Chapter 67

Melt,melt, smelten,wegsmelten, week worden, verteederen, roeren; ook subst.:All the spoons were melted down= gesmolten;Tomelt into tears;Melter= metaalsmelter, smeltoven;Melting heat= zwoele hitte;Melting sorrow= zielsroerende smart;Melting-furnace;Melting-point;Melting-pot= smeltkroes;Meltingness= weekheid (fig.).Member,membə, lid, deel, lidmaat, afgevaardigde:Member of Parliament(=M. P.) = lid van het House of Commons;Membered= geleed;Membership= lidmaatschap, ledental.Membrane,membrein, vlies, perkament:Mucous membrane= slijmvlies;Membranous,membrənɐs, vliezig.Memento,mimentou, herinnering, gedenkteeken:Memento mori(môrai) = gedenk te sterven.Memoir,memwö, gedenkschrift, verhandeling:Memoirs=Memorabilia.Memorability,memərəbiliti, subst. v.Memorable,memərəb’l, merkwaardig, gedenkwaardig; subst.Memorableness.Memorandum,memərand’m, memorandum, aanteekening, memorie;Memorandum-book= memoriaal.Memorial,məmôriəl, gedenk …, gedachtenis …; subst. nota, memorie, necrologie, gedenkteeken (-feest):Memorial Day= gedenkdag ter eere der in den burgeroorlog (1861–65) gevallen strijders (Amer.);Memorialist= schrijver van mémoires, indiener van een[337]nota;Memorialize,məmôriəlaiz, een memorie indienen; herdenken:The municipalitiesmemorialized to the queen= dienden een verzoekschrift in bij.Memorize,meməraiz, in het geheugen bewaren, uit het hoofd leeren;Memory,meməri, geheugen, gedachtenis, gedenkteeken:Her memory fails her a bitnow and then= laat haar wat in den steek;In memory of= ter gedachtenis aan;Within the memory of man=Within living memory= sedert menschenheugenis;Tocall to memory= zich herinneren;Toquote from memory.Memphis,memfis;Memphian:Memphian darkness= Egyptische duisternis.Men,men, mv. v.Man:Men-folk= manvolk;Men-pleaser= oogendienaar.Menace,menis, subst. bedreiging;Menaceverb. (be)dreigen;Menacer.Menad,mînad, Bacchante.Menagerie,Menagery,mənadžəri, beestenspel.Mend,mend, subst. verbetering, reparatie;Mendverb. beter worden, verbeteren, repareeren, verhoogen, vermeerderen:On the mend= aan de beterhand;Tomend one’s efforts= verdubbelen;Tomend the fire= wat bij het vuur doen;Tomend one’s life (ways)= zich beteren;Tomend one’s pace= aanstappen;Tomend stockings= kousen stoppen;Theprices have mended= zijn omhoog gegaan;Mender;Mending:Acard of mending= kaart stopgaren;A lapful ofmending= verstelwerk;Mending-basket;My boots want mending= moeten gerepareerd worden.Mendacious,mendeišəs, leugenachtig, valsch;Mendacity,mendasiti, leugen, leugenachtigheid.Mendicancy,mendik’nsi, bedelarij, armoede;Mendicant= bedelend, bedel - -; bedelaar; bedelmonnik =Mendicant friar;Mendicity= armoede, bedelarij, bedelstaf.Menial,mînj’l, dienst - -, huis - -, slaafsch, vuil, gemeen; subst. huisbediende, asschepoester.Meningitis,menindžaitis, hersenvlies ontsteking.Mennonist,menənist,Mennonite,menənait, Doopsgezinde.Menses,mensîz, menstruatie;Menstrual= maandelijksch:Menses flow,Menses flux;Menstruate= menstrueeren; subst.Menstruation.Mensurability,mensiurəbiliti, meetbaarheid; adj.Mensurable; subst.Mensurableness;Mensuration= meting.Mental,ment’l, ziels …, geestes …:Mental arithmetic= hoofdrekenen;Mental defectives= achterlijken;Mental deficiency= achterlijkheid;Mental faculties= geestesgaven;Mental power= geestvermogen;Mental reservation= heimelijk voorbehoud.Menteith,mentîth.Menthol,menthol, menthol:Menthol cone(Menthol pencil) = migrainestift.Mention,menš’n, subst. (ver)melding;Mentionverb. vermelden, noemen, gewagen:At a mention of= bij vermelding van;Tomake (no) mention of= (geen) melding maken van;“Don’t mention it”=It is not worth mentioning= “’t Is de moeite niet”;Not to mention= om niet te spreken van;To bementioned in dispatches= eervol vermeld worden (mil.);Just mention some= noem er eens een paar;Mentionable:It is hardly mentionable= het is haast niet noemenswaard.Mentor,mentə, mentor, adj.Mentorial.Mentz,ments, Mainz.Menu,mənû, spijslijst.Mephistophelean,mefistəfəlîən, adj. v.Mephistopheles,mefistofilîz, Mephistopheles.Mephitic,mifitik, stinkend, verpestend;Mephitis,mifaitis,Mephitism,mifaitizm,mefətizm, verpestende uitwasemingen of dampen.Mercantile,mɐ̂k’nt(a)il, handels…, handeldrijvend; baatzuchtig:Mercantile code= wetboek van koophandel;The mercantile marine= handelsvloot;Mercantile and trade schools= handels-, en vakscholen;Mercantile town= handelsstad.Mercator’s Chart,mɐ̂keitəztšât, zeekaart volgens de projectie van Mercator.Mercenariness,mɐ̂sənərinəs, veilheid;Mercenary,mɐ̂sənəri, loon - -, baatzuchtig, inhalig, veil; subst. huurling:Mercenary marriage= huwelijk om geld;Mercenary troops= huurtroepen.Mercer,mɐ̂sə, zijdekoopman, manufacturier;Mercery= manufactuurzaak, (handel in) manufacturen of zijde.Merchandise,mɐ̂tš’ndaiz, koopwaar.Merchant,mɐ̂tš’nt, subst. koopman, groothandelaar; adj. handels - -, koopmans - -:Merchant-fleet= koopvaardijvloot;Merchantman= koopvaardijschip;Merchant-service= handelsvloot, zeehandel;Merchant-tailor= marchandtailleur;Merchantable= gangbaar, willig.Merciful,mɐ̂siful, genadig; barmhartig; subst.Mercifulness;Merciless= meedoogenloos; subst.Mercilessness.Mercurial,məkjûriəl, Mercurius - -; vluchtig, levendig, wispelturig, kwikzilverachtig; subst.Mercuriality;Mercury,mɐ̂kjəri, Mercurius, kwikzilver.Mercy,mɐ̂si, genade, barmhartigheid, vergeving:To beat the mercy of= overgeleverd aan de genade van;It was a mercy,he did not prosecute him= hij mocht van geluk spreken, dat..; Vergel.Lord, have mercy upon us= Heer, wees ons genadig;Tobeg (cry) for mercy= om genade smeeken;Tothrow oneself on the mercy of= zich op genade of ongenade aan iemand overgeven;We are thankful forsmall mercies= voor gering gunstbetoon;Mercy-seat= troon der genade; verzoendeksel.Mere,mîə, subst.grens, grenssteen; meertje.Mere,mîə, louter, bloot:He isyour mere tool= slechts uw werktuig;Merely= enkel, alléén.Meredith,merədith.Meretricious,meritrišəs, ontuchtig; verlokkend, bedriegelijk:Meretricious courage= voorgewende moed; subst.Meretriciousness.Merganser,məgansə, duikergans.Merge,mɐ̂dž, verb. indompelen, verzinken, opgaan in (into):To bemerged in= geheel opgaan in;Merger= het opgaan van eene bezitting of een recht in een ander, van eene zaak in een andere.[338]Meridian,məridj’n, subst. middag, hoogste punt, meridiaan; adj. middag …, hoogte …, hoogste:Meridian altitude= middaghoogte;Meridian of the globe= koperen meridiaan;Meridional= meridiaan …, middag, zuidelijk:Meridional distance= lengteverschil;Meridionality= zuidelijke of zuidwaartsche ligging of richting.Merino,mərînou, subst. merinoswol, merinos, merinosschaap (=Merino sheep); adj. merinos …Merit,merit, subst. uitstekendheid, waarde, voortreffelijkheid, verdienste (meest meervoud) (Merits= hoofdzaken (Jur.));Meritverb. verdienen, aanspraak hebben op, zich verdienstelijk maken:Tomake a merit of necessity= van den nood een deugd maken;The matter must rest (stand) on its own merits= moet op zich zelf worden beschouwd;You haveMerited well ofthe country= u verdienstelijk gemaakt jegens;Meritorious,meritôriəs, verdienstelijk; subst.Meritoriousness.Merivale,meriveil.Merkin,mɐ̂kin, pruik, toer; haarverf (Amer.); pompstok (van een kanon).Merle,mɐ̂l, meerle.Merlin,mɐ̂lin, steenvalk.Mermaid(en),mɐ̂meid(’n), (zee)meermin;Merman,mɐ̂m’n, triton.Merovingian,merəvindžən, Merovingisch; subst. Merovinger;Merrimac=merimak.Merriment,meriment, vroolijkheid, pret;Merry,meri, vroolijk, luidruchtig, prettig, gunstig, aangeschoten:A merry Christmas to you= ik wensch u een prettig kerstfeest;He was rather merry= lichtelijk aangeschoten;Theylive there as merry as the day is long= leven … als vroolijk Fransje;Tomake merry= pretmaken;Tomake merry witha person= in ’t ootje nemen;Merry-andrew= grappenmaker, Jan Klaassen, hansworst;Merry-dancers= het Noorderlicht (Schotl.);Merry-go-round= mallemolen;Merry-making= subst. pret, vermaken; adj. vroolijk;Merry-meeting= pret, fuif;Merrythought= borstbeen (van eene kip).Mersey,mɐ̂si,mɐ̂zi.Mesenteric,mesənterik, tot het darmscheel behoorende;Mesenteritis,mesəntəraitis, darmscheelontsteking;Mesentery,mesəntəri,mezəntəri, darmscheel.Mesh,meš, subst. maas;Meshes= netwerk, net (fig.), strik;Meshverb. verstrikken, verstrikt raken;Mesh-work= netwerk; adj.Meshy.Mesjid,mezdžid, moskee.Mesmerism,mezmərizm, mesmerisme;Mesmerist= magnetiseur;Mesmerize= magnetiseeren;Mesmerizer.Mesne,mîn, tusschenkomend:Mesne process= nevenproces;Mesne profits= de winsten van een landgoed, in den tijd dat den rechtmatigen eigenaar onwettig het bezit daarvan is onthouden.Mesopotamia,mesəpəteimjə.Mess,mes, subst. gerecht, spijs, voer, viertal, gemeenschappelijke tafel, bak (van militairen en matrozen); wanorde, verwarring, vuile boel;Messverb. gezamenlijk eten, voeren; dooreenwarren, bevuilen, bevlekken:A mess of pottage= linzenschotel:Tosell for a mess of pottage= voor een linzenkooksel (Genesis XXV, 29);Captain of a mess= bakmeester;We are four of a mess= we eten met ons vieren;Tobe in a pretty mess= er mooi uit zien (iron.); mooi in de klem zitten;Hegot himself into a mess with the suds= maakte zich vuil met het zeepsop;Toget into messeswith feminines= intriguetjes hebben met;Tomake a mess of= morsen, vuil maken, in wanorde brengen;I don’t like to be messed about= dat er zooveel drukte om me (mijne ziekte) gemaakt wordt;Tomessaboutafterother women= scharrelen met;Mess-beef= pekelvleesch;Mess-kit= eetgerei (mil.);Mess-mate= tafelgenoot, bakgast;Mess-room= kajuit voor gezamenlijke maaltijden;Mess-table;Messy= vuil, verward:Amessy toy= speelgoed, dat aanleiding geeft tot vuil maken van kleeren of tafel.Message,mesidž, boodschap:Tobear (carry, deliver) a message= overbrengen;Togo on a message= een boodschap doen;Togo messagesfor;Messenger,mes’ndžə, boodschapper, courier, bode, voorbode; kabelaring (scheepst.).Messiah,məsaiə;Messias,məsaiəs;Messianic,mesianik, Messiaansch.Messidor,mesidö, tiende maand van het republikeinsche jaar.Messieurs,mešɐ̂z, Heeren =Messrs.Mestee,mestî, kind van blanke en quadrone.Mestino,mestînou,Mestizo,mestîzou, mesties, kind van Spanjaard (of Creool) en Indiaansche vrouw.Met,met, imperf. en part. perf. vanto meet.Metal,met’l, subst. metaal, brons, compositie, spoorstaaf, grint of steengruis (voor wegen), gesmolten glas; aantal, kaliber (v. kanonnen);Metalverb. een weg metmetalbedekken:The trainwent off the metals= derailleerde;Metallic,mətalik, metalen:Metallic pen= stalen pen;Metallic vein= metaalader;Metalliferous= metaal bevattend;Metalliform,məteliföm, metaalachtig;Metalline,metəl(a)in:Metaline water= mineraalwater;Metallist= metaalwerker:Gold metallist= voorstander van den gouden standaard;Metallography= wetenschap en beschrijving der metalen;Metalloid,metəlôid, metalloïde;Metallurgy,metəlɐ̂dži, metallurgie.Metamorphic,metəmöfik, metamorphisch; subst.Metamorphism;Metamorphoseverb.Metamorphize=Metamorphose,metəmöfous,metəmöfouz, metamorphoseeren;Metamorphosis= gedaanteverwisseling.Metaphor,metəfö, metaphoor;Metaphoric(al),metəforik(’l), overdrachtelijk, figuurlijk.Metaphysical,metəfizik’l, metaphysisch;Metaphysician,Metaphysicist= bespiegelend wijsgeer;Metaphysics,metəfiziks, bespiegelende wijsbegeerte.Metathesis,mətathəsis, metathesis.Metayer,məteiə, landbouwer die de helft der opbrengst als pacht betaalt.Mete,mît, subst. maat; grens (=Metes);Meteverb. meten, toemeten:Full justice wasmeted out tohim= hij kreeg geheel wat hem toekwam;The treatment,meted out to[339]him= hem ten deel gevallen;To applythe vulgar mete-yard to= een nuchteren maatstaf aanleggen.Metempsychosis,mətempsikousis, zielsverhuizing.Meteor,mîtjə, verheveling, meteoor;Meteoric,mîtiorik, meteoor …:Meteoric shower= groote menigte vallende sterren;Meteoric stone=Meteorite,mîtiərait=Meteorolite,mîtiərəlait;Meteorologic(al),mîtiərəlodžik(’l), meteorologisch;Meteorologist= weerkundige;Meteorology= weerkunde.Meter,mîtə, meter:Dry meter, Wet meter= drooge, natte meter;Toexamine the meter= gasmeter opnemen;Meterage,mîtəridž, meting, meetloon.Metheglin,mətheglin, mede (drank).Methinks,mithiŋks, mij dunkt.Method,methəd, methode, stelsel, proces;Methodical,məthodik’l, methodisch;Methodics,məthodiks, methodiek;Methodism= de leer derMethodists=aanhangers van de door John Wesley in Oxford gestichte secte (1729):Methodistic(al), methodistisch; streng methodisch;Methodize= stelselmatig behandelen, methodisch rangschikken;Methodizer;Methodology= (verhandeling over) methodiek.Methought,mithôt, mij docht.Methuen,məth(j)ûən,methuən;Methuselah,məthjûzələ.Methyl,methil, methyl.Meticulous,mətîkjuləs, bang, vreesachtig.Metonic-Cycle,mitoniksailk’l, maancirkel (19 jaar).Metonymic(al),metənimik(’l), metonymisch;Metonymy,mətonimi, metonymia.Metre,mîtə, dichtmaat, versregel; meter (= 39.37 inches);Metric,metrik, metriek; metrisch =Metrical,metrik’l.Metrograph,metrəgraf, instrument aan een locomotief, dat de snelheid van den trein, met den duur en het aantal malen “stoppen” aanwijst.Metronome,metrənoum, metronoom;Metronomy= het meten der maat (muz.).Metropolis,mətropəlis, zetel van een aartsbisschop, hoofdstad; Londen;Metropolitan,metrəpolit’n, subst. aartsbisschop; adj. aartsbisschoppelijk, tot een metropolis (tot Londen) behoorend:Metropolis Board of Works= Londensche bouwraad.Mettle,met’l, (grond)stof, wezen, natuur, geest, vuur, ijver, moed:A manof mettle= voortvarend, van stavast;A horseof much mettle= vurig paard;Mettle of youth= jeugdig vuur;Toput a person on (to) his mettle= iemand aanzetten (aanleiding geven) al zijne krachten in te spannen;Totry a person’s mettle= alles vergen van iemands krachten;Mettled=Mettlesome= vurig; subst.Mettlesomeness.Meuse,mjûz, Maas.Mew,mjû, subst. zeemeeuw; ruikooi (vooral voor valken); schuilplaats; gemiauw:Mews= stal(len); nauwe straat achter groote huizen waarop de stallen uitkomen;Mewverb. opsluiten; ruien, verharen; vernieuwen; miauwen:Tomew the feathers.Mewl,mjûl, schreeuwen, drenzen (van kinderen);Mewler= schreeuwleelijk.Mexican,meksik’n, subst. en adj. Mexicaan(sch);Mexico,meksikou.Mezzo,medzə;Mezzo soprano= tweede sopraan;Mezzotint(o)= mezzotint.Mho,mou, Ohm (electr.).Miaow,miau, miaauw!Miasm(a),maiazm(a), (Meerv.Miasmata), miasma;Miasmatic(al)= miasmen bevattend:Miasmatic fever= malaria.Miaul,miôl,miaul, miauwen.Mica,maikə, mica;Micaceous,maikeišəs, van of als mica, mica …Micah,maika;Micawber,mikôbə.Mice,mais, meervoud vanmouse.Michael,maik’l;Michaelmas,mik’lmas, St. Michiel (29 Sept.); herfst:Michael-term= zittingstermijn (vroeger van 2–25 Nov.;thans van 24 Oct.–21 Dec.=Michael Sittings); cursus van 1 Oct.–16 Dec. (Cambr.); 10 Oct.–17 Dec. (Oxf.).Mich(e),mitš, zich verbergen, rondsluipen, de school verzuimen;Micher.Michigan,mišigən.Mickle,mik’l, veel, groot; ook subst.:Many a little makes a mickle= veel kleintjes maken een groote.Microbe,maikroub, microbe; adj.Microbic.Microcosm,maikrəkozm, de wereld in ’t klein, de mensch; adj.Microcosmic(al),maikrəkozmik(’l).Micrometer,maikromətə, micrometer; adj.Micrometric(al); subst.Micrometry.Micron,maikron, micron.Micronesia,maikrənîziə, Micronesië.Microphone,maikrəfoun, microphoon.Microscope,maikrəskoup, microscoop; adj.Microscopic(al);Microscopist,maikrəskoupist,maikroskəpist= iemand, die met den microscoop werkt;Microscopy,maikrəskoupi,maikroskəpi= microscopie.Mid,mid, subst. midden …; en verk. v.midshipman:Mid-air= tusschen hemel en aarde;Midday= middag, subst. en adj.;Midland= (in het) binnenland:The Midlands= midden Engeland;The Midland railway= de centraalspoor;Mid Lent= het midden van de vasten;Midmost= middelste;Midnight, subst. middernacht(elijk):Heburns the midnight oil= werkt tot diep in den nacht;Midriff= middenrif;MidshipmanofMidshipmite(schertsend) = adelborst (v. het oudste jaar);Mid-ships= midscheeps;Midstream= midden van de stroom;Midsummer= hartje v. d. zomer (21 Juni):Midsummer-day= St. Jan (24 Juni);Midsummer-eve= 23 Juni;Midway, subst. middenweg; adj. midden op den weg, halverwege;Midwinter= het hartje van den winter (21 December);Middy=Midshipman;Midst= midden:In the midst of.Midden,mid’n, mesthoop.Middle,mid’l, subst. het midden, middel (van het lichaam), tusschentijd, tijdschriftartikel; adj. midden, middelst, tusschen beiden, middelmatig:A clever middlefor an evening paper;Middle Ages= Middeleeuwen;Middle course= middenweg;Middle English= ’t Engelsch van ± 1150–1500;Middle finger;Above, Under (the) middle height;Middle life[340]= middenstand;Middle term= middenterm;Barely inmiddle-age= van middelbaren leeftijd;Middle-aged people= menschen van middelbaren leeftijd;Middle-class= burgerklasse;Upper middle-classes= deftige burgerstand;Middle-class school= Burgerschool;Middleman= agent, tusschenpersoon;Middlemost= middenste;Middle-sized.Middleburgh,mid’lbɐ̂g.Middling,midliŋ, middelmatig, redelijk;Middlings= met zemelen vermengd meel (veevoeder).Midge,midž, mug; dwerg =Midget.Midwife,midwaif, subst. vroedvrouw;Midwifeverb. verlosk. bijstand verleenen;Midwifery,midw(a)ifri, verloskunde:Professor of midwifery.Mien,mîn, uitzicht, gelaat, voorkomen, houding.Miff,mif, verdrietig, droevig;Miffverb. verdrietig zijn.Might,mait, imperf. vanmay:As best he might= zoo goed en zoo kwaad hij kon;He weptand well he might= en daar had hij wel reden voor.Might,mait, macht, kracht:With might and main= uit alle macht;Might is above right (Might overcomes right)= macht gaat boven recht;Mightiness= grootheid, vermogen; hoogheid:Their High Mightinesses= Hunne Hoogmogenden;Mighty= machtig, groot, sterk:A mighty swell= een groote banjer.Mignonette,minjənet, reseda.Migrant,maigr’nt, subst. zwerver, trekvogel; adj. trekkend, verhuizend, nomadisch =Migratory:Migratory birds= trekvogels;Migratory life;Migrate,maigreit, verhuizen of trekken naar een ander land; subst.Migration.Mikado,mikâdou, keizer van Japan.Mike,maik.Milan,milən,milan, Milaan;Milanese,milənîz,milənîs, Milanees, Milaneesch.Milch,milš, melkgevend:Milch cow= melkkoe (ookfig.); Milchy = melkgevend.Mild,maild, zacht, zachtaardig, vriendelijk; licht:Mild ale= licht bier;A mild answer= vriendelijk antwoord;Mildand strongcigars;With mild pique= eenigszins gepiqueerd;Amild pun= flauwe;The dog isas mild as milk= doodgoed;Mild-spirited (Mild-tempered)= zachtaardig;Mild-spoken= vriendelijk;Toput it mildly= om het zacht te zeggen; subst.Mildness.Mildew,mildjû, subst. meeldauw, schimmel;Mildewverb. beschimmelen, met meeldauw bedekt worden;Mildewy= bedorven, beschimmeld.Mile,mail, mijl (1609 meter);Mile-mark(Mile-post)= mijlpaal;Milestone= mijlsteen:I havepassed some black milestones= heb het vaak hard te verduren gehad;Mileage,mailidž, afstand inmiles; uitgaven per mijl; reiskosten per mijl;A ten miler= een marsch van 10 mijl.Miles,mailz;Milesian,m(a)ilîž’n, inwoner van Milete; Ier; adj. van Milete, Iersch.Milfoil,milfôil, gemeen duizendblad.Miliary,miliəri, gierst, gierstvormig, korrelig.Militancy,milit’nsi, oorlog(stoestand);Militant= vechtend, strijdlustig:The Church militant.Militarism,militərizm, oorlogsgeest, oorlogspolitiek, militairisme.Military,militəri, adj. krijgs …, krijgshaftig; subst. mv. militairen:Military Academy;Military chest= oorlogskas;Military code;He isa military man= militair;I amnot a military man= anti-militair;Military officer= officier van de landmacht;Military school;Military service;Military stores= krijgsvoorraad.Militate,militeit, (metagainst,from) = vijandig staan tegenover, strijden tegen.Militia,milišə, militie, die zonder eigen toestemming niet buitenslands diende (nu vervangen door de “Special Reserve”):Thelandand themarine militia;Toserve in the militia;Militiaman.Milk,milk, subst. melk, zog, sap;Milkverb. melken, melk geven:There’s no help for (It’s no use crying over) spilt milk= gedane zaken nemen geen keer;Totake in with the mother’s milk;Tomilk the pigeon= monnikenwerk doen;Tomilk the wires= onrechtmatig vreemde telegrammen aflezen; zich een deel van een electr. stroom toeeigenen;Milk-and-water(y)= melk en water …, flauw, sentimenteel;Milk-can;Milk-cure;Milk-farm;Milk-fever= zogkoorts;Milk-gauge= galactometer;Milk-glass= melkglas;Milk-jug;Milk-livered= laf;Milkmaid;Milkman= melkboer;Milk-pail;Milk-punch= rum met melk, suiker en muskaat;Milk-sop= in melk geweekt brood; verwijfd persoontje;Milk Standard Act= wet tegen melkvervalsching;Milk-strainer= zeef;Milk-sugar;Milk-tooth= melktand;Milk-walk= wijk van één melkboer;Milk-woman;Milker= melker; melkkoe =Milking-cow;Milking-time;Milky= melkachtig:The Milky Way= melkweg.Mill,mil, molen, fabriek, spinnerij, tredmolen; vuistgevecht, rekenpenning (​1⁄10 v. een Am. cent);Millverb. malen, kartelen, vollen, walken, pletten, afranselen, doen schuimen:Thatbrings grist to your mill= dat zet zoden aan den dijk, geeft je voordeel;Togo through the mill= door ervaring leeren;He has been through the mill= hij weet er alles van;Oil mill;Saw mill;St. Stephen’s mill= het Parlement;Wind mill;Mill-brook= molenbeek;Mill-clack,Mill-clapper= molenklapper;Mill-cog= tand (molenrad);Mill-dam= molendam;Mill-hand= molenaarsknecht;fabrieksarbeider;Mill-head= water vóór den molen;Mill-owner= fabrikant;Mill-pond= molenvijver:As quiet as a mill-pond;Mill-race= molentocht;Mill-sail= molenzeil;Mill-stone= molensteen;To getbetween the upper and the nether mill-stone= tusschen hamer en aambeeld geraken;Hecan see through (into) a mill-stone= hij is scherpzinnig;Mill-tail= waterstroom uit een molen;Millwright= molenmaker;Miller= molenaar:There are many cases ofdrowning the millerin our annotated editions of standard authors= herhaaldelijk vinden we gevallen van te[341]veel commentaar in de verklarende uitgaven van onze classieken;Miller’s fee (toll)= maalgeld;Milling= het malen, kartelen (van muntranden).Millenarian,milənêriən, duizendjarig, wat tot het duizendjarig rijk behoort; subst. geloover in de komst van het duizendjarig rijk;Millenarianism= de leer derMillenarians;Millenary,milənəri, duizendjarig; subst.millennium:The millenarian of King Alfred= de duizendste jaardag;Millennial,milenj’l, duizendjarig;Millennium,milenj’m, het duizendjarig rijk, de tijd van den Wereldvrede.Milleped,miliped,Millipede,milipîd, duizendpoot, pissebed (oproller, varkentje).Millerism,milərizm, leer v. William Miller (1782–1849);Millerist,Millerite,milərait, volgeling van Miller, die de onmiddellijke komst en heerschappij van Jezus verwachtte.Millesimal,milesiməl, duizendste deel.Millet,milət, gierst.Milliard,miljəd, duizend millioen.Milligram(me),miligram;Millimetre,Millimeter,milimîtə,milimitə.Milliner,milinə, modemaakster, dameskleermaker;Millinery= (zaak in) modeartikelen; kostuumnaaien.Million,milj’n, millioen:Two thousand millions of money;The million= de groote hoop, het groote publiek;Millionaire,milj’nêə, millionair;Millionary= uit millioenen bestaande;Millionth= millioenste.Millocrats,miləkrats, rijke fabrikanten.Milnes,milz;Milo,mailou.Milreis,milrîs, Portug. munt (±ƒ2,70).Milsey,milsi, melkzeef.Milt,milt, subst. milt, horn (van visschen);Miltverb. bevruchten, kuit schieten;Milter= hommer.Miltiades,miltaiədîz;Milwaukee,milwôki.Mime,maim, subst. mime, gebarenspel (bij Grieken en Romeinen), gebarenspeler;Mimeverb. spelen;We cannot bedeck our inner selves, andmake them mimeas the occasion pleases= kunnen ons innerlijk niet optooien, en het, al naar de gelegenheid het verlangt, eene rol doen spelen;Mimetic(al),m(a)imetik(’l), nabootsend;Mimic,mimik, nabootsend, nagebootst; subst. nabootser, mime;Mimicverb. nabootsen:Mimic warfare= spiegelgevecht, manoeuvres;Mimicker= nabootser;Mimicry= grappige nabootsing, aanpassing aan de omgeving ter eigen beveiliging (van dieren).Mimosa,m(a)imousə, mimosa.Mimsey,mimzi, maatje.Minaret,minəret, minaret.Minatory,minətəri, dreigend.Mince,mins, fijn hakken, bewimpelen, gemaakt spreken of loopen (met kleine pasjes):He doesn’t mince matters= neemt geen blaadje voor zijn mond;She minces her words= spreekt erg gemaakt;Tomince one’s steps= trippelen;Mince-meat= fijngehakt, met rozijnen, appelmoes,citroensap, vet, rum, etc., dooreengemengd vleesch voor pasteitjes:Tocut into mince(Tomake mince of) = in de pan hakken (milit.);Mince-pie= eene metMince-meatgevulde pastei;Mincer= hakmachine; geaffecteerd persoon;Mincingly= geaffecteerd, vergoelijkend.Mind,maind, subst. gemoed, geest, ziel, neiging, herinnering, zorg, meening;Mindverb. letten op, behartigen, bezwaren hebben, bedenken, van zins zijn:Absence of mind= verstrooidheid;Presence of mind= tegenwoordigheid van geest;Tobe in one’s right mind= bij zijn volle verstand zijn;Tobe of one mind= eenstemmig zijn;Tobe in two (several) minds= weifelen;Tobe out of one’s mind (of unsettled mind)= niet recht bij zijn verstand zijn;Tobear in mind= bedenken;Tobring (call) to mind= te binnen roepen, zich herinneren;Itcame into my mind= de gedachte kwam bij mij op;Tocross (enter) one’s mind= te binnen schieten;Tofeel in half a mind= half van plan (geneigd) zijn;Tohave a great mind= veel lust hebben;Tohave no mind= geen lust hebben;Tohave all the mind in the world= allemachtig veel trek hebben;Tokeep in mind of= herinneren aan;He does notknow his own mind= weet zelf niet wat hij wil;Tomake up one’s mind= besluiten;Make up your mind for it= bereid er je op voor;I willput you in mind ofit= je er aan herinneren;He hasset his mind uponit= zijn zinnen er opgezet;Speak your mind= zeg wat je op het hart ligt, spreek ronduit;Out of sight, out of mind= uit het oog, uit het hart;The house has stood theretime out of mind= sedert onheugelijke tijden;To my mind= naar mijn meening;So many men so many minds= zooveel hoofden, zooveel zinnen;Mind you!= denk er om!Never mind= het kan niet schelen;Mind your own business= bemoei je met je eigen zaken;Tomind a child= passen op;Tomind the door= om de deur denken, op het huis passen;Mind your head-ache= denk om je hoofdpijn;I should not mind goingthere now= zou er nu wel heen willen;Mind your P’s and Q’s= pas op je tellen;Mind-reading= gedachtenlezen;Mind-wandering= ijlen;Minded= geneigd, gezind:He was mindedto end the matter= van plan;If you are (so) minded= als ge er zin in hebt;Mindful= opmerkzaam, voorzichtig, gedachtig:BeMindful ofyour health= denk om; subst.Mindfulness;Mindless of everything= op (om) niets lettende (denkende).Mine,main, van mij:This book is mine;A friend of mine= een mijner vrienden;Mine host= de waard.Mine,main, subst. mijn, rijke bron;Mineverb. ondermijnen (ookfig.); uitgraven, graven naar:A gold mine;Mine-captain= mijnopzichter;Miner= mijnwerker, mineur.Mineral,minər’l, subst. delfstof; adj. delfstoffelijk, mineraal:Mineral kingdom= delfstoffenrijk;Mineral oil;Mineral salt= mineraalzout;Mineral spring;Mineral waters= minerale bronnen of wateren;Mineralization, subst. v.Mineralize= versteenen, mineraliseeren;Mineralogic,minərəlodžik; mineralogisch;Mineralogist,minəralədžist,[342]delfstofkundige;Mineralogy,minəralədži, mineralogie.Minerva,minɐ̂və, Minerva:Minerva press= een vroegere drukkerij in Londen; de sentimenteele romans daar gedrukt.Minever, Miniver,minivə, Siberisch eekhorentje, het bont daarvan.Mingle,miŋg’l, vermengen, zich vermengen (onder), versmelten.Miniature,minitj(u)ə, subst. miniatuur(portret); adj. verkleind, op kleine schaal:Miniature painter.Minibus,minibɐs, een soort wagen voor 4 personen.Minify,minifai, verkleinen; geringschatten.Minikin,minikin, zeer klein, geaffecteerd; subst. kleine speld; lieveling.Minim,minim, zeer klein; subst. dwerg, kort gedicht; ± 65 m.Gram; halve noot;Minims= de strenge orde der Miniemen;Minimal, minimaal;Minimization, subst. v.Minimize= verkleinen, verbloemen:Let us notminimize the dangerof our situation;Minimum= minimum.Mining,mainiŋ, subst. mijnbouw; adj. mijn …:Mining-academy;Mining-shares (Mining-stocks)= mijn waarden.Minion,minj’n, subst. slaafsch volgeling, gunsteling, lichtekooi:Minions of the moon= roovers, dieven.Minister,ministə, subst. (staats)dienaar, minister, gezant; werktuig (fig.); predikant (bij dedissenters);Ministerverb. voorzien van, verschaffen, toedienen, besturen, ministreeren, oppassen, behulpzaam zijn, geneesmiddelen geven:Minister of the Colonies;Minister of Finance;Minister of Foreign Affairs;Minister of the Interior= M. van Binn. Zaken;Minister of War;Prime Minister= minister-president;Heministered tome in those days= verzorgde mij;Ministerial,ministîriəl, dienend, gehoorzamend; ministerieel;Ministerialist= regeeringsgezinde;Ministrant, dienend; subst. dienaar;Ministration= dienstverrichting, bestuur, geestelijke bijstand of ambt:The prisoner was offered his ministrant= den gevangene bood men geestelijken bijstand aan;Ministry= ministerie, dienst, geestelijke functiën.Minium,minj’m, roode menie.Mink,miŋk, vison, soort v. Amer. wezel; pels daarvan.Minnow,minou, soort witvisch, voorntje, stekelbaarsje.Minor,mainə, kleiner, geringer, jonger, klein, gering; subst. minderjarige, mineur, minor, (term van een syllogisme):Minor key= mineur (muz.);Minor poets;Minor premiss, deze bevat denMinor term= het subject v. de conclusie;Minor third= kleine terts;Asia Minor= Klein-Azië;Minorite,mainərait, Franciskaner;Minority,m(a)inoriti, minderheid, minderjarigheid.Minorca,minökə;Minos,mainəs;Minotaur,minətö.Minster,minstə, hoofdkerk, kloosterkerk.Minstrel,minstr’l, minstreel; negerzanger (=Negro minstrel);Minstrelsy= de kunst v. d. minstreel, balladenverzameling.Mint,mint, munt, groote hoeveelheid; munt (plant);Mintverb. munten, slaan, smeden:Master of the mint= muntmeester;Amint of money= een “bom” duiten;The mint and cumminof literature= de nietige dingen of kleinigheden in de letteren (ZieMatth. XXIII, 23);Mint-drops= pepermuntjes;Mint-julep= Amer. drank van suiker, spiritualiën en kruizemunt in gestampt ijs;Mint-sauce= kruizemuntsaus;Mintage,mintidž, het gemunte, muntrecht.Minuend,minjuənd, aftrektal.Minuet,minjuət, menuet:Tostep (walk) a minuet= een menuet dansen.Minus,mainəs, minder dan, onder nul, met uitzondering van, waardeloos.Minuscule,minɐskjûl, klein, gering; subst. kleine letter.Minute,minit, subst. minuut, memorandum, concept, notulen, protocol (=Minutes); ook adj.;Minuteverb. aanteekeningen maken, do minuten of notulen schrijven van:Tokeep the minutes;Minute-book= klad- of notulenboek;Minute-glass= zandglas (van ééne minuut duur);Minute-gun= minuutschot;Minute-hand= minuutwijzer.Minute,minjût, zeer klein, gering, precies, omstandig; subst.Minuteness;Minutiae,minjûšiî, kleinigheden, bijzonderheden.Minx,miŋks, brutale meid.Miracle,mirək’l, wonder, mirakel:To a miracle= wonderbaarlijk;Towork miracles= doen;Faith works miracles;Miracle-play= mysteriespel;Miraculous,mirakjəlɐs, wonderdadig, wonderbaarlijk, wonder..; subst.Miraculousness.Mirage,mirâž, luchtspiegeling, waan.Mire,maiə, subst. slijk, modder;Mireverb. bemodderen, in den modder zakken of zitten, in ongelegenheid brengen:Tobe in the mire= in den klem zitten;Todrag into the mire= door het slijk halen (fig.);Mire-crow= kap- of kokmeeuw;Miriness= modderigheid.Mirror,mirə, subst. spiegel, toonbeeld;Mirrorverb. terugkaatsen:Dutch mirrors= spionnetjes;Halls of mirrors= spiegelzalen.Mirth,mɐ̂th, vroolijkheid, opgewektheid; adj.Mirthful; subst.Mirthfulness.Miry,mairi, modderig.Mirza,mɐ̂zə, Perzische eeretitel; vorst.Misadventure,misədventjə, ongeluk, tegenspoed; adj.Misadventurous.Misalliance,miselaiəns, huwelijk beneden iemands stand;Misallied,misəlaid, verkeerd vereenigd.Misanthrope,misənthroup, menschenhater; adj.Misanthropic(al),misənthropik(’l);Misanthropist,misanthrəpist, menschenhater;Misanthropy,misanthrəpi, menschenhaat.Misapplication,misaplikeiš’n, subst. v.Misapply,misəplai, verkeerd toepassen.Misappreciate,misəprîšieit, onderschatten; subst.Misappreciation.Misapprehend,misaprihend, misverstaan, verkeerd begrijpen; subst.Misapprehension.Misappropriate,misəprouprieit, zich onwettig toeëigenen; subst.Misappropriation.Misarrange,misəreinž, verkeerd rangschikken; subst.Misarrangement.[343]Misbecome,misbikɐm, ongepast zijn voor, slecht passen bij;Misbecoming= ongepast, onvoegzaam.Misbefitting,misbifitiŋ, onvoegzaam.Misbegotten,misbigot’n, onecht, slecht.Misbehave,misbiheiv, zich misdragen(oneself);Misbehaviour,misbiheivjə, wangedrag.Misbelief,misbilîf, ongeloof, dwaalleer;Misbelieve= dwalen, ten onrechte gelooven;Misbeliever= ongeloovige.Miscalculate,miskalkjuleit, misrekenen; verkeerd uitrekenen; subst.Miscalculation.Miscall,miskôl, verkeerdelijk noemen.Miscarriage,miskaridž, mislukking, verloren gaan, wangedrag, miskraam:A gross miscarriage of justice= grove rechterl. dwaling;Miscarry,miskari, verloren gaan (v. brieven), mislukken,een miskraam krijgen:He miscarries ofpuns every minute= hij zegt om den haverklap te onrechter tijd woordspelingen.Miscast,miskâst, subst. misrekening;Miscastverb. misrekenen, verkeerd berekenen.Miscegenation,misədžəneiš’n, rassenvermenging.Miscellanea,misəleinjə, allerlei;Miscellaneous= gemengd, door elkaar, verscheiden; subst.Miscellaneousness;Miscellanist,misələnist, schrijver van mengelwerk;Miscellany,miseləni, mengeling, mengelwerk.Mischance,mistšâns, subst. ongeluk, ramp;Mischanceverb. ongelukkig gebeuren.Mischief,mistšif, onheil, ongeluk, kwaad, ondeugendheid, onrecht, schade, nadeel:The boys are never out of mischief= voeren altijd wat uit;He is bent on mischief= hij voert wat in zijn schild;Out of pure mischief= uit moedwil;Todo mischief= ondeugend zijn;Toget into mischief= kattekwaad uitvoeren;Tolead into mischief= verleiden tot kwaad doen;Tomake mischief= onheil stichten;Hemeans mischief= voert wat in het schild;There will be the mischief to pay= dan heb je de poppen aan ’t dansen;What the mischiefis your little game= wat duivel voer jij in ’t schild?Like the very mischief= als dol;He is amischief-maker= onheilstoker, tweedrachtstichter;Amischief-making fellow= kwaadstichter, onheilstoker;Mischievous,mistšivɐs, boos(aardig), schadelijk, moedwillig, noodlottig, ondeugend; subst.Mischievousness.Miscible,misib’l, vermengbaar.Miscite,mis-sait, verkeerdelijk aanvoeren of aanhalen.Miscomprehend,miskomprəhend,Misconceive,misk’nsîv, verkeerd begrijpen of beoordeelen;Misconception= verkeerde opvatting, wanbegrip, dwaling.

Melt,melt, smelten,wegsmelten, week worden, verteederen, roeren; ook subst.:All the spoons were melted down= gesmolten;Tomelt into tears;Melter= metaalsmelter, smeltoven;Melting heat= zwoele hitte;Melting sorrow= zielsroerende smart;Melting-furnace;Melting-point;Melting-pot= smeltkroes;Meltingness= weekheid (fig.).Member,membə, lid, deel, lidmaat, afgevaardigde:Member of Parliament(=M. P.) = lid van het House of Commons;Membered= geleed;Membership= lidmaatschap, ledental.Membrane,membrein, vlies, perkament:Mucous membrane= slijmvlies;Membranous,membrənɐs, vliezig.Memento,mimentou, herinnering, gedenkteeken:Memento mori(môrai) = gedenk te sterven.Memoir,memwö, gedenkschrift, verhandeling:Memoirs=Memorabilia.Memorability,memərəbiliti, subst. v.Memorable,memərəb’l, merkwaardig, gedenkwaardig; subst.Memorableness.Memorandum,memərand’m, memorandum, aanteekening, memorie;Memorandum-book= memoriaal.Memorial,məmôriəl, gedenk …, gedachtenis …; subst. nota, memorie, necrologie, gedenkteeken (-feest):Memorial Day= gedenkdag ter eere der in den burgeroorlog (1861–65) gevallen strijders (Amer.);Memorialist= schrijver van mémoires, indiener van een[337]nota;Memorialize,məmôriəlaiz, een memorie indienen; herdenken:The municipalitiesmemorialized to the queen= dienden een verzoekschrift in bij.Memorize,meməraiz, in het geheugen bewaren, uit het hoofd leeren;Memory,meməri, geheugen, gedachtenis, gedenkteeken:Her memory fails her a bitnow and then= laat haar wat in den steek;In memory of= ter gedachtenis aan;Within the memory of man=Within living memory= sedert menschenheugenis;Tocall to memory= zich herinneren;Toquote from memory.Memphis,memfis;Memphian:Memphian darkness= Egyptische duisternis.Men,men, mv. v.Man:Men-folk= manvolk;Men-pleaser= oogendienaar.Menace,menis, subst. bedreiging;Menaceverb. (be)dreigen;Menacer.Menad,mînad, Bacchante.Menagerie,Menagery,mənadžəri, beestenspel.Mend,mend, subst. verbetering, reparatie;Mendverb. beter worden, verbeteren, repareeren, verhoogen, vermeerderen:On the mend= aan de beterhand;Tomend one’s efforts= verdubbelen;Tomend the fire= wat bij het vuur doen;Tomend one’s life (ways)= zich beteren;Tomend one’s pace= aanstappen;Tomend stockings= kousen stoppen;Theprices have mended= zijn omhoog gegaan;Mender;Mending:Acard of mending= kaart stopgaren;A lapful ofmending= verstelwerk;Mending-basket;My boots want mending= moeten gerepareerd worden.Mendacious,mendeišəs, leugenachtig, valsch;Mendacity,mendasiti, leugen, leugenachtigheid.Mendicancy,mendik’nsi, bedelarij, armoede;Mendicant= bedelend, bedel - -; bedelaar; bedelmonnik =Mendicant friar;Mendicity= armoede, bedelarij, bedelstaf.Menial,mînj’l, dienst - -, huis - -, slaafsch, vuil, gemeen; subst. huisbediende, asschepoester.Meningitis,menindžaitis, hersenvlies ontsteking.Mennonist,menənist,Mennonite,menənait, Doopsgezinde.Menses,mensîz, menstruatie;Menstrual= maandelijksch:Menses flow,Menses flux;Menstruate= menstrueeren; subst.Menstruation.Mensurability,mensiurəbiliti, meetbaarheid; adj.Mensurable; subst.Mensurableness;Mensuration= meting.Mental,ment’l, ziels …, geestes …:Mental arithmetic= hoofdrekenen;Mental defectives= achterlijken;Mental deficiency= achterlijkheid;Mental faculties= geestesgaven;Mental power= geestvermogen;Mental reservation= heimelijk voorbehoud.Menteith,mentîth.Menthol,menthol, menthol:Menthol cone(Menthol pencil) = migrainestift.Mention,menš’n, subst. (ver)melding;Mentionverb. vermelden, noemen, gewagen:At a mention of= bij vermelding van;Tomake (no) mention of= (geen) melding maken van;“Don’t mention it”=It is not worth mentioning= “’t Is de moeite niet”;Not to mention= om niet te spreken van;To bementioned in dispatches= eervol vermeld worden (mil.);Just mention some= noem er eens een paar;Mentionable:It is hardly mentionable= het is haast niet noemenswaard.Mentor,mentə, mentor, adj.Mentorial.Mentz,ments, Mainz.Menu,mənû, spijslijst.Mephistophelean,mefistəfəlîən, adj. v.Mephistopheles,mefistofilîz, Mephistopheles.Mephitic,mifitik, stinkend, verpestend;Mephitis,mifaitis,Mephitism,mifaitizm,mefətizm, verpestende uitwasemingen of dampen.Mercantile,mɐ̂k’nt(a)il, handels…, handeldrijvend; baatzuchtig:Mercantile code= wetboek van koophandel;The mercantile marine= handelsvloot;Mercantile and trade schools= handels-, en vakscholen;Mercantile town= handelsstad.Mercator’s Chart,mɐ̂keitəztšât, zeekaart volgens de projectie van Mercator.Mercenariness,mɐ̂sənərinəs, veilheid;Mercenary,mɐ̂sənəri, loon - -, baatzuchtig, inhalig, veil; subst. huurling:Mercenary marriage= huwelijk om geld;Mercenary troops= huurtroepen.Mercer,mɐ̂sə, zijdekoopman, manufacturier;Mercery= manufactuurzaak, (handel in) manufacturen of zijde.Merchandise,mɐ̂tš’ndaiz, koopwaar.Merchant,mɐ̂tš’nt, subst. koopman, groothandelaar; adj. handels - -, koopmans - -:Merchant-fleet= koopvaardijvloot;Merchantman= koopvaardijschip;Merchant-service= handelsvloot, zeehandel;Merchant-tailor= marchandtailleur;Merchantable= gangbaar, willig.Merciful,mɐ̂siful, genadig; barmhartig; subst.Mercifulness;Merciless= meedoogenloos; subst.Mercilessness.Mercurial,məkjûriəl, Mercurius - -; vluchtig, levendig, wispelturig, kwikzilverachtig; subst.Mercuriality;Mercury,mɐ̂kjəri, Mercurius, kwikzilver.Mercy,mɐ̂si, genade, barmhartigheid, vergeving:To beat the mercy of= overgeleverd aan de genade van;It was a mercy,he did not prosecute him= hij mocht van geluk spreken, dat..; Vergel.Lord, have mercy upon us= Heer, wees ons genadig;Tobeg (cry) for mercy= om genade smeeken;Tothrow oneself on the mercy of= zich op genade of ongenade aan iemand overgeven;We are thankful forsmall mercies= voor gering gunstbetoon;Mercy-seat= troon der genade; verzoendeksel.Mere,mîə, subst.grens, grenssteen; meertje.Mere,mîə, louter, bloot:He isyour mere tool= slechts uw werktuig;Merely= enkel, alléén.Meredith,merədith.Meretricious,meritrišəs, ontuchtig; verlokkend, bedriegelijk:Meretricious courage= voorgewende moed; subst.Meretriciousness.Merganser,məgansə, duikergans.Merge,mɐ̂dž, verb. indompelen, verzinken, opgaan in (into):To bemerged in= geheel opgaan in;Merger= het opgaan van eene bezitting of een recht in een ander, van eene zaak in een andere.[338]Meridian,məridj’n, subst. middag, hoogste punt, meridiaan; adj. middag …, hoogte …, hoogste:Meridian altitude= middaghoogte;Meridian of the globe= koperen meridiaan;Meridional= meridiaan …, middag, zuidelijk:Meridional distance= lengteverschil;Meridionality= zuidelijke of zuidwaartsche ligging of richting.Merino,mərînou, subst. merinoswol, merinos, merinosschaap (=Merino sheep); adj. merinos …Merit,merit, subst. uitstekendheid, waarde, voortreffelijkheid, verdienste (meest meervoud) (Merits= hoofdzaken (Jur.));Meritverb. verdienen, aanspraak hebben op, zich verdienstelijk maken:Tomake a merit of necessity= van den nood een deugd maken;The matter must rest (stand) on its own merits= moet op zich zelf worden beschouwd;You haveMerited well ofthe country= u verdienstelijk gemaakt jegens;Meritorious,meritôriəs, verdienstelijk; subst.Meritoriousness.Merivale,meriveil.Merkin,mɐ̂kin, pruik, toer; haarverf (Amer.); pompstok (van een kanon).Merle,mɐ̂l, meerle.Merlin,mɐ̂lin, steenvalk.Mermaid(en),mɐ̂meid(’n), (zee)meermin;Merman,mɐ̂m’n, triton.Merovingian,merəvindžən, Merovingisch; subst. Merovinger;Merrimac=merimak.Merriment,meriment, vroolijkheid, pret;Merry,meri, vroolijk, luidruchtig, prettig, gunstig, aangeschoten:A merry Christmas to you= ik wensch u een prettig kerstfeest;He was rather merry= lichtelijk aangeschoten;Theylive there as merry as the day is long= leven … als vroolijk Fransje;Tomake merry= pretmaken;Tomake merry witha person= in ’t ootje nemen;Merry-andrew= grappenmaker, Jan Klaassen, hansworst;Merry-dancers= het Noorderlicht (Schotl.);Merry-go-round= mallemolen;Merry-making= subst. pret, vermaken; adj. vroolijk;Merry-meeting= pret, fuif;Merrythought= borstbeen (van eene kip).Mersey,mɐ̂si,mɐ̂zi.Mesenteric,mesənterik, tot het darmscheel behoorende;Mesenteritis,mesəntəraitis, darmscheelontsteking;Mesentery,mesəntəri,mezəntəri, darmscheel.Mesh,meš, subst. maas;Meshes= netwerk, net (fig.), strik;Meshverb. verstrikken, verstrikt raken;Mesh-work= netwerk; adj.Meshy.Mesjid,mezdžid, moskee.Mesmerism,mezmərizm, mesmerisme;Mesmerist= magnetiseur;Mesmerize= magnetiseeren;Mesmerizer.Mesne,mîn, tusschenkomend:Mesne process= nevenproces;Mesne profits= de winsten van een landgoed, in den tijd dat den rechtmatigen eigenaar onwettig het bezit daarvan is onthouden.Mesopotamia,mesəpəteimjə.Mess,mes, subst. gerecht, spijs, voer, viertal, gemeenschappelijke tafel, bak (van militairen en matrozen); wanorde, verwarring, vuile boel;Messverb. gezamenlijk eten, voeren; dooreenwarren, bevuilen, bevlekken:A mess of pottage= linzenschotel:Tosell for a mess of pottage= voor een linzenkooksel (Genesis XXV, 29);Captain of a mess= bakmeester;We are four of a mess= we eten met ons vieren;Tobe in a pretty mess= er mooi uit zien (iron.); mooi in de klem zitten;Hegot himself into a mess with the suds= maakte zich vuil met het zeepsop;Toget into messeswith feminines= intriguetjes hebben met;Tomake a mess of= morsen, vuil maken, in wanorde brengen;I don’t like to be messed about= dat er zooveel drukte om me (mijne ziekte) gemaakt wordt;Tomessaboutafterother women= scharrelen met;Mess-beef= pekelvleesch;Mess-kit= eetgerei (mil.);Mess-mate= tafelgenoot, bakgast;Mess-room= kajuit voor gezamenlijke maaltijden;Mess-table;Messy= vuil, verward:Amessy toy= speelgoed, dat aanleiding geeft tot vuil maken van kleeren of tafel.Message,mesidž, boodschap:Tobear (carry, deliver) a message= overbrengen;Togo on a message= een boodschap doen;Togo messagesfor;Messenger,mes’ndžə, boodschapper, courier, bode, voorbode; kabelaring (scheepst.).Messiah,məsaiə;Messias,məsaiəs;Messianic,mesianik, Messiaansch.Messidor,mesidö, tiende maand van het republikeinsche jaar.Messieurs,mešɐ̂z, Heeren =Messrs.Mestee,mestî, kind van blanke en quadrone.Mestino,mestînou,Mestizo,mestîzou, mesties, kind van Spanjaard (of Creool) en Indiaansche vrouw.Met,met, imperf. en part. perf. vanto meet.Metal,met’l, subst. metaal, brons, compositie, spoorstaaf, grint of steengruis (voor wegen), gesmolten glas; aantal, kaliber (v. kanonnen);Metalverb. een weg metmetalbedekken:The trainwent off the metals= derailleerde;Metallic,mətalik, metalen:Metallic pen= stalen pen;Metallic vein= metaalader;Metalliferous= metaal bevattend;Metalliform,məteliföm, metaalachtig;Metalline,metəl(a)in:Metaline water= mineraalwater;Metallist= metaalwerker:Gold metallist= voorstander van den gouden standaard;Metallography= wetenschap en beschrijving der metalen;Metalloid,metəlôid, metalloïde;Metallurgy,metəlɐ̂dži, metallurgie.Metamorphic,metəmöfik, metamorphisch; subst.Metamorphism;Metamorphoseverb.Metamorphize=Metamorphose,metəmöfous,metəmöfouz, metamorphoseeren;Metamorphosis= gedaanteverwisseling.Metaphor,metəfö, metaphoor;Metaphoric(al),metəforik(’l), overdrachtelijk, figuurlijk.Metaphysical,metəfizik’l, metaphysisch;Metaphysician,Metaphysicist= bespiegelend wijsgeer;Metaphysics,metəfiziks, bespiegelende wijsbegeerte.Metathesis,mətathəsis, metathesis.Metayer,məteiə, landbouwer die de helft der opbrengst als pacht betaalt.Mete,mît, subst. maat; grens (=Metes);Meteverb. meten, toemeten:Full justice wasmeted out tohim= hij kreeg geheel wat hem toekwam;The treatment,meted out to[339]him= hem ten deel gevallen;To applythe vulgar mete-yard to= een nuchteren maatstaf aanleggen.Metempsychosis,mətempsikousis, zielsverhuizing.Meteor,mîtjə, verheveling, meteoor;Meteoric,mîtiorik, meteoor …:Meteoric shower= groote menigte vallende sterren;Meteoric stone=Meteorite,mîtiərait=Meteorolite,mîtiərəlait;Meteorologic(al),mîtiərəlodžik(’l), meteorologisch;Meteorologist= weerkundige;Meteorology= weerkunde.Meter,mîtə, meter:Dry meter, Wet meter= drooge, natte meter;Toexamine the meter= gasmeter opnemen;Meterage,mîtəridž, meting, meetloon.Metheglin,mətheglin, mede (drank).Methinks,mithiŋks, mij dunkt.Method,methəd, methode, stelsel, proces;Methodical,məthodik’l, methodisch;Methodics,məthodiks, methodiek;Methodism= de leer derMethodists=aanhangers van de door John Wesley in Oxford gestichte secte (1729):Methodistic(al), methodistisch; streng methodisch;Methodize= stelselmatig behandelen, methodisch rangschikken;Methodizer;Methodology= (verhandeling over) methodiek.Methought,mithôt, mij docht.Methuen,məth(j)ûən,methuən;Methuselah,məthjûzələ.Methyl,methil, methyl.Meticulous,mətîkjuləs, bang, vreesachtig.Metonic-Cycle,mitoniksailk’l, maancirkel (19 jaar).Metonymic(al),metənimik(’l), metonymisch;Metonymy,mətonimi, metonymia.Metre,mîtə, dichtmaat, versregel; meter (= 39.37 inches);Metric,metrik, metriek; metrisch =Metrical,metrik’l.Metrograph,metrəgraf, instrument aan een locomotief, dat de snelheid van den trein, met den duur en het aantal malen “stoppen” aanwijst.Metronome,metrənoum, metronoom;Metronomy= het meten der maat (muz.).Metropolis,mətropəlis, zetel van een aartsbisschop, hoofdstad; Londen;Metropolitan,metrəpolit’n, subst. aartsbisschop; adj. aartsbisschoppelijk, tot een metropolis (tot Londen) behoorend:Metropolis Board of Works= Londensche bouwraad.Mettle,met’l, (grond)stof, wezen, natuur, geest, vuur, ijver, moed:A manof mettle= voortvarend, van stavast;A horseof much mettle= vurig paard;Mettle of youth= jeugdig vuur;Toput a person on (to) his mettle= iemand aanzetten (aanleiding geven) al zijne krachten in te spannen;Totry a person’s mettle= alles vergen van iemands krachten;Mettled=Mettlesome= vurig; subst.Mettlesomeness.Meuse,mjûz, Maas.Mew,mjû, subst. zeemeeuw; ruikooi (vooral voor valken); schuilplaats; gemiauw:Mews= stal(len); nauwe straat achter groote huizen waarop de stallen uitkomen;Mewverb. opsluiten; ruien, verharen; vernieuwen; miauwen:Tomew the feathers.Mewl,mjûl, schreeuwen, drenzen (van kinderen);Mewler= schreeuwleelijk.Mexican,meksik’n, subst. en adj. Mexicaan(sch);Mexico,meksikou.Mezzo,medzə;Mezzo soprano= tweede sopraan;Mezzotint(o)= mezzotint.Mho,mou, Ohm (electr.).Miaow,miau, miaauw!Miasm(a),maiazm(a), (Meerv.Miasmata), miasma;Miasmatic(al)= miasmen bevattend:Miasmatic fever= malaria.Miaul,miôl,miaul, miauwen.Mica,maikə, mica;Micaceous,maikeišəs, van of als mica, mica …Micah,maika;Micawber,mikôbə.Mice,mais, meervoud vanmouse.Michael,maik’l;Michaelmas,mik’lmas, St. Michiel (29 Sept.); herfst:Michael-term= zittingstermijn (vroeger van 2–25 Nov.;thans van 24 Oct.–21 Dec.=Michael Sittings); cursus van 1 Oct.–16 Dec. (Cambr.); 10 Oct.–17 Dec. (Oxf.).Mich(e),mitš, zich verbergen, rondsluipen, de school verzuimen;Micher.Michigan,mišigən.Mickle,mik’l, veel, groot; ook subst.:Many a little makes a mickle= veel kleintjes maken een groote.Microbe,maikroub, microbe; adj.Microbic.Microcosm,maikrəkozm, de wereld in ’t klein, de mensch; adj.Microcosmic(al),maikrəkozmik(’l).Micrometer,maikromətə, micrometer; adj.Micrometric(al); subst.Micrometry.Micron,maikron, micron.Micronesia,maikrənîziə, Micronesië.Microphone,maikrəfoun, microphoon.Microscope,maikrəskoup, microscoop; adj.Microscopic(al);Microscopist,maikrəskoupist,maikroskəpist= iemand, die met den microscoop werkt;Microscopy,maikrəskoupi,maikroskəpi= microscopie.Mid,mid, subst. midden …; en verk. v.midshipman:Mid-air= tusschen hemel en aarde;Midday= middag, subst. en adj.;Midland= (in het) binnenland:The Midlands= midden Engeland;The Midland railway= de centraalspoor;Mid Lent= het midden van de vasten;Midmost= middelste;Midnight, subst. middernacht(elijk):Heburns the midnight oil= werkt tot diep in den nacht;Midriff= middenrif;MidshipmanofMidshipmite(schertsend) = adelborst (v. het oudste jaar);Mid-ships= midscheeps;Midstream= midden van de stroom;Midsummer= hartje v. d. zomer (21 Juni):Midsummer-day= St. Jan (24 Juni);Midsummer-eve= 23 Juni;Midway, subst. middenweg; adj. midden op den weg, halverwege;Midwinter= het hartje van den winter (21 December);Middy=Midshipman;Midst= midden:In the midst of.Midden,mid’n, mesthoop.Middle,mid’l, subst. het midden, middel (van het lichaam), tusschentijd, tijdschriftartikel; adj. midden, middelst, tusschen beiden, middelmatig:A clever middlefor an evening paper;Middle Ages= Middeleeuwen;Middle course= middenweg;Middle English= ’t Engelsch van ± 1150–1500;Middle finger;Above, Under (the) middle height;Middle life[340]= middenstand;Middle term= middenterm;Barely inmiddle-age= van middelbaren leeftijd;Middle-aged people= menschen van middelbaren leeftijd;Middle-class= burgerklasse;Upper middle-classes= deftige burgerstand;Middle-class school= Burgerschool;Middleman= agent, tusschenpersoon;Middlemost= middenste;Middle-sized.Middleburgh,mid’lbɐ̂g.Middling,midliŋ, middelmatig, redelijk;Middlings= met zemelen vermengd meel (veevoeder).Midge,midž, mug; dwerg =Midget.Midwife,midwaif, subst. vroedvrouw;Midwifeverb. verlosk. bijstand verleenen;Midwifery,midw(a)ifri, verloskunde:Professor of midwifery.Mien,mîn, uitzicht, gelaat, voorkomen, houding.Miff,mif, verdrietig, droevig;Miffverb. verdrietig zijn.Might,mait, imperf. vanmay:As best he might= zoo goed en zoo kwaad hij kon;He weptand well he might= en daar had hij wel reden voor.Might,mait, macht, kracht:With might and main= uit alle macht;Might is above right (Might overcomes right)= macht gaat boven recht;Mightiness= grootheid, vermogen; hoogheid:Their High Mightinesses= Hunne Hoogmogenden;Mighty= machtig, groot, sterk:A mighty swell= een groote banjer.Mignonette,minjənet, reseda.Migrant,maigr’nt, subst. zwerver, trekvogel; adj. trekkend, verhuizend, nomadisch =Migratory:Migratory birds= trekvogels;Migratory life;Migrate,maigreit, verhuizen of trekken naar een ander land; subst.Migration.Mikado,mikâdou, keizer van Japan.Mike,maik.Milan,milən,milan, Milaan;Milanese,milənîz,milənîs, Milanees, Milaneesch.Milch,milš, melkgevend:Milch cow= melkkoe (ookfig.); Milchy = melkgevend.Mild,maild, zacht, zachtaardig, vriendelijk; licht:Mild ale= licht bier;A mild answer= vriendelijk antwoord;Mildand strongcigars;With mild pique= eenigszins gepiqueerd;Amild pun= flauwe;The dog isas mild as milk= doodgoed;Mild-spirited (Mild-tempered)= zachtaardig;Mild-spoken= vriendelijk;Toput it mildly= om het zacht te zeggen; subst.Mildness.Mildew,mildjû, subst. meeldauw, schimmel;Mildewverb. beschimmelen, met meeldauw bedekt worden;Mildewy= bedorven, beschimmeld.Mile,mail, mijl (1609 meter);Mile-mark(Mile-post)= mijlpaal;Milestone= mijlsteen:I havepassed some black milestones= heb het vaak hard te verduren gehad;Mileage,mailidž, afstand inmiles; uitgaven per mijl; reiskosten per mijl;A ten miler= een marsch van 10 mijl.Miles,mailz;Milesian,m(a)ilîž’n, inwoner van Milete; Ier; adj. van Milete, Iersch.Milfoil,milfôil, gemeen duizendblad.Miliary,miliəri, gierst, gierstvormig, korrelig.Militancy,milit’nsi, oorlog(stoestand);Militant= vechtend, strijdlustig:The Church militant.Militarism,militərizm, oorlogsgeest, oorlogspolitiek, militairisme.Military,militəri, adj. krijgs …, krijgshaftig; subst. mv. militairen:Military Academy;Military chest= oorlogskas;Military code;He isa military man= militair;I amnot a military man= anti-militair;Military officer= officier van de landmacht;Military school;Military service;Military stores= krijgsvoorraad.Militate,militeit, (metagainst,from) = vijandig staan tegenover, strijden tegen.Militia,milišə, militie, die zonder eigen toestemming niet buitenslands diende (nu vervangen door de “Special Reserve”):Thelandand themarine militia;Toserve in the militia;Militiaman.Milk,milk, subst. melk, zog, sap;Milkverb. melken, melk geven:There’s no help for (It’s no use crying over) spilt milk= gedane zaken nemen geen keer;Totake in with the mother’s milk;Tomilk the pigeon= monnikenwerk doen;Tomilk the wires= onrechtmatig vreemde telegrammen aflezen; zich een deel van een electr. stroom toeeigenen;Milk-and-water(y)= melk en water …, flauw, sentimenteel;Milk-can;Milk-cure;Milk-farm;Milk-fever= zogkoorts;Milk-gauge= galactometer;Milk-glass= melkglas;Milk-jug;Milk-livered= laf;Milkmaid;Milkman= melkboer;Milk-pail;Milk-punch= rum met melk, suiker en muskaat;Milk-sop= in melk geweekt brood; verwijfd persoontje;Milk Standard Act= wet tegen melkvervalsching;Milk-strainer= zeef;Milk-sugar;Milk-tooth= melktand;Milk-walk= wijk van één melkboer;Milk-woman;Milker= melker; melkkoe =Milking-cow;Milking-time;Milky= melkachtig:The Milky Way= melkweg.Mill,mil, molen, fabriek, spinnerij, tredmolen; vuistgevecht, rekenpenning (​1⁄10 v. een Am. cent);Millverb. malen, kartelen, vollen, walken, pletten, afranselen, doen schuimen:Thatbrings grist to your mill= dat zet zoden aan den dijk, geeft je voordeel;Togo through the mill= door ervaring leeren;He has been through the mill= hij weet er alles van;Oil mill;Saw mill;St. Stephen’s mill= het Parlement;Wind mill;Mill-brook= molenbeek;Mill-clack,Mill-clapper= molenklapper;Mill-cog= tand (molenrad);Mill-dam= molendam;Mill-hand= molenaarsknecht;fabrieksarbeider;Mill-head= water vóór den molen;Mill-owner= fabrikant;Mill-pond= molenvijver:As quiet as a mill-pond;Mill-race= molentocht;Mill-sail= molenzeil;Mill-stone= molensteen;To getbetween the upper and the nether mill-stone= tusschen hamer en aambeeld geraken;Hecan see through (into) a mill-stone= hij is scherpzinnig;Mill-tail= waterstroom uit een molen;Millwright= molenmaker;Miller= molenaar:There are many cases ofdrowning the millerin our annotated editions of standard authors= herhaaldelijk vinden we gevallen van te[341]veel commentaar in de verklarende uitgaven van onze classieken;Miller’s fee (toll)= maalgeld;Milling= het malen, kartelen (van muntranden).Millenarian,milənêriən, duizendjarig, wat tot het duizendjarig rijk behoort; subst. geloover in de komst van het duizendjarig rijk;Millenarianism= de leer derMillenarians;Millenary,milənəri, duizendjarig; subst.millennium:The millenarian of King Alfred= de duizendste jaardag;Millennial,milenj’l, duizendjarig;Millennium,milenj’m, het duizendjarig rijk, de tijd van den Wereldvrede.Milleped,miliped,Millipede,milipîd, duizendpoot, pissebed (oproller, varkentje).Millerism,milərizm, leer v. William Miller (1782–1849);Millerist,Millerite,milərait, volgeling van Miller, die de onmiddellijke komst en heerschappij van Jezus verwachtte.Millesimal,milesiməl, duizendste deel.Millet,milət, gierst.Milliard,miljəd, duizend millioen.Milligram(me),miligram;Millimetre,Millimeter,milimîtə,milimitə.Milliner,milinə, modemaakster, dameskleermaker;Millinery= (zaak in) modeartikelen; kostuumnaaien.Million,milj’n, millioen:Two thousand millions of money;The million= de groote hoop, het groote publiek;Millionaire,milj’nêə, millionair;Millionary= uit millioenen bestaande;Millionth= millioenste.Millocrats,miləkrats, rijke fabrikanten.Milnes,milz;Milo,mailou.Milreis,milrîs, Portug. munt (±ƒ2,70).Milsey,milsi, melkzeef.Milt,milt, subst. milt, horn (van visschen);Miltverb. bevruchten, kuit schieten;Milter= hommer.Miltiades,miltaiədîz;Milwaukee,milwôki.Mime,maim, subst. mime, gebarenspel (bij Grieken en Romeinen), gebarenspeler;Mimeverb. spelen;We cannot bedeck our inner selves, andmake them mimeas the occasion pleases= kunnen ons innerlijk niet optooien, en het, al naar de gelegenheid het verlangt, eene rol doen spelen;Mimetic(al),m(a)imetik(’l), nabootsend;Mimic,mimik, nabootsend, nagebootst; subst. nabootser, mime;Mimicverb. nabootsen:Mimic warfare= spiegelgevecht, manoeuvres;Mimicker= nabootser;Mimicry= grappige nabootsing, aanpassing aan de omgeving ter eigen beveiliging (van dieren).Mimosa,m(a)imousə, mimosa.Mimsey,mimzi, maatje.Minaret,minəret, minaret.Minatory,minətəri, dreigend.Mince,mins, fijn hakken, bewimpelen, gemaakt spreken of loopen (met kleine pasjes):He doesn’t mince matters= neemt geen blaadje voor zijn mond;She minces her words= spreekt erg gemaakt;Tomince one’s steps= trippelen;Mince-meat= fijngehakt, met rozijnen, appelmoes,citroensap, vet, rum, etc., dooreengemengd vleesch voor pasteitjes:Tocut into mince(Tomake mince of) = in de pan hakken (milit.);Mince-pie= eene metMince-meatgevulde pastei;Mincer= hakmachine; geaffecteerd persoon;Mincingly= geaffecteerd, vergoelijkend.Mind,maind, subst. gemoed, geest, ziel, neiging, herinnering, zorg, meening;Mindverb. letten op, behartigen, bezwaren hebben, bedenken, van zins zijn:Absence of mind= verstrooidheid;Presence of mind= tegenwoordigheid van geest;Tobe in one’s right mind= bij zijn volle verstand zijn;Tobe of one mind= eenstemmig zijn;Tobe in two (several) minds= weifelen;Tobe out of one’s mind (of unsettled mind)= niet recht bij zijn verstand zijn;Tobear in mind= bedenken;Tobring (call) to mind= te binnen roepen, zich herinneren;Itcame into my mind= de gedachte kwam bij mij op;Tocross (enter) one’s mind= te binnen schieten;Tofeel in half a mind= half van plan (geneigd) zijn;Tohave a great mind= veel lust hebben;Tohave no mind= geen lust hebben;Tohave all the mind in the world= allemachtig veel trek hebben;Tokeep in mind of= herinneren aan;He does notknow his own mind= weet zelf niet wat hij wil;Tomake up one’s mind= besluiten;Make up your mind for it= bereid er je op voor;I willput you in mind ofit= je er aan herinneren;He hasset his mind uponit= zijn zinnen er opgezet;Speak your mind= zeg wat je op het hart ligt, spreek ronduit;Out of sight, out of mind= uit het oog, uit het hart;The house has stood theretime out of mind= sedert onheugelijke tijden;To my mind= naar mijn meening;So many men so many minds= zooveel hoofden, zooveel zinnen;Mind you!= denk er om!Never mind= het kan niet schelen;Mind your own business= bemoei je met je eigen zaken;Tomind a child= passen op;Tomind the door= om de deur denken, op het huis passen;Mind your head-ache= denk om je hoofdpijn;I should not mind goingthere now= zou er nu wel heen willen;Mind your P’s and Q’s= pas op je tellen;Mind-reading= gedachtenlezen;Mind-wandering= ijlen;Minded= geneigd, gezind:He was mindedto end the matter= van plan;If you are (so) minded= als ge er zin in hebt;Mindful= opmerkzaam, voorzichtig, gedachtig:BeMindful ofyour health= denk om; subst.Mindfulness;Mindless of everything= op (om) niets lettende (denkende).Mine,main, van mij:This book is mine;A friend of mine= een mijner vrienden;Mine host= de waard.Mine,main, subst. mijn, rijke bron;Mineverb. ondermijnen (ookfig.); uitgraven, graven naar:A gold mine;Mine-captain= mijnopzichter;Miner= mijnwerker, mineur.Mineral,minər’l, subst. delfstof; adj. delfstoffelijk, mineraal:Mineral kingdom= delfstoffenrijk;Mineral oil;Mineral salt= mineraalzout;Mineral spring;Mineral waters= minerale bronnen of wateren;Mineralization, subst. v.Mineralize= versteenen, mineraliseeren;Mineralogic,minərəlodžik; mineralogisch;Mineralogist,minəralədžist,[342]delfstofkundige;Mineralogy,minəralədži, mineralogie.Minerva,minɐ̂və, Minerva:Minerva press= een vroegere drukkerij in Londen; de sentimenteele romans daar gedrukt.Minever, Miniver,minivə, Siberisch eekhorentje, het bont daarvan.Mingle,miŋg’l, vermengen, zich vermengen (onder), versmelten.Miniature,minitj(u)ə, subst. miniatuur(portret); adj. verkleind, op kleine schaal:Miniature painter.Minibus,minibɐs, een soort wagen voor 4 personen.Minify,minifai, verkleinen; geringschatten.Minikin,minikin, zeer klein, geaffecteerd; subst. kleine speld; lieveling.Minim,minim, zeer klein; subst. dwerg, kort gedicht; ± 65 m.Gram; halve noot;Minims= de strenge orde der Miniemen;Minimal, minimaal;Minimization, subst. v.Minimize= verkleinen, verbloemen:Let us notminimize the dangerof our situation;Minimum= minimum.Mining,mainiŋ, subst. mijnbouw; adj. mijn …:Mining-academy;Mining-shares (Mining-stocks)= mijn waarden.Minion,minj’n, subst. slaafsch volgeling, gunsteling, lichtekooi:Minions of the moon= roovers, dieven.Minister,ministə, subst. (staats)dienaar, minister, gezant; werktuig (fig.); predikant (bij dedissenters);Ministerverb. voorzien van, verschaffen, toedienen, besturen, ministreeren, oppassen, behulpzaam zijn, geneesmiddelen geven:Minister of the Colonies;Minister of Finance;Minister of Foreign Affairs;Minister of the Interior= M. van Binn. Zaken;Minister of War;Prime Minister= minister-president;Heministered tome in those days= verzorgde mij;Ministerial,ministîriəl, dienend, gehoorzamend; ministerieel;Ministerialist= regeeringsgezinde;Ministrant, dienend; subst. dienaar;Ministration= dienstverrichting, bestuur, geestelijke bijstand of ambt:The prisoner was offered his ministrant= den gevangene bood men geestelijken bijstand aan;Ministry= ministerie, dienst, geestelijke functiën.Minium,minj’m, roode menie.Mink,miŋk, vison, soort v. Amer. wezel; pels daarvan.Minnow,minou, soort witvisch, voorntje, stekelbaarsje.Minor,mainə, kleiner, geringer, jonger, klein, gering; subst. minderjarige, mineur, minor, (term van een syllogisme):Minor key= mineur (muz.);Minor poets;Minor premiss, deze bevat denMinor term= het subject v. de conclusie;Minor third= kleine terts;Asia Minor= Klein-Azië;Minorite,mainərait, Franciskaner;Minority,m(a)inoriti, minderheid, minderjarigheid.Minorca,minökə;Minos,mainəs;Minotaur,minətö.Minster,minstə, hoofdkerk, kloosterkerk.Minstrel,minstr’l, minstreel; negerzanger (=Negro minstrel);Minstrelsy= de kunst v. d. minstreel, balladenverzameling.Mint,mint, munt, groote hoeveelheid; munt (plant);Mintverb. munten, slaan, smeden:Master of the mint= muntmeester;Amint of money= een “bom” duiten;The mint and cumminof literature= de nietige dingen of kleinigheden in de letteren (ZieMatth. XXIII, 23);Mint-drops= pepermuntjes;Mint-julep= Amer. drank van suiker, spiritualiën en kruizemunt in gestampt ijs;Mint-sauce= kruizemuntsaus;Mintage,mintidž, het gemunte, muntrecht.Minuend,minjuənd, aftrektal.Minuet,minjuət, menuet:Tostep (walk) a minuet= een menuet dansen.Minus,mainəs, minder dan, onder nul, met uitzondering van, waardeloos.Minuscule,minɐskjûl, klein, gering; subst. kleine letter.Minute,minit, subst. minuut, memorandum, concept, notulen, protocol (=Minutes); ook adj.;Minuteverb. aanteekeningen maken, do minuten of notulen schrijven van:Tokeep the minutes;Minute-book= klad- of notulenboek;Minute-glass= zandglas (van ééne minuut duur);Minute-gun= minuutschot;Minute-hand= minuutwijzer.Minute,minjût, zeer klein, gering, precies, omstandig; subst.Minuteness;Minutiae,minjûšiî, kleinigheden, bijzonderheden.Minx,miŋks, brutale meid.Miracle,mirək’l, wonder, mirakel:To a miracle= wonderbaarlijk;Towork miracles= doen;Faith works miracles;Miracle-play= mysteriespel;Miraculous,mirakjəlɐs, wonderdadig, wonderbaarlijk, wonder..; subst.Miraculousness.Mirage,mirâž, luchtspiegeling, waan.Mire,maiə, subst. slijk, modder;Mireverb. bemodderen, in den modder zakken of zitten, in ongelegenheid brengen:Tobe in the mire= in den klem zitten;Todrag into the mire= door het slijk halen (fig.);Mire-crow= kap- of kokmeeuw;Miriness= modderigheid.Mirror,mirə, subst. spiegel, toonbeeld;Mirrorverb. terugkaatsen:Dutch mirrors= spionnetjes;Halls of mirrors= spiegelzalen.Mirth,mɐ̂th, vroolijkheid, opgewektheid; adj.Mirthful; subst.Mirthfulness.Miry,mairi, modderig.Mirza,mɐ̂zə, Perzische eeretitel; vorst.Misadventure,misədventjə, ongeluk, tegenspoed; adj.Misadventurous.Misalliance,miselaiəns, huwelijk beneden iemands stand;Misallied,misəlaid, verkeerd vereenigd.Misanthrope,misənthroup, menschenhater; adj.Misanthropic(al),misənthropik(’l);Misanthropist,misanthrəpist, menschenhater;Misanthropy,misanthrəpi, menschenhaat.Misapplication,misaplikeiš’n, subst. v.Misapply,misəplai, verkeerd toepassen.Misappreciate,misəprîšieit, onderschatten; subst.Misappreciation.Misapprehend,misaprihend, misverstaan, verkeerd begrijpen; subst.Misapprehension.Misappropriate,misəprouprieit, zich onwettig toeëigenen; subst.Misappropriation.Misarrange,misəreinž, verkeerd rangschikken; subst.Misarrangement.[343]Misbecome,misbikɐm, ongepast zijn voor, slecht passen bij;Misbecoming= ongepast, onvoegzaam.Misbefitting,misbifitiŋ, onvoegzaam.Misbegotten,misbigot’n, onecht, slecht.Misbehave,misbiheiv, zich misdragen(oneself);Misbehaviour,misbiheivjə, wangedrag.Misbelief,misbilîf, ongeloof, dwaalleer;Misbelieve= dwalen, ten onrechte gelooven;Misbeliever= ongeloovige.Miscalculate,miskalkjuleit, misrekenen; verkeerd uitrekenen; subst.Miscalculation.Miscall,miskôl, verkeerdelijk noemen.Miscarriage,miskaridž, mislukking, verloren gaan, wangedrag, miskraam:A gross miscarriage of justice= grove rechterl. dwaling;Miscarry,miskari, verloren gaan (v. brieven), mislukken,een miskraam krijgen:He miscarries ofpuns every minute= hij zegt om den haverklap te onrechter tijd woordspelingen.Miscast,miskâst, subst. misrekening;Miscastverb. misrekenen, verkeerd berekenen.Miscegenation,misədžəneiš’n, rassenvermenging.Miscellanea,misəleinjə, allerlei;Miscellaneous= gemengd, door elkaar, verscheiden; subst.Miscellaneousness;Miscellanist,misələnist, schrijver van mengelwerk;Miscellany,miseləni, mengeling, mengelwerk.Mischance,mistšâns, subst. ongeluk, ramp;Mischanceverb. ongelukkig gebeuren.Mischief,mistšif, onheil, ongeluk, kwaad, ondeugendheid, onrecht, schade, nadeel:The boys are never out of mischief= voeren altijd wat uit;He is bent on mischief= hij voert wat in zijn schild;Out of pure mischief= uit moedwil;Todo mischief= ondeugend zijn;Toget into mischief= kattekwaad uitvoeren;Tolead into mischief= verleiden tot kwaad doen;Tomake mischief= onheil stichten;Hemeans mischief= voert wat in het schild;There will be the mischief to pay= dan heb je de poppen aan ’t dansen;What the mischiefis your little game= wat duivel voer jij in ’t schild?Like the very mischief= als dol;He is amischief-maker= onheilstoker, tweedrachtstichter;Amischief-making fellow= kwaadstichter, onheilstoker;Mischievous,mistšivɐs, boos(aardig), schadelijk, moedwillig, noodlottig, ondeugend; subst.Mischievousness.Miscible,misib’l, vermengbaar.Miscite,mis-sait, verkeerdelijk aanvoeren of aanhalen.Miscomprehend,miskomprəhend,Misconceive,misk’nsîv, verkeerd begrijpen of beoordeelen;Misconception= verkeerde opvatting, wanbegrip, dwaling.

Melt,melt, smelten,wegsmelten, week worden, verteederen, roeren; ook subst.:All the spoons were melted down= gesmolten;Tomelt into tears;Melter= metaalsmelter, smeltoven;Melting heat= zwoele hitte;Melting sorrow= zielsroerende smart;Melting-furnace;Melting-point;Melting-pot= smeltkroes;Meltingness= weekheid (fig.).Member,membə, lid, deel, lidmaat, afgevaardigde:Member of Parliament(=M. P.) = lid van het House of Commons;Membered= geleed;Membership= lidmaatschap, ledental.Membrane,membrein, vlies, perkament:Mucous membrane= slijmvlies;Membranous,membrənɐs, vliezig.Memento,mimentou, herinnering, gedenkteeken:Memento mori(môrai) = gedenk te sterven.Memoir,memwö, gedenkschrift, verhandeling:Memoirs=Memorabilia.Memorability,memərəbiliti, subst. v.Memorable,memərəb’l, merkwaardig, gedenkwaardig; subst.Memorableness.Memorandum,memərand’m, memorandum, aanteekening, memorie;Memorandum-book= memoriaal.Memorial,məmôriəl, gedenk …, gedachtenis …; subst. nota, memorie, necrologie, gedenkteeken (-feest):Memorial Day= gedenkdag ter eere der in den burgeroorlog (1861–65) gevallen strijders (Amer.);Memorialist= schrijver van mémoires, indiener van een[337]nota;Memorialize,məmôriəlaiz, een memorie indienen; herdenken:The municipalitiesmemorialized to the queen= dienden een verzoekschrift in bij.Memorize,meməraiz, in het geheugen bewaren, uit het hoofd leeren;Memory,meməri, geheugen, gedachtenis, gedenkteeken:Her memory fails her a bitnow and then= laat haar wat in den steek;In memory of= ter gedachtenis aan;Within the memory of man=Within living memory= sedert menschenheugenis;Tocall to memory= zich herinneren;Toquote from memory.Memphis,memfis;Memphian:Memphian darkness= Egyptische duisternis.Men,men, mv. v.Man:Men-folk= manvolk;Men-pleaser= oogendienaar.Menace,menis, subst. bedreiging;Menaceverb. (be)dreigen;Menacer.Menad,mînad, Bacchante.Menagerie,Menagery,mənadžəri, beestenspel.Mend,mend, subst. verbetering, reparatie;Mendverb. beter worden, verbeteren, repareeren, verhoogen, vermeerderen:On the mend= aan de beterhand;Tomend one’s efforts= verdubbelen;Tomend the fire= wat bij het vuur doen;Tomend one’s life (ways)= zich beteren;Tomend one’s pace= aanstappen;Tomend stockings= kousen stoppen;Theprices have mended= zijn omhoog gegaan;Mender;Mending:Acard of mending= kaart stopgaren;A lapful ofmending= verstelwerk;Mending-basket;My boots want mending= moeten gerepareerd worden.Mendacious,mendeišəs, leugenachtig, valsch;Mendacity,mendasiti, leugen, leugenachtigheid.Mendicancy,mendik’nsi, bedelarij, armoede;Mendicant= bedelend, bedel - -; bedelaar; bedelmonnik =Mendicant friar;Mendicity= armoede, bedelarij, bedelstaf.Menial,mînj’l, dienst - -, huis - -, slaafsch, vuil, gemeen; subst. huisbediende, asschepoester.Meningitis,menindžaitis, hersenvlies ontsteking.Mennonist,menənist,Mennonite,menənait, Doopsgezinde.Menses,mensîz, menstruatie;Menstrual= maandelijksch:Menses flow,Menses flux;Menstruate= menstrueeren; subst.Menstruation.Mensurability,mensiurəbiliti, meetbaarheid; adj.Mensurable; subst.Mensurableness;Mensuration= meting.Mental,ment’l, ziels …, geestes …:Mental arithmetic= hoofdrekenen;Mental defectives= achterlijken;Mental deficiency= achterlijkheid;Mental faculties= geestesgaven;Mental power= geestvermogen;Mental reservation= heimelijk voorbehoud.Menteith,mentîth.Menthol,menthol, menthol:Menthol cone(Menthol pencil) = migrainestift.Mention,menš’n, subst. (ver)melding;Mentionverb. vermelden, noemen, gewagen:At a mention of= bij vermelding van;Tomake (no) mention of= (geen) melding maken van;“Don’t mention it”=It is not worth mentioning= “’t Is de moeite niet”;Not to mention= om niet te spreken van;To bementioned in dispatches= eervol vermeld worden (mil.);Just mention some= noem er eens een paar;Mentionable:It is hardly mentionable= het is haast niet noemenswaard.Mentor,mentə, mentor, adj.Mentorial.Mentz,ments, Mainz.Menu,mənû, spijslijst.Mephistophelean,mefistəfəlîən, adj. v.Mephistopheles,mefistofilîz, Mephistopheles.Mephitic,mifitik, stinkend, verpestend;Mephitis,mifaitis,Mephitism,mifaitizm,mefətizm, verpestende uitwasemingen of dampen.Mercantile,mɐ̂k’nt(a)il, handels…, handeldrijvend; baatzuchtig:Mercantile code= wetboek van koophandel;The mercantile marine= handelsvloot;Mercantile and trade schools= handels-, en vakscholen;Mercantile town= handelsstad.Mercator’s Chart,mɐ̂keitəztšât, zeekaart volgens de projectie van Mercator.Mercenariness,mɐ̂sənərinəs, veilheid;Mercenary,mɐ̂sənəri, loon - -, baatzuchtig, inhalig, veil; subst. huurling:Mercenary marriage= huwelijk om geld;Mercenary troops= huurtroepen.Mercer,mɐ̂sə, zijdekoopman, manufacturier;Mercery= manufactuurzaak, (handel in) manufacturen of zijde.Merchandise,mɐ̂tš’ndaiz, koopwaar.Merchant,mɐ̂tš’nt, subst. koopman, groothandelaar; adj. handels - -, koopmans - -:Merchant-fleet= koopvaardijvloot;Merchantman= koopvaardijschip;Merchant-service= handelsvloot, zeehandel;Merchant-tailor= marchandtailleur;Merchantable= gangbaar, willig.Merciful,mɐ̂siful, genadig; barmhartig; subst.Mercifulness;Merciless= meedoogenloos; subst.Mercilessness.Mercurial,məkjûriəl, Mercurius - -; vluchtig, levendig, wispelturig, kwikzilverachtig; subst.Mercuriality;Mercury,mɐ̂kjəri, Mercurius, kwikzilver.Mercy,mɐ̂si, genade, barmhartigheid, vergeving:To beat the mercy of= overgeleverd aan de genade van;It was a mercy,he did not prosecute him= hij mocht van geluk spreken, dat..; Vergel.Lord, have mercy upon us= Heer, wees ons genadig;Tobeg (cry) for mercy= om genade smeeken;Tothrow oneself on the mercy of= zich op genade of ongenade aan iemand overgeven;We are thankful forsmall mercies= voor gering gunstbetoon;Mercy-seat= troon der genade; verzoendeksel.Mere,mîə, subst.grens, grenssteen; meertje.Mere,mîə, louter, bloot:He isyour mere tool= slechts uw werktuig;Merely= enkel, alléén.Meredith,merədith.Meretricious,meritrišəs, ontuchtig; verlokkend, bedriegelijk:Meretricious courage= voorgewende moed; subst.Meretriciousness.Merganser,məgansə, duikergans.Merge,mɐ̂dž, verb. indompelen, verzinken, opgaan in (into):To bemerged in= geheel opgaan in;Merger= het opgaan van eene bezitting of een recht in een ander, van eene zaak in een andere.[338]Meridian,məridj’n, subst. middag, hoogste punt, meridiaan; adj. middag …, hoogte …, hoogste:Meridian altitude= middaghoogte;Meridian of the globe= koperen meridiaan;Meridional= meridiaan …, middag, zuidelijk:Meridional distance= lengteverschil;Meridionality= zuidelijke of zuidwaartsche ligging of richting.Merino,mərînou, subst. merinoswol, merinos, merinosschaap (=Merino sheep); adj. merinos …Merit,merit, subst. uitstekendheid, waarde, voortreffelijkheid, verdienste (meest meervoud) (Merits= hoofdzaken (Jur.));Meritverb. verdienen, aanspraak hebben op, zich verdienstelijk maken:Tomake a merit of necessity= van den nood een deugd maken;The matter must rest (stand) on its own merits= moet op zich zelf worden beschouwd;You haveMerited well ofthe country= u verdienstelijk gemaakt jegens;Meritorious,meritôriəs, verdienstelijk; subst.Meritoriousness.Merivale,meriveil.Merkin,mɐ̂kin, pruik, toer; haarverf (Amer.); pompstok (van een kanon).Merle,mɐ̂l, meerle.Merlin,mɐ̂lin, steenvalk.Mermaid(en),mɐ̂meid(’n), (zee)meermin;Merman,mɐ̂m’n, triton.Merovingian,merəvindžən, Merovingisch; subst. Merovinger;Merrimac=merimak.Merriment,meriment, vroolijkheid, pret;Merry,meri, vroolijk, luidruchtig, prettig, gunstig, aangeschoten:A merry Christmas to you= ik wensch u een prettig kerstfeest;He was rather merry= lichtelijk aangeschoten;Theylive there as merry as the day is long= leven … als vroolijk Fransje;Tomake merry= pretmaken;Tomake merry witha person= in ’t ootje nemen;Merry-andrew= grappenmaker, Jan Klaassen, hansworst;Merry-dancers= het Noorderlicht (Schotl.);Merry-go-round= mallemolen;Merry-making= subst. pret, vermaken; adj. vroolijk;Merry-meeting= pret, fuif;Merrythought= borstbeen (van eene kip).Mersey,mɐ̂si,mɐ̂zi.Mesenteric,mesənterik, tot het darmscheel behoorende;Mesenteritis,mesəntəraitis, darmscheelontsteking;Mesentery,mesəntəri,mezəntəri, darmscheel.Mesh,meš, subst. maas;Meshes= netwerk, net (fig.), strik;Meshverb. verstrikken, verstrikt raken;Mesh-work= netwerk; adj.Meshy.Mesjid,mezdžid, moskee.Mesmerism,mezmərizm, mesmerisme;Mesmerist= magnetiseur;Mesmerize= magnetiseeren;Mesmerizer.Mesne,mîn, tusschenkomend:Mesne process= nevenproces;Mesne profits= de winsten van een landgoed, in den tijd dat den rechtmatigen eigenaar onwettig het bezit daarvan is onthouden.Mesopotamia,mesəpəteimjə.Mess,mes, subst. gerecht, spijs, voer, viertal, gemeenschappelijke tafel, bak (van militairen en matrozen); wanorde, verwarring, vuile boel;Messverb. gezamenlijk eten, voeren; dooreenwarren, bevuilen, bevlekken:A mess of pottage= linzenschotel:Tosell for a mess of pottage= voor een linzenkooksel (Genesis XXV, 29);Captain of a mess= bakmeester;We are four of a mess= we eten met ons vieren;Tobe in a pretty mess= er mooi uit zien (iron.); mooi in de klem zitten;Hegot himself into a mess with the suds= maakte zich vuil met het zeepsop;Toget into messeswith feminines= intriguetjes hebben met;Tomake a mess of= morsen, vuil maken, in wanorde brengen;I don’t like to be messed about= dat er zooveel drukte om me (mijne ziekte) gemaakt wordt;Tomessaboutafterother women= scharrelen met;Mess-beef= pekelvleesch;Mess-kit= eetgerei (mil.);Mess-mate= tafelgenoot, bakgast;Mess-room= kajuit voor gezamenlijke maaltijden;Mess-table;Messy= vuil, verward:Amessy toy= speelgoed, dat aanleiding geeft tot vuil maken van kleeren of tafel.Message,mesidž, boodschap:Tobear (carry, deliver) a message= overbrengen;Togo on a message= een boodschap doen;Togo messagesfor;Messenger,mes’ndžə, boodschapper, courier, bode, voorbode; kabelaring (scheepst.).Messiah,məsaiə;Messias,məsaiəs;Messianic,mesianik, Messiaansch.Messidor,mesidö, tiende maand van het republikeinsche jaar.Messieurs,mešɐ̂z, Heeren =Messrs.Mestee,mestî, kind van blanke en quadrone.Mestino,mestînou,Mestizo,mestîzou, mesties, kind van Spanjaard (of Creool) en Indiaansche vrouw.Met,met, imperf. en part. perf. vanto meet.Metal,met’l, subst. metaal, brons, compositie, spoorstaaf, grint of steengruis (voor wegen), gesmolten glas; aantal, kaliber (v. kanonnen);Metalverb. een weg metmetalbedekken:The trainwent off the metals= derailleerde;Metallic,mətalik, metalen:Metallic pen= stalen pen;Metallic vein= metaalader;Metalliferous= metaal bevattend;Metalliform,məteliföm, metaalachtig;Metalline,metəl(a)in:Metaline water= mineraalwater;Metallist= metaalwerker:Gold metallist= voorstander van den gouden standaard;Metallography= wetenschap en beschrijving der metalen;Metalloid,metəlôid, metalloïde;Metallurgy,metəlɐ̂dži, metallurgie.Metamorphic,metəmöfik, metamorphisch; subst.Metamorphism;Metamorphoseverb.Metamorphize=Metamorphose,metəmöfous,metəmöfouz, metamorphoseeren;Metamorphosis= gedaanteverwisseling.Metaphor,metəfö, metaphoor;Metaphoric(al),metəforik(’l), overdrachtelijk, figuurlijk.Metaphysical,metəfizik’l, metaphysisch;Metaphysician,Metaphysicist= bespiegelend wijsgeer;Metaphysics,metəfiziks, bespiegelende wijsbegeerte.Metathesis,mətathəsis, metathesis.Metayer,məteiə, landbouwer die de helft der opbrengst als pacht betaalt.Mete,mît, subst. maat; grens (=Metes);Meteverb. meten, toemeten:Full justice wasmeted out tohim= hij kreeg geheel wat hem toekwam;The treatment,meted out to[339]him= hem ten deel gevallen;To applythe vulgar mete-yard to= een nuchteren maatstaf aanleggen.Metempsychosis,mətempsikousis, zielsverhuizing.Meteor,mîtjə, verheveling, meteoor;Meteoric,mîtiorik, meteoor …:Meteoric shower= groote menigte vallende sterren;Meteoric stone=Meteorite,mîtiərait=Meteorolite,mîtiərəlait;Meteorologic(al),mîtiərəlodžik(’l), meteorologisch;Meteorologist= weerkundige;Meteorology= weerkunde.Meter,mîtə, meter:Dry meter, Wet meter= drooge, natte meter;Toexamine the meter= gasmeter opnemen;Meterage,mîtəridž, meting, meetloon.Metheglin,mətheglin, mede (drank).Methinks,mithiŋks, mij dunkt.Method,methəd, methode, stelsel, proces;Methodical,məthodik’l, methodisch;Methodics,məthodiks, methodiek;Methodism= de leer derMethodists=aanhangers van de door John Wesley in Oxford gestichte secte (1729):Methodistic(al), methodistisch; streng methodisch;Methodize= stelselmatig behandelen, methodisch rangschikken;Methodizer;Methodology= (verhandeling over) methodiek.Methought,mithôt, mij docht.Methuen,məth(j)ûən,methuən;Methuselah,məthjûzələ.Methyl,methil, methyl.Meticulous,mətîkjuləs, bang, vreesachtig.Metonic-Cycle,mitoniksailk’l, maancirkel (19 jaar).Metonymic(al),metənimik(’l), metonymisch;Metonymy,mətonimi, metonymia.Metre,mîtə, dichtmaat, versregel; meter (= 39.37 inches);Metric,metrik, metriek; metrisch =Metrical,metrik’l.Metrograph,metrəgraf, instrument aan een locomotief, dat de snelheid van den trein, met den duur en het aantal malen “stoppen” aanwijst.Metronome,metrənoum, metronoom;Metronomy= het meten der maat (muz.).Metropolis,mətropəlis, zetel van een aartsbisschop, hoofdstad; Londen;Metropolitan,metrəpolit’n, subst. aartsbisschop; adj. aartsbisschoppelijk, tot een metropolis (tot Londen) behoorend:Metropolis Board of Works= Londensche bouwraad.Mettle,met’l, (grond)stof, wezen, natuur, geest, vuur, ijver, moed:A manof mettle= voortvarend, van stavast;A horseof much mettle= vurig paard;Mettle of youth= jeugdig vuur;Toput a person on (to) his mettle= iemand aanzetten (aanleiding geven) al zijne krachten in te spannen;Totry a person’s mettle= alles vergen van iemands krachten;Mettled=Mettlesome= vurig; subst.Mettlesomeness.Meuse,mjûz, Maas.Mew,mjû, subst. zeemeeuw; ruikooi (vooral voor valken); schuilplaats; gemiauw:Mews= stal(len); nauwe straat achter groote huizen waarop de stallen uitkomen;Mewverb. opsluiten; ruien, verharen; vernieuwen; miauwen:Tomew the feathers.Mewl,mjûl, schreeuwen, drenzen (van kinderen);Mewler= schreeuwleelijk.Mexican,meksik’n, subst. en adj. Mexicaan(sch);Mexico,meksikou.Mezzo,medzə;Mezzo soprano= tweede sopraan;Mezzotint(o)= mezzotint.Mho,mou, Ohm (electr.).Miaow,miau, miaauw!Miasm(a),maiazm(a), (Meerv.Miasmata), miasma;Miasmatic(al)= miasmen bevattend:Miasmatic fever= malaria.Miaul,miôl,miaul, miauwen.Mica,maikə, mica;Micaceous,maikeišəs, van of als mica, mica …Micah,maika;Micawber,mikôbə.Mice,mais, meervoud vanmouse.Michael,maik’l;Michaelmas,mik’lmas, St. Michiel (29 Sept.); herfst:Michael-term= zittingstermijn (vroeger van 2–25 Nov.;thans van 24 Oct.–21 Dec.=Michael Sittings); cursus van 1 Oct.–16 Dec. (Cambr.); 10 Oct.–17 Dec. (Oxf.).Mich(e),mitš, zich verbergen, rondsluipen, de school verzuimen;Micher.Michigan,mišigən.Mickle,mik’l, veel, groot; ook subst.:Many a little makes a mickle= veel kleintjes maken een groote.Microbe,maikroub, microbe; adj.Microbic.Microcosm,maikrəkozm, de wereld in ’t klein, de mensch; adj.Microcosmic(al),maikrəkozmik(’l).Micrometer,maikromətə, micrometer; adj.Micrometric(al); subst.Micrometry.Micron,maikron, micron.Micronesia,maikrənîziə, Micronesië.Microphone,maikrəfoun, microphoon.Microscope,maikrəskoup, microscoop; adj.Microscopic(al);Microscopist,maikrəskoupist,maikroskəpist= iemand, die met den microscoop werkt;Microscopy,maikrəskoupi,maikroskəpi= microscopie.Mid,mid, subst. midden …; en verk. v.midshipman:Mid-air= tusschen hemel en aarde;Midday= middag, subst. en adj.;Midland= (in het) binnenland:The Midlands= midden Engeland;The Midland railway= de centraalspoor;Mid Lent= het midden van de vasten;Midmost= middelste;Midnight, subst. middernacht(elijk):Heburns the midnight oil= werkt tot diep in den nacht;Midriff= middenrif;MidshipmanofMidshipmite(schertsend) = adelborst (v. het oudste jaar);Mid-ships= midscheeps;Midstream= midden van de stroom;Midsummer= hartje v. d. zomer (21 Juni):Midsummer-day= St. Jan (24 Juni);Midsummer-eve= 23 Juni;Midway, subst. middenweg; adj. midden op den weg, halverwege;Midwinter= het hartje van den winter (21 December);Middy=Midshipman;Midst= midden:In the midst of.Midden,mid’n, mesthoop.Middle,mid’l, subst. het midden, middel (van het lichaam), tusschentijd, tijdschriftartikel; adj. midden, middelst, tusschen beiden, middelmatig:A clever middlefor an evening paper;Middle Ages= Middeleeuwen;Middle course= middenweg;Middle English= ’t Engelsch van ± 1150–1500;Middle finger;Above, Under (the) middle height;Middle life[340]= middenstand;Middle term= middenterm;Barely inmiddle-age= van middelbaren leeftijd;Middle-aged people= menschen van middelbaren leeftijd;Middle-class= burgerklasse;Upper middle-classes= deftige burgerstand;Middle-class school= Burgerschool;Middleman= agent, tusschenpersoon;Middlemost= middenste;Middle-sized.Middleburgh,mid’lbɐ̂g.Middling,midliŋ, middelmatig, redelijk;Middlings= met zemelen vermengd meel (veevoeder).Midge,midž, mug; dwerg =Midget.Midwife,midwaif, subst. vroedvrouw;Midwifeverb. verlosk. bijstand verleenen;Midwifery,midw(a)ifri, verloskunde:Professor of midwifery.Mien,mîn, uitzicht, gelaat, voorkomen, houding.Miff,mif, verdrietig, droevig;Miffverb. verdrietig zijn.Might,mait, imperf. vanmay:As best he might= zoo goed en zoo kwaad hij kon;He weptand well he might= en daar had hij wel reden voor.Might,mait, macht, kracht:With might and main= uit alle macht;Might is above right (Might overcomes right)= macht gaat boven recht;Mightiness= grootheid, vermogen; hoogheid:Their High Mightinesses= Hunne Hoogmogenden;Mighty= machtig, groot, sterk:A mighty swell= een groote banjer.Mignonette,minjənet, reseda.Migrant,maigr’nt, subst. zwerver, trekvogel; adj. trekkend, verhuizend, nomadisch =Migratory:Migratory birds= trekvogels;Migratory life;Migrate,maigreit, verhuizen of trekken naar een ander land; subst.Migration.Mikado,mikâdou, keizer van Japan.Mike,maik.Milan,milən,milan, Milaan;Milanese,milənîz,milənîs, Milanees, Milaneesch.Milch,milš, melkgevend:Milch cow= melkkoe (ookfig.); Milchy = melkgevend.Mild,maild, zacht, zachtaardig, vriendelijk; licht:Mild ale= licht bier;A mild answer= vriendelijk antwoord;Mildand strongcigars;With mild pique= eenigszins gepiqueerd;Amild pun= flauwe;The dog isas mild as milk= doodgoed;Mild-spirited (Mild-tempered)= zachtaardig;Mild-spoken= vriendelijk;Toput it mildly= om het zacht te zeggen; subst.Mildness.Mildew,mildjû, subst. meeldauw, schimmel;Mildewverb. beschimmelen, met meeldauw bedekt worden;Mildewy= bedorven, beschimmeld.Mile,mail, mijl (1609 meter);Mile-mark(Mile-post)= mijlpaal;Milestone= mijlsteen:I havepassed some black milestones= heb het vaak hard te verduren gehad;Mileage,mailidž, afstand inmiles; uitgaven per mijl; reiskosten per mijl;A ten miler= een marsch van 10 mijl.Miles,mailz;Milesian,m(a)ilîž’n, inwoner van Milete; Ier; adj. van Milete, Iersch.Milfoil,milfôil, gemeen duizendblad.Miliary,miliəri, gierst, gierstvormig, korrelig.Militancy,milit’nsi, oorlog(stoestand);Militant= vechtend, strijdlustig:The Church militant.Militarism,militərizm, oorlogsgeest, oorlogspolitiek, militairisme.Military,militəri, adj. krijgs …, krijgshaftig; subst. mv. militairen:Military Academy;Military chest= oorlogskas;Military code;He isa military man= militair;I amnot a military man= anti-militair;Military officer= officier van de landmacht;Military school;Military service;Military stores= krijgsvoorraad.Militate,militeit, (metagainst,from) = vijandig staan tegenover, strijden tegen.Militia,milišə, militie, die zonder eigen toestemming niet buitenslands diende (nu vervangen door de “Special Reserve”):Thelandand themarine militia;Toserve in the militia;Militiaman.Milk,milk, subst. melk, zog, sap;Milkverb. melken, melk geven:There’s no help for (It’s no use crying over) spilt milk= gedane zaken nemen geen keer;Totake in with the mother’s milk;Tomilk the pigeon= monnikenwerk doen;Tomilk the wires= onrechtmatig vreemde telegrammen aflezen; zich een deel van een electr. stroom toeeigenen;Milk-and-water(y)= melk en water …, flauw, sentimenteel;Milk-can;Milk-cure;Milk-farm;Milk-fever= zogkoorts;Milk-gauge= galactometer;Milk-glass= melkglas;Milk-jug;Milk-livered= laf;Milkmaid;Milkman= melkboer;Milk-pail;Milk-punch= rum met melk, suiker en muskaat;Milk-sop= in melk geweekt brood; verwijfd persoontje;Milk Standard Act= wet tegen melkvervalsching;Milk-strainer= zeef;Milk-sugar;Milk-tooth= melktand;Milk-walk= wijk van één melkboer;Milk-woman;Milker= melker; melkkoe =Milking-cow;Milking-time;Milky= melkachtig:The Milky Way= melkweg.Mill,mil, molen, fabriek, spinnerij, tredmolen; vuistgevecht, rekenpenning (​1⁄10 v. een Am. cent);Millverb. malen, kartelen, vollen, walken, pletten, afranselen, doen schuimen:Thatbrings grist to your mill= dat zet zoden aan den dijk, geeft je voordeel;Togo through the mill= door ervaring leeren;He has been through the mill= hij weet er alles van;Oil mill;Saw mill;St. Stephen’s mill= het Parlement;Wind mill;Mill-brook= molenbeek;Mill-clack,Mill-clapper= molenklapper;Mill-cog= tand (molenrad);Mill-dam= molendam;Mill-hand= molenaarsknecht;fabrieksarbeider;Mill-head= water vóór den molen;Mill-owner= fabrikant;Mill-pond= molenvijver:As quiet as a mill-pond;Mill-race= molentocht;Mill-sail= molenzeil;Mill-stone= molensteen;To getbetween the upper and the nether mill-stone= tusschen hamer en aambeeld geraken;Hecan see through (into) a mill-stone= hij is scherpzinnig;Mill-tail= waterstroom uit een molen;Millwright= molenmaker;Miller= molenaar:There are many cases ofdrowning the millerin our annotated editions of standard authors= herhaaldelijk vinden we gevallen van te[341]veel commentaar in de verklarende uitgaven van onze classieken;Miller’s fee (toll)= maalgeld;Milling= het malen, kartelen (van muntranden).Millenarian,milənêriən, duizendjarig, wat tot het duizendjarig rijk behoort; subst. geloover in de komst van het duizendjarig rijk;Millenarianism= de leer derMillenarians;Millenary,milənəri, duizendjarig; subst.millennium:The millenarian of King Alfred= de duizendste jaardag;Millennial,milenj’l, duizendjarig;Millennium,milenj’m, het duizendjarig rijk, de tijd van den Wereldvrede.Milleped,miliped,Millipede,milipîd, duizendpoot, pissebed (oproller, varkentje).Millerism,milərizm, leer v. William Miller (1782–1849);Millerist,Millerite,milərait, volgeling van Miller, die de onmiddellijke komst en heerschappij van Jezus verwachtte.Millesimal,milesiməl, duizendste deel.Millet,milət, gierst.Milliard,miljəd, duizend millioen.Milligram(me),miligram;Millimetre,Millimeter,milimîtə,milimitə.Milliner,milinə, modemaakster, dameskleermaker;Millinery= (zaak in) modeartikelen; kostuumnaaien.Million,milj’n, millioen:Two thousand millions of money;The million= de groote hoop, het groote publiek;Millionaire,milj’nêə, millionair;Millionary= uit millioenen bestaande;Millionth= millioenste.Millocrats,miləkrats, rijke fabrikanten.Milnes,milz;Milo,mailou.Milreis,milrîs, Portug. munt (±ƒ2,70).Milsey,milsi, melkzeef.Milt,milt, subst. milt, horn (van visschen);Miltverb. bevruchten, kuit schieten;Milter= hommer.Miltiades,miltaiədîz;Milwaukee,milwôki.Mime,maim, subst. mime, gebarenspel (bij Grieken en Romeinen), gebarenspeler;Mimeverb. spelen;We cannot bedeck our inner selves, andmake them mimeas the occasion pleases= kunnen ons innerlijk niet optooien, en het, al naar de gelegenheid het verlangt, eene rol doen spelen;Mimetic(al),m(a)imetik(’l), nabootsend;Mimic,mimik, nabootsend, nagebootst; subst. nabootser, mime;Mimicverb. nabootsen:Mimic warfare= spiegelgevecht, manoeuvres;Mimicker= nabootser;Mimicry= grappige nabootsing, aanpassing aan de omgeving ter eigen beveiliging (van dieren).Mimosa,m(a)imousə, mimosa.Mimsey,mimzi, maatje.Minaret,minəret, minaret.Minatory,minətəri, dreigend.Mince,mins, fijn hakken, bewimpelen, gemaakt spreken of loopen (met kleine pasjes):He doesn’t mince matters= neemt geen blaadje voor zijn mond;She minces her words= spreekt erg gemaakt;Tomince one’s steps= trippelen;Mince-meat= fijngehakt, met rozijnen, appelmoes,citroensap, vet, rum, etc., dooreengemengd vleesch voor pasteitjes:Tocut into mince(Tomake mince of) = in de pan hakken (milit.);Mince-pie= eene metMince-meatgevulde pastei;Mincer= hakmachine; geaffecteerd persoon;Mincingly= geaffecteerd, vergoelijkend.Mind,maind, subst. gemoed, geest, ziel, neiging, herinnering, zorg, meening;Mindverb. letten op, behartigen, bezwaren hebben, bedenken, van zins zijn:Absence of mind= verstrooidheid;Presence of mind= tegenwoordigheid van geest;Tobe in one’s right mind= bij zijn volle verstand zijn;Tobe of one mind= eenstemmig zijn;Tobe in two (several) minds= weifelen;Tobe out of one’s mind (of unsettled mind)= niet recht bij zijn verstand zijn;Tobear in mind= bedenken;Tobring (call) to mind= te binnen roepen, zich herinneren;Itcame into my mind= de gedachte kwam bij mij op;Tocross (enter) one’s mind= te binnen schieten;Tofeel in half a mind= half van plan (geneigd) zijn;Tohave a great mind= veel lust hebben;Tohave no mind= geen lust hebben;Tohave all the mind in the world= allemachtig veel trek hebben;Tokeep in mind of= herinneren aan;He does notknow his own mind= weet zelf niet wat hij wil;Tomake up one’s mind= besluiten;Make up your mind for it= bereid er je op voor;I willput you in mind ofit= je er aan herinneren;He hasset his mind uponit= zijn zinnen er opgezet;Speak your mind= zeg wat je op het hart ligt, spreek ronduit;Out of sight, out of mind= uit het oog, uit het hart;The house has stood theretime out of mind= sedert onheugelijke tijden;To my mind= naar mijn meening;So many men so many minds= zooveel hoofden, zooveel zinnen;Mind you!= denk er om!Never mind= het kan niet schelen;Mind your own business= bemoei je met je eigen zaken;Tomind a child= passen op;Tomind the door= om de deur denken, op het huis passen;Mind your head-ache= denk om je hoofdpijn;I should not mind goingthere now= zou er nu wel heen willen;Mind your P’s and Q’s= pas op je tellen;Mind-reading= gedachtenlezen;Mind-wandering= ijlen;Minded= geneigd, gezind:He was mindedto end the matter= van plan;If you are (so) minded= als ge er zin in hebt;Mindful= opmerkzaam, voorzichtig, gedachtig:BeMindful ofyour health= denk om; subst.Mindfulness;Mindless of everything= op (om) niets lettende (denkende).Mine,main, van mij:This book is mine;A friend of mine= een mijner vrienden;Mine host= de waard.Mine,main, subst. mijn, rijke bron;Mineverb. ondermijnen (ookfig.); uitgraven, graven naar:A gold mine;Mine-captain= mijnopzichter;Miner= mijnwerker, mineur.Mineral,minər’l, subst. delfstof; adj. delfstoffelijk, mineraal:Mineral kingdom= delfstoffenrijk;Mineral oil;Mineral salt= mineraalzout;Mineral spring;Mineral waters= minerale bronnen of wateren;Mineralization, subst. v.Mineralize= versteenen, mineraliseeren;Mineralogic,minərəlodžik; mineralogisch;Mineralogist,minəralədžist,[342]delfstofkundige;Mineralogy,minəralədži, mineralogie.Minerva,minɐ̂və, Minerva:Minerva press= een vroegere drukkerij in Londen; de sentimenteele romans daar gedrukt.Minever, Miniver,minivə, Siberisch eekhorentje, het bont daarvan.Mingle,miŋg’l, vermengen, zich vermengen (onder), versmelten.Miniature,minitj(u)ə, subst. miniatuur(portret); adj. verkleind, op kleine schaal:Miniature painter.Minibus,minibɐs, een soort wagen voor 4 personen.Minify,minifai, verkleinen; geringschatten.Minikin,minikin, zeer klein, geaffecteerd; subst. kleine speld; lieveling.Minim,minim, zeer klein; subst. dwerg, kort gedicht; ± 65 m.Gram; halve noot;Minims= de strenge orde der Miniemen;Minimal, minimaal;Minimization, subst. v.Minimize= verkleinen, verbloemen:Let us notminimize the dangerof our situation;Minimum= minimum.Mining,mainiŋ, subst. mijnbouw; adj. mijn …:Mining-academy;Mining-shares (Mining-stocks)= mijn waarden.Minion,minj’n, subst. slaafsch volgeling, gunsteling, lichtekooi:Minions of the moon= roovers, dieven.Minister,ministə, subst. (staats)dienaar, minister, gezant; werktuig (fig.); predikant (bij dedissenters);Ministerverb. voorzien van, verschaffen, toedienen, besturen, ministreeren, oppassen, behulpzaam zijn, geneesmiddelen geven:Minister of the Colonies;Minister of Finance;Minister of Foreign Affairs;Minister of the Interior= M. van Binn. Zaken;Minister of War;Prime Minister= minister-president;Heministered tome in those days= verzorgde mij;Ministerial,ministîriəl, dienend, gehoorzamend; ministerieel;Ministerialist= regeeringsgezinde;Ministrant, dienend; subst. dienaar;Ministration= dienstverrichting, bestuur, geestelijke bijstand of ambt:The prisoner was offered his ministrant= den gevangene bood men geestelijken bijstand aan;Ministry= ministerie, dienst, geestelijke functiën.Minium,minj’m, roode menie.Mink,miŋk, vison, soort v. Amer. wezel; pels daarvan.Minnow,minou, soort witvisch, voorntje, stekelbaarsje.Minor,mainə, kleiner, geringer, jonger, klein, gering; subst. minderjarige, mineur, minor, (term van een syllogisme):Minor key= mineur (muz.);Minor poets;Minor premiss, deze bevat denMinor term= het subject v. de conclusie;Minor third= kleine terts;Asia Minor= Klein-Azië;Minorite,mainərait, Franciskaner;Minority,m(a)inoriti, minderheid, minderjarigheid.Minorca,minökə;Minos,mainəs;Minotaur,minətö.Minster,minstə, hoofdkerk, kloosterkerk.Minstrel,minstr’l, minstreel; negerzanger (=Negro minstrel);Minstrelsy= de kunst v. d. minstreel, balladenverzameling.Mint,mint, munt, groote hoeveelheid; munt (plant);Mintverb. munten, slaan, smeden:Master of the mint= muntmeester;Amint of money= een “bom” duiten;The mint and cumminof literature= de nietige dingen of kleinigheden in de letteren (ZieMatth. XXIII, 23);Mint-drops= pepermuntjes;Mint-julep= Amer. drank van suiker, spiritualiën en kruizemunt in gestampt ijs;Mint-sauce= kruizemuntsaus;Mintage,mintidž, het gemunte, muntrecht.Minuend,minjuənd, aftrektal.Minuet,minjuət, menuet:Tostep (walk) a minuet= een menuet dansen.Minus,mainəs, minder dan, onder nul, met uitzondering van, waardeloos.Minuscule,minɐskjûl, klein, gering; subst. kleine letter.Minute,minit, subst. minuut, memorandum, concept, notulen, protocol (=Minutes); ook adj.;Minuteverb. aanteekeningen maken, do minuten of notulen schrijven van:Tokeep the minutes;Minute-book= klad- of notulenboek;Minute-glass= zandglas (van ééne minuut duur);Minute-gun= minuutschot;Minute-hand= minuutwijzer.Minute,minjût, zeer klein, gering, precies, omstandig; subst.Minuteness;Minutiae,minjûšiî, kleinigheden, bijzonderheden.Minx,miŋks, brutale meid.Miracle,mirək’l, wonder, mirakel:To a miracle= wonderbaarlijk;Towork miracles= doen;Faith works miracles;Miracle-play= mysteriespel;Miraculous,mirakjəlɐs, wonderdadig, wonderbaarlijk, wonder..; subst.Miraculousness.Mirage,mirâž, luchtspiegeling, waan.Mire,maiə, subst. slijk, modder;Mireverb. bemodderen, in den modder zakken of zitten, in ongelegenheid brengen:Tobe in the mire= in den klem zitten;Todrag into the mire= door het slijk halen (fig.);Mire-crow= kap- of kokmeeuw;Miriness= modderigheid.Mirror,mirə, subst. spiegel, toonbeeld;Mirrorverb. terugkaatsen:Dutch mirrors= spionnetjes;Halls of mirrors= spiegelzalen.Mirth,mɐ̂th, vroolijkheid, opgewektheid; adj.Mirthful; subst.Mirthfulness.Miry,mairi, modderig.Mirza,mɐ̂zə, Perzische eeretitel; vorst.Misadventure,misədventjə, ongeluk, tegenspoed; adj.Misadventurous.Misalliance,miselaiəns, huwelijk beneden iemands stand;Misallied,misəlaid, verkeerd vereenigd.Misanthrope,misənthroup, menschenhater; adj.Misanthropic(al),misənthropik(’l);Misanthropist,misanthrəpist, menschenhater;Misanthropy,misanthrəpi, menschenhaat.Misapplication,misaplikeiš’n, subst. v.Misapply,misəplai, verkeerd toepassen.Misappreciate,misəprîšieit, onderschatten; subst.Misappreciation.Misapprehend,misaprihend, misverstaan, verkeerd begrijpen; subst.Misapprehension.Misappropriate,misəprouprieit, zich onwettig toeëigenen; subst.Misappropriation.Misarrange,misəreinž, verkeerd rangschikken; subst.Misarrangement.[343]Misbecome,misbikɐm, ongepast zijn voor, slecht passen bij;Misbecoming= ongepast, onvoegzaam.Misbefitting,misbifitiŋ, onvoegzaam.Misbegotten,misbigot’n, onecht, slecht.Misbehave,misbiheiv, zich misdragen(oneself);Misbehaviour,misbiheivjə, wangedrag.Misbelief,misbilîf, ongeloof, dwaalleer;Misbelieve= dwalen, ten onrechte gelooven;Misbeliever= ongeloovige.Miscalculate,miskalkjuleit, misrekenen; verkeerd uitrekenen; subst.Miscalculation.Miscall,miskôl, verkeerdelijk noemen.Miscarriage,miskaridž, mislukking, verloren gaan, wangedrag, miskraam:A gross miscarriage of justice= grove rechterl. dwaling;Miscarry,miskari, verloren gaan (v. brieven), mislukken,een miskraam krijgen:He miscarries ofpuns every minute= hij zegt om den haverklap te onrechter tijd woordspelingen.Miscast,miskâst, subst. misrekening;Miscastverb. misrekenen, verkeerd berekenen.Miscegenation,misədžəneiš’n, rassenvermenging.Miscellanea,misəleinjə, allerlei;Miscellaneous= gemengd, door elkaar, verscheiden; subst.Miscellaneousness;Miscellanist,misələnist, schrijver van mengelwerk;Miscellany,miseləni, mengeling, mengelwerk.Mischance,mistšâns, subst. ongeluk, ramp;Mischanceverb. ongelukkig gebeuren.Mischief,mistšif, onheil, ongeluk, kwaad, ondeugendheid, onrecht, schade, nadeel:The boys are never out of mischief= voeren altijd wat uit;He is bent on mischief= hij voert wat in zijn schild;Out of pure mischief= uit moedwil;Todo mischief= ondeugend zijn;Toget into mischief= kattekwaad uitvoeren;Tolead into mischief= verleiden tot kwaad doen;Tomake mischief= onheil stichten;Hemeans mischief= voert wat in het schild;There will be the mischief to pay= dan heb je de poppen aan ’t dansen;What the mischiefis your little game= wat duivel voer jij in ’t schild?Like the very mischief= als dol;He is amischief-maker= onheilstoker, tweedrachtstichter;Amischief-making fellow= kwaadstichter, onheilstoker;Mischievous,mistšivɐs, boos(aardig), schadelijk, moedwillig, noodlottig, ondeugend; subst.Mischievousness.Miscible,misib’l, vermengbaar.Miscite,mis-sait, verkeerdelijk aanvoeren of aanhalen.Miscomprehend,miskomprəhend,Misconceive,misk’nsîv, verkeerd begrijpen of beoordeelen;Misconception= verkeerde opvatting, wanbegrip, dwaling.

Melt,melt, smelten,wegsmelten, week worden, verteederen, roeren; ook subst.:All the spoons were melted down= gesmolten;Tomelt into tears;Melter= metaalsmelter, smeltoven;Melting heat= zwoele hitte;Melting sorrow= zielsroerende smart;Melting-furnace;Melting-point;Melting-pot= smeltkroes;Meltingness= weekheid (fig.).

Member,membə, lid, deel, lidmaat, afgevaardigde:Member of Parliament(=M. P.) = lid van het House of Commons;Membered= geleed;Membership= lidmaatschap, ledental.

Membrane,membrein, vlies, perkament:Mucous membrane= slijmvlies;Membranous,membrənɐs, vliezig.

Memento,mimentou, herinnering, gedenkteeken:Memento mori(môrai) = gedenk te sterven.

Memoir,memwö, gedenkschrift, verhandeling:Memoirs=Memorabilia.

Memorability,memərəbiliti, subst. v.Memorable,memərəb’l, merkwaardig, gedenkwaardig; subst.Memorableness.

Memorandum,memərand’m, memorandum, aanteekening, memorie;Memorandum-book= memoriaal.

Memorial,məmôriəl, gedenk …, gedachtenis …; subst. nota, memorie, necrologie, gedenkteeken (-feest):Memorial Day= gedenkdag ter eere der in den burgeroorlog (1861–65) gevallen strijders (Amer.);Memorialist= schrijver van mémoires, indiener van een[337]nota;Memorialize,məmôriəlaiz, een memorie indienen; herdenken:The municipalitiesmemorialized to the queen= dienden een verzoekschrift in bij.

Memorize,meməraiz, in het geheugen bewaren, uit het hoofd leeren;Memory,meməri, geheugen, gedachtenis, gedenkteeken:Her memory fails her a bitnow and then= laat haar wat in den steek;In memory of= ter gedachtenis aan;Within the memory of man=Within living memory= sedert menschenheugenis;Tocall to memory= zich herinneren;Toquote from memory.

Memphis,memfis;Memphian:Memphian darkness= Egyptische duisternis.

Men,men, mv. v.Man:Men-folk= manvolk;Men-pleaser= oogendienaar.

Menace,menis, subst. bedreiging;Menaceverb. (be)dreigen;Menacer.

Menad,mînad, Bacchante.

Menagerie,Menagery,mənadžəri, beestenspel.

Mend,mend, subst. verbetering, reparatie;Mendverb. beter worden, verbeteren, repareeren, verhoogen, vermeerderen:On the mend= aan de beterhand;Tomend one’s efforts= verdubbelen;Tomend the fire= wat bij het vuur doen;Tomend one’s life (ways)= zich beteren;Tomend one’s pace= aanstappen;Tomend stockings= kousen stoppen;Theprices have mended= zijn omhoog gegaan;Mender;Mending:Acard of mending= kaart stopgaren;A lapful ofmending= verstelwerk;Mending-basket;My boots want mending= moeten gerepareerd worden.

Mendacious,mendeišəs, leugenachtig, valsch;Mendacity,mendasiti, leugen, leugenachtigheid.

Mendicancy,mendik’nsi, bedelarij, armoede;Mendicant= bedelend, bedel - -; bedelaar; bedelmonnik =Mendicant friar;Mendicity= armoede, bedelarij, bedelstaf.

Menial,mînj’l, dienst - -, huis - -, slaafsch, vuil, gemeen; subst. huisbediende, asschepoester.

Meningitis,menindžaitis, hersenvlies ontsteking.

Mennonist,menənist,Mennonite,menənait, Doopsgezinde.

Menses,mensîz, menstruatie;Menstrual= maandelijksch:Menses flow,Menses flux;Menstruate= menstrueeren; subst.Menstruation.

Mensurability,mensiurəbiliti, meetbaarheid; adj.Mensurable; subst.Mensurableness;Mensuration= meting.

Mental,ment’l, ziels …, geestes …:Mental arithmetic= hoofdrekenen;Mental defectives= achterlijken;Mental deficiency= achterlijkheid;Mental faculties= geestesgaven;Mental power= geestvermogen;Mental reservation= heimelijk voorbehoud.

Menteith,mentîth.

Menthol,menthol, menthol:Menthol cone(Menthol pencil) = migrainestift.

Mention,menš’n, subst. (ver)melding;Mentionverb. vermelden, noemen, gewagen:At a mention of= bij vermelding van;Tomake (no) mention of= (geen) melding maken van;“Don’t mention it”=It is not worth mentioning= “’t Is de moeite niet”;Not to mention= om niet te spreken van;To bementioned in dispatches= eervol vermeld worden (mil.);Just mention some= noem er eens een paar;Mentionable:It is hardly mentionable= het is haast niet noemenswaard.

Mentor,mentə, mentor, adj.Mentorial.

Mentz,ments, Mainz.

Menu,mənû, spijslijst.

Mephistophelean,mefistəfəlîən, adj. v.Mephistopheles,mefistofilîz, Mephistopheles.

Mephitic,mifitik, stinkend, verpestend;Mephitis,mifaitis,Mephitism,mifaitizm,mefətizm, verpestende uitwasemingen of dampen.

Mercantile,mɐ̂k’nt(a)il, handels…, handeldrijvend; baatzuchtig:Mercantile code= wetboek van koophandel;The mercantile marine= handelsvloot;Mercantile and trade schools= handels-, en vakscholen;Mercantile town= handelsstad.

Mercator’s Chart,mɐ̂keitəztšât, zeekaart volgens de projectie van Mercator.

Mercenariness,mɐ̂sənərinəs, veilheid;Mercenary,mɐ̂sənəri, loon - -, baatzuchtig, inhalig, veil; subst. huurling:Mercenary marriage= huwelijk om geld;Mercenary troops= huurtroepen.

Mercer,mɐ̂sə, zijdekoopman, manufacturier;Mercery= manufactuurzaak, (handel in) manufacturen of zijde.

Merchandise,mɐ̂tš’ndaiz, koopwaar.

Merchant,mɐ̂tš’nt, subst. koopman, groothandelaar; adj. handels - -, koopmans - -:Merchant-fleet= koopvaardijvloot;Merchantman= koopvaardijschip;Merchant-service= handelsvloot, zeehandel;Merchant-tailor= marchandtailleur;Merchantable= gangbaar, willig.

Merciful,mɐ̂siful, genadig; barmhartig; subst.Mercifulness;Merciless= meedoogenloos; subst.Mercilessness.

Mercurial,məkjûriəl, Mercurius - -; vluchtig, levendig, wispelturig, kwikzilverachtig; subst.Mercuriality;Mercury,mɐ̂kjəri, Mercurius, kwikzilver.

Mercy,mɐ̂si, genade, barmhartigheid, vergeving:To beat the mercy of= overgeleverd aan de genade van;It was a mercy,he did not prosecute him= hij mocht van geluk spreken, dat..; Vergel.Lord, have mercy upon us= Heer, wees ons genadig;Tobeg (cry) for mercy= om genade smeeken;Tothrow oneself on the mercy of= zich op genade of ongenade aan iemand overgeven;We are thankful forsmall mercies= voor gering gunstbetoon;Mercy-seat= troon der genade; verzoendeksel.

Mere,mîə, subst.grens, grenssteen; meertje.

Mere,mîə, louter, bloot:He isyour mere tool= slechts uw werktuig;Merely= enkel, alléén.

Meredith,merədith.

Meretricious,meritrišəs, ontuchtig; verlokkend, bedriegelijk:Meretricious courage= voorgewende moed; subst.Meretriciousness.

Merganser,məgansə, duikergans.

Merge,mɐ̂dž, verb. indompelen, verzinken, opgaan in (into):To bemerged in= geheel opgaan in;Merger= het opgaan van eene bezitting of een recht in een ander, van eene zaak in een andere.[338]

Meridian,məridj’n, subst. middag, hoogste punt, meridiaan; adj. middag …, hoogte …, hoogste:Meridian altitude= middaghoogte;Meridian of the globe= koperen meridiaan;Meridional= meridiaan …, middag, zuidelijk:Meridional distance= lengteverschil;Meridionality= zuidelijke of zuidwaartsche ligging of richting.

Merino,mərînou, subst. merinoswol, merinos, merinosschaap (=Merino sheep); adj. merinos …

Merit,merit, subst. uitstekendheid, waarde, voortreffelijkheid, verdienste (meest meervoud) (Merits= hoofdzaken (Jur.));Meritverb. verdienen, aanspraak hebben op, zich verdienstelijk maken:Tomake a merit of necessity= van den nood een deugd maken;The matter must rest (stand) on its own merits= moet op zich zelf worden beschouwd;You haveMerited well ofthe country= u verdienstelijk gemaakt jegens;Meritorious,meritôriəs, verdienstelijk; subst.Meritoriousness.

Merivale,meriveil.

Merkin,mɐ̂kin, pruik, toer; haarverf (Amer.); pompstok (van een kanon).

Merle,mɐ̂l, meerle.

Merlin,mɐ̂lin, steenvalk.

Mermaid(en),mɐ̂meid(’n), (zee)meermin;Merman,mɐ̂m’n, triton.

Merovingian,merəvindžən, Merovingisch; subst. Merovinger;Merrimac=merimak.

Merriment,meriment, vroolijkheid, pret;Merry,meri, vroolijk, luidruchtig, prettig, gunstig, aangeschoten:A merry Christmas to you= ik wensch u een prettig kerstfeest;He was rather merry= lichtelijk aangeschoten;Theylive there as merry as the day is long= leven … als vroolijk Fransje;Tomake merry= pretmaken;Tomake merry witha person= in ’t ootje nemen;Merry-andrew= grappenmaker, Jan Klaassen, hansworst;Merry-dancers= het Noorderlicht (Schotl.);Merry-go-round= mallemolen;Merry-making= subst. pret, vermaken; adj. vroolijk;Merry-meeting= pret, fuif;Merrythought= borstbeen (van eene kip).

Mersey,mɐ̂si,mɐ̂zi.

Mesenteric,mesənterik, tot het darmscheel behoorende;Mesenteritis,mesəntəraitis, darmscheelontsteking;Mesentery,mesəntəri,mezəntəri, darmscheel.

Mesh,meš, subst. maas;Meshes= netwerk, net (fig.), strik;Meshverb. verstrikken, verstrikt raken;Mesh-work= netwerk; adj.Meshy.

Mesjid,mezdžid, moskee.

Mesmerism,mezmərizm, mesmerisme;Mesmerist= magnetiseur;Mesmerize= magnetiseeren;Mesmerizer.

Mesne,mîn, tusschenkomend:Mesne process= nevenproces;Mesne profits= de winsten van een landgoed, in den tijd dat den rechtmatigen eigenaar onwettig het bezit daarvan is onthouden.

Mesopotamia,mesəpəteimjə.

Mess,mes, subst. gerecht, spijs, voer, viertal, gemeenschappelijke tafel, bak (van militairen en matrozen); wanorde, verwarring, vuile boel;Messverb. gezamenlijk eten, voeren; dooreenwarren, bevuilen, bevlekken:A mess of pottage= linzenschotel:Tosell for a mess of pottage= voor een linzenkooksel (Genesis XXV, 29);Captain of a mess= bakmeester;We are four of a mess= we eten met ons vieren;Tobe in a pretty mess= er mooi uit zien (iron.); mooi in de klem zitten;Hegot himself into a mess with the suds= maakte zich vuil met het zeepsop;Toget into messeswith feminines= intriguetjes hebben met;Tomake a mess of= morsen, vuil maken, in wanorde brengen;I don’t like to be messed about= dat er zooveel drukte om me (mijne ziekte) gemaakt wordt;Tomessaboutafterother women= scharrelen met;Mess-beef= pekelvleesch;Mess-kit= eetgerei (mil.);Mess-mate= tafelgenoot, bakgast;Mess-room= kajuit voor gezamenlijke maaltijden;Mess-table;Messy= vuil, verward:Amessy toy= speelgoed, dat aanleiding geeft tot vuil maken van kleeren of tafel.

Message,mesidž, boodschap:Tobear (carry, deliver) a message= overbrengen;Togo on a message= een boodschap doen;Togo messagesfor;Messenger,mes’ndžə, boodschapper, courier, bode, voorbode; kabelaring (scheepst.).

Messiah,məsaiə;Messias,məsaiəs;Messianic,mesianik, Messiaansch.

Messidor,mesidö, tiende maand van het republikeinsche jaar.

Messieurs,mešɐ̂z, Heeren =Messrs.

Mestee,mestî, kind van blanke en quadrone.

Mestino,mestînou,Mestizo,mestîzou, mesties, kind van Spanjaard (of Creool) en Indiaansche vrouw.

Met,met, imperf. en part. perf. vanto meet.

Metal,met’l, subst. metaal, brons, compositie, spoorstaaf, grint of steengruis (voor wegen), gesmolten glas; aantal, kaliber (v. kanonnen);Metalverb. een weg metmetalbedekken:The trainwent off the metals= derailleerde;Metallic,mətalik, metalen:Metallic pen= stalen pen;Metallic vein= metaalader;Metalliferous= metaal bevattend;Metalliform,məteliföm, metaalachtig;Metalline,metəl(a)in:Metaline water= mineraalwater;Metallist= metaalwerker:Gold metallist= voorstander van den gouden standaard;Metallography= wetenschap en beschrijving der metalen;Metalloid,metəlôid, metalloïde;Metallurgy,metəlɐ̂dži, metallurgie.

Metamorphic,metəmöfik, metamorphisch; subst.Metamorphism;Metamorphoseverb.Metamorphize=Metamorphose,metəmöfous,metəmöfouz, metamorphoseeren;Metamorphosis= gedaanteverwisseling.

Metaphor,metəfö, metaphoor;Metaphoric(al),metəforik(’l), overdrachtelijk, figuurlijk.

Metaphysical,metəfizik’l, metaphysisch;Metaphysician,Metaphysicist= bespiegelend wijsgeer;Metaphysics,metəfiziks, bespiegelende wijsbegeerte.

Metathesis,mətathəsis, metathesis.

Metayer,məteiə, landbouwer die de helft der opbrengst als pacht betaalt.

Mete,mît, subst. maat; grens (=Metes);Meteverb. meten, toemeten:Full justice wasmeted out tohim= hij kreeg geheel wat hem toekwam;The treatment,meted out to[339]him= hem ten deel gevallen;To applythe vulgar mete-yard to= een nuchteren maatstaf aanleggen.

Metempsychosis,mətempsikousis, zielsverhuizing.

Meteor,mîtjə, verheveling, meteoor;Meteoric,mîtiorik, meteoor …:Meteoric shower= groote menigte vallende sterren;Meteoric stone=Meteorite,mîtiərait=Meteorolite,mîtiərəlait;Meteorologic(al),mîtiərəlodžik(’l), meteorologisch;Meteorologist= weerkundige;Meteorology= weerkunde.

Meter,mîtə, meter:Dry meter, Wet meter= drooge, natte meter;Toexamine the meter= gasmeter opnemen;Meterage,mîtəridž, meting, meetloon.

Metheglin,mətheglin, mede (drank).

Methinks,mithiŋks, mij dunkt.

Method,methəd, methode, stelsel, proces;Methodical,məthodik’l, methodisch;Methodics,məthodiks, methodiek;Methodism= de leer derMethodists=aanhangers van de door John Wesley in Oxford gestichte secte (1729):Methodistic(al), methodistisch; streng methodisch;Methodize= stelselmatig behandelen, methodisch rangschikken;Methodizer;Methodology= (verhandeling over) methodiek.

Methought,mithôt, mij docht.

Methuen,məth(j)ûən,methuən;Methuselah,məthjûzələ.

Methyl,methil, methyl.

Meticulous,mətîkjuləs, bang, vreesachtig.

Metonic-Cycle,mitoniksailk’l, maancirkel (19 jaar).

Metonymic(al),metənimik(’l), metonymisch;Metonymy,mətonimi, metonymia.

Metre,mîtə, dichtmaat, versregel; meter (= 39.37 inches);Metric,metrik, metriek; metrisch =Metrical,metrik’l.

Metrograph,metrəgraf, instrument aan een locomotief, dat de snelheid van den trein, met den duur en het aantal malen “stoppen” aanwijst.

Metronome,metrənoum, metronoom;Metronomy= het meten der maat (muz.).

Metropolis,mətropəlis, zetel van een aartsbisschop, hoofdstad; Londen;Metropolitan,metrəpolit’n, subst. aartsbisschop; adj. aartsbisschoppelijk, tot een metropolis (tot Londen) behoorend:Metropolis Board of Works= Londensche bouwraad.

Mettle,met’l, (grond)stof, wezen, natuur, geest, vuur, ijver, moed:A manof mettle= voortvarend, van stavast;A horseof much mettle= vurig paard;Mettle of youth= jeugdig vuur;Toput a person on (to) his mettle= iemand aanzetten (aanleiding geven) al zijne krachten in te spannen;Totry a person’s mettle= alles vergen van iemands krachten;Mettled=Mettlesome= vurig; subst.Mettlesomeness.

Meuse,mjûz, Maas.

Mew,mjû, subst. zeemeeuw; ruikooi (vooral voor valken); schuilplaats; gemiauw:Mews= stal(len); nauwe straat achter groote huizen waarop de stallen uitkomen;Mewverb. opsluiten; ruien, verharen; vernieuwen; miauwen:Tomew the feathers.

Mewl,mjûl, schreeuwen, drenzen (van kinderen);Mewler= schreeuwleelijk.

Mexican,meksik’n, subst. en adj. Mexicaan(sch);Mexico,meksikou.

Mezzo,medzə;Mezzo soprano= tweede sopraan;Mezzotint(o)= mezzotint.

Mho,mou, Ohm (electr.).

Miaow,miau, miaauw!

Miasm(a),maiazm(a), (Meerv.Miasmata), miasma;Miasmatic(al)= miasmen bevattend:Miasmatic fever= malaria.

Miaul,miôl,miaul, miauwen.

Mica,maikə, mica;Micaceous,maikeišəs, van of als mica, mica …

Micah,maika;Micawber,mikôbə.

Mice,mais, meervoud vanmouse.

Michael,maik’l;Michaelmas,mik’lmas, St. Michiel (29 Sept.); herfst:Michael-term= zittingstermijn (vroeger van 2–25 Nov.;thans van 24 Oct.–21 Dec.=Michael Sittings); cursus van 1 Oct.–16 Dec. (Cambr.); 10 Oct.–17 Dec. (Oxf.).

Mich(e),mitš, zich verbergen, rondsluipen, de school verzuimen;Micher.

Michigan,mišigən.

Mickle,mik’l, veel, groot; ook subst.:Many a little makes a mickle= veel kleintjes maken een groote.

Microbe,maikroub, microbe; adj.Microbic.

Microcosm,maikrəkozm, de wereld in ’t klein, de mensch; adj.Microcosmic(al),maikrəkozmik(’l).

Micrometer,maikromətə, micrometer; adj.Micrometric(al); subst.Micrometry.

Micron,maikron, micron.

Micronesia,maikrənîziə, Micronesië.

Microphone,maikrəfoun, microphoon.

Microscope,maikrəskoup, microscoop; adj.Microscopic(al);Microscopist,maikrəskoupist,maikroskəpist= iemand, die met den microscoop werkt;Microscopy,maikrəskoupi,maikroskəpi= microscopie.

Mid,mid, subst. midden …; en verk. v.midshipman:Mid-air= tusschen hemel en aarde;Midday= middag, subst. en adj.;Midland= (in het) binnenland:The Midlands= midden Engeland;The Midland railway= de centraalspoor;Mid Lent= het midden van de vasten;Midmost= middelste;Midnight, subst. middernacht(elijk):Heburns the midnight oil= werkt tot diep in den nacht;Midriff= middenrif;MidshipmanofMidshipmite(schertsend) = adelborst (v. het oudste jaar);Mid-ships= midscheeps;Midstream= midden van de stroom;Midsummer= hartje v. d. zomer (21 Juni):Midsummer-day= St. Jan (24 Juni);Midsummer-eve= 23 Juni;Midway, subst. middenweg; adj. midden op den weg, halverwege;Midwinter= het hartje van den winter (21 December);Middy=Midshipman;Midst= midden:In the midst of.

Midden,mid’n, mesthoop.

Middle,mid’l, subst. het midden, middel (van het lichaam), tusschentijd, tijdschriftartikel; adj. midden, middelst, tusschen beiden, middelmatig:A clever middlefor an evening paper;Middle Ages= Middeleeuwen;Middle course= middenweg;Middle English= ’t Engelsch van ± 1150–1500;Middle finger;Above, Under (the) middle height;Middle life[340]= middenstand;Middle term= middenterm;Barely inmiddle-age= van middelbaren leeftijd;Middle-aged people= menschen van middelbaren leeftijd;Middle-class= burgerklasse;Upper middle-classes= deftige burgerstand;Middle-class school= Burgerschool;Middleman= agent, tusschenpersoon;Middlemost= middenste;Middle-sized.

Middleburgh,mid’lbɐ̂g.

Middling,midliŋ, middelmatig, redelijk;Middlings= met zemelen vermengd meel (veevoeder).

Midge,midž, mug; dwerg =Midget.

Midwife,midwaif, subst. vroedvrouw;Midwifeverb. verlosk. bijstand verleenen;Midwifery,midw(a)ifri, verloskunde:Professor of midwifery.

Mien,mîn, uitzicht, gelaat, voorkomen, houding.

Miff,mif, verdrietig, droevig;Miffverb. verdrietig zijn.

Might,mait, imperf. vanmay:As best he might= zoo goed en zoo kwaad hij kon;He weptand well he might= en daar had hij wel reden voor.

Might,mait, macht, kracht:With might and main= uit alle macht;Might is above right (Might overcomes right)= macht gaat boven recht;Mightiness= grootheid, vermogen; hoogheid:Their High Mightinesses= Hunne Hoogmogenden;Mighty= machtig, groot, sterk:A mighty swell= een groote banjer.

Mignonette,minjənet, reseda.

Migrant,maigr’nt, subst. zwerver, trekvogel; adj. trekkend, verhuizend, nomadisch =Migratory:Migratory birds= trekvogels;Migratory life;Migrate,maigreit, verhuizen of trekken naar een ander land; subst.Migration.

Mikado,mikâdou, keizer van Japan.

Mike,maik.

Milan,milən,milan, Milaan;Milanese,milənîz,milənîs, Milanees, Milaneesch.

Milch,milš, melkgevend:Milch cow= melkkoe (ookfig.); Milchy = melkgevend.

Mild,maild, zacht, zachtaardig, vriendelijk; licht:Mild ale= licht bier;A mild answer= vriendelijk antwoord;Mildand strongcigars;With mild pique= eenigszins gepiqueerd;Amild pun= flauwe;The dog isas mild as milk= doodgoed;Mild-spirited (Mild-tempered)= zachtaardig;Mild-spoken= vriendelijk;Toput it mildly= om het zacht te zeggen; subst.Mildness.

Mildew,mildjû, subst. meeldauw, schimmel;Mildewverb. beschimmelen, met meeldauw bedekt worden;Mildewy= bedorven, beschimmeld.

Mile,mail, mijl (1609 meter);Mile-mark(Mile-post)= mijlpaal;Milestone= mijlsteen:I havepassed some black milestones= heb het vaak hard te verduren gehad;Mileage,mailidž, afstand inmiles; uitgaven per mijl; reiskosten per mijl;A ten miler= een marsch van 10 mijl.

Miles,mailz;Milesian,m(a)ilîž’n, inwoner van Milete; Ier; adj. van Milete, Iersch.

Milfoil,milfôil, gemeen duizendblad.

Miliary,miliəri, gierst, gierstvormig, korrelig.

Militancy,milit’nsi, oorlog(stoestand);Militant= vechtend, strijdlustig:The Church militant.

Militarism,militərizm, oorlogsgeest, oorlogspolitiek, militairisme.

Military,militəri, adj. krijgs …, krijgshaftig; subst. mv. militairen:Military Academy;Military chest= oorlogskas;Military code;He isa military man= militair;I amnot a military man= anti-militair;Military officer= officier van de landmacht;Military school;Military service;Military stores= krijgsvoorraad.

Militate,militeit, (metagainst,from) = vijandig staan tegenover, strijden tegen.

Militia,milišə, militie, die zonder eigen toestemming niet buitenslands diende (nu vervangen door de “Special Reserve”):Thelandand themarine militia;Toserve in the militia;Militiaman.

Milk,milk, subst. melk, zog, sap;Milkverb. melken, melk geven:There’s no help for (It’s no use crying over) spilt milk= gedane zaken nemen geen keer;Totake in with the mother’s milk;Tomilk the pigeon= monnikenwerk doen;Tomilk the wires= onrechtmatig vreemde telegrammen aflezen; zich een deel van een electr. stroom toeeigenen;Milk-and-water(y)= melk en water …, flauw, sentimenteel;Milk-can;Milk-cure;Milk-farm;Milk-fever= zogkoorts;Milk-gauge= galactometer;Milk-glass= melkglas;Milk-jug;Milk-livered= laf;Milkmaid;Milkman= melkboer;Milk-pail;Milk-punch= rum met melk, suiker en muskaat;Milk-sop= in melk geweekt brood; verwijfd persoontje;Milk Standard Act= wet tegen melkvervalsching;Milk-strainer= zeef;Milk-sugar;Milk-tooth= melktand;Milk-walk= wijk van één melkboer;Milk-woman;Milker= melker; melkkoe =Milking-cow;Milking-time;Milky= melkachtig:The Milky Way= melkweg.

Mill,mil, molen, fabriek, spinnerij, tredmolen; vuistgevecht, rekenpenning (​1⁄10 v. een Am. cent);Millverb. malen, kartelen, vollen, walken, pletten, afranselen, doen schuimen:Thatbrings grist to your mill= dat zet zoden aan den dijk, geeft je voordeel;Togo through the mill= door ervaring leeren;He has been through the mill= hij weet er alles van;Oil mill;Saw mill;St. Stephen’s mill= het Parlement;Wind mill;Mill-brook= molenbeek;Mill-clack,Mill-clapper= molenklapper;Mill-cog= tand (molenrad);Mill-dam= molendam;Mill-hand= molenaarsknecht;fabrieksarbeider;Mill-head= water vóór den molen;Mill-owner= fabrikant;Mill-pond= molenvijver:As quiet as a mill-pond;Mill-race= molentocht;Mill-sail= molenzeil;Mill-stone= molensteen;To getbetween the upper and the nether mill-stone= tusschen hamer en aambeeld geraken;Hecan see through (into) a mill-stone= hij is scherpzinnig;Mill-tail= waterstroom uit een molen;Millwright= molenmaker;Miller= molenaar:There are many cases ofdrowning the millerin our annotated editions of standard authors= herhaaldelijk vinden we gevallen van te[341]veel commentaar in de verklarende uitgaven van onze classieken;Miller’s fee (toll)= maalgeld;Milling= het malen, kartelen (van muntranden).

Millenarian,milənêriən, duizendjarig, wat tot het duizendjarig rijk behoort; subst. geloover in de komst van het duizendjarig rijk;Millenarianism= de leer derMillenarians;Millenary,milənəri, duizendjarig; subst.millennium:The millenarian of King Alfred= de duizendste jaardag;Millennial,milenj’l, duizendjarig;Millennium,milenj’m, het duizendjarig rijk, de tijd van den Wereldvrede.

Milleped,miliped,Millipede,milipîd, duizendpoot, pissebed (oproller, varkentje).

Millerism,milərizm, leer v. William Miller (1782–1849);Millerist,Millerite,milərait, volgeling van Miller, die de onmiddellijke komst en heerschappij van Jezus verwachtte.

Millesimal,milesiməl, duizendste deel.

Millet,milət, gierst.

Milliard,miljəd, duizend millioen.

Milligram(me),miligram;Millimetre,Millimeter,milimîtə,milimitə.

Milliner,milinə, modemaakster, dameskleermaker;Millinery= (zaak in) modeartikelen; kostuumnaaien.

Million,milj’n, millioen:Two thousand millions of money;The million= de groote hoop, het groote publiek;Millionaire,milj’nêə, millionair;Millionary= uit millioenen bestaande;Millionth= millioenste.

Millocrats,miləkrats, rijke fabrikanten.

Milnes,milz;Milo,mailou.

Milreis,milrîs, Portug. munt (±ƒ2,70).

Milsey,milsi, melkzeef.

Milt,milt, subst. milt, horn (van visschen);Miltverb. bevruchten, kuit schieten;Milter= hommer.

Miltiades,miltaiədîz;Milwaukee,milwôki.

Mime,maim, subst. mime, gebarenspel (bij Grieken en Romeinen), gebarenspeler;Mimeverb. spelen;We cannot bedeck our inner selves, andmake them mimeas the occasion pleases= kunnen ons innerlijk niet optooien, en het, al naar de gelegenheid het verlangt, eene rol doen spelen;Mimetic(al),m(a)imetik(’l), nabootsend;Mimic,mimik, nabootsend, nagebootst; subst. nabootser, mime;Mimicverb. nabootsen:Mimic warfare= spiegelgevecht, manoeuvres;Mimicker= nabootser;Mimicry= grappige nabootsing, aanpassing aan de omgeving ter eigen beveiliging (van dieren).

Mimosa,m(a)imousə, mimosa.

Mimsey,mimzi, maatje.

Minaret,minəret, minaret.

Minatory,minətəri, dreigend.

Mince,mins, fijn hakken, bewimpelen, gemaakt spreken of loopen (met kleine pasjes):He doesn’t mince matters= neemt geen blaadje voor zijn mond;She minces her words= spreekt erg gemaakt;Tomince one’s steps= trippelen;Mince-meat= fijngehakt, met rozijnen, appelmoes,citroensap, vet, rum, etc., dooreengemengd vleesch voor pasteitjes:Tocut into mince(Tomake mince of) = in de pan hakken (milit.);Mince-pie= eene metMince-meatgevulde pastei;Mincer= hakmachine; geaffecteerd persoon;Mincingly= geaffecteerd, vergoelijkend.

Mind,maind, subst. gemoed, geest, ziel, neiging, herinnering, zorg, meening;Mindverb. letten op, behartigen, bezwaren hebben, bedenken, van zins zijn:Absence of mind= verstrooidheid;Presence of mind= tegenwoordigheid van geest;Tobe in one’s right mind= bij zijn volle verstand zijn;Tobe of one mind= eenstemmig zijn;Tobe in two (several) minds= weifelen;Tobe out of one’s mind (of unsettled mind)= niet recht bij zijn verstand zijn;Tobear in mind= bedenken;Tobring (call) to mind= te binnen roepen, zich herinneren;Itcame into my mind= de gedachte kwam bij mij op;Tocross (enter) one’s mind= te binnen schieten;Tofeel in half a mind= half van plan (geneigd) zijn;Tohave a great mind= veel lust hebben;Tohave no mind= geen lust hebben;Tohave all the mind in the world= allemachtig veel trek hebben;Tokeep in mind of= herinneren aan;He does notknow his own mind= weet zelf niet wat hij wil;Tomake up one’s mind= besluiten;Make up your mind for it= bereid er je op voor;I willput you in mind ofit= je er aan herinneren;He hasset his mind uponit= zijn zinnen er opgezet;Speak your mind= zeg wat je op het hart ligt, spreek ronduit;Out of sight, out of mind= uit het oog, uit het hart;The house has stood theretime out of mind= sedert onheugelijke tijden;To my mind= naar mijn meening;So many men so many minds= zooveel hoofden, zooveel zinnen;Mind you!= denk er om!Never mind= het kan niet schelen;Mind your own business= bemoei je met je eigen zaken;Tomind a child= passen op;Tomind the door= om de deur denken, op het huis passen;Mind your head-ache= denk om je hoofdpijn;I should not mind goingthere now= zou er nu wel heen willen;Mind your P’s and Q’s= pas op je tellen;Mind-reading= gedachtenlezen;Mind-wandering= ijlen;Minded= geneigd, gezind:He was mindedto end the matter= van plan;If you are (so) minded= als ge er zin in hebt;Mindful= opmerkzaam, voorzichtig, gedachtig:BeMindful ofyour health= denk om; subst.Mindfulness;Mindless of everything= op (om) niets lettende (denkende).

Mine,main, van mij:This book is mine;A friend of mine= een mijner vrienden;Mine host= de waard.

Mine,main, subst. mijn, rijke bron;Mineverb. ondermijnen (ookfig.); uitgraven, graven naar:A gold mine;Mine-captain= mijnopzichter;Miner= mijnwerker, mineur.

Mineral,minər’l, subst. delfstof; adj. delfstoffelijk, mineraal:Mineral kingdom= delfstoffenrijk;Mineral oil;Mineral salt= mineraalzout;Mineral spring;Mineral waters= minerale bronnen of wateren;Mineralization, subst. v.Mineralize= versteenen, mineraliseeren;Mineralogic,minərəlodžik; mineralogisch;Mineralogist,minəralədžist,[342]delfstofkundige;Mineralogy,minəralədži, mineralogie.

Minerva,minɐ̂və, Minerva:Minerva press= een vroegere drukkerij in Londen; de sentimenteele romans daar gedrukt.

Minever, Miniver,minivə, Siberisch eekhorentje, het bont daarvan.

Mingle,miŋg’l, vermengen, zich vermengen (onder), versmelten.

Miniature,minitj(u)ə, subst. miniatuur(portret); adj. verkleind, op kleine schaal:Miniature painter.

Minibus,minibɐs, een soort wagen voor 4 personen.

Minify,minifai, verkleinen; geringschatten.

Minikin,minikin, zeer klein, geaffecteerd; subst. kleine speld; lieveling.

Minim,minim, zeer klein; subst. dwerg, kort gedicht; ± 65 m.Gram; halve noot;Minims= de strenge orde der Miniemen;Minimal, minimaal;Minimization, subst. v.Minimize= verkleinen, verbloemen:Let us notminimize the dangerof our situation;Minimum= minimum.

Mining,mainiŋ, subst. mijnbouw; adj. mijn …:Mining-academy;Mining-shares (Mining-stocks)= mijn waarden.

Minion,minj’n, subst. slaafsch volgeling, gunsteling, lichtekooi:Minions of the moon= roovers, dieven.

Minister,ministə, subst. (staats)dienaar, minister, gezant; werktuig (fig.); predikant (bij dedissenters);Ministerverb. voorzien van, verschaffen, toedienen, besturen, ministreeren, oppassen, behulpzaam zijn, geneesmiddelen geven:Minister of the Colonies;Minister of Finance;Minister of Foreign Affairs;Minister of the Interior= M. van Binn. Zaken;Minister of War;Prime Minister= minister-president;Heministered tome in those days= verzorgde mij;Ministerial,ministîriəl, dienend, gehoorzamend; ministerieel;Ministerialist= regeeringsgezinde;Ministrant, dienend; subst. dienaar;Ministration= dienstverrichting, bestuur, geestelijke bijstand of ambt:The prisoner was offered his ministrant= den gevangene bood men geestelijken bijstand aan;Ministry= ministerie, dienst, geestelijke functiën.

Minium,minj’m, roode menie.

Mink,miŋk, vison, soort v. Amer. wezel; pels daarvan.

Minnow,minou, soort witvisch, voorntje, stekelbaarsje.

Minor,mainə, kleiner, geringer, jonger, klein, gering; subst. minderjarige, mineur, minor, (term van een syllogisme):Minor key= mineur (muz.);Minor poets;Minor premiss, deze bevat denMinor term= het subject v. de conclusie;Minor third= kleine terts;Asia Minor= Klein-Azië;Minorite,mainərait, Franciskaner;Minority,m(a)inoriti, minderheid, minderjarigheid.

Minorca,minökə;Minos,mainəs;Minotaur,minətö.

Minster,minstə, hoofdkerk, kloosterkerk.

Minstrel,minstr’l, minstreel; negerzanger (=Negro minstrel);Minstrelsy= de kunst v. d. minstreel, balladenverzameling.

Mint,mint, munt, groote hoeveelheid; munt (plant);Mintverb. munten, slaan, smeden:Master of the mint= muntmeester;Amint of money= een “bom” duiten;The mint and cumminof literature= de nietige dingen of kleinigheden in de letteren (ZieMatth. XXIII, 23);Mint-drops= pepermuntjes;Mint-julep= Amer. drank van suiker, spiritualiën en kruizemunt in gestampt ijs;Mint-sauce= kruizemuntsaus;Mintage,mintidž, het gemunte, muntrecht.

Minuend,minjuənd, aftrektal.

Minuet,minjuət, menuet:Tostep (walk) a minuet= een menuet dansen.

Minus,mainəs, minder dan, onder nul, met uitzondering van, waardeloos.

Minuscule,minɐskjûl, klein, gering; subst. kleine letter.

Minute,minit, subst. minuut, memorandum, concept, notulen, protocol (=Minutes); ook adj.;Minuteverb. aanteekeningen maken, do minuten of notulen schrijven van:Tokeep the minutes;Minute-book= klad- of notulenboek;Minute-glass= zandglas (van ééne minuut duur);Minute-gun= minuutschot;Minute-hand= minuutwijzer.

Minute,minjût, zeer klein, gering, precies, omstandig; subst.Minuteness;Minutiae,minjûšiî, kleinigheden, bijzonderheden.

Minx,miŋks, brutale meid.

Miracle,mirək’l, wonder, mirakel:To a miracle= wonderbaarlijk;Towork miracles= doen;Faith works miracles;Miracle-play= mysteriespel;Miraculous,mirakjəlɐs, wonderdadig, wonderbaarlijk, wonder..; subst.Miraculousness.

Mirage,mirâž, luchtspiegeling, waan.

Mire,maiə, subst. slijk, modder;Mireverb. bemodderen, in den modder zakken of zitten, in ongelegenheid brengen:Tobe in the mire= in den klem zitten;Todrag into the mire= door het slijk halen (fig.);Mire-crow= kap- of kokmeeuw;Miriness= modderigheid.

Mirror,mirə, subst. spiegel, toonbeeld;Mirrorverb. terugkaatsen:Dutch mirrors= spionnetjes;Halls of mirrors= spiegelzalen.

Mirth,mɐ̂th, vroolijkheid, opgewektheid; adj.Mirthful; subst.Mirthfulness.

Miry,mairi, modderig.

Mirza,mɐ̂zə, Perzische eeretitel; vorst.

Misadventure,misədventjə, ongeluk, tegenspoed; adj.Misadventurous.

Misalliance,miselaiəns, huwelijk beneden iemands stand;Misallied,misəlaid, verkeerd vereenigd.

Misanthrope,misənthroup, menschenhater; adj.Misanthropic(al),misənthropik(’l);Misanthropist,misanthrəpist, menschenhater;Misanthropy,misanthrəpi, menschenhaat.

Misapplication,misaplikeiš’n, subst. v.Misapply,misəplai, verkeerd toepassen.

Misappreciate,misəprîšieit, onderschatten; subst.Misappreciation.

Misapprehend,misaprihend, misverstaan, verkeerd begrijpen; subst.Misapprehension.

Misappropriate,misəprouprieit, zich onwettig toeëigenen; subst.Misappropriation.

Misarrange,misəreinž, verkeerd rangschikken; subst.Misarrangement.[343]

Misbecome,misbikɐm, ongepast zijn voor, slecht passen bij;Misbecoming= ongepast, onvoegzaam.

Misbefitting,misbifitiŋ, onvoegzaam.

Misbegotten,misbigot’n, onecht, slecht.

Misbehave,misbiheiv, zich misdragen(oneself);Misbehaviour,misbiheivjə, wangedrag.

Misbelief,misbilîf, ongeloof, dwaalleer;Misbelieve= dwalen, ten onrechte gelooven;Misbeliever= ongeloovige.

Miscalculate,miskalkjuleit, misrekenen; verkeerd uitrekenen; subst.Miscalculation.

Miscall,miskôl, verkeerdelijk noemen.

Miscarriage,miskaridž, mislukking, verloren gaan, wangedrag, miskraam:A gross miscarriage of justice= grove rechterl. dwaling;Miscarry,miskari, verloren gaan (v. brieven), mislukken,een miskraam krijgen:He miscarries ofpuns every minute= hij zegt om den haverklap te onrechter tijd woordspelingen.

Miscast,miskâst, subst. misrekening;Miscastverb. misrekenen, verkeerd berekenen.

Miscegenation,misədžəneiš’n, rassenvermenging.

Miscellanea,misəleinjə, allerlei;Miscellaneous= gemengd, door elkaar, verscheiden; subst.Miscellaneousness;Miscellanist,misələnist, schrijver van mengelwerk;Miscellany,miseləni, mengeling, mengelwerk.

Mischance,mistšâns, subst. ongeluk, ramp;Mischanceverb. ongelukkig gebeuren.

Mischief,mistšif, onheil, ongeluk, kwaad, ondeugendheid, onrecht, schade, nadeel:The boys are never out of mischief= voeren altijd wat uit;He is bent on mischief= hij voert wat in zijn schild;Out of pure mischief= uit moedwil;Todo mischief= ondeugend zijn;Toget into mischief= kattekwaad uitvoeren;Tolead into mischief= verleiden tot kwaad doen;Tomake mischief= onheil stichten;Hemeans mischief= voert wat in het schild;There will be the mischief to pay= dan heb je de poppen aan ’t dansen;What the mischiefis your little game= wat duivel voer jij in ’t schild?Like the very mischief= als dol;He is amischief-maker= onheilstoker, tweedrachtstichter;Amischief-making fellow= kwaadstichter, onheilstoker;Mischievous,mistšivɐs, boos(aardig), schadelijk, moedwillig, noodlottig, ondeugend; subst.Mischievousness.

Miscible,misib’l, vermengbaar.

Miscite,mis-sait, verkeerdelijk aanvoeren of aanhalen.

Miscomprehend,miskomprəhend,Misconceive,misk’nsîv, verkeerd begrijpen of beoordeelen;Misconception= verkeerde opvatting, wanbegrip, dwaling.


Back to IndexNext