Chapter 17

[179]muskus, en dit bijtend voorstank.

[179]muskus, en dit bijtend voorstank.

[180]het lastig leven.

[180]het lastig leven.

[181]dan toch,nochtans.

[181]dan toch,nochtans.

[182]gebaar.

[182]gebaar.

[183]beladen.

[183]beladen.

[184]Thans totlachtetverzwakt.

[184]Thans totlachtetverzwakt.

[185]vederdons.

[185]vederdons.

[186]Rijmshalve, maar min gelukkig vooreer 't ochtend werd.

[186]Rijmshalve, maar min gelukkig vooreer 't ochtend werd.

[187]hare vlokken.

[187]hare vlokken.

[188]Thans'tgeen, maar in de volkstaal nog gebruikelijk (verg. ookgunderofginder.)

[188]Thans'tgeen, maar in de volkstaal nog gebruikelijk (verg. ookgunderofginder.)

[189]spelers.

[189]spelers.

[190]van den dobbelsteen.

[190]van den dobbelsteen.

[191]mijmert; 't woord wordt anders meer in onedelen zin gebruikt.

[191]mijmert; 't woord wordt anders meer in onedelen zin gebruikt.

[192]Het kenmerkt noch beschuldigt.

[192]Het kenmerkt noch beschuldigt.

[193]In zijn mijmerend overleg.

[193]In zijn mijmerend overleg.

[194]waarborg,waarmerk.

[194]waarborg,waarmerk.

[195]ontbreekt,ontgaat.

[195]ontbreekt,ontgaat.

[196]Versta:hij zich.

[196]Versta:hij zich.

[197]instelling,wet(verg. 't Hoogd.Gesetz.)

[197]instelling,wet(verg. 't Hoogd.Gesetz.)

[198]worde.

[198]worde.

[199]ten slotte.

[199]ten slotte.

[200]verdeelt het.

[200]verdeelt het.

[201]ontroering.

[201]ontroering.

[202]In 's dichters tijd nam.

[202]In 's dichters tijd nam.

[203]zamelt in,plukt.

[203]zamelt in,plukt.

[204]Vooralles.

[204]Vooralles.

[205]jufferen(verg. 't Hoogd.Jungfer).

[205]jufferen(verg. 't Hoogd.Jungfer).

[206]Juister ware geweest:'t Onsterflijk zaad is voor.

[206]Juister ware geweest:'t Onsterflijk zaad is voor.

[207]echtbreuk(verg. 't Hoogd.Eheen 't oudeeevoor wet).

[207]echtbreuk(verg. 't Hoogd.Eheen 't oudeeevoor wet).

[208]neigt altijd ten val.

[208]neigt altijd ten val.

[209]zich.

[209]zich.

[210]bederf(eig.melaatsheid, van den armen Lazarus afgeleid).

[210]bederf(eig.melaatsheid, van den armen Lazarus afgeleid).

[211]naar.

[211]naar.

[212]zoo verergerde,bedierf.

[212]zoo verergerde,bedierf.

[213]met een bloemtapijt overdekken.

[213]met een bloemtapijt overdekken.

[214]slaat er.

[214]slaat er.

[215]Venus, die hier zeker geen minder vreemde vertooning maakt dan Peru of de Pyreneën.

[215]Venus, die hier zeker geen minder vreemde vertooning maakt dan Peru of de Pyreneën.

[216]Thans ongelukkig verouderde Nederlandsche uitgang voor de Fransche op -esofesse.

[216]Thans ongelukkig verouderde Nederlandsche uitgang voor de Fransche op -esofesse.

[217]Gelijk steeds herhaaldelijk, voorouderdom.

[217]Gelijk steeds herhaaldelijk, voorouderdom.

[218]weg-werpt.

[218]weg-werpt.

[219]genot.

[219]genot.

[220]tooverzangen.

[220]tooverzangen.

[221]De beladen tak.

[221]De beladen tak.

[222]Nam. een ei.

[222]Nam. een ei.

[223]toont.

[223]toont.

[224]Thans verouderd voorappelboom(verg. echterhazelaar).

[224]Thans verouderd voorappelboom(verg. echterhazelaar).

[225]Letterlijkgaauwdiefjens,guitjens(dat wij beiden dan ook nog steeds in gelijken zin bezigen).

[225]Letterlijkgaauwdiefjens,guitjens(dat wij beiden dan ook nog steeds in gelijken zin bezigen).

[226]Hetvlindertjen.

[226]Hetvlindertjen.

[227]bedriegt.

[227]bedriegt.

[228]poos.

[228]poos.

[229]Andersborstjens(verg. 't Hoogd.burscheen ons adel-borst).

[229]Andersborstjens(verg. 't Hoogd.burscheen ons adel-borst).

[230]Eig.mienetjens(verg. 't Franschemineenminauderie).

[230]Eig.mienetjens(verg. 't Franschemineenminauderie).

[231]overal.

[231]overal.

[232]Voorboog(en dus eig.halven kring).

[232]Voorboog(en dus eig.halven kring).

[233]toen.

[233]toen.

[234]pronk.

[234]pronk.

[235]streek hare lokken glad.

[235]streek hare lokken glad.

[236]platte steenen,plaveisel.

[236]platte steenen,plaveisel.

[237]toevertrouwd aan.

[237]toevertrouwd aan.

[238]vrij golvende lokken.

[238]vrij golvende lokken.

[239]lokken, als vroeger.

[239]lokken, als vroeger.

[240]Wellicht liet zich hier beter's linkers(d. i.van den deugniet) lezen.

[240]Wellicht liet zich hier beter's linkers(d. i.van den deugniet) lezen.

[241]Staat eig. voorlijk-ofblijkteeken,kenmerk.

[241]Staat eig. voorlijk-ofblijkteeken,kenmerk.

[242]op staanden voet.

[242]op staanden voet.

[243]Thansziel.

[243]Thansziel.

[244]door en door venijnige.

[244]door en door venijnige.

[245]schitterend,bont(eig. 't Fr.vermeil).

[245]schitterend,bont(eig. 't Fr.vermeil).

[246]in zich zelf gekeerd.

[246]in zich zelf gekeerd.

[247]Jeruzalem.

[247]Jeruzalem.

[248]over-slag(verg. vroeger),plan,ontwerp.

[248]over-slag(verg. vroeger),plan,ontwerp.

[249]kim.

[249]kim.

[250]welberaden.

[250]welberaden.

[251]in 't werk stellen.

[251]in 't werk stellen.

[252]vreemde dingen.

[252]vreemde dingen.

[253]ontroerd.

[253]ontroerd.

[254]verstijfde grijzaart; verg. boven, bl. 72, aant.451.

[254]verstijfde grijzaart; verg. boven, bl. 72, aant.451.

[255]loeyende(verg.rooyenenuitroeyen, enz.)

[255]loeyende(verg.rooyenenuitroeyen, enz.)

[256]torens.

[256]torens.

[257]krielt het.

[257]krielt het.

[258]Thanswaar.

[258]Thanswaar.

[259]Andersvloed.

[259]Andersvloed.

[260]Thansmaagd.

[260]Thansmaagd.

[261]werpen(verg. vroeger).

[261]werpen(verg. vroeger).

[262]schitterend,blinkend.

[262]schitterend,blinkend.

[263]Thansnatuur.

[263]Thansnatuur.

[264]Waardoor zij zich namelijk, als vrouw en man, kenteekenen.

[264]Waardoor zij zich namelijk, als vrouw en man, kenteekenen.

[265]Zooveel alsschoone wichten.

[265]Zooveel alsschoone wichten.

[266]kool vuurs.

[266]kool vuurs.

[267]schaamachtig.

[267]schaamachtig.

[268]Zaamgetrokken uitschijnt het.

[268]Zaamgetrokken uitschijnt het.

[269]"Toen Thetis, 't is al lang geleên, met Peleus zou gaan trouwen."

[269]"Toen Thetis, 't is al lang geleên, met Peleus zou gaan trouwen."

[270]Versta: Salomo, de Jupijn van 't Id. land.

[270]Versta: Salomo, de Jupijn van 't Id. land.

[271]zich ontveinzende.

[271]zich ontveinzende.

[272]los,luchtig.

[272]los,luchtig.

[273]Nam.bogen, voorarcaden.

[273]Nam.bogen, voorarcaden.

[274]de tafelbedden.

[274]de tafelbedden.

[275]Metsnij-ofbeeldhouwwerk versierd.

[275]Metsnij-ofbeeldhouwwerk versierd.

[276]Voortienmaal tien.

[276]Voortienmaal tien.

[277]kluchtig.

[277]kluchtig.

[278]schikken,zetten er zich toe.

[278]schikken,zetten er zich toe.

[279]Voortafereelen.

[279]Voortafereelen.

[280]deftige.

[280]deftige.

[281]Gallicisme voor:nadat de lekkere schotels nu weggenomen zijn.

[281]Gallicisme voor:nadat de lekkere schotels nu weggenomen zijn.

[282]keizerlijk,weidsch.

[282]keizerlijk,weidsch.

[283]De bekende baak der oudheid.

[283]De bekende baak der oudheid.

[284]blinkende sieraden(verg. 't Franscheclinquant).

[284]blinkende sieraden(verg. 't Franscheclinquant).

[285]staan.

[285]staan.

[286]gemarmerd.

[286]gemarmerd.

[287]De zeven dwaalsterren Saturnus, Jupiter, Mars, Venus, Mercurius, Zon, en Maan.

[287]De zeven dwaalsterren Saturnus, Jupiter, Mars, Venus, Mercurius, Zon, en Maan.

[288]Saturnus.

[288]Saturnus.

[289]Men zouoflezen kunnen, daar (naar Van Lennep's juiste opmerking) beiden één zijn.

[289]Men zouoflezen kunnen, daar (naar Van Lennep's juiste opmerking) beiden één zijn.

[290]Als algemeene titel aller geestelijken (van daar onsHeer-oom).De Joodsche priester vertegenwoordigt hierJupiter.

[290]Als algemeene titel aller geestelijken (van daar onsHeer-oom).De Joodsche priester vertegenwoordigt hierJupiter.

[291]Thans voor 't zaamgesteldevrolijkgeheel verouderd; verg. echter 't Hoogd.froh, 't oude ver-froyenen onsvreugde.

[291]Thans voor 't zaamgesteldevrolijkgeheel verouderd; verg. echter 't Hoogd.froh, 't oude ver-froyenen onsvreugde.

[292]naar.

[292]naar.

[293]arenden.

[293]arenden.

[294]somber.

[294]somber.

[295]met torens beladen.

[295]met torens beladen.

[296]reuk.

[296]reuk.

[297]Mars.

[297]Mars.

[298]'tzelfde vlak.

[298]'tzelfde vlak.

[299]gedreven.

[299]gedreven.

[300]Venus.

[300]Venus.

[301]Voormelden.

[301]Voormelden.

[302]gordelriem.

[302]gordelriem.

[303]Mercurius.

[303]Mercurius.

[304]welbespraakte.

[304]welbespraakte.

[305]Anderskoegrasofduivekervel.

[305]Anderskoegrasofduivekervel.

[306]toch,nochtans.

[306]toch,nochtans.

[307]Zon en Maan.

[307]Zon en Maan.

[308]Thansverzadige.

[308]Thansverzadige.

[309]Andersheggerankofwilde wijngaard.

[309]Andersheggerankofwilde wijngaard.

[310]te gader,te zaam.

[310]te gader,te zaam.

[311]de kameleon.

[311]de kameleon.

[312]Rijmshalve vooruitgelezen.

[312]Rijmshalve vooruitgelezen.

[313]Voorspiegelglas.

[313]Voorspiegelglas.

[314]van.

[314]van.

[315]krans.

[315]krans.

[316]paren.

[316]paren.

[317]Salomo als zinnebeeld van Kristus, den bruidegom der Kerk.

[317]Salomo als zinnebeeld van Kristus, den bruidegom der Kerk.

[318]speldewerk; verg. desbelustTesschelschade Roemers en hare vrienden, bl. 8.

[318]speldewerk; verg. desbelustTesschelschade Roemers en hare vrienden, bl. 8.

[319]uitnemende(verg. vroeger).

[319]uitnemende(verg. vroeger).

[320]goed gestreken.

[320]goed gestreken.

[321]Anderszeissenofzeis(verg. bl 9, aant.46).

[321]Anderszeissenofzeis(verg. bl 9, aant.46).

[322]boos.

[322]boos.

[323]Min gelukkig voorscherpt,aanzet.

[323]Min gelukkig voorscherpt,aanzet.

[324]Rijmshalve voorranden.

[324]Rijmshalve voorranden.

[325]gewelfde.

[325]gewelfde.

[326]slaat.

[326]slaat.

[327]Gallicisme voorkraait.

[327]Gallicisme voorkraait.

[328]Rijmshalve voorpas.

[328]Rijmshalve voorpas.

[329]Voorgaan.

[329]Voorgaan.

[330]dendierenriem.

[330]dendierenriem.

[331]teekent.

[331]teekent.

[332]Verouderd voorwandelen.

[332]Verouderd voorwandelen.

[333]Voorduizenderlei.

[333]Voorduizenderlei.

[334]de een voor de ander.

[334]de een voor de ander.

[335]Verkeerdelijk voorvoetstappen,gang.

[335]Verkeerdelijk voorvoetstappen,gang.

[336]rugwaarts.

[336]rugwaarts.

[337]Voorzoo er.

[337]Voorzoo er.

[338]huwen,paren.

[338]huwen,paren.

[339]zorgstillende.

[339]zorgstillende.

[340]Voordans.

[340]Voordans.

[341]In navolging (naar de oude kantteekening) van "het geestelijk gesprake tusschen Christus en de Kerke, beschreven in het schoon boek, genaamd het Lied der Liederen (Hooglied)."

[341]In navolging (naar de oude kantteekening) van "het geestelijk gesprake tusschen Christus en de Kerke, beschreven in het schoon boek, genaamd het Lied der Liederen (Hooglied)."

[342]Rijmshalve voorevenzeer.

[342]Rijmshalve voorevenzeer.

[343]geurige lokken.

[343]geurige lokken.

[344]geringd.

[344]geringd.

[345]naam,lof.

[345]naam,lof.

[346]Gelijk reeds meer voormidden; verg. aldaar ookbeidsvoorbeiden.

[346]Gelijk reeds meer voormidden; verg. aldaar ookbeidsvoorbeiden.

[347]welkome.

[347]welkome.

[348]laagste,onaanzienlijkste.

[348]laagste,onaanzienlijkste.

[349]anders(verg.elders).

[349]anders(verg.elders).

[350]schendt.

[350]schendt.

[351]Zie vroeger, en ben.360.

[351]Zie vroeger, en ben.360.

[352]Voordoorkliefd.

[352]Voordoorkliefd.

[353]marmer.

[353]marmer.

[354]den voorgevel.

[354]den voorgevel.

[355]ronding(naar buiten).

[355]ronding(naar buiten).

[356]tegenronding(naar binnen).

[356]tegenronding(naar binnen).

[357]Gebaren.

[357]Gebaren.

[358]den omvang.

[358]den omvang.

[359]Thansmetselaars.

[359]Thansmetselaars.

[360]van den arbeid afhoudt.

[360]van den arbeid afhoudt.

[361]die reuzenmoed.

[361]die reuzenmoed.


Back to IndexNext