LXIX.

LXIX.Ik jaag het gouden hert.Lacht vrij, mijn vrienden, maar ik volg het vizioen dat mij ontwijkt.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam, omdat ik het gouden hert jaag.Gij komt ter markt en koopt, en keert huiswaarts beladen met waren,—maar de winden zonder te-huis hebben mij geraakt met hun toover, ik weet niet waar, noch wanneer.Ik draag geen zorg in mijn hart; al het mijne liet ik verre achter mij.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam—want ik jaag het gouden hert.

LXIX.Ik jaag het gouden hert.Lacht vrij, mijn vrienden, maar ik volg het vizioen dat mij ontwijkt.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam, omdat ik het gouden hert jaag.Gij komt ter markt en koopt, en keert huiswaarts beladen met waren,—maar de winden zonder te-huis hebben mij geraakt met hun toover, ik weet niet waar, noch wanneer.Ik draag geen zorg in mijn hart; al het mijne liet ik verre achter mij.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam—want ik jaag het gouden hert.

LXIX.

Ik jaag het gouden hert.Lacht vrij, mijn vrienden, maar ik volg het vizioen dat mij ontwijkt.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam, omdat ik het gouden hert jaag.Gij komt ter markt en koopt, en keert huiswaarts beladen met waren,—maar de winden zonder te-huis hebben mij geraakt met hun toover, ik weet niet waar, noch wanneer.Ik draag geen zorg in mijn hart; al het mijne liet ik verre achter mij.Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam—want ik jaag het gouden hert.

Ik jaag het gouden hert.

Lacht vrij, mijn vrienden, maar ik volg het vizioen dat mij ontwijkt.

Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam, omdat ik het gouden hert jaag.

Gij komt ter markt en koopt, en keert huiswaarts beladen met waren,—maar de winden zonder te-huis hebben mij geraakt met hun toover, ik weet niet waar, noch wanneer.

Ik draag geen zorg in mijn hart; al het mijne liet ik verre achter mij.

Ik doorkruis heuvelen en dalen, ik zwerf door landen zonder naam—want ik jaag het gouden hert.


Back to IndexNext