HOOFDSTUK XVI.

HOOFDSTUK XVI.DIERENRIJK.De buffel is welligt het nuttigste van de viervoetige dieren op de Philippijnen. Men vindt een tal kudden van wilde buffels in het binnenland, maar getemd wordt het dier tot veldarbeid en tot transporteren, hetzij op zijn rug of voor wagens, gebruikt. Hij waadt het liefst in water of modder. De gehechtheid van de moêr tot haar jong is zoo gróót, dat zij zich in de rivier werpt om de krokodil te vervolgen, die haar daarvan beroofd heeft. Men vindt overigens eene massa beeren en andere wilde dieren.Men heeft veel zorg gewijd aan de verbetering van het ras der inlandsche ponies, die naarmate van de vermeerde aanvraag, in waarde gestegen zijn. Tot in de laatste jaren bedroeg de prijs 40 à 50 dollars, maar de kapitein-generaal zeide mij dat de vier ponies, die hij voor zijn rijtuig gebruikte, hem 500 dollars hadden gekost.Ofschoon de verhalen van de geheimzinnige, verborgen en snelle verwoesting door de witte mieren somtijds ongeloofelijk zouden kunnen schijnen, zou het geloof daaraan ook wel alle grenzen overschrijden. Wij hadden eene vrouwelijke bediende te Hong-Kong, die ons verhaalde dat zij hare spaarpenningen in dollars aan een harer bloedverwanten had geleend en dat, toen zij ze terug verlangde, men haar gezegd had dat de witte mieren de dollars hadden opgevreten, iets waaraan de goede vrouw in haren eenvoud geen oogenblik twijfelde. In de Philippijnen is hunne tegenwoordigheid, gedurende den regen-mousson bij zons-ondergang, ondragelijk. Een op waarheid gegrond feit kan als eene bijdrage dienen tot de kennis van de vernielende werking van deze insecten, aanwelke schoone doorschijnende vleugelen zijn gegeven, zooals de botervliegjes in hunne latere levensphase; deze vleugelen vallen af, zoodra zij eene rustplaats vinden. In de stad Obando, provincie Bulacan, werden den 18den Maart 1838 de verschillende voor de misdienst bestemde kleederen en gereedschappen in eene kist van narrahout (Pterocarpus palidus) gelegd. Den 19den werden zij bij de mis gebruikt en ’s avonds weder op hunne plaats gebragt. Den 20sten bemerkte men bij de kist eenig vuil en toen men ze opensloot, bleek het dat al de voorwerpen, met uitzondering van de gouden en zilveren haken, die met een vuilachtig vlies waren bedekt, geheel tot stof vergaan waren. Bij een naauwkeurig onderzoek werd echter in de geheele kerk geene enkele mier en ook geen spoor dezer vernielende dieren gevonden. Eerst vijf dagen later bevond men dat zij door een’ zes duim dikken balk gedrongen waren.Weinige van de grootere wilde dieren vindt men in de Philippijnen. De olifant moet in vroeger tijden bekend zijn geweest, daar de namengadja(olifant) ennungagadja(olifanten-jagt) in de Tagalesche taal voorkomen. Ossen, zwijnen, buffels, herten, geiten, schapen, eene groote verscheidenheid van apen, katten, vliegende eekhorentjes, honden, ratten en andere dieren vindt men in verschillende klassen van tamheid en wildheid.De groote insecten-plagen der Philippijnen zijn de witte mieren (termes) en de muskieten. Vlooijen, luizen en vliegen zijn minder talrijk en lastig dan in vele gematigde streken.Sommige vleêrmuizen zijn van 5 tot 6 voet van de toppen hunner vleugelen af groot.Er bestaan ongeloofelijke verhalen omtrent een kleine, zwarte vogel van het zwaluwenras, die zijn nest in den staart van wilde paarden zou maken. De Mas haalt aan wat hij noemt ontwijfelbaar te vertrouwen autoriteiten1tot staving zijner argumenten. Er bestaan tallooze soorten van kippen en duiven, wier Indiaansche benamingen voor Europesche ornithologisten van weinig nut zouden zijn. Onder die vogels behooren: debalicyao, beroemd om zijn zang;demananayom(de eenzame), die altijd sterft als hij gevangen wordt, decoling, wien men gemakkelijk kan leeren spreken; talrijke papagaaijen; decalao, die een doorschijnenden bek heeft en even als een haan kraait; debocuit, of de vogel met zeven kleuren, die eene bijzonder zoete stem heeft; devaloor, wiens vederen, even als die van de patrijs verschillen en dedundunay, die een van de schoonste vogels moet zijn.Slangen, hagedissen en andere kruipende dieren vindt men in overvloed; spinnen van ontzaggelijke grootte; tarantulas enz. Deguikois zeer lastig om het geraas, dat hij maakt. Ik stond verbaasd over de kracht, waarmede dit dier, zelfs in de doodskrampen, een stuk hout vasthield, waarop het was geplaatst; zijne pooten schenen al de kracht te hebben van den zuiger, waarmee de jongens spelen en men had groote moeite het dier er van af te krijgen.De vuur-vliegen verlichten de bosschen ’s nachts. Er zijn sommige boomen, waaraan zij zich bij voorkeur boven anderen vasthechten. Weinige voorwerpen zijn schooner dan eene reeks boomen, met deze heldere en schitterende sterren verlicht. De prachtige schepseltjes schijnen eene wonderbare sympathie voor elkander te hebben, nu eens door het doen ontstaan van een plotselinge vlam van schoon vuur, van een licht en zacht groen, dan weder door het plotselinge uitdooven van het geheele vuur.Van water-vogelen is de schildpad van gewigtig handels-belang. De inlanders die den tijd afwachten, dat zij aan het strand komen, verbergen zich en loopen, als een zeker aantal aan den wal is, tusschen de schildpadden en de golven, leggen ze een voor een op den rug en gaan ze, als zij gelegenheid hebben, halen. De groote oester, die de inlanderstaclovonoemen, en veel in de kerken tot vat voor het wijwater wordt gebruikt en dikwijls aan den ingang van huizen wordt gezien, wordt gevangen door een koord te slaan om het ligchaam van het dier als de schelp is geopend; het dier sluit zich onmiddellijk op het koord en kan dan met het grootste gemak op de oppervlakte gehaald worden. Ik weet niet of er eenig werk op de Philippijnen over de schelpkunde bestaat, ofschoon er eene menigte soorten land- en waterschelpen zijn.1Een vriend van een der heeren, door de Mas aangehaald, verhaalde mij intusschen, dat hij ontkent hem gemagtigd te hebben onder zijn naam die bewering te doen.(Schrijver.)↑

HOOFDSTUK XVI.DIERENRIJK.De buffel is welligt het nuttigste van de viervoetige dieren op de Philippijnen. Men vindt een tal kudden van wilde buffels in het binnenland, maar getemd wordt het dier tot veldarbeid en tot transporteren, hetzij op zijn rug of voor wagens, gebruikt. Hij waadt het liefst in water of modder. De gehechtheid van de moêr tot haar jong is zoo gróót, dat zij zich in de rivier werpt om de krokodil te vervolgen, die haar daarvan beroofd heeft. Men vindt overigens eene massa beeren en andere wilde dieren.Men heeft veel zorg gewijd aan de verbetering van het ras der inlandsche ponies, die naarmate van de vermeerde aanvraag, in waarde gestegen zijn. Tot in de laatste jaren bedroeg de prijs 40 à 50 dollars, maar de kapitein-generaal zeide mij dat de vier ponies, die hij voor zijn rijtuig gebruikte, hem 500 dollars hadden gekost.Ofschoon de verhalen van de geheimzinnige, verborgen en snelle verwoesting door de witte mieren somtijds ongeloofelijk zouden kunnen schijnen, zou het geloof daaraan ook wel alle grenzen overschrijden. Wij hadden eene vrouwelijke bediende te Hong-Kong, die ons verhaalde dat zij hare spaarpenningen in dollars aan een harer bloedverwanten had geleend en dat, toen zij ze terug verlangde, men haar gezegd had dat de witte mieren de dollars hadden opgevreten, iets waaraan de goede vrouw in haren eenvoud geen oogenblik twijfelde. In de Philippijnen is hunne tegenwoordigheid, gedurende den regen-mousson bij zons-ondergang, ondragelijk. Een op waarheid gegrond feit kan als eene bijdrage dienen tot de kennis van de vernielende werking van deze insecten, aanwelke schoone doorschijnende vleugelen zijn gegeven, zooals de botervliegjes in hunne latere levensphase; deze vleugelen vallen af, zoodra zij eene rustplaats vinden. In de stad Obando, provincie Bulacan, werden den 18den Maart 1838 de verschillende voor de misdienst bestemde kleederen en gereedschappen in eene kist van narrahout (Pterocarpus palidus) gelegd. Den 19den werden zij bij de mis gebruikt en ’s avonds weder op hunne plaats gebragt. Den 20sten bemerkte men bij de kist eenig vuil en toen men ze opensloot, bleek het dat al de voorwerpen, met uitzondering van de gouden en zilveren haken, die met een vuilachtig vlies waren bedekt, geheel tot stof vergaan waren. Bij een naauwkeurig onderzoek werd echter in de geheele kerk geene enkele mier en ook geen spoor dezer vernielende dieren gevonden. Eerst vijf dagen later bevond men dat zij door een’ zes duim dikken balk gedrongen waren.Weinige van de grootere wilde dieren vindt men in de Philippijnen. De olifant moet in vroeger tijden bekend zijn geweest, daar de namengadja(olifant) ennungagadja(olifanten-jagt) in de Tagalesche taal voorkomen. Ossen, zwijnen, buffels, herten, geiten, schapen, eene groote verscheidenheid van apen, katten, vliegende eekhorentjes, honden, ratten en andere dieren vindt men in verschillende klassen van tamheid en wildheid.De groote insecten-plagen der Philippijnen zijn de witte mieren (termes) en de muskieten. Vlooijen, luizen en vliegen zijn minder talrijk en lastig dan in vele gematigde streken.Sommige vleêrmuizen zijn van 5 tot 6 voet van de toppen hunner vleugelen af groot.Er bestaan ongeloofelijke verhalen omtrent een kleine, zwarte vogel van het zwaluwenras, die zijn nest in den staart van wilde paarden zou maken. De Mas haalt aan wat hij noemt ontwijfelbaar te vertrouwen autoriteiten1tot staving zijner argumenten. Er bestaan tallooze soorten van kippen en duiven, wier Indiaansche benamingen voor Europesche ornithologisten van weinig nut zouden zijn. Onder die vogels behooren: debalicyao, beroemd om zijn zang;demananayom(de eenzame), die altijd sterft als hij gevangen wordt, decoling, wien men gemakkelijk kan leeren spreken; talrijke papagaaijen; decalao, die een doorschijnenden bek heeft en even als een haan kraait; debocuit, of de vogel met zeven kleuren, die eene bijzonder zoete stem heeft; devaloor, wiens vederen, even als die van de patrijs verschillen en dedundunay, die een van de schoonste vogels moet zijn.Slangen, hagedissen en andere kruipende dieren vindt men in overvloed; spinnen van ontzaggelijke grootte; tarantulas enz. Deguikois zeer lastig om het geraas, dat hij maakt. Ik stond verbaasd over de kracht, waarmede dit dier, zelfs in de doodskrampen, een stuk hout vasthield, waarop het was geplaatst; zijne pooten schenen al de kracht te hebben van den zuiger, waarmee de jongens spelen en men had groote moeite het dier er van af te krijgen.De vuur-vliegen verlichten de bosschen ’s nachts. Er zijn sommige boomen, waaraan zij zich bij voorkeur boven anderen vasthechten. Weinige voorwerpen zijn schooner dan eene reeks boomen, met deze heldere en schitterende sterren verlicht. De prachtige schepseltjes schijnen eene wonderbare sympathie voor elkander te hebben, nu eens door het doen ontstaan van een plotselinge vlam van schoon vuur, van een licht en zacht groen, dan weder door het plotselinge uitdooven van het geheele vuur.Van water-vogelen is de schildpad van gewigtig handels-belang. De inlanders die den tijd afwachten, dat zij aan het strand komen, verbergen zich en loopen, als een zeker aantal aan den wal is, tusschen de schildpadden en de golven, leggen ze een voor een op den rug en gaan ze, als zij gelegenheid hebben, halen. De groote oester, die de inlanderstaclovonoemen, en veel in de kerken tot vat voor het wijwater wordt gebruikt en dikwijls aan den ingang van huizen wordt gezien, wordt gevangen door een koord te slaan om het ligchaam van het dier als de schelp is geopend; het dier sluit zich onmiddellijk op het koord en kan dan met het grootste gemak op de oppervlakte gehaald worden. Ik weet niet of er eenig werk op de Philippijnen over de schelpkunde bestaat, ofschoon er eene menigte soorten land- en waterschelpen zijn.1Een vriend van een der heeren, door de Mas aangehaald, verhaalde mij intusschen, dat hij ontkent hem gemagtigd te hebben onder zijn naam die bewering te doen.(Schrijver.)↑

HOOFDSTUK XVI.DIERENRIJK.

De buffel is welligt het nuttigste van de viervoetige dieren op de Philippijnen. Men vindt een tal kudden van wilde buffels in het binnenland, maar getemd wordt het dier tot veldarbeid en tot transporteren, hetzij op zijn rug of voor wagens, gebruikt. Hij waadt het liefst in water of modder. De gehechtheid van de moêr tot haar jong is zoo gróót, dat zij zich in de rivier werpt om de krokodil te vervolgen, die haar daarvan beroofd heeft. Men vindt overigens eene massa beeren en andere wilde dieren.Men heeft veel zorg gewijd aan de verbetering van het ras der inlandsche ponies, die naarmate van de vermeerde aanvraag, in waarde gestegen zijn. Tot in de laatste jaren bedroeg de prijs 40 à 50 dollars, maar de kapitein-generaal zeide mij dat de vier ponies, die hij voor zijn rijtuig gebruikte, hem 500 dollars hadden gekost.Ofschoon de verhalen van de geheimzinnige, verborgen en snelle verwoesting door de witte mieren somtijds ongeloofelijk zouden kunnen schijnen, zou het geloof daaraan ook wel alle grenzen overschrijden. Wij hadden eene vrouwelijke bediende te Hong-Kong, die ons verhaalde dat zij hare spaarpenningen in dollars aan een harer bloedverwanten had geleend en dat, toen zij ze terug verlangde, men haar gezegd had dat de witte mieren de dollars hadden opgevreten, iets waaraan de goede vrouw in haren eenvoud geen oogenblik twijfelde. In de Philippijnen is hunne tegenwoordigheid, gedurende den regen-mousson bij zons-ondergang, ondragelijk. Een op waarheid gegrond feit kan als eene bijdrage dienen tot de kennis van de vernielende werking van deze insecten, aanwelke schoone doorschijnende vleugelen zijn gegeven, zooals de botervliegjes in hunne latere levensphase; deze vleugelen vallen af, zoodra zij eene rustplaats vinden. In de stad Obando, provincie Bulacan, werden den 18den Maart 1838 de verschillende voor de misdienst bestemde kleederen en gereedschappen in eene kist van narrahout (Pterocarpus palidus) gelegd. Den 19den werden zij bij de mis gebruikt en ’s avonds weder op hunne plaats gebragt. Den 20sten bemerkte men bij de kist eenig vuil en toen men ze opensloot, bleek het dat al de voorwerpen, met uitzondering van de gouden en zilveren haken, die met een vuilachtig vlies waren bedekt, geheel tot stof vergaan waren. Bij een naauwkeurig onderzoek werd echter in de geheele kerk geene enkele mier en ook geen spoor dezer vernielende dieren gevonden. Eerst vijf dagen later bevond men dat zij door een’ zes duim dikken balk gedrongen waren.Weinige van de grootere wilde dieren vindt men in de Philippijnen. De olifant moet in vroeger tijden bekend zijn geweest, daar de namengadja(olifant) ennungagadja(olifanten-jagt) in de Tagalesche taal voorkomen. Ossen, zwijnen, buffels, herten, geiten, schapen, eene groote verscheidenheid van apen, katten, vliegende eekhorentjes, honden, ratten en andere dieren vindt men in verschillende klassen van tamheid en wildheid.De groote insecten-plagen der Philippijnen zijn de witte mieren (termes) en de muskieten. Vlooijen, luizen en vliegen zijn minder talrijk en lastig dan in vele gematigde streken.Sommige vleêrmuizen zijn van 5 tot 6 voet van de toppen hunner vleugelen af groot.Er bestaan ongeloofelijke verhalen omtrent een kleine, zwarte vogel van het zwaluwenras, die zijn nest in den staart van wilde paarden zou maken. De Mas haalt aan wat hij noemt ontwijfelbaar te vertrouwen autoriteiten1tot staving zijner argumenten. Er bestaan tallooze soorten van kippen en duiven, wier Indiaansche benamingen voor Europesche ornithologisten van weinig nut zouden zijn. Onder die vogels behooren: debalicyao, beroemd om zijn zang;demananayom(de eenzame), die altijd sterft als hij gevangen wordt, decoling, wien men gemakkelijk kan leeren spreken; talrijke papagaaijen; decalao, die een doorschijnenden bek heeft en even als een haan kraait; debocuit, of de vogel met zeven kleuren, die eene bijzonder zoete stem heeft; devaloor, wiens vederen, even als die van de patrijs verschillen en dedundunay, die een van de schoonste vogels moet zijn.Slangen, hagedissen en andere kruipende dieren vindt men in overvloed; spinnen van ontzaggelijke grootte; tarantulas enz. Deguikois zeer lastig om het geraas, dat hij maakt. Ik stond verbaasd over de kracht, waarmede dit dier, zelfs in de doodskrampen, een stuk hout vasthield, waarop het was geplaatst; zijne pooten schenen al de kracht te hebben van den zuiger, waarmee de jongens spelen en men had groote moeite het dier er van af te krijgen.De vuur-vliegen verlichten de bosschen ’s nachts. Er zijn sommige boomen, waaraan zij zich bij voorkeur boven anderen vasthechten. Weinige voorwerpen zijn schooner dan eene reeks boomen, met deze heldere en schitterende sterren verlicht. De prachtige schepseltjes schijnen eene wonderbare sympathie voor elkander te hebben, nu eens door het doen ontstaan van een plotselinge vlam van schoon vuur, van een licht en zacht groen, dan weder door het plotselinge uitdooven van het geheele vuur.Van water-vogelen is de schildpad van gewigtig handels-belang. De inlanders die den tijd afwachten, dat zij aan het strand komen, verbergen zich en loopen, als een zeker aantal aan den wal is, tusschen de schildpadden en de golven, leggen ze een voor een op den rug en gaan ze, als zij gelegenheid hebben, halen. De groote oester, die de inlanderstaclovonoemen, en veel in de kerken tot vat voor het wijwater wordt gebruikt en dikwijls aan den ingang van huizen wordt gezien, wordt gevangen door een koord te slaan om het ligchaam van het dier als de schelp is geopend; het dier sluit zich onmiddellijk op het koord en kan dan met het grootste gemak op de oppervlakte gehaald worden. Ik weet niet of er eenig werk op de Philippijnen over de schelpkunde bestaat, ofschoon er eene menigte soorten land- en waterschelpen zijn.

De buffel is welligt het nuttigste van de viervoetige dieren op de Philippijnen. Men vindt een tal kudden van wilde buffels in het binnenland, maar getemd wordt het dier tot veldarbeid en tot transporteren, hetzij op zijn rug of voor wagens, gebruikt. Hij waadt het liefst in water of modder. De gehechtheid van de moêr tot haar jong is zoo gróót, dat zij zich in de rivier werpt om de krokodil te vervolgen, die haar daarvan beroofd heeft. Men vindt overigens eene massa beeren en andere wilde dieren.

Men heeft veel zorg gewijd aan de verbetering van het ras der inlandsche ponies, die naarmate van de vermeerde aanvraag, in waarde gestegen zijn. Tot in de laatste jaren bedroeg de prijs 40 à 50 dollars, maar de kapitein-generaal zeide mij dat de vier ponies, die hij voor zijn rijtuig gebruikte, hem 500 dollars hadden gekost.

Ofschoon de verhalen van de geheimzinnige, verborgen en snelle verwoesting door de witte mieren somtijds ongeloofelijk zouden kunnen schijnen, zou het geloof daaraan ook wel alle grenzen overschrijden. Wij hadden eene vrouwelijke bediende te Hong-Kong, die ons verhaalde dat zij hare spaarpenningen in dollars aan een harer bloedverwanten had geleend en dat, toen zij ze terug verlangde, men haar gezegd had dat de witte mieren de dollars hadden opgevreten, iets waaraan de goede vrouw in haren eenvoud geen oogenblik twijfelde. In de Philippijnen is hunne tegenwoordigheid, gedurende den regen-mousson bij zons-ondergang, ondragelijk. Een op waarheid gegrond feit kan als eene bijdrage dienen tot de kennis van de vernielende werking van deze insecten, aanwelke schoone doorschijnende vleugelen zijn gegeven, zooals de botervliegjes in hunne latere levensphase; deze vleugelen vallen af, zoodra zij eene rustplaats vinden. In de stad Obando, provincie Bulacan, werden den 18den Maart 1838 de verschillende voor de misdienst bestemde kleederen en gereedschappen in eene kist van narrahout (Pterocarpus palidus) gelegd. Den 19den werden zij bij de mis gebruikt en ’s avonds weder op hunne plaats gebragt. Den 20sten bemerkte men bij de kist eenig vuil en toen men ze opensloot, bleek het dat al de voorwerpen, met uitzondering van de gouden en zilveren haken, die met een vuilachtig vlies waren bedekt, geheel tot stof vergaan waren. Bij een naauwkeurig onderzoek werd echter in de geheele kerk geene enkele mier en ook geen spoor dezer vernielende dieren gevonden. Eerst vijf dagen later bevond men dat zij door een’ zes duim dikken balk gedrongen waren.

Weinige van de grootere wilde dieren vindt men in de Philippijnen. De olifant moet in vroeger tijden bekend zijn geweest, daar de namengadja(olifant) ennungagadja(olifanten-jagt) in de Tagalesche taal voorkomen. Ossen, zwijnen, buffels, herten, geiten, schapen, eene groote verscheidenheid van apen, katten, vliegende eekhorentjes, honden, ratten en andere dieren vindt men in verschillende klassen van tamheid en wildheid.

De groote insecten-plagen der Philippijnen zijn de witte mieren (termes) en de muskieten. Vlooijen, luizen en vliegen zijn minder talrijk en lastig dan in vele gematigde streken.

Sommige vleêrmuizen zijn van 5 tot 6 voet van de toppen hunner vleugelen af groot.

Er bestaan ongeloofelijke verhalen omtrent een kleine, zwarte vogel van het zwaluwenras, die zijn nest in den staart van wilde paarden zou maken. De Mas haalt aan wat hij noemt ontwijfelbaar te vertrouwen autoriteiten1tot staving zijner argumenten. Er bestaan tallooze soorten van kippen en duiven, wier Indiaansche benamingen voor Europesche ornithologisten van weinig nut zouden zijn. Onder die vogels behooren: debalicyao, beroemd om zijn zang;demananayom(de eenzame), die altijd sterft als hij gevangen wordt, decoling, wien men gemakkelijk kan leeren spreken; talrijke papagaaijen; decalao, die een doorschijnenden bek heeft en even als een haan kraait; debocuit, of de vogel met zeven kleuren, die eene bijzonder zoete stem heeft; devaloor, wiens vederen, even als die van de patrijs verschillen en dedundunay, die een van de schoonste vogels moet zijn.

Slangen, hagedissen en andere kruipende dieren vindt men in overvloed; spinnen van ontzaggelijke grootte; tarantulas enz. Deguikois zeer lastig om het geraas, dat hij maakt. Ik stond verbaasd over de kracht, waarmede dit dier, zelfs in de doodskrampen, een stuk hout vasthield, waarop het was geplaatst; zijne pooten schenen al de kracht te hebben van den zuiger, waarmee de jongens spelen en men had groote moeite het dier er van af te krijgen.

De vuur-vliegen verlichten de bosschen ’s nachts. Er zijn sommige boomen, waaraan zij zich bij voorkeur boven anderen vasthechten. Weinige voorwerpen zijn schooner dan eene reeks boomen, met deze heldere en schitterende sterren verlicht. De prachtige schepseltjes schijnen eene wonderbare sympathie voor elkander te hebben, nu eens door het doen ontstaan van een plotselinge vlam van schoon vuur, van een licht en zacht groen, dan weder door het plotselinge uitdooven van het geheele vuur.

Van water-vogelen is de schildpad van gewigtig handels-belang. De inlanders die den tijd afwachten, dat zij aan het strand komen, verbergen zich en loopen, als een zeker aantal aan den wal is, tusschen de schildpadden en de golven, leggen ze een voor een op den rug en gaan ze, als zij gelegenheid hebben, halen. De groote oester, die de inlanderstaclovonoemen, en veel in de kerken tot vat voor het wijwater wordt gebruikt en dikwijls aan den ingang van huizen wordt gezien, wordt gevangen door een koord te slaan om het ligchaam van het dier als de schelp is geopend; het dier sluit zich onmiddellijk op het koord en kan dan met het grootste gemak op de oppervlakte gehaald worden. Ik weet niet of er eenig werk op de Philippijnen over de schelpkunde bestaat, ofschoon er eene menigte soorten land- en waterschelpen zijn.

1Een vriend van een der heeren, door de Mas aangehaald, verhaalde mij intusschen, dat hij ontkent hem gemagtigd te hebben onder zijn naam die bewering te doen.(Schrijver.)↑

1Een vriend van een der heeren, door de Mas aangehaald, verhaalde mij intusschen, dat hij ontkent hem gemagtigd te hebben onder zijn naam die bewering te doen.

(Schrijver.)↑


Back to IndexNext