VOORBERIGT.

BESCHRIJVINGVAN HETPLANETARIUMVANEISINGA.De Schrijver van dit werkje, de beroemde geleerde,Jan Hendrik van Swinden, geboren den 8 Junij 1746 te’s Gravenhage, waar zijn vader Advokaat voor den Hove vanHollandwas, had slechts drie jaren aan de Hoogeschool teLeidengestudeerd, toen hij in 1766, en dus op slechts twintigjarigen ouderdom, beroepen werd tot Hoogleeraar in de Wijsbegeerte, Logica en Bovennatuurkunde aan Frieslands Hoogeschool teFraneker. Met voorbeeldigen ijver legde hij zich dáár op de Wis- en Natuurkunde toe, maakte zich verdienstelijk door belangrijke reeksen van waarnemingen, betreffende meteorologische, electrische en magnetische verschijnselen, vormde vele voortreffelijke leerlingen, en schreef een aantal geleerde werken. VoorFranekerwas het dus een groot verlies, toen hij in 1785 tot Hoogleeraar aan hetAthenæumteAmsterdamwerd beroepen. Daar ontwikkelde hij zich in volle grootheid, en was hij, bij alle omstandigheden en staatsveranderingen, voor de geleerde wereld en de belangen des vaderlands hoogst nuttig en als mensch beminnelijk en eerbiedwaardig. Geacht als de vierde in de rij der groote Natuurkundigen, die Neêrlands roem in de Natuurkunde bevorderd hebben, mogt het hem gebeuren aan vreemden, op hunnen eigen bodem, de treffendste blijken te geven van vernuft en geleerdheid, en onder zoo vele beroemde mannen met luister te schitteren. Hij overleed den 9 Maart 1823, in den ouderdom van ruim 76 jaren. Het getal zijner uitgegevene grootere en kleinere geschriften bedraagt ruim 90. AchttienAkademiënen Genootschappen hadden hem met het lidmaatschap vereerd. Zijne nagedachtenis werd op eene waardige wijze gehuldigd door de HoogleerarenD. J. van LennepenG. Mollen onderscheidene Dichters.EISE EISINGA,EISE EISINGA,Uitvinder en vervaardiger van het Planetarium te Franeker, geboren in 1744, overleden in 1828.Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.Jan BrouwerJ. H. VAN SWINDEN,BESCHRIJVINGVAN HETRIJKS-PLANETARIUMTEFRANEKER,van 1778 tot 1780UITGEDACHT EN VERVAARDIGD DOOREISE EISINGA.DERDE, MET BIJVOEGSELS EN AFBEELDINGEN VERMEERDERDE, DRUK,VOORAFGEGAAN DOORHET LEVEN VANEISINGAEN EENE GESCHIEDENISVAN ZIJN PLANETARIUM, DOORW. EEKHOFF,Archivarius der stad Leeuwarden.Te SCHOONHOVEN, bijS. E. van NOOTEN.1851.VOORBERIGT.De HeerS. E. van NootenteSchoonhoven,thans eigenaar van het kopyregt vanVan Swinden’s Beschrijving vanEisinga’s Planetarium,wenschte van dit sedert eenige jaren uitverkochte werkje een nieuwen druk te bezorgen. Bij verzocht mij, om het toezigt over die uitgave te houden en eene historische inleiding daar vóór te plaatsen, ter vervanging der Voorrede vanDo.J. Brouwer,voor den tweeden druk geplaatst, welke, als van tijdelijk belang, thans kwalijk herdrukt kon worden. Uit hoogachting voor den waardigenEisingaen zijn beroemd kunststuk, nam ik dit gaarne op mij, na mij van de hulp eens deskundigen te hebben verzekerd. Aan de volbrenging van die taak was echter veel meer moeite verbonden, dan ik mij had voorgesteld. Ik hoop echter in het volgendeLeven vanEisingaen Geschiedenis van zijn Planetariumalles bijeengebragt te hebben, wat ons omtrent beide duurzame belangstelling kan inboezemen.Bij de voortdurende belangstelling, welke het Planetarium mag ondervinden, moge de uitgave strekken, om de waarde van het kunststuk en de verdiensten van den vervaardiger meer algemeen en duurzaam te doen kennen en op prijs stellen.Leeuwarden,Julij 1851.W. Eekhoff.INHOUD.Bladz.Het Leven vanEise Eisingaen beknopte Geschiedenis van zijn Planetarium.1Opdragt van den eersten druk dezer Beschrijving aan Mr.S. P. van Swinden, J. U. D.Advocaat voor den Hove van Holland 1780.46Beschrijving van een volledig bewegelijk Hemels-gestel.53Inleiding.55EERSTE HOOFDSTUK.Algemeene schets van het geheele kunststuk.63TWEEDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het eigenlijk gezegde Planetarium.69DERDE HOOFDSTUK.Vergelijking van dit Planetarium met eenige anderen, voornamelijk die vanRoemer,Huigens,Desaguliers,Wrichten de beweegbare Sphaera der bibliotheek teLeiden.83VIERDE HOOFDSTUK.Over de zwarigheden, welke men in het vervaardigen van een Planetarium ontmoet.93VIJFDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het Hemelsplein en de Zonwijzers.I.Van het Hemelsplein.99II.Vergelijking van dit Hemelsplein met eenige andere.110III.Van de Zonwijzers.118ZESDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het derde en laatste gedeelte van het kunststuk, namelijk, van de Maanwijzers.121I.Aanwijzing van de lichtgestalten der Maan.122II.Aanwijzing van de beweging der Maan om de Aarde.1281.Van de loopbaan der Maan.1292.Van de breedte der Maan.1313.Van de lengte der Maan.134III.Verschijnselen van den op- en ondergang der Maan.135IV.Van de Eclipsen.1411.Van de Maan-eclipsen.1422.Van de Zon-eclipsen.143Besluit.145Bijvoegsels tot de voorgaande Beschrijving, benevens een Aanhangsel wegens een klein Planetarium, doorEise Eisinga, gevoegd bij den tweeden druk van 1824.147Aanhangsel.156Bijvoegsels tot den derden druk van 1851.159I.Overzigt der Planeten, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160II.Overzigt der Bij-planeten of Wachters, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160III.Overzigt van de Loopbanen der Hoofd-planeten.162IV.Overzigt van eenige Hoedanigheden der Hoofd-planeten.164

BESCHRIJVINGVAN HETPLANETARIUMVANEISINGA.

BESCHRIJVINGVAN HETPLANETARIUMVANEISINGA.

BESCHRIJVINGVAN HETPLANETARIUMVANEISINGA.

De Schrijver van dit werkje, de beroemde geleerde,Jan Hendrik van Swinden, geboren den 8 Junij 1746 te’s Gravenhage, waar zijn vader Advokaat voor den Hove vanHollandwas, had slechts drie jaren aan de Hoogeschool teLeidengestudeerd, toen hij in 1766, en dus op slechts twintigjarigen ouderdom, beroepen werd tot Hoogleeraar in de Wijsbegeerte, Logica en Bovennatuurkunde aan Frieslands Hoogeschool teFraneker. Met voorbeeldigen ijver legde hij zich dáár op de Wis- en Natuurkunde toe, maakte zich verdienstelijk door belangrijke reeksen van waarnemingen, betreffende meteorologische, electrische en magnetische verschijnselen, vormde vele voortreffelijke leerlingen, en schreef een aantal geleerde werken. VoorFranekerwas het dus een groot verlies, toen hij in 1785 tot Hoogleeraar aan hetAthenæumteAmsterdamwerd beroepen. Daar ontwikkelde hij zich in volle grootheid, en was hij, bij alle omstandigheden en staatsveranderingen, voor de geleerde wereld en de belangen des vaderlands hoogst nuttig en als mensch beminnelijk en eerbiedwaardig. Geacht als de vierde in de rij der groote Natuurkundigen, die Neêrlands roem in de Natuurkunde bevorderd hebben, mogt het hem gebeuren aan vreemden, op hunnen eigen bodem, de treffendste blijken te geven van vernuft en geleerdheid, en onder zoo vele beroemde mannen met luister te schitteren. Hij overleed den 9 Maart 1823, in den ouderdom van ruim 76 jaren. Het getal zijner uitgegevene grootere en kleinere geschriften bedraagt ruim 90. AchttienAkademiënen Genootschappen hadden hem met het lidmaatschap vereerd. Zijne nagedachtenis werd op eene waardige wijze gehuldigd door de HoogleerarenD. J. van LennepenG. Mollen onderscheidene Dichters.

De Schrijver van dit werkje, de beroemde geleerde,Jan Hendrik van Swinden, geboren den 8 Junij 1746 te’s Gravenhage, waar zijn vader Advokaat voor den Hove vanHollandwas, had slechts drie jaren aan de Hoogeschool teLeidengestudeerd, toen hij in 1766, en dus op slechts twintigjarigen ouderdom, beroepen werd tot Hoogleeraar in de Wijsbegeerte, Logica en Bovennatuurkunde aan Frieslands Hoogeschool teFraneker. Met voorbeeldigen ijver legde hij zich dáár op de Wis- en Natuurkunde toe, maakte zich verdienstelijk door belangrijke reeksen van waarnemingen, betreffende meteorologische, electrische en magnetische verschijnselen, vormde vele voortreffelijke leerlingen, en schreef een aantal geleerde werken. VoorFranekerwas het dus een groot verlies, toen hij in 1785 tot Hoogleeraar aan hetAthenæumteAmsterdamwerd beroepen. Daar ontwikkelde hij zich in volle grootheid, en was hij, bij alle omstandigheden en staatsveranderingen, voor de geleerde wereld en de belangen des vaderlands hoogst nuttig en als mensch beminnelijk en eerbiedwaardig. Geacht als de vierde in de rij der groote Natuurkundigen, die Neêrlands roem in de Natuurkunde bevorderd hebben, mogt het hem gebeuren aan vreemden, op hunnen eigen bodem, de treffendste blijken te geven van vernuft en geleerdheid, en onder zoo vele beroemde mannen met luister te schitteren. Hij overleed den 9 Maart 1823, in den ouderdom van ruim 76 jaren. Het getal zijner uitgegevene grootere en kleinere geschriften bedraagt ruim 90. AchttienAkademiënen Genootschappen hadden hem met het lidmaatschap vereerd. Zijne nagedachtenis werd op eene waardige wijze gehuldigd door de HoogleerarenD. J. van LennepenG. Mollen onderscheidene Dichters.

De Schrijver van dit werkje, de beroemde geleerde,Jan Hendrik van Swinden, geboren den 8 Junij 1746 te’s Gravenhage, waar zijn vader Advokaat voor den Hove vanHollandwas, had slechts drie jaren aan de Hoogeschool teLeidengestudeerd, toen hij in 1766, en dus op slechts twintigjarigen ouderdom, beroepen werd tot Hoogleeraar in de Wijsbegeerte, Logica en Bovennatuurkunde aan Frieslands Hoogeschool teFraneker. Met voorbeeldigen ijver legde hij zich dáár op de Wis- en Natuurkunde toe, maakte zich verdienstelijk door belangrijke reeksen van waarnemingen, betreffende meteorologische, electrische en magnetische verschijnselen, vormde vele voortreffelijke leerlingen, en schreef een aantal geleerde werken. VoorFranekerwas het dus een groot verlies, toen hij in 1785 tot Hoogleeraar aan hetAthenæumteAmsterdamwerd beroepen. Daar ontwikkelde hij zich in volle grootheid, en was hij, bij alle omstandigheden en staatsveranderingen, voor de geleerde wereld en de belangen des vaderlands hoogst nuttig en als mensch beminnelijk en eerbiedwaardig. Geacht als de vierde in de rij der groote Natuurkundigen, die Neêrlands roem in de Natuurkunde bevorderd hebben, mogt het hem gebeuren aan vreemden, op hunnen eigen bodem, de treffendste blijken te geven van vernuft en geleerdheid, en onder zoo vele beroemde mannen met luister te schitteren. Hij overleed den 9 Maart 1823, in den ouderdom van ruim 76 jaren. Het getal zijner uitgegevene grootere en kleinere geschriften bedraagt ruim 90. AchttienAkademiënen Genootschappen hadden hem met het lidmaatschap vereerd. Zijne nagedachtenis werd op eene waardige wijze gehuldigd door de HoogleerarenD. J. van LennepenG. Mollen onderscheidene Dichters.

EISE EISINGA,EISE EISINGA,Uitvinder en vervaardiger van het Planetarium te Franeker, geboren in 1744, overleden in 1828.Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.Jan Brouwer

EISE EISINGA,EISE EISINGA,Uitvinder en vervaardiger van het Planetarium te Franeker, geboren in 1744, overleden in 1828.Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.Jan Brouwer

EISE EISINGA,EISE EISINGA,Uitvinder en vervaardiger van het Planetarium te Franeker, geboren in 1744, overleden in 1828.Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.Jan Brouwer

EISE EISINGA,

Uitvinder en vervaardiger van het Planetarium te Franeker, geboren in 1744, overleden in 1828.

Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.

Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.

Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.

Ziet hier een Friesch vernuft, ziet Eisinga in print,

Zoo nedrig in zijn stand als om zijn deugd bemind.

’s Mans geest, door eigen kracht ten hemel opgestegen,

Bespiedt der Sterren loop, der Maan- en Zonnewegen.

Het Wereldstelsel, waar de grootheid Gods in speelt,

Heeft hij, met schrandre kunst, werktuiglijk uitgebeeld.

Van Swinden deed zijn naam door heel Europa pralen;

Zóó mag onsterflijke eer dit achtbaar hoofd omstralen.

Jan Brouwer

J. H. VAN SWINDEN,BESCHRIJVINGVAN HETRIJKS-PLANETARIUMTEFRANEKER,van 1778 tot 1780UITGEDACHT EN VERVAARDIGD DOOREISE EISINGA.DERDE, MET BIJVOEGSELS EN AFBEELDINGEN VERMEERDERDE, DRUK,VOORAFGEGAAN DOORHET LEVEN VANEISINGAEN EENE GESCHIEDENISVAN ZIJN PLANETARIUM, DOORW. EEKHOFF,Archivarius der stad Leeuwarden.Te SCHOONHOVEN, bijS. E. van NOOTEN.1851.

BESCHRIJVINGVAN HETRIJKS-PLANETARIUMTEFRANEKER,van 1778 tot 1780UITGEDACHT EN VERVAARDIGD DOOREISE EISINGA.

BESCHRIJVINGVAN HETRIJKS-PLANETARIUMTEFRANEKER,van 1778 tot 1780UITGEDACHT EN VERVAARDIGD DOOREISE EISINGA.

DERDE, MET BIJVOEGSELS EN AFBEELDINGEN VERMEERDERDE, DRUK,VOORAFGEGAAN DOORHET LEVEN VANEISINGAEN EENE GESCHIEDENISVAN ZIJN PLANETARIUM, DOORW. EEKHOFF,Archivarius der stad Leeuwarden.Te SCHOONHOVEN, bijS. E. van NOOTEN.1851.

VOORBERIGT.De HeerS. E. van NootenteSchoonhoven,thans eigenaar van het kopyregt vanVan Swinden’s Beschrijving vanEisinga’s Planetarium,wenschte van dit sedert eenige jaren uitverkochte werkje een nieuwen druk te bezorgen. Bij verzocht mij, om het toezigt over die uitgave te houden en eene historische inleiding daar vóór te plaatsen, ter vervanging der Voorrede vanDo.J. Brouwer,voor den tweeden druk geplaatst, welke, als van tijdelijk belang, thans kwalijk herdrukt kon worden. Uit hoogachting voor den waardigenEisingaen zijn beroemd kunststuk, nam ik dit gaarne op mij, na mij van de hulp eens deskundigen te hebben verzekerd. Aan de volbrenging van die taak was echter veel meer moeite verbonden, dan ik mij had voorgesteld. Ik hoop echter in het volgendeLeven vanEisingaen Geschiedenis van zijn Planetariumalles bijeengebragt te hebben, wat ons omtrent beide duurzame belangstelling kan inboezemen.Bij de voortdurende belangstelling, welke het Planetarium mag ondervinden, moge de uitgave strekken, om de waarde van het kunststuk en de verdiensten van den vervaardiger meer algemeen en duurzaam te doen kennen en op prijs stellen.Leeuwarden,Julij 1851.W. Eekhoff.

VOORBERIGT.

De HeerS. E. van NootenteSchoonhoven,thans eigenaar van het kopyregt vanVan Swinden’s Beschrijving vanEisinga’s Planetarium,wenschte van dit sedert eenige jaren uitverkochte werkje een nieuwen druk te bezorgen. Bij verzocht mij, om het toezigt over die uitgave te houden en eene historische inleiding daar vóór te plaatsen, ter vervanging der Voorrede vanDo.J. Brouwer,voor den tweeden druk geplaatst, welke, als van tijdelijk belang, thans kwalijk herdrukt kon worden. Uit hoogachting voor den waardigenEisingaen zijn beroemd kunststuk, nam ik dit gaarne op mij, na mij van de hulp eens deskundigen te hebben verzekerd. Aan de volbrenging van die taak was echter veel meer moeite verbonden, dan ik mij had voorgesteld. Ik hoop echter in het volgendeLeven vanEisingaen Geschiedenis van zijn Planetariumalles bijeengebragt te hebben, wat ons omtrent beide duurzame belangstelling kan inboezemen.Bij de voortdurende belangstelling, welke het Planetarium mag ondervinden, moge de uitgave strekken, om de waarde van het kunststuk en de verdiensten van den vervaardiger meer algemeen en duurzaam te doen kennen en op prijs stellen.Leeuwarden,Julij 1851.W. Eekhoff.

De HeerS. E. van NootenteSchoonhoven,thans eigenaar van het kopyregt vanVan Swinden’s Beschrijving vanEisinga’s Planetarium,wenschte van dit sedert eenige jaren uitverkochte werkje een nieuwen druk te bezorgen. Bij verzocht mij, om het toezigt over die uitgave te houden en eene historische inleiding daar vóór te plaatsen, ter vervanging der Voorrede vanDo.J. Brouwer,voor den tweeden druk geplaatst, welke, als van tijdelijk belang, thans kwalijk herdrukt kon worden. Uit hoogachting voor den waardigenEisingaen zijn beroemd kunststuk, nam ik dit gaarne op mij, na mij van de hulp eens deskundigen te hebben verzekerd. Aan de volbrenging van die taak was echter veel meer moeite verbonden, dan ik mij had voorgesteld. Ik hoop echter in het volgendeLeven vanEisingaen Geschiedenis van zijn Planetariumalles bijeengebragt te hebben, wat ons omtrent beide duurzame belangstelling kan inboezemen.

Bij de voortdurende belangstelling, welke het Planetarium mag ondervinden, moge de uitgave strekken, om de waarde van het kunststuk en de verdiensten van den vervaardiger meer algemeen en duurzaam te doen kennen en op prijs stellen.

Leeuwarden,Julij 1851.

W. Eekhoff.

INHOUD.Bladz.Het Leven vanEise Eisingaen beknopte Geschiedenis van zijn Planetarium.1Opdragt van den eersten druk dezer Beschrijving aan Mr.S. P. van Swinden, J. U. D.Advocaat voor den Hove van Holland 1780.46Beschrijving van een volledig bewegelijk Hemels-gestel.53Inleiding.55EERSTE HOOFDSTUK.Algemeene schets van het geheele kunststuk.63TWEEDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het eigenlijk gezegde Planetarium.69DERDE HOOFDSTUK.Vergelijking van dit Planetarium met eenige anderen, voornamelijk die vanRoemer,Huigens,Desaguliers,Wrichten de beweegbare Sphaera der bibliotheek teLeiden.83VIERDE HOOFDSTUK.Over de zwarigheden, welke men in het vervaardigen van een Planetarium ontmoet.93VIJFDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het Hemelsplein en de Zonwijzers.I.Van het Hemelsplein.99II.Vergelijking van dit Hemelsplein met eenige andere.110III.Van de Zonwijzers.118ZESDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het derde en laatste gedeelte van het kunststuk, namelijk, van de Maanwijzers.121I.Aanwijzing van de lichtgestalten der Maan.122II.Aanwijzing van de beweging der Maan om de Aarde.1281.Van de loopbaan der Maan.1292.Van de breedte der Maan.1313.Van de lengte der Maan.134III.Verschijnselen van den op- en ondergang der Maan.135IV.Van de Eclipsen.1411.Van de Maan-eclipsen.1422.Van de Zon-eclipsen.143Besluit.145Bijvoegsels tot de voorgaande Beschrijving, benevens een Aanhangsel wegens een klein Planetarium, doorEise Eisinga, gevoegd bij den tweeden druk van 1824.147Aanhangsel.156Bijvoegsels tot den derden druk van 1851.159I.Overzigt der Planeten, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160II.Overzigt der Bij-planeten of Wachters, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160III.Overzigt van de Loopbanen der Hoofd-planeten.162IV.Overzigt van eenige Hoedanigheden der Hoofd-planeten.164

INHOUD.

Bladz.Het Leven vanEise Eisingaen beknopte Geschiedenis van zijn Planetarium.1Opdragt van den eersten druk dezer Beschrijving aan Mr.S. P. van Swinden, J. U. D.Advocaat voor den Hove van Holland 1780.46Beschrijving van een volledig bewegelijk Hemels-gestel.53Inleiding.55EERSTE HOOFDSTUK.Algemeene schets van het geheele kunststuk.63TWEEDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het eigenlijk gezegde Planetarium.69DERDE HOOFDSTUK.Vergelijking van dit Planetarium met eenige anderen, voornamelijk die vanRoemer,Huigens,Desaguliers,Wrichten de beweegbare Sphaera der bibliotheek teLeiden.83VIERDE HOOFDSTUK.Over de zwarigheden, welke men in het vervaardigen van een Planetarium ontmoet.93VIJFDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het Hemelsplein en de Zonwijzers.I.Van het Hemelsplein.99II.Vergelijking van dit Hemelsplein met eenige andere.110III.Van de Zonwijzers.118ZESDE HOOFDSTUK.Beschrijving van het derde en laatste gedeelte van het kunststuk, namelijk, van de Maanwijzers.121I.Aanwijzing van de lichtgestalten der Maan.122II.Aanwijzing van de beweging der Maan om de Aarde.1281.Van de loopbaan der Maan.1292.Van de breedte der Maan.1313.Van de lengte der Maan.134III.Verschijnselen van den op- en ondergang der Maan.135IV.Van de Eclipsen.1411.Van de Maan-eclipsen.1422.Van de Zon-eclipsen.143Besluit.145Bijvoegsels tot de voorgaande Beschrijving, benevens een Aanhangsel wegens een klein Planetarium, doorEise Eisinga, gevoegd bij den tweeden druk van 1824.147Aanhangsel.156Bijvoegsels tot den derden druk van 1851.159I.Overzigt der Planeten, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160II.Overzigt der Bij-planeten of Wachters, welke sedert het jaar 1780 tot op het einde van 1850 zijn ontdekt.160III.Overzigt van de Loopbanen der Hoofd-planeten.162IV.Overzigt van eenige Hoedanigheden der Hoofd-planeten.164

Bladz.

Het Leven vanEise Eisingaen beknopte Geschiedenis van zijn Planetarium.1

Opdragt van den eersten druk dezer Beschrijving aan Mr.S. P. van Swinden, J. U. D.Advocaat voor den Hove van Holland 1780.46

Beschrijving van een volledig bewegelijk Hemels-gestel.53

Inleiding.55

EERSTE HOOFDSTUK.

Algemeene schets van het geheele kunststuk.63

TWEEDE HOOFDSTUK.

Beschrijving van het eigenlijk gezegde Planetarium.69

DERDE HOOFDSTUK.

Vergelijking van dit Planetarium met eenige anderen, voornamelijk die vanRoemer,Huigens,Desaguliers,Wrichten de beweegbare Sphaera der bibliotheek teLeiden.83

VIERDE HOOFDSTUK.

Over de zwarigheden, welke men in het vervaardigen van een Planetarium ontmoet.93

VIJFDE HOOFDSTUK.

Beschrijving van het Hemelsplein en de Zonwijzers.

ZESDE HOOFDSTUK.

Beschrijving van het derde en laatste gedeelte van het kunststuk, namelijk, van de Maanwijzers.121

Besluit.145

Bijvoegsels tot de voorgaande Beschrijving, benevens een Aanhangsel wegens een klein Planetarium, doorEise Eisinga, gevoegd bij den tweeden druk van 1824.147

Aanhangsel.156

Bijvoegsels tot den derden druk van 1851.159


Back to IndexNext