AANTEEKENINGEN.

[Inhoud]AANTEEKENINGEN.I. Op Slavante.1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abcII. Te Rolduc.7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑III. Een man over boord.13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑IV. Bij het Koloniaal Werfdepôt.15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑I. Naar zee.16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑II. In de Noordzee.—Kennismaking.24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑III. Verdere kennismaking.—In het Kanaal.33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑IV. In den Atlantischen Oceaan.37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑V. Eene stortzee.39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑VI. Dobberende bij de Canarische eilanden.41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑VII. Tusschen de keerkringen.48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑VIII. De Muiterij.49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑IX. Eene lijkplechtigheid aan boord.51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑X. Naar Brazilië’s hoofdstad.58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑XI. Weer naar zee.62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑XII. Een onderhoud—Bruinvisschen.64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑XIII. Storm.—Om de zuid.65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑XIV. Kaapsche duiven en Albatrossen.71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑XV. In den Zuidoostpassaat.73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑XVI. Straat Sunda.75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑ColofonBeschikbaarheidDit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie in dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.Dit eBoek is geproduceerd door het on-line gedistribueerd correctieteam opwww.pgdp.net.MetadataTitel:Naar den EquatorAuteur:Michaël Théophile Hubert Perelaer (1831–1901)Infohttps://viaf.org/viaf/63940690/Aanmaakdatum bestand:2022-10-09 13:59:15 UTCTaal:Nederlands (Spelling De Vries-Te Winkel)Oorspronkelijke uitgiftedatum:1894CoderingDit boek is weergegeven in oorspronkelijke schrijfwijze. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn verbeterd. Deze verbeteringen zijn aangegeven in de colofon aan het einde van dit boek.Documentgeschiedenis2022-10-07 Begonnen.VerbeteringenDe volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:BladzijdeBronVerbeteringBewerkingsafstandvDirekteurDirecteur1v,vi,66,74Nederlandsch IndiëNederlandsch-Indië1vi,191,389,288,355,356bizonderhedenbijzonderheden1viiWerfdepotWerfdepôt1 / 03bizonderbijzonder18vade-mecumvademecum19en „„en219trachttettrachtet120,56,59,74,97,121,181,183,186,197,347,348,368[Niet in bron]„123geneuchtengeneugten230,68,74,132,197,200”[Verwijderd]136veelmeerveel meer136DusseldorfDüsseldorf1 / 044,141,204,354[Niet in bron].145,56,70,71,78,89,97,102,121,131,162,183,185,202,203,219,369[Niet in bron]”150,92,102,105,188,358»„150oudederlijkeouderlijke250aan sloegaansloeg151,132,336„[Verwijderd]154SchoppenhauerSchopenhauer162StaatStraat162,67,102,204,204,303,340,340,347,348,348,348,359[Niet in bron],171?.174latenp hotografeerenlaten photografeeren276afgeëxcerseerdafgeëxerceerd282,117,120Nederlandsch IndischeNederlandsch-Indische192belett’enbeletten198,191OktoberOctober1104modermoeder1104gendaggoedendag3105HerculusHercules1109vanaan1110welkomsgroetwelkomstgroet1119toonenteenen2120PersischePerzische1130onderoffieren-verblijfonderofficieren-verblijf2138BeachyheadBeachy Head2140,222,[Verwijderd]1140DuinDum2144,.1149schrijverijënschrijverijen1 / 0149achter dekachterdek1155-—1155nie-meenenniet meenen2156fokke zeilfokkezeil1156voo-denvoor den2157recipientrecipiënt1 / 0159,237,237,325,327vanVan1165,230’”1166Dat’sDat ’s1170HernamHerman2185, „2185antwoordddeantwoordde1187ge-egenheidgelegenheid1189-[Verwijderd]1193detachements kommandantdetachements-kommandant1199TeydoTeyde1204geleerdegeleerden1210XIIVII1220grietjegeiengrietje geien1226.[Verwijderd]1227,250bizonderheidbijzonderheid1232hennepenhenneppen1257wettenmetten1259opspatt’enopspatten1259ScorpioenSchorpioen1260jon gmanjongman1266ThonynThonijn2266-1280oorlogschepenoorlogsschepen1280charthchart1284mij zelvenmijzelven1286,292,293,293beafsteakbeefsteak1295roastbeafroastbeef129950.00050,0001327,328lekkernijënlekkernijen1 / 0368gesmeeddegesmede2368kondekonden1370traditionneeletraditioneele1383Java walJavawal1

[Inhoud]AANTEEKENINGEN.I. Op Slavante.1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abcII. Te Rolduc.7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑III. Een man over boord.13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑IV. Bij het Koloniaal Werfdepôt.15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑I. Naar zee.16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑II. In de Noordzee.—Kennismaking.24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑III. Verdere kennismaking.—In het Kanaal.33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑IV. In den Atlantischen Oceaan.37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑V. Eene stortzee.39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑VI. Dobberende bij de Canarische eilanden.41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑VII. Tusschen de keerkringen.48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑VIII. De Muiterij.49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑IX. Eene lijkplechtigheid aan boord.51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑X. Naar Brazilië’s hoofdstad.58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑XI. Weer naar zee.62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑XII. Een onderhoud—Bruinvisschen.64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑XIII. Storm.—Om de zuid.65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑XIV. Kaapsche duiven en Albatrossen.71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑XV. In den Zuidoostpassaat.73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑XVI. Straat Sunda.75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑

AANTEEKENINGEN.

I. Op Slavante.1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abcII. Te Rolduc.7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑III. Een man over boord.13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑IV. Bij het Koloniaal Werfdepôt.15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑I. Naar zee.16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑II. In de Noordzee.—Kennismaking.24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑III. Verdere kennismaking.—In het Kanaal.33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑IV. In den Atlantischen Oceaan.37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑V. Eene stortzee.39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑VI. Dobberende bij de Canarische eilanden.41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑VII. Tusschen de keerkringen.48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑VIII. De Muiterij.49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑IX. Eene lijkplechtigheid aan boord.51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑X. Naar Brazilië’s hoofdstad.58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑XI. Weer naar zee.62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑XII. Een onderhoud—Bruinvisschen.64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑XIII. Storm.—Om de zuid.65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑XIV. Kaapsche duiven en Albatrossen.71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑XV. In den Zuidoostpassaat.73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑XVI. Straat Sunda.75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑

I. Op Slavante.1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abc

1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑

1In viam pacis.… In nomine Domini!(bladz.8). Dit is het begin van een gebed, dat door vrome Katholieken als reisgebed gepreveld wordt. Die woorden beteekenen: Op den weg des vredes.… In naam des Heeren!↑

2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑

2Mompeer, mameer, momfreer en maseur, (bladz.8) zijn Maastrichter uitdrukkingen, afkomstig van de Fransche uitdrukkingen:monpère,mamère,monfrère,masoeur. Het komieke ten dezen is, dat de bezittelijke voornaamwoorden daarbij behouden blijven, al hebben ze geen recht van bestaan. Zoo zal een Maastrichtenaar zich uitdrukken: „Wie geit et met eure mompeer? Hoe vaart uw vader?” of: „ig hub eur maseur gepuund. Ik heb uwe zuster gezoend.”↑

3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑

3Pangue lingua(bladz.8) zijn de beginwoorden van een lofzang, die veelal bij de opheffing van of bij den zegen met de Hostie aangeheven wordt.↑

4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑

4De „Lévrier” (bladz.9) is sedert jaren het voornaamste hotel van Maastricht.↑

5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑

5Vade retro Satanas(bladz.11) beteekent: Wijk terug, o Satan.↑

6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abc

6Sub tuum presidium confugimus sancta Dei genetrix(bladz.17) beteekent: „Onder uwe hoede nemen wij onze toevlucht, o Heilige moeder Gods.” Is het begin van een gebed tot Maria.↑abc

II. Te Rolduc.7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑

7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑

7Crypte, (bladz.24). Zoo wordt een onderaardsch gedeelte eener Roomsche kerk genoemd, hetwelk gewoonlijk onder het koor aangetroffen wordt. Niet alle Roomsche kerken hebben evenwel Crypten.↑

8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑

8De Eerw. heer Canoy, (bladz.24) destijds professeur en philosophie, was een der humaanste en liefderijkste docenten te Rolduc.↑

9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑

9Sancta Lydia, ora pro nobis(bladz.25) beteekent: Heilige Lydia, bid voor ons.↑

10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑

10Compareat(bladz.33) beteekent: dat hij verschijne!↑

11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑

11Vere dignum et justum est(bladz.41) beteekent: het is inderdaad waardig en billijk. Het zijn de eerste woorden van een indrukwekkenden gebedzang, die gedurende het misoffer de consecratie der Hostie voorafgaat.↑

12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑

12Ecce agnus Dei qui tollit peccata mundi(bladz.41) beteekent: Zie hier het lam Gods, dat de zonden der wereld draagt.↑

III. Een man over boord.13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑

13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑

13In manus tuas Domine, commendo spiritum meum(bladz.45) beteekent: In uwe handen, o Heer, beveel ik mijnen geest.↑

14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑

14De profondis clamavi ad te Domine, Domine exaudi vocem meam(bladz.45) beteekent: Uit de diepte heb ik tot u geroepen, o Heer! Heer, verhoor mijne stem. Is het beginvers van een psalm.↑

IV. Bij het Koloniaal Werfdepôt.15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑

15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑

15Zoo is menige toekomst ergerlijk verwoest geworden, (bladz.77). Thans is het aannemen van handgeld geen beletsel meer om officier te worden. Die naam van handgeld is ook veranderd en heet thans premie.↑

I. Naar zee.16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑

16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑

16De Balg (bladz.97) is eene uitgestrekte zandbank, die oostwaarts van Nieuwediep in de Zuiderzee gelegen is.↑

17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑

17Het Enkhuizer zand (bladz.99) is eene belangrijke zandbank, die zich in de Zuiderzee tusschen Enkhuizen en het eiland Urk uitstrekt.↑

18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑

18Lutjeswaard (bladz.100) is eene zandbank in de Zuiderzee ten noorden van het eiland Wieringen.↑

19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑

19Bakboord (bladz.106) wordt de linker- en stuurboord de rechterzij van het schip genoemd.↑

20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑

20Brassen (bladz.109) is de benaming van het stellen der razeilen in de gewenschte richting om den wind op te vangen. Vierkant brassen is de ras loodrecht op de lengteas van het schip brengen. Geschiedt wanneer de wind vlak van achteren inkomt.↑

21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑

21Bezaanschoot aan! (bladz.110). Het aanhalen van den schoot van het bezaanzeil, duidt steeds op goed weer en goede gelegenheid. Daarom wordt veelal na die manoeuvre aan de bemanning een extra oorlam verstrekt. Dientengevolge heeft het commando van: bezaanschoot aan! de beteekenis van eene extra verstrekking van jenever gekregen.↑

22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑

22A. V. H. (bladz.111) de voorletters eener handelsfirma te Rotterdam, is het merk van een der beste jeneversoorten, die[387]naar Indië verscheept worden. Die drie kapitale letters hebben daar eene treurige vermaardheid.↑

23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑

23Boontje (bladz.113). Boon, of liever witte boon, was destijds een schimpnaam, die door het volk in Nederland jegens militairen, maar vooral jegens infanteristen, gebezigd werd.↑

II. In de Noordzee.—Kennismaking.24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑

24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑

24Te kooi (bladz.116). De zeelieden noemen hunne hangmat of slaapstede kooi. De wacht te kooi beteekent dus: in bed liggen.↑

25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑

25Noord-Hinder (bladz.116) is eene zandbank in de Noordzee, waarop een lichtschip op 51° 47′ noorderbreedte en op 2° 38′ oosterlengte van Greenwich gelegen is. In de nabijheid liggen de banken West- en Oost-Hinder, Fairybank en Bligh Bhinks.↑

26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑

26De koebrug (bladz.120). Op deFernandina Maria Emmastond de groote boot op het dek tusschen den grooten- en fokkemast gesjord. Boven die boot was eene stelling aangebracht, waarop waarlooze stengen, raas, rondhouten, enz. geborgen lagen, die als het ware eene brug boven die boot vormden. Die brug werd koebrug genoemd.↑

27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑

27Rosa Damascena (bladz.120) is de geleerde naam van onzePerzischeroos.↑

28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑

28Kerk (bladz.121) is een vertrek in het achtergedeelte van het schip, waarop de hutten der passagiers uitgang hebben. Bij groote passagiers-stoombooten wordt dat vertrek met den naam salon bestempeld.↑

29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑

29Fokkemast (bladz.123) is de naam van den voorsten mast. De tweede heet groote mast en de derde, bij een fregat zooals deFernandina Maria Emmawas, heet kruismast.↑

30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑

30Sandettie en Goodwin’s sand (bladz.123) zijn zandbanken in de Noordzee meer onder de Engelsche kust. Eerstgenoemde nagenoeg in het midden van het vaarwater tusschen Ramsgate en Duinkerken gelegen.↑

31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑

31Grietje geien (bladz.123). Een fregat heeft aan den kruismast de navolgende vierkante zeilen: beneden het bezaanzeil, daarboven het bagijnezeil, verder het kruiszeil en daarboven het grietje; aan den grooten mast: het grootzeil, het groot marszeil, het groot bramzeil en het groot bovenbramzeil; en aan den fokkemast: de fok, het voormarszeil, het voorbramzeil en het voorboven bramzeil.↑

32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑

32Vaam (bladz.124) of vadem is eene lengtemaat gelijk aan 1.83 M.↑

III. Verdere kennismaking.—In het Kanaal.33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑

33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑

33Den Burg (bladz.139) was destijds en is nog, meen ik, het voornaamste logement te Nieuwediep.↑

34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑

34Dum nihil est in poculo!(bladz.140) beteekent: Wijl niets meer in den beker is!↑

35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑

35Kondeh (bladz.142). In Indië kammen, zoowel de Europeesche dames als de vrouwen des lands, zich het haar glad naar achteren, en binden den geheelen haardos, die gewoonlijk rijk en prachtig moet genoemd worden, in een wrong tegen het achterhoofd op, alwaar hij met een paar haarspelden bevestigd wordt. Die zoo opgebonden wrong wordt kondeh genoemd.↑

36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑

36Zeilen tegengebrast (bladz.150). Tegenbrassen noemt men de zeilen zoo stellen, dat de wind aan den voorkant invalt. Wanneer een gedeelte der zeilen voor den wind en de andere tegengebrast zijn, dan vernietigen die beide krachten elkander en blijft het schip nagenoeg stationnair.↑

IV. In den Atlantischen Oceaan.37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑

37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑

37Een melkmeisje er van maken (bladz.159). Wanneer het schip aan beide zijden lijzeilen voert, hetgeen slechts met zeer ruimen wind kan geschieden, dan wordt de vergelijking van het melkmeisje, met hare melkemmers aan weerszijden, gemaakt.↑

38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑

38Een oppertje (bladz.168) komt van opperwal, welke term door de zeelieden gebezigd wordt, om een eiland, eene kust, eene landtong, eene kaap, enz. te beduiden, die boven den heerschenden wind ligt en dus daartegen dekt. Achter zoo’n opperwal ligt een schip veilig. Overdrachtelijk wordt nu aan boord ieder voorwerp een oppertje genoemd, dat tegen den wind beschut.↑

V. Eene stortzee.39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑

39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑

39Pardoens (bladz.174). De stengen, de verlengstukken der masten, worden voor gesteund door de stagen en zijdelings-achterwaarts door de pardoens. Stagen en pardoens bestaan uit zwaar touwwerk, evenwel van mindere dikte dan dat, waaruit het want bestaat.↑

40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑

40Sapada, bawa minoeman!(bladz.185) beteekent: Hei daar, breng drank! Het woordsapadais verbasterd vansi apa ada, hetgeen beteekent: Wie is er? een gewone uitdrukking in Indië om een bediende te roepen.↑

VI. Dobberende bij de Canarische eilanden.41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑

41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑

41Dobberende bij de Canarische eilanden (bladz.191). De schrijver bracht inOctober1872 met het schip Kosmopoliet III vier dagen tusschen de Canarische eilanden door. Debijzonderhedenbij die gelegenheid omtrent Teneriffe opgeteekend, worden hier weergegeven. Het verhaal van de schipbreuk derSenhora Dolorèsis overgenomen uit het journaal van een scheepsgezagvoerder,[389]die mij dat later toevertrouwde. De aardrijkskundigebijzonderhedenvan die aanteekeningen en van dat journaal werden bij het terneerstellen van dit verhaal getoetst aan de zeekaart:the Canary-Islandssurveyed by CaptnA. T. E.Vidaland LieuttArlettR. N. Officers of H. M. S.Etna.↑

42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑

42Theorie houden (bladz.192) wordt in de Indische militaire wereld genoemd: het geestdoodend opdreunen van de van buiten geleerde reglementen.↑

43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑

43Een halfdekje slaan (bladz.197) beteekent: Het halfdek—dat gedeelte van het dek, hetwelk zich tusschen den grooten mast en den spiegel uitstrekt—op en neer wandelen.↑

44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab

44Cocospalm (bladz.201) = Cocos nucifera; Dadelpalm = Phoenix dactylifera; Drakenbloedboom = Dracaena draco; Pisang-soorten = Musaceën, waaronder de Musa paradisiaca.↑ab

45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑

45De drakenbloedboom te Orotava (bladz.203) bestaat niet meer. Ongeveer twaalf jaren geleden werd hij door een orkaan midden doorgescheurd en werden zijne overblijfselen voor en na voor brandhout gebezigd.↑

46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑

46Kaap Clear en Mizen Point (bladz.207) zijn de zuidelijkste en zuidwestelijkste punten van Ierland.↑

47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑

47Teneriffe-wijn (bladz.209) is een soort Madeira-wijn.↑

VII. Tusschen de keerkringen.48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑

48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑

48Corregidor (bladz.217). Zoo werd in Spanje en in de koloniën van dat rijk, voor de invoering der nieuwe gemeentewet, de voorzitter van den stedelijken raad genoemd, die behalve met het bestuur tevens met de rechtspraak belast was.↑

VIII. De Muiterij.49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑

49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑

49Het kabelgat (bladz.231) is een nauw hok voor den fokkemast, waarin gewoonlijk kabels, touwwerk, oude zeilen, enz. geborgen worden. Wordt veelal gebruikt tot arrestkamer om weerspannigen te straffen.↑

50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑

50Blikvuren (bladz.240) zijn vuurwerkerssignalen met gekleurd licht.↑

IX. Eene lijkplechtigheid aan boord.51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑

51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑

51De patrijspoortjes (bladz.254) zijn de luiken of vensters in de zijden van het schip, waardoor licht en lucht toetreden kan. De naam patrijspoort is waarschijnlijk eene verbastering van batterijpoort.↑

52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑

52Het phosphoresceeren der zee (bladz.258) wordt veroorzaakt door microscopische zeedieren, waaronder de Noctiluca miliaris eene hoofdrol vervult. Bijna alle groepen van zeedieren evenwel, als: infusoriën, polypen, actiniën, kwallen, medusen, zeesterren, huidzakdieren, schelpdieren, raderdiertjes en kreeftensoorten, werken daartoe mede.↑

53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑

53Spinnekop (bladz.259) wordt genoemd: een blok met ingeschoren lijntjes, waaraan de zonnetent bevestigd is. Door dit blok, hetwelk gewoonlijk aan een der stagen bevestigd is, kan de zonnetent op- en neergehaald worden. Het geheel lijkt veel op eene spin in haar web.↑

54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑

54Makreelen (bladz.264) = Scomber scombrus.↑

55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑

55Menschen-haaien (bladz.265) = Squalus carchrias.↑

56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑

56Thonijn(bladz.266) = Thynnus vulgaris.↑

57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑

57Boniet (bladz.266) = Thynnus pelamys.↑

X. Naar Brazilië’s hoofdstad.58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑

58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑

58De Doraden (bladz.271) behooren tot de Makreelen (Scomberoïdei). De geleerden noemen die vischsoort met den algemeenen naam Coryphaena. Er zijn vele Coryphaenae-soorten, waarvan de C. pelagica de meest menigvuldige in den Atlantischen Oceaan is en de C. hippurus in de Middellandsche zee.↑

59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑

59De hoogvlieger (bladz.273). Onder de vliegende visschen is de Exocoetus volitans.↑

60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑

60De op bladz.277–280 en later volgende mededeelingen omtrent Rio Janeiro zijn getrokken uit een manuscript-dagboek van een officier van het Ned. Ind. leger, dat door den schrijver getoetst werd aan het werk:South AmericabyA. GallengaLondon.Chapman and HallLimited 193Piccadilly, en aan de zeekaart:Rio de Janeiro Harbourfrom achartbyJ. de LamareCaptnBrazilian navy 1847, with additions and corrections by CaptnE. O. Stanley,G. H. Richardsand LieuttC. BullockR. N.↑

61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑

61Palmwijn (bladz.281). De hier bedoelde is afkomstig van de Mauritia vinifera, wel het grootste, prachtigste en nuttigste specimen van de palmsoorten. Wordt in geheel Brazilië, maar vooral langs de Amazone in uitgestrekte bosschen, aangetroffen.↑

XI. Weer naar zee.62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑

62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑

62Djarak (bladz.292) = Ricinus communis.↑

63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑

63Stormzwaluwen (bladz.303) heeten bij de geleerden Procellaria pelagica.↑

XII. Een onderhoud—Bruinvisschen.64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑

64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑

64Ikan poes(bladz.320).Ikanbeteekent visch. Het woordpoesis afkomstig van het geluid, hetwelk de visch maakt bij het uitblazen van de lucht door het spuitgat, hetwelk hij boven op het hoofd heeft. Van dat woordpoesheeft de Dajak het woordmapoesvervaardigd in de beteekenis van: proestend, met gedruisch en ver wegspuwen.↑

XIII. Storm.—Om de zuid.65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑

65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑

65Kaap Agulhas, de zuidelijkste punt van Afrika, ligt op 32° 23′ zuiderbreedte en 19° 44′ oosterlengte niet ver van de Kaap de Goede Hoop (bladz.324).↑

66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑

66Slingerlatten (bladz.325) zijn latten, nagenoeg drie vingeren breed, die loodrecht op en langs den rand der tafel geplaatst worden. Met het tafelblad tot bodem vormen zij een soort bak, waarin borden enz. betrekkelijk veilig staan.↑

67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑

67Slingerborden (bladz.325) zijn in den regel schijfvormige plankjes, die door middel van drie touwtjes, welke zich in het ophangspunt vereenigen, aan de dekbalken bengelen. Die slingerborden hebben voldoende zwaarte om steeds loodrecht te blijven hangen, welke hellingen het schip ook bij het slingeren en stampen aanneemt.↑

68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑

68IJzerhoudend water (bladz.327). De watervoorraad aan boord is gewoonlijk besloten in ijzeren ketels, waarin het water eene roodachtige kleur en eenen onaangenamen smaak verkrijgt.↑

69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑

69Die voorspelling kwam uit (bladz.329). DeStad Leidenkwam drie dagen na de.…Fernandina Maria Emma—laten wij dien naam ook in de aanteekeningen blijven behouden—op Batavia’s reede aan.↑

70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑

70Zuidwesters (bladz.332) zijn bolvormige petten, gewoonlijk van geölied doek vervaardigd, die eene ver achteruitstekende klep van achteren hebben, zoodanig aangebracht, dat zij nek en ooren uitstekend beschut.↑

XIV. Kaapsche duiven en Albatrossen.71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑

71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑

71Jan in den zak (bladz.350) is eene koeksoort van meeldeeg, dat in een zak gekookt wordt. Behoort tot de lekkernijen aan boord.↑

72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑

72Spen (bladz.351) is op Java eene verbastering van dispens.↑

XV. In den Zuidoostpassaat.73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑

73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑

73Marion (bladz.356). In December 1872 stevende de schrijver met het schip Kosmopoliet III langs het eiland Marion. De hiervermeldebijzonderhedenwerden toen opgeteekend en thans getoetst aan de zeekaart:Prince Edward Islandsby CaptnL. S. N. R. Naresof H. M. S.Challenger.↑

74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑

74Vetganzen (bladz.357), ook Pingouïnen genaamd, behooren tot de familie der Alcinae. Bij de geleerden heeten zij Aptenodytes Patagonica.↑

XVI. Straat Sunda.75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑

75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑

75De eilanden Sint Paul en Amsterdam (bladz.367) liggen in den Indischen Oceaan op 37° zuiderbreedte.↑

76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑

76De tjoemi-tjoemi of inktvisch (bladz.374), is een weekdier uit de klasse der Cephalopoda (koppootigen) en uit de afdeeling der Decapoda (tienpootigen). Bij de geleerden heet hij in het algemeen Sepia, waarvan de Sepia officinalis wel de meest talrijke soort is.↑

77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑

77Tandjoeng Blimbieng (bladz.381) beteekent de Blimbieng-kaap. Blimbieng is oen boom, die van 15 tot 20 voet hoog wordt. Hij heet bij de geleerden Averrhoa carambola, en hoort tot de order der Oxalideeën (klaver-zuringachtige). De vrucht—eene bes—is zeer smakelijk, vrij groot, vijfhoekig met scherpe randen, en heeft eene zeer dunne, groene schil, die bij het rijp worden geel wordt. Er zijn twee soorten: de Blimbieng manies—de bovenbedoelde—en de Blimbieng assem, Averrhoa Bilimbi.↑

78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑

78Mangistan (bladz.382) = Garcinia Mangostana, eene overheerlijke vrucht, die door een Engelschman Sir E. Tennent vergeleken werd met: welriekende sneeuw.↑

79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑

79Doerian of Doeren (bladz.382) = Doerio Zebethinus, eene lekkere, maar zeer sterk riekende vrucht. Wij vonden ergens door een Franschman omtrent die vrucht opgeteekend: „Il a tout à la fois la saveur de plusieurs fruits et légumes, de la crême et en même temps une odeur de concombre et d’ail, en sorte qu’il semble d’abord fétide et repoussant; mais il parait qu’on s’y fait peu à peu et qu’on le trouve ensuite délicieux.” Wij onderschrijven die uitspraak ten volle.↑

80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑

80Slamat tahoen baroe(bladz.382) = nieuwjaars-heilwensch.↑

81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑

81Ramboetan (bladz.382) = Nephelium lappaceum, ook eene zeer gewilde vrucht.↑

82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑

82Tien kojangs prauwen (bladz.384) zijn vaartuigen, die tien kojangs kunnen laden. Een kojang = 30 pikols. Een pikol = 61,76125 kilogram. Een tien kojangs prauw kan dus ruim 18528 kilogrammen laden. Het zijn logge vaartuigen met een mast, die een gaffel- en een kluiverzeil voert.↑

ColofonBeschikbaarheidDit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie in dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.Dit eBoek is geproduceerd door het on-line gedistribueerd correctieteam opwww.pgdp.net.MetadataTitel:Naar den EquatorAuteur:Michaël Théophile Hubert Perelaer (1831–1901)Infohttps://viaf.org/viaf/63940690/Aanmaakdatum bestand:2022-10-09 13:59:15 UTCTaal:Nederlands (Spelling De Vries-Te Winkel)Oorspronkelijke uitgiftedatum:1894CoderingDit boek is weergegeven in oorspronkelijke schrijfwijze. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn verbeterd. Deze verbeteringen zijn aangegeven in de colofon aan het einde van dit boek.Documentgeschiedenis2022-10-07 Begonnen.VerbeteringenDe volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:BladzijdeBronVerbeteringBewerkingsafstandvDirekteurDirecteur1v,vi,66,74Nederlandsch IndiëNederlandsch-Indië1vi,191,389,288,355,356bizonderhedenbijzonderheden1viiWerfdepotWerfdepôt1 / 03bizonderbijzonder18vade-mecumvademecum19en „„en219trachttettrachtet120,56,59,74,97,121,181,183,186,197,347,348,368[Niet in bron]„123geneuchtengeneugten230,68,74,132,197,200”[Verwijderd]136veelmeerveel meer136DusseldorfDüsseldorf1 / 044,141,204,354[Niet in bron].145,56,70,71,78,89,97,102,121,131,162,183,185,202,203,219,369[Niet in bron]”150,92,102,105,188,358»„150oudederlijkeouderlijke250aan sloegaansloeg151,132,336„[Verwijderd]154SchoppenhauerSchopenhauer162StaatStraat162,67,102,204,204,303,340,340,347,348,348,348,359[Niet in bron],171?.174latenp hotografeerenlaten photografeeren276afgeëxcerseerdafgeëxerceerd282,117,120Nederlandsch IndischeNederlandsch-Indische192belett’enbeletten198,191OktoberOctober1104modermoeder1104gendaggoedendag3105HerculusHercules1109vanaan1110welkomsgroetwelkomstgroet1119toonenteenen2120PersischePerzische1130onderoffieren-verblijfonderofficieren-verblijf2138BeachyheadBeachy Head2140,222,[Verwijderd]1140DuinDum2144,.1149schrijverijënschrijverijen1 / 0149achter dekachterdek1155-—1155nie-meenenniet meenen2156fokke zeilfokkezeil1156voo-denvoor den2157recipientrecipiënt1 / 0159,237,237,325,327vanVan1165,230’”1166Dat’sDat ’s1170HernamHerman2185, „2185antwoordddeantwoordde1187ge-egenheidgelegenheid1189-[Verwijderd]1193detachements kommandantdetachements-kommandant1199TeydoTeyde1204geleerdegeleerden1210XIIVII1220grietjegeiengrietje geien1226.[Verwijderd]1227,250bizonderheidbijzonderheid1232hennepenhenneppen1257wettenmetten1259opspatt’enopspatten1259ScorpioenSchorpioen1260jon gmanjongman1266ThonynThonijn2266-1280oorlogschepenoorlogsschepen1280charthchart1284mij zelvenmijzelven1286,292,293,293beafsteakbeefsteak1295roastbeafroastbeef129950.00050,0001327,328lekkernijënlekkernijen1 / 0368gesmeeddegesmede2368kondekonden1370traditionneeletraditioneele1383Java walJavawal1

Dit eBoek is voor kosteloos gebruik door iedereen overal, met vrijwel geen beperkingen van welke soort dan ook. U mag het kopiëren, weggeven of hergebruiken onder de voorwaarden van de Project Gutenberg Licentie in dit eBoek of on-line opwww.gutenberg.org.

Dit eBoek is geproduceerd door het on-line gedistribueerd correctieteam opwww.pgdp.net.

Dit boek is weergegeven in oorspronkelijke schrijfwijze. Afgebroken woorden aan het einde van de regel zijn stilzwijgend hersteld. Kennelijke zetfouten in het origineel zijn verbeterd. Deze verbeteringen zijn aangegeven in de colofon aan het einde van dit boek.

De volgende verbeteringen zijn aangebracht in de tekst:


Back to IndexNext