Chapter 8

1Deze uitingen zijn behandeld in de studie over Auto-erotiek in een onzer andere werken. Wij kunnen er bijvoegen, dat het sexueele leven van het kind tot in de fijnste bijzonderheden onderzocht is door Moll,Das Sexualleben des Kindes,1900.↑2Deze geslachtsbloei in de sexueele klieren en borsten bij de geboorte of in de vroege jeugd is in een thèse de Paris behandeld door Camille Renouf (La Crise Génital et les Manifestations Connexes chez le Foetus et le Nouveau-né, 1905); hij kan geen bevredigende verklaring van deze verschijnselen geven.↑3Amélineau,La Morale des Egyptiens, pag. 64.↑4“The Social Evil in Philadelphia”,Arena, Maart, 1896.↑5Moll,Konträre Sexualempfindung, third edition,pag. 592.↑6Deze machteloosheid van de wet en de politie wordt wel erkend door mannen van de wet, die op de hoogte zijn van de zaak. Zoo dringt T. Werthauer (Sittlichkeitsdelikte der Grosstadt, 1907) voortdurend aan op het belang van ouders en onderwijzers om kinderen van hun vroege jeugd af een langzamerhand toenemende kennis van sexueele zaken mede te deelen.↑7“Aan ouders moet geleerd worden hoe ze inlichtingen moeten geven”, zegt E. L. Keyes (“Education upon Sexual Matters”,New York Medical Journal, Febr. 10, 1906), “en dit leeren van de ouders moet beginnen, wanneer zij zelf nog kinderen zijn.”↑8Moll (op. cit., pag. 224) zet zeer juist uiteen, hoe onmogelijk het is kinderen te behoeden voor het zien en ondervinden van dingen, die met het sexueele leven in verband staan.↑9Meisjes zijn zelfs niet voorbereid in vele gevallen op het voor den dag komen van de schaamharen. Deze onverwachte haargroei bezorgt jonge meisjes dikwijls veel heimelijken angst, en zij knippen ze dikwijls zorgvuldig af.↑10G. S. Hall,Adolescence, deel I, p. 511. Vele jaren geleden, in 1875, raadde wijlen Dr. Clarke, in zijnSex in Educationrust tijdens de menstruatie voor meisjes aan en verwekte daardoor een hevigen tegenstand, die zeker nu niet voorgekomen zou zijn, nu de speciale gevaren van de vrouwelijkheid meer en meer duidelijk begrepen worden.↑11Voor een resumé van de physieke en geestelijke verschijnselen van de periode der menstruatie, zie men Havelock Ellis:Man en Vrouwhoofdst. XI. De primitieve voorstelling van de menstruatie is meer uitgebreid besproken door J. G. Fraser inThe Golden Bough. Een groote verzameling van feiten met betrekking tot de afzondering tijdens de menstruatie van vrouwen over de geheele wereld, zal men vinden in Ploss en Bartels,Das Weib. De afzondering van meisjes tijdens de puberteit in Straat Torres is speciaal bestudeerd door Seligmann,Reports Anthropological Expedition to Torres Straits, deel V, hoofdst. VI.↑12Zoo ontdekte Miss Lura Sanborn, die de leiding heeft van de lichaamsoefeningen aan de normaalschool te Chicago, dat een bad eenmaal in de 14 dagen niets ongewoons was. Bij de periode der menstruatie is er speciaal nog een bijgeloovige vrees voor water. Aan meisjes moet altijd geleerd worden, dat in dezen tijd zindelijkheid bovenal gebiedend noodzakelijk is. Zij moeten een lauw zitbad nemen ’s avonds en ’s morgens, en een vaginauitspoeling (die nooit koud moet wezen) is altijd goed zoowel voor veraangenaming als voor zindelijkheid. Er is niet de minste reden om tijdens de menstruatie bang voor water te zijn. Dit punt werd eenige jaren geleden in hetBritish Medical Journalbesproken met volkomen eensgezindheid van opinie. Een bekend Amerikaansch verloskundige, Dr. J. Clifson Edgar, komt na een zorgvuldige studie over opinie en praktijk in deze kwestie (“Bathing During Menstrual Period,”American Journal Obstetrics, Sept. 1900) tot de conclusie, dat het mogelijk en heilzaam is koude baden te nemen (geen zeebaden) tijdens de periode, mits er gepaste voorzorgen in acht genomen en de gewoonten niet plotseling veranderd worden. Zulk een wijze van handelen behoeft niet zonder onderscheid toegepast te worden, maar er kan geen twijfel aan zijn, dat bij stoere boerenvrouwen, die er in haar jeugd aan gewend zijn, een lange onderdompeling in de zee bij het visschen geen slechte resultaten heeft, en dat die zelfs goed is. Housel (Annales de Gynécologie, Dec. 1894) heeft statistieken gepubliceerd over het menstrueele leven van 123 visschersvrouwen op de Fransche kust. Zij waren gewend garnalen te vangen, uren achtereen dikwijls tot boven het middel in zee staande, en dan rond te loopen in haar natte kleeren om garnalen te verkoopen. Zij beweerden allen nadrukkelijk, dat haar menstruatie gemakkelijker was als zij aan haar werk bezig waren. Haar perioden zijn merkwaardig regelmatig en haar vruchtbaarheid is groot.↑13J. H. Bride, “The Life and Health of Our Girls in Relation to Their Future”,Alienist and Neurologist, Febr., 1904.↑14W. G. Chambers, “The Evolution of Ideals”,Pedagogical Seminary, Maart, 1903; Catherine Dodd. “School Children’s Ideals”,NaturalReview, Febr. en Dec., 1900, en Juni, 1901. Geen Duitsche meisjes kwamen uit voor den wensch om mannen te willen zijn; zij zeiden dat het slecht zou zijn. Onder Vlaamsche meisjes bevond Varendonck te Gent echter (Archives de Psychologie, Juli 1908) dat 26 percent mannen tot ideaal hadden.↑15A. Reibmayr,Die Entwicklungsgeschichte des Talentes und Genies, 1908, deel 1, bladz. 70.↑16R. Hellmann,Ueber Geschlechtsfreiheit, pag. 14.↑17Dit geloof schijnt veel voor te komen onder jonge meisjes op het vasteland van Europa. Het vormt het onderwerp van een van Marcel Prevost’sLettres de Femmes. In Oostenrijk is het, volgens Freud, niet ongewoon, uitsluitend onder meisjes.↑18Toch is, volgens de Engelsche wet, verkrachting een misdaad, die een echtgenoot niet aan zijn vrouw kan begaan, (zie b.v., Nevill Geary,The Law of Marriage, hoofdst. XV, afd. V). De voltrekking van de huwelijksplechtigheid echter, zelfs als ze noodzakelijk een duidelijke verklaring in zich sloot van de voorrechten van den man, kan niet beschouwd worden als een voldoende rechtvaardiging voor een daad van sexueele gemeenschap, volbracht met geweld of zonder de toestemming van de vrouw.↑19Hirschfeld,Jahrbuch für Sexuelle Zwischenstufen, 1903, pag. 88. We kunnen hieraan toevoegen, dat een afschuw tegencoïtusniet noodzakelijk behoeft voort te komen uit een slechte opvoeding en dat die ook wel voor kan komen in erfelijk gedegenereerde vrouwen, wier voorouders gelijke of er mee verwante geestelijke eigenaardigheden vertoond hebben. Een geval van zulke “functioneele impotentie” wordt vermeld van een jonge Italiaansche vrouw van een en twintig jaar, die overigens gezond was en sterk aan haar echtgenoot gehecht. Het huwelijk werd nietig verklaard op den grond dat “rudimentaire sexueele of emotioneele paranoia, die een vrouw onoverwinbaar afkeerig maakt van sexueele vereeniging, niettegenstaande de volledigheid van de sexueele organen, psychische functioneele impotentie vormt”. (Archivio di Psichiatria, 1906, fosc. VI, pag. 806).↑20De redelijkheid van dezen stap blijkt zoo duidelijk, dat het bijna niet noodig moest zijn er op aan te dringen. “De mededeeling aan schooljongens en schoolmeisjes wordt het best gedaan door een ouderen dokter”, merkt Näcke op, “soms misschien door den schooldokter”. “Ik raad sterk aan”, zegt Clouston (The Hygiene of Mind, pag. 249), “dat de huisdokter, geleid door de ouders en den onderwijzer, verreweg de beste leeraar en raadsman is”. Moll is van dezelfde meening.↑21Ik heb dit argument verder ontwikkeld in“Religion and the Child”,Nineteenth Century and After, 1907.↑22De nauwe betrekking die er bestaat tusschen kunst en poëzie en den sexueelen impuls is sporadisch erkend door velen, die niet tot een ruimen blik op de auto-erotische werkzaamheid in het leven gekomen zijn. “Poëzie staat noodzakelijk in verband met de sexueele functies”, zegt Metchnikoff (Essais Optimistes, pag. 352), die ook met instemming aanhaalt het gezegde van Möbius (vroeger geuit door Ferrero en vele anderen) “dat artistieke bekwaamheden waarschijnlijk moeten beschouwd worden als secundaire sexueele kenmerken”.↑

1Deze uitingen zijn behandeld in de studie over Auto-erotiek in een onzer andere werken. Wij kunnen er bijvoegen, dat het sexueele leven van het kind tot in de fijnste bijzonderheden onderzocht is door Moll,Das Sexualleben des Kindes,1900.↑2Deze geslachtsbloei in de sexueele klieren en borsten bij de geboorte of in de vroege jeugd is in een thèse de Paris behandeld door Camille Renouf (La Crise Génital et les Manifestations Connexes chez le Foetus et le Nouveau-né, 1905); hij kan geen bevredigende verklaring van deze verschijnselen geven.↑3Amélineau,La Morale des Egyptiens, pag. 64.↑4“The Social Evil in Philadelphia”,Arena, Maart, 1896.↑5Moll,Konträre Sexualempfindung, third edition,pag. 592.↑6Deze machteloosheid van de wet en de politie wordt wel erkend door mannen van de wet, die op de hoogte zijn van de zaak. Zoo dringt T. Werthauer (Sittlichkeitsdelikte der Grosstadt, 1907) voortdurend aan op het belang van ouders en onderwijzers om kinderen van hun vroege jeugd af een langzamerhand toenemende kennis van sexueele zaken mede te deelen.↑7“Aan ouders moet geleerd worden hoe ze inlichtingen moeten geven”, zegt E. L. Keyes (“Education upon Sexual Matters”,New York Medical Journal, Febr. 10, 1906), “en dit leeren van de ouders moet beginnen, wanneer zij zelf nog kinderen zijn.”↑8Moll (op. cit., pag. 224) zet zeer juist uiteen, hoe onmogelijk het is kinderen te behoeden voor het zien en ondervinden van dingen, die met het sexueele leven in verband staan.↑9Meisjes zijn zelfs niet voorbereid in vele gevallen op het voor den dag komen van de schaamharen. Deze onverwachte haargroei bezorgt jonge meisjes dikwijls veel heimelijken angst, en zij knippen ze dikwijls zorgvuldig af.↑10G. S. Hall,Adolescence, deel I, p. 511. Vele jaren geleden, in 1875, raadde wijlen Dr. Clarke, in zijnSex in Educationrust tijdens de menstruatie voor meisjes aan en verwekte daardoor een hevigen tegenstand, die zeker nu niet voorgekomen zou zijn, nu de speciale gevaren van de vrouwelijkheid meer en meer duidelijk begrepen worden.↑11Voor een resumé van de physieke en geestelijke verschijnselen van de periode der menstruatie, zie men Havelock Ellis:Man en Vrouwhoofdst. XI. De primitieve voorstelling van de menstruatie is meer uitgebreid besproken door J. G. Fraser inThe Golden Bough. Een groote verzameling van feiten met betrekking tot de afzondering tijdens de menstruatie van vrouwen over de geheele wereld, zal men vinden in Ploss en Bartels,Das Weib. De afzondering van meisjes tijdens de puberteit in Straat Torres is speciaal bestudeerd door Seligmann,Reports Anthropological Expedition to Torres Straits, deel V, hoofdst. VI.↑12Zoo ontdekte Miss Lura Sanborn, die de leiding heeft van de lichaamsoefeningen aan de normaalschool te Chicago, dat een bad eenmaal in de 14 dagen niets ongewoons was. Bij de periode der menstruatie is er speciaal nog een bijgeloovige vrees voor water. Aan meisjes moet altijd geleerd worden, dat in dezen tijd zindelijkheid bovenal gebiedend noodzakelijk is. Zij moeten een lauw zitbad nemen ’s avonds en ’s morgens, en een vaginauitspoeling (die nooit koud moet wezen) is altijd goed zoowel voor veraangenaming als voor zindelijkheid. Er is niet de minste reden om tijdens de menstruatie bang voor water te zijn. Dit punt werd eenige jaren geleden in hetBritish Medical Journalbesproken met volkomen eensgezindheid van opinie. Een bekend Amerikaansch verloskundige, Dr. J. Clifson Edgar, komt na een zorgvuldige studie over opinie en praktijk in deze kwestie (“Bathing During Menstrual Period,”American Journal Obstetrics, Sept. 1900) tot de conclusie, dat het mogelijk en heilzaam is koude baden te nemen (geen zeebaden) tijdens de periode, mits er gepaste voorzorgen in acht genomen en de gewoonten niet plotseling veranderd worden. Zulk een wijze van handelen behoeft niet zonder onderscheid toegepast te worden, maar er kan geen twijfel aan zijn, dat bij stoere boerenvrouwen, die er in haar jeugd aan gewend zijn, een lange onderdompeling in de zee bij het visschen geen slechte resultaten heeft, en dat die zelfs goed is. Housel (Annales de Gynécologie, Dec. 1894) heeft statistieken gepubliceerd over het menstrueele leven van 123 visschersvrouwen op de Fransche kust. Zij waren gewend garnalen te vangen, uren achtereen dikwijls tot boven het middel in zee staande, en dan rond te loopen in haar natte kleeren om garnalen te verkoopen. Zij beweerden allen nadrukkelijk, dat haar menstruatie gemakkelijker was als zij aan haar werk bezig waren. Haar perioden zijn merkwaardig regelmatig en haar vruchtbaarheid is groot.↑13J. H. Bride, “The Life and Health of Our Girls in Relation to Their Future”,Alienist and Neurologist, Febr., 1904.↑14W. G. Chambers, “The Evolution of Ideals”,Pedagogical Seminary, Maart, 1903; Catherine Dodd. “School Children’s Ideals”,NaturalReview, Febr. en Dec., 1900, en Juni, 1901. Geen Duitsche meisjes kwamen uit voor den wensch om mannen te willen zijn; zij zeiden dat het slecht zou zijn. Onder Vlaamsche meisjes bevond Varendonck te Gent echter (Archives de Psychologie, Juli 1908) dat 26 percent mannen tot ideaal hadden.↑15A. Reibmayr,Die Entwicklungsgeschichte des Talentes und Genies, 1908, deel 1, bladz. 70.↑16R. Hellmann,Ueber Geschlechtsfreiheit, pag. 14.↑17Dit geloof schijnt veel voor te komen onder jonge meisjes op het vasteland van Europa. Het vormt het onderwerp van een van Marcel Prevost’sLettres de Femmes. In Oostenrijk is het, volgens Freud, niet ongewoon, uitsluitend onder meisjes.↑18Toch is, volgens de Engelsche wet, verkrachting een misdaad, die een echtgenoot niet aan zijn vrouw kan begaan, (zie b.v., Nevill Geary,The Law of Marriage, hoofdst. XV, afd. V). De voltrekking van de huwelijksplechtigheid echter, zelfs als ze noodzakelijk een duidelijke verklaring in zich sloot van de voorrechten van den man, kan niet beschouwd worden als een voldoende rechtvaardiging voor een daad van sexueele gemeenschap, volbracht met geweld of zonder de toestemming van de vrouw.↑19Hirschfeld,Jahrbuch für Sexuelle Zwischenstufen, 1903, pag. 88. We kunnen hieraan toevoegen, dat een afschuw tegencoïtusniet noodzakelijk behoeft voort te komen uit een slechte opvoeding en dat die ook wel voor kan komen in erfelijk gedegenereerde vrouwen, wier voorouders gelijke of er mee verwante geestelijke eigenaardigheden vertoond hebben. Een geval van zulke “functioneele impotentie” wordt vermeld van een jonge Italiaansche vrouw van een en twintig jaar, die overigens gezond was en sterk aan haar echtgenoot gehecht. Het huwelijk werd nietig verklaard op den grond dat “rudimentaire sexueele of emotioneele paranoia, die een vrouw onoverwinbaar afkeerig maakt van sexueele vereeniging, niettegenstaande de volledigheid van de sexueele organen, psychische functioneele impotentie vormt”. (Archivio di Psichiatria, 1906, fosc. VI, pag. 806).↑20De redelijkheid van dezen stap blijkt zoo duidelijk, dat het bijna niet noodig moest zijn er op aan te dringen. “De mededeeling aan schooljongens en schoolmeisjes wordt het best gedaan door een ouderen dokter”, merkt Näcke op, “soms misschien door den schooldokter”. “Ik raad sterk aan”, zegt Clouston (The Hygiene of Mind, pag. 249), “dat de huisdokter, geleid door de ouders en den onderwijzer, verreweg de beste leeraar en raadsman is”. Moll is van dezelfde meening.↑21Ik heb dit argument verder ontwikkeld in“Religion and the Child”,Nineteenth Century and After, 1907.↑22De nauwe betrekking die er bestaat tusschen kunst en poëzie en den sexueelen impuls is sporadisch erkend door velen, die niet tot een ruimen blik op de auto-erotische werkzaamheid in het leven gekomen zijn. “Poëzie staat noodzakelijk in verband met de sexueele functies”, zegt Metchnikoff (Essais Optimistes, pag. 352), die ook met instemming aanhaalt het gezegde van Möbius (vroeger geuit door Ferrero en vele anderen) “dat artistieke bekwaamheden waarschijnlijk moeten beschouwd worden als secundaire sexueele kenmerken”.↑

1Deze uitingen zijn behandeld in de studie over Auto-erotiek in een onzer andere werken. Wij kunnen er bijvoegen, dat het sexueele leven van het kind tot in de fijnste bijzonderheden onderzocht is door Moll,Das Sexualleben des Kindes,1900.↑2Deze geslachtsbloei in de sexueele klieren en borsten bij de geboorte of in de vroege jeugd is in een thèse de Paris behandeld door Camille Renouf (La Crise Génital et les Manifestations Connexes chez le Foetus et le Nouveau-né, 1905); hij kan geen bevredigende verklaring van deze verschijnselen geven.↑3Amélineau,La Morale des Egyptiens, pag. 64.↑4“The Social Evil in Philadelphia”,Arena, Maart, 1896.↑5Moll,Konträre Sexualempfindung, third edition,pag. 592.↑6Deze machteloosheid van de wet en de politie wordt wel erkend door mannen van de wet, die op de hoogte zijn van de zaak. Zoo dringt T. Werthauer (Sittlichkeitsdelikte der Grosstadt, 1907) voortdurend aan op het belang van ouders en onderwijzers om kinderen van hun vroege jeugd af een langzamerhand toenemende kennis van sexueele zaken mede te deelen.↑7“Aan ouders moet geleerd worden hoe ze inlichtingen moeten geven”, zegt E. L. Keyes (“Education upon Sexual Matters”,New York Medical Journal, Febr. 10, 1906), “en dit leeren van de ouders moet beginnen, wanneer zij zelf nog kinderen zijn.”↑8Moll (op. cit., pag. 224) zet zeer juist uiteen, hoe onmogelijk het is kinderen te behoeden voor het zien en ondervinden van dingen, die met het sexueele leven in verband staan.↑9Meisjes zijn zelfs niet voorbereid in vele gevallen op het voor den dag komen van de schaamharen. Deze onverwachte haargroei bezorgt jonge meisjes dikwijls veel heimelijken angst, en zij knippen ze dikwijls zorgvuldig af.↑10G. S. Hall,Adolescence, deel I, p. 511. Vele jaren geleden, in 1875, raadde wijlen Dr. Clarke, in zijnSex in Educationrust tijdens de menstruatie voor meisjes aan en verwekte daardoor een hevigen tegenstand, die zeker nu niet voorgekomen zou zijn, nu de speciale gevaren van de vrouwelijkheid meer en meer duidelijk begrepen worden.↑11Voor een resumé van de physieke en geestelijke verschijnselen van de periode der menstruatie, zie men Havelock Ellis:Man en Vrouwhoofdst. XI. De primitieve voorstelling van de menstruatie is meer uitgebreid besproken door J. G. Fraser inThe Golden Bough. Een groote verzameling van feiten met betrekking tot de afzondering tijdens de menstruatie van vrouwen over de geheele wereld, zal men vinden in Ploss en Bartels,Das Weib. De afzondering van meisjes tijdens de puberteit in Straat Torres is speciaal bestudeerd door Seligmann,Reports Anthropological Expedition to Torres Straits, deel V, hoofdst. VI.↑12Zoo ontdekte Miss Lura Sanborn, die de leiding heeft van de lichaamsoefeningen aan de normaalschool te Chicago, dat een bad eenmaal in de 14 dagen niets ongewoons was. Bij de periode der menstruatie is er speciaal nog een bijgeloovige vrees voor water. Aan meisjes moet altijd geleerd worden, dat in dezen tijd zindelijkheid bovenal gebiedend noodzakelijk is. Zij moeten een lauw zitbad nemen ’s avonds en ’s morgens, en een vaginauitspoeling (die nooit koud moet wezen) is altijd goed zoowel voor veraangenaming als voor zindelijkheid. Er is niet de minste reden om tijdens de menstruatie bang voor water te zijn. Dit punt werd eenige jaren geleden in hetBritish Medical Journalbesproken met volkomen eensgezindheid van opinie. Een bekend Amerikaansch verloskundige, Dr. J. Clifson Edgar, komt na een zorgvuldige studie over opinie en praktijk in deze kwestie (“Bathing During Menstrual Period,”American Journal Obstetrics, Sept. 1900) tot de conclusie, dat het mogelijk en heilzaam is koude baden te nemen (geen zeebaden) tijdens de periode, mits er gepaste voorzorgen in acht genomen en de gewoonten niet plotseling veranderd worden. Zulk een wijze van handelen behoeft niet zonder onderscheid toegepast te worden, maar er kan geen twijfel aan zijn, dat bij stoere boerenvrouwen, die er in haar jeugd aan gewend zijn, een lange onderdompeling in de zee bij het visschen geen slechte resultaten heeft, en dat die zelfs goed is. Housel (Annales de Gynécologie, Dec. 1894) heeft statistieken gepubliceerd over het menstrueele leven van 123 visschersvrouwen op de Fransche kust. Zij waren gewend garnalen te vangen, uren achtereen dikwijls tot boven het middel in zee staande, en dan rond te loopen in haar natte kleeren om garnalen te verkoopen. Zij beweerden allen nadrukkelijk, dat haar menstruatie gemakkelijker was als zij aan haar werk bezig waren. Haar perioden zijn merkwaardig regelmatig en haar vruchtbaarheid is groot.↑13J. H. Bride, “The Life and Health of Our Girls in Relation to Their Future”,Alienist and Neurologist, Febr., 1904.↑14W. G. Chambers, “The Evolution of Ideals”,Pedagogical Seminary, Maart, 1903; Catherine Dodd. “School Children’s Ideals”,NaturalReview, Febr. en Dec., 1900, en Juni, 1901. Geen Duitsche meisjes kwamen uit voor den wensch om mannen te willen zijn; zij zeiden dat het slecht zou zijn. Onder Vlaamsche meisjes bevond Varendonck te Gent echter (Archives de Psychologie, Juli 1908) dat 26 percent mannen tot ideaal hadden.↑15A. Reibmayr,Die Entwicklungsgeschichte des Talentes und Genies, 1908, deel 1, bladz. 70.↑16R. Hellmann,Ueber Geschlechtsfreiheit, pag. 14.↑17Dit geloof schijnt veel voor te komen onder jonge meisjes op het vasteland van Europa. Het vormt het onderwerp van een van Marcel Prevost’sLettres de Femmes. In Oostenrijk is het, volgens Freud, niet ongewoon, uitsluitend onder meisjes.↑18Toch is, volgens de Engelsche wet, verkrachting een misdaad, die een echtgenoot niet aan zijn vrouw kan begaan, (zie b.v., Nevill Geary,The Law of Marriage, hoofdst. XV, afd. V). De voltrekking van de huwelijksplechtigheid echter, zelfs als ze noodzakelijk een duidelijke verklaring in zich sloot van de voorrechten van den man, kan niet beschouwd worden als een voldoende rechtvaardiging voor een daad van sexueele gemeenschap, volbracht met geweld of zonder de toestemming van de vrouw.↑19Hirschfeld,Jahrbuch für Sexuelle Zwischenstufen, 1903, pag. 88. We kunnen hieraan toevoegen, dat een afschuw tegencoïtusniet noodzakelijk behoeft voort te komen uit een slechte opvoeding en dat die ook wel voor kan komen in erfelijk gedegenereerde vrouwen, wier voorouders gelijke of er mee verwante geestelijke eigenaardigheden vertoond hebben. Een geval van zulke “functioneele impotentie” wordt vermeld van een jonge Italiaansche vrouw van een en twintig jaar, die overigens gezond was en sterk aan haar echtgenoot gehecht. Het huwelijk werd nietig verklaard op den grond dat “rudimentaire sexueele of emotioneele paranoia, die een vrouw onoverwinbaar afkeerig maakt van sexueele vereeniging, niettegenstaande de volledigheid van de sexueele organen, psychische functioneele impotentie vormt”. (Archivio di Psichiatria, 1906, fosc. VI, pag. 806).↑20De redelijkheid van dezen stap blijkt zoo duidelijk, dat het bijna niet noodig moest zijn er op aan te dringen. “De mededeeling aan schooljongens en schoolmeisjes wordt het best gedaan door een ouderen dokter”, merkt Näcke op, “soms misschien door den schooldokter”. “Ik raad sterk aan”, zegt Clouston (The Hygiene of Mind, pag. 249), “dat de huisdokter, geleid door de ouders en den onderwijzer, verreweg de beste leeraar en raadsman is”. Moll is van dezelfde meening.↑21Ik heb dit argument verder ontwikkeld in“Religion and the Child”,Nineteenth Century and After, 1907.↑22De nauwe betrekking die er bestaat tusschen kunst en poëzie en den sexueelen impuls is sporadisch erkend door velen, die niet tot een ruimen blik op de auto-erotische werkzaamheid in het leven gekomen zijn. “Poëzie staat noodzakelijk in verband met de sexueele functies”, zegt Metchnikoff (Essais Optimistes, pag. 352), die ook met instemming aanhaalt het gezegde van Möbius (vroeger geuit door Ferrero en vele anderen) “dat artistieke bekwaamheden waarschijnlijk moeten beschouwd worden als secundaire sexueele kenmerken”.↑

1Deze uitingen zijn behandeld in de studie over Auto-erotiek in een onzer andere werken. Wij kunnen er bijvoegen, dat het sexueele leven van het kind tot in de fijnste bijzonderheden onderzocht is door Moll,Das Sexualleben des Kindes,1900.↑2Deze geslachtsbloei in de sexueele klieren en borsten bij de geboorte of in de vroege jeugd is in een thèse de Paris behandeld door Camille Renouf (La Crise Génital et les Manifestations Connexes chez le Foetus et le Nouveau-né, 1905); hij kan geen bevredigende verklaring van deze verschijnselen geven.↑3Amélineau,La Morale des Egyptiens, pag. 64.↑4“The Social Evil in Philadelphia”,Arena, Maart, 1896.↑5Moll,Konträre Sexualempfindung, third edition,pag. 592.↑6Deze machteloosheid van de wet en de politie wordt wel erkend door mannen van de wet, die op de hoogte zijn van de zaak. Zoo dringt T. Werthauer (Sittlichkeitsdelikte der Grosstadt, 1907) voortdurend aan op het belang van ouders en onderwijzers om kinderen van hun vroege jeugd af een langzamerhand toenemende kennis van sexueele zaken mede te deelen.↑7“Aan ouders moet geleerd worden hoe ze inlichtingen moeten geven”, zegt E. L. Keyes (“Education upon Sexual Matters”,New York Medical Journal, Febr. 10, 1906), “en dit leeren van de ouders moet beginnen, wanneer zij zelf nog kinderen zijn.”↑8Moll (op. cit., pag. 224) zet zeer juist uiteen, hoe onmogelijk het is kinderen te behoeden voor het zien en ondervinden van dingen, die met het sexueele leven in verband staan.↑9Meisjes zijn zelfs niet voorbereid in vele gevallen op het voor den dag komen van de schaamharen. Deze onverwachte haargroei bezorgt jonge meisjes dikwijls veel heimelijken angst, en zij knippen ze dikwijls zorgvuldig af.↑10G. S. Hall,Adolescence, deel I, p. 511. Vele jaren geleden, in 1875, raadde wijlen Dr. Clarke, in zijnSex in Educationrust tijdens de menstruatie voor meisjes aan en verwekte daardoor een hevigen tegenstand, die zeker nu niet voorgekomen zou zijn, nu de speciale gevaren van de vrouwelijkheid meer en meer duidelijk begrepen worden.↑11Voor een resumé van de physieke en geestelijke verschijnselen van de periode der menstruatie, zie men Havelock Ellis:Man en Vrouwhoofdst. XI. De primitieve voorstelling van de menstruatie is meer uitgebreid besproken door J. G. Fraser inThe Golden Bough. Een groote verzameling van feiten met betrekking tot de afzondering tijdens de menstruatie van vrouwen over de geheele wereld, zal men vinden in Ploss en Bartels,Das Weib. De afzondering van meisjes tijdens de puberteit in Straat Torres is speciaal bestudeerd door Seligmann,Reports Anthropological Expedition to Torres Straits, deel V, hoofdst. VI.↑12Zoo ontdekte Miss Lura Sanborn, die de leiding heeft van de lichaamsoefeningen aan de normaalschool te Chicago, dat een bad eenmaal in de 14 dagen niets ongewoons was. Bij de periode der menstruatie is er speciaal nog een bijgeloovige vrees voor water. Aan meisjes moet altijd geleerd worden, dat in dezen tijd zindelijkheid bovenal gebiedend noodzakelijk is. Zij moeten een lauw zitbad nemen ’s avonds en ’s morgens, en een vaginauitspoeling (die nooit koud moet wezen) is altijd goed zoowel voor veraangenaming als voor zindelijkheid. Er is niet de minste reden om tijdens de menstruatie bang voor water te zijn. Dit punt werd eenige jaren geleden in hetBritish Medical Journalbesproken met volkomen eensgezindheid van opinie. Een bekend Amerikaansch verloskundige, Dr. J. Clifson Edgar, komt na een zorgvuldige studie over opinie en praktijk in deze kwestie (“Bathing During Menstrual Period,”American Journal Obstetrics, Sept. 1900) tot de conclusie, dat het mogelijk en heilzaam is koude baden te nemen (geen zeebaden) tijdens de periode, mits er gepaste voorzorgen in acht genomen en de gewoonten niet plotseling veranderd worden. Zulk een wijze van handelen behoeft niet zonder onderscheid toegepast te worden, maar er kan geen twijfel aan zijn, dat bij stoere boerenvrouwen, die er in haar jeugd aan gewend zijn, een lange onderdompeling in de zee bij het visschen geen slechte resultaten heeft, en dat die zelfs goed is. Housel (Annales de Gynécologie, Dec. 1894) heeft statistieken gepubliceerd over het menstrueele leven van 123 visschersvrouwen op de Fransche kust. Zij waren gewend garnalen te vangen, uren achtereen dikwijls tot boven het middel in zee staande, en dan rond te loopen in haar natte kleeren om garnalen te verkoopen. Zij beweerden allen nadrukkelijk, dat haar menstruatie gemakkelijker was als zij aan haar werk bezig waren. Haar perioden zijn merkwaardig regelmatig en haar vruchtbaarheid is groot.↑13J. H. Bride, “The Life and Health of Our Girls in Relation to Their Future”,Alienist and Neurologist, Febr., 1904.↑14W. G. Chambers, “The Evolution of Ideals”,Pedagogical Seminary, Maart, 1903; Catherine Dodd. “School Children’s Ideals”,NaturalReview, Febr. en Dec., 1900, en Juni, 1901. Geen Duitsche meisjes kwamen uit voor den wensch om mannen te willen zijn; zij zeiden dat het slecht zou zijn. Onder Vlaamsche meisjes bevond Varendonck te Gent echter (Archives de Psychologie, Juli 1908) dat 26 percent mannen tot ideaal hadden.↑15A. Reibmayr,Die Entwicklungsgeschichte des Talentes und Genies, 1908, deel 1, bladz. 70.↑16R. Hellmann,Ueber Geschlechtsfreiheit, pag. 14.↑17Dit geloof schijnt veel voor te komen onder jonge meisjes op het vasteland van Europa. Het vormt het onderwerp van een van Marcel Prevost’sLettres de Femmes. In Oostenrijk is het, volgens Freud, niet ongewoon, uitsluitend onder meisjes.↑18Toch is, volgens de Engelsche wet, verkrachting een misdaad, die een echtgenoot niet aan zijn vrouw kan begaan, (zie b.v., Nevill Geary,The Law of Marriage, hoofdst. XV, afd. V). De voltrekking van de huwelijksplechtigheid echter, zelfs als ze noodzakelijk een duidelijke verklaring in zich sloot van de voorrechten van den man, kan niet beschouwd worden als een voldoende rechtvaardiging voor een daad van sexueele gemeenschap, volbracht met geweld of zonder de toestemming van de vrouw.↑19Hirschfeld,Jahrbuch für Sexuelle Zwischenstufen, 1903, pag. 88. We kunnen hieraan toevoegen, dat een afschuw tegencoïtusniet noodzakelijk behoeft voort te komen uit een slechte opvoeding en dat die ook wel voor kan komen in erfelijk gedegenereerde vrouwen, wier voorouders gelijke of er mee verwante geestelijke eigenaardigheden vertoond hebben. Een geval van zulke “functioneele impotentie” wordt vermeld van een jonge Italiaansche vrouw van een en twintig jaar, die overigens gezond was en sterk aan haar echtgenoot gehecht. Het huwelijk werd nietig verklaard op den grond dat “rudimentaire sexueele of emotioneele paranoia, die een vrouw onoverwinbaar afkeerig maakt van sexueele vereeniging, niettegenstaande de volledigheid van de sexueele organen, psychische functioneele impotentie vormt”. (Archivio di Psichiatria, 1906, fosc. VI, pag. 806).↑20De redelijkheid van dezen stap blijkt zoo duidelijk, dat het bijna niet noodig moest zijn er op aan te dringen. “De mededeeling aan schooljongens en schoolmeisjes wordt het best gedaan door een ouderen dokter”, merkt Näcke op, “soms misschien door den schooldokter”. “Ik raad sterk aan”, zegt Clouston (The Hygiene of Mind, pag. 249), “dat de huisdokter, geleid door de ouders en den onderwijzer, verreweg de beste leeraar en raadsman is”. Moll is van dezelfde meening.↑21Ik heb dit argument verder ontwikkeld in“Religion and the Child”,Nineteenth Century and After, 1907.↑22De nauwe betrekking die er bestaat tusschen kunst en poëzie en den sexueelen impuls is sporadisch erkend door velen, die niet tot een ruimen blik op de auto-erotische werkzaamheid in het leven gekomen zijn. “Poëzie staat noodzakelijk in verband met de sexueele functies”, zegt Metchnikoff (Essais Optimistes, pag. 352), die ook met instemming aanhaalt het gezegde van Möbius (vroeger geuit door Ferrero en vele anderen) “dat artistieke bekwaamheden waarschijnlijk moeten beschouwd worden als secundaire sexueele kenmerken”.↑

1Deze uitingen zijn behandeld in de studie over Auto-erotiek in een onzer andere werken. Wij kunnen er bijvoegen, dat het sexueele leven van het kind tot in de fijnste bijzonderheden onderzocht is door Moll,Das Sexualleben des Kindes,1900.↑

2Deze geslachtsbloei in de sexueele klieren en borsten bij de geboorte of in de vroege jeugd is in een thèse de Paris behandeld door Camille Renouf (La Crise Génital et les Manifestations Connexes chez le Foetus et le Nouveau-né, 1905); hij kan geen bevredigende verklaring van deze verschijnselen geven.↑

3Amélineau,La Morale des Egyptiens, pag. 64.↑

4“The Social Evil in Philadelphia”,Arena, Maart, 1896.↑

5Moll,Konträre Sexualempfindung, third edition,pag. 592.↑

6Deze machteloosheid van de wet en de politie wordt wel erkend door mannen van de wet, die op de hoogte zijn van de zaak. Zoo dringt T. Werthauer (Sittlichkeitsdelikte der Grosstadt, 1907) voortdurend aan op het belang van ouders en onderwijzers om kinderen van hun vroege jeugd af een langzamerhand toenemende kennis van sexueele zaken mede te deelen.↑

7“Aan ouders moet geleerd worden hoe ze inlichtingen moeten geven”, zegt E. L. Keyes (“Education upon Sexual Matters”,New York Medical Journal, Febr. 10, 1906), “en dit leeren van de ouders moet beginnen, wanneer zij zelf nog kinderen zijn.”↑

8Moll (op. cit., pag. 224) zet zeer juist uiteen, hoe onmogelijk het is kinderen te behoeden voor het zien en ondervinden van dingen, die met het sexueele leven in verband staan.↑

9Meisjes zijn zelfs niet voorbereid in vele gevallen op het voor den dag komen van de schaamharen. Deze onverwachte haargroei bezorgt jonge meisjes dikwijls veel heimelijken angst, en zij knippen ze dikwijls zorgvuldig af.↑

10G. S. Hall,Adolescence, deel I, p. 511. Vele jaren geleden, in 1875, raadde wijlen Dr. Clarke, in zijnSex in Educationrust tijdens de menstruatie voor meisjes aan en verwekte daardoor een hevigen tegenstand, die zeker nu niet voorgekomen zou zijn, nu de speciale gevaren van de vrouwelijkheid meer en meer duidelijk begrepen worden.↑

11Voor een resumé van de physieke en geestelijke verschijnselen van de periode der menstruatie, zie men Havelock Ellis:Man en Vrouwhoofdst. XI. De primitieve voorstelling van de menstruatie is meer uitgebreid besproken door J. G. Fraser inThe Golden Bough. Een groote verzameling van feiten met betrekking tot de afzondering tijdens de menstruatie van vrouwen over de geheele wereld, zal men vinden in Ploss en Bartels,Das Weib. De afzondering van meisjes tijdens de puberteit in Straat Torres is speciaal bestudeerd door Seligmann,Reports Anthropological Expedition to Torres Straits, deel V, hoofdst. VI.↑

12Zoo ontdekte Miss Lura Sanborn, die de leiding heeft van de lichaamsoefeningen aan de normaalschool te Chicago, dat een bad eenmaal in de 14 dagen niets ongewoons was. Bij de periode der menstruatie is er speciaal nog een bijgeloovige vrees voor water. Aan meisjes moet altijd geleerd worden, dat in dezen tijd zindelijkheid bovenal gebiedend noodzakelijk is. Zij moeten een lauw zitbad nemen ’s avonds en ’s morgens, en een vaginauitspoeling (die nooit koud moet wezen) is altijd goed zoowel voor veraangenaming als voor zindelijkheid. Er is niet de minste reden om tijdens de menstruatie bang voor water te zijn. Dit punt werd eenige jaren geleden in hetBritish Medical Journalbesproken met volkomen eensgezindheid van opinie. Een bekend Amerikaansch verloskundige, Dr. J. Clifson Edgar, komt na een zorgvuldige studie over opinie en praktijk in deze kwestie (“Bathing During Menstrual Period,”American Journal Obstetrics, Sept. 1900) tot de conclusie, dat het mogelijk en heilzaam is koude baden te nemen (geen zeebaden) tijdens de periode, mits er gepaste voorzorgen in acht genomen en de gewoonten niet plotseling veranderd worden. Zulk een wijze van handelen behoeft niet zonder onderscheid toegepast te worden, maar er kan geen twijfel aan zijn, dat bij stoere boerenvrouwen, die er in haar jeugd aan gewend zijn, een lange onderdompeling in de zee bij het visschen geen slechte resultaten heeft, en dat die zelfs goed is. Housel (Annales de Gynécologie, Dec. 1894) heeft statistieken gepubliceerd over het menstrueele leven van 123 visschersvrouwen op de Fransche kust. Zij waren gewend garnalen te vangen, uren achtereen dikwijls tot boven het middel in zee staande, en dan rond te loopen in haar natte kleeren om garnalen te verkoopen. Zij beweerden allen nadrukkelijk, dat haar menstruatie gemakkelijker was als zij aan haar werk bezig waren. Haar perioden zijn merkwaardig regelmatig en haar vruchtbaarheid is groot.↑

13J. H. Bride, “The Life and Health of Our Girls in Relation to Their Future”,Alienist and Neurologist, Febr., 1904.↑

14W. G. Chambers, “The Evolution of Ideals”,Pedagogical Seminary, Maart, 1903; Catherine Dodd. “School Children’s Ideals”,NaturalReview, Febr. en Dec., 1900, en Juni, 1901. Geen Duitsche meisjes kwamen uit voor den wensch om mannen te willen zijn; zij zeiden dat het slecht zou zijn. Onder Vlaamsche meisjes bevond Varendonck te Gent echter (Archives de Psychologie, Juli 1908) dat 26 percent mannen tot ideaal hadden.↑

15A. Reibmayr,Die Entwicklungsgeschichte des Talentes und Genies, 1908, deel 1, bladz. 70.↑

16R. Hellmann,Ueber Geschlechtsfreiheit, pag. 14.↑

17Dit geloof schijnt veel voor te komen onder jonge meisjes op het vasteland van Europa. Het vormt het onderwerp van een van Marcel Prevost’sLettres de Femmes. In Oostenrijk is het, volgens Freud, niet ongewoon, uitsluitend onder meisjes.↑

18Toch is, volgens de Engelsche wet, verkrachting een misdaad, die een echtgenoot niet aan zijn vrouw kan begaan, (zie b.v., Nevill Geary,The Law of Marriage, hoofdst. XV, afd. V). De voltrekking van de huwelijksplechtigheid echter, zelfs als ze noodzakelijk een duidelijke verklaring in zich sloot van de voorrechten van den man, kan niet beschouwd worden als een voldoende rechtvaardiging voor een daad van sexueele gemeenschap, volbracht met geweld of zonder de toestemming van de vrouw.↑

19Hirschfeld,Jahrbuch für Sexuelle Zwischenstufen, 1903, pag. 88. We kunnen hieraan toevoegen, dat een afschuw tegencoïtusniet noodzakelijk behoeft voort te komen uit een slechte opvoeding en dat die ook wel voor kan komen in erfelijk gedegenereerde vrouwen, wier voorouders gelijke of er mee verwante geestelijke eigenaardigheden vertoond hebben. Een geval van zulke “functioneele impotentie” wordt vermeld van een jonge Italiaansche vrouw van een en twintig jaar, die overigens gezond was en sterk aan haar echtgenoot gehecht. Het huwelijk werd nietig verklaard op den grond dat “rudimentaire sexueele of emotioneele paranoia, die een vrouw onoverwinbaar afkeerig maakt van sexueele vereeniging, niettegenstaande de volledigheid van de sexueele organen, psychische functioneele impotentie vormt”. (Archivio di Psichiatria, 1906, fosc. VI, pag. 806).↑

20De redelijkheid van dezen stap blijkt zoo duidelijk, dat het bijna niet noodig moest zijn er op aan te dringen. “De mededeeling aan schooljongens en schoolmeisjes wordt het best gedaan door een ouderen dokter”, merkt Näcke op, “soms misschien door den schooldokter”. “Ik raad sterk aan”, zegt Clouston (The Hygiene of Mind, pag. 249), “dat de huisdokter, geleid door de ouders en den onderwijzer, verreweg de beste leeraar en raadsman is”. Moll is van dezelfde meening.↑

21Ik heb dit argument verder ontwikkeld in“Religion and the Child”,Nineteenth Century and After, 1907.↑

22De nauwe betrekking die er bestaat tusschen kunst en poëzie en den sexueelen impuls is sporadisch erkend door velen, die niet tot een ruimen blik op de auto-erotische werkzaamheid in het leven gekomen zijn. “Poëzie staat noodzakelijk in verband met de sexueele functies”, zegt Metchnikoff (Essais Optimistes, pag. 352), die ook met instemming aanhaalt het gezegde van Möbius (vroeger geuit door Ferrero en vele anderen) “dat artistieke bekwaamheden waarschijnlijk moeten beschouwd worden als secundaire sexueele kenmerken”.↑


Back to IndexNext