K.Kaaloorsche kermis62,70.Katwijck23.Kaserne282,283.Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.Kerk (Heeren)216.Kerk (Boeren)216.Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.Kienhout, zie Grondhout.Kralingen146.Kruidhuis282.Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.
K.Kaaloorsche kermis62,70.Katwijck23.Kaserne282,283.Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.Kerk (Heeren)216.Kerk (Boeren)216.Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.Kienhout, zie Grondhout.Kralingen146.Kruidhuis282.Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.
K.Kaaloorsche kermis62,70.Katwijck23.Kaserne282,283.Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.Kerk (Heeren)216.Kerk (Boeren)216.Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.Kienhout, zie Grondhout.Kralingen146.Kruidhuis282.Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.
K.Kaaloorsche kermis62,70.Katwijck23.Kaserne282,283.Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.Kerk (Heeren)216.Kerk (Boeren)216.Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.Kienhout, zie Grondhout.Kralingen146.Kruidhuis282.Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.
K.
Kaaloorsche kermis62,70.Katwijck23.Kaserne282,283.Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.Kerk (Heeren)216.Kerk (Boeren)216.Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.Kienhout, zie Grondhout.Kralingen146.Kruidhuis282.Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.
Kaaloorsche kermis62,70.
Katwijck23.
Kaserne282,283.
Kerk der Protestanten met den toren165–211,De standplaats van kerk en toren166–167,De tuf of cementsteen aan den toren167,169,De hooge ligging der kerk169,Wien de kerk eertijds was toegeweid169,171,Bouworde en constructie van kerk en toren171–190,Altaren in de kerk172–174,en hoegenaamd173–174,Merkwaardig doopvont176,Muur en gewelfschildering176,177,Oud orgel173en178,Nieuw orgel178,Ingangen der kerk168,179,Grafmonumenten179–185o. a. van,1o. Rud. Snellius van Rooijen179–182,2o. Dirk Tromper en gade182,3o. Cornelus Jacob van der Hoef183–184,4o. Den Ridder en Luitenant Colonel Johann Gibson; was onder het leger van den koning van Groot-Brittanie en kapitein ten dienste der staten Generaal184,5o. Oude muursteenen waarop namen van overlijden185,Ao. 1734 octrooi der Staten tot reparatie van kerk en toren186–189,De gedaante en de klokken des torens190–193,Opschriften en versierselen192–193,Oudheid der kerk193–195,Bediening der kerk195–198,Bedienaars der kerk198–200,Vicarijen en Vicarissen198–200,Priesters in de groote kerk200–203,Predikanten203–209.
Kerk (Heeren)216.
Kerk (Boeren)216.
Kerk Oude der R. C.221,Tegenwoordige221–223.
Kerk der Bisschoppelijke Clerezie222–223.
Kermis Oudewatersche wanneer eertijds65en nu70.
Kienhout, zie Grondhout.
Kralingen146.
Kruidhuis282.
Kloostervan St. Agnes225–230,hoe en waar dit ter dezer stede werd gevestigd227–230,de nonnen nemen eene andere orde aan230.
Klooster»van nonnen naar den3den regel van St. Franciscusorde van penitentie230–250,stichting, wanneer en waar231,231,beheer231, de nonnen zijn genoodzaakt te gaan vlugten en wat daarvan de reden was232–234,waarheen234–238,er komen andere nonnen van die orde binnen de stad238,wanneer238–239,Grave Philips weert de erfenissen van de geordenden240–242,bloei van het convent243,het klooster en zijne bezittingen worden eigendom der stad243,voorwaarden waarop de conventualen zouden onderhouden worden243–247,naamlijst der nonnen244,eervolle onderscheiding die men de procuraatster bewees244,bijzonderheden omtrent het gebouw247,249.