De dampkringsdrukking.

De dampkringsdrukking.De dampkringsdrukking.Onze teekening gelijkt veel op de strooibiljetten van fabrikanten van kitlijm om glas en porcelein te repareeren; wij hebben echter geen lijm noodig, om de afgebeelde borden, glazen en flesschen aan elkaar te doen kleven. Wij zullen eenvoudig van de dampkringsdrukking gebruik maken, en de verschillende proeven, welke wij zullen opgeven, zijn slechts wijzigingen van de classieke proef met de Maagdeburger halve bollen.Daar wij geene luchtpomp te onzer beschikking hebben, is de verdunning der lucht, welke wij verkrijgen kunnen, niet zeer aanzienlijk; voor de verschillende gevallen, welke wij zullen beschouwen, is zij echter voldoende.Het glas en het bord.Hang een glas het onderst boven aan de zoldering en houd er een brandend stuk papier onder; de lucht in het glas zal dan door de verwarming uitzetten en ijler worden; houdt men nu vóór de afkoeling een bord stevig tegen het glas, dan zal dit er door de dampkringsdrukking stevig tegen gedrukt worden, als de lucht in het glas weder afgekoeld is, en daardoor minder spanning gekregen heeft. Om het indringen van lucht in het glas te voorkomen, moet ge aan den rand van het glas een weinig kaarsvet smeren.Het bord en de flesch.Daar de oppervlakte der doorsnede van den hals eener flesch niet groot is, slaagt deze proef niet zeer gemakkelijk: zij kan echter gelukken, als men de lucht zoo volkomen mogelijk uit de flesch verwijdert; houd daartoe den hals der flesch boven een ketel kokend water: is de lucht in de flesch door den waterdamp verdreven, dan drukt ge haar, na den rand van den hals van kaarsvet voorzien te hebben, tegen het bord; na de afkoeling van den waterdamp en de dientengevolge ontstane vermindering van spanning in de flesch, blijft deze aan het bord hangen.De twee aan elkaar klevende flesschen.Twee flesschen met de bodems tegen elkaar, of eene flesch met den bodem tegen een bord gedrukt, zijn proeven welke gemakkelijker slagen; houd de bodems slechts boven den ketel kokend water en handel verder als bij de vorige proeven.Het is hier de plaats niet, om in uitvoerige berekeningen te treden; het zal voldoende zijn, met een enkel voorbeeld aan te toonen, dat in deze proeven niets bevreemdends ligt.Immers, wij weten, dat tengevolge van hetgewicht der lucht (evenwicht makende met de kwikkolom van 76 cM. in den barometer), de door den dampkring uitgeoefende drukking 1,033 KG. per cM2. bedraagt. Wanneer dus de holte in den bodem eener flesch volkomen luchtledig was gemaakt, zou die bodem (als de oppervlakte daarvan op 30 cM2. gesteld wordt) een gewicht van 30 KG. kunnen dragen.

De dampkringsdrukking.De dampkringsdrukking.Onze teekening gelijkt veel op de strooibiljetten van fabrikanten van kitlijm om glas en porcelein te repareeren; wij hebben echter geen lijm noodig, om de afgebeelde borden, glazen en flesschen aan elkaar te doen kleven. Wij zullen eenvoudig van de dampkringsdrukking gebruik maken, en de verschillende proeven, welke wij zullen opgeven, zijn slechts wijzigingen van de classieke proef met de Maagdeburger halve bollen.Daar wij geene luchtpomp te onzer beschikking hebben, is de verdunning der lucht, welke wij verkrijgen kunnen, niet zeer aanzienlijk; voor de verschillende gevallen, welke wij zullen beschouwen, is zij echter voldoende.Het glas en het bord.Hang een glas het onderst boven aan de zoldering en houd er een brandend stuk papier onder; de lucht in het glas zal dan door de verwarming uitzetten en ijler worden; houdt men nu vóór de afkoeling een bord stevig tegen het glas, dan zal dit er door de dampkringsdrukking stevig tegen gedrukt worden, als de lucht in het glas weder afgekoeld is, en daardoor minder spanning gekregen heeft. Om het indringen van lucht in het glas te voorkomen, moet ge aan den rand van het glas een weinig kaarsvet smeren.Het bord en de flesch.Daar de oppervlakte der doorsnede van den hals eener flesch niet groot is, slaagt deze proef niet zeer gemakkelijk: zij kan echter gelukken, als men de lucht zoo volkomen mogelijk uit de flesch verwijdert; houd daartoe den hals der flesch boven een ketel kokend water: is de lucht in de flesch door den waterdamp verdreven, dan drukt ge haar, na den rand van den hals van kaarsvet voorzien te hebben, tegen het bord; na de afkoeling van den waterdamp en de dientengevolge ontstane vermindering van spanning in de flesch, blijft deze aan het bord hangen.De twee aan elkaar klevende flesschen.Twee flesschen met de bodems tegen elkaar, of eene flesch met den bodem tegen een bord gedrukt, zijn proeven welke gemakkelijker slagen; houd de bodems slechts boven den ketel kokend water en handel verder als bij de vorige proeven.Het is hier de plaats niet, om in uitvoerige berekeningen te treden; het zal voldoende zijn, met een enkel voorbeeld aan te toonen, dat in deze proeven niets bevreemdends ligt.Immers, wij weten, dat tengevolge van hetgewicht der lucht (evenwicht makende met de kwikkolom van 76 cM. in den barometer), de door den dampkring uitgeoefende drukking 1,033 KG. per cM2. bedraagt. Wanneer dus de holte in den bodem eener flesch volkomen luchtledig was gemaakt, zou die bodem (als de oppervlakte daarvan op 30 cM2. gesteld wordt) een gewicht van 30 KG. kunnen dragen.

De dampkringsdrukking.De dampkringsdrukking.

De dampkringsdrukking.

Onze teekening gelijkt veel op de strooibiljetten van fabrikanten van kitlijm om glas en porcelein te repareeren; wij hebben echter geen lijm noodig, om de afgebeelde borden, glazen en flesschen aan elkaar te doen kleven. Wij zullen eenvoudig van de dampkringsdrukking gebruik maken, en de verschillende proeven, welke wij zullen opgeven, zijn slechts wijzigingen van de classieke proef met de Maagdeburger halve bollen.Daar wij geene luchtpomp te onzer beschikking hebben, is de verdunning der lucht, welke wij verkrijgen kunnen, niet zeer aanzienlijk; voor de verschillende gevallen, welke wij zullen beschouwen, is zij echter voldoende.Het glas en het bord.Hang een glas het onderst boven aan de zoldering en houd er een brandend stuk papier onder; de lucht in het glas zal dan door de verwarming uitzetten en ijler worden; houdt men nu vóór de afkoeling een bord stevig tegen het glas, dan zal dit er door de dampkringsdrukking stevig tegen gedrukt worden, als de lucht in het glas weder afgekoeld is, en daardoor minder spanning gekregen heeft. Om het indringen van lucht in het glas te voorkomen, moet ge aan den rand van het glas een weinig kaarsvet smeren.Het bord en de flesch.Daar de oppervlakte der doorsnede van den hals eener flesch niet groot is, slaagt deze proef niet zeer gemakkelijk: zij kan echter gelukken, als men de lucht zoo volkomen mogelijk uit de flesch verwijdert; houd daartoe den hals der flesch boven een ketel kokend water: is de lucht in de flesch door den waterdamp verdreven, dan drukt ge haar, na den rand van den hals van kaarsvet voorzien te hebben, tegen het bord; na de afkoeling van den waterdamp en de dientengevolge ontstane vermindering van spanning in de flesch, blijft deze aan het bord hangen.De twee aan elkaar klevende flesschen.Twee flesschen met de bodems tegen elkaar, of eene flesch met den bodem tegen een bord gedrukt, zijn proeven welke gemakkelijker slagen; houd de bodems slechts boven den ketel kokend water en handel verder als bij de vorige proeven.Het is hier de plaats niet, om in uitvoerige berekeningen te treden; het zal voldoende zijn, met een enkel voorbeeld aan te toonen, dat in deze proeven niets bevreemdends ligt.Immers, wij weten, dat tengevolge van hetgewicht der lucht (evenwicht makende met de kwikkolom van 76 cM. in den barometer), de door den dampkring uitgeoefende drukking 1,033 KG. per cM2. bedraagt. Wanneer dus de holte in den bodem eener flesch volkomen luchtledig was gemaakt, zou die bodem (als de oppervlakte daarvan op 30 cM2. gesteld wordt) een gewicht van 30 KG. kunnen dragen.

Onze teekening gelijkt veel op de strooibiljetten van fabrikanten van kitlijm om glas en porcelein te repareeren; wij hebben echter geen lijm noodig, om de afgebeelde borden, glazen en flesschen aan elkaar te doen kleven. Wij zullen eenvoudig van de dampkringsdrukking gebruik maken, en de verschillende proeven, welke wij zullen opgeven, zijn slechts wijzigingen van de classieke proef met de Maagdeburger halve bollen.

Daar wij geene luchtpomp te onzer beschikking hebben, is de verdunning der lucht, welke wij verkrijgen kunnen, niet zeer aanzienlijk; voor de verschillende gevallen, welke wij zullen beschouwen, is zij echter voldoende.

Het glas en het bord.Hang een glas het onderst boven aan de zoldering en houd er een brandend stuk papier onder; de lucht in het glas zal dan door de verwarming uitzetten en ijler worden; houdt men nu vóór de afkoeling een bord stevig tegen het glas, dan zal dit er door de dampkringsdrukking stevig tegen gedrukt worden, als de lucht in het glas weder afgekoeld is, en daardoor minder spanning gekregen heeft. Om het indringen van lucht in het glas te voorkomen, moet ge aan den rand van het glas een weinig kaarsvet smeren.

Het bord en de flesch.Daar de oppervlakte der doorsnede van den hals eener flesch niet groot is, slaagt deze proef niet zeer gemakkelijk: zij kan echter gelukken, als men de lucht zoo volkomen mogelijk uit de flesch verwijdert; houd daartoe den hals der flesch boven een ketel kokend water: is de lucht in de flesch door den waterdamp verdreven, dan drukt ge haar, na den rand van den hals van kaarsvet voorzien te hebben, tegen het bord; na de afkoeling van den waterdamp en de dientengevolge ontstane vermindering van spanning in de flesch, blijft deze aan het bord hangen.

De twee aan elkaar klevende flesschen.Twee flesschen met de bodems tegen elkaar, of eene flesch met den bodem tegen een bord gedrukt, zijn proeven welke gemakkelijker slagen; houd de bodems slechts boven den ketel kokend water en handel verder als bij de vorige proeven.

Het is hier de plaats niet, om in uitvoerige berekeningen te treden; het zal voldoende zijn, met een enkel voorbeeld aan te toonen, dat in deze proeven niets bevreemdends ligt.

Immers, wij weten, dat tengevolge van hetgewicht der lucht (evenwicht makende met de kwikkolom van 76 cM. in den barometer), de door den dampkring uitgeoefende drukking 1,033 KG. per cM2. bedraagt. Wanneer dus de holte in den bodem eener flesch volkomen luchtledig was gemaakt, zou die bodem (als de oppervlakte daarvan op 30 cM2. gesteld wordt) een gewicht van 30 KG. kunnen dragen.


Back to IndexNext