum.[21]Apograph,apəgraf, afschrift.Apollo,əpolou, Apollo:Apolloandthe Nine.Apollyon,əpoliən, Apollyon, (Openb. IX, 11).Apologetic(al),əpolədžetik(’l), verontschuldigend;Apologist= apologeet;Apologize= zich verontschuldigen;Apology= apologie, verdediging, excuus:Hemade an apology= maakte excuus.Apo(ph)thegm,apəthem, kernspreuk.Apoplectic,apəplektik, beroerte …:Apoplectic fit (stroke)= aanval van beroerte;Apoplexy,apəpleksi, beroerte:Afit of apoplexy= aanval van beroerte.Apostasy,əpostəsi, afvalligheid:Julian theApostate= Juliaan de Afvallige;Apostatical, afvallig;Apostatize, afvallen.Apostil,əpostil, kantteekening, naschrift.Apostle,əpos’l, apostel:Acts of the Apostles= Handelingen d. Apostelen;Apostle-spoons= zilveren lepels, waarvan het handvatsel in het beeld van een apostel uitloopt (een gewoon geschenk van peetvaders bij het doopen);Apostleship, ambt v. apostel =Apostolate,əpostəlit;Apostolic= apostolisch:Apostolic fathers= Christelijke schrijvers ten tijde of onmiddellijk na de apostelen;Apostolic succession= machtsoverdracht van af de apostelen.Apostrophe,əpostrəfi, aanspraak, toespraak, afkappingsteeken;Apostrophize, zich wenden tot; met een apostrophe voorzien.Apothecary,əpothəkəri, apotheker (Schotl.enAmer.); soort van plattelands-heelmeester;Apothecaries’ Society= College, dat sedert 1874 examens afneemt enLicensesuitreikt (ZieChemist):Apothecary’s Bill= apothekersrekening (fig.);Apothecary’s Latin= potjeslatijn.Apotheosis,apəthiousisofapəthîəsis, verheerlijking;Apotheosize,apəthîəsaiz, verheerlijken.Appal,əpôl, verschrikken, ontstellen.Appanage=Apanage.Apparatus,apəreitəs, apparaat, hulpmiddelen, uitrusting, organen:Thedigestive apparatus= de verteringsorganen.Apparel,əpar’l, subst. de kleederen, gewaad; opschik;Apparelverb. kleeden, uitrusten, opschikken.Apparent,əpêr’nt, blijkbaar, duidelijk; schijnbaar; rechtmatig:Heir apparent= rechtmatige troonopvolger;Apparent horizon= schijnbare horizon;Apparent time= ware tijd;Apparent from= blijkend uit.Apparition,apəriš’n, verschijning, spooksel;Apparitional= schijnbaar, zichtbaar; spookachtig.Apparitor,əparitə, deurwaarder, pedel.Appeal,əpîl, subst. beroep, het recht van beroep, appel, dagvaarding; smeekbede:Appealverb. appelleeren, zich beroepen op, smeeken:Lord Justice of Appeal= lid vanHer Majesty’s Court of Appeal(Hof van Beroep);Without appeal= in laatste instantie;Hegave notice of appeal= gaf kennis dat hij wou appelleeren;Heappealed fromthis Court of Justice to the king’s mercy= hij appelleerde … van deze rechtbank op;The ministry willappeal to the country= zal de Kamer(s) ontbinden;appealable= vatbaar voor beroep.Appear,əpîə, verschijnen, zichtbaar worden, duidelijk zijn, blijken (by,from):It would appearthat= lijkt wel of;Appearance, verschijnen, voorkomen, aanblik, verschijnsel, vertoon:Tokeep up (save) appearances= den schijn redden;Tokeep up a proper appearance= fatsoenlijk voor den dag komen;Heput in an appearance= kwam, verscheen.Appeasable,əpîzəb’l, te bevredigen;Appease,əpîz, stillen, bevredigen;Appeasing remedies= pijnstillende.Appellant,əpel’nt, appelleerend, het appèl betreffend:Party appellant= de appellant; subst. appellant; requestrant;Appellate= het appèl betreffend:Appellate Court= Hof. v. Beroep;Appellation,apəleiš’n, benaming, naam;Appellative:Appellative name= soortnaam;Appellee, beschuldigde, aangeklaagde;Appellor,əpelə, aanklager;King’s (Queen’s) Evidence; wraker v. partijdigeJury-leden.Append,əpend, aanhechten, bijvoegen;Appendage= aanhangsel;Appendages= bijbehoorende terreinen;Appendant, bijgevoegd, begeleidend; subst. aanhangsel; afhankelijke;Appendicitis= blindedarmontsteking;Appendix= aanhangsel.Apperception,apəsepš’n, apperceptie, waarneming, voorstelling met bewustheid.Appertain,apətein, behooren tot, toebehooren;Appertainment= toebehooren.Appetence,apətens, begeerte; attractie;Appetent= begeerig.Appetite,apətait, eetlust, begeerte:Toget an appetite= honger krijgen;Togive an appetite= opwekken;Tohave an appetite;Tosharpen one’s appetite= eetlust geven;Totake away the appetite= benemen;The appetite is concealed under the teeth= al etende krijgt men eetlust;Appetitive(əpetitivofapətaitiv):Appetitive power(faculty) = begeervermogen;Anappetizingbook= boeiend, smakelijk.Applaud,əplôd, toejuichen;He wasreceived withgeneralapplause(əplôz);Applausive= bijvals …Apple,ap’l,appel:Apple of the eye;Apple of discord= twistappel;Apple-cart= appelkar; lichaam, wezen:To upset one’sapple-cart= een streep door de rekening halen;Apple-jack= appelcider (Amer.);Apple-john= appel, die lang goed blijven kan, doch dan ook rimpelig wordt;Apple-pie bed= bed, opzettelijk zoodanig opgemaakt, dat men zijn beenen niet kan uitstrekken;Everything is inapple-pie order= in volmaakte orde;Apple-tree;Apple-woman;Apple-yard= boomgaard.Appliance,əplaiəns, toepassing, middel, toestel, toebehooren.Applicability,aplikəbiliti, toepasselijkheid, bruikbaarheid,Applicable, toepasselijk (to);Applicant, sollicitant; requestrant;Application(=aplikeiš’n) toepassing (to) gebruik; ijver, vlijt; aanvraag, sollicitatie;Foroutward application= voor uitwendig gebruik;On application= bij inschrijving, op aanvraag;A personal (written) application;application for membershipin a club;applications are invitedfor the post= sollicitanten worden opgeroepen;[22]applications are to be madein writing= zich schriftelijk aan te melden.Apply,əplai, leggen op, brengen aan; toepassen, aanwenden, gebruiken; zich wenden tot (to), solliciteeren (for), betrekking hebben op (to), van toepassing zijn;Apply oneself (to)= zich toeleggen op.Appoint,əpôint, subst. saldo;Appointverb. bepalen, bescheiden, bestemmen, aanwijzen, vaststellen, inrichten, benoemen, aanstellen:He wasappointedgovernor of the town= aangesteld;I must hear the two voices in my breast;it has been appointed me= God heeft het bepaald, het is Zijn wil;Well-appointed= keurig;Appointee= vruchtgebruiker;Appointment= aanstelling, afspraak, honorarium, inrichting of uitrusting:He got hisformal appointment= benoeming;Mr. B.by appointment! = die belet heeft laten vragen;Appointment-book= agenda;By appointment(tailor) to his Majesty= hofleverancier.Apportion,əpöš’n, evenredig verdeelen, aanwijzen:The wagesapportioned tothis post= verbonden;Apportionment= verdeeling, toedeeling.Appose,əpouz, leggen (drukken) op; tegenover elkaar stellen.Apposite,apəzit, geschikt, voegzaam, te pas:This argument isapposite tothe case in question= toepasselijk op; subst.Appositeness.Apposition,apəziš’n, bijvoeging; bijstelling; adj.Appositional.Appraisable,əpreizəb’l, taxeerbaar;Appraisal= schatting;Appraise,əpreiz, waardeeren, schatten;Appraisement= schatting, taxatie;Appraiser= taxateur, schatter.Appreciable,əprîšiəb’l, schatbaar, merkbaar;Appreciate,əprîšieit, waardeeren, hoogschatten, op prijs stellen; verhoogen (toenemen) in prijs (Amer.);Appreciation, waardeering; prijsverhooging;Appreciative, waardeerend;Appreciatory= waardeerend, erkennend.Apprehend,aprihend, vatten, grijpen, begrijpen, verstaan; onderstellen; duchten;Apprehensibility= begrijpelijkheid; adj.Apprehensible;Apprehension= bevatting; vrees:To be dull of apprehension= traag v. bevatting;He was in no small apprehension for his life= vreesde zeer voor;Apprehensive, bevreesd (of); bevattelijk.Apprentice,əprentis, subst. leerjongen, leerling;Apprenticeverb. in de leer doen:Tobind (put) a person apprentice to= in de leer doen bij;I wasapprenticed toa very kind master at a very moderateapprentice-fee= leergeld;Apprenticeship= leertijd (meest 7 jaar in Eng.).Apprise,əpraiz, bekend maken met.Approach,əproutš, subst. nadering; toegang, oprit;Approachverb. naderen, nabij komen, gelijken op;Approaches= loopgraven;Toapproach a subject= aanroeren;Some relative pronounsapproach todemonstratives;Approachable, toegankelijk (ookfig.).Approbate,aprəbeit, goedkeuren, machtigen; adj. (aprəbit) goedgekeurd;Approbation, goedkeuring:Sent on Approbation= op zicht;Approbation-bill= onteigeningsontwerp.Appropriable,əproupriəb’l, toepasselijk;Appropriate,əprouprieit, verb. (zich) toeëigenen; voor een bepaald doel bestemmen, besteden:That sum wasappropriated forbuying furniture;The balance of the amount will beappropriated towardsthe sum due= het saldo van het bedrag zal in vermindering strekken van;Heappropriatedthe thingtohimself= eigende zich toe;Appropriateadj. (əproupriit) geschikt, voor een bepaald doel aangewezen; subst.Appropriateness;Appropriation, toeëigening, bestemming, aanwijzing, toestaan;Appropriative, strevend naar toeëigening;Appropriator, bezitter v. een prebende.Approvable,əprûvəb’l, loffelijk; subst.Approvableness;Approval= goedkeuring:To be sent on approval= op zicht gezonden;Approve,əprûv, goedkeuren; toonen; aanbevelen; bevestigen:I cannotApprove (of)these means= goedkeuren;Timeapprovesittrue= heeft bewezen;Approved= beproefd:Anapproved method;Anapproved author= erkend schrijver;Toapprove oneself= blijken te zijn;Toapprove oneself to= zich aangenaam maken bij;Approvement= verbetering;Approver=King’s (Queen’s) Evidence.Approximate,əproksimit, adj. naderend, bijna juist, bijna gelijk;Approximateverb. (əproksimeit) nabij komen, naderen;Byapproximation, bij benadering;Approximative= bij benadering.Appurtenance,əpɐ̂tən’ns, aanhangsel, bijvoegsel, servituut;Appurtenant, bijbehoorend; toebehooren.Apricot,eiprikotofaprikot, abrikoos.April,eipril, April; jeugd; onbestendigheid:April-fool= Aprilgek:He made an April-fool of me;April-fool day=All Fools’ Day= 1 April.Apron,eipr’n, schort, schootsvel; dekkleed, deksel op het zundgat van een kanon; de vette buikhuidbedekking v. eend of gans (Provinc.):He istied to his wife’s apron-strings= hij zit onder de plak.Apsis,apsis(Mv.Apsides,apsidîz), apsis (inastron.enarchit.).Apt,apt, bekwaam, gepast; onderhevig, geneigd; vlug, klaar;Aptitude,aptitjûd, geschiktheid, bekwaamheid, neiging =Aptness.Apter,aptə, vleugelloos insect (Mv.Aptera);Apteran=Apterous, ongevleugeld.Apulia,əpjûliə, Apulië; adj.Apulian.Apyrous,əpairəsofapərɐs, vuurvast, onsmeltbaar.Aquarelle,akwərel, aquarel;Aquarellist, aquarellist.Aquarium,əkwêrj’m, aquarium;Aquarius,əkwêrjəs, de Waterman (Sterrenb.).Aquatic,əkwatik, in of op het water levend, water…; waterplant;Aquatics= watersport;Aqueduct,akwidɐkt= (steenen) waterleiding.Aquatint,akwətint,eikwətint, aquatinta;Aquatintverb. inaquatintabehandelen.Aqueous,eikwiəs, waterig, waterachtig, water …:Aqueous rocks= sedimentair gesteente.Aquiferous,əkwifərəs, waterhoudend;Aquiform,eikwiföm, in den toestand van water.Aquiline,akwil(a)in, tot den arend behoorend, arends - -.[23]Arab,arəb, subst. Arabier; Arabisch paard; adj. Arabisch:Street aquilines= daklooze kinderen;Arabesk, Arabesque,arəbesk, subst. arabesk; adj. Moorsch, fantastisch;Arabesqueverb. met arabesken versieren;Arabia,əreibjə,Arabian,əreibjn, Arabisch, Arabier:The Arabian Nights’ Entertainments= de Duizend en Een Nacht vertellingen;Arabic,arəbik, Arabisch; subst. Arabische taal:Arabic numerals;Arabist,arəbist, geleerde in Arabische taal en letteren.Arable,arəb’l, beploegbaar, bebouwbaar.Araby,arəbi, Arabië.Araeometer,âriomətə, areometer.Arbalist,âbəlist, voetboog;Arbalister, voetboogschutter.Arbiter,âbitə, scheidsrechter, autoriteit;Arbitrage,âbitridz, arbitrage; adj.Arbitral= arbitraal:Arbitrariness= willekeur;Arbitrary,âbitrəri, willekeurig, despotisch, grillig:Arbitrary address= telegr. adres;Arbitrate= arbitreeren;Arbitration= arbitrage:Arbitration of exchange(s)= wisselarbitrage;Arbitrator= arbiter, despoot;Arbitratix=Arbitress= vr. scheidsrechter.Arbor,âbə, boom; hoofdas;Arboreal,âbôriəl,Arboraceous,âbəreišəs, boomachtig, op boomen groeiend, boom.…;Arboreous=Arboreal= met bosch begroeid;Arboretum,âbərît’m, wetenschapp. boomkweekerij;Arboriculture= boomkweeking;Arboriculturist= boomkweeker;Arborist,âbərist, boomkenner;Arborous:Arbor roof= loofdak.Arbour,âbə, priëel; berceau.Arbuscle,âbɐs’l, dwergboompje, struik;Arbuscular,âbɐskjulə, heesterachtig; in bosjes;Arbustum= boschje, boomgaard;Arbute=Arbutus= aardbezieboom.Arc,âk, cirkelboog:Electric arc-lamp= booglamp;Arc-light.Arcade,âkeid, bogengang; winkelgalerij.Arcadia,âkeidjə, Arcadië;Arcadian= Arcadiër; adj. =Arcadic,âkeidik, Arcadisch.Arcanum,âkein’m, geheim; geheim geneesmiddel:Shall I reveal thearcanaof that virgin breast= geheimen.Arch,âtš, subst. boog, gewelf:Archverb. zich welven, krommen, overwelven;Arch (of heaven)= hemelgewelf;Triumphal arch= eereboog;Archway= overwelfde gang;Arches Court=Court of Arches, hoogste geestelijk gerechtshof.Arch,âtš= voornaamste, eerste, aarts …; schalksch, snaaksch:Archangel,âkeinž’l, aartsengel; doove netel;Archangel(âkeinž’l);Archarchitect,âtšâkitekt, de Opperbouwheer des Heelals;Archbishop,âtšbiš’p, aartsbisschop;Archdeacon,âtšdîk’n, geestelijk hoofd van de 2 of meer deaconries waarin elk Bisdom is verdeeld;Archdiocese,âtšdaiesis, aartsbisdom;Archduke (Archduchy); Arch-enemy; Archetype,âkitaip, oorspronkelijk model of type;Arch-fiend,âtsfînd, de Satan;Arch-foe; Arch-heresy,âtšherəsi, aartsketterij;Arch-heretic;Archhypocrite.Archaeologer,âkiolədžə=Archaeologian; adj.Archaeologic(al);Archaeologist= archaeoloog;Archaeology, archaeologie, oudheidkunde.Archaic(al),âkeiik(’l), oud, verouderd;Archaism,âkeiizm, verouderd woord (of uitdrukking).Archer(ess),âtšə(rəs), mannelijke (vrouwelijke) boogschutter;Archery, boogschieten; boogschutters.Archimagus,âkimeigəs, Perz. hoogepriester.Archimedean,Archimedian,âkimîdiən,âkimidîən:Archimedean screw= schroef van A.;Archimedes,âkimîdiz, Archimedes.Archipelago,âkipeləgou, archipel.Architect,âkitekt, architekt; schepper:Every one is the architect of his own fortune= iedereen heeft zijn eigen geluk in zijn hand;Architectonic=Architectural, architectonisch;Architecture,âkitektjə, bouwkunde;Architrave= architraaf.Archival,âkaiv’l, adj. archivarisch, archief …;Archives,âkaivz, het archief:Municipal Archives;Archivist= Archivaris =Keeper of the Archives.Archon,âk’n, Archont;Archonship= ambt van A; adj.Archontic.Arctic,âktik, noordelijk; koud:Arctic circle= Noordpool(cirkel);Arctic expedition.Ardency,âd’nsi, vuur, drift, ijver.Ardennes,âden, (de) Ardennen.Ardent,âd’nt, vurig, volijverig;Ardent spirits= alcoholische dranken;My most ardentwish= vurigste.Ardour,âdə, vuur, gloed, ijver.Arduous,âdjuɐs= steil; moeielijk;Arduousness, steilheid, etc.Are,ɐ̂,Teg. tijd, meerv.vanto be= zijn; subst. are = 119,6 vierk.yards.Area,êriə, oppervlakte, gebied, terrein; de ruimte vóór een sousterrain in Engelsche huizen, die van de straat door een hek langs eene trap toegang geeft tot de keuken, etc.;Area-bell= keukenbel;Area-sneak= (insluip)dief.Arena,ərînə, arena.Arenaceous,arineišəs, zandig, brokkelig, dor;Arenarious, zandig;Arenose,arinous,arinous.Areometer,ariomətə, areometer.Areopagus,ariopəgɐs, Areopagus.Argent,âdž’nt, zilverkleurig; subst. zilver, zilverwitte kleur;Argental, zilveren, zilverhoudend;Argentan= nieuw zilver;Argentiferous= zilverhoudend;Argentine,âdž’nt(a)in, zilveren, luidklinkend; Argentijnsch; subst. verzilverd nieuwzilver; zilvervisch; Argentijn;Argentina, Argentinië.Argle-bargle,âg’lbâg’l= redetwisten.Argonaut,âgənôt, Argonaut; nautilus.Argosy,âgəsi, karaak.Arguable,âgjuəb’l, bewijsbaar; betwistbaar;Argue,âgju, redeneeren, redetwisten, debatteeren, getuigen van, overreden:It was no use toargue the point= bespreken;Hearguedmeinto= bracht mij door overreding tot;Argument,âgjument, argument, bewijs, bewijsgrond; onderwerp eener discussie; hoofdinhoud:Don’tstart an argument= begin geen discussie;Argumentation= bewijsvoering;Argumentative= bewijzend, logisch; polemisch; subst.Argumentativeness.Argus,âgəs, Argus:Argus-eyes;Argus-eyed.[24]Argyle,âgail, stad.Aria,âriə, aria.Arian,êriən, Ariaansch; subst. een aanhanger van Arius;Arianism, Arianisme.Arid,arid, dor, onvruchtbaar;Aridity, dorheid, etc. =Aridness.Ariel,êriəl;Aries,êriîz, Ram (sterrenb.); rammei.Aright,ərait, recht:Toset aright= recht zetten, in orde brengen.Arise,əraiz, opstaan, zich verheffen, verschijnen, ontstaan; zich verzetten (against).Arista,əristə, baard (der korenaren); stekel.Aristarch,aristâk, Aristarch.Aristocracy,aristokrəsi, aristocratie;Aristocrat,aristəkrat,aristəkrat;Aristocratic(al), aristocratisch.Aristotelean,Aristotelian,aristətîliən= van Aristoteles (AristotelesofAristotle) =Aristotelic.Arithmetic,ərith-mətik, rekenkunde, rekenboek, rekenen, getalleer:Commercial (Mercantile) Arithmetic= handelsrekenen;Mental arithmetic= uit ’t hoofd rekenen;Arithmetic(al),arithmetik(’l), rekenkundig;Arithmetician, rekenaar;Arithmometer= rekenmachine.Ark,âk, ark; het biezen mandje, waarin Mozes lag; soort platboomd rivier vaartuig (Amer.):TheArk of the Covenant= de Arke des Verbonds;Noah’s Ark(ook v. speelgoed).Arkansas,âkansəs, Arkansas.Arm,âm, subst. arm, wapen, macht;Armverb. wapenen, versterken, voorzien van:With one’s arms across=With folded arms;Aninfant in arms= nog op arm gedragen kind;At arm’s length;Arm in arm;Right arm= rechterhand (fig.);Secular arm= wereldl. macht, overheid;Soldiers ofthe same arm= wapen;The cavalry arm= het wapen der cav.;Arms, wapenen; wapen:Coat-of-arms= familiewapen;Master at Arms= provoostgeweldiger;Standofarms= geweer met bajonet, patroontasch, etc.; volledige uitrusting;Tocall to arms= te wapen roepen;Allthe nations werein armsagainst France= traden gewapend op tegen;The people wasunder arms= onder de wapenen;Shoulder, carry arms= over, schouder ’t geweer;The whole forcestood to arms= was in ’t geweer;Armed at all points= van ’t hoofd tot de voeten;Arm-chair= armstoel; adj. theoret., doctrinair, dilettant:Arm-chair critics;Arm-chair authorities, etc.;Arm-hole= armsgat;Arm-pit= oksel;Arm-rack= wapenrek;Armful= armvol;Armless= zonder wapenen of armen.Armada,âmeidə, armada.Armadillo,âmədilou, gordeldier; oproller (insect).Armament,âməment, krijgstoerusting; krijgsmacht.Armature,âmətjuə, uitrusting, bewapening, armatuur; pantser, versterking.Armenia,âmînjə, Armenië;Armenian, Armenisch; Armeniër.Armiger,âmidžə, wapendrager, schildknaap.Arminian,âminj’n, Arminiaan.Armistice,âmistis, wapenstilstand.Armlet,âmlət, armpje, inham; armring, armstuk.Armorial,âmôriəl:Armorial bearings= wapenschild; subst. wapenboek.Armour,âmə, wapenrusting, harnas, pantser, beslag;Armourverb. pantseren, uitrusten:Armour-bearer=Armiger;Armour-clad= gepantserd;Armour-plate= pantserplaat;Armoured train= gepantserd;Armourer= wapensmid, geweermaker;Armoury= arsenaal; wapenfabriek (Amer.).Armstrong,âmstroŋ, uitvinder van hetArmstrong gun.Army,âmi, leger, menigte, zwerm:Army-chaplain= veldprediker;Army corps;Army examination= toelat. exam. voor een mil. school;Army list= ranglijst;Army men= officieren.Arnaut,Arnaout,ânaut, ânaut;Arnold,ânəld, Arnold, Arnout.Arnut,ânət, aardnoot, aardakker.Aroma,əroumə, aroma;Aromatic, aromatisch:Aromatics= specery;Aromatize= kruiden, geuren.Arose,ərouz, imperf. vanto arise.Around,əraund, in ’t rond, rondom, omheen:I’llget aroundyou= ’k zal je wel vinden.Arouse,ərauz, opwekken, aansporen, (doen) ontwaken, in beroering (opschudding) brengen.Arow,ərou, op eene rij, achtereenvolgens.Aroynt thee,ərôint dhî, scheer je weg.Arquebus,âk(w)əbɐs, haakbus, oud vuurroer;Arquebusierâkwəbəsîə, busschieter:Officers of Arquebusiers of St. George (St. Andrew)= van den Jorisdoelen (Adriaansdoelen).Arrack,arək, ərak, arak.Arraign,ərein, voor een rechtbank roepen, beschuldigen, aanklagen:Clerk of Arraigns= ambtenaar belast met het opmaken van de aanklacht;Arraignment, aanklacht, etc.Arrange,əreinž, schikken, regelen, in orde brengen, arrangeeren(muz.), afspreken:I havearranged forit= ik heb maatregelen genomen;Arrangement= schikking, inrichting.Arrant,ar’nt, erg, doortrapt, aarts …:He is anarrant fool= groote gek (= in één woord: een gek).Arras,arəs,tapijt (als behang in vroeger tijd); Atrecht;Arrased= metarrasbehangen.Array,ərei, subst. slagorde, gelid; troepen; kleeding, dos, kleederpracht; installeeren der jury, de geïnstalleerde jury;Arrayverb. (in slagorde) opstellen; de juryleden oproepen en installeeren; uitdossen:To challenge the array= de lijst der juryleden wraken.Arrear,ərîə, achterstallige schuld (doorgaans mv.):I amin arrears= achterop met het betalen mijner schulden;That sum isin arrears= nog niet betaald.Arrest,ərest, verb. tegenhouden, stuiten; arresteeren; boeien; subst. inhechtenisneming, beslag;To arrest a fire= stuiten;To arrest the attention (the eyes)= boeien;Arresteddevelopment= belemmerde ontwikkeling;Open arrest= kamerarrest;Under (an) arrest= in arrest;Toput (place)[25]under arrest;Tolay arrest on= beslag leggen op.Arret,əreiofəret, de beslissing van eene rechtbank, arrest; decreet, edict.Arris,aris, scherpe kant:Arris-beam= graatbalk;Arris-gutter=V-vormige goot;Arris-wise, diagonaal.Arrival,əraiv’l, aankomst, aangekomene, aangekomen schip, aanvoer:The man was looking through thearrivals= keek eens na, wat (wie) (in)gekomen was;Arrival book= vreemdelingenboek;Arrive,əraiv, aankomen, bereiken, verkrijgen:Edison has arrivedand is world-famous= E. heeft zijn pogingen bekroond gezien;Toarrive at a conclusion= komen tot.Arrogance,arəgəns, aanmatiging;Arrogant= aanmatigend;Arrogate,arəgeit, zich aanmatigen, wederrechtelijk toeëigenen.Arrow,arou, pijl:Broad arrow= pijlvormig teeken op wapenen, mijlsteenen en tuchthuiskleeren:Arrow-head= pijlspits;Arrow-root= pijlwortel; arrowroot.Arry,ari, plat Londenaar uit de volksklasse;Arriet,ari-it, diens meisje.Arse,âs, aars.Arsenal,âsən’l, arsenaal.Arsenic,âs’nik,âsənik, subst. arsenicum, rattenkruid; adj. (âsenik):Arsenic acid= arseenzuur;Arsenious acid,âsîniəsasid, arsenigzuur.Arsis,âsis, rijzende stembuiging, arsis.Arson,âs’n, brandstichting (Jur.).Art,ât, kunst, bekwaamheid, handigheid; list:Applied art= kunstnijverheid;High art= ‘in stijl’;To be art and part in= deelachtig zijn aan;Fine (Polite) arts= de schoone kunsten;Liberal arts= de vrije kunsten;Master of Arts= een acad. graad, die zonder examen aanBachelorswordt verleend als ze nog drie jaar ‘aan’ zijn gebleven;Art-school= teekenacademie;Art-union, vereeniging voor kunst;Artful, artistiek; geslepen; subst.Artfulness;Artless, smakeloos; ongekunsteld, argeloos; subst.Artlessness.Artemisia,âtimižə, Artemisia; alsem.Arterial,âtîriəl, slagaderlijk:Arterial blood= slagaderlijk bloed;Through the lungs venous blood isarterialized= door de longen wordt aderlijk in slagaderlijk bloed veranderd;Artery,âtəri, slagader, hoofdkanaal, hoofdader.Artesian,âtîžən, Artesisch:Artesian well= … put.Arthur,âthə, Arthur; adj.Arthurian.Artichoke,âtitšouk, artisjok.Article,âtik’l, subst. artikel, post, voorwerp, substantie, lidwoord (gramm.):Articles= contract, monsterrol;Articleverb. door artikelen vaststellen, door bepaalde voorwaarden verbinden, vaststellen:You area nice article= fijn heer;The genuine article= je ware!What isthe next article?= verlangt u nog iets (in winkels)?Articles of association= statuten;Articles of war= krijgsartikelen;I was articledthere= op bepaalde voorwaarden aangenomen;Articled toa firm;Anarticled clerk= een klerk die een bepaalde som (premium) betaalt aan densolicitorbij wien hij in de leer is.Articular,âtîkjulə, tot de gewrichten behoorend, gewrichts - -:Gout is anarticular disease= gewrichtskwaal;Articulate,âtikjulit, adj. geleed; gearticuleerd; duidelijk;Articulateverb.âtikjuleit, articuleeren, geleed verbinden;Articulateness= duidelijkheid;Articulation, geleding, articulatie.Artifice,âtifis, kunst; streek;Artificer, bedreven werkman (vooral in tech. vakken); schepper;Artificial= kunst(vaard)ig, kunstmatig; geveinsd, gemaakt:Artificial arms, Artificial eyes= kunst - -;Artificial florist= kunstbloemenmaker;Artificial numbers= logarithmen; subst.Artificiality=Artificialness= gekunsteldheid.Artillerist,âtilərist, artillerist;Artillery,âtîləri, artillerie, zwaar geschut:Captain A.of the artillery;Artillery-butt= kogelvanger;Artillery-driver= stukrijder;Artilleryman= artillerist;Artillery practice= oefening met de kanonnen.Artisan,âtiz’n, âtizan, werkman;Artisan house;Artisans’ dwellings.Artist,âtist, kunstenaar;Artistic(al),âtistik(’l), artistiek;Artiste,âtîst, artiest.Artocarpus,âtəkâpəs, broodvruchtboom.Arundel,ar’ndəlofərɐnd’l(Amer.).Aryan,êriən,âriən, Arisch; subst. Arische taal, Ariër.Arytenoid,aritînôid, bekervormig (kraakbeen van het strottenhoofd).As,az, gelijk, zooals, toen, terwijl, aangezien, als, bij voorbeeld:As far asI know= voor zoover;As if= alsof;He told meAs much= zulks;As to (As for)= wat betreft;As though= alsof;As yet= nog, totnutoe;As I live= zoowaar;As it were, als ’t ware;I mightas wellgo= ik kon wel eens gaan;She has enough to bearas it is= toch al genoeg;He had had to retrenchas it was= toch al.Asafoetida,asəfetidə, duivelsdrek.Asbest(os),azbest(os), asbest(os), asbest, steenvlas;Asbestic, asbest …;Asbestine= asbest.…; onverbrandbaar;Asbestous=Asbestic.Ascend,əsend, opklimmen, opstijgen, teruggaan tot, opstaan, opgaan, beklimmen; opvaren:They ascended the hill= zij beklommen;Ascendable= beklimbaar, enz.;Ascendancy, overwicht, invloed:Naturehas an ascendency overlogic= de natuur gaat boven de leer;Ascendant= opklimmend, stijgend, superieur; subst. overwicht, invloed, hoogte, horoscoop:His star is in the ascendant= zijn geluksster gaat op;Hehas the ascendant overme= hij heeft overwicht over mij;Ascendency=Ascendancy;Ascension= (be)stijging, hemelvaart (van Jezus):Ascension Day= Hemelvaartsdag.Ascent,əsent, beklimming, opgaan, opkomst, stijging, hoogte.Ascertain,asətein, zich vergewissen, vaststellen, vernemen;Ascertainable, vast te stellen;Ascertainment, vaststelling, etc.Ascetic,əsetik, ascetisch, streng, vroom; subst. asceet, kluizenaar;Asceticism, ascetisme;Ascetical=Ascetic.[26]Ascham,ask’m:Roger Ascham, een schrijver (1515–68).Asci,asai,Ascians,asiənz, schaduwloozen.Ascribable,əskraibəb’l, toe te schrijven;Ascribe,əskraib, toeschrijven aan;Ascription= toeschrijving.Asexual,əsekšuəl, geslachtloos.Ash,aš, esch; adj. van esschenhout =Ashen.Ash,aš, subst. asch:Cigar (pipe, tobacco) ash;Volcanic ash(es);Ashes= asch (ook fig.):Peace to hisashes;To lay inashes;Sitting in dust andashes;Pale as ashes=Ashenpale;To growashen= doodsbleek worden;Ash-bin= aschvat;Ash-box,Ash-bucket= aschbak, aschemmer;Ash-pan= aschbak;Ash-path= asphalt wielerbaan;Ash-pit= aschkuil, aschbak;Ashputtel= Asschepoester;Ash-tray= aschbakje;Ash-Wednesdayašwenzdi, Aschdag;Ash-weed,ašwîd, geitebaard (plant);Ashy= aschkleurig.Ashamed,əšeimd, beschaamd:To be ashamed of= zich schamen over.Ashlar,Ashler,ašlə, hardsteen; hardsteenen façade;Ashlaring= hardsteenen muur; dakbetimmering; arduin.Ashore,əšö, aan (naar) wal; gestrand:To go ashore= landen; ook =To run ashore= stranden.Asia,eišiə, Azië;Asiatic, Aziatisch; Aziaat.Aside,əsaid, adv. ter zijde, aan eene zijde:To earnlarge sumsaside= er bij verdienen op minder eerlijke manier;To lay (put) aside= overleggen, sparen;This is aside from the question= staat buiten de kwestie; subst. terzijde.Asinine,asin(a)in, ezelachtig, ezels - -;Asininity, ezelachtigheid.Ask,âsk, vragen, verzoeken, verlangen, uitnoodigen:Toask about= naar;To ask after= naar;Toask again (back)= terug;Toask for= naar, om;I askeda pennyofhim,I askedhimfora penny= om;Toask (for) nothing better= niets liever willen;Toask todinner;A thing to be asked and had= voor het vragen (=To be got for theasking);Anaskingchild= dat veel vragen doet;I could have it for the asking= ik heb het maar voor ’t vragen;To ask in church= ’t voorgenomen huwelijk afkondigen.Askance,əskâns,Askant,əskânt, schuins, van terzijde:Helooked askanceat me= scheel, jaloersch.Askew,əskjû, schuins, scheef, verachtelijk.Aslant,əslânt, schuins, dwarsover:Tohang aslant.Asleep,əslîp, in slaap; ontslapen:He wasfast (sound) asleep= in diepe rust;To fall(Torock)asleep.Aslope,əsloup, hellend.A-smear,əsmîə, bevuild.Asp,asp, (Aspic,aspik), aspis, adder; esp(eboom), ratelpopulier; adj.Aspen:Totremble like an aspen leaf;Asp tree= esp.Asparaginous,aspəradžinəs, asperge - - -;Asparagus,əsparəgɐs, asperge.Aspect,aspəkt, gezicht(spunt), oogpunt, zijde, kant, licht; stand; uitzicht; voorkomen; ligging:The house hasa southern aspect= ligt op het Zuiden.Asper,aspə, subst. spiritus asper.Asperity,əsperiti, ruwheid, scherpheid, norschheid.Asperge,aspɐ̂dž= besprenkelen; ook subst. =Aspergill(um),aspədžil(’m), wijwaterkwast.Asperse,əspɐ̂s, belasteren, bezwalken; besprenkelen:Who daredaspersemy friend’scharacter?Aspersive= lasterlijk;He hascastshamefulaspersionson this man= schandelijk belasterd;Aspersorium= wijwaterbekken.Asphalt,asfalt,əsfalt, asphalt:Asphalt pavement;Asphaltic(=Asphaltite):Asphaltic cement;The Asphaltites Lake,dhiasf’ltaitîzleik= Doode Zee.
Anxiety,aŋzaiiti, angst, bezorgdheid; benauwdheid; vurig verlangen;Anxious,aŋšəs, angstig, bezorgd; verlangend, begeerig:He ison the anxious seat= hij zit leelijk in de klem;I am anxious to increase my collection of stamps= verlangend; subst.Anxiousness= bezorgdheid; verlangen.Any,eni, eenig (in zéér algemeenen zin) etc.:Have youanymoney for me? = ook?Is my fatherany better?= soms ook wat; (Verg.’t Amer.:That don’t comfort meany= geen sier;Will that help youany?= in eenig opzicht;If I had sleptanylast night= ook maar een oogenblik);You have not been hereany time= nog maar zoo kort;You will be welcomeat any time, (anywhen)= te allen tijde, wanneer ge ook komt.Anyhow,enihau, in elk geval, hoe dan ook;Anything= iets, wat dan ook, etc.:For anything I know= voor zoover ik weet;Like anything= zooveel mogelijk, dat het een aard heeft;That istoo charming for anything= onbeschrijfelijk (weergaloos) bekoorlijk;Anything but= alles behalve;My clock is,if anything,fast= loopt in elk geval voor;Anything likeforty times= lang geen 40 keer;He ceased to think of her as the most beautiful orthe most anything woman= of superieur in wat opzicht dan ook;Anyway= hoe dan ook, in allen gevalle;Anywhere= ergens;Anywise= op eenigerlei wijze.Aonian,eiounj’n, dichterlijk.Aorist,eiərist, aoristus.Aorta,eiöta, aorta;Aortic, tot de aorta behoorend.Aoul,âûl, een Tartaarsch kamp.Apace,əpeis, snel, vlug:Ill weeds grow apace= onkruid vergaat niet.Apanage,apənidž, apenage, aandeel, afhankelijk gebied.Apart,əpât, afgescheiden van, apart, anders dan anders:You cannot consider the one apart from the other= de beide dingen zijn niet te scheiden; subst.Apartness.Apartment,əpâtm’nt, vertrek:Apartments, reeks vertrekken (als woning);Apartments to let= kamers te huur (ookfig.);Apartment house(Am.) = huizen in verdiepingen verhuurd met gemeenschappel. ingang.Apathetic,apəthetik, apathisch;Apathy,apəthi, apathie, laksheid.Ape,eip, subst. aap (zonder staart), naäper; verb. naäpen:The higher the ape goes, the more he shows his tail;An ape’s an ape, a varlet’s a varlet, tho’ they be clad in silk and scarlet= al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een leelijk ding;Apery= apenstreek; naäperij.Apeak,əpîk, recht op en neer, bijna loodrecht =Apeek.Apelles,əpelîz;Apennines,apənainz= Appenijnen.Apepsia,əpepsiə,Apepsy,əpepsi, slechte spijsvertering.Aperient,əpîriənt, subst. laxeermiddel; adj. laxeerend =Aperitive.Aperture,apətjuə, opening, spleet.Apetalous,əpetəlɐs, zonder bloemblad.Apex,eipeks(Meerv.Apices,eipisiz, ofApexes,eipeksiz), toppunt.Aphaeresis,əfîrisisofəferisis, aphaeresis.Aphelion,əfîliən, aphelium.Aphidian,əfidiən, adj. bladluis …; subst. =Aphis,eifisofafis, bladluis. (Mv.Aphides,afidîz).Aphorism,afərizm, aphorisme;Aphoristic, aphoristisch.Aphrodite,afrədaiti, de Grieksche Venus.Aphtha,af-thə, spruw.Aphyllous,əfiləsofafilɐs, bladloos.Apiarian,eipiêriən, de bijen betreffend;Apiarist,eipjərist, ijmker;Apiary,eipjəri, bijenstal.A-piece,əpîs, per stuk, elk.Apish,eipiš, aapachtig, potsierlijk; subst.Apishness.A-pit(-a)pat,əpit(ə)pat, met snel geklop.Aplomb,əploŋ, aplomb.Apocalypse,əpokəlips, Openbaring;Apocalypticnumber= het getal 666.Apocope,əpokəpî, apocope.Apocrypha,əpokrifə, de apocryphe boeken (van het Oude Testament);Apocryphal= aprocief.Apodictic,apədiktik, apodictisch.Apogean,apədžîən:Apogean tides=Neap apogean;Apogee,apədži, apogaeum.[21]Apograph,apəgraf, afschrift.Apollo,əpolou, Apollo:Apolloandthe Nine.Apollyon,əpoliən, Apollyon, (Openb. IX, 11).Apologetic(al),əpolədžetik(’l), verontschuldigend;Apologist= apologeet;Apologize= zich verontschuldigen;Apology= apologie, verdediging, excuus:Hemade an apology= maakte excuus.Apo(ph)thegm,apəthem, kernspreuk.Apoplectic,apəplektik, beroerte …:Apoplectic fit (stroke)= aanval van beroerte;Apoplexy,apəpleksi, beroerte:Afit of apoplexy= aanval van beroerte.Apostasy,əpostəsi, afvalligheid:Julian theApostate= Juliaan de Afvallige;Apostatical, afvallig;Apostatize, afvallen.Apostil,əpostil, kantteekening, naschrift.Apostle,əpos’l, apostel:Acts of the Apostles= Handelingen d. Apostelen;Apostle-spoons= zilveren lepels, waarvan het handvatsel in het beeld van een apostel uitloopt (een gewoon geschenk van peetvaders bij het doopen);Apostleship, ambt v. apostel =Apostolate,əpostəlit;Apostolic= apostolisch:Apostolic fathers= Christelijke schrijvers ten tijde of onmiddellijk na de apostelen;Apostolic succession= machtsoverdracht van af de apostelen.Apostrophe,əpostrəfi, aanspraak, toespraak, afkappingsteeken;Apostrophize, zich wenden tot; met een apostrophe voorzien.Apothecary,əpothəkəri, apotheker (Schotl.enAmer.); soort van plattelands-heelmeester;Apothecaries’ Society= College, dat sedert 1874 examens afneemt enLicensesuitreikt (ZieChemist):Apothecary’s Bill= apothekersrekening (fig.);Apothecary’s Latin= potjeslatijn.Apotheosis,apəthiousisofapəthîəsis, verheerlijking;Apotheosize,apəthîəsaiz, verheerlijken.Appal,əpôl, verschrikken, ontstellen.Appanage=Apanage.Apparatus,apəreitəs, apparaat, hulpmiddelen, uitrusting, organen:Thedigestive apparatus= de verteringsorganen.Apparel,əpar’l, subst. de kleederen, gewaad; opschik;Apparelverb. kleeden, uitrusten, opschikken.Apparent,əpêr’nt, blijkbaar, duidelijk; schijnbaar; rechtmatig:Heir apparent= rechtmatige troonopvolger;Apparent horizon= schijnbare horizon;Apparent time= ware tijd;Apparent from= blijkend uit.Apparition,apəriš’n, verschijning, spooksel;Apparitional= schijnbaar, zichtbaar; spookachtig.Apparitor,əparitə, deurwaarder, pedel.Appeal,əpîl, subst. beroep, het recht van beroep, appel, dagvaarding; smeekbede:Appealverb. appelleeren, zich beroepen op, smeeken:Lord Justice of Appeal= lid vanHer Majesty’s Court of Appeal(Hof van Beroep);Without appeal= in laatste instantie;Hegave notice of appeal= gaf kennis dat hij wou appelleeren;Heappealed fromthis Court of Justice to the king’s mercy= hij appelleerde … van deze rechtbank op;The ministry willappeal to the country= zal de Kamer(s) ontbinden;appealable= vatbaar voor beroep.Appear,əpîə, verschijnen, zichtbaar worden, duidelijk zijn, blijken (by,from):It would appearthat= lijkt wel of;Appearance, verschijnen, voorkomen, aanblik, verschijnsel, vertoon:Tokeep up (save) appearances= den schijn redden;Tokeep up a proper appearance= fatsoenlijk voor den dag komen;Heput in an appearance= kwam, verscheen.Appeasable,əpîzəb’l, te bevredigen;Appease,əpîz, stillen, bevredigen;Appeasing remedies= pijnstillende.Appellant,əpel’nt, appelleerend, het appèl betreffend:Party appellant= de appellant; subst. appellant; requestrant;Appellate= het appèl betreffend:Appellate Court= Hof. v. Beroep;Appellation,apəleiš’n, benaming, naam;Appellative:Appellative name= soortnaam;Appellee, beschuldigde, aangeklaagde;Appellor,əpelə, aanklager;King’s (Queen’s) Evidence; wraker v. partijdigeJury-leden.Append,əpend, aanhechten, bijvoegen;Appendage= aanhangsel;Appendages= bijbehoorende terreinen;Appendant, bijgevoegd, begeleidend; subst. aanhangsel; afhankelijke;Appendicitis= blindedarmontsteking;Appendix= aanhangsel.Apperception,apəsepš’n, apperceptie, waarneming, voorstelling met bewustheid.Appertain,apətein, behooren tot, toebehooren;Appertainment= toebehooren.Appetence,apətens, begeerte; attractie;Appetent= begeerig.Appetite,apətait, eetlust, begeerte:Toget an appetite= honger krijgen;Togive an appetite= opwekken;Tohave an appetite;Tosharpen one’s appetite= eetlust geven;Totake away the appetite= benemen;The appetite is concealed under the teeth= al etende krijgt men eetlust;Appetitive(əpetitivofapətaitiv):Appetitive power(faculty) = begeervermogen;Anappetizingbook= boeiend, smakelijk.Applaud,əplôd, toejuichen;He wasreceived withgeneralapplause(əplôz);Applausive= bijvals …Apple,ap’l,appel:Apple of the eye;Apple of discord= twistappel;Apple-cart= appelkar; lichaam, wezen:To upset one’sapple-cart= een streep door de rekening halen;Apple-jack= appelcider (Amer.);Apple-john= appel, die lang goed blijven kan, doch dan ook rimpelig wordt;Apple-pie bed= bed, opzettelijk zoodanig opgemaakt, dat men zijn beenen niet kan uitstrekken;Everything is inapple-pie order= in volmaakte orde;Apple-tree;Apple-woman;Apple-yard= boomgaard.Appliance,əplaiəns, toepassing, middel, toestel, toebehooren.Applicability,aplikəbiliti, toepasselijkheid, bruikbaarheid,Applicable, toepasselijk (to);Applicant, sollicitant; requestrant;Application(=aplikeiš’n) toepassing (to) gebruik; ijver, vlijt; aanvraag, sollicitatie;Foroutward application= voor uitwendig gebruik;On application= bij inschrijving, op aanvraag;A personal (written) application;application for membershipin a club;applications are invitedfor the post= sollicitanten worden opgeroepen;[22]applications are to be madein writing= zich schriftelijk aan te melden.Apply,əplai, leggen op, brengen aan; toepassen, aanwenden, gebruiken; zich wenden tot (to), solliciteeren (for), betrekking hebben op (to), van toepassing zijn;Apply oneself (to)= zich toeleggen op.Appoint,əpôint, subst. saldo;Appointverb. bepalen, bescheiden, bestemmen, aanwijzen, vaststellen, inrichten, benoemen, aanstellen:He wasappointedgovernor of the town= aangesteld;I must hear the two voices in my breast;it has been appointed me= God heeft het bepaald, het is Zijn wil;Well-appointed= keurig;Appointee= vruchtgebruiker;Appointment= aanstelling, afspraak, honorarium, inrichting of uitrusting:He got hisformal appointment= benoeming;Mr. B.by appointment! = die belet heeft laten vragen;Appointment-book= agenda;By appointment(tailor) to his Majesty= hofleverancier.Apportion,əpöš’n, evenredig verdeelen, aanwijzen:The wagesapportioned tothis post= verbonden;Apportionment= verdeeling, toedeeling.Appose,əpouz, leggen (drukken) op; tegenover elkaar stellen.Apposite,apəzit, geschikt, voegzaam, te pas:This argument isapposite tothe case in question= toepasselijk op; subst.Appositeness.Apposition,apəziš’n, bijvoeging; bijstelling; adj.Appositional.Appraisable,əpreizəb’l, taxeerbaar;Appraisal= schatting;Appraise,əpreiz, waardeeren, schatten;Appraisement= schatting, taxatie;Appraiser= taxateur, schatter.Appreciable,əprîšiəb’l, schatbaar, merkbaar;Appreciate,əprîšieit, waardeeren, hoogschatten, op prijs stellen; verhoogen (toenemen) in prijs (Amer.);Appreciation, waardeering; prijsverhooging;Appreciative, waardeerend;Appreciatory= waardeerend, erkennend.Apprehend,aprihend, vatten, grijpen, begrijpen, verstaan; onderstellen; duchten;Apprehensibility= begrijpelijkheid; adj.Apprehensible;Apprehension= bevatting; vrees:To be dull of apprehension= traag v. bevatting;He was in no small apprehension for his life= vreesde zeer voor;Apprehensive, bevreesd (of); bevattelijk.Apprentice,əprentis, subst. leerjongen, leerling;Apprenticeverb. in de leer doen:Tobind (put) a person apprentice to= in de leer doen bij;I wasapprenticed toa very kind master at a very moderateapprentice-fee= leergeld;Apprenticeship= leertijd (meest 7 jaar in Eng.).Apprise,əpraiz, bekend maken met.Approach,əproutš, subst. nadering; toegang, oprit;Approachverb. naderen, nabij komen, gelijken op;Approaches= loopgraven;Toapproach a subject= aanroeren;Some relative pronounsapproach todemonstratives;Approachable, toegankelijk (ookfig.).Approbate,aprəbeit, goedkeuren, machtigen; adj. (aprəbit) goedgekeurd;Approbation, goedkeuring:Sent on Approbation= op zicht;Approbation-bill= onteigeningsontwerp.Appropriable,əproupriəb’l, toepasselijk;Appropriate,əprouprieit, verb. (zich) toeëigenen; voor een bepaald doel bestemmen, besteden:That sum wasappropriated forbuying furniture;The balance of the amount will beappropriated towardsthe sum due= het saldo van het bedrag zal in vermindering strekken van;Heappropriatedthe thingtohimself= eigende zich toe;Appropriateadj. (əproupriit) geschikt, voor een bepaald doel aangewezen; subst.Appropriateness;Appropriation, toeëigening, bestemming, aanwijzing, toestaan;Appropriative, strevend naar toeëigening;Appropriator, bezitter v. een prebende.Approvable,əprûvəb’l, loffelijk; subst.Approvableness;Approval= goedkeuring:To be sent on approval= op zicht gezonden;Approve,əprûv, goedkeuren; toonen; aanbevelen; bevestigen:I cannotApprove (of)these means= goedkeuren;Timeapprovesittrue= heeft bewezen;Approved= beproefd:Anapproved method;Anapproved author= erkend schrijver;Toapprove oneself= blijken te zijn;Toapprove oneself to= zich aangenaam maken bij;Approvement= verbetering;Approver=King’s (Queen’s) Evidence.Approximate,əproksimit, adj. naderend, bijna juist, bijna gelijk;Approximateverb. (əproksimeit) nabij komen, naderen;Byapproximation, bij benadering;Approximative= bij benadering.Appurtenance,əpɐ̂tən’ns, aanhangsel, bijvoegsel, servituut;Appurtenant, bijbehoorend; toebehooren.Apricot,eiprikotofaprikot, abrikoos.April,eipril, April; jeugd; onbestendigheid:April-fool= Aprilgek:He made an April-fool of me;April-fool day=All Fools’ Day= 1 April.Apron,eipr’n, schort, schootsvel; dekkleed, deksel op het zundgat van een kanon; de vette buikhuidbedekking v. eend of gans (Provinc.):He istied to his wife’s apron-strings= hij zit onder de plak.Apsis,apsis(Mv.Apsides,apsidîz), apsis (inastron.enarchit.).Apt,apt, bekwaam, gepast; onderhevig, geneigd; vlug, klaar;Aptitude,aptitjûd, geschiktheid, bekwaamheid, neiging =Aptness.Apter,aptə, vleugelloos insect (Mv.Aptera);Apteran=Apterous, ongevleugeld.Apulia,əpjûliə, Apulië; adj.Apulian.Apyrous,əpairəsofapərɐs, vuurvast, onsmeltbaar.Aquarelle,akwərel, aquarel;Aquarellist, aquarellist.Aquarium,əkwêrj’m, aquarium;Aquarius,əkwêrjəs, de Waterman (Sterrenb.).Aquatic,əkwatik, in of op het water levend, water…; waterplant;Aquatics= watersport;Aqueduct,akwidɐkt= (steenen) waterleiding.Aquatint,akwətint,eikwətint, aquatinta;Aquatintverb. inaquatintabehandelen.Aqueous,eikwiəs, waterig, waterachtig, water …:Aqueous rocks= sedimentair gesteente.Aquiferous,əkwifərəs, waterhoudend;Aquiform,eikwiföm, in den toestand van water.Aquiline,akwil(a)in, tot den arend behoorend, arends - -.[23]Arab,arəb, subst. Arabier; Arabisch paard; adj. Arabisch:Street aquilines= daklooze kinderen;Arabesk, Arabesque,arəbesk, subst. arabesk; adj. Moorsch, fantastisch;Arabesqueverb. met arabesken versieren;Arabia,əreibjə,Arabian,əreibjn, Arabisch, Arabier:The Arabian Nights’ Entertainments= de Duizend en Een Nacht vertellingen;Arabic,arəbik, Arabisch; subst. Arabische taal:Arabic numerals;Arabist,arəbist, geleerde in Arabische taal en letteren.Arable,arəb’l, beploegbaar, bebouwbaar.Araby,arəbi, Arabië.Araeometer,âriomətə, areometer.Arbalist,âbəlist, voetboog;Arbalister, voetboogschutter.Arbiter,âbitə, scheidsrechter, autoriteit;Arbitrage,âbitridz, arbitrage; adj.Arbitral= arbitraal:Arbitrariness= willekeur;Arbitrary,âbitrəri, willekeurig, despotisch, grillig:Arbitrary address= telegr. adres;Arbitrate= arbitreeren;Arbitration= arbitrage:Arbitration of exchange(s)= wisselarbitrage;Arbitrator= arbiter, despoot;Arbitratix=Arbitress= vr. scheidsrechter.Arbor,âbə, boom; hoofdas;Arboreal,âbôriəl,Arboraceous,âbəreišəs, boomachtig, op boomen groeiend, boom.…;Arboreous=Arboreal= met bosch begroeid;Arboretum,âbərît’m, wetenschapp. boomkweekerij;Arboriculture= boomkweeking;Arboriculturist= boomkweeker;Arborist,âbərist, boomkenner;Arborous:Arbor roof= loofdak.Arbour,âbə, priëel; berceau.Arbuscle,âbɐs’l, dwergboompje, struik;Arbuscular,âbɐskjulə, heesterachtig; in bosjes;Arbustum= boschje, boomgaard;Arbute=Arbutus= aardbezieboom.Arc,âk, cirkelboog:Electric arc-lamp= booglamp;Arc-light.Arcade,âkeid, bogengang; winkelgalerij.Arcadia,âkeidjə, Arcadië;Arcadian= Arcadiër; adj. =Arcadic,âkeidik, Arcadisch.Arcanum,âkein’m, geheim; geheim geneesmiddel:Shall I reveal thearcanaof that virgin breast= geheimen.Arch,âtš, subst. boog, gewelf:Archverb. zich welven, krommen, overwelven;Arch (of heaven)= hemelgewelf;Triumphal arch= eereboog;Archway= overwelfde gang;Arches Court=Court of Arches, hoogste geestelijk gerechtshof.Arch,âtš= voornaamste, eerste, aarts …; schalksch, snaaksch:Archangel,âkeinž’l, aartsengel; doove netel;Archangel(âkeinž’l);Archarchitect,âtšâkitekt, de Opperbouwheer des Heelals;Archbishop,âtšbiš’p, aartsbisschop;Archdeacon,âtšdîk’n, geestelijk hoofd van de 2 of meer deaconries waarin elk Bisdom is verdeeld;Archdiocese,âtšdaiesis, aartsbisdom;Archduke (Archduchy); Arch-enemy; Archetype,âkitaip, oorspronkelijk model of type;Arch-fiend,âtsfînd, de Satan;Arch-foe; Arch-heresy,âtšherəsi, aartsketterij;Arch-heretic;Archhypocrite.Archaeologer,âkiolədžə=Archaeologian; adj.Archaeologic(al);Archaeologist= archaeoloog;Archaeology, archaeologie, oudheidkunde.Archaic(al),âkeiik(’l), oud, verouderd;Archaism,âkeiizm, verouderd woord (of uitdrukking).Archer(ess),âtšə(rəs), mannelijke (vrouwelijke) boogschutter;Archery, boogschieten; boogschutters.Archimagus,âkimeigəs, Perz. hoogepriester.Archimedean,Archimedian,âkimîdiən,âkimidîən:Archimedean screw= schroef van A.;Archimedes,âkimîdiz, Archimedes.Archipelago,âkipeləgou, archipel.Architect,âkitekt, architekt; schepper:Every one is the architect of his own fortune= iedereen heeft zijn eigen geluk in zijn hand;Architectonic=Architectural, architectonisch;Architecture,âkitektjə, bouwkunde;Architrave= architraaf.Archival,âkaiv’l, adj. archivarisch, archief …;Archives,âkaivz, het archief:Municipal Archives;Archivist= Archivaris =Keeper of the Archives.Archon,âk’n, Archont;Archonship= ambt van A; adj.Archontic.Arctic,âktik, noordelijk; koud:Arctic circle= Noordpool(cirkel);Arctic expedition.Ardency,âd’nsi, vuur, drift, ijver.Ardennes,âden, (de) Ardennen.Ardent,âd’nt, vurig, volijverig;Ardent spirits= alcoholische dranken;My most ardentwish= vurigste.Ardour,âdə, vuur, gloed, ijver.Arduous,âdjuɐs= steil; moeielijk;Arduousness, steilheid, etc.Are,ɐ̂,Teg. tijd, meerv.vanto be= zijn; subst. are = 119,6 vierk.yards.Area,êriə, oppervlakte, gebied, terrein; de ruimte vóór een sousterrain in Engelsche huizen, die van de straat door een hek langs eene trap toegang geeft tot de keuken, etc.;Area-bell= keukenbel;Area-sneak= (insluip)dief.Arena,ərînə, arena.Arenaceous,arineišəs, zandig, brokkelig, dor;Arenarious, zandig;Arenose,arinous,arinous.Areometer,ariomətə, areometer.Areopagus,ariopəgɐs, Areopagus.Argent,âdž’nt, zilverkleurig; subst. zilver, zilverwitte kleur;Argental, zilveren, zilverhoudend;Argentan= nieuw zilver;Argentiferous= zilverhoudend;Argentine,âdž’nt(a)in, zilveren, luidklinkend; Argentijnsch; subst. verzilverd nieuwzilver; zilvervisch; Argentijn;Argentina, Argentinië.Argle-bargle,âg’lbâg’l= redetwisten.Argonaut,âgənôt, Argonaut; nautilus.Argosy,âgəsi, karaak.Arguable,âgjuəb’l, bewijsbaar; betwistbaar;Argue,âgju, redeneeren, redetwisten, debatteeren, getuigen van, overreden:It was no use toargue the point= bespreken;Hearguedmeinto= bracht mij door overreding tot;Argument,âgjument, argument, bewijs, bewijsgrond; onderwerp eener discussie; hoofdinhoud:Don’tstart an argument= begin geen discussie;Argumentation= bewijsvoering;Argumentative= bewijzend, logisch; polemisch; subst.Argumentativeness.Argus,âgəs, Argus:Argus-eyes;Argus-eyed.[24]Argyle,âgail, stad.Aria,âriə, aria.Arian,êriən, Ariaansch; subst. een aanhanger van Arius;Arianism, Arianisme.Arid,arid, dor, onvruchtbaar;Aridity, dorheid, etc. =Aridness.Ariel,êriəl;Aries,êriîz, Ram (sterrenb.); rammei.Aright,ərait, recht:Toset aright= recht zetten, in orde brengen.Arise,əraiz, opstaan, zich verheffen, verschijnen, ontstaan; zich verzetten (against).Arista,əristə, baard (der korenaren); stekel.Aristarch,aristâk, Aristarch.Aristocracy,aristokrəsi, aristocratie;Aristocrat,aristəkrat,aristəkrat;Aristocratic(al), aristocratisch.Aristotelean,Aristotelian,aristətîliən= van Aristoteles (AristotelesofAristotle) =Aristotelic.Arithmetic,ərith-mətik, rekenkunde, rekenboek, rekenen, getalleer:Commercial (Mercantile) Arithmetic= handelsrekenen;Mental arithmetic= uit ’t hoofd rekenen;Arithmetic(al),arithmetik(’l), rekenkundig;Arithmetician, rekenaar;Arithmometer= rekenmachine.Ark,âk, ark; het biezen mandje, waarin Mozes lag; soort platboomd rivier vaartuig (Amer.):TheArk of the Covenant= de Arke des Verbonds;Noah’s Ark(ook v. speelgoed).Arkansas,âkansəs, Arkansas.Arm,âm, subst. arm, wapen, macht;Armverb. wapenen, versterken, voorzien van:With one’s arms across=With folded arms;Aninfant in arms= nog op arm gedragen kind;At arm’s length;Arm in arm;Right arm= rechterhand (fig.);Secular arm= wereldl. macht, overheid;Soldiers ofthe same arm= wapen;The cavalry arm= het wapen der cav.;Arms, wapenen; wapen:Coat-of-arms= familiewapen;Master at Arms= provoostgeweldiger;Standofarms= geweer met bajonet, patroontasch, etc.; volledige uitrusting;Tocall to arms= te wapen roepen;Allthe nations werein armsagainst France= traden gewapend op tegen;The people wasunder arms= onder de wapenen;Shoulder, carry arms= over, schouder ’t geweer;The whole forcestood to arms= was in ’t geweer;Armed at all points= van ’t hoofd tot de voeten;Arm-chair= armstoel; adj. theoret., doctrinair, dilettant:Arm-chair critics;Arm-chair authorities, etc.;Arm-hole= armsgat;Arm-pit= oksel;Arm-rack= wapenrek;Armful= armvol;Armless= zonder wapenen of armen.Armada,âmeidə, armada.Armadillo,âmədilou, gordeldier; oproller (insect).Armament,âməment, krijgstoerusting; krijgsmacht.Armature,âmətjuə, uitrusting, bewapening, armatuur; pantser, versterking.Armenia,âmînjə, Armenië;Armenian, Armenisch; Armeniër.Armiger,âmidžə, wapendrager, schildknaap.Arminian,âminj’n, Arminiaan.Armistice,âmistis, wapenstilstand.Armlet,âmlət, armpje, inham; armring, armstuk.Armorial,âmôriəl:Armorial bearings= wapenschild; subst. wapenboek.Armour,âmə, wapenrusting, harnas, pantser, beslag;Armourverb. pantseren, uitrusten:Armour-bearer=Armiger;Armour-clad= gepantserd;Armour-plate= pantserplaat;Armoured train= gepantserd;Armourer= wapensmid, geweermaker;Armoury= arsenaal; wapenfabriek (Amer.).Armstrong,âmstroŋ, uitvinder van hetArmstrong gun.Army,âmi, leger, menigte, zwerm:Army-chaplain= veldprediker;Army corps;Army examination= toelat. exam. voor een mil. school;Army list= ranglijst;Army men= officieren.Arnaut,Arnaout,ânaut, ânaut;Arnold,ânəld, Arnold, Arnout.Arnut,ânət, aardnoot, aardakker.Aroma,əroumə, aroma;Aromatic, aromatisch:Aromatics= specery;Aromatize= kruiden, geuren.Arose,ərouz, imperf. vanto arise.Around,əraund, in ’t rond, rondom, omheen:I’llget aroundyou= ’k zal je wel vinden.Arouse,ərauz, opwekken, aansporen, (doen) ontwaken, in beroering (opschudding) brengen.Arow,ərou, op eene rij, achtereenvolgens.Aroynt thee,ərôint dhî, scheer je weg.Arquebus,âk(w)əbɐs, haakbus, oud vuurroer;Arquebusierâkwəbəsîə, busschieter:Officers of Arquebusiers of St. George (St. Andrew)= van den Jorisdoelen (Adriaansdoelen).Arrack,arək, ərak, arak.Arraign,ərein, voor een rechtbank roepen, beschuldigen, aanklagen:Clerk of Arraigns= ambtenaar belast met het opmaken van de aanklacht;Arraignment, aanklacht, etc.Arrange,əreinž, schikken, regelen, in orde brengen, arrangeeren(muz.), afspreken:I havearranged forit= ik heb maatregelen genomen;Arrangement= schikking, inrichting.Arrant,ar’nt, erg, doortrapt, aarts …:He is anarrant fool= groote gek (= in één woord: een gek).Arras,arəs,tapijt (als behang in vroeger tijd); Atrecht;Arrased= metarrasbehangen.Array,ərei, subst. slagorde, gelid; troepen; kleeding, dos, kleederpracht; installeeren der jury, de geïnstalleerde jury;Arrayverb. (in slagorde) opstellen; de juryleden oproepen en installeeren; uitdossen:To challenge the array= de lijst der juryleden wraken.Arrear,ərîə, achterstallige schuld (doorgaans mv.):I amin arrears= achterop met het betalen mijner schulden;That sum isin arrears= nog niet betaald.Arrest,ərest, verb. tegenhouden, stuiten; arresteeren; boeien; subst. inhechtenisneming, beslag;To arrest a fire= stuiten;To arrest the attention (the eyes)= boeien;Arresteddevelopment= belemmerde ontwikkeling;Open arrest= kamerarrest;Under (an) arrest= in arrest;Toput (place)[25]under arrest;Tolay arrest on= beslag leggen op.Arret,əreiofəret, de beslissing van eene rechtbank, arrest; decreet, edict.Arris,aris, scherpe kant:Arris-beam= graatbalk;Arris-gutter=V-vormige goot;Arris-wise, diagonaal.Arrival,əraiv’l, aankomst, aangekomene, aangekomen schip, aanvoer:The man was looking through thearrivals= keek eens na, wat (wie) (in)gekomen was;Arrival book= vreemdelingenboek;Arrive,əraiv, aankomen, bereiken, verkrijgen:Edison has arrivedand is world-famous= E. heeft zijn pogingen bekroond gezien;Toarrive at a conclusion= komen tot.Arrogance,arəgəns, aanmatiging;Arrogant= aanmatigend;Arrogate,arəgeit, zich aanmatigen, wederrechtelijk toeëigenen.Arrow,arou, pijl:Broad arrow= pijlvormig teeken op wapenen, mijlsteenen en tuchthuiskleeren:Arrow-head= pijlspits;Arrow-root= pijlwortel; arrowroot.Arry,ari, plat Londenaar uit de volksklasse;Arriet,ari-it, diens meisje.Arse,âs, aars.Arsenal,âsən’l, arsenaal.Arsenic,âs’nik,âsənik, subst. arsenicum, rattenkruid; adj. (âsenik):Arsenic acid= arseenzuur;Arsenious acid,âsîniəsasid, arsenigzuur.Arsis,âsis, rijzende stembuiging, arsis.Arson,âs’n, brandstichting (Jur.).Art,ât, kunst, bekwaamheid, handigheid; list:Applied art= kunstnijverheid;High art= ‘in stijl’;To be art and part in= deelachtig zijn aan;Fine (Polite) arts= de schoone kunsten;Liberal arts= de vrije kunsten;Master of Arts= een acad. graad, die zonder examen aanBachelorswordt verleend als ze nog drie jaar ‘aan’ zijn gebleven;Art-school= teekenacademie;Art-union, vereeniging voor kunst;Artful, artistiek; geslepen; subst.Artfulness;Artless, smakeloos; ongekunsteld, argeloos; subst.Artlessness.Artemisia,âtimižə, Artemisia; alsem.Arterial,âtîriəl, slagaderlijk:Arterial blood= slagaderlijk bloed;Through the lungs venous blood isarterialized= door de longen wordt aderlijk in slagaderlijk bloed veranderd;Artery,âtəri, slagader, hoofdkanaal, hoofdader.Artesian,âtîžən, Artesisch:Artesian well= … put.Arthur,âthə, Arthur; adj.Arthurian.Artichoke,âtitšouk, artisjok.Article,âtik’l, subst. artikel, post, voorwerp, substantie, lidwoord (gramm.):Articles= contract, monsterrol;Articleverb. door artikelen vaststellen, door bepaalde voorwaarden verbinden, vaststellen:You area nice article= fijn heer;The genuine article= je ware!What isthe next article?= verlangt u nog iets (in winkels)?Articles of association= statuten;Articles of war= krijgsartikelen;I was articledthere= op bepaalde voorwaarden aangenomen;Articled toa firm;Anarticled clerk= een klerk die een bepaalde som (premium) betaalt aan densolicitorbij wien hij in de leer is.Articular,âtîkjulə, tot de gewrichten behoorend, gewrichts - -:Gout is anarticular disease= gewrichtskwaal;Articulate,âtikjulit, adj. geleed; gearticuleerd; duidelijk;Articulateverb.âtikjuleit, articuleeren, geleed verbinden;Articulateness= duidelijkheid;Articulation, geleding, articulatie.Artifice,âtifis, kunst; streek;Artificer, bedreven werkman (vooral in tech. vakken); schepper;Artificial= kunst(vaard)ig, kunstmatig; geveinsd, gemaakt:Artificial arms, Artificial eyes= kunst - -;Artificial florist= kunstbloemenmaker;Artificial numbers= logarithmen; subst.Artificiality=Artificialness= gekunsteldheid.Artillerist,âtilərist, artillerist;Artillery,âtîləri, artillerie, zwaar geschut:Captain A.of the artillery;Artillery-butt= kogelvanger;Artillery-driver= stukrijder;Artilleryman= artillerist;Artillery practice= oefening met de kanonnen.Artisan,âtiz’n, âtizan, werkman;Artisan house;Artisans’ dwellings.Artist,âtist, kunstenaar;Artistic(al),âtistik(’l), artistiek;Artiste,âtîst, artiest.Artocarpus,âtəkâpəs, broodvruchtboom.Arundel,ar’ndəlofərɐnd’l(Amer.).Aryan,êriən,âriən, Arisch; subst. Arische taal, Ariër.Arytenoid,aritînôid, bekervormig (kraakbeen van het strottenhoofd).As,az, gelijk, zooals, toen, terwijl, aangezien, als, bij voorbeeld:As far asI know= voor zoover;As if= alsof;He told meAs much= zulks;As to (As for)= wat betreft;As though= alsof;As yet= nog, totnutoe;As I live= zoowaar;As it were, als ’t ware;I mightas wellgo= ik kon wel eens gaan;She has enough to bearas it is= toch al genoeg;He had had to retrenchas it was= toch al.Asafoetida,asəfetidə, duivelsdrek.Asbest(os),azbest(os), asbest(os), asbest, steenvlas;Asbestic, asbest …;Asbestine= asbest.…; onverbrandbaar;Asbestous=Asbestic.Ascend,əsend, opklimmen, opstijgen, teruggaan tot, opstaan, opgaan, beklimmen; opvaren:They ascended the hill= zij beklommen;Ascendable= beklimbaar, enz.;Ascendancy, overwicht, invloed:Naturehas an ascendency overlogic= de natuur gaat boven de leer;Ascendant= opklimmend, stijgend, superieur; subst. overwicht, invloed, hoogte, horoscoop:His star is in the ascendant= zijn geluksster gaat op;Hehas the ascendant overme= hij heeft overwicht over mij;Ascendency=Ascendancy;Ascension= (be)stijging, hemelvaart (van Jezus):Ascension Day= Hemelvaartsdag.Ascent,əsent, beklimming, opgaan, opkomst, stijging, hoogte.Ascertain,asətein, zich vergewissen, vaststellen, vernemen;Ascertainable, vast te stellen;Ascertainment, vaststelling, etc.Ascetic,əsetik, ascetisch, streng, vroom; subst. asceet, kluizenaar;Asceticism, ascetisme;Ascetical=Ascetic.[26]Ascham,ask’m:Roger Ascham, een schrijver (1515–68).Asci,asai,Ascians,asiənz, schaduwloozen.Ascribable,əskraibəb’l, toe te schrijven;Ascribe,əskraib, toeschrijven aan;Ascription= toeschrijving.Asexual,əsekšuəl, geslachtloos.Ash,aš, esch; adj. van esschenhout =Ashen.Ash,aš, subst. asch:Cigar (pipe, tobacco) ash;Volcanic ash(es);Ashes= asch (ook fig.):Peace to hisashes;To lay inashes;Sitting in dust andashes;Pale as ashes=Ashenpale;To growashen= doodsbleek worden;Ash-bin= aschvat;Ash-box,Ash-bucket= aschbak, aschemmer;Ash-pan= aschbak;Ash-path= asphalt wielerbaan;Ash-pit= aschkuil, aschbak;Ashputtel= Asschepoester;Ash-tray= aschbakje;Ash-Wednesdayašwenzdi, Aschdag;Ash-weed,ašwîd, geitebaard (plant);Ashy= aschkleurig.Ashamed,əšeimd, beschaamd:To be ashamed of= zich schamen over.Ashlar,Ashler,ašlə, hardsteen; hardsteenen façade;Ashlaring= hardsteenen muur; dakbetimmering; arduin.Ashore,əšö, aan (naar) wal; gestrand:To go ashore= landen; ook =To run ashore= stranden.Asia,eišiə, Azië;Asiatic, Aziatisch; Aziaat.Aside,əsaid, adv. ter zijde, aan eene zijde:To earnlarge sumsaside= er bij verdienen op minder eerlijke manier;To lay (put) aside= overleggen, sparen;This is aside from the question= staat buiten de kwestie; subst. terzijde.Asinine,asin(a)in, ezelachtig, ezels - -;Asininity, ezelachtigheid.Ask,âsk, vragen, verzoeken, verlangen, uitnoodigen:Toask about= naar;To ask after= naar;Toask again (back)= terug;Toask for= naar, om;I askeda pennyofhim,I askedhimfora penny= om;Toask (for) nothing better= niets liever willen;Toask todinner;A thing to be asked and had= voor het vragen (=To be got for theasking);Anaskingchild= dat veel vragen doet;I could have it for the asking= ik heb het maar voor ’t vragen;To ask in church= ’t voorgenomen huwelijk afkondigen.Askance,əskâns,Askant,əskânt, schuins, van terzijde:Helooked askanceat me= scheel, jaloersch.Askew,əskjû, schuins, scheef, verachtelijk.Aslant,əslânt, schuins, dwarsover:Tohang aslant.Asleep,əslîp, in slaap; ontslapen:He wasfast (sound) asleep= in diepe rust;To fall(Torock)asleep.Aslope,əsloup, hellend.A-smear,əsmîə, bevuild.Asp,asp, (Aspic,aspik), aspis, adder; esp(eboom), ratelpopulier; adj.Aspen:Totremble like an aspen leaf;Asp tree= esp.Asparaginous,aspəradžinəs, asperge - - -;Asparagus,əsparəgɐs, asperge.Aspect,aspəkt, gezicht(spunt), oogpunt, zijde, kant, licht; stand; uitzicht; voorkomen; ligging:The house hasa southern aspect= ligt op het Zuiden.Asper,aspə, subst. spiritus asper.Asperity,əsperiti, ruwheid, scherpheid, norschheid.Asperge,aspɐ̂dž= besprenkelen; ook subst. =Aspergill(um),aspədžil(’m), wijwaterkwast.Asperse,əspɐ̂s, belasteren, bezwalken; besprenkelen:Who daredaspersemy friend’scharacter?Aspersive= lasterlijk;He hascastshamefulaspersionson this man= schandelijk belasterd;Aspersorium= wijwaterbekken.Asphalt,asfalt,əsfalt, asphalt:Asphalt pavement;Asphaltic(=Asphaltite):Asphaltic cement;The Asphaltites Lake,dhiasf’ltaitîzleik= Doode Zee.
Anxiety,aŋzaiiti, angst, bezorgdheid; benauwdheid; vurig verlangen;Anxious,aŋšəs, angstig, bezorgd; verlangend, begeerig:He ison the anxious seat= hij zit leelijk in de klem;I am anxious to increase my collection of stamps= verlangend; subst.Anxiousness= bezorgdheid; verlangen.Any,eni, eenig (in zéér algemeenen zin) etc.:Have youanymoney for me? = ook?Is my fatherany better?= soms ook wat; (Verg.’t Amer.:That don’t comfort meany= geen sier;Will that help youany?= in eenig opzicht;If I had sleptanylast night= ook maar een oogenblik);You have not been hereany time= nog maar zoo kort;You will be welcomeat any time, (anywhen)= te allen tijde, wanneer ge ook komt.Anyhow,enihau, in elk geval, hoe dan ook;Anything= iets, wat dan ook, etc.:For anything I know= voor zoover ik weet;Like anything= zooveel mogelijk, dat het een aard heeft;That istoo charming for anything= onbeschrijfelijk (weergaloos) bekoorlijk;Anything but= alles behalve;My clock is,if anything,fast= loopt in elk geval voor;Anything likeforty times= lang geen 40 keer;He ceased to think of her as the most beautiful orthe most anything woman= of superieur in wat opzicht dan ook;Anyway= hoe dan ook, in allen gevalle;Anywhere= ergens;Anywise= op eenigerlei wijze.Aonian,eiounj’n, dichterlijk.Aorist,eiərist, aoristus.Aorta,eiöta, aorta;Aortic, tot de aorta behoorend.Aoul,âûl, een Tartaarsch kamp.Apace,əpeis, snel, vlug:Ill weeds grow apace= onkruid vergaat niet.Apanage,apənidž, apenage, aandeel, afhankelijk gebied.Apart,əpât, afgescheiden van, apart, anders dan anders:You cannot consider the one apart from the other= de beide dingen zijn niet te scheiden; subst.Apartness.Apartment,əpâtm’nt, vertrek:Apartments, reeks vertrekken (als woning);Apartments to let= kamers te huur (ookfig.);Apartment house(Am.) = huizen in verdiepingen verhuurd met gemeenschappel. ingang.Apathetic,apəthetik, apathisch;Apathy,apəthi, apathie, laksheid.Ape,eip, subst. aap (zonder staart), naäper; verb. naäpen:The higher the ape goes, the more he shows his tail;An ape’s an ape, a varlet’s a varlet, tho’ they be clad in silk and scarlet= al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een leelijk ding;Apery= apenstreek; naäperij.Apeak,əpîk, recht op en neer, bijna loodrecht =Apeek.Apelles,əpelîz;Apennines,apənainz= Appenijnen.Apepsia,əpepsiə,Apepsy,əpepsi, slechte spijsvertering.Aperient,əpîriənt, subst. laxeermiddel; adj. laxeerend =Aperitive.Aperture,apətjuə, opening, spleet.Apetalous,əpetəlɐs, zonder bloemblad.Apex,eipeks(Meerv.Apices,eipisiz, ofApexes,eipeksiz), toppunt.Aphaeresis,əfîrisisofəferisis, aphaeresis.Aphelion,əfîliən, aphelium.Aphidian,əfidiən, adj. bladluis …; subst. =Aphis,eifisofafis, bladluis. (Mv.Aphides,afidîz).Aphorism,afərizm, aphorisme;Aphoristic, aphoristisch.Aphrodite,afrədaiti, de Grieksche Venus.Aphtha,af-thə, spruw.Aphyllous,əfiləsofafilɐs, bladloos.Apiarian,eipiêriən, de bijen betreffend;Apiarist,eipjərist, ijmker;Apiary,eipjəri, bijenstal.A-piece,əpîs, per stuk, elk.Apish,eipiš, aapachtig, potsierlijk; subst.Apishness.A-pit(-a)pat,əpit(ə)pat, met snel geklop.Aplomb,əploŋ, aplomb.Apocalypse,əpokəlips, Openbaring;Apocalypticnumber= het getal 666.Apocope,əpokəpî, apocope.Apocrypha,əpokrifə, de apocryphe boeken (van het Oude Testament);Apocryphal= aprocief.Apodictic,apədiktik, apodictisch.Apogean,apədžîən:Apogean tides=Neap apogean;Apogee,apədži, apogaeum.[21]Apograph,apəgraf, afschrift.Apollo,əpolou, Apollo:Apolloandthe Nine.Apollyon,əpoliən, Apollyon, (Openb. IX, 11).Apologetic(al),əpolədžetik(’l), verontschuldigend;Apologist= apologeet;Apologize= zich verontschuldigen;Apology= apologie, verdediging, excuus:Hemade an apology= maakte excuus.Apo(ph)thegm,apəthem, kernspreuk.Apoplectic,apəplektik, beroerte …:Apoplectic fit (stroke)= aanval van beroerte;Apoplexy,apəpleksi, beroerte:Afit of apoplexy= aanval van beroerte.Apostasy,əpostəsi, afvalligheid:Julian theApostate= Juliaan de Afvallige;Apostatical, afvallig;Apostatize, afvallen.Apostil,əpostil, kantteekening, naschrift.Apostle,əpos’l, apostel:Acts of the Apostles= Handelingen d. Apostelen;Apostle-spoons= zilveren lepels, waarvan het handvatsel in het beeld van een apostel uitloopt (een gewoon geschenk van peetvaders bij het doopen);Apostleship, ambt v. apostel =Apostolate,əpostəlit;Apostolic= apostolisch:Apostolic fathers= Christelijke schrijvers ten tijde of onmiddellijk na de apostelen;Apostolic succession= machtsoverdracht van af de apostelen.Apostrophe,əpostrəfi, aanspraak, toespraak, afkappingsteeken;Apostrophize, zich wenden tot; met een apostrophe voorzien.Apothecary,əpothəkəri, apotheker (Schotl.enAmer.); soort van plattelands-heelmeester;Apothecaries’ Society= College, dat sedert 1874 examens afneemt enLicensesuitreikt (ZieChemist):Apothecary’s Bill= apothekersrekening (fig.);Apothecary’s Latin= potjeslatijn.Apotheosis,apəthiousisofapəthîəsis, verheerlijking;Apotheosize,apəthîəsaiz, verheerlijken.Appal,əpôl, verschrikken, ontstellen.Appanage=Apanage.Apparatus,apəreitəs, apparaat, hulpmiddelen, uitrusting, organen:Thedigestive apparatus= de verteringsorganen.Apparel,əpar’l, subst. de kleederen, gewaad; opschik;Apparelverb. kleeden, uitrusten, opschikken.Apparent,əpêr’nt, blijkbaar, duidelijk; schijnbaar; rechtmatig:Heir apparent= rechtmatige troonopvolger;Apparent horizon= schijnbare horizon;Apparent time= ware tijd;Apparent from= blijkend uit.Apparition,apəriš’n, verschijning, spooksel;Apparitional= schijnbaar, zichtbaar; spookachtig.Apparitor,əparitə, deurwaarder, pedel.Appeal,əpîl, subst. beroep, het recht van beroep, appel, dagvaarding; smeekbede:Appealverb. appelleeren, zich beroepen op, smeeken:Lord Justice of Appeal= lid vanHer Majesty’s Court of Appeal(Hof van Beroep);Without appeal= in laatste instantie;Hegave notice of appeal= gaf kennis dat hij wou appelleeren;Heappealed fromthis Court of Justice to the king’s mercy= hij appelleerde … van deze rechtbank op;The ministry willappeal to the country= zal de Kamer(s) ontbinden;appealable= vatbaar voor beroep.Appear,əpîə, verschijnen, zichtbaar worden, duidelijk zijn, blijken (by,from):It would appearthat= lijkt wel of;Appearance, verschijnen, voorkomen, aanblik, verschijnsel, vertoon:Tokeep up (save) appearances= den schijn redden;Tokeep up a proper appearance= fatsoenlijk voor den dag komen;Heput in an appearance= kwam, verscheen.Appeasable,əpîzəb’l, te bevredigen;Appease,əpîz, stillen, bevredigen;Appeasing remedies= pijnstillende.Appellant,əpel’nt, appelleerend, het appèl betreffend:Party appellant= de appellant; subst. appellant; requestrant;Appellate= het appèl betreffend:Appellate Court= Hof. v. Beroep;Appellation,apəleiš’n, benaming, naam;Appellative:Appellative name= soortnaam;Appellee, beschuldigde, aangeklaagde;Appellor,əpelə, aanklager;King’s (Queen’s) Evidence; wraker v. partijdigeJury-leden.Append,əpend, aanhechten, bijvoegen;Appendage= aanhangsel;Appendages= bijbehoorende terreinen;Appendant, bijgevoegd, begeleidend; subst. aanhangsel; afhankelijke;Appendicitis= blindedarmontsteking;Appendix= aanhangsel.Apperception,apəsepš’n, apperceptie, waarneming, voorstelling met bewustheid.Appertain,apətein, behooren tot, toebehooren;Appertainment= toebehooren.Appetence,apətens, begeerte; attractie;Appetent= begeerig.Appetite,apətait, eetlust, begeerte:Toget an appetite= honger krijgen;Togive an appetite= opwekken;Tohave an appetite;Tosharpen one’s appetite= eetlust geven;Totake away the appetite= benemen;The appetite is concealed under the teeth= al etende krijgt men eetlust;Appetitive(əpetitivofapətaitiv):Appetitive power(faculty) = begeervermogen;Anappetizingbook= boeiend, smakelijk.Applaud,əplôd, toejuichen;He wasreceived withgeneralapplause(əplôz);Applausive= bijvals …Apple,ap’l,appel:Apple of the eye;Apple of discord= twistappel;Apple-cart= appelkar; lichaam, wezen:To upset one’sapple-cart= een streep door de rekening halen;Apple-jack= appelcider (Amer.);Apple-john= appel, die lang goed blijven kan, doch dan ook rimpelig wordt;Apple-pie bed= bed, opzettelijk zoodanig opgemaakt, dat men zijn beenen niet kan uitstrekken;Everything is inapple-pie order= in volmaakte orde;Apple-tree;Apple-woman;Apple-yard= boomgaard.Appliance,əplaiəns, toepassing, middel, toestel, toebehooren.Applicability,aplikəbiliti, toepasselijkheid, bruikbaarheid,Applicable, toepasselijk (to);Applicant, sollicitant; requestrant;Application(=aplikeiš’n) toepassing (to) gebruik; ijver, vlijt; aanvraag, sollicitatie;Foroutward application= voor uitwendig gebruik;On application= bij inschrijving, op aanvraag;A personal (written) application;application for membershipin a club;applications are invitedfor the post= sollicitanten worden opgeroepen;[22]applications are to be madein writing= zich schriftelijk aan te melden.Apply,əplai, leggen op, brengen aan; toepassen, aanwenden, gebruiken; zich wenden tot (to), solliciteeren (for), betrekking hebben op (to), van toepassing zijn;Apply oneself (to)= zich toeleggen op.Appoint,əpôint, subst. saldo;Appointverb. bepalen, bescheiden, bestemmen, aanwijzen, vaststellen, inrichten, benoemen, aanstellen:He wasappointedgovernor of the town= aangesteld;I must hear the two voices in my breast;it has been appointed me= God heeft het bepaald, het is Zijn wil;Well-appointed= keurig;Appointee= vruchtgebruiker;Appointment= aanstelling, afspraak, honorarium, inrichting of uitrusting:He got hisformal appointment= benoeming;Mr. B.by appointment! = die belet heeft laten vragen;Appointment-book= agenda;By appointment(tailor) to his Majesty= hofleverancier.Apportion,əpöš’n, evenredig verdeelen, aanwijzen:The wagesapportioned tothis post= verbonden;Apportionment= verdeeling, toedeeling.Appose,əpouz, leggen (drukken) op; tegenover elkaar stellen.Apposite,apəzit, geschikt, voegzaam, te pas:This argument isapposite tothe case in question= toepasselijk op; subst.Appositeness.Apposition,apəziš’n, bijvoeging; bijstelling; adj.Appositional.Appraisable,əpreizəb’l, taxeerbaar;Appraisal= schatting;Appraise,əpreiz, waardeeren, schatten;Appraisement= schatting, taxatie;Appraiser= taxateur, schatter.Appreciable,əprîšiəb’l, schatbaar, merkbaar;Appreciate,əprîšieit, waardeeren, hoogschatten, op prijs stellen; verhoogen (toenemen) in prijs (Amer.);Appreciation, waardeering; prijsverhooging;Appreciative, waardeerend;Appreciatory= waardeerend, erkennend.Apprehend,aprihend, vatten, grijpen, begrijpen, verstaan; onderstellen; duchten;Apprehensibility= begrijpelijkheid; adj.Apprehensible;Apprehension= bevatting; vrees:To be dull of apprehension= traag v. bevatting;He was in no small apprehension for his life= vreesde zeer voor;Apprehensive, bevreesd (of); bevattelijk.Apprentice,əprentis, subst. leerjongen, leerling;Apprenticeverb. in de leer doen:Tobind (put) a person apprentice to= in de leer doen bij;I wasapprenticed toa very kind master at a very moderateapprentice-fee= leergeld;Apprenticeship= leertijd (meest 7 jaar in Eng.).Apprise,əpraiz, bekend maken met.Approach,əproutš, subst. nadering; toegang, oprit;Approachverb. naderen, nabij komen, gelijken op;Approaches= loopgraven;Toapproach a subject= aanroeren;Some relative pronounsapproach todemonstratives;Approachable, toegankelijk (ookfig.).Approbate,aprəbeit, goedkeuren, machtigen; adj. (aprəbit) goedgekeurd;Approbation, goedkeuring:Sent on Approbation= op zicht;Approbation-bill= onteigeningsontwerp.Appropriable,əproupriəb’l, toepasselijk;Appropriate,əprouprieit, verb. (zich) toeëigenen; voor een bepaald doel bestemmen, besteden:That sum wasappropriated forbuying furniture;The balance of the amount will beappropriated towardsthe sum due= het saldo van het bedrag zal in vermindering strekken van;Heappropriatedthe thingtohimself= eigende zich toe;Appropriateadj. (əproupriit) geschikt, voor een bepaald doel aangewezen; subst.Appropriateness;Appropriation, toeëigening, bestemming, aanwijzing, toestaan;Appropriative, strevend naar toeëigening;Appropriator, bezitter v. een prebende.Approvable,əprûvəb’l, loffelijk; subst.Approvableness;Approval= goedkeuring:To be sent on approval= op zicht gezonden;Approve,əprûv, goedkeuren; toonen; aanbevelen; bevestigen:I cannotApprove (of)these means= goedkeuren;Timeapprovesittrue= heeft bewezen;Approved= beproefd:Anapproved method;Anapproved author= erkend schrijver;Toapprove oneself= blijken te zijn;Toapprove oneself to= zich aangenaam maken bij;Approvement= verbetering;Approver=King’s (Queen’s) Evidence.Approximate,əproksimit, adj. naderend, bijna juist, bijna gelijk;Approximateverb. (əproksimeit) nabij komen, naderen;Byapproximation, bij benadering;Approximative= bij benadering.Appurtenance,əpɐ̂tən’ns, aanhangsel, bijvoegsel, servituut;Appurtenant, bijbehoorend; toebehooren.Apricot,eiprikotofaprikot, abrikoos.April,eipril, April; jeugd; onbestendigheid:April-fool= Aprilgek:He made an April-fool of me;April-fool day=All Fools’ Day= 1 April.Apron,eipr’n, schort, schootsvel; dekkleed, deksel op het zundgat van een kanon; de vette buikhuidbedekking v. eend of gans (Provinc.):He istied to his wife’s apron-strings= hij zit onder de plak.Apsis,apsis(Mv.Apsides,apsidîz), apsis (inastron.enarchit.).Apt,apt, bekwaam, gepast; onderhevig, geneigd; vlug, klaar;Aptitude,aptitjûd, geschiktheid, bekwaamheid, neiging =Aptness.Apter,aptə, vleugelloos insect (Mv.Aptera);Apteran=Apterous, ongevleugeld.Apulia,əpjûliə, Apulië; adj.Apulian.Apyrous,əpairəsofapərɐs, vuurvast, onsmeltbaar.Aquarelle,akwərel, aquarel;Aquarellist, aquarellist.Aquarium,əkwêrj’m, aquarium;Aquarius,əkwêrjəs, de Waterman (Sterrenb.).Aquatic,əkwatik, in of op het water levend, water…; waterplant;Aquatics= watersport;Aqueduct,akwidɐkt= (steenen) waterleiding.Aquatint,akwətint,eikwətint, aquatinta;Aquatintverb. inaquatintabehandelen.Aqueous,eikwiəs, waterig, waterachtig, water …:Aqueous rocks= sedimentair gesteente.Aquiferous,əkwifərəs, waterhoudend;Aquiform,eikwiföm, in den toestand van water.Aquiline,akwil(a)in, tot den arend behoorend, arends - -.[23]Arab,arəb, subst. Arabier; Arabisch paard; adj. Arabisch:Street aquilines= daklooze kinderen;Arabesk, Arabesque,arəbesk, subst. arabesk; adj. Moorsch, fantastisch;Arabesqueverb. met arabesken versieren;Arabia,əreibjə,Arabian,əreibjn, Arabisch, Arabier:The Arabian Nights’ Entertainments= de Duizend en Een Nacht vertellingen;Arabic,arəbik, Arabisch; subst. Arabische taal:Arabic numerals;Arabist,arəbist, geleerde in Arabische taal en letteren.Arable,arəb’l, beploegbaar, bebouwbaar.Araby,arəbi, Arabië.Araeometer,âriomətə, areometer.Arbalist,âbəlist, voetboog;Arbalister, voetboogschutter.Arbiter,âbitə, scheidsrechter, autoriteit;Arbitrage,âbitridz, arbitrage; adj.Arbitral= arbitraal:Arbitrariness= willekeur;Arbitrary,âbitrəri, willekeurig, despotisch, grillig:Arbitrary address= telegr. adres;Arbitrate= arbitreeren;Arbitration= arbitrage:Arbitration of exchange(s)= wisselarbitrage;Arbitrator= arbiter, despoot;Arbitratix=Arbitress= vr. scheidsrechter.Arbor,âbə, boom; hoofdas;Arboreal,âbôriəl,Arboraceous,âbəreišəs, boomachtig, op boomen groeiend, boom.…;Arboreous=Arboreal= met bosch begroeid;Arboretum,âbərît’m, wetenschapp. boomkweekerij;Arboriculture= boomkweeking;Arboriculturist= boomkweeker;Arborist,âbərist, boomkenner;Arborous:Arbor roof= loofdak.Arbour,âbə, priëel; berceau.Arbuscle,âbɐs’l, dwergboompje, struik;Arbuscular,âbɐskjulə, heesterachtig; in bosjes;Arbustum= boschje, boomgaard;Arbute=Arbutus= aardbezieboom.Arc,âk, cirkelboog:Electric arc-lamp= booglamp;Arc-light.Arcade,âkeid, bogengang; winkelgalerij.Arcadia,âkeidjə, Arcadië;Arcadian= Arcadiër; adj. =Arcadic,âkeidik, Arcadisch.Arcanum,âkein’m, geheim; geheim geneesmiddel:Shall I reveal thearcanaof that virgin breast= geheimen.Arch,âtš, subst. boog, gewelf:Archverb. zich welven, krommen, overwelven;Arch (of heaven)= hemelgewelf;Triumphal arch= eereboog;Archway= overwelfde gang;Arches Court=Court of Arches, hoogste geestelijk gerechtshof.Arch,âtš= voornaamste, eerste, aarts …; schalksch, snaaksch:Archangel,âkeinž’l, aartsengel; doove netel;Archangel(âkeinž’l);Archarchitect,âtšâkitekt, de Opperbouwheer des Heelals;Archbishop,âtšbiš’p, aartsbisschop;Archdeacon,âtšdîk’n, geestelijk hoofd van de 2 of meer deaconries waarin elk Bisdom is verdeeld;Archdiocese,âtšdaiesis, aartsbisdom;Archduke (Archduchy); Arch-enemy; Archetype,âkitaip, oorspronkelijk model of type;Arch-fiend,âtsfînd, de Satan;Arch-foe; Arch-heresy,âtšherəsi, aartsketterij;Arch-heretic;Archhypocrite.Archaeologer,âkiolədžə=Archaeologian; adj.Archaeologic(al);Archaeologist= archaeoloog;Archaeology, archaeologie, oudheidkunde.Archaic(al),âkeiik(’l), oud, verouderd;Archaism,âkeiizm, verouderd woord (of uitdrukking).Archer(ess),âtšə(rəs), mannelijke (vrouwelijke) boogschutter;Archery, boogschieten; boogschutters.Archimagus,âkimeigəs, Perz. hoogepriester.Archimedean,Archimedian,âkimîdiən,âkimidîən:Archimedean screw= schroef van A.;Archimedes,âkimîdiz, Archimedes.Archipelago,âkipeləgou, archipel.Architect,âkitekt, architekt; schepper:Every one is the architect of his own fortune= iedereen heeft zijn eigen geluk in zijn hand;Architectonic=Architectural, architectonisch;Architecture,âkitektjə, bouwkunde;Architrave= architraaf.Archival,âkaiv’l, adj. archivarisch, archief …;Archives,âkaivz, het archief:Municipal Archives;Archivist= Archivaris =Keeper of the Archives.Archon,âk’n, Archont;Archonship= ambt van A; adj.Archontic.Arctic,âktik, noordelijk; koud:Arctic circle= Noordpool(cirkel);Arctic expedition.Ardency,âd’nsi, vuur, drift, ijver.Ardennes,âden, (de) Ardennen.Ardent,âd’nt, vurig, volijverig;Ardent spirits= alcoholische dranken;My most ardentwish= vurigste.Ardour,âdə, vuur, gloed, ijver.Arduous,âdjuɐs= steil; moeielijk;Arduousness, steilheid, etc.Are,ɐ̂,Teg. tijd, meerv.vanto be= zijn; subst. are = 119,6 vierk.yards.Area,êriə, oppervlakte, gebied, terrein; de ruimte vóór een sousterrain in Engelsche huizen, die van de straat door een hek langs eene trap toegang geeft tot de keuken, etc.;Area-bell= keukenbel;Area-sneak= (insluip)dief.Arena,ərînə, arena.Arenaceous,arineišəs, zandig, brokkelig, dor;Arenarious, zandig;Arenose,arinous,arinous.Areometer,ariomətə, areometer.Areopagus,ariopəgɐs, Areopagus.Argent,âdž’nt, zilverkleurig; subst. zilver, zilverwitte kleur;Argental, zilveren, zilverhoudend;Argentan= nieuw zilver;Argentiferous= zilverhoudend;Argentine,âdž’nt(a)in, zilveren, luidklinkend; Argentijnsch; subst. verzilverd nieuwzilver; zilvervisch; Argentijn;Argentina, Argentinië.Argle-bargle,âg’lbâg’l= redetwisten.Argonaut,âgənôt, Argonaut; nautilus.Argosy,âgəsi, karaak.Arguable,âgjuəb’l, bewijsbaar; betwistbaar;Argue,âgju, redeneeren, redetwisten, debatteeren, getuigen van, overreden:It was no use toargue the point= bespreken;Hearguedmeinto= bracht mij door overreding tot;Argument,âgjument, argument, bewijs, bewijsgrond; onderwerp eener discussie; hoofdinhoud:Don’tstart an argument= begin geen discussie;Argumentation= bewijsvoering;Argumentative= bewijzend, logisch; polemisch; subst.Argumentativeness.Argus,âgəs, Argus:Argus-eyes;Argus-eyed.[24]Argyle,âgail, stad.Aria,âriə, aria.Arian,êriən, Ariaansch; subst. een aanhanger van Arius;Arianism, Arianisme.Arid,arid, dor, onvruchtbaar;Aridity, dorheid, etc. =Aridness.Ariel,êriəl;Aries,êriîz, Ram (sterrenb.); rammei.Aright,ərait, recht:Toset aright= recht zetten, in orde brengen.Arise,əraiz, opstaan, zich verheffen, verschijnen, ontstaan; zich verzetten (against).Arista,əristə, baard (der korenaren); stekel.Aristarch,aristâk, Aristarch.Aristocracy,aristokrəsi, aristocratie;Aristocrat,aristəkrat,aristəkrat;Aristocratic(al), aristocratisch.Aristotelean,Aristotelian,aristətîliən= van Aristoteles (AristotelesofAristotle) =Aristotelic.Arithmetic,ərith-mətik, rekenkunde, rekenboek, rekenen, getalleer:Commercial (Mercantile) Arithmetic= handelsrekenen;Mental arithmetic= uit ’t hoofd rekenen;Arithmetic(al),arithmetik(’l), rekenkundig;Arithmetician, rekenaar;Arithmometer= rekenmachine.Ark,âk, ark; het biezen mandje, waarin Mozes lag; soort platboomd rivier vaartuig (Amer.):TheArk of the Covenant= de Arke des Verbonds;Noah’s Ark(ook v. speelgoed).Arkansas,âkansəs, Arkansas.Arm,âm, subst. arm, wapen, macht;Armverb. wapenen, versterken, voorzien van:With one’s arms across=With folded arms;Aninfant in arms= nog op arm gedragen kind;At arm’s length;Arm in arm;Right arm= rechterhand (fig.);Secular arm= wereldl. macht, overheid;Soldiers ofthe same arm= wapen;The cavalry arm= het wapen der cav.;Arms, wapenen; wapen:Coat-of-arms= familiewapen;Master at Arms= provoostgeweldiger;Standofarms= geweer met bajonet, patroontasch, etc.; volledige uitrusting;Tocall to arms= te wapen roepen;Allthe nations werein armsagainst France= traden gewapend op tegen;The people wasunder arms= onder de wapenen;Shoulder, carry arms= over, schouder ’t geweer;The whole forcestood to arms= was in ’t geweer;Armed at all points= van ’t hoofd tot de voeten;Arm-chair= armstoel; adj. theoret., doctrinair, dilettant:Arm-chair critics;Arm-chair authorities, etc.;Arm-hole= armsgat;Arm-pit= oksel;Arm-rack= wapenrek;Armful= armvol;Armless= zonder wapenen of armen.Armada,âmeidə, armada.Armadillo,âmədilou, gordeldier; oproller (insect).Armament,âməment, krijgstoerusting; krijgsmacht.Armature,âmətjuə, uitrusting, bewapening, armatuur; pantser, versterking.Armenia,âmînjə, Armenië;Armenian, Armenisch; Armeniër.Armiger,âmidžə, wapendrager, schildknaap.Arminian,âminj’n, Arminiaan.Armistice,âmistis, wapenstilstand.Armlet,âmlət, armpje, inham; armring, armstuk.Armorial,âmôriəl:Armorial bearings= wapenschild; subst. wapenboek.Armour,âmə, wapenrusting, harnas, pantser, beslag;Armourverb. pantseren, uitrusten:Armour-bearer=Armiger;Armour-clad= gepantserd;Armour-plate= pantserplaat;Armoured train= gepantserd;Armourer= wapensmid, geweermaker;Armoury= arsenaal; wapenfabriek (Amer.).Armstrong,âmstroŋ, uitvinder van hetArmstrong gun.Army,âmi, leger, menigte, zwerm:Army-chaplain= veldprediker;Army corps;Army examination= toelat. exam. voor een mil. school;Army list= ranglijst;Army men= officieren.Arnaut,Arnaout,ânaut, ânaut;Arnold,ânəld, Arnold, Arnout.Arnut,ânət, aardnoot, aardakker.Aroma,əroumə, aroma;Aromatic, aromatisch:Aromatics= specery;Aromatize= kruiden, geuren.Arose,ərouz, imperf. vanto arise.Around,əraund, in ’t rond, rondom, omheen:I’llget aroundyou= ’k zal je wel vinden.Arouse,ərauz, opwekken, aansporen, (doen) ontwaken, in beroering (opschudding) brengen.Arow,ərou, op eene rij, achtereenvolgens.Aroynt thee,ərôint dhî, scheer je weg.Arquebus,âk(w)əbɐs, haakbus, oud vuurroer;Arquebusierâkwəbəsîə, busschieter:Officers of Arquebusiers of St. George (St. Andrew)= van den Jorisdoelen (Adriaansdoelen).Arrack,arək, ərak, arak.Arraign,ərein, voor een rechtbank roepen, beschuldigen, aanklagen:Clerk of Arraigns= ambtenaar belast met het opmaken van de aanklacht;Arraignment, aanklacht, etc.Arrange,əreinž, schikken, regelen, in orde brengen, arrangeeren(muz.), afspreken:I havearranged forit= ik heb maatregelen genomen;Arrangement= schikking, inrichting.Arrant,ar’nt, erg, doortrapt, aarts …:He is anarrant fool= groote gek (= in één woord: een gek).Arras,arəs,tapijt (als behang in vroeger tijd); Atrecht;Arrased= metarrasbehangen.Array,ərei, subst. slagorde, gelid; troepen; kleeding, dos, kleederpracht; installeeren der jury, de geïnstalleerde jury;Arrayverb. (in slagorde) opstellen; de juryleden oproepen en installeeren; uitdossen:To challenge the array= de lijst der juryleden wraken.Arrear,ərîə, achterstallige schuld (doorgaans mv.):I amin arrears= achterop met het betalen mijner schulden;That sum isin arrears= nog niet betaald.Arrest,ərest, verb. tegenhouden, stuiten; arresteeren; boeien; subst. inhechtenisneming, beslag;To arrest a fire= stuiten;To arrest the attention (the eyes)= boeien;Arresteddevelopment= belemmerde ontwikkeling;Open arrest= kamerarrest;Under (an) arrest= in arrest;Toput (place)[25]under arrest;Tolay arrest on= beslag leggen op.Arret,əreiofəret, de beslissing van eene rechtbank, arrest; decreet, edict.Arris,aris, scherpe kant:Arris-beam= graatbalk;Arris-gutter=V-vormige goot;Arris-wise, diagonaal.Arrival,əraiv’l, aankomst, aangekomene, aangekomen schip, aanvoer:The man was looking through thearrivals= keek eens na, wat (wie) (in)gekomen was;Arrival book= vreemdelingenboek;Arrive,əraiv, aankomen, bereiken, verkrijgen:Edison has arrivedand is world-famous= E. heeft zijn pogingen bekroond gezien;Toarrive at a conclusion= komen tot.Arrogance,arəgəns, aanmatiging;Arrogant= aanmatigend;Arrogate,arəgeit, zich aanmatigen, wederrechtelijk toeëigenen.Arrow,arou, pijl:Broad arrow= pijlvormig teeken op wapenen, mijlsteenen en tuchthuiskleeren:Arrow-head= pijlspits;Arrow-root= pijlwortel; arrowroot.Arry,ari, plat Londenaar uit de volksklasse;Arriet,ari-it, diens meisje.Arse,âs, aars.Arsenal,âsən’l, arsenaal.Arsenic,âs’nik,âsənik, subst. arsenicum, rattenkruid; adj. (âsenik):Arsenic acid= arseenzuur;Arsenious acid,âsîniəsasid, arsenigzuur.Arsis,âsis, rijzende stembuiging, arsis.Arson,âs’n, brandstichting (Jur.).Art,ât, kunst, bekwaamheid, handigheid; list:Applied art= kunstnijverheid;High art= ‘in stijl’;To be art and part in= deelachtig zijn aan;Fine (Polite) arts= de schoone kunsten;Liberal arts= de vrije kunsten;Master of Arts= een acad. graad, die zonder examen aanBachelorswordt verleend als ze nog drie jaar ‘aan’ zijn gebleven;Art-school= teekenacademie;Art-union, vereeniging voor kunst;Artful, artistiek; geslepen; subst.Artfulness;Artless, smakeloos; ongekunsteld, argeloos; subst.Artlessness.Artemisia,âtimižə, Artemisia; alsem.Arterial,âtîriəl, slagaderlijk:Arterial blood= slagaderlijk bloed;Through the lungs venous blood isarterialized= door de longen wordt aderlijk in slagaderlijk bloed veranderd;Artery,âtəri, slagader, hoofdkanaal, hoofdader.Artesian,âtîžən, Artesisch:Artesian well= … put.Arthur,âthə, Arthur; adj.Arthurian.Artichoke,âtitšouk, artisjok.Article,âtik’l, subst. artikel, post, voorwerp, substantie, lidwoord (gramm.):Articles= contract, monsterrol;Articleverb. door artikelen vaststellen, door bepaalde voorwaarden verbinden, vaststellen:You area nice article= fijn heer;The genuine article= je ware!What isthe next article?= verlangt u nog iets (in winkels)?Articles of association= statuten;Articles of war= krijgsartikelen;I was articledthere= op bepaalde voorwaarden aangenomen;Articled toa firm;Anarticled clerk= een klerk die een bepaalde som (premium) betaalt aan densolicitorbij wien hij in de leer is.Articular,âtîkjulə, tot de gewrichten behoorend, gewrichts - -:Gout is anarticular disease= gewrichtskwaal;Articulate,âtikjulit, adj. geleed; gearticuleerd; duidelijk;Articulateverb.âtikjuleit, articuleeren, geleed verbinden;Articulateness= duidelijkheid;Articulation, geleding, articulatie.Artifice,âtifis, kunst; streek;Artificer, bedreven werkman (vooral in tech. vakken); schepper;Artificial= kunst(vaard)ig, kunstmatig; geveinsd, gemaakt:Artificial arms, Artificial eyes= kunst - -;Artificial florist= kunstbloemenmaker;Artificial numbers= logarithmen; subst.Artificiality=Artificialness= gekunsteldheid.Artillerist,âtilərist, artillerist;Artillery,âtîləri, artillerie, zwaar geschut:Captain A.of the artillery;Artillery-butt= kogelvanger;Artillery-driver= stukrijder;Artilleryman= artillerist;Artillery practice= oefening met de kanonnen.Artisan,âtiz’n, âtizan, werkman;Artisan house;Artisans’ dwellings.Artist,âtist, kunstenaar;Artistic(al),âtistik(’l), artistiek;Artiste,âtîst, artiest.Artocarpus,âtəkâpəs, broodvruchtboom.Arundel,ar’ndəlofərɐnd’l(Amer.).Aryan,êriən,âriən, Arisch; subst. Arische taal, Ariër.Arytenoid,aritînôid, bekervormig (kraakbeen van het strottenhoofd).As,az, gelijk, zooals, toen, terwijl, aangezien, als, bij voorbeeld:As far asI know= voor zoover;As if= alsof;He told meAs much= zulks;As to (As for)= wat betreft;As though= alsof;As yet= nog, totnutoe;As I live= zoowaar;As it were, als ’t ware;I mightas wellgo= ik kon wel eens gaan;She has enough to bearas it is= toch al genoeg;He had had to retrenchas it was= toch al.Asafoetida,asəfetidə, duivelsdrek.Asbest(os),azbest(os), asbest(os), asbest, steenvlas;Asbestic, asbest …;Asbestine= asbest.…; onverbrandbaar;Asbestous=Asbestic.Ascend,əsend, opklimmen, opstijgen, teruggaan tot, opstaan, opgaan, beklimmen; opvaren:They ascended the hill= zij beklommen;Ascendable= beklimbaar, enz.;Ascendancy, overwicht, invloed:Naturehas an ascendency overlogic= de natuur gaat boven de leer;Ascendant= opklimmend, stijgend, superieur; subst. overwicht, invloed, hoogte, horoscoop:His star is in the ascendant= zijn geluksster gaat op;Hehas the ascendant overme= hij heeft overwicht over mij;Ascendency=Ascendancy;Ascension= (be)stijging, hemelvaart (van Jezus):Ascension Day= Hemelvaartsdag.Ascent,əsent, beklimming, opgaan, opkomst, stijging, hoogte.Ascertain,asətein, zich vergewissen, vaststellen, vernemen;Ascertainable, vast te stellen;Ascertainment, vaststelling, etc.Ascetic,əsetik, ascetisch, streng, vroom; subst. asceet, kluizenaar;Asceticism, ascetisme;Ascetical=Ascetic.[26]Ascham,ask’m:Roger Ascham, een schrijver (1515–68).Asci,asai,Ascians,asiənz, schaduwloozen.Ascribable,əskraibəb’l, toe te schrijven;Ascribe,əskraib, toeschrijven aan;Ascription= toeschrijving.Asexual,əsekšuəl, geslachtloos.Ash,aš, esch; adj. van esschenhout =Ashen.Ash,aš, subst. asch:Cigar (pipe, tobacco) ash;Volcanic ash(es);Ashes= asch (ook fig.):Peace to hisashes;To lay inashes;Sitting in dust andashes;Pale as ashes=Ashenpale;To growashen= doodsbleek worden;Ash-bin= aschvat;Ash-box,Ash-bucket= aschbak, aschemmer;Ash-pan= aschbak;Ash-path= asphalt wielerbaan;Ash-pit= aschkuil, aschbak;Ashputtel= Asschepoester;Ash-tray= aschbakje;Ash-Wednesdayašwenzdi, Aschdag;Ash-weed,ašwîd, geitebaard (plant);Ashy= aschkleurig.Ashamed,əšeimd, beschaamd:To be ashamed of= zich schamen over.Ashlar,Ashler,ašlə, hardsteen; hardsteenen façade;Ashlaring= hardsteenen muur; dakbetimmering; arduin.Ashore,əšö, aan (naar) wal; gestrand:To go ashore= landen; ook =To run ashore= stranden.Asia,eišiə, Azië;Asiatic, Aziatisch; Aziaat.Aside,əsaid, adv. ter zijde, aan eene zijde:To earnlarge sumsaside= er bij verdienen op minder eerlijke manier;To lay (put) aside= overleggen, sparen;This is aside from the question= staat buiten de kwestie; subst. terzijde.Asinine,asin(a)in, ezelachtig, ezels - -;Asininity, ezelachtigheid.Ask,âsk, vragen, verzoeken, verlangen, uitnoodigen:Toask about= naar;To ask after= naar;Toask again (back)= terug;Toask for= naar, om;I askeda pennyofhim,I askedhimfora penny= om;Toask (for) nothing better= niets liever willen;Toask todinner;A thing to be asked and had= voor het vragen (=To be got for theasking);Anaskingchild= dat veel vragen doet;I could have it for the asking= ik heb het maar voor ’t vragen;To ask in church= ’t voorgenomen huwelijk afkondigen.Askance,əskâns,Askant,əskânt, schuins, van terzijde:Helooked askanceat me= scheel, jaloersch.Askew,əskjû, schuins, scheef, verachtelijk.Aslant,əslânt, schuins, dwarsover:Tohang aslant.Asleep,əslîp, in slaap; ontslapen:He wasfast (sound) asleep= in diepe rust;To fall(Torock)asleep.Aslope,əsloup, hellend.A-smear,əsmîə, bevuild.Asp,asp, (Aspic,aspik), aspis, adder; esp(eboom), ratelpopulier; adj.Aspen:Totremble like an aspen leaf;Asp tree= esp.Asparaginous,aspəradžinəs, asperge - - -;Asparagus,əsparəgɐs, asperge.Aspect,aspəkt, gezicht(spunt), oogpunt, zijde, kant, licht; stand; uitzicht; voorkomen; ligging:The house hasa southern aspect= ligt op het Zuiden.Asper,aspə, subst. spiritus asper.Asperity,əsperiti, ruwheid, scherpheid, norschheid.Asperge,aspɐ̂dž= besprenkelen; ook subst. =Aspergill(um),aspədžil(’m), wijwaterkwast.Asperse,əspɐ̂s, belasteren, bezwalken; besprenkelen:Who daredaspersemy friend’scharacter?Aspersive= lasterlijk;He hascastshamefulaspersionson this man= schandelijk belasterd;Aspersorium= wijwaterbekken.Asphalt,asfalt,əsfalt, asphalt:Asphalt pavement;Asphaltic(=Asphaltite):Asphaltic cement;The Asphaltites Lake,dhiasf’ltaitîzleik= Doode Zee.
Anxiety,aŋzaiiti, angst, bezorgdheid; benauwdheid; vurig verlangen;Anxious,aŋšəs, angstig, bezorgd; verlangend, begeerig:He ison the anxious seat= hij zit leelijk in de klem;I am anxious to increase my collection of stamps= verlangend; subst.Anxiousness= bezorgdheid; verlangen.
Any,eni, eenig (in zéér algemeenen zin) etc.:Have youanymoney for me? = ook?Is my fatherany better?= soms ook wat; (Verg.’t Amer.:That don’t comfort meany= geen sier;Will that help youany?= in eenig opzicht;If I had sleptanylast night= ook maar een oogenblik);You have not been hereany time= nog maar zoo kort;You will be welcomeat any time, (anywhen)= te allen tijde, wanneer ge ook komt.
Anyhow,enihau, in elk geval, hoe dan ook;Anything= iets, wat dan ook, etc.:For anything I know= voor zoover ik weet;Like anything= zooveel mogelijk, dat het een aard heeft;That istoo charming for anything= onbeschrijfelijk (weergaloos) bekoorlijk;Anything but= alles behalve;My clock is,if anything,fast= loopt in elk geval voor;Anything likeforty times= lang geen 40 keer;He ceased to think of her as the most beautiful orthe most anything woman= of superieur in wat opzicht dan ook;Anyway= hoe dan ook, in allen gevalle;Anywhere= ergens;Anywise= op eenigerlei wijze.
Aonian,eiounj’n, dichterlijk.
Aorist,eiərist, aoristus.
Aorta,eiöta, aorta;Aortic, tot de aorta behoorend.
Aoul,âûl, een Tartaarsch kamp.
Apace,əpeis, snel, vlug:Ill weeds grow apace= onkruid vergaat niet.
Apanage,apənidž, apenage, aandeel, afhankelijk gebied.
Apart,əpât, afgescheiden van, apart, anders dan anders:You cannot consider the one apart from the other= de beide dingen zijn niet te scheiden; subst.Apartness.
Apartment,əpâtm’nt, vertrek:Apartments, reeks vertrekken (als woning);Apartments to let= kamers te huur (ookfig.);Apartment house(Am.) = huizen in verdiepingen verhuurd met gemeenschappel. ingang.
Apathetic,apəthetik, apathisch;Apathy,apəthi, apathie, laksheid.
Ape,eip, subst. aap (zonder staart), naäper; verb. naäpen:The higher the ape goes, the more he shows his tail;An ape’s an ape, a varlet’s a varlet, tho’ they be clad in silk and scarlet= al draagt een aap een gouden ring, het is en blijft een leelijk ding;Apery= apenstreek; naäperij.
Apeak,əpîk, recht op en neer, bijna loodrecht =Apeek.
Apelles,əpelîz;Apennines,apənainz= Appenijnen.
Apepsia,əpepsiə,Apepsy,əpepsi, slechte spijsvertering.
Aperient,əpîriənt, subst. laxeermiddel; adj. laxeerend =Aperitive.
Aperture,apətjuə, opening, spleet.
Apetalous,əpetəlɐs, zonder bloemblad.
Apex,eipeks(Meerv.Apices,eipisiz, ofApexes,eipeksiz), toppunt.
Aphaeresis,əfîrisisofəferisis, aphaeresis.
Aphelion,əfîliən, aphelium.
Aphidian,əfidiən, adj. bladluis …; subst. =Aphis,eifisofafis, bladluis. (Mv.Aphides,afidîz).
Aphorism,afərizm, aphorisme;Aphoristic, aphoristisch.
Aphrodite,afrədaiti, de Grieksche Venus.
Aphtha,af-thə, spruw.
Aphyllous,əfiləsofafilɐs, bladloos.
Apiarian,eipiêriən, de bijen betreffend;Apiarist,eipjərist, ijmker;Apiary,eipjəri, bijenstal.
A-piece,əpîs, per stuk, elk.
Apish,eipiš, aapachtig, potsierlijk; subst.Apishness.
A-pit(-a)pat,əpit(ə)pat, met snel geklop.
Aplomb,əploŋ, aplomb.
Apocalypse,əpokəlips, Openbaring;Apocalypticnumber= het getal 666.
Apocope,əpokəpî, apocope.
Apocrypha,əpokrifə, de apocryphe boeken (van het Oude Testament);Apocryphal= aprocief.
Apodictic,apədiktik, apodictisch.
Apogean,apədžîən:Apogean tides=Neap apogean;Apogee,apədži, apogaeum.[21]
Apograph,apəgraf, afschrift.
Apollo,əpolou, Apollo:Apolloandthe Nine.
Apollyon,əpoliən, Apollyon, (Openb. IX, 11).
Apologetic(al),əpolədžetik(’l), verontschuldigend;Apologist= apologeet;Apologize= zich verontschuldigen;Apology= apologie, verdediging, excuus:Hemade an apology= maakte excuus.
Apo(ph)thegm,apəthem, kernspreuk.
Apoplectic,apəplektik, beroerte …:Apoplectic fit (stroke)= aanval van beroerte;Apoplexy,apəpleksi, beroerte:Afit of apoplexy= aanval van beroerte.
Apostasy,əpostəsi, afvalligheid:Julian theApostate= Juliaan de Afvallige;Apostatical, afvallig;Apostatize, afvallen.
Apostil,əpostil, kantteekening, naschrift.
Apostle,əpos’l, apostel:Acts of the Apostles= Handelingen d. Apostelen;Apostle-spoons= zilveren lepels, waarvan het handvatsel in het beeld van een apostel uitloopt (een gewoon geschenk van peetvaders bij het doopen);Apostleship, ambt v. apostel =Apostolate,əpostəlit;Apostolic= apostolisch:Apostolic fathers= Christelijke schrijvers ten tijde of onmiddellijk na de apostelen;Apostolic succession= machtsoverdracht van af de apostelen.
Apostrophe,əpostrəfi, aanspraak, toespraak, afkappingsteeken;Apostrophize, zich wenden tot; met een apostrophe voorzien.
Apothecary,əpothəkəri, apotheker (Schotl.enAmer.); soort van plattelands-heelmeester;Apothecaries’ Society= College, dat sedert 1874 examens afneemt enLicensesuitreikt (ZieChemist):Apothecary’s Bill= apothekersrekening (fig.);Apothecary’s Latin= potjeslatijn.
Apotheosis,apəthiousisofapəthîəsis, verheerlijking;Apotheosize,apəthîəsaiz, verheerlijken.
Appal,əpôl, verschrikken, ontstellen.
Appanage=Apanage.
Apparatus,apəreitəs, apparaat, hulpmiddelen, uitrusting, organen:Thedigestive apparatus= de verteringsorganen.
Apparel,əpar’l, subst. de kleederen, gewaad; opschik;Apparelverb. kleeden, uitrusten, opschikken.
Apparent,əpêr’nt, blijkbaar, duidelijk; schijnbaar; rechtmatig:Heir apparent= rechtmatige troonopvolger;Apparent horizon= schijnbare horizon;Apparent time= ware tijd;Apparent from= blijkend uit.
Apparition,apəriš’n, verschijning, spooksel;Apparitional= schijnbaar, zichtbaar; spookachtig.
Apparitor,əparitə, deurwaarder, pedel.
Appeal,əpîl, subst. beroep, het recht van beroep, appel, dagvaarding; smeekbede:Appealverb. appelleeren, zich beroepen op, smeeken:Lord Justice of Appeal= lid vanHer Majesty’s Court of Appeal(Hof van Beroep);Without appeal= in laatste instantie;Hegave notice of appeal= gaf kennis dat hij wou appelleeren;Heappealed fromthis Court of Justice to the king’s mercy= hij appelleerde … van deze rechtbank op;The ministry willappeal to the country= zal de Kamer(s) ontbinden;appealable= vatbaar voor beroep.
Appear,əpîə, verschijnen, zichtbaar worden, duidelijk zijn, blijken (by,from):It would appearthat= lijkt wel of;Appearance, verschijnen, voorkomen, aanblik, verschijnsel, vertoon:Tokeep up (save) appearances= den schijn redden;Tokeep up a proper appearance= fatsoenlijk voor den dag komen;Heput in an appearance= kwam, verscheen.
Appeasable,əpîzəb’l, te bevredigen;Appease,əpîz, stillen, bevredigen;Appeasing remedies= pijnstillende.
Appellant,əpel’nt, appelleerend, het appèl betreffend:Party appellant= de appellant; subst. appellant; requestrant;Appellate= het appèl betreffend:Appellate Court= Hof. v. Beroep;Appellation,apəleiš’n, benaming, naam;Appellative:Appellative name= soortnaam;Appellee, beschuldigde, aangeklaagde;Appellor,əpelə, aanklager;King’s (Queen’s) Evidence; wraker v. partijdigeJury-leden.
Append,əpend, aanhechten, bijvoegen;Appendage= aanhangsel;Appendages= bijbehoorende terreinen;Appendant, bijgevoegd, begeleidend; subst. aanhangsel; afhankelijke;Appendicitis= blindedarmontsteking;Appendix= aanhangsel.
Apperception,apəsepš’n, apperceptie, waarneming, voorstelling met bewustheid.
Appertain,apətein, behooren tot, toebehooren;Appertainment= toebehooren.
Appetence,apətens, begeerte; attractie;Appetent= begeerig.
Appetite,apətait, eetlust, begeerte:Toget an appetite= honger krijgen;Togive an appetite= opwekken;Tohave an appetite;Tosharpen one’s appetite= eetlust geven;Totake away the appetite= benemen;The appetite is concealed under the teeth= al etende krijgt men eetlust;Appetitive(əpetitivofapətaitiv):Appetitive power(faculty) = begeervermogen;Anappetizingbook= boeiend, smakelijk.
Applaud,əplôd, toejuichen;He wasreceived withgeneralapplause(əplôz);Applausive= bijvals …
Apple,ap’l,appel:Apple of the eye;Apple of discord= twistappel;Apple-cart= appelkar; lichaam, wezen:To upset one’sapple-cart= een streep door de rekening halen;Apple-jack= appelcider (Amer.);Apple-john= appel, die lang goed blijven kan, doch dan ook rimpelig wordt;Apple-pie bed= bed, opzettelijk zoodanig opgemaakt, dat men zijn beenen niet kan uitstrekken;Everything is inapple-pie order= in volmaakte orde;Apple-tree;Apple-woman;Apple-yard= boomgaard.
Appliance,əplaiəns, toepassing, middel, toestel, toebehooren.
Applicability,aplikəbiliti, toepasselijkheid, bruikbaarheid,Applicable, toepasselijk (to);Applicant, sollicitant; requestrant;Application(=aplikeiš’n) toepassing (to) gebruik; ijver, vlijt; aanvraag, sollicitatie;Foroutward application= voor uitwendig gebruik;On application= bij inschrijving, op aanvraag;A personal (written) application;application for membershipin a club;applications are invitedfor the post= sollicitanten worden opgeroepen;[22]applications are to be madein writing= zich schriftelijk aan te melden.
Apply,əplai, leggen op, brengen aan; toepassen, aanwenden, gebruiken; zich wenden tot (to), solliciteeren (for), betrekking hebben op (to), van toepassing zijn;Apply oneself (to)= zich toeleggen op.
Appoint,əpôint, subst. saldo;Appointverb. bepalen, bescheiden, bestemmen, aanwijzen, vaststellen, inrichten, benoemen, aanstellen:He wasappointedgovernor of the town= aangesteld;I must hear the two voices in my breast;it has been appointed me= God heeft het bepaald, het is Zijn wil;Well-appointed= keurig;Appointee= vruchtgebruiker;Appointment= aanstelling, afspraak, honorarium, inrichting of uitrusting:He got hisformal appointment= benoeming;Mr. B.by appointment! = die belet heeft laten vragen;Appointment-book= agenda;By appointment(tailor) to his Majesty= hofleverancier.
Apportion,əpöš’n, evenredig verdeelen, aanwijzen:The wagesapportioned tothis post= verbonden;Apportionment= verdeeling, toedeeling.
Appose,əpouz, leggen (drukken) op; tegenover elkaar stellen.
Apposite,apəzit, geschikt, voegzaam, te pas:This argument isapposite tothe case in question= toepasselijk op; subst.Appositeness.
Apposition,apəziš’n, bijvoeging; bijstelling; adj.Appositional.
Appraisable,əpreizəb’l, taxeerbaar;Appraisal= schatting;Appraise,əpreiz, waardeeren, schatten;Appraisement= schatting, taxatie;Appraiser= taxateur, schatter.
Appreciable,əprîšiəb’l, schatbaar, merkbaar;Appreciate,əprîšieit, waardeeren, hoogschatten, op prijs stellen; verhoogen (toenemen) in prijs (Amer.);Appreciation, waardeering; prijsverhooging;Appreciative, waardeerend;Appreciatory= waardeerend, erkennend.
Apprehend,aprihend, vatten, grijpen, begrijpen, verstaan; onderstellen; duchten;Apprehensibility= begrijpelijkheid; adj.Apprehensible;Apprehension= bevatting; vrees:To be dull of apprehension= traag v. bevatting;He was in no small apprehension for his life= vreesde zeer voor;Apprehensive, bevreesd (of); bevattelijk.
Apprentice,əprentis, subst. leerjongen, leerling;Apprenticeverb. in de leer doen:Tobind (put) a person apprentice to= in de leer doen bij;I wasapprenticed toa very kind master at a very moderateapprentice-fee= leergeld;Apprenticeship= leertijd (meest 7 jaar in Eng.).
Apprise,əpraiz, bekend maken met.
Approach,əproutš, subst. nadering; toegang, oprit;Approachverb. naderen, nabij komen, gelijken op;Approaches= loopgraven;Toapproach a subject= aanroeren;Some relative pronounsapproach todemonstratives;Approachable, toegankelijk (ookfig.).
Approbate,aprəbeit, goedkeuren, machtigen; adj. (aprəbit) goedgekeurd;Approbation, goedkeuring:Sent on Approbation= op zicht;Approbation-bill= onteigeningsontwerp.
Appropriable,əproupriəb’l, toepasselijk;Appropriate,əprouprieit, verb. (zich) toeëigenen; voor een bepaald doel bestemmen, besteden:That sum wasappropriated forbuying furniture;The balance of the amount will beappropriated towardsthe sum due= het saldo van het bedrag zal in vermindering strekken van;Heappropriatedthe thingtohimself= eigende zich toe;Appropriateadj. (əproupriit) geschikt, voor een bepaald doel aangewezen; subst.Appropriateness;Appropriation, toeëigening, bestemming, aanwijzing, toestaan;Appropriative, strevend naar toeëigening;Appropriator, bezitter v. een prebende.
Approvable,əprûvəb’l, loffelijk; subst.Approvableness;Approval= goedkeuring:To be sent on approval= op zicht gezonden;Approve,əprûv, goedkeuren; toonen; aanbevelen; bevestigen:I cannotApprove (of)these means= goedkeuren;Timeapprovesittrue= heeft bewezen;Approved= beproefd:Anapproved method;Anapproved author= erkend schrijver;Toapprove oneself= blijken te zijn;Toapprove oneself to= zich aangenaam maken bij;Approvement= verbetering;Approver=King’s (Queen’s) Evidence.
Approximate,əproksimit, adj. naderend, bijna juist, bijna gelijk;Approximateverb. (əproksimeit) nabij komen, naderen;Byapproximation, bij benadering;Approximative= bij benadering.
Appurtenance,əpɐ̂tən’ns, aanhangsel, bijvoegsel, servituut;Appurtenant, bijbehoorend; toebehooren.
Apricot,eiprikotofaprikot, abrikoos.
April,eipril, April; jeugd; onbestendigheid:April-fool= Aprilgek:He made an April-fool of me;April-fool day=All Fools’ Day= 1 April.
Apron,eipr’n, schort, schootsvel; dekkleed, deksel op het zundgat van een kanon; de vette buikhuidbedekking v. eend of gans (Provinc.):He istied to his wife’s apron-strings= hij zit onder de plak.
Apsis,apsis(Mv.Apsides,apsidîz), apsis (inastron.enarchit.).
Apt,apt, bekwaam, gepast; onderhevig, geneigd; vlug, klaar;Aptitude,aptitjûd, geschiktheid, bekwaamheid, neiging =Aptness.
Apter,aptə, vleugelloos insect (Mv.Aptera);Apteran=Apterous, ongevleugeld.
Apulia,əpjûliə, Apulië; adj.Apulian.
Apyrous,əpairəsofapərɐs, vuurvast, onsmeltbaar.
Aquarelle,akwərel, aquarel;Aquarellist, aquarellist.
Aquarium,əkwêrj’m, aquarium;Aquarius,əkwêrjəs, de Waterman (Sterrenb.).
Aquatic,əkwatik, in of op het water levend, water…; waterplant;Aquatics= watersport;Aqueduct,akwidɐkt= (steenen) waterleiding.
Aquatint,akwətint,eikwətint, aquatinta;Aquatintverb. inaquatintabehandelen.
Aqueous,eikwiəs, waterig, waterachtig, water …:Aqueous rocks= sedimentair gesteente.
Aquiferous,əkwifərəs, waterhoudend;Aquiform,eikwiföm, in den toestand van water.
Aquiline,akwil(a)in, tot den arend behoorend, arends - -.[23]
Arab,arəb, subst. Arabier; Arabisch paard; adj. Arabisch:Street aquilines= daklooze kinderen;Arabesk, Arabesque,arəbesk, subst. arabesk; adj. Moorsch, fantastisch;Arabesqueverb. met arabesken versieren;Arabia,əreibjə,Arabian,əreibjn, Arabisch, Arabier:The Arabian Nights’ Entertainments= de Duizend en Een Nacht vertellingen;Arabic,arəbik, Arabisch; subst. Arabische taal:Arabic numerals;Arabist,arəbist, geleerde in Arabische taal en letteren.
Arable,arəb’l, beploegbaar, bebouwbaar.
Araby,arəbi, Arabië.
Araeometer,âriomətə, areometer.
Arbalist,âbəlist, voetboog;Arbalister, voetboogschutter.
Arbiter,âbitə, scheidsrechter, autoriteit;Arbitrage,âbitridz, arbitrage; adj.Arbitral= arbitraal:Arbitrariness= willekeur;Arbitrary,âbitrəri, willekeurig, despotisch, grillig:Arbitrary address= telegr. adres;Arbitrate= arbitreeren;Arbitration= arbitrage:Arbitration of exchange(s)= wisselarbitrage;Arbitrator= arbiter, despoot;Arbitratix=Arbitress= vr. scheidsrechter.
Arbor,âbə, boom; hoofdas;Arboreal,âbôriəl,Arboraceous,âbəreišəs, boomachtig, op boomen groeiend, boom.…;Arboreous=Arboreal= met bosch begroeid;Arboretum,âbərît’m, wetenschapp. boomkweekerij;Arboriculture= boomkweeking;Arboriculturist= boomkweeker;Arborist,âbərist, boomkenner;Arborous:Arbor roof= loofdak.Arbour,âbə, priëel; berceau.
Arbuscle,âbɐs’l, dwergboompje, struik;Arbuscular,âbɐskjulə, heesterachtig; in bosjes;Arbustum= boschje, boomgaard;Arbute=Arbutus= aardbezieboom.
Arc,âk, cirkelboog:Electric arc-lamp= booglamp;Arc-light.
Arcade,âkeid, bogengang; winkelgalerij.
Arcadia,âkeidjə, Arcadië;Arcadian= Arcadiër; adj. =Arcadic,âkeidik, Arcadisch.
Arcanum,âkein’m, geheim; geheim geneesmiddel:Shall I reveal thearcanaof that virgin breast= geheimen.
Arch,âtš, subst. boog, gewelf:Archverb. zich welven, krommen, overwelven;Arch (of heaven)= hemelgewelf;Triumphal arch= eereboog;Archway= overwelfde gang;Arches Court=Court of Arches, hoogste geestelijk gerechtshof.
Arch,âtš= voornaamste, eerste, aarts …; schalksch, snaaksch:Archangel,âkeinž’l, aartsengel; doove netel;Archangel(âkeinž’l);Archarchitect,âtšâkitekt, de Opperbouwheer des Heelals;Archbishop,âtšbiš’p, aartsbisschop;Archdeacon,âtšdîk’n, geestelijk hoofd van de 2 of meer deaconries waarin elk Bisdom is verdeeld;Archdiocese,âtšdaiesis, aartsbisdom;Archduke (Archduchy); Arch-enemy; Archetype,âkitaip, oorspronkelijk model of type;Arch-fiend,âtsfînd, de Satan;Arch-foe; Arch-heresy,âtšherəsi, aartsketterij;Arch-heretic;Archhypocrite.
Archaeologer,âkiolədžə=Archaeologian; adj.Archaeologic(al);Archaeologist= archaeoloog;Archaeology, archaeologie, oudheidkunde.
Archaic(al),âkeiik(’l), oud, verouderd;Archaism,âkeiizm, verouderd woord (of uitdrukking).
Archer(ess),âtšə(rəs), mannelijke (vrouwelijke) boogschutter;Archery, boogschieten; boogschutters.
Archimagus,âkimeigəs, Perz. hoogepriester.
Archimedean,Archimedian,âkimîdiən,âkimidîən:Archimedean screw= schroef van A.;Archimedes,âkimîdiz, Archimedes.
Archipelago,âkipeləgou, archipel.
Architect,âkitekt, architekt; schepper:Every one is the architect of his own fortune= iedereen heeft zijn eigen geluk in zijn hand;Architectonic=Architectural, architectonisch;Architecture,âkitektjə, bouwkunde;Architrave= architraaf.
Archival,âkaiv’l, adj. archivarisch, archief …;Archives,âkaivz, het archief:Municipal Archives;Archivist= Archivaris =Keeper of the Archives.
Archon,âk’n, Archont;Archonship= ambt van A; adj.Archontic.
Arctic,âktik, noordelijk; koud:Arctic circle= Noordpool(cirkel);Arctic expedition.
Ardency,âd’nsi, vuur, drift, ijver.
Ardennes,âden, (de) Ardennen.
Ardent,âd’nt, vurig, volijverig;Ardent spirits= alcoholische dranken;My most ardentwish= vurigste.
Ardour,âdə, vuur, gloed, ijver.
Arduous,âdjuɐs= steil; moeielijk;Arduousness, steilheid, etc.
Are,ɐ̂,Teg. tijd, meerv.vanto be= zijn; subst. are = 119,6 vierk.yards.
Area,êriə, oppervlakte, gebied, terrein; de ruimte vóór een sousterrain in Engelsche huizen, die van de straat door een hek langs eene trap toegang geeft tot de keuken, etc.;Area-bell= keukenbel;Area-sneak= (insluip)dief.
Arena,ərînə, arena.
Arenaceous,arineišəs, zandig, brokkelig, dor;Arenarious, zandig;Arenose,arinous,arinous.
Areometer,ariomətə, areometer.
Areopagus,ariopəgɐs, Areopagus.
Argent,âdž’nt, zilverkleurig; subst. zilver, zilverwitte kleur;Argental, zilveren, zilverhoudend;Argentan= nieuw zilver;Argentiferous= zilverhoudend;Argentine,âdž’nt(a)in, zilveren, luidklinkend; Argentijnsch; subst. verzilverd nieuwzilver; zilvervisch; Argentijn;Argentina, Argentinië.
Argle-bargle,âg’lbâg’l= redetwisten.
Argonaut,âgənôt, Argonaut; nautilus.
Argosy,âgəsi, karaak.
Arguable,âgjuəb’l, bewijsbaar; betwistbaar;Argue,âgju, redeneeren, redetwisten, debatteeren, getuigen van, overreden:It was no use toargue the point= bespreken;Hearguedmeinto= bracht mij door overreding tot;Argument,âgjument, argument, bewijs, bewijsgrond; onderwerp eener discussie; hoofdinhoud:Don’tstart an argument= begin geen discussie;Argumentation= bewijsvoering;Argumentative= bewijzend, logisch; polemisch; subst.Argumentativeness.
Argus,âgəs, Argus:Argus-eyes;Argus-eyed.[24]
Argyle,âgail, stad.
Aria,âriə, aria.
Arian,êriən, Ariaansch; subst. een aanhanger van Arius;Arianism, Arianisme.
Arid,arid, dor, onvruchtbaar;Aridity, dorheid, etc. =Aridness.
Ariel,êriəl;Aries,êriîz, Ram (sterrenb.); rammei.
Aright,ərait, recht:Toset aright= recht zetten, in orde brengen.
Arise,əraiz, opstaan, zich verheffen, verschijnen, ontstaan; zich verzetten (against).
Arista,əristə, baard (der korenaren); stekel.
Aristarch,aristâk, Aristarch.
Aristocracy,aristokrəsi, aristocratie;Aristocrat,aristəkrat,aristəkrat;Aristocratic(al), aristocratisch.
Aristotelean,Aristotelian,aristətîliən= van Aristoteles (AristotelesofAristotle) =Aristotelic.
Arithmetic,ərith-mətik, rekenkunde, rekenboek, rekenen, getalleer:Commercial (Mercantile) Arithmetic= handelsrekenen;Mental arithmetic= uit ’t hoofd rekenen;Arithmetic(al),arithmetik(’l), rekenkundig;Arithmetician, rekenaar;Arithmometer= rekenmachine.
Ark,âk, ark; het biezen mandje, waarin Mozes lag; soort platboomd rivier vaartuig (Amer.):TheArk of the Covenant= de Arke des Verbonds;Noah’s Ark(ook v. speelgoed).
Arkansas,âkansəs, Arkansas.
Arm,âm, subst. arm, wapen, macht;Armverb. wapenen, versterken, voorzien van:With one’s arms across=With folded arms;Aninfant in arms= nog op arm gedragen kind;At arm’s length;Arm in arm;Right arm= rechterhand (fig.);Secular arm= wereldl. macht, overheid;Soldiers ofthe same arm= wapen;The cavalry arm= het wapen der cav.;Arms, wapenen; wapen:Coat-of-arms= familiewapen;Master at Arms= provoostgeweldiger;Standofarms= geweer met bajonet, patroontasch, etc.; volledige uitrusting;Tocall to arms= te wapen roepen;Allthe nations werein armsagainst France= traden gewapend op tegen;The people wasunder arms= onder de wapenen;Shoulder, carry arms= over, schouder ’t geweer;The whole forcestood to arms= was in ’t geweer;Armed at all points= van ’t hoofd tot de voeten;Arm-chair= armstoel; adj. theoret., doctrinair, dilettant:Arm-chair critics;Arm-chair authorities, etc.;Arm-hole= armsgat;Arm-pit= oksel;Arm-rack= wapenrek;Armful= armvol;Armless= zonder wapenen of armen.
Armada,âmeidə, armada.
Armadillo,âmədilou, gordeldier; oproller (insect).
Armament,âməment, krijgstoerusting; krijgsmacht.
Armature,âmətjuə, uitrusting, bewapening, armatuur; pantser, versterking.
Armenia,âmînjə, Armenië;Armenian, Armenisch; Armeniër.
Armiger,âmidžə, wapendrager, schildknaap.
Arminian,âminj’n, Arminiaan.
Armistice,âmistis, wapenstilstand.
Armlet,âmlət, armpje, inham; armring, armstuk.
Armorial,âmôriəl:Armorial bearings= wapenschild; subst. wapenboek.
Armour,âmə, wapenrusting, harnas, pantser, beslag;Armourverb. pantseren, uitrusten:Armour-bearer=Armiger;Armour-clad= gepantserd;Armour-plate= pantserplaat;Armoured train= gepantserd;Armourer= wapensmid, geweermaker;Armoury= arsenaal; wapenfabriek (Amer.).
Armstrong,âmstroŋ, uitvinder van hetArmstrong gun.
Army,âmi, leger, menigte, zwerm:Army-chaplain= veldprediker;Army corps;Army examination= toelat. exam. voor een mil. school;Army list= ranglijst;Army men= officieren.
Arnaut,Arnaout,ânaut, ânaut;Arnold,ânəld, Arnold, Arnout.
Arnut,ânət, aardnoot, aardakker.
Aroma,əroumə, aroma;Aromatic, aromatisch:Aromatics= specery;Aromatize= kruiden, geuren.
Arose,ərouz, imperf. vanto arise.
Around,əraund, in ’t rond, rondom, omheen:I’llget aroundyou= ’k zal je wel vinden.
Arouse,ərauz, opwekken, aansporen, (doen) ontwaken, in beroering (opschudding) brengen.
Arow,ərou, op eene rij, achtereenvolgens.
Aroynt thee,ərôint dhî, scheer je weg.
Arquebus,âk(w)əbɐs, haakbus, oud vuurroer;Arquebusierâkwəbəsîə, busschieter:Officers of Arquebusiers of St. George (St. Andrew)= van den Jorisdoelen (Adriaansdoelen).
Arrack,arək, ərak, arak.
Arraign,ərein, voor een rechtbank roepen, beschuldigen, aanklagen:Clerk of Arraigns= ambtenaar belast met het opmaken van de aanklacht;Arraignment, aanklacht, etc.
Arrange,əreinž, schikken, regelen, in orde brengen, arrangeeren(muz.), afspreken:I havearranged forit= ik heb maatregelen genomen;Arrangement= schikking, inrichting.
Arrant,ar’nt, erg, doortrapt, aarts …:He is anarrant fool= groote gek (= in één woord: een gek).
Arras,arəs,tapijt (als behang in vroeger tijd); Atrecht;Arrased= metarrasbehangen.
Array,ərei, subst. slagorde, gelid; troepen; kleeding, dos, kleederpracht; installeeren der jury, de geïnstalleerde jury;Arrayverb. (in slagorde) opstellen; de juryleden oproepen en installeeren; uitdossen:To challenge the array= de lijst der juryleden wraken.
Arrear,ərîə, achterstallige schuld (doorgaans mv.):I amin arrears= achterop met het betalen mijner schulden;That sum isin arrears= nog niet betaald.
Arrest,ərest, verb. tegenhouden, stuiten; arresteeren; boeien; subst. inhechtenisneming, beslag;To arrest a fire= stuiten;To arrest the attention (the eyes)= boeien;Arresteddevelopment= belemmerde ontwikkeling;Open arrest= kamerarrest;Under (an) arrest= in arrest;Toput (place)[25]under arrest;Tolay arrest on= beslag leggen op.
Arret,əreiofəret, de beslissing van eene rechtbank, arrest; decreet, edict.
Arris,aris, scherpe kant:Arris-beam= graatbalk;Arris-gutter=V-vormige goot;Arris-wise, diagonaal.
Arrival,əraiv’l, aankomst, aangekomene, aangekomen schip, aanvoer:The man was looking through thearrivals= keek eens na, wat (wie) (in)gekomen was;Arrival book= vreemdelingenboek;Arrive,əraiv, aankomen, bereiken, verkrijgen:Edison has arrivedand is world-famous= E. heeft zijn pogingen bekroond gezien;Toarrive at a conclusion= komen tot.
Arrogance,arəgəns, aanmatiging;Arrogant= aanmatigend;Arrogate,arəgeit, zich aanmatigen, wederrechtelijk toeëigenen.
Arrow,arou, pijl:Broad arrow= pijlvormig teeken op wapenen, mijlsteenen en tuchthuiskleeren:Arrow-head= pijlspits;Arrow-root= pijlwortel; arrowroot.
Arry,ari, plat Londenaar uit de volksklasse;Arriet,ari-it, diens meisje.
Arse,âs, aars.
Arsenal,âsən’l, arsenaal.
Arsenic,âs’nik,âsənik, subst. arsenicum, rattenkruid; adj. (âsenik):Arsenic acid= arseenzuur;Arsenious acid,âsîniəsasid, arsenigzuur.
Arsis,âsis, rijzende stembuiging, arsis.
Arson,âs’n, brandstichting (Jur.).
Art,ât, kunst, bekwaamheid, handigheid; list:Applied art= kunstnijverheid;High art= ‘in stijl’;To be art and part in= deelachtig zijn aan;Fine (Polite) arts= de schoone kunsten;Liberal arts= de vrije kunsten;Master of Arts= een acad. graad, die zonder examen aanBachelorswordt verleend als ze nog drie jaar ‘aan’ zijn gebleven;Art-school= teekenacademie;Art-union, vereeniging voor kunst;Artful, artistiek; geslepen; subst.Artfulness;Artless, smakeloos; ongekunsteld, argeloos; subst.Artlessness.
Artemisia,âtimižə, Artemisia; alsem.
Arterial,âtîriəl, slagaderlijk:Arterial blood= slagaderlijk bloed;Through the lungs venous blood isarterialized= door de longen wordt aderlijk in slagaderlijk bloed veranderd;Artery,âtəri, slagader, hoofdkanaal, hoofdader.
Artesian,âtîžən, Artesisch:Artesian well= … put.
Arthur,âthə, Arthur; adj.Arthurian.
Artichoke,âtitšouk, artisjok.
Article,âtik’l, subst. artikel, post, voorwerp, substantie, lidwoord (gramm.):Articles= contract, monsterrol;Articleverb. door artikelen vaststellen, door bepaalde voorwaarden verbinden, vaststellen:You area nice article= fijn heer;The genuine article= je ware!What isthe next article?= verlangt u nog iets (in winkels)?Articles of association= statuten;Articles of war= krijgsartikelen;I was articledthere= op bepaalde voorwaarden aangenomen;Articled toa firm;Anarticled clerk= een klerk die een bepaalde som (premium) betaalt aan densolicitorbij wien hij in de leer is.
Articular,âtîkjulə, tot de gewrichten behoorend, gewrichts - -:Gout is anarticular disease= gewrichtskwaal;Articulate,âtikjulit, adj. geleed; gearticuleerd; duidelijk;Articulateverb.âtikjuleit, articuleeren, geleed verbinden;Articulateness= duidelijkheid;Articulation, geleding, articulatie.
Artifice,âtifis, kunst; streek;Artificer, bedreven werkman (vooral in tech. vakken); schepper;Artificial= kunst(vaard)ig, kunstmatig; geveinsd, gemaakt:Artificial arms, Artificial eyes= kunst - -;Artificial florist= kunstbloemenmaker;Artificial numbers= logarithmen; subst.Artificiality=Artificialness= gekunsteldheid.
Artillerist,âtilərist, artillerist;Artillery,âtîləri, artillerie, zwaar geschut:Captain A.of the artillery;Artillery-butt= kogelvanger;Artillery-driver= stukrijder;Artilleryman= artillerist;Artillery practice= oefening met de kanonnen.
Artisan,âtiz’n, âtizan, werkman;Artisan house;Artisans’ dwellings.
Artist,âtist, kunstenaar;Artistic(al),âtistik(’l), artistiek;Artiste,âtîst, artiest.
Artocarpus,âtəkâpəs, broodvruchtboom.
Arundel,ar’ndəlofərɐnd’l(Amer.).
Aryan,êriən,âriən, Arisch; subst. Arische taal, Ariër.
Arytenoid,aritînôid, bekervormig (kraakbeen van het strottenhoofd).
As,az, gelijk, zooals, toen, terwijl, aangezien, als, bij voorbeeld:As far asI know= voor zoover;As if= alsof;He told meAs much= zulks;As to (As for)= wat betreft;As though= alsof;As yet= nog, totnutoe;As I live= zoowaar;As it were, als ’t ware;I mightas wellgo= ik kon wel eens gaan;She has enough to bearas it is= toch al genoeg;He had had to retrenchas it was= toch al.
Asafoetida,asəfetidə, duivelsdrek.
Asbest(os),azbest(os), asbest(os), asbest, steenvlas;Asbestic, asbest …;Asbestine= asbest.…; onverbrandbaar;Asbestous=Asbestic.
Ascend,əsend, opklimmen, opstijgen, teruggaan tot, opstaan, opgaan, beklimmen; opvaren:They ascended the hill= zij beklommen;Ascendable= beklimbaar, enz.;Ascendancy, overwicht, invloed:Naturehas an ascendency overlogic= de natuur gaat boven de leer;Ascendant= opklimmend, stijgend, superieur; subst. overwicht, invloed, hoogte, horoscoop:His star is in the ascendant= zijn geluksster gaat op;Hehas the ascendant overme= hij heeft overwicht over mij;Ascendency=Ascendancy;Ascension= (be)stijging, hemelvaart (van Jezus):Ascension Day= Hemelvaartsdag.
Ascent,əsent, beklimming, opgaan, opkomst, stijging, hoogte.
Ascertain,asətein, zich vergewissen, vaststellen, vernemen;Ascertainable, vast te stellen;Ascertainment, vaststelling, etc.
Ascetic,əsetik, ascetisch, streng, vroom; subst. asceet, kluizenaar;Asceticism, ascetisme;Ascetical=Ascetic.[26]
Ascham,ask’m:Roger Ascham, een schrijver (1515–68).
Asci,asai,Ascians,asiənz, schaduwloozen.
Ascribable,əskraibəb’l, toe te schrijven;Ascribe,əskraib, toeschrijven aan;Ascription= toeschrijving.
Asexual,əsekšuəl, geslachtloos.
Ash,aš, esch; adj. van esschenhout =Ashen.
Ash,aš, subst. asch:Cigar (pipe, tobacco) ash;Volcanic ash(es);Ashes= asch (ook fig.):Peace to hisashes;To lay inashes;Sitting in dust andashes;Pale as ashes=Ashenpale;To growashen= doodsbleek worden;Ash-bin= aschvat;Ash-box,Ash-bucket= aschbak, aschemmer;Ash-pan= aschbak;Ash-path= asphalt wielerbaan;Ash-pit= aschkuil, aschbak;Ashputtel= Asschepoester;Ash-tray= aschbakje;Ash-Wednesdayašwenzdi, Aschdag;Ash-weed,ašwîd, geitebaard (plant);Ashy= aschkleurig.
Ashamed,əšeimd, beschaamd:To be ashamed of= zich schamen over.
Ashlar,Ashler,ašlə, hardsteen; hardsteenen façade;Ashlaring= hardsteenen muur; dakbetimmering; arduin.
Ashore,əšö, aan (naar) wal; gestrand:To go ashore= landen; ook =To run ashore= stranden.
Asia,eišiə, Azië;Asiatic, Aziatisch; Aziaat.
Aside,əsaid, adv. ter zijde, aan eene zijde:To earnlarge sumsaside= er bij verdienen op minder eerlijke manier;To lay (put) aside= overleggen, sparen;This is aside from the question= staat buiten de kwestie; subst. terzijde.
Asinine,asin(a)in, ezelachtig, ezels - -;Asininity, ezelachtigheid.
Ask,âsk, vragen, verzoeken, verlangen, uitnoodigen:Toask about= naar;To ask after= naar;Toask again (back)= terug;Toask for= naar, om;I askeda pennyofhim,I askedhimfora penny= om;Toask (for) nothing better= niets liever willen;Toask todinner;A thing to be asked and had= voor het vragen (=To be got for theasking);Anaskingchild= dat veel vragen doet;I could have it for the asking= ik heb het maar voor ’t vragen;To ask in church= ’t voorgenomen huwelijk afkondigen.
Askance,əskâns,Askant,əskânt, schuins, van terzijde:Helooked askanceat me= scheel, jaloersch.
Askew,əskjû, schuins, scheef, verachtelijk.
Aslant,əslânt, schuins, dwarsover:Tohang aslant.
Asleep,əslîp, in slaap; ontslapen:He wasfast (sound) asleep= in diepe rust;To fall(Torock)asleep.
Aslope,əsloup, hellend.
A-smear,əsmîə, bevuild.
Asp,asp, (Aspic,aspik), aspis, adder; esp(eboom), ratelpopulier; adj.Aspen:Totremble like an aspen leaf;Asp tree= esp.
Asparaginous,aspəradžinəs, asperge - - -;Asparagus,əsparəgɐs, asperge.
Aspect,aspəkt, gezicht(spunt), oogpunt, zijde, kant, licht; stand; uitzicht; voorkomen; ligging:The house hasa southern aspect= ligt op het Zuiden.
Asper,aspə, subst. spiritus asper.
Asperity,əsperiti, ruwheid, scherpheid, norschheid.
Asperge,aspɐ̂dž= besprenkelen; ook subst. =Aspergill(um),aspədžil(’m), wijwaterkwast.
Asperse,əspɐ̂s, belasteren, bezwalken; besprenkelen:Who daredaspersemy friend’scharacter?Aspersive= lasterlijk;He hascastshamefulaspersionson this man= schandelijk belasterd;Aspersorium= wijwaterbekken.
Asphalt,asfalt,əsfalt, asphalt:Asphalt pavement;Asphaltic(=Asphaltite):Asphaltic cement;The Asphaltites Lake,dhiasf’ltaitîzleik= Doode Zee.