Noten1.In de door Clericus bezorgde uitgave, Leiden 1703-1706, tesamen niet minder dan ruim 12000 colommen druks.2.Het inschrift in Erasmus' standbeeld te Rotterdam vermeldt 1467 als geboortejaar. Volgens zijn grafschrift te Basel stierf hij als 70-jarige, wat op 1466 wijst. Reeds Erasmus' vriend Beatus Rhenanus, die een kort levensbericht van hem schreef, zegt dat het jaar zijner geboorte niet geheel vaststaat.3.Erasmus schreef dit werk op ruim 20-jarigen leeftijd, doch gaf het ruim 30 jaren later uit. In het laatste hoofdstuk, waarin hij o.m. schrijft dat "het klooster niets baat, als iemand er goddeloos leeft, noch het monnikskleed, als men niet rekent met het witte gewaad, bij den doop gedragen", slaat hij een gansch anderen toon aan. Niet onwaarschijnlijk is dit hoofdstuk later aan de overige door Erasmus toegevoegd.4.Een rijke verzameling spreekwoorden en dergel., door Erasmus van toelichtingen voorzien; de eerste uitgave verscheen te Parijs, en omvatte ongeveer 800 spreekwoorden. Het werk, dat talrijke uitgaven beleefde, werd met nieuwe stof verrijkt door den schrijver, die naar zijn eigen getuigenis, er een "Herculeïschen arbeid" aan verricht had. Meer dan 10.000 versregels uit Homerus, Euripides e.a. dichters, metrisch in het latijn overgebracht, waren erin opgenomen, benevens tal van aanhalingen uit Plato, Demosthenes e.a. "Een menschenleven", zegt Erasmus zelf, "is bijna te kort om zooveel dichters, grammatici, oratoren, wijsgeeren, historieschrijvers, wiskundigen, godgeleerden, waarvan het lezen van de titels alleen haast zou vermoeien, te doorzoeken, te lezen, te herlezen".Dit werk van Erasmus behoort onder diegene, waardoor hij grooten invloed heeft geoefend op de verbreiding der classieke beschaving. Het is niet slechts een getuigenis aan zijne ontzaglijke belezenheid en geleerdheid, maar is ook vol van dien spot en die satyre, waarmede hij zoo gaarne de misbruiken en misstanden der R.-Kath. kerk en van de monniken geeselde.5.Niet onwaarschijnlijk is in zijn "Colloquia" de samenspraak "Vrekkige rijkdom", een, zij het dan ook te scherp gekleurde schildering van Erasmus' eigen ondervindingen. Vermakelijk is hierin de beschrijving van den, meer dan schralen, maaltijd, waarop slecht brood, kei-harde kaas, bedorven vleesch of een fragment van een broodmager kippetje met uiterst schralen wijn te genieten viel! (Vgl. "Een 12-tal samenspraken van Des. Erasmus," vertaald door N.J. Singels, uitgave "Wereldbibliotheek").6.In 1508 kwam van Manutius' pers een nieuwe druk van Erasmus' Adagia. Hij bewerkte een nieuwe uitgave van "Hecuba" en "Iphigenia in Aulis", en bezorgde een uitgave van de werken van Terentius en Plautus.7.De Lof der Zotheid verscheen nog onlangs in eene nieuwe Nederl. vertaling van wijlen Dr. J.B. Kan, uitgegeven en van korte ophelderingen voorzien door Dr. A.H. Kan, in de "Wereldbibliotheek".8.D.w.z. "zonder licht, zonder kruisbeeld, zonder God". Indien de prediker inderdaad het zóó heeft gezegd als Erasmus het hem in den mond legt, is ieder woord een bewijs van ongelooflijke onkunde van de latijnsche grammatica.9.Colloquia familiaria. De eerste, zeer weinig bevattende uitgave, verscheen in 1518; in z'n meest uitgebreiden vorm werd het werkje in 1524 uitgegeven. Sedert werd het talloos vele malen herdrukt, en ook in vertalingen gepubliceerd. Twee bloemlezingen van 12 samenspraken verschenen in de "Wereldbibliotheek".10.Toen Erasmus hoorde van von Huttens voornemen, de pen tegen hem op te vatten, ried hij hem in een particulieren brief aan, dit liever niet in het publiek te doen. Het slot van dit schrijven was een hatelijke toespeling op von Huttens berooiden toestand: "Wellicht zouden er kunnen zijn, die, vernemende in wat voor omstandigheden gij verkeert, gaan vermoeden, dat gij op deze wijze geld zoekt af te persen; het staat te vreezen, dat velen deze gissing zullen maken ten aanzien van iemand, die verbannen is, in schulden steekt, en tot de uiterste armoede is vervallen".11.Zoo schrijft hij bijv. aan Wilibald Pirkheimer (in 1526): "Mij zou het gevoelen van Oecolampadius niet mishagen, als het oordeel der kerk er niet tegen was". Het min of meer gevaarlijke van dergelijke uitlatingen, waarin hij toch weer geen vat op zich gaf, besefte hij zelf wel, blijkens zijn verzoek aan Pirkheimer, dien brief maar niet aan een ieder zonder onderscheid te laten lezen.Kenmerkend is ook een uitspraak als deze: "Hoe zwaar bij anderen de autoriteit der kerk weegt, weet ik niet; bij mij is zij van zooveel gewicht, dat ik het met de Arianen en de Pelagianen eens zou zijn, indien de kerk hunne leer had goedgekeurd".12.In zijne voorrede op de door hem bezorgde, in 1523 verschenen, uitgave der werken vanHilarius, kwamen onderscheiden opmerkingen voor over de leer der triniteit en het Arianisme, die Erasmus onder verdenking van kettersche gevoelens brachten. Ook zijne "Paraphrasen" op het N. Test. maken de beschuldiging van ketterij verklaarbaar, evenals allerlei beweringen, in de "Samenspraken" den daar optredenden personen in den mond gelegd. Hiervan kon Erasmus gemakkelijk verklaren, dat niet hij, maar de daar sprekend ingevoerde personen de verdedigers waren van afwijkende gevoelens.13.Meer dan eens treft men in zijne brieven klachten aan over zijne gezondheid, en ook uitvoerige, plastische beschrijvingen van zijn kwalen, of van eene ongesteldheid, die hem overviel.14.Zie blz. 30.15.Apophtegmata, een in 1531 uitgegeven rijke verzameling van puntige, geestige, korte uitspraken, bijeengebracht uit Grieksche en Latijnsche schrijvers. Aan de 6 boeken, waaruit deze verzameling oorspronkelijk bestond, voegde Erasmus later er nog twee toe.16.De sterke ontwikkeling van het schrijven van brieven is een karaktertrek aan de humanistische periode eigen, en hangt samen met den realistischen trek van het humanisme: men had een afkeer van het abstracte, en zocht het concrete. Zoo wordt zelfs het niet-persoonlijke, het algemeene, in den concreten vorm van een persoonlijke mededeeling gegoten, en ontstaat de verhandeling in den vorm van een brief.Voor kort is verschenen:KÄTHE STURMFELSHET VROUWENGEVAARGeautoriseerde vertaling doorB. Nolthenius-Mertensf 1.—ingenaaid;f 1.40gebondenINHOUD: Inleiding; Over het wezen der vrouw; Over de vrouwelijke zelfstandigheid; Over de grondslagen der Vrouwenbeweging; Het Feminisme in vroeger tijden; Het Feminisme als "Amerikanisme"; De dames der sexueele ethiek; Het "sociale" Feminisme; Vrouwen in mannelijke beroepen; Feminisme, Jodendom en Sociaal-Democratie; De ongunstige finantiëele toestand; De oplossing van het Vrouwenvraagstuk; Slotwoord.Besprekingen in de pers:Contra:Evolutie: "'n Volmaakt samenraapsel van onzin en tegenstrijdigheden. Op ons maakt dit moois den indruk of het zijn ontstaan te danken heeft aan 'n studentenmop. "Wedden, dat je den grootst mogelijken onzin, hier en daar met-'n-air-van-waar-en-eerlijk-willen-zijn aan het lezend publiek kunt voorzetten en dat ze het goedig slikken, het "au sérieux" nemen, het bespreken en bestrijden gaan? Wedden, dat tal van recensenten er het ontleedmes inzetten en met den grootsten ernst op de leemten en de tegenstrijdigheden wijzen, meenende dat ze 'n product van diep en ernstig nadenken onderhanden hebben?".Indien we het niet mis hebben en dit geschrift alzoo zijn ontstaan dankt aan 'n weddenschap, dan is voorzeker het doel van de(n) schrijver bereikt".Daisy E.A. Juniusin "Nieuw Vrouwenleven": "Over een kleine 150 jaar gelden alle gekken voor wijzen en alle wijzen voor gekken, zegt men. Is voor Käthe Sturmfels de vrouw reeds tot dat stadium genaderd?... Men kan evengoed nalaten dit boekje te lezen als men kan nalaten "De Roofridder" te gaan zien".Telegraaf: "Is het niet of grootmoeder het zegt, in een vertrek met den eigenaardigen geur van lodderijn- en snuifdoos? Staat geheel buiten de werkelijkheid. Een praatje uit grootmoeders tijd".Tijdspiegel: "De horizon van de schrijfster is nog al beperkt".Herman Middendorpin "De Vrouw in de XXe eeuw": "Een mal boekje. Dom, oppervlakkig, eenzijdig, grof, oudbakken en ridicuul. Zeult aan achter alle cultuur".Pro:Neerlands Damesblad(Red.Marie van Amstel): "Dit merkwaardige boekje behoort in handen te komen van alle denkende vrouwen. Wij hebben de overtuiging dat het in de hoofden en harten van allen die het lezen zooveel licht zal ontsteken als noodig is om den weg te beschrijven dien de denkende man en de echte vrouw in deze tijden hebben op te gaan..."De Hofstad: "Een der weinige wezenlijk zuivere beschouwingen over de vrouwenbeweging. Dit boekje van 150 blz. weegt tegen centenaarslasten van werken over de vrouwenbeweging, met al hun wetenschappelijke en statistische fratsen, op".Haarl. Dagblad: "Zegt herhaaldelijk rake dingen. Een boekje van beteekenis".Maçonniek Weekblad: "Onderhoudend en niet zonder talent geschreven"Schied. Crt.: "Een bizonder, 'n belangrijk boekje".Ned Kerkbode: "'t Is wat hartstochtelijk hier en daar, maar, afgezien van enkele bijzonderheden, heeft de vrouw die het schreef,gelijk".Goudsche Crt.: "Ik heb dezer dagen een merkwaardig boekje gelezen. Ik heb daarin veel leerrijks, veel interessants gevonden en veel dat ons zoo kalm voor ons weg doet denken: dat heb je 'm nou eens flink gezegd".Onze Eeuw: "Een merkwaardig, een moedig boekje".De Avondpost: "Men weet van ouds dat het "enfant terrible" wonderlijk juiste dingen kan zeggen, omdat het dingen zegt die een ander geleerd heeft voorzichtiger te formuleeren, zoo niet voor zich te houden. Er is in de boutades van K.S. een jeugdige frischheid welke prettig aandoet".Soerabaiasch Handelsblad: "Een "brutaal" boekje, dat juist door deze eigenschap bekoorlijk wordt en den lezer sympathiek. Die arme Käthe Sturmfels wordt natuurlijk door veel dames "met den nek aangezien". Maar de zuiver denkende mannen met een gezond idealisme drukken die Käthe bemoedigend de hand".Vragen van den Dag: "een met overtuiging, warmte en talent geschreven pleidooi".Dordr. Crt.: "Een flinke daad".Leidsch Dagblad: "Ons moet de opmerking van 't hart, dat wij wenschten hoe er meer van dit soort boeken geschreven werd".Bredasche Crt.: "Een interessant, origineel boek".Controleur: "Stond het ons vrij naar believen een plaats te zoeken, we zouden in het gezelschap van deze Käthe wel behagen scheppen".Nieuwsblad v.h. Noorden: "Een eigenaardig boek, waarvan we de overplanting op Nederlandschen bodem niet betreuren.... Het doet hier en daar denken aan freule de Savornin Lohman. Het zegt heel dikwijls gezonde dingen in eenvoudige taal en heeft de verdienste dat het tot nadenken dwingt".Nieuwe Haagsche Crt.: "Een voortreffelijk boek. Neem en lees, is de beste recensie die men schrijven kan".NIEUWHAVELOCK ELLISDe Wereld der DroomenMet toestemming van den Schrijver in het Nederlandsch vertaald onder toezicht van en met een inleiding voorzienDOOR Dr. A.W. VAN RENTERGHEMf 1.90 ingenaaidf 2.40 gebondenHet droomvraagstuk heeft door alle eeuwen heen den mensen belangstelling ingeboezemd.Waar de een in den droom iets verhevens ziet: een zich tijdelijk losmaken van de ziel van het lichamelijk omhulsel, lijkt het den ander in het gedroomde slechts de zinlooze klanken te hooren, aan het klavier ontlokt door de vingers van een in het pianospel niet bedreven mensch....Een nieuw licht werd voor enkele jaren op het droomleven geworpen doorFreud, hoogleeraar in de ziekteleer van het Zenuwstelsel, te Weenen, waardoor menig raadsel tot de oplossing wordt gebracht. Langs den weg der door hem gevonden psycho-analyse is het hem gelukt de droomen te "duiden" en aldus tot beter begrip te komen van stoornissen in het zenuw- en zieleleven, zoowel bij den zoogenaamd normalen mensch als bij meer ernstige afwijkingen in de psyche van lijders aan zenuw- en zielsziekten....Intusschen isFreud's boek, hoe voortreffelijk ook geschreven, geen lectuur zonder meer geschikt voor den ontwikkelden leek. Zij vereischt een voorbereiding, en deze taak nu is mijns inziens weggelegd voorHavelock Ellis. Genoemde geleerde heeft zich een grooten naam gemaakt door zijne vorschingen op het gebied der Ethnologie en Anthropologie, en door het schrijven eener Encyclopaedie der Psychologie van het geslachtsleven. In 1911 gaf hij uit "The World of Dreams", waarin hij een samenhangend volledig overzicht, geeft van het gansche gebied van het droomleven. Het scepticisme van den oprechten geleerde doet hem zich wachten voor het blijk geven van vooringenomenheid tegen deze of gene opvatting.Geneeskundigen, godsdienstleeraars, onderwijzers, allen wien psychologie en paedagogie ter harte gaat, zij de lezing van dit boek aanbevolen.INHOUD: Inleiding.—De elementen van het Droomleven.—De logica van den Droom.—De Zintuigen in den Droom.—De Gemoedsbewegingen in den Droom.—De Vliegdroom.—De Symboliek van den Droom.—Droomen over de dooden.—Het Geheugen in den Droom.—Overzicht en Slot (Het eigenlijke wezen van den droom; Krankzinnigheid en droomen; De psychische toestand van het kind en in den droom; De primitieve wereldbeschouwing en de droomen; De droom als wegwijzer naar het oneindige).—Appendix.—Naamregister.—Zaakregister.NIEUW Najaar 1913ONZE KOLONIENEen Serie Monographieën onder redactie vanR.A. v. Sandickc.i.Per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—; afz. nrs.f 0.40Een uitgave voor al degenen die straks misschien zonen of dochteren naar Indië zien vertrekken; die er verwanten hebben, of finantieele belangen; een uitgave in 't algemeenvoor ieder Nederlander, die gevoelt dat er een band bestaat tusschen 't moederland en de overzeesche bezittingen.In elk nr. (dat een afgerond geheel vormt) zal een bevoegd deskundige een brandend vraagstuk op koloniaal gebied behandelen of een aantrekkelijk exposé geven van een onderdeel der koloniale huishouding.Reeds verscheen:1. Mr. H. s' Jacob,Nederlandsch-Indië en de Handel.2. R. Soetan Casajangan,Indische toestanden gezien door een Inlander.3. A.H.J.G. Walbeehm,Het leven van den Bestuursambtenaar in de Binnenlanden.4. Gerungan S.S.J. Ratu-Langie,Serikat Islam.5. Dr. H.C. Prinsen Geerligs,De Suikernijverheid in Ned.-Indië.In voorbereiding zijn:Dr. H.H. Zeylstra (Conservator Kol. Museum),De Inlandsche Nijverheid.Dr. A.W. Nanninga,De Theecultuur op Java.A. de Braconier (oud-offic. O.-I.-leger),De pacificatie en exploratie der Buiten-bezittingen.Dez.,Het Concubinaat-vraagstukin ons Indisch leger.G.J.P. de la Valette,Hoe een Residentie bestuurd wordt.Mr. D. Fock (Oud-Gouv.-Gen. van Suriname),Over de Kolonie Suriname.Mr. C. Th. van Deventer,Het Volksonderwijs.Dr. J.P. Kleiweg de Zwaan,Denkbeelden omtrent het ontstaan van ziekten bij de Inlanders.Dr. H.H. Juynboll,Het Javaansch Tooneel.Mej. Ch. Jacobs,De Vrouw in Nederl.-Indië.J.G. van Ravesteyn (Oud-onderw. 1e kl. in Ned.-Indië),Het Lager Onderwijs aan Europeanen.—Etc. etc.Inteekening bij iederen solieden boekhandelaar.UITGAVE HOLLANDIA-DRUKKERIJ—BAARNNu is het tijd zich te abonneeren op:DEN GULDEN WINCKELGeïllustr. Maandschrift voor de Boekenvrienden in Groot-NederlandOnder leiding van GERARD VAN ECKERENPer jaarg. van 12 nrs.f 1.20; fr. p.p.f 1.50; Buitenlandf 1.80HetNieuws v.d. Dag voor Ned. Indiëschreef ruim twaalf jaar geleden: "Bij 't ontvangen van het proefnummer was mijn eerste gedachte: "Alweêr een nieuw tijdschrift!" Bij het inzien evenwel bleek mij, dat het toch geheel ànders was dan de bestaande periodieken, en dat het werkelijk zou zijn een blad voorBoekenvrienden, als het voortging op den ingeslagen weg. Heel veel hoop op succes had ik niet, daar de prijs zoo ongelooflijk laag was. De lange lijst van medewerkers schonk evenwel vertrouwen, en zoo wachtte ik met eenige nieuwsgierigheid af, of het nieuwe bladgaanzou. Nu ligt reeds No. 10 voor mij en durf ik gerust te zeggen dat het er is, dat het er zich heeft doorgeslagen, en dat wij een mooi tijdschrift rijker zijn geworden".Het publiek heeft dezen recensent gelijk gegeven, wantDen Gulden Winckelgaat nu reeds zijn dertienden jaargang in.Proefnummer wordt gaarne gratis en franco toegezonden door deHollandia-Drukkerij te BaarnMANNEN EN VROUWEN VAN BETEEKENISLevensschetsen (met portret) à f 0.40Jan van Beers, door Pol de Mont.f 0.40Klaus Groth, door J.A. Leopold.f 0.40L.N. Tolstoi, door W.J. Manssen.f 0.40Leconte de Lisle, door Fiore della Neve.f 0.40Theodore de Banville, door Fiore della Neve.f 0.40Pierre Loti, door Fiore della Neve.f 0.40Walt Whitman, door J. Peaux.f 0.40Gottfried Keller, door W.J. Manssen.f 0.40Octave Feuillet, door Fiore della Neve.f 0.40Marie von Ebner Eschenbach, door W.J. Manssen.f 0.40Guy de Maupassant, door Mr. J.N. van Hall.f 0.40Louis Pasteur, door Dr. J.E. Enklaar.f 0.40Virginie Loveling, door A.W. Stellwagen.Humphrey Ward, door W.J. Manssen.f 0.40Louise M. Alcott, door Mej. W. Kuenen.f 0.40Gaston Paris, door G. Busken Huet.f 0.40(Voortzetting op 't omslag van het volgend nr)Maandelijksch Boek-Bericht (2)Sedert de vorige opgave zijn bij deHollandia-Drukkerij te Baarnnieuwverschenen:Prof. Sigmund Freud,De Sexueele Beschavingsmoraal als oorzaak der Moderne Zenuwzwakte. Geaut. vertaling. Met een inleiding van Dr. A. Stärcke. f 0.40De naam van Prof.Freuduit Weenen is in verband met de theorie der "psycho-analyse" thans bekend over de heele beschaafde wereld. Dr.Stärckenoemt hem "de belangrijkste en geniaalste onder de psychologen der laatste eeuw,—een man van het soort die hun naam geven aan een tijdvak der medische geschiedenis, een evenknie vanPasteurenDarwin".—Het hier aangekondigd geschrift zal de belangstelling wekken van den man der wetenschapzoogoed als die van den ontwikkelden leek.Een Voorstel van Evenredige Vertegenwoordiging, door Iemand. f 0.40Een uitvoerig ontwerp tot een rechtvaardiger Kiesstelsel. Dit boekje levert overvloedig stof tot bespreking op Kiesvereenigingen. Door de thans ingestelde Staatscommissie voor "E.V." van actueele beteekenis.D. Reiman,De Kleurlooze Middenstof. Georganiseerd in de Staatspartij tot Behartiging der Belangen van het Nederl. Volk. f 0.40Nieuwe Richtingen in de Schilderkunst(Cubisme, Expressionisme, Futurisme etc.). Pro: E. Wichman; Contra: Prof. C.L. Dake. f 0.40Het pleidooi vóór wordt geleverd door een Amsterdamschen kunstschilder, die zelfs in zijn spelling "futuristisch" is; het tégen-betoog mochten wij in handen geven van den bekenden Hoogleeraar aan de Academie van Beeldende Kunsten te Amsterdam.Dr. H.W.Ph.E. v.d. Bergh van Eysinga,De zin van het Christelijk Leerstuk in verband met den oorsprong van het Christendom. f 0.40Prov. Geld. en Nijm. Crt.: "De schrijver heeft in het bovenstaande een boekje geleverd, dat wel zeer de aandacht verdient, al bestaat er alle kans dat er kringen zijn, waar het ergernis wekt. Dr. v.d. Bergh van Eysinga meent dat de orthodoxe theoloog eigenlijk geen raad weet met het Christelijk leerstuk en den twijfelenden leek niets kan geven; terwijl de moderne al evenzeer met de handen in 't haar zit, als hij voor de dogmata der kerk gezet wordt en deze ten laatste maar schrapt. De schrijver acht dit noodlottig: aan de eene zijde een angstvallig vasthouden aan de letter en de phrase, aan de andere een rationalisme, dat alles ontkent en dus niets overhoudt. Schrijver doet een poging om te ontwikkelen wat het christelijk leerstuk eigenlijk bedoelt".Dr. W.J. Aalders,Giordano Bruno. f 0.40Een karakterbeeld van Bruno—den man der Italiaansche Renaissance; denker, vooral dichter; bij velen slechts als martelaar der Inquisitie bekend, maar veel meer een man die den ommekeer van de scholastieke periode tot den nieuweren tijd vertegenwoordigt en tegelijk de oudheid doet herleven in zijne, neo-Platonisch geleide, pantheïstisch getinte mystiek.Nieuws v.d. Dag: "De door Dr. Aalders gevolgde methode ter inleiding, waarin hij niet al te veel over den ingeleide zegt en dezen zooveel mogelijk zelf aan 't woord laat, is uitstekend".G.F. Haspels,Vondel. f 0.40Utr. Prov. en Sted. Dagbl.: "De teekening is vol relief, en boeit. Er is aan gewerkt met groote toewijding, met de liefde van den eenen artiest voor den anderen, in wien hij den meester ziet. En het verrassende van deze studie is wel, dat de schrijver ons voelen laat, dat Vondel is een onzer bestetijdgenooten, een onzer meest gewenschtetoekomstmenschen".Brochuren-Reeksen van de Hollandia-Drukkerij te Baarn(Inteekening op de loopende series alom opengesteld)."ONZE GROOTE MANNEN". Redacteur: Prof.S.D. van Veen. Ie Serie."ONZE KOLONIËN". Redacteur:R.A. v. Sandick. Ie Serie."GROOTE MYSTIEKEN". Beschrijvingen door Dr.W.J. Aalders. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus)."LEVENSVRAGEN". Een brochurenreeks voor allen die in den Geestesstrijd onzer dagen belang stellen. VIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-VI zie catalogus)."PRO EN CONTRA"betreffende Vraagstukken van Algemeen Belang. IXe Serie. (Voor inhoud serie I-VIII zie catalogus)."UIT ZENUW- EN ZIELELEVEN". Uitkomsten van Psychologisch Onderzoek. IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus)."KERK EN SECTE". Zooveel mogelijk beschreven door haar eigen Vertegenwoordigers. Redactie: Prof.S.D. van Veen. VIe Serie. (Voor inhoud serie I-V zie catalogus)."VAN RECHTS EN LINKS". Politieke Wenschen en Beschouwingen. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus)."REDELIJKE GODSDIENST". Geschriften voor onzen tijd. Redactie: een Commissie van wege den Ned. Protestantenbond IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus)."UIT ONZEN BLOEITIJD". Schetsen van het leven onzer Vaderen in de XVIIe Eeuw. Redactie: Prof.S.D. van Veen. IIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-II zie catalogus).Bovendien zijn geheel compleet de volgende reeksen:Groote Denkers(3 series).—Groote Godsdiensten(2 series).—Paedagogische Vlugschriften(2 series).—Onze Politieke Partijen(1 serie).—Schoolhervorming(1 serie).—De Protestantsche Zending(1 serie).—Lotus-Serie(Theosophische Handboekjes) (2 series)."Groote Denkers" en "Groote Mystieken" kosten bij inteekening per serie van 6 nrs.f 2.—. Al de overige brochuren-reeksen per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—. Losse nrs. (2-3 vel druks) in alle reeksenf 0.40.Transcriber's notesFor reasons of readability, the inside of the two-sheet "dust jacket" has been moved to the back. (The first four, unnumbered pages have been numbered -3 through 1 in the (anchors of the) HTML version.)Added a missing quote mark between "en de Reformatie:" and "tot nog toe", after "Over de wijze van het brieven-schrijven", and after "ik verwierf hem"; removed an extraneous quote mark from "Iphigenia in Aulis".Removed phrases that only made sense in the original paged medium, such as "Verdere pro's aan omzijde".Normalised a single instance of "van Hutten" to the more common "von Hutten".
Noten1.In de door Clericus bezorgde uitgave, Leiden 1703-1706, tesamen niet minder dan ruim 12000 colommen druks.2.Het inschrift in Erasmus' standbeeld te Rotterdam vermeldt 1467 als geboortejaar. Volgens zijn grafschrift te Basel stierf hij als 70-jarige, wat op 1466 wijst. Reeds Erasmus' vriend Beatus Rhenanus, die een kort levensbericht van hem schreef, zegt dat het jaar zijner geboorte niet geheel vaststaat.3.Erasmus schreef dit werk op ruim 20-jarigen leeftijd, doch gaf het ruim 30 jaren later uit. In het laatste hoofdstuk, waarin hij o.m. schrijft dat "het klooster niets baat, als iemand er goddeloos leeft, noch het monnikskleed, als men niet rekent met het witte gewaad, bij den doop gedragen", slaat hij een gansch anderen toon aan. Niet onwaarschijnlijk is dit hoofdstuk later aan de overige door Erasmus toegevoegd.4.Een rijke verzameling spreekwoorden en dergel., door Erasmus van toelichtingen voorzien; de eerste uitgave verscheen te Parijs, en omvatte ongeveer 800 spreekwoorden. Het werk, dat talrijke uitgaven beleefde, werd met nieuwe stof verrijkt door den schrijver, die naar zijn eigen getuigenis, er een "Herculeïschen arbeid" aan verricht had. Meer dan 10.000 versregels uit Homerus, Euripides e.a. dichters, metrisch in het latijn overgebracht, waren erin opgenomen, benevens tal van aanhalingen uit Plato, Demosthenes e.a. "Een menschenleven", zegt Erasmus zelf, "is bijna te kort om zooveel dichters, grammatici, oratoren, wijsgeeren, historieschrijvers, wiskundigen, godgeleerden, waarvan het lezen van de titels alleen haast zou vermoeien, te doorzoeken, te lezen, te herlezen".Dit werk van Erasmus behoort onder diegene, waardoor hij grooten invloed heeft geoefend op de verbreiding der classieke beschaving. Het is niet slechts een getuigenis aan zijne ontzaglijke belezenheid en geleerdheid, maar is ook vol van dien spot en die satyre, waarmede hij zoo gaarne de misbruiken en misstanden der R.-Kath. kerk en van de monniken geeselde.5.Niet onwaarschijnlijk is in zijn "Colloquia" de samenspraak "Vrekkige rijkdom", een, zij het dan ook te scherp gekleurde schildering van Erasmus' eigen ondervindingen. Vermakelijk is hierin de beschrijving van den, meer dan schralen, maaltijd, waarop slecht brood, kei-harde kaas, bedorven vleesch of een fragment van een broodmager kippetje met uiterst schralen wijn te genieten viel! (Vgl. "Een 12-tal samenspraken van Des. Erasmus," vertaald door N.J. Singels, uitgave "Wereldbibliotheek").6.In 1508 kwam van Manutius' pers een nieuwe druk van Erasmus' Adagia. Hij bewerkte een nieuwe uitgave van "Hecuba" en "Iphigenia in Aulis", en bezorgde een uitgave van de werken van Terentius en Plautus.7.De Lof der Zotheid verscheen nog onlangs in eene nieuwe Nederl. vertaling van wijlen Dr. J.B. Kan, uitgegeven en van korte ophelderingen voorzien door Dr. A.H. Kan, in de "Wereldbibliotheek".8.D.w.z. "zonder licht, zonder kruisbeeld, zonder God". Indien de prediker inderdaad het zóó heeft gezegd als Erasmus het hem in den mond legt, is ieder woord een bewijs van ongelooflijke onkunde van de latijnsche grammatica.9.Colloquia familiaria. De eerste, zeer weinig bevattende uitgave, verscheen in 1518; in z'n meest uitgebreiden vorm werd het werkje in 1524 uitgegeven. Sedert werd het talloos vele malen herdrukt, en ook in vertalingen gepubliceerd. Twee bloemlezingen van 12 samenspraken verschenen in de "Wereldbibliotheek".10.Toen Erasmus hoorde van von Huttens voornemen, de pen tegen hem op te vatten, ried hij hem in een particulieren brief aan, dit liever niet in het publiek te doen. Het slot van dit schrijven was een hatelijke toespeling op von Huttens berooiden toestand: "Wellicht zouden er kunnen zijn, die, vernemende in wat voor omstandigheden gij verkeert, gaan vermoeden, dat gij op deze wijze geld zoekt af te persen; het staat te vreezen, dat velen deze gissing zullen maken ten aanzien van iemand, die verbannen is, in schulden steekt, en tot de uiterste armoede is vervallen".11.Zoo schrijft hij bijv. aan Wilibald Pirkheimer (in 1526): "Mij zou het gevoelen van Oecolampadius niet mishagen, als het oordeel der kerk er niet tegen was". Het min of meer gevaarlijke van dergelijke uitlatingen, waarin hij toch weer geen vat op zich gaf, besefte hij zelf wel, blijkens zijn verzoek aan Pirkheimer, dien brief maar niet aan een ieder zonder onderscheid te laten lezen.Kenmerkend is ook een uitspraak als deze: "Hoe zwaar bij anderen de autoriteit der kerk weegt, weet ik niet; bij mij is zij van zooveel gewicht, dat ik het met de Arianen en de Pelagianen eens zou zijn, indien de kerk hunne leer had goedgekeurd".12.In zijne voorrede op de door hem bezorgde, in 1523 verschenen, uitgave der werken vanHilarius, kwamen onderscheiden opmerkingen voor over de leer der triniteit en het Arianisme, die Erasmus onder verdenking van kettersche gevoelens brachten. Ook zijne "Paraphrasen" op het N. Test. maken de beschuldiging van ketterij verklaarbaar, evenals allerlei beweringen, in de "Samenspraken" den daar optredenden personen in den mond gelegd. Hiervan kon Erasmus gemakkelijk verklaren, dat niet hij, maar de daar sprekend ingevoerde personen de verdedigers waren van afwijkende gevoelens.13.Meer dan eens treft men in zijne brieven klachten aan over zijne gezondheid, en ook uitvoerige, plastische beschrijvingen van zijn kwalen, of van eene ongesteldheid, die hem overviel.14.Zie blz. 30.15.Apophtegmata, een in 1531 uitgegeven rijke verzameling van puntige, geestige, korte uitspraken, bijeengebracht uit Grieksche en Latijnsche schrijvers. Aan de 6 boeken, waaruit deze verzameling oorspronkelijk bestond, voegde Erasmus later er nog twee toe.16.De sterke ontwikkeling van het schrijven van brieven is een karaktertrek aan de humanistische periode eigen, en hangt samen met den realistischen trek van het humanisme: men had een afkeer van het abstracte, en zocht het concrete. Zoo wordt zelfs het niet-persoonlijke, het algemeene, in den concreten vorm van een persoonlijke mededeeling gegoten, en ontstaat de verhandeling in den vorm van een brief.
1.In de door Clericus bezorgde uitgave, Leiden 1703-1706, tesamen niet minder dan ruim 12000 colommen druks.
2.Het inschrift in Erasmus' standbeeld te Rotterdam vermeldt 1467 als geboortejaar. Volgens zijn grafschrift te Basel stierf hij als 70-jarige, wat op 1466 wijst. Reeds Erasmus' vriend Beatus Rhenanus, die een kort levensbericht van hem schreef, zegt dat het jaar zijner geboorte niet geheel vaststaat.
3.Erasmus schreef dit werk op ruim 20-jarigen leeftijd, doch gaf het ruim 30 jaren later uit. In het laatste hoofdstuk, waarin hij o.m. schrijft dat "het klooster niets baat, als iemand er goddeloos leeft, noch het monnikskleed, als men niet rekent met het witte gewaad, bij den doop gedragen", slaat hij een gansch anderen toon aan. Niet onwaarschijnlijk is dit hoofdstuk later aan de overige door Erasmus toegevoegd.
4.Een rijke verzameling spreekwoorden en dergel., door Erasmus van toelichtingen voorzien; de eerste uitgave verscheen te Parijs, en omvatte ongeveer 800 spreekwoorden. Het werk, dat talrijke uitgaven beleefde, werd met nieuwe stof verrijkt door den schrijver, die naar zijn eigen getuigenis, er een "Herculeïschen arbeid" aan verricht had. Meer dan 10.000 versregels uit Homerus, Euripides e.a. dichters, metrisch in het latijn overgebracht, waren erin opgenomen, benevens tal van aanhalingen uit Plato, Demosthenes e.a. "Een menschenleven", zegt Erasmus zelf, "is bijna te kort om zooveel dichters, grammatici, oratoren, wijsgeeren, historieschrijvers, wiskundigen, godgeleerden, waarvan het lezen van de titels alleen haast zou vermoeien, te doorzoeken, te lezen, te herlezen".
Dit werk van Erasmus behoort onder diegene, waardoor hij grooten invloed heeft geoefend op de verbreiding der classieke beschaving. Het is niet slechts een getuigenis aan zijne ontzaglijke belezenheid en geleerdheid, maar is ook vol van dien spot en die satyre, waarmede hij zoo gaarne de misbruiken en misstanden der R.-Kath. kerk en van de monniken geeselde.
5.Niet onwaarschijnlijk is in zijn "Colloquia" de samenspraak "Vrekkige rijkdom", een, zij het dan ook te scherp gekleurde schildering van Erasmus' eigen ondervindingen. Vermakelijk is hierin de beschrijving van den, meer dan schralen, maaltijd, waarop slecht brood, kei-harde kaas, bedorven vleesch of een fragment van een broodmager kippetje met uiterst schralen wijn te genieten viel! (Vgl. "Een 12-tal samenspraken van Des. Erasmus," vertaald door N.J. Singels, uitgave "Wereldbibliotheek").
6.In 1508 kwam van Manutius' pers een nieuwe druk van Erasmus' Adagia. Hij bewerkte een nieuwe uitgave van "Hecuba" en "Iphigenia in Aulis", en bezorgde een uitgave van de werken van Terentius en Plautus.
7.De Lof der Zotheid verscheen nog onlangs in eene nieuwe Nederl. vertaling van wijlen Dr. J.B. Kan, uitgegeven en van korte ophelderingen voorzien door Dr. A.H. Kan, in de "Wereldbibliotheek".
8.D.w.z. "zonder licht, zonder kruisbeeld, zonder God". Indien de prediker inderdaad het zóó heeft gezegd als Erasmus het hem in den mond legt, is ieder woord een bewijs van ongelooflijke onkunde van de latijnsche grammatica.
9.Colloquia familiaria. De eerste, zeer weinig bevattende uitgave, verscheen in 1518; in z'n meest uitgebreiden vorm werd het werkje in 1524 uitgegeven. Sedert werd het talloos vele malen herdrukt, en ook in vertalingen gepubliceerd. Twee bloemlezingen van 12 samenspraken verschenen in de "Wereldbibliotheek".
10.Toen Erasmus hoorde van von Huttens voornemen, de pen tegen hem op te vatten, ried hij hem in een particulieren brief aan, dit liever niet in het publiek te doen. Het slot van dit schrijven was een hatelijke toespeling op von Huttens berooiden toestand: "Wellicht zouden er kunnen zijn, die, vernemende in wat voor omstandigheden gij verkeert, gaan vermoeden, dat gij op deze wijze geld zoekt af te persen; het staat te vreezen, dat velen deze gissing zullen maken ten aanzien van iemand, die verbannen is, in schulden steekt, en tot de uiterste armoede is vervallen".
11.Zoo schrijft hij bijv. aan Wilibald Pirkheimer (in 1526): "Mij zou het gevoelen van Oecolampadius niet mishagen, als het oordeel der kerk er niet tegen was". Het min of meer gevaarlijke van dergelijke uitlatingen, waarin hij toch weer geen vat op zich gaf, besefte hij zelf wel, blijkens zijn verzoek aan Pirkheimer, dien brief maar niet aan een ieder zonder onderscheid te laten lezen.
Kenmerkend is ook een uitspraak als deze: "Hoe zwaar bij anderen de autoriteit der kerk weegt, weet ik niet; bij mij is zij van zooveel gewicht, dat ik het met de Arianen en de Pelagianen eens zou zijn, indien de kerk hunne leer had goedgekeurd".
12.In zijne voorrede op de door hem bezorgde, in 1523 verschenen, uitgave der werken vanHilarius, kwamen onderscheiden opmerkingen voor over de leer der triniteit en het Arianisme, die Erasmus onder verdenking van kettersche gevoelens brachten. Ook zijne "Paraphrasen" op het N. Test. maken de beschuldiging van ketterij verklaarbaar, evenals allerlei beweringen, in de "Samenspraken" den daar optredenden personen in den mond gelegd. Hiervan kon Erasmus gemakkelijk verklaren, dat niet hij, maar de daar sprekend ingevoerde personen de verdedigers waren van afwijkende gevoelens.
13.Meer dan eens treft men in zijne brieven klachten aan over zijne gezondheid, en ook uitvoerige, plastische beschrijvingen van zijn kwalen, of van eene ongesteldheid, die hem overviel.
14.Zie blz. 30.
15.Apophtegmata, een in 1531 uitgegeven rijke verzameling van puntige, geestige, korte uitspraken, bijeengebracht uit Grieksche en Latijnsche schrijvers. Aan de 6 boeken, waaruit deze verzameling oorspronkelijk bestond, voegde Erasmus later er nog twee toe.
16.De sterke ontwikkeling van het schrijven van brieven is een karaktertrek aan de humanistische periode eigen, en hangt samen met den realistischen trek van het humanisme: men had een afkeer van het abstracte, en zocht het concrete. Zoo wordt zelfs het niet-persoonlijke, het algemeene, in den concreten vorm van een persoonlijke mededeeling gegoten, en ontstaat de verhandeling in den vorm van een brief.
Voor kort is verschenen:KÄTHE STURMFELSHET VROUWENGEVAARGeautoriseerde vertaling doorB. Nolthenius-Mertensf 1.—ingenaaid;f 1.40gebondenINHOUD: Inleiding; Over het wezen der vrouw; Over de vrouwelijke zelfstandigheid; Over de grondslagen der Vrouwenbeweging; Het Feminisme in vroeger tijden; Het Feminisme als "Amerikanisme"; De dames der sexueele ethiek; Het "sociale" Feminisme; Vrouwen in mannelijke beroepen; Feminisme, Jodendom en Sociaal-Democratie; De ongunstige finantiëele toestand; De oplossing van het Vrouwenvraagstuk; Slotwoord.Besprekingen in de pers:Contra:Evolutie: "'n Volmaakt samenraapsel van onzin en tegenstrijdigheden. Op ons maakt dit moois den indruk of het zijn ontstaan te danken heeft aan 'n studentenmop. "Wedden, dat je den grootst mogelijken onzin, hier en daar met-'n-air-van-waar-en-eerlijk-willen-zijn aan het lezend publiek kunt voorzetten en dat ze het goedig slikken, het "au sérieux" nemen, het bespreken en bestrijden gaan? Wedden, dat tal van recensenten er het ontleedmes inzetten en met den grootsten ernst op de leemten en de tegenstrijdigheden wijzen, meenende dat ze 'n product van diep en ernstig nadenken onderhanden hebben?".Indien we het niet mis hebben en dit geschrift alzoo zijn ontstaan dankt aan 'n weddenschap, dan is voorzeker het doel van de(n) schrijver bereikt".Daisy E.A. Juniusin "Nieuw Vrouwenleven": "Over een kleine 150 jaar gelden alle gekken voor wijzen en alle wijzen voor gekken, zegt men. Is voor Käthe Sturmfels de vrouw reeds tot dat stadium genaderd?... Men kan evengoed nalaten dit boekje te lezen als men kan nalaten "De Roofridder" te gaan zien".Telegraaf: "Is het niet of grootmoeder het zegt, in een vertrek met den eigenaardigen geur van lodderijn- en snuifdoos? Staat geheel buiten de werkelijkheid. Een praatje uit grootmoeders tijd".Tijdspiegel: "De horizon van de schrijfster is nog al beperkt".Herman Middendorpin "De Vrouw in de XXe eeuw": "Een mal boekje. Dom, oppervlakkig, eenzijdig, grof, oudbakken en ridicuul. Zeult aan achter alle cultuur".Pro:Neerlands Damesblad(Red.Marie van Amstel): "Dit merkwaardige boekje behoort in handen te komen van alle denkende vrouwen. Wij hebben de overtuiging dat het in de hoofden en harten van allen die het lezen zooveel licht zal ontsteken als noodig is om den weg te beschrijven dien de denkende man en de echte vrouw in deze tijden hebben op te gaan..."De Hofstad: "Een der weinige wezenlijk zuivere beschouwingen over de vrouwenbeweging. Dit boekje van 150 blz. weegt tegen centenaarslasten van werken over de vrouwenbeweging, met al hun wetenschappelijke en statistische fratsen, op".Haarl. Dagblad: "Zegt herhaaldelijk rake dingen. Een boekje van beteekenis".Maçonniek Weekblad: "Onderhoudend en niet zonder talent geschreven"Schied. Crt.: "Een bizonder, 'n belangrijk boekje".Ned Kerkbode: "'t Is wat hartstochtelijk hier en daar, maar, afgezien van enkele bijzonderheden, heeft de vrouw die het schreef,gelijk".Goudsche Crt.: "Ik heb dezer dagen een merkwaardig boekje gelezen. Ik heb daarin veel leerrijks, veel interessants gevonden en veel dat ons zoo kalm voor ons weg doet denken: dat heb je 'm nou eens flink gezegd".Onze Eeuw: "Een merkwaardig, een moedig boekje".De Avondpost: "Men weet van ouds dat het "enfant terrible" wonderlijk juiste dingen kan zeggen, omdat het dingen zegt die een ander geleerd heeft voorzichtiger te formuleeren, zoo niet voor zich te houden. Er is in de boutades van K.S. een jeugdige frischheid welke prettig aandoet".Soerabaiasch Handelsblad: "Een "brutaal" boekje, dat juist door deze eigenschap bekoorlijk wordt en den lezer sympathiek. Die arme Käthe Sturmfels wordt natuurlijk door veel dames "met den nek aangezien". Maar de zuiver denkende mannen met een gezond idealisme drukken die Käthe bemoedigend de hand".Vragen van den Dag: "een met overtuiging, warmte en talent geschreven pleidooi".Dordr. Crt.: "Een flinke daad".Leidsch Dagblad: "Ons moet de opmerking van 't hart, dat wij wenschten hoe er meer van dit soort boeken geschreven werd".Bredasche Crt.: "Een interessant, origineel boek".Controleur: "Stond het ons vrij naar believen een plaats te zoeken, we zouden in het gezelschap van deze Käthe wel behagen scheppen".Nieuwsblad v.h. Noorden: "Een eigenaardig boek, waarvan we de overplanting op Nederlandschen bodem niet betreuren.... Het doet hier en daar denken aan freule de Savornin Lohman. Het zegt heel dikwijls gezonde dingen in eenvoudige taal en heeft de verdienste dat het tot nadenken dwingt".Nieuwe Haagsche Crt.: "Een voortreffelijk boek. Neem en lees, is de beste recensie die men schrijven kan".
Voor kort is verschenen:
Geautoriseerde vertaling doorB. Nolthenius-Mertens
f 1.—ingenaaid;f 1.40gebonden
INHOUD: Inleiding; Over het wezen der vrouw; Over de vrouwelijke zelfstandigheid; Over de grondslagen der Vrouwenbeweging; Het Feminisme in vroeger tijden; Het Feminisme als "Amerikanisme"; De dames der sexueele ethiek; Het "sociale" Feminisme; Vrouwen in mannelijke beroepen; Feminisme, Jodendom en Sociaal-Democratie; De ongunstige finantiëele toestand; De oplossing van het Vrouwenvraagstuk; Slotwoord.
Besprekingen in de pers:
Evolutie: "'n Volmaakt samenraapsel van onzin en tegenstrijdigheden. Op ons maakt dit moois den indruk of het zijn ontstaan te danken heeft aan 'n studentenmop. "Wedden, dat je den grootst mogelijken onzin, hier en daar met-'n-air-van-waar-en-eerlijk-willen-zijn aan het lezend publiek kunt voorzetten en dat ze het goedig slikken, het "au sérieux" nemen, het bespreken en bestrijden gaan? Wedden, dat tal van recensenten er het ontleedmes inzetten en met den grootsten ernst op de leemten en de tegenstrijdigheden wijzen, meenende dat ze 'n product van diep en ernstig nadenken onderhanden hebben?".
Indien we het niet mis hebben en dit geschrift alzoo zijn ontstaan dankt aan 'n weddenschap, dan is voorzeker het doel van de(n) schrijver bereikt".
Daisy E.A. Juniusin "Nieuw Vrouwenleven": "Over een kleine 150 jaar gelden alle gekken voor wijzen en alle wijzen voor gekken, zegt men. Is voor Käthe Sturmfels de vrouw reeds tot dat stadium genaderd?... Men kan evengoed nalaten dit boekje te lezen als men kan nalaten "De Roofridder" te gaan zien".
Telegraaf: "Is het niet of grootmoeder het zegt, in een vertrek met den eigenaardigen geur van lodderijn- en snuifdoos? Staat geheel buiten de werkelijkheid. Een praatje uit grootmoeders tijd".
Tijdspiegel: "De horizon van de schrijfster is nog al beperkt".
Herman Middendorpin "De Vrouw in de XXe eeuw": "Een mal boekje. Dom, oppervlakkig, eenzijdig, grof, oudbakken en ridicuul. Zeult aan achter alle cultuur".
Neerlands Damesblad(Red.Marie van Amstel): "Dit merkwaardige boekje behoort in handen te komen van alle denkende vrouwen. Wij hebben de overtuiging dat het in de hoofden en harten van allen die het lezen zooveel licht zal ontsteken als noodig is om den weg te beschrijven dien de denkende man en de echte vrouw in deze tijden hebben op te gaan..."
De Hofstad: "Een der weinige wezenlijk zuivere beschouwingen over de vrouwenbeweging. Dit boekje van 150 blz. weegt tegen centenaarslasten van werken over de vrouwenbeweging, met al hun wetenschappelijke en statistische fratsen, op".
Haarl. Dagblad: "Zegt herhaaldelijk rake dingen. Een boekje van beteekenis".
Maçonniek Weekblad: "Onderhoudend en niet zonder talent geschreven"
Schied. Crt.: "Een bizonder, 'n belangrijk boekje".
Ned Kerkbode: "'t Is wat hartstochtelijk hier en daar, maar, afgezien van enkele bijzonderheden, heeft de vrouw die het schreef,gelijk".
Goudsche Crt.: "Ik heb dezer dagen een merkwaardig boekje gelezen. Ik heb daarin veel leerrijks, veel interessants gevonden en veel dat ons zoo kalm voor ons weg doet denken: dat heb je 'm nou eens flink gezegd".
Onze Eeuw: "Een merkwaardig, een moedig boekje".
De Avondpost: "Men weet van ouds dat het "enfant terrible" wonderlijk juiste dingen kan zeggen, omdat het dingen zegt die een ander geleerd heeft voorzichtiger te formuleeren, zoo niet voor zich te houden. Er is in de boutades van K.S. een jeugdige frischheid welke prettig aandoet".
Soerabaiasch Handelsblad: "Een "brutaal" boekje, dat juist door deze eigenschap bekoorlijk wordt en den lezer sympathiek. Die arme Käthe Sturmfels wordt natuurlijk door veel dames "met den nek aangezien". Maar de zuiver denkende mannen met een gezond idealisme drukken die Käthe bemoedigend de hand".
Vragen van den Dag: "een met overtuiging, warmte en talent geschreven pleidooi".
Dordr. Crt.: "Een flinke daad".
Leidsch Dagblad: "Ons moet de opmerking van 't hart, dat wij wenschten hoe er meer van dit soort boeken geschreven werd".
Bredasche Crt.: "Een interessant, origineel boek".
Controleur: "Stond het ons vrij naar believen een plaats te zoeken, we zouden in het gezelschap van deze Käthe wel behagen scheppen".
Nieuwsblad v.h. Noorden: "Een eigenaardig boek, waarvan we de overplanting op Nederlandschen bodem niet betreuren.... Het doet hier en daar denken aan freule de Savornin Lohman. Het zegt heel dikwijls gezonde dingen in eenvoudige taal en heeft de verdienste dat het tot nadenken dwingt".
Nieuwe Haagsche Crt.: "Een voortreffelijk boek. Neem en lees, is de beste recensie die men schrijven kan".
NIEUWHAVELOCK ELLISDe Wereld der DroomenMet toestemming van den Schrijver in het Nederlandsch vertaald onder toezicht van en met een inleiding voorzienDOOR Dr. A.W. VAN RENTERGHEMf 1.90 ingenaaidf 2.40 gebondenHet droomvraagstuk heeft door alle eeuwen heen den mensen belangstelling ingeboezemd.Waar de een in den droom iets verhevens ziet: een zich tijdelijk losmaken van de ziel van het lichamelijk omhulsel, lijkt het den ander in het gedroomde slechts de zinlooze klanken te hooren, aan het klavier ontlokt door de vingers van een in het pianospel niet bedreven mensch....Een nieuw licht werd voor enkele jaren op het droomleven geworpen doorFreud, hoogleeraar in de ziekteleer van het Zenuwstelsel, te Weenen, waardoor menig raadsel tot de oplossing wordt gebracht. Langs den weg der door hem gevonden psycho-analyse is het hem gelukt de droomen te "duiden" en aldus tot beter begrip te komen van stoornissen in het zenuw- en zieleleven, zoowel bij den zoogenaamd normalen mensch als bij meer ernstige afwijkingen in de psyche van lijders aan zenuw- en zielsziekten....Intusschen isFreud's boek, hoe voortreffelijk ook geschreven, geen lectuur zonder meer geschikt voor den ontwikkelden leek. Zij vereischt een voorbereiding, en deze taak nu is mijns inziens weggelegd voorHavelock Ellis. Genoemde geleerde heeft zich een grooten naam gemaakt door zijne vorschingen op het gebied der Ethnologie en Anthropologie, en door het schrijven eener Encyclopaedie der Psychologie van het geslachtsleven. In 1911 gaf hij uit "The World of Dreams", waarin hij een samenhangend volledig overzicht, geeft van het gansche gebied van het droomleven. Het scepticisme van den oprechten geleerde doet hem zich wachten voor het blijk geven van vooringenomenheid tegen deze of gene opvatting.Geneeskundigen, godsdienstleeraars, onderwijzers, allen wien psychologie en paedagogie ter harte gaat, zij de lezing van dit boek aanbevolen.INHOUD: Inleiding.—De elementen van het Droomleven.—De logica van den Droom.—De Zintuigen in den Droom.—De Gemoedsbewegingen in den Droom.—De Vliegdroom.—De Symboliek van den Droom.—Droomen over de dooden.—Het Geheugen in den Droom.—Overzicht en Slot (Het eigenlijke wezen van den droom; Krankzinnigheid en droomen; De psychische toestand van het kind en in den droom; De primitieve wereldbeschouwing en de droomen; De droom als wegwijzer naar het oneindige).—Appendix.—Naamregister.—Zaakregister.
NIEUW
Met toestemming van den Schrijver in het Nederlandsch vertaald onder toezicht van en met een inleiding voorzienDOOR Dr. A.W. VAN RENTERGHEM
f 1.90 ingenaaid
f 2.40 gebonden
Het droomvraagstuk heeft door alle eeuwen heen den mensen belangstelling ingeboezemd.
Waar de een in den droom iets verhevens ziet: een zich tijdelijk losmaken van de ziel van het lichamelijk omhulsel, lijkt het den ander in het gedroomde slechts de zinlooze klanken te hooren, aan het klavier ontlokt door de vingers van een in het pianospel niet bedreven mensch....
Een nieuw licht werd voor enkele jaren op het droomleven geworpen doorFreud, hoogleeraar in de ziekteleer van het Zenuwstelsel, te Weenen, waardoor menig raadsel tot de oplossing wordt gebracht. Langs den weg der door hem gevonden psycho-analyse is het hem gelukt de droomen te "duiden" en aldus tot beter begrip te komen van stoornissen in het zenuw- en zieleleven, zoowel bij den zoogenaamd normalen mensch als bij meer ernstige afwijkingen in de psyche van lijders aan zenuw- en zielsziekten....
Intusschen isFreud's boek, hoe voortreffelijk ook geschreven, geen lectuur zonder meer geschikt voor den ontwikkelden leek. Zij vereischt een voorbereiding, en deze taak nu is mijns inziens weggelegd voorHavelock Ellis. Genoemde geleerde heeft zich een grooten naam gemaakt door zijne vorschingen op het gebied der Ethnologie en Anthropologie, en door het schrijven eener Encyclopaedie der Psychologie van het geslachtsleven. In 1911 gaf hij uit "The World of Dreams", waarin hij een samenhangend volledig overzicht, geeft van het gansche gebied van het droomleven. Het scepticisme van den oprechten geleerde doet hem zich wachten voor het blijk geven van vooringenomenheid tegen deze of gene opvatting.
Geneeskundigen, godsdienstleeraars, onderwijzers, allen wien psychologie en paedagogie ter harte gaat, zij de lezing van dit boek aanbevolen.
INHOUD: Inleiding.—De elementen van het Droomleven.—De logica van den Droom.—De Zintuigen in den Droom.—De Gemoedsbewegingen in den Droom.—De Vliegdroom.—De Symboliek van den Droom.—Droomen over de dooden.—Het Geheugen in den Droom.—Overzicht en Slot (Het eigenlijke wezen van den droom; Krankzinnigheid en droomen; De psychische toestand van het kind en in den droom; De primitieve wereldbeschouwing en de droomen; De droom als wegwijzer naar het oneindige).—Appendix.—Naamregister.—Zaakregister.
NIEUW Najaar 1913ONZE KOLONIENEen Serie Monographieën onder redactie vanR.A. v. Sandickc.i.Per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—; afz. nrs.f 0.40Een uitgave voor al degenen die straks misschien zonen of dochteren naar Indië zien vertrekken; die er verwanten hebben, of finantieele belangen; een uitgave in 't algemeenvoor ieder Nederlander, die gevoelt dat er een band bestaat tusschen 't moederland en de overzeesche bezittingen.In elk nr. (dat een afgerond geheel vormt) zal een bevoegd deskundige een brandend vraagstuk op koloniaal gebied behandelen of een aantrekkelijk exposé geven van een onderdeel der koloniale huishouding.Reeds verscheen:1. Mr. H. s' Jacob,Nederlandsch-Indië en de Handel.2. R. Soetan Casajangan,Indische toestanden gezien door een Inlander.3. A.H.J.G. Walbeehm,Het leven van den Bestuursambtenaar in de Binnenlanden.4. Gerungan S.S.J. Ratu-Langie,Serikat Islam.5. Dr. H.C. Prinsen Geerligs,De Suikernijverheid in Ned.-Indië.In voorbereiding zijn:Dr. H.H. Zeylstra (Conservator Kol. Museum),De Inlandsche Nijverheid.Dr. A.W. Nanninga,De Theecultuur op Java.A. de Braconier (oud-offic. O.-I.-leger),De pacificatie en exploratie der Buiten-bezittingen.Dez.,Het Concubinaat-vraagstukin ons Indisch leger.G.J.P. de la Valette,Hoe een Residentie bestuurd wordt.Mr. D. Fock (Oud-Gouv.-Gen. van Suriname),Over de Kolonie Suriname.Mr. C. Th. van Deventer,Het Volksonderwijs.Dr. J.P. Kleiweg de Zwaan,Denkbeelden omtrent het ontstaan van ziekten bij de Inlanders.Dr. H.H. Juynboll,Het Javaansch Tooneel.Mej. Ch. Jacobs,De Vrouw in Nederl.-Indië.J.G. van Ravesteyn (Oud-onderw. 1e kl. in Ned.-Indië),Het Lager Onderwijs aan Europeanen.—Etc. etc.Inteekening bij iederen solieden boekhandelaar.UITGAVE HOLLANDIA-DRUKKERIJ—BAARN
NIEUW Najaar 1913
Een Serie Monographieën onder redactie vanR.A. v. Sandickc.i.
Per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—; afz. nrs.f 0.40
Een uitgave voor al degenen die straks misschien zonen of dochteren naar Indië zien vertrekken; die er verwanten hebben, of finantieele belangen; een uitgave in 't algemeenvoor ieder Nederlander, die gevoelt dat er een band bestaat tusschen 't moederland en de overzeesche bezittingen.
In elk nr. (dat een afgerond geheel vormt) zal een bevoegd deskundige een brandend vraagstuk op koloniaal gebied behandelen of een aantrekkelijk exposé geven van een onderdeel der koloniale huishouding.
Reeds verscheen:1. Mr. H. s' Jacob,Nederlandsch-Indië en de Handel.2. R. Soetan Casajangan,Indische toestanden gezien door een Inlander.3. A.H.J.G. Walbeehm,Het leven van den Bestuursambtenaar in de Binnenlanden.4. Gerungan S.S.J. Ratu-Langie,Serikat Islam.5. Dr. H.C. Prinsen Geerligs,De Suikernijverheid in Ned.-Indië.
Reeds verscheen:
In voorbereiding zijn:
Dr. H.H. Zeylstra (Conservator Kol. Museum),De Inlandsche Nijverheid.
Dr. A.W. Nanninga,De Theecultuur op Java.
A. de Braconier (oud-offic. O.-I.-leger),De pacificatie en exploratie der Buiten-bezittingen.
Dez.,Het Concubinaat-vraagstukin ons Indisch leger.
G.J.P. de la Valette,Hoe een Residentie bestuurd wordt.
Mr. D. Fock (Oud-Gouv.-Gen. van Suriname),Over de Kolonie Suriname.
Mr. C. Th. van Deventer,Het Volksonderwijs.
Dr. J.P. Kleiweg de Zwaan,Denkbeelden omtrent het ontstaan van ziekten bij de Inlanders.
Dr. H.H. Juynboll,Het Javaansch Tooneel.
Mej. Ch. Jacobs,De Vrouw in Nederl.-Indië.
J.G. van Ravesteyn (Oud-onderw. 1e kl. in Ned.-Indië),Het Lager Onderwijs aan Europeanen.—Etc. etc.
Inteekening bij iederen solieden boekhandelaar.
UITGAVE HOLLANDIA-DRUKKERIJ—BAARN
Nu is het tijd zich te abonneeren op:DEN GULDEN WINCKELGeïllustr. Maandschrift voor de Boekenvrienden in Groot-NederlandOnder leiding van GERARD VAN ECKERENPer jaarg. van 12 nrs.f 1.20; fr. p.p.f 1.50; Buitenlandf 1.80HetNieuws v.d. Dag voor Ned. Indiëschreef ruim twaalf jaar geleden: "Bij 't ontvangen van het proefnummer was mijn eerste gedachte: "Alweêr een nieuw tijdschrift!" Bij het inzien evenwel bleek mij, dat het toch geheel ànders was dan de bestaande periodieken, en dat het werkelijk zou zijn een blad voorBoekenvrienden, als het voortging op den ingeslagen weg. Heel veel hoop op succes had ik niet, daar de prijs zoo ongelooflijk laag was. De lange lijst van medewerkers schonk evenwel vertrouwen, en zoo wachtte ik met eenige nieuwsgierigheid af, of het nieuwe bladgaanzou. Nu ligt reeds No. 10 voor mij en durf ik gerust te zeggen dat het er is, dat het er zich heeft doorgeslagen, en dat wij een mooi tijdschrift rijker zijn geworden".Het publiek heeft dezen recensent gelijk gegeven, wantDen Gulden Winckelgaat nu reeds zijn dertienden jaargang in.Proefnummer wordt gaarne gratis en franco toegezonden door deHollandia-Drukkerij te Baarn
Nu is het tijd zich te abonneeren op:DEN GULDEN WINCKELGeïllustr. Maandschrift voor de Boekenvrienden in Groot-NederlandOnder leiding van GERARD VAN ECKERENPer jaarg. van 12 nrs.f 1.20; fr. p.p.f 1.50; Buitenlandf 1.80HetNieuws v.d. Dag voor Ned. Indiëschreef ruim twaalf jaar geleden: "Bij 't ontvangen van het proefnummer was mijn eerste gedachte: "Alweêr een nieuw tijdschrift!" Bij het inzien evenwel bleek mij, dat het toch geheel ànders was dan de bestaande periodieken, en dat het werkelijk zou zijn een blad voorBoekenvrienden, als het voortging op den ingeslagen weg. Heel veel hoop op succes had ik niet, daar de prijs zoo ongelooflijk laag was. De lange lijst van medewerkers schonk evenwel vertrouwen, en zoo wachtte ik met eenige nieuwsgierigheid af, of het nieuwe bladgaanzou. Nu ligt reeds No. 10 voor mij en durf ik gerust te zeggen dat het er is, dat het er zich heeft doorgeslagen, en dat wij een mooi tijdschrift rijker zijn geworden".Het publiek heeft dezen recensent gelijk gegeven, wantDen Gulden Winckelgaat nu reeds zijn dertienden jaargang in.Proefnummer wordt gaarne gratis en franco toegezonden door deHollandia-Drukkerij te Baarn
Nu is het tijd zich te abonneeren op:
Geïllustr. Maandschrift voor de Boekenvrienden in Groot-Nederland
Onder leiding van GERARD VAN ECKEREN
Per jaarg. van 12 nrs.f 1.20; fr. p.p.f 1.50; Buitenlandf 1.80
HetNieuws v.d. Dag voor Ned. Indiëschreef ruim twaalf jaar geleden: "Bij 't ontvangen van het proefnummer was mijn eerste gedachte: "Alweêr een nieuw tijdschrift!" Bij het inzien evenwel bleek mij, dat het toch geheel ànders was dan de bestaande periodieken, en dat het werkelijk zou zijn een blad voorBoekenvrienden, als het voortging op den ingeslagen weg. Heel veel hoop op succes had ik niet, daar de prijs zoo ongelooflijk laag was. De lange lijst van medewerkers schonk evenwel vertrouwen, en zoo wachtte ik met eenige nieuwsgierigheid af, of het nieuwe bladgaanzou. Nu ligt reeds No. 10 voor mij en durf ik gerust te zeggen dat het er is, dat het er zich heeft doorgeslagen, en dat wij een mooi tijdschrift rijker zijn geworden".
Het publiek heeft dezen recensent gelijk gegeven, wantDen Gulden Winckelgaat nu reeds zijn dertienden jaargang in.
Proefnummer wordt gaarne gratis en franco toegezonden door de
Hollandia-Drukkerij te Baarn
MANNEN EN VROUWEN VAN BETEEKENISLevensschetsen (met portret) à f 0.40Jan van Beers, door Pol de Mont.f 0.40Klaus Groth, door J.A. Leopold.f 0.40L.N. Tolstoi, door W.J. Manssen.f 0.40Leconte de Lisle, door Fiore della Neve.f 0.40Theodore de Banville, door Fiore della Neve.f 0.40Pierre Loti, door Fiore della Neve.f 0.40Walt Whitman, door J. Peaux.f 0.40Gottfried Keller, door W.J. Manssen.f 0.40Octave Feuillet, door Fiore della Neve.f 0.40Marie von Ebner Eschenbach, door W.J. Manssen.f 0.40Guy de Maupassant, door Mr. J.N. van Hall.f 0.40Louis Pasteur, door Dr. J.E. Enklaar.f 0.40Virginie Loveling, door A.W. Stellwagen.Humphrey Ward, door W.J. Manssen.f 0.40Louise M. Alcott, door Mej. W. Kuenen.f 0.40Gaston Paris, door G. Busken Huet.f 0.40(Voortzetting op 't omslag van het volgend nr)
Levensschetsen (met portret) à f 0.40
(Voortzetting op 't omslag van het volgend nr)
Maandelijksch Boek-Bericht (2)Sedert de vorige opgave zijn bij deHollandia-Drukkerij te Baarnnieuwverschenen:Prof. Sigmund Freud,De Sexueele Beschavingsmoraal als oorzaak der Moderne Zenuwzwakte. Geaut. vertaling. Met een inleiding van Dr. A. Stärcke. f 0.40De naam van Prof.Freuduit Weenen is in verband met de theorie der "psycho-analyse" thans bekend over de heele beschaafde wereld. Dr.Stärckenoemt hem "de belangrijkste en geniaalste onder de psychologen der laatste eeuw,—een man van het soort die hun naam geven aan een tijdvak der medische geschiedenis, een evenknie vanPasteurenDarwin".—Het hier aangekondigd geschrift zal de belangstelling wekken van den man der wetenschapzoogoed als die van den ontwikkelden leek.Een Voorstel van Evenredige Vertegenwoordiging, door Iemand. f 0.40Een uitvoerig ontwerp tot een rechtvaardiger Kiesstelsel. Dit boekje levert overvloedig stof tot bespreking op Kiesvereenigingen. Door de thans ingestelde Staatscommissie voor "E.V." van actueele beteekenis.D. Reiman,De Kleurlooze Middenstof. Georganiseerd in de Staatspartij tot Behartiging der Belangen van het Nederl. Volk. f 0.40Nieuwe Richtingen in de Schilderkunst(Cubisme, Expressionisme, Futurisme etc.). Pro: E. Wichman; Contra: Prof. C.L. Dake. f 0.40Het pleidooi vóór wordt geleverd door een Amsterdamschen kunstschilder, die zelfs in zijn spelling "futuristisch" is; het tégen-betoog mochten wij in handen geven van den bekenden Hoogleeraar aan de Academie van Beeldende Kunsten te Amsterdam.Dr. H.W.Ph.E. v.d. Bergh van Eysinga,De zin van het Christelijk Leerstuk in verband met den oorsprong van het Christendom. f 0.40Prov. Geld. en Nijm. Crt.: "De schrijver heeft in het bovenstaande een boekje geleverd, dat wel zeer de aandacht verdient, al bestaat er alle kans dat er kringen zijn, waar het ergernis wekt. Dr. v.d. Bergh van Eysinga meent dat de orthodoxe theoloog eigenlijk geen raad weet met het Christelijk leerstuk en den twijfelenden leek niets kan geven; terwijl de moderne al evenzeer met de handen in 't haar zit, als hij voor de dogmata der kerk gezet wordt en deze ten laatste maar schrapt. De schrijver acht dit noodlottig: aan de eene zijde een angstvallig vasthouden aan de letter en de phrase, aan de andere een rationalisme, dat alles ontkent en dus niets overhoudt. Schrijver doet een poging om te ontwikkelen wat het christelijk leerstuk eigenlijk bedoelt".Dr. W.J. Aalders,Giordano Bruno. f 0.40Een karakterbeeld van Bruno—den man der Italiaansche Renaissance; denker, vooral dichter; bij velen slechts als martelaar der Inquisitie bekend, maar veel meer een man die den ommekeer van de scholastieke periode tot den nieuweren tijd vertegenwoordigt en tegelijk de oudheid doet herleven in zijne, neo-Platonisch geleide, pantheïstisch getinte mystiek.Nieuws v.d. Dag: "De door Dr. Aalders gevolgde methode ter inleiding, waarin hij niet al te veel over den ingeleide zegt en dezen zooveel mogelijk zelf aan 't woord laat, is uitstekend".G.F. Haspels,Vondel. f 0.40Utr. Prov. en Sted. Dagbl.: "De teekening is vol relief, en boeit. Er is aan gewerkt met groote toewijding, met de liefde van den eenen artiest voor den anderen, in wien hij den meester ziet. En het verrassende van deze studie is wel, dat de schrijver ons voelen laat, dat Vondel is een onzer bestetijdgenooten, een onzer meest gewenschtetoekomstmenschen".
Sedert de vorige opgave zijn bij deHollandia-Drukkerij te Baarnnieuwverschenen:
Prof. Sigmund Freud,De Sexueele Beschavingsmoraal als oorzaak der Moderne Zenuwzwakte. Geaut. vertaling. Met een inleiding van Dr. A. Stärcke. f 0.40
De naam van Prof.Freuduit Weenen is in verband met de theorie der "psycho-analyse" thans bekend over de heele beschaafde wereld. Dr.Stärckenoemt hem "de belangrijkste en geniaalste onder de psychologen der laatste eeuw,—een man van het soort die hun naam geven aan een tijdvak der medische geschiedenis, een evenknie vanPasteurenDarwin".—Het hier aangekondigd geschrift zal de belangstelling wekken van den man der wetenschapzoogoed als die van den ontwikkelden leek.
Een Voorstel van Evenredige Vertegenwoordiging, door Iemand. f 0.40
Een uitvoerig ontwerp tot een rechtvaardiger Kiesstelsel. Dit boekje levert overvloedig stof tot bespreking op Kiesvereenigingen. Door de thans ingestelde Staatscommissie voor "E.V." van actueele beteekenis.
D. Reiman,De Kleurlooze Middenstof. Georganiseerd in de Staatspartij tot Behartiging der Belangen van het Nederl. Volk. f 0.40
Nieuwe Richtingen in de Schilderkunst(Cubisme, Expressionisme, Futurisme etc.). Pro: E. Wichman; Contra: Prof. C.L. Dake. f 0.40
Het pleidooi vóór wordt geleverd door een Amsterdamschen kunstschilder, die zelfs in zijn spelling "futuristisch" is; het tégen-betoog mochten wij in handen geven van den bekenden Hoogleeraar aan de Academie van Beeldende Kunsten te Amsterdam.
Dr. H.W.Ph.E. v.d. Bergh van Eysinga,De zin van het Christelijk Leerstuk in verband met den oorsprong van het Christendom. f 0.40
Prov. Geld. en Nijm. Crt.: "De schrijver heeft in het bovenstaande een boekje geleverd, dat wel zeer de aandacht verdient, al bestaat er alle kans dat er kringen zijn, waar het ergernis wekt. Dr. v.d. Bergh van Eysinga meent dat de orthodoxe theoloog eigenlijk geen raad weet met het Christelijk leerstuk en den twijfelenden leek niets kan geven; terwijl de moderne al evenzeer met de handen in 't haar zit, als hij voor de dogmata der kerk gezet wordt en deze ten laatste maar schrapt. De schrijver acht dit noodlottig: aan de eene zijde een angstvallig vasthouden aan de letter en de phrase, aan de andere een rationalisme, dat alles ontkent en dus niets overhoudt. Schrijver doet een poging om te ontwikkelen wat het christelijk leerstuk eigenlijk bedoelt".
Dr. W.J. Aalders,Giordano Bruno. f 0.40
Een karakterbeeld van Bruno—den man der Italiaansche Renaissance; denker, vooral dichter; bij velen slechts als martelaar der Inquisitie bekend, maar veel meer een man die den ommekeer van de scholastieke periode tot den nieuweren tijd vertegenwoordigt en tegelijk de oudheid doet herleven in zijne, neo-Platonisch geleide, pantheïstisch getinte mystiek.
Nieuws v.d. Dag: "De door Dr. Aalders gevolgde methode ter inleiding, waarin hij niet al te veel over den ingeleide zegt en dezen zooveel mogelijk zelf aan 't woord laat, is uitstekend".
G.F. Haspels,Vondel. f 0.40
Utr. Prov. en Sted. Dagbl.: "De teekening is vol relief, en boeit. Er is aan gewerkt met groote toewijding, met de liefde van den eenen artiest voor den anderen, in wien hij den meester ziet. En het verrassende van deze studie is wel, dat de schrijver ons voelen laat, dat Vondel is een onzer bestetijdgenooten, een onzer meest gewenschtetoekomstmenschen".
Brochuren-Reeksen van de Hollandia-Drukkerij te Baarn(Inteekening op de loopende series alom opengesteld)."ONZE GROOTE MANNEN". Redacteur: Prof.S.D. van Veen. Ie Serie."ONZE KOLONIËN". Redacteur:R.A. v. Sandick. Ie Serie."GROOTE MYSTIEKEN". Beschrijvingen door Dr.W.J. Aalders. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus)."LEVENSVRAGEN". Een brochurenreeks voor allen die in den Geestesstrijd onzer dagen belang stellen. VIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-VI zie catalogus)."PRO EN CONTRA"betreffende Vraagstukken van Algemeen Belang. IXe Serie. (Voor inhoud serie I-VIII zie catalogus)."UIT ZENUW- EN ZIELELEVEN". Uitkomsten van Psychologisch Onderzoek. IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus)."KERK EN SECTE". Zooveel mogelijk beschreven door haar eigen Vertegenwoordigers. Redactie: Prof.S.D. van Veen. VIe Serie. (Voor inhoud serie I-V zie catalogus)."VAN RECHTS EN LINKS". Politieke Wenschen en Beschouwingen. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus)."REDELIJKE GODSDIENST". Geschriften voor onzen tijd. Redactie: een Commissie van wege den Ned. Protestantenbond IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus)."UIT ONZEN BLOEITIJD". Schetsen van het leven onzer Vaderen in de XVIIe Eeuw. Redactie: Prof.S.D. van Veen. IIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-II zie catalogus).Bovendien zijn geheel compleet de volgende reeksen:Groote Denkers(3 series).—Groote Godsdiensten(2 series).—Paedagogische Vlugschriften(2 series).—Onze Politieke Partijen(1 serie).—Schoolhervorming(1 serie).—De Protestantsche Zending(1 serie).—Lotus-Serie(Theosophische Handboekjes) (2 series)."Groote Denkers" en "Groote Mystieken" kosten bij inteekening per serie van 6 nrs.f 2.—. Al de overige brochuren-reeksen per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—. Losse nrs. (2-3 vel druks) in alle reeksenf 0.40.
(Inteekening op de loopende series alom opengesteld).
"ONZE GROOTE MANNEN". Redacteur: Prof.S.D. van Veen. Ie Serie.
"ONZE KOLONIËN". Redacteur:R.A. v. Sandick. Ie Serie.
"GROOTE MYSTIEKEN". Beschrijvingen door Dr.W.J. Aalders. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus).
"LEVENSVRAGEN". Een brochurenreeks voor allen die in den Geestesstrijd onzer dagen belang stellen. VIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-VI zie catalogus).
"PRO EN CONTRA"betreffende Vraagstukken van Algemeen Belang. IXe Serie. (Voor inhoud serie I-VIII zie catalogus).
"UIT ZENUW- EN ZIELELEVEN". Uitkomsten van Psychologisch Onderzoek. IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus).
"KERK EN SECTE". Zooveel mogelijk beschreven door haar eigen Vertegenwoordigers. Redactie: Prof.S.D. van Veen. VIe Serie. (Voor inhoud serie I-V zie catalogus).
"VAN RECHTS EN LINKS". Politieke Wenschen en Beschouwingen. IIe Serie. (Voor inhoud serie I zie catalogus).
"REDELIJKE GODSDIENST". Geschriften voor onzen tijd. Redactie: een Commissie van wege den Ned. Protestantenbond IIIe Serie. (Voor inhoud serie I-II zie catalogus).
"UIT ONZEN BLOEITIJD". Schetsen van het leven onzer Vaderen in de XVIIe Eeuw. Redactie: Prof.S.D. van Veen. IIIe Serie. (Voor inhoud Serie I-II zie catalogus).
Bovendien zijn geheel compleet de volgende reeksen:
Groote Denkers(3 series).—Groote Godsdiensten(2 series).—Paedagogische Vlugschriften(2 series).—Onze Politieke Partijen(1 serie).—Schoolhervorming(1 serie).—De Protestantsche Zending(1 serie).—Lotus-Serie(Theosophische Handboekjes) (2 series).
"Groote Denkers" en "Groote Mystieken" kosten bij inteekening per serie van 6 nrs.f 2.—. Al de overige brochuren-reeksen per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—. Losse nrs. (2-3 vel druks) in alle reeksenf 0.40.
"Groote Denkers" en "Groote Mystieken" kosten bij inteekening per serie van 6 nrs.f 2.—. Al de overige brochuren-reeksen per serie van 10 nrs. (bij inteekening)f 3.—. Losse nrs. (2-3 vel druks) in alle reeksenf 0.40.
Transcriber's notesFor reasons of readability, the inside of the two-sheet "dust jacket" has been moved to the back. (The first four, unnumbered pages have been numbered -3 through 1 in the (anchors of the) HTML version.)Added a missing quote mark between "en de Reformatie:" and "tot nog toe", after "Over de wijze van het brieven-schrijven", and after "ik verwierf hem"; removed an extraneous quote mark from "Iphigenia in Aulis".Removed phrases that only made sense in the original paged medium, such as "Verdere pro's aan omzijde".Normalised a single instance of "van Hutten" to the more common "von Hutten".