1Oorspronkelijk natuurlijk perel.
1Oorspronkelijk natuurlijk perel.
2Oorspronkelijk “weer.”
2Oorspronkelijk “weer.”
3Johan Wilhelm Wolf. Niederländische Sagen (S. 30 en 31).
3Johan Wilhelm Wolf. Niederländische Sagen (S. 30 en 31).
4“Witte wiven” heb ik niet als trawanten van den Duivel gevonden, zij het, dat ze bij Tubbergen de “lokkende zonde” voorstellen, ook wel bij Holten, bij Tubbergen voor vrouwen, bij Holten en vele andere plaatsen voor mannen. Spokende honden, kalveren, hazen en gedaanten komen nog wel voor (een spokend kalf o.a. op het Bolwerk bij Dokkum, een ‘witte man,’ een witte haas bij Zwolle).
4“Witte wiven” heb ik niet als trawanten van den Duivel gevonden, zij het, dat ze bij Tubbergen de “lokkende zonde” voorstellen, ook wel bij Holten, bij Tubbergen voor vrouwen, bij Holten en vele andere plaatsen voor mannen. Spokende honden, kalveren, hazen en gedaanten komen nog wel voor (een spokend kalf o.a. op het Bolwerk bij Dokkum, een ‘witte man,’ een witte haas bij Zwolle).
5Cursiveering van mij.
5Cursiveering van mij.
6Dat er toovenaars waren, die het weder konden maken, is een geloof, dat sinds langen tijd heeft bestaan en in vele landen (Afrikaansche regenmakers) voorkomt.
6Dat er toovenaars waren, die het weder konden maken, is een geloof, dat sinds langen tijd heeft bestaan en in vele landen (Afrikaansche regenmakers) voorkomt.
7Dit geloof in der heksen macht en boosaardigheid duurt tot, men kan zeggen, dezen tijd voort. De door mij behandelde sage is er een goed voorbeeld van.
7Dit geloof in der heksen macht en boosaardigheid duurt tot, men kan zeggen, dezen tijd voort. De door mij behandelde sage is er een goed voorbeeld van.
8Gewone pijnigingsmiddelen.
8Gewone pijnigingsmiddelen.
9Gewone pijnigingsmiddelen.
9Gewone pijnigingsmiddelen.
10Werd algemeen toegepast. Zie ook Hansen: Zauberwahn, Inquisition und Hexenprozesz im Mittelalter. De reden vindt men later in den brief.
10Werd algemeen toegepast. Zie ook Hansen: Zauberwahn, Inquisition und Hexenprozesz im Mittelalter. De reden vindt men later in den brief.
11Hansen, Joseph. Quellen und Untersuchungen zur Geschichte des Hexenwahns und der Hexenverfolgung im Mittelalter.
11Hansen, Joseph. Quellen und Untersuchungen zur Geschichte des Hexenwahns und der Hexenverfolgung im Mittelalter.
12Men leze hierover b.v. Scherr, Johannes Menschliche Tragikomödie (ed. Volksausgabe Leipzig Hesse und Becker) sechster Band: Die Hexe von Glarus.
12Men leze hierover b.v. Scherr, Johannes Menschliche Tragikomödie (ed. Volksausgabe Leipzig Hesse und Becker) sechster Band: Die Hexe von Glarus.
13Ontdecking van Toverij.
13Ontdecking van Toverij.
14Men zal hebben opgemerkt, dat van hekserij altijd vrouwen, nooit mannen werden beschuldigd. Dit is voornamelijk te wijten aan het boek “Malleus Malificarum” (1486), de “Heksenhamer,” van Heinrich Institoris en Jakob Sprenger. In mijn bezit bevindt zich nog de “Historie van 't gheene geschiet is in Artoys inde stadt van Atrecht” in 1459, waarbij verschillende mannen werden aangeklaagd van een bondgenootschap met den Duivel en duivelsche toovenarij.
14Men zal hebben opgemerkt, dat van hekserij altijd vrouwen, nooit mannen werden beschuldigd. Dit is voornamelijk te wijten aan het boek “Malleus Malificarum” (1486), de “Heksenhamer,” van Heinrich Institoris en Jakob Sprenger. In mijn bezit bevindt zich nog de “Historie van 't gheene geschiet is in Artoys inde stadt van Atrecht” in 1459, waarbij verschillende mannen werden aangeklaagd van een bondgenootschap met den Duivel en duivelsche toovenarij.
15Reeds in de 17⊇ eeuw is bij ons de opmerking gemaakt, hoe wonderlijk het eigenlijk is, dat de heksen, die immers een verbond met den duivel hadden gesloten, bijna steeds zonder middelen waren. Slechts in enkele gevallen (de sage van doktor Faustus in Leeuwarden) zien we, dat een rijkere dame verdacht wordt een heks te zijn.
15Reeds in de 17⊇ eeuw is bij ons de opmerking gemaakt, hoe wonderlijk het eigenlijk is, dat de heksen, die immers een verbond met den duivel hadden gesloten, bijna steeds zonder middelen waren. Slechts in enkele gevallen (de sage van doktor Faustus in Leeuwarden) zien we, dat een rijkere dame verdacht wordt een heks te zijn.
16Voor hem, die er belang in stelt verwijzen we weder naar Hansen: Zauberwahn, Inquisition und Hexenprozesz im Mittelalter.
16Voor hem, die er belang in stelt verwijzen we weder naar Hansen: Zauberwahn, Inquisition und Hexenprozesz im Mittelalter.
17Meermalen “zwerven” sagen van de eene plaats naar de andere, soms, nadat ze, soms vóórdat ze gedrukt zijn. Dan treden verschillende variaties te voorschijn. Dikwijls zijn het vagebonden, die de een of andere overlevering brengen van 't eene dorp in 't andere, en gaande over den weg, fantaseeren. Ook wel heeft men in sommige plaatsen lieden, die al pratende de variaties vinden.
17Meermalen “zwerven” sagen van de eene plaats naar de andere, soms, nadat ze, soms vóórdat ze gedrukt zijn. Dan treden verschillende variaties te voorschijn. Dikwijls zijn het vagebonden, die de een of andere overlevering brengen van 't eene dorp in 't andere, en gaande over den weg, fantaseeren. Ook wel heeft men in sommige plaatsen lieden, die al pratende de variaties vinden.
18Volksgeest niet te nemen inden zin van: “geest der kleine luyden.” Er zijn zeer ontwikkelde menschen, die den “voorloop” hebben of erin gelooven.
18Volksgeest niet te nemen inden zin van: “geest der kleine luyden.” Er zijn zeer ontwikkelde menschen, die den “voorloop” hebben of erin gelooven.
19Mr. L. Ph. C. van den Bergh. De Nederlandsche Volksromans.
19Mr. L. Ph. C. van den Bergh. De Nederlandsche Volksromans.
20Das Gedicht von Reinout gehört wenigstens in die zweite Hälfte des 13 Jahrhunderts. Mone. Übersicht der niederländischen Volks-Literatur älterer Zeit.
20Das Gedicht von Reinout gehört wenigstens in die zweite Hälfte des 13 Jahrhunderts. Mone. Übersicht der niederländischen Volks-Literatur älterer Zeit.
21De Fergus dagteekent naar alle waarschijnlijkheid uit de eerste jaren der XIII⊇ Eeuw en is het werk van Guillaume le Clerc. Verdam, Ferguut blz. III.
21De Fergus dagteekent naar alle waarschijnlijkheid uit de eerste jaren der XIII⊇ Eeuw en is het werk van Guillaume le Clerc. Verdam, Ferguut blz. III.