de voormalige latijnsche school.Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
de voormalige latijnsche school.Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
de voormalige latijnsche school.Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
de voormalige latijnsche school.Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
de voormalige latijnsche school.Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
de voormalige latijnsche school.
Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!
Nog tot in het laatst der 17 eeuw139mogtOudewaterzich beroemen, binnen zijne muren eene Latijnsche school te hebben, hetgeen voor een plaatsje als dit, zeer pleiten kon voor de welgesteldheid der ingezetenen.—Aangezien deze laatsten echter van tijd tot tijdverminderden, en men dientengevolge geen genoegzaam getal leerlingen op dezelve aanbragt, moest dezelve noodwendig vervallen.—Volgens resolutie der staten vanHollanddd. 25 Februarij Ao. 1600, bekwamOudewaterhet regt, op zijne beurt eene »beurssaal” te zenden in het Theologisch Collegie vanHollandbinnen de stadLeiden. Deze beurten moesten echter verwisseld wordentusschen deze plaats in het naburigeWoerdenzoodat ten allen tijde een dezer twee steden een student in voornoemd collegie had, achtervolgens besluit van hunne Ed. Groot. Mog. in derzelver hooge vergadering genomen, waar omtrent wij verwijzen, naar de resolutien vanHollanddd. 25 Junij 1666.
Deze resolutien en dit regt, werden echter ten jare 1797 vervallen verklaard en de herinnering, datOudewatereertijds een Latijnsche school bezat, bleef alleen in de geschiedrollen bestaan!