Chapter 109

Techy,tetši, knorrig, gemelijk, lichtgeraakt.Tectrices,tektrisîz, dekveeren.Ted,ted, keeren (van gemaaid gras);Tedder= machine om het pas gemaaide gras te keeren.Teddy,tedi:Teddy Bear= beertje (kinderspeelgoed).Te Deum,tîdîəm, Te-Deum.Tedious,tîdjəs, vervelend, saai, verdrietig, lastig; subst.Tediousness=Tedium,tîdj’m.Tee,tî, doel, aardhoopje, vanwaar de bal geslagen wordt bij hetGolfspel; doel waarnaarquoitsofcurling-stonesworden geworpen;Teeverb. den bal daar van af slaan.Teem,tîm, zwanger zijn van, werpen, zich voortplanten, vol zijn, overvloed hebben van:This part of the countryteems withgold= bevat veel goud.Teens,tînz, de jaren v. dertien tot negentien:In her teens= beneden twintig (maar minstens twaalf);Out of her teens= boven de negentien;Since his middle teens= sedert zijn 14de, 15de jaar.Teeter,tîtə, wippen (Am.).Teeth,tîth, Meerv. vanTooth= tand;Teethverb. (tîdh) = tanden krijgen:From one’s teeth= niet van harte;In the teeth ofthe westerly gale= vlak tegen in;He did itin the teeth ofopposition= trots allen tegenstand;In the teeth of the doctor’s prohibition= geheel in tegen;Hecast those reproaches in my teeth= wierp mij voor de voeten;Heescaped by the skin of his teeth= ontsnapte ternauwernood (Job. XIX, 30);Teeth-drawing(fig.) = bellen moeren;Teething,tîdhiŋ, het tanden krijgen.Teetotal,tîtout’l, onthoudend:Teetotal drinks= alcoholvrije;Teetotalism= geheelonthouding;Teetotaller= geheelonthouder.Teetotum,tîtout’m, A-al tolletje:Tospin a teetotum.Tegument,tegjument, omhulsel, huid, zaadhuid, vleugeldeksel; adj.Tegumentary.Tehee,tîhî, subst. gegichel;Teheeverb. gichelen; interj. hihi.[566]Teheran,tehərân;Teignmouth,teinməth,tînməth.Teil,tîl, lindeboom (=Teil-tree).Teind,tînd=Tithe(Schotl.).Teith,tîth;Telamon,teləm’n, mannenfiguur als zuil, At as.Teledu,telədû, Javaansche bunzing.Telegram,teləgram, telegram; adj.Telegrammic;Telegraph,teləgraf, subst. telegraaf;Telegraphverb. telegrafeeren, seinen:Telegraph-cable;Telegraph-operator=Telegrapher,təlegrəfə,teləgrafə, telegrafist;Telegraphic,teləgrafik, telegrafisch:Telegraphic address= telegramadres;Telegraphist,təlegrəfist,teləgrafist, telegrafist(e);Telegraphy,təlegrefi,teləgrafi, telegraphie.Telemachus,təleməkɐs.Teleological,teliəlodžik’l,tîliəlodžik’l, teleologisch;Teleology,teliolədži,tîliolədži, teleologie.Telepathic,teləpathik, telepathisch:Card-guessing, bank-note-finding and the various other forms oftelepathic hide and seek;Telepathy,təlepəthi,teləpathi, telepathie.Telepheme,teləfîm, telephonisch bericht;Telephone,teləfoun, subst. telephoon;Telephoneverb. telephoneeren;Telephonic= telephonisch;Telephonist,təlefənist,teləfounist, telephonist(e);Telephony,təlefəni,teləfouni, telephonie.Telescope,teləskoup, subst. telescoop, verrekijker; soort van langwerpige spiraalschelp;Telescopeverb. in elkander schuiven, zooals een telescoop:The book tries to be an encyclopaedia,telescoped intoa dictionary= in een woordenboek saamgevat;The first and the second carriage weretelescoped (into each other)= werden in elkander geschoven;Telescope-table= uittrektafeltje;Telescopic(al),teləskojpik(’l), telescopisch, in- en uitschuifbaar.Telesia,təlîžə, varieteit van saffier.Tell,tell, vertellen, mededeelen, melden, berichten, bevelen, optellen, onderscheiden, uitwerking hebben, indruk maken, klikken:Ican tell= ik kan je verzekeren;Who can tell?= wie weet;Never tell me= maak me niet wijs;Can youtell the clockyet? = kun je al op de klok kijken;I had my fortune toldby an old gipsy= liet me waarzeggen;Don’ttell stories (fibs)= jok nu niet;Every shot told= was raak;He never preached“I told you so” = hij zanikte nooit van “Dat heb ik je wel gezegd”;They numbered 100 all told= met hun allen;Thattells againstyou= pleit tegen je;You cantell this wine from vinegaronly by the label= slechts onderscheiden van;It is difficult totell good paste from diamonds= simili van diamant te onderscheiden;Thattells forsomething= dat is lang niet mis, telt mee;You cantell them offby hundreds= aanwijzen bij honderden;One of the clerks was alwaystold offto sleep in the house= werd aangewezen;I shalltellthe priestsonyou= u verklappen aan;The heavy work hastold onhis constitution= zijn gestel aangegrepen;His troubles have told on him= hem erg aangegrepen;The speechtold onthe hearers= maakte indruk;Totell out= uittellen;Told out= op, blut;This told with him= dit hielp (bij hem);Tell-tale, subst. babbelaar, verklikker, klikspaan; adj. babbelziek, lasterend, verraderlijk;They are tellable on the fingers= die kan je op de vingers tellen;Teller= verteller, teller, stemopnemer, klerk in een bank die met de klanten rekent; harde slag. ZieTelling.Tellina,təlainə, platschelpen.Telling,teliŋ:With telling effect= met goed gevolg, krachtige uitwerking;Atelling phrase= kernachtig;Atelling speech= een rede, die pakt;That’s telling(s)= dat mag ik niet zeggen.Tellurian,təl(j)ûriən, aardsch —; bewoner der aarde;Telluric= tellurisch;Tellurion,təl(j)ûriən, tellurium;Tellurium,təl(j)ûriəm, tellurium (Chemie).Telotype,telətaip, druktelegraaf.Telpher,telfə, subst. inrichting voor electrisch kabelvervoer; adj. behoorende totTelpherage,telfəridž, vervoer door electriciteit;Telpher-line= electr. kabelspoorlijn.Temerity,təmeriti, vermetelheid, roekeloosheid.Temper,tempə, subst. aard, natuur, temperament, humeur, gemoed, prikkelbaarheid, opvliegendheid, hardheid (v. metaal);Temperverb. matigen, regelen, verzachten, doen bedaren, temperen, harden:Equal, Even temper= gelijkmatig humeur;Hot temper= drift;The temper of the nation= stemming;Your friend isnot a good(isa horrid)temper= heeft geen gemakkelijk (een vreeselijk) humeur;Hekept his temperbetter than we had supposed= bleef bedaarder;Helost his temper= raakte uit zijn humeur, verloor zijn geduld;He wasin a black temper= verschrikkelijk slecht gehumeurd;What a temper you are in!= hè, wat ben jij knorrig;You mustkeep him in temper= hem in zijn humeur houden;He wasout of temper this morning= uit zijn humeur;Temperament= gestel, geaardheid, temperament;Temperance= matigheid, gematigdheid, onthouding:Temperance-bar= koffiehuis voor onthouders;Temperance-meeting;Temperance-society= matigheids- of afschaffersgenootschap;Temperate,tempərit, bedaard, kalm, gematigd:Temperate zone= gematigde luchtstreek; subst.Temperateness;Temperature,tempərətjə, temperatuur:Totake one’s temperature= opnemen;Tempered:Good-, Ill-tempered;Even-tempered= van gelijkmatig humeur;Quick-tempered= opvliegend;Asweet-temperedgirl= zacht.Tempest,tempəst, hevige storm, orkaan, zwaar weer:Tempest-beaten= door de stormen gebeukt;Tempest-tossed= door de stormen geslingerd;Tempestuous,tempestjuəs, stormachtig, hevig; subst.Tempestuousness.Templar,templə, tempelier; student in de rechten, advocaat of jurist:Order of “Good Templars”= vereeniging tot het verleenen van wederzijdschen steun bij ouderdom, etc.Temple,temp’l, tempel, godshuis, slaap (van het hoofd):Inner-temple, Middle-temple(Londensche colleges voor opleiding van juristen).Templet,templət, schabloon, vormhout.[567]Tempo,tempou, tempo, maat (Meerv.Tempi).Temporal,tempər’l, tijdelijk, tijds - -, wereldlijk; slaap - -:Temporal bone= slaapbeen;Temporal Lords= wereldlijke, ter onderscheiding v. geestelijke,pairsvan Engeland;Temporality= tijdelijk of wereldlijk bezit;Temporalities= temporaliën, inkomsten der geestelijken uit land, tienden, enz.;Temporariness, subst. v.Temporary= tijdelijk, niet duurzaam;Temporize,tempəraiz, zich naar de omstandigheden schikken, den gunstigen tijd afwachten, trachten tijd te winnen:Temporizer= iemand die met de wolven meehuilt, de huik naar den wind hangt, etc.Tem(p)se,tems, zeef, vergiet(test);Tem(p)se-bread= brood van fijngebuild meel.Tempt,tem(p)t, verleiden, verlokken, in verzoeking brengen:Hetempted me intogiving up my plan= verlokte mij;Temptable= te verlokken;Temptation,tem(p)teiš’n, verlokking, verzoeking, aanvechting:Tolead into temptation;Heyielded to temptation= bezweek voor;Tempter= verleider:The Tempter= de duivel;Tempting= verleidelijk; subst.Temptingness;Temptress= verleidster.Ten,ten, tien:There were ten of them=They were ten= ze waren met hun tienen;The ten Tribes= tien stammen Israëls;Nine in ten= negen van de tien;Ten to one= tien tegen een;Tenfold= tienvoudig;Ten-pin= kegel:Ten-pin alley= kegelbaan (Amer.);Ten-spot= een tien (kaartspel);Hemade many ten-strikes= gooide dikwijls alle tien;Ten-seater= fiets voor tien;Tenner= bankbiljet van 10 £;Tenth= tiende (deel).Tenability,tenəbiliti, subst. v.Tenable,tenəb’l, houdbaar, verdedigbaar:The scholarship istenable forone year= de beurs geldt voor; subst.Tenableness.Tenace,tenis, de “fourchette” (de hoogste en op twee na de hoogste kaart) in handen van den vierden speler (Whist);Tenace-minor= kleine “fourchette” (de hoogste en op drie na de hoogste kaart).Tenacious,təneišəs, vasthoudend, sterk, hardnekkig, kleverig, taai:He has gota tenacious memory= sterk geheugen;He istenacious ofwhatever he gets= houdt vast;Tobe tenacious of life= taai zijn;Tenaciousness=Tenacity,tənasiti, vasthoudendheid, kleverigheid, getrouwheid.Tenail(le),təneil, tangwerk ter dekking v. een courtine (Vestingb.);Tenaillon,təneiljon, klein tangwerk.Tenancy,ten’nsi, subst. huur, pacht;Tenant,subst. huurder, pachter, bewoner;Tenantverb. in pacht of huur hebben, bewonen:Tenant at will= opzegbare huurder;Tenant for life;Tenant in capite,Tenant in chief= huurder direct van de kroon;Tenant in tail= houder van een pachthoeve, die bij versterf op bepaalde erfgenamen (in pacht) overgaat;Tenantable= geschikt om ge- of verhuurd te worden, bewoonbaar; subst.Tenantableness;Tenantless= onverhuurd, leeg;Tenantry= de gezamenlijke pachters of huurders.Tench,tenš, muithond, zeelt.Tend,tend, bewaken, verzorgen, letten op, denken om; strekken, streven, zich richten; bijdragen, om het anker zwaaien:That way instruction ought to tend= dien kant moet het onderwijs uit;Tendency= strekking, neiging, aanleg voor.Tender,tendə, aanbod, offerte, inschrijving; betaalmiddel (Legal tender);Tenderverb. aanbieden, inschrijven:Hemade a tenderof his friendship, services= bood aan;Private tender= onderhandsche inschrijving;Tolet by public tender= publiek uitbesteden;Totender cordial thanks= hartelijk dank zeggen;Totender for the dredging of a harbour= inschrijven op;Totender and contract for= aannemen (v. een werk).Tender,tendə, teeder, zwak, zacht, malsch, teergevoelig, vriendelijk, zorgvuldig;Tenderverb. zacht maken, hoogschatten:At a tender age= op jeugdigen leeftijd;The tender passion(s)= de liefde;He was stilltender ofher, though she had betrayed him= hij hield nog van haar;Tender-foot= gevoelige voet; nieuweling (Australië);Tender-hearted= teergevoelig; subst.Tender-heartedness;Tender-loin= filet;Tender-minded= teerhartig;Tenderling= vertroetelde lieveling; een van de eerste hoorns van een hert;Tenderness= teederheid, vriendelijkheid, bezorgdheid voor (metof).Tender,tendə, tender (v. een locomotief), (sleep)bootje, oppasser.Tendon,tend’n, pees:Tendon of Achilles.Tendril,tendril, rank (van klimplanten).Tenebrae,tenəbrî, donkere metten, die op Woensd., Donderd. en Vrijdag van de week vóór Paschen tegen den avond gezongen worden;Tenebrosity= duisternis;Tenebrous= duister.Tenement,tenəment, woning, huis, stel vertrekken door één gezin bewoond, pachthoeve;Tenement-house= huis, dat bij gedeelten aan verschillende gezinnen verhuurd wordt;Tenemental,tenəment’l, verpacht of verhuurbaar, huur … =Tenementary,tenəmentəri.Tenerife,tenərif.Tenet,tenət, leerstuk, beginsel.Tennessee,tenəsî.Tennis,tenis, tennis;Tennis-ball;Tennis-court= tennisbaan;Tennis-net;Tennis-racket.Tennyson,tenis’n.Tenon,tenən, subst. pen, pin, tap, neut ter verbinding;Tenonverb. met eentenonverbinden.Tenor,tenə, subst. gang, loop, richting, inhoud, geest, wezen, afschrift, tenor, altviool:Thetenor of this man’s life= de richting van zijn leven;Thetenor of this work= bedoeling of hoofdgedachte:The even tenor ofthe session was never ruffled= de gelijkmatige gang.Tense,tens, tijd (gramm.).Tense,tens, streng. strak, gespannen; subst.Tenseness;Tensibility= rekbaarheid; adj.Tensible;Tensile,tens(a)il, rekbaar, spannings - -:Tensile force= spankracht;Tension,tenš’n, spanning, gespannenheid, spankracht, groote inspanning;Tensive, spannend;Tensor,tensə, spanspier.Tent,tent, subst. tent, kap, overtrek, wiek[568](om eene wond open te houden), donkerroode Spaansche wijn;Tentverb. van tenten voorzien, tenten opslaan, onder tenten wonen; sondeeren, peilen of openhouden van eene wond;Tent-bed= ledikant met hemel;Tent-cloth;Tent-maker= tentenmaker;Tent-pin;Tent-pole;Tent-rope.Tentacle,tentək’l, zuig- of tastorgaan;Tentacular,tentakjulə, zuig …, tast …;Tentaculate(d),tentakjulit(-eitid), van zuigorganen voorzien.Tentative,tentətiv, subst. proeve, proef, poging; adj. pogend, beproevend.Tenter,tentə, subst. spanraam, spanhaak, voeldraad;Tenterverb. opspannen, rekken:Tobe on the tenter(s)= op heete kolen zitten;Tokeep on the tenter(s)= in angstige spanning houden;Tenter-ground= plaats voor het stellen van spanramen;Tenter-hook= spanhaak:We areon (the) tenter-hooks=on the tenter(s).Tenuifolius,tenjuifouljəs, met fijne en smalle bladen;Tenuity,tənjûiti, fijnheid, dunheid, ijlheid;Tenuous,tenjuəs, dun, ijl, fijn, klein.Tenure,tenjə, eigendomsrecht, leendiensten, bezit:Tenure of life= levenstijd;Tenure of office= diensttijd.Tepefaction,tepifakš’n, matige verwarming;Tepefy= matig verwarmen, lauw worden;Tepid,tepid, lauw; subst.Tepidity=Tepidness.Teraph,terəf(mv.Teraphim), huisgod der oude Israëlieten.Terce,tɐ̂s, ± 190,830 L. (wijn, brandewijn, azijn, olie, etc.) ook ± 158,963 L.; ± 137,892 of ± 152,407 K.G. (vleesch voor schepen);Terce-major= de drie hoogste kaarten.Tercel(et),tɐ̂səl(et), mannetjesvalk.Tercentenary,tɐ̂sentənəri, subst. en adj. driehonderdjarige (gedenkdag).Tercet,tɐ̂set, drieregelig gedichtje.Terebinth,terəbinth, terpentijnboom:Oil of Terebinth= terpentijnolie;Terebinthine,terəbinthin, terpentijn .…Teredine,terədin,Teredo,tərîdou, paalworm.Tergiversate,tɐ̂dživəseit, uitvluchten zoeken, draaien;Tergiversation, draaierij, uitvlucht, afvalligheid.Term,tɐ̂m, subst. grens, beperking, termijn, vervaldag, betaaldag, collegetijd, berechtingstijd, lid, uitdrukking, bewoording (In plain terms);Terms= voorwaarden, condities, honorarium, prijs, schoolgeld; stonden (med.);Termverb. noemen, benoemen, uitdrukken:A naval term= zeemansuitdrukking;Tobring to terms= tot toegeven noodzaken;Couldn’t youcome to terms? = het eens worden;Why don’t youexpress yourself in more definite terms= niet juister;Igot on termswith him= kwam op goeden voet;Theymarried on equal terms= in gemeenschap van goederen;Tobe on even terms= gelijk staan;Tobeon good terms= goed met elkaar;They areon intimate terms, terms of intimacy= zeer intiem met elkaar, op intiemen voet;To beon poor terms= niet al te best met elkaar;What are your terms?= wat vraagt u daarvoor?Term of life (of a person’s natural life) = levensduur;Term of office= diensttijd;Term of payment= betalingstermijn.Termagant,tɐ̂məg’nt, subst. helleveeg; adj. kijfachtig.Terminable,tɐ̂minəb’l, begrensbaar; subst.Terminableableness;Terminal, subst. einde, grens, uiterste; adj. eindigend, begrenzend:Terminal station= kopstation;Terminate,tɐ̂minit, begrensd, beperkt;Terminateverb.tɐ̂mineit, begrenzen, eindigen, een einde maken aan:I shall soonbe terminated withyou= tusschen ons beiden zal het gauw uit zijn;Termination= grens, einde, begrenzing:Todraw to a termination= ten einde loopen;Terminative= begrenzend, uitsluitend;Terminology, terminologie;Terminus= grenssteen, eindstation.Termite,tɐ̂mait, witte mier.Ternary,tɐ̂nəri, subst. drietal, groep van drie; adj. van of bij drieën, drietallig.Terpsichore,tɐ̂pksikərî, Terpsichore;Terpsichorean,tɐ̂psikərîən, dans —.Terra,terə, de aarde:Terra del Fuego,terədelfjûgou, Vuurland;Terra alba= pijpaarde;Terra-cotta= terracotta;Terra firma= vaste grond;Terra incognita= onbekend land.Terrace,teris, subst. terras, plat dak;Terraceverb. tot terrassen vormen.Terrapin,terəpin, moerasschildpad (Amer.).Terraqueous,təreikwiəs,tərakwiəs, uit land en water bestaande.Terrestrial,tərestriəl, ondermaansch, aard—, land—; subst. aardbewoner:Terrestrial animal;Terrestrial globe.Terret,terət, de ring waar doorheen de leidsels worden gestoken.Terrible,terib’l, verschrikkelijk, ontzagwekkend, ijselijk, kolossaal; subst.Terribleness.Terrier,teriə, terrier.Terrific,tərifik, schrik- of ontzagwekkend;Terrify,terifai, doen verschrikken, schokken:I wasterrified to death= schrikte me dood.Territorial,teritôriəl, territoriaal; subst. soldaat behoorende bij hetTerritorial Army (Territorial Force)i e. een corps van vrijwilligers, dat in 1908 de oudeVolunteersverving;Territorialize= vergrooten; tot een territory maken (Amer.);Territoried,teritərid, land in eigendom hebbende;Territory,teritəri, gebied, (ookfig.), landstreek, bereik; gebied met minder dan 60.000 inwoners en zonder vertegenwoordiging in het Congres (Amer.).Terror,terə, schrik, ontsteltenis:The King of Terrors= de Dood;The Reign of Terror= het Schrikbewind;I amstruck with terror, terror-struck, terror-stricken= van schrik verpletterd;Terrorism= schrikbewind;Terrorist= lid van het schrikbewind, terrorist;Terrorize,terəraiz, schrik aanjagen, door schrik dwingen.Terry,teri, soort van pluche;Terry-velvet= soort katoenfluweel.Terse,tɐ̂s, beknopt, kort en bondig; subst.Terseness.Tertian,tɐ̂š’n, derdedaagsch:Tertian fever;Tertiary,tɐ̂šəri, tertiair:Tertiary epoch, formation.[569]Tertullian,tɐ̂tɐlj’n, Tertulianus.Terza-rima,tɐ̂tsə-rîmə, tercine;Terzetto,ter-tsətou, terzet (muz.).Tessellar,tesələ, geruit;Tesselated,tesəleitid, geruit, als mozaïek;Tessellation= ruit- of mozaïekwerk;Tessera,tesərə, klein kubusje van marmer, etc. voor mozaïekwerk;Tesseral=Tessellar.Test,test, subst. toets, toetssteen, onderzoek, proef, reagens, oordeel, kroes tot zuiveren van metaal;Testverb. toetsen, beproeven, keuren, onderzoeken, attesteeren:Crucial test= vuurproef (fig.);That’sa fair test= een geschikte opgaaf (bij een examen, b.v.);Toapply a severe testto= aan een streng onderzoek onderwerpen;Toput to the test= op de proef stellen;Tostand the test= de proef doorstaan;Test Act= Eng. wet van 1678–1828, die voor ambtenaren een eed voorschreef waarbij ze betuigden niet Katholiek te zijn;State testedunadulterated liquor= van rijkswege gekeurde, onvervalschte sterke drank;Test-paper= lakmoespapier;Test-tube= reageerbuisje;Test-types= letters om de gezichtsscherpte te keuren;Testable= wat geattesteerd kan worden, in staat een testament te maken of getuigenis af te leggen;Tester= toetser. ZieTester.Testacea,testeišə, schelpdieren;Testacean, subst. schelpdier; adj. tot de schelpdieren behoorende;Testaceous,testeišəs, schaal - -; bruingeel:Testacean animals= schaaldieren.Testament,testəment, testament, verbond:New Testament;Old Testament;Testamental, Testamentary,testəment’l,testəmentəri, testamenteel;Testamur,təsteimə, testimonium;Testate,testit, subst. die een testament gemaakt heeft; adj. een testament nalatend:Todie testate;Testator,testeitə,Testatrix,testeitriks, erflater, erflaatster.Tester,testə, oude shilling (onder Henry VIII); vierkante ledikantshemel, plat klankbord (kansel):Tester-bed= met een hemel. ZieTest.Testicle,testik’l, zaadbal;Testiculate,təstikjulit,Testicular,təstikjulə, gelijk een bal.Testification,testifikeiš’n, getuigenis;Testifier= getuige;Testify,testifai, plechtig verklaren, getuigen, getuigenis afleggen:I shall nevertestify againstyou= tegen u getuigen;Hetestified tomy good conduct= hij gaf getuige van.Testimonial,testimounj’l, subst. getuigschrift, verklaring, attestatie, hulde, huldeblijk; ook adj.:Testimonial dinner= feestmaaltijd ter eere van;Testimonial letter;Testimony,testiməni, getuigenis, betuiging, openbaring, Gods woord:In testimony whereof= ten bewijze waarvan;Tobear testimony= getuigenis afleggen;Tocall in testimony= tot getuige roepen.Testiness,testinəs, subst. v.Testy,testi, eigenzinnig, knorrig, gemelijk, prikkelbaar.Tetchiness,tetšinəs, subst. vanTetchy= knorrig, gemelijk.Tether,tedhə, subst. touw waaraan een grazend dier is gebonden, speelruimte, bevoegdheid;Tetherverb. vastbinden, beperken:Hecame to the end of his tether= zijne middelen waren uitgeput;Togo to the end of one’s tether= zoo ver gaan als men kan;Totether a person by a short rope= iemand kort houden.Tetra,tetrə, (in samenst.), vier:Tetrachord= halve octaaf (vanctotfof vangtotc); viersnarige lier;Tetradactyl(e),tetrədaktil, viervingerig;Tetradiapason,tetrədaiəpeiz’n, viervoudige octaaf;Tetragon,tetrəgon, vierhoek; adj.Tetragonal,tətragən’l;Tetrahedron,tetrəhîdr’n,tetrəhedr’n, regelmatig viervlak;Tetrameter,tətramətə, viervoetige versregel;Tetrapetalous,tetrəpetəlɐs, vierbladig;Tetrapod= vierpootig;Tetrapteran,tətraptər’n, viervleugelig (insect);Tetrapterous,tətraptərɐs, viervleugelig;Tetrarch,tetrâk,tîtrâk, gouverneur van het vierde van een wingewest (Rom.):Tetrarchate,tetrâkit,tîtrâkit,Tetrarchy,tetrâki, grondgebied van een T.;Tetrastich,tetrəstik,tətrastik, vierregelig gedicht.Tetter,tetə, subst. naam voor verschillende huidziekten (Eating tetter= lupus);Tetterverb. eene huidziekte bezorgen.Teuton,tjût’n, iemand v. Teutonischen stam;Teutonic,tjutonik, Teutonisch, Germaansch:Teuton languages= Germaansche talen;Teutonicism,tjutonisizm, Germaansch idioom;Teutonize= germaniseeren.Teviot,tiviət;Tewk(e)sbury,tjûksb’ri;Texan,teks’n;Texas,teksəs;(The) Texel,dhəteks’l.Text,tekst, tekst, onderwerp, inhoud;Textbook= handboek, schoolboek;Text-hand= groot loopend schrift;Textual= volgens den tekst;Textualist= schriftgeleerde, iemand die zich streng aan den tekst houdt.Textile,tekst(a)il, subst. geweven stof; adj. geweven:Textile industry;Texture,tekstjə, het weefsel, structuur.Thackeray,thakər(e)i;Thaddeus,thədîəs,thadiəs;Thaisa,theiizə,thəîzə.Thaler,tâlə, thaler.Thales,theilîz;Thalia,thəlaiə, Thalia:Thalian= komisch;Thaliard,thaliəd.Thames,temz, Theems:He will notset the Thames on fire. ZieFire.T(h)ammuz,t(h)aməz, vierde maand van het Joodsche burgerlijk jaar.Than,dhan, dan (alléén na comparatieven):He is older than I by seven years.Thane,thein, Angelsaksische titel der grootere grondbezitters tot de 12de eeuw;Thanedom;Thane-lands;Thaneship.Thanet,thanət.Thank,thaŋk, subst. dank (thans steeds meervoud);Thankverb. danken, bedanken (dikwijls ironisch):Thanks to thee, I am safe= ik ben veilig, dank zij u;Thanks= ik dank u;No, thanks!= dank u; geen dank;Thanks toyour eagerness= dank zij;Thanks be to God= God zij dank;Togive thanks= danken (na den maaltijd);Toreturn thanks= dank betuigen;No thank you= ik dank u;Thank you, yes= alstublieft;Thank you for nothing= ik zou je danken;Thank Godwe are rid of him= Goddank;Hehas only to thank himself for= ’t is zijn eigen schuld, dat …;I’ll thank you to shut the door= doe alstublieft de deur dicht;I’ll thank you not to do it= gij doet me[570]plezier als gij het laat;I’ll thank you for the potatoes (for a cup of tea)= mag ik alstublieft;Thank-offering= dankoffer;Thanksgiver= bedanker, dankzegger;Thanksgiving= dankzegging (aan God);Thanksgiving-day= dankdag;Thankee= dank u;Thankful= dankbaar; subst.Thankfulness;Thankless= ondankbaar:Thankless task; subst.Thanklessness;Thankworthiness, subst. v.Thankworthy= dankenswaard, verdienstelijk.That,dhat, gene, die, dat; opdat:That is me (I)= dat ben ik;He is a good fellowfor all that= toch een goede vent;And that for this reason= en wel om deze reden;Nothing follows,nothing that is,which is of any real weight= namelijk niets;While his family,his mother that is,were living in D.= zijn moeder namelijk;No human being ever spokelike that= op zoo’n manier;This is horrible,that is= dit is bepaald af grijselijk;Mrs Quilp that is= de tegenwoordige;Mrs Corney that was= de vroegere;He has been here,but what of that? = wat zou dat, bewijst dat;I was the eldest son andnot much of a help at that= en trouwens als zoodanig nog geen groote steun;‘Christmas comes but once a year’, and adds the cynic, ‘once too often at that’ = en dat is trouwens nog één keer te vaak;I send you wordthat you may be prepared= opdat gij voorbereid zijt;It is not that I believe= niet omdat ik geloof;Do tell me,that’s a good girl= dan ben je eene beste meid;That muchis certain= zooveel;I am that sorry= het spijt me zóó!I supposeyou are worth all that= wel zóó rijk;I amtougher than that= daar ben ik te taai voor.Thatch,thatš, subst. dakstroo, dakriet, stroodak, hut;Thatchverb. met stroo of riet dekken;Thatcher= rietdekker.Thaumatrope,thômətroup, thaumatroop;Thaumaturge,thômətɐ̂dž, wonderdoener =Thaumaturgist;Thaumaturgic(al),thômətɐ̂džik(’l), wonderdadig;Thaumaturgy,thômətɐ̂dži, wonderdoenerij.Thaw,thô, subst. dooi;Thawverb. dooien, ontdooien (ookfig.):Silver thaw= ijzel;Thethaw set in= het begon te dooien;It thaws.The,dhə,dhi(vóór een klinker),dhî(met nadruk), de, het:The more the merrier= hoe meer zieltjes hoe meer vreugde;The sooner the better= hoe eerder hoe beter;The moreI see youthe betterI like you= hoe meer ik u zie, hoe meer ik van u houd;The more so,as I do not know him= des te meer omdat;The rather= temeer;So thisthegrand-daughter, is it? = je kleindochter;TheLady Grace Eveleigh= Freule G. E. (meer officieel dan zonder ’t lidwoord);TheDouglasses’ house= der familie D.Theatre,thîətə, theater, schouwburg, toeneel, medische gehoorzaal:Theatre of war= oorlogstooneel;Theatre-goers= bezoekers;Theatrical,thiatrik’l, theatraal:Theatricals= tooneelvertooningen:Private theatricals= liefhebberijtooneel;Theatricality,thîatrikaliti, theatrale manier van doen, vertoon.Theban,thîb’n, subst. en adj. Thebaan(sch):Theban year= 365 d. en 6 u;Thebes,thîbz, Thebe;Thecla,theklə.Thee,dhî, u (object van Thou):They thee and thou each other= spreken elkaar aan met je en jou.Theft,theft, diefstal.Theina,thiainə,Theine,thî-in, theeïne.Their,dhêə, hun, haar;Theirs= van hen, van haar:These books are theirs= zijn de hunne.Theism,thîizm, theïsme;Theist; adj.Theistic(al).Them,dhem, hen, haar (object van They);Themselves,dh’mselvz, zich zelven, zij zelven.Thematic,thimatik, thematisch;Theme,thîm, onderwerp, thema, stam, (gram.).Themis,thîmis, Themis.Then,dhen, adj. toenmalig; adv. en conj. toen, dan, later, alsdan, daarom, diensvolgens, derhalve:The then measureswere insufficient= toen genomen;You might have had a bad fall then= daar had je leelijk kunnen vallen;What did he say then?= wat zei hij daar toch;Did he laugh at you?Then he ought not= maar dat moest hij niet;I hear his footstep,then he is back= dus is hij terug;I think, then I exist= ik denk, dus besta ik;By then= tegen dien tijd;On then!= vooruit!If he sees us,what then? = wat zou dat, wat hindert dat;Now and then= nu en dan;Every now and then= telkens;Now then,what can you say to the contrary? = welnu;Then and there= onmiddellijk, op staanden voet;Till then= tot dien tijd, tot zoolang;Not until then= eerst toen;Thence, vandaar, derhalve:From then= van uit die plaats;Thenforth,dhensföth,Thenforward,dhensföwəd, van dien tijd af aan.Theobald,thîəbôld.Theocracy,thiokrəsi, theocratie;Theocrat;Theocratic(al)= theocratisch;Theodicy,thiodisi, theodicee.Theodora,thîədôrə;Theodore,thîədö.Theogony,thiogəni, theogonie;Theologian,thiəloudž’n, godgeleerde;Theologic(al),thîəlodžik(’l), theologisch:The theological virtues are:Faith, Hope and Charity= de goddelijke deugden zijn: Geloof, Hoop en Liefde;Theologize,thiolədžaiz, theologiseeren;Theology,thiolədži, theologie:Natural theology= de kennis Gods uit Zijne werken.Theophilus.thiofilɐs.Theorbo,thiöbou, theorbe, groote basluit.Theorem,thîər’m, theorema; adj.Theorematic(al).Theoretic(al),thîəretik(’l), theoretisch;Theoretics= het theoretisch gedeelte eener wetenschap;Theorist,thîərist, theoreticus;Theorize= theoretiseeren:Theorizer;Theory,thîəri, theorie:His practice falls short of his theory= zijne praktijk haalt niet bij zijne theorie.Theosophy,thiosəfi, theosophie.Therapeutic(al),therəpjûtik(’l), therapeutisch;Therapeutics= therapie.There,dhêa, daar, er:When did he leave there= wanneer is hij vandaar vertrokken;You are right (wrong) there= daar hebt ge gelijk (ongelijk) aan;Here[571]and there= hier en daar;Then and there= op dat zelfde oogenblik (=There and then);I am all there= ik weet drommels goed wat ik doe;There you are!= klaar is ’t; alstublieft;There is a horse for you= dat is nog eens een paard!I am no match for you there= in dat opzicht kan ik niet tegen u op;You have got a tile off and arenot all there= je bent niet recht bij het hoofd, en weet niet wat je doet;That to me is everything!So there!= nu weet je het; en daarmede basta!Stop, there’s a good fellow= dan ben je een beste;Thereabout(s)= daaromtrent:A guilder or thereabouts= een gulden of daaromtrent;Thereafter= daarna, volgens dat, daarnaar;Thereanent= met betrekking tot dat punt;Thereat= daar, om die reden, bovendien:He is poorand a fool thereat= en een dwaas op den koop toe;Thereby= daarnevens, daardoor, diensvolgens, daaromtrent;Therefor= hiervoor;Therefore= daarom, daarvoor, met dat doel;Therefrom= daarvan, daaruit;Therein= daarin, hierin;Thereinto= daarin;Thereof,dhêrov, hier- of daarvan;Thereon= hier- of daarop, er op;Thereout= daaruit;Thereto= daar- of hiertoe, buiten en behalve;Thereunder= daaronder;Thereunto= daartoe;Thereupon= hier- of daarop, ten gevolge daarvan, dadelijk;Therewith= daarmede, onmiddellijk;Therewithal,dhêəwidhôl, daarbij, terzelfdertijd, daarenboven.Theresa,tərîsə, Therese.Thermae,thɐ̂mî, heete bronnen of baden; adj.Thermal:Thermal waters,Thermal springs;Thermal unit= warmte-eenheid.Thermit,thɐ̂mit, thermiet.Thermometer,thɐ̂mometə, thermometer:Aclinical thermometer.Thermopylae,thɐ̂mopilî, de Thermopylen.Thermoscope,thɐ̂məskoup, thermoscoop;Thermostat,thɐ̂məstat, thermostaat.Thersites,thɐ̂saitîz.Thesaurus,thisôrəs, woordenschat (boek).These,dhîz(meerv. vanThis), deze.Thesis,thîsis, thesis, stelling (Mv.Theses,thîsîz,thesîz):Thesis for the degree of M. D.= medische dissertatie.Thespian,thespiən, Thespisch; subst. tooneelspeler.Thessalian,thəseilj’n, Thessaalsch; Thessaliër;Thessaly,thesəli, Thessalië.Thetis,thîtis.Thews,thjûz, spierkracht, spieren;Thewy= gespierd.They,dhei, zij, degenen:They say= men zegt.Thibet,tibət,tibet.Thick,thik, subst. dikke gedeelte, heetst (van den strijd), dikte; adj. dik, dicht, troebel, mistig, onduidelijk, opeengedrongen, snel, overvloedig, intiem;Thickverb. verdikken:He issuch a thick= zoo’n domkop;He wasin the thick ofthe fight;Toback through thick and thin= meegaan door dik en dun (fig.);This isa bit too thick= te kras;They areas thick as peas in a shell= zeer overvloedig; zijn vrienden als olifanten;They areas thick as thieves together= het zijn twee handen op één buik, zij spelen onder één hoedje;His blows came downas thick as hail= zoo snel en hard als hagelsteenen;Tobe(Tobecome,Toget)thick with= intiem zijn (worden) met;Tolay it on thick= overdrijven, er dik op leggen;I amthick of hearing= hardhoorig;Thick of sight= met slecht gezicht;Thick of speech= slecht bespraakt;A thick one= goudstuk;Athick pronunciation= onduidelijke;A thick-and-thin supporterof the government= iemand die door dik en dun meegaat;Thick-grown= dicht;Thickhead= dik- of domkop;Thick-headed= dom, stomp;Thick-leaved;Thick-legged;Thick-lipped;Thick-nosed;Thick-planted;Thick-ribbed= met krachtige ribben;Thick-set= dicht beplant, rijk aan; kort en sterk (dik); subst. dichte heg, een gestreepte stof;Thick-side= dikhuid(ig):Histhick-side patience= olifantachtig geduld;Thick-skin= ongelikte beer, vlegel, domkop;Thick-skull= domkop;Thicken= verdikken, vermeerderen, verduisteren:The crowd thicks= het gedrang neemt toe;The plot thicks= de verwikkeling neemt toe.Thicket,thikət, boschje.Thickish,thikiš, ietwat dik.Thief,thîf, dief:A thief was in the candle= er was een dief aan de kaars;Stop thief!= houdt den dief;Set a thief to catch a thief;Thief-catcher= dievenvanger;Thieves’ Latin= dieventaal.Thieve,thîv, stelen;Thievery= het stelen, dieverij;Thievish= diefachtig, steelswijze, sluiksch; subst.Thievishness.Thigh,thai, dij;Thigh-bone= dijbeen.Thill,thil, lamoen;Thill-horse= lamoenpaard =Thiller.Thimble,thimb’l, vingerhoed, kous (ring);Thimble-berry= soort braambes;Thimble-case= foudraal;Thimble-rig,Thimble-rigger= bedrieger, die laat wedden onder welk van drie bekertjes een balletje door hem is gestopt; ook verb.;Thimbleful= vingerhoedvol.Thin,thin, dun, licht, slap, zwak, mager, dunnetjes, flauw, gering; ledig, doorzichtig;Thinverb. verdunnen, ijler maken, dunnen, afnemen, uitverkoopen:His disguise was very thin= erg doorzichtig;This month’s number isa little thin= is vrij dunnetjes;Toget (grow) thin= mager worden;Thin diet= magere kost;Thin streets= ledige straten;The strata werethinning out and away= werden langzamerhand dunner en verdwenen eindelijk geheel;Thin-faced= met een smal en schraal gezicht;Thin-leaved;Thin-lipped;Thin-skinned= met fijne huid; overgevoelig, prikkelbaar;Thin-sown;Thin-spun; subst.Thinness.Thine,dhain, van u, het of de uwe.Thing,thiŋ, ding, zaak, iets, persoontje, verhaal, lied (Things= dingen, zaken, goed, spullen):He isa thing of nothing= een kerel van niets;That’sa thing of naught (nothing)= niets waard;She isn’tquite the thing= niet recht wel;That’sthe (very) thing= moet ik net hebben, zoo is het precies;Neither one thing nor another= geen visch en geen vleesch;When things are the worst they will sometimes mend= als de nood op het hoogst is, is de hulp[572]nabij;Things past may be repented but not recalled= gedane zaken nemen geen keer;As things stand= zooals de zaken staan;Itcomes all to the same thing= komt alles op hetzelfde neer;Youhave got the wrong thing= het verkeerde;Heknows (is up to) a thing or two= hij is slim, goed op de hoogte;He made a tidy (good) thing of it= hij sloeg er een slaatje uit;I like himabove all things= bovenal;It wasquite in the nature of things= het sprak (volgde) vanzelf, lag in den aard der zaak, in de rede.Thingummy,thingəmi, Dinges, dingsigheidje, goedje:His name washeld up to thingummy= aan de verachting prijs gegeven;Theirpink silk thingummies= hunne rose zijden japonnetjes.Think,thiŋk, denken, vinden, meenen, oordeelen, bedoelen, onderstellen, achten:Only think= denk eens aan;To think= als men bedenkt;I should think not indeed= dat moest er nog bijkomen;I should think so= dat zou ik denken;Tothink abouta thing= ergens over denken;More than youthink for= dan ge verwacht;What do youthink ofhim? = wat denkt ge van hem;Now that I come tothink ofit= nu ik mij eens goed bezin;I havethought better ofit= mij bedacht;Hethinks much ofyou= schat u hoog, heeft een hoog idee van u;Tothink on (over)= nadenken over;No,thought I to myself= dacht ik bij mezelf;Ithink with youthere= dat ben ik met u eens;Methinks= mij dunkt (verouderend);Thinkable= denkbaar;Thinker= denker;Thinking:To my thinkingyou might have profited more by it= mijns inziens;He is of my way of thinking= ’t met mij eens.Thionville,tîənvil, Diedenhoven.Third,thɐ̂d, subst. en adj. derde (deel), terts, tertia wissel; (Thirds= het derde van de bezittingen van den overleden man, waarvan de weduwe het vruchtgebruik heeft):The Third Estate= de burgerij;Third-class;Third-rate= 3de rangs;Thirdly= ten derde;Thirdsman= scheidsman.Thirl,thɐ̂l, doorboren, perforeeren.Thirst,thɐ̂st, subst. dorst (ookfig.);Thirstverb. dorsten, vurig verlangen:His (the)thirst afterwealth and honour= zijn dorst naar;Athirst(ing) forpower= een haken naar;My throat isparched with thirst= is droog, ik versmacht van dorst;Thirstiness, subst. v.Thirsty= dorstig, droog, versmachtend:I am thirsty= ik heb dorst.Thirteen,thɐ̂tîn, subst. en adj. dertien(tal);Thirteenth, subst. en adj. dertiende (deel);Thirtieth,thɐ̂tiəth, subst. en adj. dertigste (deel);Thirty,thɐ̂ti, subst. en adj.dertig(tal):The Thirty Years’ War= Dertigjarige Oorlog.

Techy,tetši, knorrig, gemelijk, lichtgeraakt.Tectrices,tektrisîz, dekveeren.Ted,ted, keeren (van gemaaid gras);Tedder= machine om het pas gemaaide gras te keeren.Teddy,tedi:Teddy Bear= beertje (kinderspeelgoed).Te Deum,tîdîəm, Te-Deum.Tedious,tîdjəs, vervelend, saai, verdrietig, lastig; subst.Tediousness=Tedium,tîdj’m.Tee,tî, doel, aardhoopje, vanwaar de bal geslagen wordt bij hetGolfspel; doel waarnaarquoitsofcurling-stonesworden geworpen;Teeverb. den bal daar van af slaan.Teem,tîm, zwanger zijn van, werpen, zich voortplanten, vol zijn, overvloed hebben van:This part of the countryteems withgold= bevat veel goud.Teens,tînz, de jaren v. dertien tot negentien:In her teens= beneden twintig (maar minstens twaalf);Out of her teens= boven de negentien;Since his middle teens= sedert zijn 14de, 15de jaar.Teeter,tîtə, wippen (Am.).Teeth,tîth, Meerv. vanTooth= tand;Teethverb. (tîdh) = tanden krijgen:From one’s teeth= niet van harte;In the teeth ofthe westerly gale= vlak tegen in;He did itin the teeth ofopposition= trots allen tegenstand;In the teeth of the doctor’s prohibition= geheel in tegen;Hecast those reproaches in my teeth= wierp mij voor de voeten;Heescaped by the skin of his teeth= ontsnapte ternauwernood (Job. XIX, 30);Teeth-drawing(fig.) = bellen moeren;Teething,tîdhiŋ, het tanden krijgen.Teetotal,tîtout’l, onthoudend:Teetotal drinks= alcoholvrije;Teetotalism= geheelonthouding;Teetotaller= geheelonthouder.Teetotum,tîtout’m, A-al tolletje:Tospin a teetotum.Tegument,tegjument, omhulsel, huid, zaadhuid, vleugeldeksel; adj.Tegumentary.Tehee,tîhî, subst. gegichel;Teheeverb. gichelen; interj. hihi.[566]Teheran,tehərân;Teignmouth,teinməth,tînməth.Teil,tîl, lindeboom (=Teil-tree).Teind,tînd=Tithe(Schotl.).Teith,tîth;Telamon,teləm’n, mannenfiguur als zuil, At as.Teledu,telədû, Javaansche bunzing.Telegram,teləgram, telegram; adj.Telegrammic;Telegraph,teləgraf, subst. telegraaf;Telegraphverb. telegrafeeren, seinen:Telegraph-cable;Telegraph-operator=Telegrapher,təlegrəfə,teləgrafə, telegrafist;Telegraphic,teləgrafik, telegrafisch:Telegraphic address= telegramadres;Telegraphist,təlegrəfist,teləgrafist, telegrafist(e);Telegraphy,təlegrefi,teləgrafi, telegraphie.Telemachus,təleməkɐs.Teleological,teliəlodžik’l,tîliəlodžik’l, teleologisch;Teleology,teliolədži,tîliolədži, teleologie.Telepathic,teləpathik, telepathisch:Card-guessing, bank-note-finding and the various other forms oftelepathic hide and seek;Telepathy,təlepəthi,teləpathi, telepathie.Telepheme,teləfîm, telephonisch bericht;Telephone,teləfoun, subst. telephoon;Telephoneverb. telephoneeren;Telephonic= telephonisch;Telephonist,təlefənist,teləfounist, telephonist(e);Telephony,təlefəni,teləfouni, telephonie.Telescope,teləskoup, subst. telescoop, verrekijker; soort van langwerpige spiraalschelp;Telescopeverb. in elkander schuiven, zooals een telescoop:The book tries to be an encyclopaedia,telescoped intoa dictionary= in een woordenboek saamgevat;The first and the second carriage weretelescoped (into each other)= werden in elkander geschoven;Telescope-table= uittrektafeltje;Telescopic(al),teləskojpik(’l), telescopisch, in- en uitschuifbaar.Telesia,təlîžə, varieteit van saffier.Tell,tell, vertellen, mededeelen, melden, berichten, bevelen, optellen, onderscheiden, uitwerking hebben, indruk maken, klikken:Ican tell= ik kan je verzekeren;Who can tell?= wie weet;Never tell me= maak me niet wijs;Can youtell the clockyet? = kun je al op de klok kijken;I had my fortune toldby an old gipsy= liet me waarzeggen;Don’ttell stories (fibs)= jok nu niet;Every shot told= was raak;He never preached“I told you so” = hij zanikte nooit van “Dat heb ik je wel gezegd”;They numbered 100 all told= met hun allen;Thattells againstyou= pleit tegen je;You cantell this wine from vinegaronly by the label= slechts onderscheiden van;It is difficult totell good paste from diamonds= simili van diamant te onderscheiden;Thattells forsomething= dat is lang niet mis, telt mee;You cantell them offby hundreds= aanwijzen bij honderden;One of the clerks was alwaystold offto sleep in the house= werd aangewezen;I shalltellthe priestsonyou= u verklappen aan;The heavy work hastold onhis constitution= zijn gestel aangegrepen;His troubles have told on him= hem erg aangegrepen;The speechtold onthe hearers= maakte indruk;Totell out= uittellen;Told out= op, blut;This told with him= dit hielp (bij hem);Tell-tale, subst. babbelaar, verklikker, klikspaan; adj. babbelziek, lasterend, verraderlijk;They are tellable on the fingers= die kan je op de vingers tellen;Teller= verteller, teller, stemopnemer, klerk in een bank die met de klanten rekent; harde slag. ZieTelling.Tellina,təlainə, platschelpen.Telling,teliŋ:With telling effect= met goed gevolg, krachtige uitwerking;Atelling phrase= kernachtig;Atelling speech= een rede, die pakt;That’s telling(s)= dat mag ik niet zeggen.Tellurian,təl(j)ûriən, aardsch —; bewoner der aarde;Telluric= tellurisch;Tellurion,təl(j)ûriən, tellurium;Tellurium,təl(j)ûriəm, tellurium (Chemie).Telotype,telətaip, druktelegraaf.Telpher,telfə, subst. inrichting voor electrisch kabelvervoer; adj. behoorende totTelpherage,telfəridž, vervoer door electriciteit;Telpher-line= electr. kabelspoorlijn.Temerity,təmeriti, vermetelheid, roekeloosheid.Temper,tempə, subst. aard, natuur, temperament, humeur, gemoed, prikkelbaarheid, opvliegendheid, hardheid (v. metaal);Temperverb. matigen, regelen, verzachten, doen bedaren, temperen, harden:Equal, Even temper= gelijkmatig humeur;Hot temper= drift;The temper of the nation= stemming;Your friend isnot a good(isa horrid)temper= heeft geen gemakkelijk (een vreeselijk) humeur;Hekept his temperbetter than we had supposed= bleef bedaarder;Helost his temper= raakte uit zijn humeur, verloor zijn geduld;He wasin a black temper= verschrikkelijk slecht gehumeurd;What a temper you are in!= hè, wat ben jij knorrig;You mustkeep him in temper= hem in zijn humeur houden;He wasout of temper this morning= uit zijn humeur;Temperament= gestel, geaardheid, temperament;Temperance= matigheid, gematigdheid, onthouding:Temperance-bar= koffiehuis voor onthouders;Temperance-meeting;Temperance-society= matigheids- of afschaffersgenootschap;Temperate,tempərit, bedaard, kalm, gematigd:Temperate zone= gematigde luchtstreek; subst.Temperateness;Temperature,tempərətjə, temperatuur:Totake one’s temperature= opnemen;Tempered:Good-, Ill-tempered;Even-tempered= van gelijkmatig humeur;Quick-tempered= opvliegend;Asweet-temperedgirl= zacht.Tempest,tempəst, hevige storm, orkaan, zwaar weer:Tempest-beaten= door de stormen gebeukt;Tempest-tossed= door de stormen geslingerd;Tempestuous,tempestjuəs, stormachtig, hevig; subst.Tempestuousness.Templar,templə, tempelier; student in de rechten, advocaat of jurist:Order of “Good Templars”= vereeniging tot het verleenen van wederzijdschen steun bij ouderdom, etc.Temple,temp’l, tempel, godshuis, slaap (van het hoofd):Inner-temple, Middle-temple(Londensche colleges voor opleiding van juristen).Templet,templət, schabloon, vormhout.[567]Tempo,tempou, tempo, maat (Meerv.Tempi).Temporal,tempər’l, tijdelijk, tijds - -, wereldlijk; slaap - -:Temporal bone= slaapbeen;Temporal Lords= wereldlijke, ter onderscheiding v. geestelijke,pairsvan Engeland;Temporality= tijdelijk of wereldlijk bezit;Temporalities= temporaliën, inkomsten der geestelijken uit land, tienden, enz.;Temporariness, subst. v.Temporary= tijdelijk, niet duurzaam;Temporize,tempəraiz, zich naar de omstandigheden schikken, den gunstigen tijd afwachten, trachten tijd te winnen:Temporizer= iemand die met de wolven meehuilt, de huik naar den wind hangt, etc.Tem(p)se,tems, zeef, vergiet(test);Tem(p)se-bread= brood van fijngebuild meel.Tempt,tem(p)t, verleiden, verlokken, in verzoeking brengen:Hetempted me intogiving up my plan= verlokte mij;Temptable= te verlokken;Temptation,tem(p)teiš’n, verlokking, verzoeking, aanvechting:Tolead into temptation;Heyielded to temptation= bezweek voor;Tempter= verleider:The Tempter= de duivel;Tempting= verleidelijk; subst.Temptingness;Temptress= verleidster.Ten,ten, tien:There were ten of them=They were ten= ze waren met hun tienen;The ten Tribes= tien stammen Israëls;Nine in ten= negen van de tien;Ten to one= tien tegen een;Tenfold= tienvoudig;Ten-pin= kegel:Ten-pin alley= kegelbaan (Amer.);Ten-spot= een tien (kaartspel);Hemade many ten-strikes= gooide dikwijls alle tien;Ten-seater= fiets voor tien;Tenner= bankbiljet van 10 £;Tenth= tiende (deel).Tenability,tenəbiliti, subst. v.Tenable,tenəb’l, houdbaar, verdedigbaar:The scholarship istenable forone year= de beurs geldt voor; subst.Tenableness.Tenace,tenis, de “fourchette” (de hoogste en op twee na de hoogste kaart) in handen van den vierden speler (Whist);Tenace-minor= kleine “fourchette” (de hoogste en op drie na de hoogste kaart).Tenacious,təneišəs, vasthoudend, sterk, hardnekkig, kleverig, taai:He has gota tenacious memory= sterk geheugen;He istenacious ofwhatever he gets= houdt vast;Tobe tenacious of life= taai zijn;Tenaciousness=Tenacity,tənasiti, vasthoudendheid, kleverigheid, getrouwheid.Tenail(le),təneil, tangwerk ter dekking v. een courtine (Vestingb.);Tenaillon,təneiljon, klein tangwerk.Tenancy,ten’nsi, subst. huur, pacht;Tenant,subst. huurder, pachter, bewoner;Tenantverb. in pacht of huur hebben, bewonen:Tenant at will= opzegbare huurder;Tenant for life;Tenant in capite,Tenant in chief= huurder direct van de kroon;Tenant in tail= houder van een pachthoeve, die bij versterf op bepaalde erfgenamen (in pacht) overgaat;Tenantable= geschikt om ge- of verhuurd te worden, bewoonbaar; subst.Tenantableness;Tenantless= onverhuurd, leeg;Tenantry= de gezamenlijke pachters of huurders.Tench,tenš, muithond, zeelt.Tend,tend, bewaken, verzorgen, letten op, denken om; strekken, streven, zich richten; bijdragen, om het anker zwaaien:That way instruction ought to tend= dien kant moet het onderwijs uit;Tendency= strekking, neiging, aanleg voor.Tender,tendə, aanbod, offerte, inschrijving; betaalmiddel (Legal tender);Tenderverb. aanbieden, inschrijven:Hemade a tenderof his friendship, services= bood aan;Private tender= onderhandsche inschrijving;Tolet by public tender= publiek uitbesteden;Totender cordial thanks= hartelijk dank zeggen;Totender for the dredging of a harbour= inschrijven op;Totender and contract for= aannemen (v. een werk).Tender,tendə, teeder, zwak, zacht, malsch, teergevoelig, vriendelijk, zorgvuldig;Tenderverb. zacht maken, hoogschatten:At a tender age= op jeugdigen leeftijd;The tender passion(s)= de liefde;He was stilltender ofher, though she had betrayed him= hij hield nog van haar;Tender-foot= gevoelige voet; nieuweling (Australië);Tender-hearted= teergevoelig; subst.Tender-heartedness;Tender-loin= filet;Tender-minded= teerhartig;Tenderling= vertroetelde lieveling; een van de eerste hoorns van een hert;Tenderness= teederheid, vriendelijkheid, bezorgdheid voor (metof).Tender,tendə, tender (v. een locomotief), (sleep)bootje, oppasser.Tendon,tend’n, pees:Tendon of Achilles.Tendril,tendril, rank (van klimplanten).Tenebrae,tenəbrî, donkere metten, die op Woensd., Donderd. en Vrijdag van de week vóór Paschen tegen den avond gezongen worden;Tenebrosity= duisternis;Tenebrous= duister.Tenement,tenəment, woning, huis, stel vertrekken door één gezin bewoond, pachthoeve;Tenement-house= huis, dat bij gedeelten aan verschillende gezinnen verhuurd wordt;Tenemental,tenəment’l, verpacht of verhuurbaar, huur … =Tenementary,tenəmentəri.Tenerife,tenərif.Tenet,tenət, leerstuk, beginsel.Tennessee,tenəsî.Tennis,tenis, tennis;Tennis-ball;Tennis-court= tennisbaan;Tennis-net;Tennis-racket.Tennyson,tenis’n.Tenon,tenən, subst. pen, pin, tap, neut ter verbinding;Tenonverb. met eentenonverbinden.Tenor,tenə, subst. gang, loop, richting, inhoud, geest, wezen, afschrift, tenor, altviool:Thetenor of this man’s life= de richting van zijn leven;Thetenor of this work= bedoeling of hoofdgedachte:The even tenor ofthe session was never ruffled= de gelijkmatige gang.Tense,tens, tijd (gramm.).Tense,tens, streng. strak, gespannen; subst.Tenseness;Tensibility= rekbaarheid; adj.Tensible;Tensile,tens(a)il, rekbaar, spannings - -:Tensile force= spankracht;Tension,tenš’n, spanning, gespannenheid, spankracht, groote inspanning;Tensive, spannend;Tensor,tensə, spanspier.Tent,tent, subst. tent, kap, overtrek, wiek[568](om eene wond open te houden), donkerroode Spaansche wijn;Tentverb. van tenten voorzien, tenten opslaan, onder tenten wonen; sondeeren, peilen of openhouden van eene wond;Tent-bed= ledikant met hemel;Tent-cloth;Tent-maker= tentenmaker;Tent-pin;Tent-pole;Tent-rope.Tentacle,tentək’l, zuig- of tastorgaan;Tentacular,tentakjulə, zuig …, tast …;Tentaculate(d),tentakjulit(-eitid), van zuigorganen voorzien.Tentative,tentətiv, subst. proeve, proef, poging; adj. pogend, beproevend.Tenter,tentə, subst. spanraam, spanhaak, voeldraad;Tenterverb. opspannen, rekken:Tobe on the tenter(s)= op heete kolen zitten;Tokeep on the tenter(s)= in angstige spanning houden;Tenter-ground= plaats voor het stellen van spanramen;Tenter-hook= spanhaak:We areon (the) tenter-hooks=on the tenter(s).Tenuifolius,tenjuifouljəs, met fijne en smalle bladen;Tenuity,tənjûiti, fijnheid, dunheid, ijlheid;Tenuous,tenjuəs, dun, ijl, fijn, klein.Tenure,tenjə, eigendomsrecht, leendiensten, bezit:Tenure of life= levenstijd;Tenure of office= diensttijd.Tepefaction,tepifakš’n, matige verwarming;Tepefy= matig verwarmen, lauw worden;Tepid,tepid, lauw; subst.Tepidity=Tepidness.Teraph,terəf(mv.Teraphim), huisgod der oude Israëlieten.Terce,tɐ̂s, ± 190,830 L. (wijn, brandewijn, azijn, olie, etc.) ook ± 158,963 L.; ± 137,892 of ± 152,407 K.G. (vleesch voor schepen);Terce-major= de drie hoogste kaarten.Tercel(et),tɐ̂səl(et), mannetjesvalk.Tercentenary,tɐ̂sentənəri, subst. en adj. driehonderdjarige (gedenkdag).Tercet,tɐ̂set, drieregelig gedichtje.Terebinth,terəbinth, terpentijnboom:Oil of Terebinth= terpentijnolie;Terebinthine,terəbinthin, terpentijn .…Teredine,terədin,Teredo,tərîdou, paalworm.Tergiversate,tɐ̂dživəseit, uitvluchten zoeken, draaien;Tergiversation, draaierij, uitvlucht, afvalligheid.Term,tɐ̂m, subst. grens, beperking, termijn, vervaldag, betaaldag, collegetijd, berechtingstijd, lid, uitdrukking, bewoording (In plain terms);Terms= voorwaarden, condities, honorarium, prijs, schoolgeld; stonden (med.);Termverb. noemen, benoemen, uitdrukken:A naval term= zeemansuitdrukking;Tobring to terms= tot toegeven noodzaken;Couldn’t youcome to terms? = het eens worden;Why don’t youexpress yourself in more definite terms= niet juister;Igot on termswith him= kwam op goeden voet;Theymarried on equal terms= in gemeenschap van goederen;Tobe on even terms= gelijk staan;Tobeon good terms= goed met elkaar;They areon intimate terms, terms of intimacy= zeer intiem met elkaar, op intiemen voet;To beon poor terms= niet al te best met elkaar;What are your terms?= wat vraagt u daarvoor?Term of life (of a person’s natural life) = levensduur;Term of office= diensttijd;Term of payment= betalingstermijn.Termagant,tɐ̂məg’nt, subst. helleveeg; adj. kijfachtig.Terminable,tɐ̂minəb’l, begrensbaar; subst.Terminableableness;Terminal, subst. einde, grens, uiterste; adj. eindigend, begrenzend:Terminal station= kopstation;Terminate,tɐ̂minit, begrensd, beperkt;Terminateverb.tɐ̂mineit, begrenzen, eindigen, een einde maken aan:I shall soonbe terminated withyou= tusschen ons beiden zal het gauw uit zijn;Termination= grens, einde, begrenzing:Todraw to a termination= ten einde loopen;Terminative= begrenzend, uitsluitend;Terminology, terminologie;Terminus= grenssteen, eindstation.Termite,tɐ̂mait, witte mier.Ternary,tɐ̂nəri, subst. drietal, groep van drie; adj. van of bij drieën, drietallig.Terpsichore,tɐ̂pksikərî, Terpsichore;Terpsichorean,tɐ̂psikərîən, dans —.Terra,terə, de aarde:Terra del Fuego,terədelfjûgou, Vuurland;Terra alba= pijpaarde;Terra-cotta= terracotta;Terra firma= vaste grond;Terra incognita= onbekend land.Terrace,teris, subst. terras, plat dak;Terraceverb. tot terrassen vormen.Terrapin,terəpin, moerasschildpad (Amer.).Terraqueous,təreikwiəs,tərakwiəs, uit land en water bestaande.Terrestrial,tərestriəl, ondermaansch, aard—, land—; subst. aardbewoner:Terrestrial animal;Terrestrial globe.Terret,terət, de ring waar doorheen de leidsels worden gestoken.Terrible,terib’l, verschrikkelijk, ontzagwekkend, ijselijk, kolossaal; subst.Terribleness.Terrier,teriə, terrier.Terrific,tərifik, schrik- of ontzagwekkend;Terrify,terifai, doen verschrikken, schokken:I wasterrified to death= schrikte me dood.Territorial,teritôriəl, territoriaal; subst. soldaat behoorende bij hetTerritorial Army (Territorial Force)i e. een corps van vrijwilligers, dat in 1908 de oudeVolunteersverving;Territorialize= vergrooten; tot een territory maken (Amer.);Territoried,teritərid, land in eigendom hebbende;Territory,teritəri, gebied, (ookfig.), landstreek, bereik; gebied met minder dan 60.000 inwoners en zonder vertegenwoordiging in het Congres (Amer.).Terror,terə, schrik, ontsteltenis:The King of Terrors= de Dood;The Reign of Terror= het Schrikbewind;I amstruck with terror, terror-struck, terror-stricken= van schrik verpletterd;Terrorism= schrikbewind;Terrorist= lid van het schrikbewind, terrorist;Terrorize,terəraiz, schrik aanjagen, door schrik dwingen.Terry,teri, soort van pluche;Terry-velvet= soort katoenfluweel.Terse,tɐ̂s, beknopt, kort en bondig; subst.Terseness.Tertian,tɐ̂š’n, derdedaagsch:Tertian fever;Tertiary,tɐ̂šəri, tertiair:Tertiary epoch, formation.[569]Tertullian,tɐ̂tɐlj’n, Tertulianus.Terza-rima,tɐ̂tsə-rîmə, tercine;Terzetto,ter-tsətou, terzet (muz.).Tessellar,tesələ, geruit;Tesselated,tesəleitid, geruit, als mozaïek;Tessellation= ruit- of mozaïekwerk;Tessera,tesərə, klein kubusje van marmer, etc. voor mozaïekwerk;Tesseral=Tessellar.Test,test, subst. toets, toetssteen, onderzoek, proef, reagens, oordeel, kroes tot zuiveren van metaal;Testverb. toetsen, beproeven, keuren, onderzoeken, attesteeren:Crucial test= vuurproef (fig.);That’sa fair test= een geschikte opgaaf (bij een examen, b.v.);Toapply a severe testto= aan een streng onderzoek onderwerpen;Toput to the test= op de proef stellen;Tostand the test= de proef doorstaan;Test Act= Eng. wet van 1678–1828, die voor ambtenaren een eed voorschreef waarbij ze betuigden niet Katholiek te zijn;State testedunadulterated liquor= van rijkswege gekeurde, onvervalschte sterke drank;Test-paper= lakmoespapier;Test-tube= reageerbuisje;Test-types= letters om de gezichtsscherpte te keuren;Testable= wat geattesteerd kan worden, in staat een testament te maken of getuigenis af te leggen;Tester= toetser. ZieTester.Testacea,testeišə, schelpdieren;Testacean, subst. schelpdier; adj. tot de schelpdieren behoorende;Testaceous,testeišəs, schaal - -; bruingeel:Testacean animals= schaaldieren.Testament,testəment, testament, verbond:New Testament;Old Testament;Testamental, Testamentary,testəment’l,testəmentəri, testamenteel;Testamur,təsteimə, testimonium;Testate,testit, subst. die een testament gemaakt heeft; adj. een testament nalatend:Todie testate;Testator,testeitə,Testatrix,testeitriks, erflater, erflaatster.Tester,testə, oude shilling (onder Henry VIII); vierkante ledikantshemel, plat klankbord (kansel):Tester-bed= met een hemel. ZieTest.Testicle,testik’l, zaadbal;Testiculate,təstikjulit,Testicular,təstikjulə, gelijk een bal.Testification,testifikeiš’n, getuigenis;Testifier= getuige;Testify,testifai, plechtig verklaren, getuigen, getuigenis afleggen:I shall nevertestify againstyou= tegen u getuigen;Hetestified tomy good conduct= hij gaf getuige van.Testimonial,testimounj’l, subst. getuigschrift, verklaring, attestatie, hulde, huldeblijk; ook adj.:Testimonial dinner= feestmaaltijd ter eere van;Testimonial letter;Testimony,testiməni, getuigenis, betuiging, openbaring, Gods woord:In testimony whereof= ten bewijze waarvan;Tobear testimony= getuigenis afleggen;Tocall in testimony= tot getuige roepen.Testiness,testinəs, subst. v.Testy,testi, eigenzinnig, knorrig, gemelijk, prikkelbaar.Tetchiness,tetšinəs, subst. vanTetchy= knorrig, gemelijk.Tether,tedhə, subst. touw waaraan een grazend dier is gebonden, speelruimte, bevoegdheid;Tetherverb. vastbinden, beperken:Hecame to the end of his tether= zijne middelen waren uitgeput;Togo to the end of one’s tether= zoo ver gaan als men kan;Totether a person by a short rope= iemand kort houden.Tetra,tetrə, (in samenst.), vier:Tetrachord= halve octaaf (vanctotfof vangtotc); viersnarige lier;Tetradactyl(e),tetrədaktil, viervingerig;Tetradiapason,tetrədaiəpeiz’n, viervoudige octaaf;Tetragon,tetrəgon, vierhoek; adj.Tetragonal,tətragən’l;Tetrahedron,tetrəhîdr’n,tetrəhedr’n, regelmatig viervlak;Tetrameter,tətramətə, viervoetige versregel;Tetrapetalous,tetrəpetəlɐs, vierbladig;Tetrapod= vierpootig;Tetrapteran,tətraptər’n, viervleugelig (insect);Tetrapterous,tətraptərɐs, viervleugelig;Tetrarch,tetrâk,tîtrâk, gouverneur van het vierde van een wingewest (Rom.):Tetrarchate,tetrâkit,tîtrâkit,Tetrarchy,tetrâki, grondgebied van een T.;Tetrastich,tetrəstik,tətrastik, vierregelig gedicht.Tetter,tetə, subst. naam voor verschillende huidziekten (Eating tetter= lupus);Tetterverb. eene huidziekte bezorgen.Teuton,tjût’n, iemand v. Teutonischen stam;Teutonic,tjutonik, Teutonisch, Germaansch:Teuton languages= Germaansche talen;Teutonicism,tjutonisizm, Germaansch idioom;Teutonize= germaniseeren.Teviot,tiviət;Tewk(e)sbury,tjûksb’ri;Texan,teks’n;Texas,teksəs;(The) Texel,dhəteks’l.Text,tekst, tekst, onderwerp, inhoud;Textbook= handboek, schoolboek;Text-hand= groot loopend schrift;Textual= volgens den tekst;Textualist= schriftgeleerde, iemand die zich streng aan den tekst houdt.Textile,tekst(a)il, subst. geweven stof; adj. geweven:Textile industry;Texture,tekstjə, het weefsel, structuur.Thackeray,thakər(e)i;Thaddeus,thədîəs,thadiəs;Thaisa,theiizə,thəîzə.Thaler,tâlə, thaler.Thales,theilîz;Thalia,thəlaiə, Thalia:Thalian= komisch;Thaliard,thaliəd.Thames,temz, Theems:He will notset the Thames on fire. ZieFire.T(h)ammuz,t(h)aməz, vierde maand van het Joodsche burgerlijk jaar.Than,dhan, dan (alléén na comparatieven):He is older than I by seven years.Thane,thein, Angelsaksische titel der grootere grondbezitters tot de 12de eeuw;Thanedom;Thane-lands;Thaneship.Thanet,thanət.Thank,thaŋk, subst. dank (thans steeds meervoud);Thankverb. danken, bedanken (dikwijls ironisch):Thanks to thee, I am safe= ik ben veilig, dank zij u;Thanks= ik dank u;No, thanks!= dank u; geen dank;Thanks toyour eagerness= dank zij;Thanks be to God= God zij dank;Togive thanks= danken (na den maaltijd);Toreturn thanks= dank betuigen;No thank you= ik dank u;Thank you, yes= alstublieft;Thank you for nothing= ik zou je danken;Thank Godwe are rid of him= Goddank;Hehas only to thank himself for= ’t is zijn eigen schuld, dat …;I’ll thank you to shut the door= doe alstublieft de deur dicht;I’ll thank you not to do it= gij doet me[570]plezier als gij het laat;I’ll thank you for the potatoes (for a cup of tea)= mag ik alstublieft;Thank-offering= dankoffer;Thanksgiver= bedanker, dankzegger;Thanksgiving= dankzegging (aan God);Thanksgiving-day= dankdag;Thankee= dank u;Thankful= dankbaar; subst.Thankfulness;Thankless= ondankbaar:Thankless task; subst.Thanklessness;Thankworthiness, subst. v.Thankworthy= dankenswaard, verdienstelijk.That,dhat, gene, die, dat; opdat:That is me (I)= dat ben ik;He is a good fellowfor all that= toch een goede vent;And that for this reason= en wel om deze reden;Nothing follows,nothing that is,which is of any real weight= namelijk niets;While his family,his mother that is,were living in D.= zijn moeder namelijk;No human being ever spokelike that= op zoo’n manier;This is horrible,that is= dit is bepaald af grijselijk;Mrs Quilp that is= de tegenwoordige;Mrs Corney that was= de vroegere;He has been here,but what of that? = wat zou dat, bewijst dat;I was the eldest son andnot much of a help at that= en trouwens als zoodanig nog geen groote steun;‘Christmas comes but once a year’, and adds the cynic, ‘once too often at that’ = en dat is trouwens nog één keer te vaak;I send you wordthat you may be prepared= opdat gij voorbereid zijt;It is not that I believe= niet omdat ik geloof;Do tell me,that’s a good girl= dan ben je eene beste meid;That muchis certain= zooveel;I am that sorry= het spijt me zóó!I supposeyou are worth all that= wel zóó rijk;I amtougher than that= daar ben ik te taai voor.Thatch,thatš, subst. dakstroo, dakriet, stroodak, hut;Thatchverb. met stroo of riet dekken;Thatcher= rietdekker.Thaumatrope,thômətroup, thaumatroop;Thaumaturge,thômətɐ̂dž, wonderdoener =Thaumaturgist;Thaumaturgic(al),thômətɐ̂džik(’l), wonderdadig;Thaumaturgy,thômətɐ̂dži, wonderdoenerij.Thaw,thô, subst. dooi;Thawverb. dooien, ontdooien (ookfig.):Silver thaw= ijzel;Thethaw set in= het begon te dooien;It thaws.The,dhə,dhi(vóór een klinker),dhî(met nadruk), de, het:The more the merrier= hoe meer zieltjes hoe meer vreugde;The sooner the better= hoe eerder hoe beter;The moreI see youthe betterI like you= hoe meer ik u zie, hoe meer ik van u houd;The more so,as I do not know him= des te meer omdat;The rather= temeer;So thisthegrand-daughter, is it? = je kleindochter;TheLady Grace Eveleigh= Freule G. E. (meer officieel dan zonder ’t lidwoord);TheDouglasses’ house= der familie D.Theatre,thîətə, theater, schouwburg, toeneel, medische gehoorzaal:Theatre of war= oorlogstooneel;Theatre-goers= bezoekers;Theatrical,thiatrik’l, theatraal:Theatricals= tooneelvertooningen:Private theatricals= liefhebberijtooneel;Theatricality,thîatrikaliti, theatrale manier van doen, vertoon.Theban,thîb’n, subst. en adj. Thebaan(sch):Theban year= 365 d. en 6 u;Thebes,thîbz, Thebe;Thecla,theklə.Thee,dhî, u (object van Thou):They thee and thou each other= spreken elkaar aan met je en jou.Theft,theft, diefstal.Theina,thiainə,Theine,thî-in, theeïne.Their,dhêə, hun, haar;Theirs= van hen, van haar:These books are theirs= zijn de hunne.Theism,thîizm, theïsme;Theist; adj.Theistic(al).Them,dhem, hen, haar (object van They);Themselves,dh’mselvz, zich zelven, zij zelven.Thematic,thimatik, thematisch;Theme,thîm, onderwerp, thema, stam, (gram.).Themis,thîmis, Themis.Then,dhen, adj. toenmalig; adv. en conj. toen, dan, later, alsdan, daarom, diensvolgens, derhalve:The then measureswere insufficient= toen genomen;You might have had a bad fall then= daar had je leelijk kunnen vallen;What did he say then?= wat zei hij daar toch;Did he laugh at you?Then he ought not= maar dat moest hij niet;I hear his footstep,then he is back= dus is hij terug;I think, then I exist= ik denk, dus besta ik;By then= tegen dien tijd;On then!= vooruit!If he sees us,what then? = wat zou dat, wat hindert dat;Now and then= nu en dan;Every now and then= telkens;Now then,what can you say to the contrary? = welnu;Then and there= onmiddellijk, op staanden voet;Till then= tot dien tijd, tot zoolang;Not until then= eerst toen;Thence, vandaar, derhalve:From then= van uit die plaats;Thenforth,dhensföth,Thenforward,dhensföwəd, van dien tijd af aan.Theobald,thîəbôld.Theocracy,thiokrəsi, theocratie;Theocrat;Theocratic(al)= theocratisch;Theodicy,thiodisi, theodicee.Theodora,thîədôrə;Theodore,thîədö.Theogony,thiogəni, theogonie;Theologian,thiəloudž’n, godgeleerde;Theologic(al),thîəlodžik(’l), theologisch:The theological virtues are:Faith, Hope and Charity= de goddelijke deugden zijn: Geloof, Hoop en Liefde;Theologize,thiolədžaiz, theologiseeren;Theology,thiolədži, theologie:Natural theology= de kennis Gods uit Zijne werken.Theophilus.thiofilɐs.Theorbo,thiöbou, theorbe, groote basluit.Theorem,thîər’m, theorema; adj.Theorematic(al).Theoretic(al),thîəretik(’l), theoretisch;Theoretics= het theoretisch gedeelte eener wetenschap;Theorist,thîərist, theoreticus;Theorize= theoretiseeren:Theorizer;Theory,thîəri, theorie:His practice falls short of his theory= zijne praktijk haalt niet bij zijne theorie.Theosophy,thiosəfi, theosophie.Therapeutic(al),therəpjûtik(’l), therapeutisch;Therapeutics= therapie.There,dhêa, daar, er:When did he leave there= wanneer is hij vandaar vertrokken;You are right (wrong) there= daar hebt ge gelijk (ongelijk) aan;Here[571]and there= hier en daar;Then and there= op dat zelfde oogenblik (=There and then);I am all there= ik weet drommels goed wat ik doe;There you are!= klaar is ’t; alstublieft;There is a horse for you= dat is nog eens een paard!I am no match for you there= in dat opzicht kan ik niet tegen u op;You have got a tile off and arenot all there= je bent niet recht bij het hoofd, en weet niet wat je doet;That to me is everything!So there!= nu weet je het; en daarmede basta!Stop, there’s a good fellow= dan ben je een beste;Thereabout(s)= daaromtrent:A guilder or thereabouts= een gulden of daaromtrent;Thereafter= daarna, volgens dat, daarnaar;Thereanent= met betrekking tot dat punt;Thereat= daar, om die reden, bovendien:He is poorand a fool thereat= en een dwaas op den koop toe;Thereby= daarnevens, daardoor, diensvolgens, daaromtrent;Therefor= hiervoor;Therefore= daarom, daarvoor, met dat doel;Therefrom= daarvan, daaruit;Therein= daarin, hierin;Thereinto= daarin;Thereof,dhêrov, hier- of daarvan;Thereon= hier- of daarop, er op;Thereout= daaruit;Thereto= daar- of hiertoe, buiten en behalve;Thereunder= daaronder;Thereunto= daartoe;Thereupon= hier- of daarop, ten gevolge daarvan, dadelijk;Therewith= daarmede, onmiddellijk;Therewithal,dhêəwidhôl, daarbij, terzelfdertijd, daarenboven.Theresa,tərîsə, Therese.Thermae,thɐ̂mî, heete bronnen of baden; adj.Thermal:Thermal waters,Thermal springs;Thermal unit= warmte-eenheid.Thermit,thɐ̂mit, thermiet.Thermometer,thɐ̂mometə, thermometer:Aclinical thermometer.Thermopylae,thɐ̂mopilî, de Thermopylen.Thermoscope,thɐ̂məskoup, thermoscoop;Thermostat,thɐ̂məstat, thermostaat.Thersites,thɐ̂saitîz.Thesaurus,thisôrəs, woordenschat (boek).These,dhîz(meerv. vanThis), deze.Thesis,thîsis, thesis, stelling (Mv.Theses,thîsîz,thesîz):Thesis for the degree of M. D.= medische dissertatie.Thespian,thespiən, Thespisch; subst. tooneelspeler.Thessalian,thəseilj’n, Thessaalsch; Thessaliër;Thessaly,thesəli, Thessalië.Thetis,thîtis.Thews,thjûz, spierkracht, spieren;Thewy= gespierd.They,dhei, zij, degenen:They say= men zegt.Thibet,tibət,tibet.Thick,thik, subst. dikke gedeelte, heetst (van den strijd), dikte; adj. dik, dicht, troebel, mistig, onduidelijk, opeengedrongen, snel, overvloedig, intiem;Thickverb. verdikken:He issuch a thick= zoo’n domkop;He wasin the thick ofthe fight;Toback through thick and thin= meegaan door dik en dun (fig.);This isa bit too thick= te kras;They areas thick as peas in a shell= zeer overvloedig; zijn vrienden als olifanten;They areas thick as thieves together= het zijn twee handen op één buik, zij spelen onder één hoedje;His blows came downas thick as hail= zoo snel en hard als hagelsteenen;Tobe(Tobecome,Toget)thick with= intiem zijn (worden) met;Tolay it on thick= overdrijven, er dik op leggen;I amthick of hearing= hardhoorig;Thick of sight= met slecht gezicht;Thick of speech= slecht bespraakt;A thick one= goudstuk;Athick pronunciation= onduidelijke;A thick-and-thin supporterof the government= iemand die door dik en dun meegaat;Thick-grown= dicht;Thickhead= dik- of domkop;Thick-headed= dom, stomp;Thick-leaved;Thick-legged;Thick-lipped;Thick-nosed;Thick-planted;Thick-ribbed= met krachtige ribben;Thick-set= dicht beplant, rijk aan; kort en sterk (dik); subst. dichte heg, een gestreepte stof;Thick-side= dikhuid(ig):Histhick-side patience= olifantachtig geduld;Thick-skin= ongelikte beer, vlegel, domkop;Thick-skull= domkop;Thicken= verdikken, vermeerderen, verduisteren:The crowd thicks= het gedrang neemt toe;The plot thicks= de verwikkeling neemt toe.Thicket,thikət, boschje.Thickish,thikiš, ietwat dik.Thief,thîf, dief:A thief was in the candle= er was een dief aan de kaars;Stop thief!= houdt den dief;Set a thief to catch a thief;Thief-catcher= dievenvanger;Thieves’ Latin= dieventaal.Thieve,thîv, stelen;Thievery= het stelen, dieverij;Thievish= diefachtig, steelswijze, sluiksch; subst.Thievishness.Thigh,thai, dij;Thigh-bone= dijbeen.Thill,thil, lamoen;Thill-horse= lamoenpaard =Thiller.Thimble,thimb’l, vingerhoed, kous (ring);Thimble-berry= soort braambes;Thimble-case= foudraal;Thimble-rig,Thimble-rigger= bedrieger, die laat wedden onder welk van drie bekertjes een balletje door hem is gestopt; ook verb.;Thimbleful= vingerhoedvol.Thin,thin, dun, licht, slap, zwak, mager, dunnetjes, flauw, gering; ledig, doorzichtig;Thinverb. verdunnen, ijler maken, dunnen, afnemen, uitverkoopen:His disguise was very thin= erg doorzichtig;This month’s number isa little thin= is vrij dunnetjes;Toget (grow) thin= mager worden;Thin diet= magere kost;Thin streets= ledige straten;The strata werethinning out and away= werden langzamerhand dunner en verdwenen eindelijk geheel;Thin-faced= met een smal en schraal gezicht;Thin-leaved;Thin-lipped;Thin-skinned= met fijne huid; overgevoelig, prikkelbaar;Thin-sown;Thin-spun; subst.Thinness.Thine,dhain, van u, het of de uwe.Thing,thiŋ, ding, zaak, iets, persoontje, verhaal, lied (Things= dingen, zaken, goed, spullen):He isa thing of nothing= een kerel van niets;That’sa thing of naught (nothing)= niets waard;She isn’tquite the thing= niet recht wel;That’sthe (very) thing= moet ik net hebben, zoo is het precies;Neither one thing nor another= geen visch en geen vleesch;When things are the worst they will sometimes mend= als de nood op het hoogst is, is de hulp[572]nabij;Things past may be repented but not recalled= gedane zaken nemen geen keer;As things stand= zooals de zaken staan;Itcomes all to the same thing= komt alles op hetzelfde neer;Youhave got the wrong thing= het verkeerde;Heknows (is up to) a thing or two= hij is slim, goed op de hoogte;He made a tidy (good) thing of it= hij sloeg er een slaatje uit;I like himabove all things= bovenal;It wasquite in the nature of things= het sprak (volgde) vanzelf, lag in den aard der zaak, in de rede.Thingummy,thingəmi, Dinges, dingsigheidje, goedje:His name washeld up to thingummy= aan de verachting prijs gegeven;Theirpink silk thingummies= hunne rose zijden japonnetjes.Think,thiŋk, denken, vinden, meenen, oordeelen, bedoelen, onderstellen, achten:Only think= denk eens aan;To think= als men bedenkt;I should think not indeed= dat moest er nog bijkomen;I should think so= dat zou ik denken;Tothink abouta thing= ergens over denken;More than youthink for= dan ge verwacht;What do youthink ofhim? = wat denkt ge van hem;Now that I come tothink ofit= nu ik mij eens goed bezin;I havethought better ofit= mij bedacht;Hethinks much ofyou= schat u hoog, heeft een hoog idee van u;Tothink on (over)= nadenken over;No,thought I to myself= dacht ik bij mezelf;Ithink with youthere= dat ben ik met u eens;Methinks= mij dunkt (verouderend);Thinkable= denkbaar;Thinker= denker;Thinking:To my thinkingyou might have profited more by it= mijns inziens;He is of my way of thinking= ’t met mij eens.Thionville,tîənvil, Diedenhoven.Third,thɐ̂d, subst. en adj. derde (deel), terts, tertia wissel; (Thirds= het derde van de bezittingen van den overleden man, waarvan de weduwe het vruchtgebruik heeft):The Third Estate= de burgerij;Third-class;Third-rate= 3de rangs;Thirdly= ten derde;Thirdsman= scheidsman.Thirl,thɐ̂l, doorboren, perforeeren.Thirst,thɐ̂st, subst. dorst (ookfig.);Thirstverb. dorsten, vurig verlangen:His (the)thirst afterwealth and honour= zijn dorst naar;Athirst(ing) forpower= een haken naar;My throat isparched with thirst= is droog, ik versmacht van dorst;Thirstiness, subst. v.Thirsty= dorstig, droog, versmachtend:I am thirsty= ik heb dorst.Thirteen,thɐ̂tîn, subst. en adj. dertien(tal);Thirteenth, subst. en adj. dertiende (deel);Thirtieth,thɐ̂tiəth, subst. en adj. dertigste (deel);Thirty,thɐ̂ti, subst. en adj.dertig(tal):The Thirty Years’ War= Dertigjarige Oorlog.

Techy,tetši, knorrig, gemelijk, lichtgeraakt.Tectrices,tektrisîz, dekveeren.Ted,ted, keeren (van gemaaid gras);Tedder= machine om het pas gemaaide gras te keeren.Teddy,tedi:Teddy Bear= beertje (kinderspeelgoed).Te Deum,tîdîəm, Te-Deum.Tedious,tîdjəs, vervelend, saai, verdrietig, lastig; subst.Tediousness=Tedium,tîdj’m.Tee,tî, doel, aardhoopje, vanwaar de bal geslagen wordt bij hetGolfspel; doel waarnaarquoitsofcurling-stonesworden geworpen;Teeverb. den bal daar van af slaan.Teem,tîm, zwanger zijn van, werpen, zich voortplanten, vol zijn, overvloed hebben van:This part of the countryteems withgold= bevat veel goud.Teens,tînz, de jaren v. dertien tot negentien:In her teens= beneden twintig (maar minstens twaalf);Out of her teens= boven de negentien;Since his middle teens= sedert zijn 14de, 15de jaar.Teeter,tîtə, wippen (Am.).Teeth,tîth, Meerv. vanTooth= tand;Teethverb. (tîdh) = tanden krijgen:From one’s teeth= niet van harte;In the teeth ofthe westerly gale= vlak tegen in;He did itin the teeth ofopposition= trots allen tegenstand;In the teeth of the doctor’s prohibition= geheel in tegen;Hecast those reproaches in my teeth= wierp mij voor de voeten;Heescaped by the skin of his teeth= ontsnapte ternauwernood (Job. XIX, 30);Teeth-drawing(fig.) = bellen moeren;Teething,tîdhiŋ, het tanden krijgen.Teetotal,tîtout’l, onthoudend:Teetotal drinks= alcoholvrije;Teetotalism= geheelonthouding;Teetotaller= geheelonthouder.Teetotum,tîtout’m, A-al tolletje:Tospin a teetotum.Tegument,tegjument, omhulsel, huid, zaadhuid, vleugeldeksel; adj.Tegumentary.Tehee,tîhî, subst. gegichel;Teheeverb. gichelen; interj. hihi.[566]Teheran,tehərân;Teignmouth,teinməth,tînməth.Teil,tîl, lindeboom (=Teil-tree).Teind,tînd=Tithe(Schotl.).Teith,tîth;Telamon,teləm’n, mannenfiguur als zuil, At as.Teledu,telədû, Javaansche bunzing.Telegram,teləgram, telegram; adj.Telegrammic;Telegraph,teləgraf, subst. telegraaf;Telegraphverb. telegrafeeren, seinen:Telegraph-cable;Telegraph-operator=Telegrapher,təlegrəfə,teləgrafə, telegrafist;Telegraphic,teləgrafik, telegrafisch:Telegraphic address= telegramadres;Telegraphist,təlegrəfist,teləgrafist, telegrafist(e);Telegraphy,təlegrefi,teləgrafi, telegraphie.Telemachus,təleməkɐs.Teleological,teliəlodžik’l,tîliəlodžik’l, teleologisch;Teleology,teliolədži,tîliolədži, teleologie.Telepathic,teləpathik, telepathisch:Card-guessing, bank-note-finding and the various other forms oftelepathic hide and seek;Telepathy,təlepəthi,teləpathi, telepathie.Telepheme,teləfîm, telephonisch bericht;Telephone,teləfoun, subst. telephoon;Telephoneverb. telephoneeren;Telephonic= telephonisch;Telephonist,təlefənist,teləfounist, telephonist(e);Telephony,təlefəni,teləfouni, telephonie.Telescope,teləskoup, subst. telescoop, verrekijker; soort van langwerpige spiraalschelp;Telescopeverb. in elkander schuiven, zooals een telescoop:The book tries to be an encyclopaedia,telescoped intoa dictionary= in een woordenboek saamgevat;The first and the second carriage weretelescoped (into each other)= werden in elkander geschoven;Telescope-table= uittrektafeltje;Telescopic(al),teləskojpik(’l), telescopisch, in- en uitschuifbaar.Telesia,təlîžə, varieteit van saffier.Tell,tell, vertellen, mededeelen, melden, berichten, bevelen, optellen, onderscheiden, uitwerking hebben, indruk maken, klikken:Ican tell= ik kan je verzekeren;Who can tell?= wie weet;Never tell me= maak me niet wijs;Can youtell the clockyet? = kun je al op de klok kijken;I had my fortune toldby an old gipsy= liet me waarzeggen;Don’ttell stories (fibs)= jok nu niet;Every shot told= was raak;He never preached“I told you so” = hij zanikte nooit van “Dat heb ik je wel gezegd”;They numbered 100 all told= met hun allen;Thattells againstyou= pleit tegen je;You cantell this wine from vinegaronly by the label= slechts onderscheiden van;It is difficult totell good paste from diamonds= simili van diamant te onderscheiden;Thattells forsomething= dat is lang niet mis, telt mee;You cantell them offby hundreds= aanwijzen bij honderden;One of the clerks was alwaystold offto sleep in the house= werd aangewezen;I shalltellthe priestsonyou= u verklappen aan;The heavy work hastold onhis constitution= zijn gestel aangegrepen;His troubles have told on him= hem erg aangegrepen;The speechtold onthe hearers= maakte indruk;Totell out= uittellen;Told out= op, blut;This told with him= dit hielp (bij hem);Tell-tale, subst. babbelaar, verklikker, klikspaan; adj. babbelziek, lasterend, verraderlijk;They are tellable on the fingers= die kan je op de vingers tellen;Teller= verteller, teller, stemopnemer, klerk in een bank die met de klanten rekent; harde slag. ZieTelling.Tellina,təlainə, platschelpen.Telling,teliŋ:With telling effect= met goed gevolg, krachtige uitwerking;Atelling phrase= kernachtig;Atelling speech= een rede, die pakt;That’s telling(s)= dat mag ik niet zeggen.Tellurian,təl(j)ûriən, aardsch —; bewoner der aarde;Telluric= tellurisch;Tellurion,təl(j)ûriən, tellurium;Tellurium,təl(j)ûriəm, tellurium (Chemie).Telotype,telətaip, druktelegraaf.Telpher,telfə, subst. inrichting voor electrisch kabelvervoer; adj. behoorende totTelpherage,telfəridž, vervoer door electriciteit;Telpher-line= electr. kabelspoorlijn.Temerity,təmeriti, vermetelheid, roekeloosheid.Temper,tempə, subst. aard, natuur, temperament, humeur, gemoed, prikkelbaarheid, opvliegendheid, hardheid (v. metaal);Temperverb. matigen, regelen, verzachten, doen bedaren, temperen, harden:Equal, Even temper= gelijkmatig humeur;Hot temper= drift;The temper of the nation= stemming;Your friend isnot a good(isa horrid)temper= heeft geen gemakkelijk (een vreeselijk) humeur;Hekept his temperbetter than we had supposed= bleef bedaarder;Helost his temper= raakte uit zijn humeur, verloor zijn geduld;He wasin a black temper= verschrikkelijk slecht gehumeurd;What a temper you are in!= hè, wat ben jij knorrig;You mustkeep him in temper= hem in zijn humeur houden;He wasout of temper this morning= uit zijn humeur;Temperament= gestel, geaardheid, temperament;Temperance= matigheid, gematigdheid, onthouding:Temperance-bar= koffiehuis voor onthouders;Temperance-meeting;Temperance-society= matigheids- of afschaffersgenootschap;Temperate,tempərit, bedaard, kalm, gematigd:Temperate zone= gematigde luchtstreek; subst.Temperateness;Temperature,tempərətjə, temperatuur:Totake one’s temperature= opnemen;Tempered:Good-, Ill-tempered;Even-tempered= van gelijkmatig humeur;Quick-tempered= opvliegend;Asweet-temperedgirl= zacht.Tempest,tempəst, hevige storm, orkaan, zwaar weer:Tempest-beaten= door de stormen gebeukt;Tempest-tossed= door de stormen geslingerd;Tempestuous,tempestjuəs, stormachtig, hevig; subst.Tempestuousness.Templar,templə, tempelier; student in de rechten, advocaat of jurist:Order of “Good Templars”= vereeniging tot het verleenen van wederzijdschen steun bij ouderdom, etc.Temple,temp’l, tempel, godshuis, slaap (van het hoofd):Inner-temple, Middle-temple(Londensche colleges voor opleiding van juristen).Templet,templət, schabloon, vormhout.[567]Tempo,tempou, tempo, maat (Meerv.Tempi).Temporal,tempər’l, tijdelijk, tijds - -, wereldlijk; slaap - -:Temporal bone= slaapbeen;Temporal Lords= wereldlijke, ter onderscheiding v. geestelijke,pairsvan Engeland;Temporality= tijdelijk of wereldlijk bezit;Temporalities= temporaliën, inkomsten der geestelijken uit land, tienden, enz.;Temporariness, subst. v.Temporary= tijdelijk, niet duurzaam;Temporize,tempəraiz, zich naar de omstandigheden schikken, den gunstigen tijd afwachten, trachten tijd te winnen:Temporizer= iemand die met de wolven meehuilt, de huik naar den wind hangt, etc.Tem(p)se,tems, zeef, vergiet(test);Tem(p)se-bread= brood van fijngebuild meel.Tempt,tem(p)t, verleiden, verlokken, in verzoeking brengen:Hetempted me intogiving up my plan= verlokte mij;Temptable= te verlokken;Temptation,tem(p)teiš’n, verlokking, verzoeking, aanvechting:Tolead into temptation;Heyielded to temptation= bezweek voor;Tempter= verleider:The Tempter= de duivel;Tempting= verleidelijk; subst.Temptingness;Temptress= verleidster.Ten,ten, tien:There were ten of them=They were ten= ze waren met hun tienen;The ten Tribes= tien stammen Israëls;Nine in ten= negen van de tien;Ten to one= tien tegen een;Tenfold= tienvoudig;Ten-pin= kegel:Ten-pin alley= kegelbaan (Amer.);Ten-spot= een tien (kaartspel);Hemade many ten-strikes= gooide dikwijls alle tien;Ten-seater= fiets voor tien;Tenner= bankbiljet van 10 £;Tenth= tiende (deel).Tenability,tenəbiliti, subst. v.Tenable,tenəb’l, houdbaar, verdedigbaar:The scholarship istenable forone year= de beurs geldt voor; subst.Tenableness.Tenace,tenis, de “fourchette” (de hoogste en op twee na de hoogste kaart) in handen van den vierden speler (Whist);Tenace-minor= kleine “fourchette” (de hoogste en op drie na de hoogste kaart).Tenacious,təneišəs, vasthoudend, sterk, hardnekkig, kleverig, taai:He has gota tenacious memory= sterk geheugen;He istenacious ofwhatever he gets= houdt vast;Tobe tenacious of life= taai zijn;Tenaciousness=Tenacity,tənasiti, vasthoudendheid, kleverigheid, getrouwheid.Tenail(le),təneil, tangwerk ter dekking v. een courtine (Vestingb.);Tenaillon,təneiljon, klein tangwerk.Tenancy,ten’nsi, subst. huur, pacht;Tenant,subst. huurder, pachter, bewoner;Tenantverb. in pacht of huur hebben, bewonen:Tenant at will= opzegbare huurder;Tenant for life;Tenant in capite,Tenant in chief= huurder direct van de kroon;Tenant in tail= houder van een pachthoeve, die bij versterf op bepaalde erfgenamen (in pacht) overgaat;Tenantable= geschikt om ge- of verhuurd te worden, bewoonbaar; subst.Tenantableness;Tenantless= onverhuurd, leeg;Tenantry= de gezamenlijke pachters of huurders.Tench,tenš, muithond, zeelt.Tend,tend, bewaken, verzorgen, letten op, denken om; strekken, streven, zich richten; bijdragen, om het anker zwaaien:That way instruction ought to tend= dien kant moet het onderwijs uit;Tendency= strekking, neiging, aanleg voor.Tender,tendə, aanbod, offerte, inschrijving; betaalmiddel (Legal tender);Tenderverb. aanbieden, inschrijven:Hemade a tenderof his friendship, services= bood aan;Private tender= onderhandsche inschrijving;Tolet by public tender= publiek uitbesteden;Totender cordial thanks= hartelijk dank zeggen;Totender for the dredging of a harbour= inschrijven op;Totender and contract for= aannemen (v. een werk).Tender,tendə, teeder, zwak, zacht, malsch, teergevoelig, vriendelijk, zorgvuldig;Tenderverb. zacht maken, hoogschatten:At a tender age= op jeugdigen leeftijd;The tender passion(s)= de liefde;He was stilltender ofher, though she had betrayed him= hij hield nog van haar;Tender-foot= gevoelige voet; nieuweling (Australië);Tender-hearted= teergevoelig; subst.Tender-heartedness;Tender-loin= filet;Tender-minded= teerhartig;Tenderling= vertroetelde lieveling; een van de eerste hoorns van een hert;Tenderness= teederheid, vriendelijkheid, bezorgdheid voor (metof).Tender,tendə, tender (v. een locomotief), (sleep)bootje, oppasser.Tendon,tend’n, pees:Tendon of Achilles.Tendril,tendril, rank (van klimplanten).Tenebrae,tenəbrî, donkere metten, die op Woensd., Donderd. en Vrijdag van de week vóór Paschen tegen den avond gezongen worden;Tenebrosity= duisternis;Tenebrous= duister.Tenement,tenəment, woning, huis, stel vertrekken door één gezin bewoond, pachthoeve;Tenement-house= huis, dat bij gedeelten aan verschillende gezinnen verhuurd wordt;Tenemental,tenəment’l, verpacht of verhuurbaar, huur … =Tenementary,tenəmentəri.Tenerife,tenərif.Tenet,tenət, leerstuk, beginsel.Tennessee,tenəsî.Tennis,tenis, tennis;Tennis-ball;Tennis-court= tennisbaan;Tennis-net;Tennis-racket.Tennyson,tenis’n.Tenon,tenən, subst. pen, pin, tap, neut ter verbinding;Tenonverb. met eentenonverbinden.Tenor,tenə, subst. gang, loop, richting, inhoud, geest, wezen, afschrift, tenor, altviool:Thetenor of this man’s life= de richting van zijn leven;Thetenor of this work= bedoeling of hoofdgedachte:The even tenor ofthe session was never ruffled= de gelijkmatige gang.Tense,tens, tijd (gramm.).Tense,tens, streng. strak, gespannen; subst.Tenseness;Tensibility= rekbaarheid; adj.Tensible;Tensile,tens(a)il, rekbaar, spannings - -:Tensile force= spankracht;Tension,tenš’n, spanning, gespannenheid, spankracht, groote inspanning;Tensive, spannend;Tensor,tensə, spanspier.Tent,tent, subst. tent, kap, overtrek, wiek[568](om eene wond open te houden), donkerroode Spaansche wijn;Tentverb. van tenten voorzien, tenten opslaan, onder tenten wonen; sondeeren, peilen of openhouden van eene wond;Tent-bed= ledikant met hemel;Tent-cloth;Tent-maker= tentenmaker;Tent-pin;Tent-pole;Tent-rope.Tentacle,tentək’l, zuig- of tastorgaan;Tentacular,tentakjulə, zuig …, tast …;Tentaculate(d),tentakjulit(-eitid), van zuigorganen voorzien.Tentative,tentətiv, subst. proeve, proef, poging; adj. pogend, beproevend.Tenter,tentə, subst. spanraam, spanhaak, voeldraad;Tenterverb. opspannen, rekken:Tobe on the tenter(s)= op heete kolen zitten;Tokeep on the tenter(s)= in angstige spanning houden;Tenter-ground= plaats voor het stellen van spanramen;Tenter-hook= spanhaak:We areon (the) tenter-hooks=on the tenter(s).Tenuifolius,tenjuifouljəs, met fijne en smalle bladen;Tenuity,tənjûiti, fijnheid, dunheid, ijlheid;Tenuous,tenjuəs, dun, ijl, fijn, klein.Tenure,tenjə, eigendomsrecht, leendiensten, bezit:Tenure of life= levenstijd;Tenure of office= diensttijd.Tepefaction,tepifakš’n, matige verwarming;Tepefy= matig verwarmen, lauw worden;Tepid,tepid, lauw; subst.Tepidity=Tepidness.Teraph,terəf(mv.Teraphim), huisgod der oude Israëlieten.Terce,tɐ̂s, ± 190,830 L. (wijn, brandewijn, azijn, olie, etc.) ook ± 158,963 L.; ± 137,892 of ± 152,407 K.G. (vleesch voor schepen);Terce-major= de drie hoogste kaarten.Tercel(et),tɐ̂səl(et), mannetjesvalk.Tercentenary,tɐ̂sentənəri, subst. en adj. driehonderdjarige (gedenkdag).Tercet,tɐ̂set, drieregelig gedichtje.Terebinth,terəbinth, terpentijnboom:Oil of Terebinth= terpentijnolie;Terebinthine,terəbinthin, terpentijn .…Teredine,terədin,Teredo,tərîdou, paalworm.Tergiversate,tɐ̂dživəseit, uitvluchten zoeken, draaien;Tergiversation, draaierij, uitvlucht, afvalligheid.Term,tɐ̂m, subst. grens, beperking, termijn, vervaldag, betaaldag, collegetijd, berechtingstijd, lid, uitdrukking, bewoording (In plain terms);Terms= voorwaarden, condities, honorarium, prijs, schoolgeld; stonden (med.);Termverb. noemen, benoemen, uitdrukken:A naval term= zeemansuitdrukking;Tobring to terms= tot toegeven noodzaken;Couldn’t youcome to terms? = het eens worden;Why don’t youexpress yourself in more definite terms= niet juister;Igot on termswith him= kwam op goeden voet;Theymarried on equal terms= in gemeenschap van goederen;Tobe on even terms= gelijk staan;Tobeon good terms= goed met elkaar;They areon intimate terms, terms of intimacy= zeer intiem met elkaar, op intiemen voet;To beon poor terms= niet al te best met elkaar;What are your terms?= wat vraagt u daarvoor?Term of life (of a person’s natural life) = levensduur;Term of office= diensttijd;Term of payment= betalingstermijn.Termagant,tɐ̂məg’nt, subst. helleveeg; adj. kijfachtig.Terminable,tɐ̂minəb’l, begrensbaar; subst.Terminableableness;Terminal, subst. einde, grens, uiterste; adj. eindigend, begrenzend:Terminal station= kopstation;Terminate,tɐ̂minit, begrensd, beperkt;Terminateverb.tɐ̂mineit, begrenzen, eindigen, een einde maken aan:I shall soonbe terminated withyou= tusschen ons beiden zal het gauw uit zijn;Termination= grens, einde, begrenzing:Todraw to a termination= ten einde loopen;Terminative= begrenzend, uitsluitend;Terminology, terminologie;Terminus= grenssteen, eindstation.Termite,tɐ̂mait, witte mier.Ternary,tɐ̂nəri, subst. drietal, groep van drie; adj. van of bij drieën, drietallig.Terpsichore,tɐ̂pksikərî, Terpsichore;Terpsichorean,tɐ̂psikərîən, dans —.Terra,terə, de aarde:Terra del Fuego,terədelfjûgou, Vuurland;Terra alba= pijpaarde;Terra-cotta= terracotta;Terra firma= vaste grond;Terra incognita= onbekend land.Terrace,teris, subst. terras, plat dak;Terraceverb. tot terrassen vormen.Terrapin,terəpin, moerasschildpad (Amer.).Terraqueous,təreikwiəs,tərakwiəs, uit land en water bestaande.Terrestrial,tərestriəl, ondermaansch, aard—, land—; subst. aardbewoner:Terrestrial animal;Terrestrial globe.Terret,terət, de ring waar doorheen de leidsels worden gestoken.Terrible,terib’l, verschrikkelijk, ontzagwekkend, ijselijk, kolossaal; subst.Terribleness.Terrier,teriə, terrier.Terrific,tərifik, schrik- of ontzagwekkend;Terrify,terifai, doen verschrikken, schokken:I wasterrified to death= schrikte me dood.Territorial,teritôriəl, territoriaal; subst. soldaat behoorende bij hetTerritorial Army (Territorial Force)i e. een corps van vrijwilligers, dat in 1908 de oudeVolunteersverving;Territorialize= vergrooten; tot een territory maken (Amer.);Territoried,teritərid, land in eigendom hebbende;Territory,teritəri, gebied, (ookfig.), landstreek, bereik; gebied met minder dan 60.000 inwoners en zonder vertegenwoordiging in het Congres (Amer.).Terror,terə, schrik, ontsteltenis:The King of Terrors= de Dood;The Reign of Terror= het Schrikbewind;I amstruck with terror, terror-struck, terror-stricken= van schrik verpletterd;Terrorism= schrikbewind;Terrorist= lid van het schrikbewind, terrorist;Terrorize,terəraiz, schrik aanjagen, door schrik dwingen.Terry,teri, soort van pluche;Terry-velvet= soort katoenfluweel.Terse,tɐ̂s, beknopt, kort en bondig; subst.Terseness.Tertian,tɐ̂š’n, derdedaagsch:Tertian fever;Tertiary,tɐ̂šəri, tertiair:Tertiary epoch, formation.[569]Tertullian,tɐ̂tɐlj’n, Tertulianus.Terza-rima,tɐ̂tsə-rîmə, tercine;Terzetto,ter-tsətou, terzet (muz.).Tessellar,tesələ, geruit;Tesselated,tesəleitid, geruit, als mozaïek;Tessellation= ruit- of mozaïekwerk;Tessera,tesərə, klein kubusje van marmer, etc. voor mozaïekwerk;Tesseral=Tessellar.Test,test, subst. toets, toetssteen, onderzoek, proef, reagens, oordeel, kroes tot zuiveren van metaal;Testverb. toetsen, beproeven, keuren, onderzoeken, attesteeren:Crucial test= vuurproef (fig.);That’sa fair test= een geschikte opgaaf (bij een examen, b.v.);Toapply a severe testto= aan een streng onderzoek onderwerpen;Toput to the test= op de proef stellen;Tostand the test= de proef doorstaan;Test Act= Eng. wet van 1678–1828, die voor ambtenaren een eed voorschreef waarbij ze betuigden niet Katholiek te zijn;State testedunadulterated liquor= van rijkswege gekeurde, onvervalschte sterke drank;Test-paper= lakmoespapier;Test-tube= reageerbuisje;Test-types= letters om de gezichtsscherpte te keuren;Testable= wat geattesteerd kan worden, in staat een testament te maken of getuigenis af te leggen;Tester= toetser. ZieTester.Testacea,testeišə, schelpdieren;Testacean, subst. schelpdier; adj. tot de schelpdieren behoorende;Testaceous,testeišəs, schaal - -; bruingeel:Testacean animals= schaaldieren.Testament,testəment, testament, verbond:New Testament;Old Testament;Testamental, Testamentary,testəment’l,testəmentəri, testamenteel;Testamur,təsteimə, testimonium;Testate,testit, subst. die een testament gemaakt heeft; adj. een testament nalatend:Todie testate;Testator,testeitə,Testatrix,testeitriks, erflater, erflaatster.Tester,testə, oude shilling (onder Henry VIII); vierkante ledikantshemel, plat klankbord (kansel):Tester-bed= met een hemel. ZieTest.Testicle,testik’l, zaadbal;Testiculate,təstikjulit,Testicular,təstikjulə, gelijk een bal.Testification,testifikeiš’n, getuigenis;Testifier= getuige;Testify,testifai, plechtig verklaren, getuigen, getuigenis afleggen:I shall nevertestify againstyou= tegen u getuigen;Hetestified tomy good conduct= hij gaf getuige van.Testimonial,testimounj’l, subst. getuigschrift, verklaring, attestatie, hulde, huldeblijk; ook adj.:Testimonial dinner= feestmaaltijd ter eere van;Testimonial letter;Testimony,testiməni, getuigenis, betuiging, openbaring, Gods woord:In testimony whereof= ten bewijze waarvan;Tobear testimony= getuigenis afleggen;Tocall in testimony= tot getuige roepen.Testiness,testinəs, subst. v.Testy,testi, eigenzinnig, knorrig, gemelijk, prikkelbaar.Tetchiness,tetšinəs, subst. vanTetchy= knorrig, gemelijk.Tether,tedhə, subst. touw waaraan een grazend dier is gebonden, speelruimte, bevoegdheid;Tetherverb. vastbinden, beperken:Hecame to the end of his tether= zijne middelen waren uitgeput;Togo to the end of one’s tether= zoo ver gaan als men kan;Totether a person by a short rope= iemand kort houden.Tetra,tetrə, (in samenst.), vier:Tetrachord= halve octaaf (vanctotfof vangtotc); viersnarige lier;Tetradactyl(e),tetrədaktil, viervingerig;Tetradiapason,tetrədaiəpeiz’n, viervoudige octaaf;Tetragon,tetrəgon, vierhoek; adj.Tetragonal,tətragən’l;Tetrahedron,tetrəhîdr’n,tetrəhedr’n, regelmatig viervlak;Tetrameter,tətramətə, viervoetige versregel;Tetrapetalous,tetrəpetəlɐs, vierbladig;Tetrapod= vierpootig;Tetrapteran,tətraptər’n, viervleugelig (insect);Tetrapterous,tətraptərɐs, viervleugelig;Tetrarch,tetrâk,tîtrâk, gouverneur van het vierde van een wingewest (Rom.):Tetrarchate,tetrâkit,tîtrâkit,Tetrarchy,tetrâki, grondgebied van een T.;Tetrastich,tetrəstik,tətrastik, vierregelig gedicht.Tetter,tetə, subst. naam voor verschillende huidziekten (Eating tetter= lupus);Tetterverb. eene huidziekte bezorgen.Teuton,tjût’n, iemand v. Teutonischen stam;Teutonic,tjutonik, Teutonisch, Germaansch:Teuton languages= Germaansche talen;Teutonicism,tjutonisizm, Germaansch idioom;Teutonize= germaniseeren.Teviot,tiviət;Tewk(e)sbury,tjûksb’ri;Texan,teks’n;Texas,teksəs;(The) Texel,dhəteks’l.Text,tekst, tekst, onderwerp, inhoud;Textbook= handboek, schoolboek;Text-hand= groot loopend schrift;Textual= volgens den tekst;Textualist= schriftgeleerde, iemand die zich streng aan den tekst houdt.Textile,tekst(a)il, subst. geweven stof; adj. geweven:Textile industry;Texture,tekstjə, het weefsel, structuur.Thackeray,thakər(e)i;Thaddeus,thədîəs,thadiəs;Thaisa,theiizə,thəîzə.Thaler,tâlə, thaler.Thales,theilîz;Thalia,thəlaiə, Thalia:Thalian= komisch;Thaliard,thaliəd.Thames,temz, Theems:He will notset the Thames on fire. ZieFire.T(h)ammuz,t(h)aməz, vierde maand van het Joodsche burgerlijk jaar.Than,dhan, dan (alléén na comparatieven):He is older than I by seven years.Thane,thein, Angelsaksische titel der grootere grondbezitters tot de 12de eeuw;Thanedom;Thane-lands;Thaneship.Thanet,thanət.Thank,thaŋk, subst. dank (thans steeds meervoud);Thankverb. danken, bedanken (dikwijls ironisch):Thanks to thee, I am safe= ik ben veilig, dank zij u;Thanks= ik dank u;No, thanks!= dank u; geen dank;Thanks toyour eagerness= dank zij;Thanks be to God= God zij dank;Togive thanks= danken (na den maaltijd);Toreturn thanks= dank betuigen;No thank you= ik dank u;Thank you, yes= alstublieft;Thank you for nothing= ik zou je danken;Thank Godwe are rid of him= Goddank;Hehas only to thank himself for= ’t is zijn eigen schuld, dat …;I’ll thank you to shut the door= doe alstublieft de deur dicht;I’ll thank you not to do it= gij doet me[570]plezier als gij het laat;I’ll thank you for the potatoes (for a cup of tea)= mag ik alstublieft;Thank-offering= dankoffer;Thanksgiver= bedanker, dankzegger;Thanksgiving= dankzegging (aan God);Thanksgiving-day= dankdag;Thankee= dank u;Thankful= dankbaar; subst.Thankfulness;Thankless= ondankbaar:Thankless task; subst.Thanklessness;Thankworthiness, subst. v.Thankworthy= dankenswaard, verdienstelijk.That,dhat, gene, die, dat; opdat:That is me (I)= dat ben ik;He is a good fellowfor all that= toch een goede vent;And that for this reason= en wel om deze reden;Nothing follows,nothing that is,which is of any real weight= namelijk niets;While his family,his mother that is,were living in D.= zijn moeder namelijk;No human being ever spokelike that= op zoo’n manier;This is horrible,that is= dit is bepaald af grijselijk;Mrs Quilp that is= de tegenwoordige;Mrs Corney that was= de vroegere;He has been here,but what of that? = wat zou dat, bewijst dat;I was the eldest son andnot much of a help at that= en trouwens als zoodanig nog geen groote steun;‘Christmas comes but once a year’, and adds the cynic, ‘once too often at that’ = en dat is trouwens nog één keer te vaak;I send you wordthat you may be prepared= opdat gij voorbereid zijt;It is not that I believe= niet omdat ik geloof;Do tell me,that’s a good girl= dan ben je eene beste meid;That muchis certain= zooveel;I am that sorry= het spijt me zóó!I supposeyou are worth all that= wel zóó rijk;I amtougher than that= daar ben ik te taai voor.Thatch,thatš, subst. dakstroo, dakriet, stroodak, hut;Thatchverb. met stroo of riet dekken;Thatcher= rietdekker.Thaumatrope,thômətroup, thaumatroop;Thaumaturge,thômətɐ̂dž, wonderdoener =Thaumaturgist;Thaumaturgic(al),thômətɐ̂džik(’l), wonderdadig;Thaumaturgy,thômətɐ̂dži, wonderdoenerij.Thaw,thô, subst. dooi;Thawverb. dooien, ontdooien (ookfig.):Silver thaw= ijzel;Thethaw set in= het begon te dooien;It thaws.The,dhə,dhi(vóór een klinker),dhî(met nadruk), de, het:The more the merrier= hoe meer zieltjes hoe meer vreugde;The sooner the better= hoe eerder hoe beter;The moreI see youthe betterI like you= hoe meer ik u zie, hoe meer ik van u houd;The more so,as I do not know him= des te meer omdat;The rather= temeer;So thisthegrand-daughter, is it? = je kleindochter;TheLady Grace Eveleigh= Freule G. E. (meer officieel dan zonder ’t lidwoord);TheDouglasses’ house= der familie D.Theatre,thîətə, theater, schouwburg, toeneel, medische gehoorzaal:Theatre of war= oorlogstooneel;Theatre-goers= bezoekers;Theatrical,thiatrik’l, theatraal:Theatricals= tooneelvertooningen:Private theatricals= liefhebberijtooneel;Theatricality,thîatrikaliti, theatrale manier van doen, vertoon.Theban,thîb’n, subst. en adj. Thebaan(sch):Theban year= 365 d. en 6 u;Thebes,thîbz, Thebe;Thecla,theklə.Thee,dhî, u (object van Thou):They thee and thou each other= spreken elkaar aan met je en jou.Theft,theft, diefstal.Theina,thiainə,Theine,thî-in, theeïne.Their,dhêə, hun, haar;Theirs= van hen, van haar:These books are theirs= zijn de hunne.Theism,thîizm, theïsme;Theist; adj.Theistic(al).Them,dhem, hen, haar (object van They);Themselves,dh’mselvz, zich zelven, zij zelven.Thematic,thimatik, thematisch;Theme,thîm, onderwerp, thema, stam, (gram.).Themis,thîmis, Themis.Then,dhen, adj. toenmalig; adv. en conj. toen, dan, later, alsdan, daarom, diensvolgens, derhalve:The then measureswere insufficient= toen genomen;You might have had a bad fall then= daar had je leelijk kunnen vallen;What did he say then?= wat zei hij daar toch;Did he laugh at you?Then he ought not= maar dat moest hij niet;I hear his footstep,then he is back= dus is hij terug;I think, then I exist= ik denk, dus besta ik;By then= tegen dien tijd;On then!= vooruit!If he sees us,what then? = wat zou dat, wat hindert dat;Now and then= nu en dan;Every now and then= telkens;Now then,what can you say to the contrary? = welnu;Then and there= onmiddellijk, op staanden voet;Till then= tot dien tijd, tot zoolang;Not until then= eerst toen;Thence, vandaar, derhalve:From then= van uit die plaats;Thenforth,dhensföth,Thenforward,dhensföwəd, van dien tijd af aan.Theobald,thîəbôld.Theocracy,thiokrəsi, theocratie;Theocrat;Theocratic(al)= theocratisch;Theodicy,thiodisi, theodicee.Theodora,thîədôrə;Theodore,thîədö.Theogony,thiogəni, theogonie;Theologian,thiəloudž’n, godgeleerde;Theologic(al),thîəlodžik(’l), theologisch:The theological virtues are:Faith, Hope and Charity= de goddelijke deugden zijn: Geloof, Hoop en Liefde;Theologize,thiolədžaiz, theologiseeren;Theology,thiolədži, theologie:Natural theology= de kennis Gods uit Zijne werken.Theophilus.thiofilɐs.Theorbo,thiöbou, theorbe, groote basluit.Theorem,thîər’m, theorema; adj.Theorematic(al).Theoretic(al),thîəretik(’l), theoretisch;Theoretics= het theoretisch gedeelte eener wetenschap;Theorist,thîərist, theoreticus;Theorize= theoretiseeren:Theorizer;Theory,thîəri, theorie:His practice falls short of his theory= zijne praktijk haalt niet bij zijne theorie.Theosophy,thiosəfi, theosophie.Therapeutic(al),therəpjûtik(’l), therapeutisch;Therapeutics= therapie.There,dhêa, daar, er:When did he leave there= wanneer is hij vandaar vertrokken;You are right (wrong) there= daar hebt ge gelijk (ongelijk) aan;Here[571]and there= hier en daar;Then and there= op dat zelfde oogenblik (=There and then);I am all there= ik weet drommels goed wat ik doe;There you are!= klaar is ’t; alstublieft;There is a horse for you= dat is nog eens een paard!I am no match for you there= in dat opzicht kan ik niet tegen u op;You have got a tile off and arenot all there= je bent niet recht bij het hoofd, en weet niet wat je doet;That to me is everything!So there!= nu weet je het; en daarmede basta!Stop, there’s a good fellow= dan ben je een beste;Thereabout(s)= daaromtrent:A guilder or thereabouts= een gulden of daaromtrent;Thereafter= daarna, volgens dat, daarnaar;Thereanent= met betrekking tot dat punt;Thereat= daar, om die reden, bovendien:He is poorand a fool thereat= en een dwaas op den koop toe;Thereby= daarnevens, daardoor, diensvolgens, daaromtrent;Therefor= hiervoor;Therefore= daarom, daarvoor, met dat doel;Therefrom= daarvan, daaruit;Therein= daarin, hierin;Thereinto= daarin;Thereof,dhêrov, hier- of daarvan;Thereon= hier- of daarop, er op;Thereout= daaruit;Thereto= daar- of hiertoe, buiten en behalve;Thereunder= daaronder;Thereunto= daartoe;Thereupon= hier- of daarop, ten gevolge daarvan, dadelijk;Therewith= daarmede, onmiddellijk;Therewithal,dhêəwidhôl, daarbij, terzelfdertijd, daarenboven.Theresa,tərîsə, Therese.Thermae,thɐ̂mî, heete bronnen of baden; adj.Thermal:Thermal waters,Thermal springs;Thermal unit= warmte-eenheid.Thermit,thɐ̂mit, thermiet.Thermometer,thɐ̂mometə, thermometer:Aclinical thermometer.Thermopylae,thɐ̂mopilî, de Thermopylen.Thermoscope,thɐ̂məskoup, thermoscoop;Thermostat,thɐ̂məstat, thermostaat.Thersites,thɐ̂saitîz.Thesaurus,thisôrəs, woordenschat (boek).These,dhîz(meerv. vanThis), deze.Thesis,thîsis, thesis, stelling (Mv.Theses,thîsîz,thesîz):Thesis for the degree of M. D.= medische dissertatie.Thespian,thespiən, Thespisch; subst. tooneelspeler.Thessalian,thəseilj’n, Thessaalsch; Thessaliër;Thessaly,thesəli, Thessalië.Thetis,thîtis.Thews,thjûz, spierkracht, spieren;Thewy= gespierd.They,dhei, zij, degenen:They say= men zegt.Thibet,tibət,tibet.Thick,thik, subst. dikke gedeelte, heetst (van den strijd), dikte; adj. dik, dicht, troebel, mistig, onduidelijk, opeengedrongen, snel, overvloedig, intiem;Thickverb. verdikken:He issuch a thick= zoo’n domkop;He wasin the thick ofthe fight;Toback through thick and thin= meegaan door dik en dun (fig.);This isa bit too thick= te kras;They areas thick as peas in a shell= zeer overvloedig; zijn vrienden als olifanten;They areas thick as thieves together= het zijn twee handen op één buik, zij spelen onder één hoedje;His blows came downas thick as hail= zoo snel en hard als hagelsteenen;Tobe(Tobecome,Toget)thick with= intiem zijn (worden) met;Tolay it on thick= overdrijven, er dik op leggen;I amthick of hearing= hardhoorig;Thick of sight= met slecht gezicht;Thick of speech= slecht bespraakt;A thick one= goudstuk;Athick pronunciation= onduidelijke;A thick-and-thin supporterof the government= iemand die door dik en dun meegaat;Thick-grown= dicht;Thickhead= dik- of domkop;Thick-headed= dom, stomp;Thick-leaved;Thick-legged;Thick-lipped;Thick-nosed;Thick-planted;Thick-ribbed= met krachtige ribben;Thick-set= dicht beplant, rijk aan; kort en sterk (dik); subst. dichte heg, een gestreepte stof;Thick-side= dikhuid(ig):Histhick-side patience= olifantachtig geduld;Thick-skin= ongelikte beer, vlegel, domkop;Thick-skull= domkop;Thicken= verdikken, vermeerderen, verduisteren:The crowd thicks= het gedrang neemt toe;The plot thicks= de verwikkeling neemt toe.Thicket,thikət, boschje.Thickish,thikiš, ietwat dik.Thief,thîf, dief:A thief was in the candle= er was een dief aan de kaars;Stop thief!= houdt den dief;Set a thief to catch a thief;Thief-catcher= dievenvanger;Thieves’ Latin= dieventaal.Thieve,thîv, stelen;Thievery= het stelen, dieverij;Thievish= diefachtig, steelswijze, sluiksch; subst.Thievishness.Thigh,thai, dij;Thigh-bone= dijbeen.Thill,thil, lamoen;Thill-horse= lamoenpaard =Thiller.Thimble,thimb’l, vingerhoed, kous (ring);Thimble-berry= soort braambes;Thimble-case= foudraal;Thimble-rig,Thimble-rigger= bedrieger, die laat wedden onder welk van drie bekertjes een balletje door hem is gestopt; ook verb.;Thimbleful= vingerhoedvol.Thin,thin, dun, licht, slap, zwak, mager, dunnetjes, flauw, gering; ledig, doorzichtig;Thinverb. verdunnen, ijler maken, dunnen, afnemen, uitverkoopen:His disguise was very thin= erg doorzichtig;This month’s number isa little thin= is vrij dunnetjes;Toget (grow) thin= mager worden;Thin diet= magere kost;Thin streets= ledige straten;The strata werethinning out and away= werden langzamerhand dunner en verdwenen eindelijk geheel;Thin-faced= met een smal en schraal gezicht;Thin-leaved;Thin-lipped;Thin-skinned= met fijne huid; overgevoelig, prikkelbaar;Thin-sown;Thin-spun; subst.Thinness.Thine,dhain, van u, het of de uwe.Thing,thiŋ, ding, zaak, iets, persoontje, verhaal, lied (Things= dingen, zaken, goed, spullen):He isa thing of nothing= een kerel van niets;That’sa thing of naught (nothing)= niets waard;She isn’tquite the thing= niet recht wel;That’sthe (very) thing= moet ik net hebben, zoo is het precies;Neither one thing nor another= geen visch en geen vleesch;When things are the worst they will sometimes mend= als de nood op het hoogst is, is de hulp[572]nabij;Things past may be repented but not recalled= gedane zaken nemen geen keer;As things stand= zooals de zaken staan;Itcomes all to the same thing= komt alles op hetzelfde neer;Youhave got the wrong thing= het verkeerde;Heknows (is up to) a thing or two= hij is slim, goed op de hoogte;He made a tidy (good) thing of it= hij sloeg er een slaatje uit;I like himabove all things= bovenal;It wasquite in the nature of things= het sprak (volgde) vanzelf, lag in den aard der zaak, in de rede.Thingummy,thingəmi, Dinges, dingsigheidje, goedje:His name washeld up to thingummy= aan de verachting prijs gegeven;Theirpink silk thingummies= hunne rose zijden japonnetjes.Think,thiŋk, denken, vinden, meenen, oordeelen, bedoelen, onderstellen, achten:Only think= denk eens aan;To think= als men bedenkt;I should think not indeed= dat moest er nog bijkomen;I should think so= dat zou ik denken;Tothink abouta thing= ergens over denken;More than youthink for= dan ge verwacht;What do youthink ofhim? = wat denkt ge van hem;Now that I come tothink ofit= nu ik mij eens goed bezin;I havethought better ofit= mij bedacht;Hethinks much ofyou= schat u hoog, heeft een hoog idee van u;Tothink on (over)= nadenken over;No,thought I to myself= dacht ik bij mezelf;Ithink with youthere= dat ben ik met u eens;Methinks= mij dunkt (verouderend);Thinkable= denkbaar;Thinker= denker;Thinking:To my thinkingyou might have profited more by it= mijns inziens;He is of my way of thinking= ’t met mij eens.Thionville,tîənvil, Diedenhoven.Third,thɐ̂d, subst. en adj. derde (deel), terts, tertia wissel; (Thirds= het derde van de bezittingen van den overleden man, waarvan de weduwe het vruchtgebruik heeft):The Third Estate= de burgerij;Third-class;Third-rate= 3de rangs;Thirdly= ten derde;Thirdsman= scheidsman.Thirl,thɐ̂l, doorboren, perforeeren.Thirst,thɐ̂st, subst. dorst (ookfig.);Thirstverb. dorsten, vurig verlangen:His (the)thirst afterwealth and honour= zijn dorst naar;Athirst(ing) forpower= een haken naar;My throat isparched with thirst= is droog, ik versmacht van dorst;Thirstiness, subst. v.Thirsty= dorstig, droog, versmachtend:I am thirsty= ik heb dorst.Thirteen,thɐ̂tîn, subst. en adj. dertien(tal);Thirteenth, subst. en adj. dertiende (deel);Thirtieth,thɐ̂tiəth, subst. en adj. dertigste (deel);Thirty,thɐ̂ti, subst. en adj.dertig(tal):The Thirty Years’ War= Dertigjarige Oorlog.

Techy,tetši, knorrig, gemelijk, lichtgeraakt.

Tectrices,tektrisîz, dekveeren.

Ted,ted, keeren (van gemaaid gras);Tedder= machine om het pas gemaaide gras te keeren.

Teddy,tedi:Teddy Bear= beertje (kinderspeelgoed).

Te Deum,tîdîəm, Te-Deum.

Tedious,tîdjəs, vervelend, saai, verdrietig, lastig; subst.Tediousness=Tedium,tîdj’m.

Tee,tî, doel, aardhoopje, vanwaar de bal geslagen wordt bij hetGolfspel; doel waarnaarquoitsofcurling-stonesworden geworpen;Teeverb. den bal daar van af slaan.

Teem,tîm, zwanger zijn van, werpen, zich voortplanten, vol zijn, overvloed hebben van:This part of the countryteems withgold= bevat veel goud.

Teens,tînz, de jaren v. dertien tot negentien:In her teens= beneden twintig (maar minstens twaalf);Out of her teens= boven de negentien;Since his middle teens= sedert zijn 14de, 15de jaar.

Teeter,tîtə, wippen (Am.).

Teeth,tîth, Meerv. vanTooth= tand;Teethverb. (tîdh) = tanden krijgen:From one’s teeth= niet van harte;In the teeth ofthe westerly gale= vlak tegen in;He did itin the teeth ofopposition= trots allen tegenstand;In the teeth of the doctor’s prohibition= geheel in tegen;Hecast those reproaches in my teeth= wierp mij voor de voeten;Heescaped by the skin of his teeth= ontsnapte ternauwernood (Job. XIX, 30);Teeth-drawing(fig.) = bellen moeren;Teething,tîdhiŋ, het tanden krijgen.

Teetotal,tîtout’l, onthoudend:Teetotal drinks= alcoholvrije;Teetotalism= geheelonthouding;Teetotaller= geheelonthouder.

Teetotum,tîtout’m, A-al tolletje:Tospin a teetotum.

Tegument,tegjument, omhulsel, huid, zaadhuid, vleugeldeksel; adj.Tegumentary.

Tehee,tîhî, subst. gegichel;Teheeverb. gichelen; interj. hihi.[566]

Teheran,tehərân;Teignmouth,teinməth,tînməth.

Teil,tîl, lindeboom (=Teil-tree).

Teind,tînd=Tithe(Schotl.).

Teith,tîth;Telamon,teləm’n, mannenfiguur als zuil, At as.

Teledu,telədû, Javaansche bunzing.

Telegram,teləgram, telegram; adj.Telegrammic;Telegraph,teləgraf, subst. telegraaf;Telegraphverb. telegrafeeren, seinen:Telegraph-cable;Telegraph-operator=Telegrapher,təlegrəfə,teləgrafə, telegrafist;Telegraphic,teləgrafik, telegrafisch:Telegraphic address= telegramadres;Telegraphist,təlegrəfist,teləgrafist, telegrafist(e);Telegraphy,təlegrefi,teləgrafi, telegraphie.

Telemachus,təleməkɐs.

Teleological,teliəlodžik’l,tîliəlodžik’l, teleologisch;Teleology,teliolədži,tîliolədži, teleologie.

Telepathic,teləpathik, telepathisch:Card-guessing, bank-note-finding and the various other forms oftelepathic hide and seek;Telepathy,təlepəthi,teləpathi, telepathie.

Telepheme,teləfîm, telephonisch bericht;Telephone,teləfoun, subst. telephoon;Telephoneverb. telephoneeren;Telephonic= telephonisch;Telephonist,təlefənist,teləfounist, telephonist(e);Telephony,təlefəni,teləfouni, telephonie.

Telescope,teləskoup, subst. telescoop, verrekijker; soort van langwerpige spiraalschelp;Telescopeverb. in elkander schuiven, zooals een telescoop:The book tries to be an encyclopaedia,telescoped intoa dictionary= in een woordenboek saamgevat;The first and the second carriage weretelescoped (into each other)= werden in elkander geschoven;Telescope-table= uittrektafeltje;Telescopic(al),teləskojpik(’l), telescopisch, in- en uitschuifbaar.

Telesia,təlîžə, varieteit van saffier.

Tell,tell, vertellen, mededeelen, melden, berichten, bevelen, optellen, onderscheiden, uitwerking hebben, indruk maken, klikken:Ican tell= ik kan je verzekeren;Who can tell?= wie weet;Never tell me= maak me niet wijs;Can youtell the clockyet? = kun je al op de klok kijken;I had my fortune toldby an old gipsy= liet me waarzeggen;Don’ttell stories (fibs)= jok nu niet;Every shot told= was raak;He never preached“I told you so” = hij zanikte nooit van “Dat heb ik je wel gezegd”;They numbered 100 all told= met hun allen;Thattells againstyou= pleit tegen je;You cantell this wine from vinegaronly by the label= slechts onderscheiden van;It is difficult totell good paste from diamonds= simili van diamant te onderscheiden;Thattells forsomething= dat is lang niet mis, telt mee;You cantell them offby hundreds= aanwijzen bij honderden;One of the clerks was alwaystold offto sleep in the house= werd aangewezen;I shalltellthe priestsonyou= u verklappen aan;The heavy work hastold onhis constitution= zijn gestel aangegrepen;His troubles have told on him= hem erg aangegrepen;The speechtold onthe hearers= maakte indruk;Totell out= uittellen;Told out= op, blut;This told with him= dit hielp (bij hem);Tell-tale, subst. babbelaar, verklikker, klikspaan; adj. babbelziek, lasterend, verraderlijk;They are tellable on the fingers= die kan je op de vingers tellen;Teller= verteller, teller, stemopnemer, klerk in een bank die met de klanten rekent; harde slag. ZieTelling.

Tellina,təlainə, platschelpen.

Telling,teliŋ:With telling effect= met goed gevolg, krachtige uitwerking;Atelling phrase= kernachtig;Atelling speech= een rede, die pakt;That’s telling(s)= dat mag ik niet zeggen.

Tellurian,təl(j)ûriən, aardsch —; bewoner der aarde;Telluric= tellurisch;Tellurion,təl(j)ûriən, tellurium;Tellurium,təl(j)ûriəm, tellurium (Chemie).

Telotype,telətaip, druktelegraaf.

Telpher,telfə, subst. inrichting voor electrisch kabelvervoer; adj. behoorende totTelpherage,telfəridž, vervoer door electriciteit;Telpher-line= electr. kabelspoorlijn.

Temerity,təmeriti, vermetelheid, roekeloosheid.

Temper,tempə, subst. aard, natuur, temperament, humeur, gemoed, prikkelbaarheid, opvliegendheid, hardheid (v. metaal);Temperverb. matigen, regelen, verzachten, doen bedaren, temperen, harden:Equal, Even temper= gelijkmatig humeur;Hot temper= drift;The temper of the nation= stemming;Your friend isnot a good(isa horrid)temper= heeft geen gemakkelijk (een vreeselijk) humeur;Hekept his temperbetter than we had supposed= bleef bedaarder;Helost his temper= raakte uit zijn humeur, verloor zijn geduld;He wasin a black temper= verschrikkelijk slecht gehumeurd;What a temper you are in!= hè, wat ben jij knorrig;You mustkeep him in temper= hem in zijn humeur houden;He wasout of temper this morning= uit zijn humeur;Temperament= gestel, geaardheid, temperament;Temperance= matigheid, gematigdheid, onthouding:Temperance-bar= koffiehuis voor onthouders;Temperance-meeting;Temperance-society= matigheids- of afschaffersgenootschap;Temperate,tempərit, bedaard, kalm, gematigd:Temperate zone= gematigde luchtstreek; subst.Temperateness;Temperature,tempərətjə, temperatuur:Totake one’s temperature= opnemen;Tempered:Good-, Ill-tempered;Even-tempered= van gelijkmatig humeur;Quick-tempered= opvliegend;Asweet-temperedgirl= zacht.

Tempest,tempəst, hevige storm, orkaan, zwaar weer:Tempest-beaten= door de stormen gebeukt;Tempest-tossed= door de stormen geslingerd;Tempestuous,tempestjuəs, stormachtig, hevig; subst.Tempestuousness.

Templar,templə, tempelier; student in de rechten, advocaat of jurist:Order of “Good Templars”= vereeniging tot het verleenen van wederzijdschen steun bij ouderdom, etc.

Temple,temp’l, tempel, godshuis, slaap (van het hoofd):Inner-temple, Middle-temple(Londensche colleges voor opleiding van juristen).

Templet,templət, schabloon, vormhout.[567]

Tempo,tempou, tempo, maat (Meerv.Tempi).

Temporal,tempər’l, tijdelijk, tijds - -, wereldlijk; slaap - -:Temporal bone= slaapbeen;Temporal Lords= wereldlijke, ter onderscheiding v. geestelijke,pairsvan Engeland;Temporality= tijdelijk of wereldlijk bezit;Temporalities= temporaliën, inkomsten der geestelijken uit land, tienden, enz.;Temporariness, subst. v.Temporary= tijdelijk, niet duurzaam;Temporize,tempəraiz, zich naar de omstandigheden schikken, den gunstigen tijd afwachten, trachten tijd te winnen:Temporizer= iemand die met de wolven meehuilt, de huik naar den wind hangt, etc.

Tem(p)se,tems, zeef, vergiet(test);Tem(p)se-bread= brood van fijngebuild meel.

Tempt,tem(p)t, verleiden, verlokken, in verzoeking brengen:Hetempted me intogiving up my plan= verlokte mij;Temptable= te verlokken;Temptation,tem(p)teiš’n, verlokking, verzoeking, aanvechting:Tolead into temptation;Heyielded to temptation= bezweek voor;Tempter= verleider:The Tempter= de duivel;Tempting= verleidelijk; subst.Temptingness;Temptress= verleidster.

Ten,ten, tien:There were ten of them=They were ten= ze waren met hun tienen;The ten Tribes= tien stammen Israëls;Nine in ten= negen van de tien;Ten to one= tien tegen een;Tenfold= tienvoudig;Ten-pin= kegel:Ten-pin alley= kegelbaan (Amer.);Ten-spot= een tien (kaartspel);Hemade many ten-strikes= gooide dikwijls alle tien;Ten-seater= fiets voor tien;Tenner= bankbiljet van 10 £;Tenth= tiende (deel).

Tenability,tenəbiliti, subst. v.Tenable,tenəb’l, houdbaar, verdedigbaar:The scholarship istenable forone year= de beurs geldt voor; subst.Tenableness.

Tenace,tenis, de “fourchette” (de hoogste en op twee na de hoogste kaart) in handen van den vierden speler (Whist);Tenace-minor= kleine “fourchette” (de hoogste en op drie na de hoogste kaart).

Tenacious,təneišəs, vasthoudend, sterk, hardnekkig, kleverig, taai:He has gota tenacious memory= sterk geheugen;He istenacious ofwhatever he gets= houdt vast;Tobe tenacious of life= taai zijn;Tenaciousness=Tenacity,tənasiti, vasthoudendheid, kleverigheid, getrouwheid.

Tenail(le),təneil, tangwerk ter dekking v. een courtine (Vestingb.);Tenaillon,təneiljon, klein tangwerk.

Tenancy,ten’nsi, subst. huur, pacht;Tenant,subst. huurder, pachter, bewoner;Tenantverb. in pacht of huur hebben, bewonen:Tenant at will= opzegbare huurder;Tenant for life;Tenant in capite,Tenant in chief= huurder direct van de kroon;Tenant in tail= houder van een pachthoeve, die bij versterf op bepaalde erfgenamen (in pacht) overgaat;Tenantable= geschikt om ge- of verhuurd te worden, bewoonbaar; subst.Tenantableness;Tenantless= onverhuurd, leeg;Tenantry= de gezamenlijke pachters of huurders.

Tench,tenš, muithond, zeelt.

Tend,tend, bewaken, verzorgen, letten op, denken om; strekken, streven, zich richten; bijdragen, om het anker zwaaien:That way instruction ought to tend= dien kant moet het onderwijs uit;Tendency= strekking, neiging, aanleg voor.

Tender,tendə, aanbod, offerte, inschrijving; betaalmiddel (Legal tender);Tenderverb. aanbieden, inschrijven:Hemade a tenderof his friendship, services= bood aan;Private tender= onderhandsche inschrijving;Tolet by public tender= publiek uitbesteden;Totender cordial thanks= hartelijk dank zeggen;Totender for the dredging of a harbour= inschrijven op;Totender and contract for= aannemen (v. een werk).

Tender,tendə, teeder, zwak, zacht, malsch, teergevoelig, vriendelijk, zorgvuldig;Tenderverb. zacht maken, hoogschatten:At a tender age= op jeugdigen leeftijd;The tender passion(s)= de liefde;He was stilltender ofher, though she had betrayed him= hij hield nog van haar;Tender-foot= gevoelige voet; nieuweling (Australië);Tender-hearted= teergevoelig; subst.Tender-heartedness;Tender-loin= filet;Tender-minded= teerhartig;Tenderling= vertroetelde lieveling; een van de eerste hoorns van een hert;Tenderness= teederheid, vriendelijkheid, bezorgdheid voor (metof).

Tender,tendə, tender (v. een locomotief), (sleep)bootje, oppasser.

Tendon,tend’n, pees:Tendon of Achilles.

Tendril,tendril, rank (van klimplanten).

Tenebrae,tenəbrî, donkere metten, die op Woensd., Donderd. en Vrijdag van de week vóór Paschen tegen den avond gezongen worden;Tenebrosity= duisternis;Tenebrous= duister.

Tenement,tenəment, woning, huis, stel vertrekken door één gezin bewoond, pachthoeve;Tenement-house= huis, dat bij gedeelten aan verschillende gezinnen verhuurd wordt;Tenemental,tenəment’l, verpacht of verhuurbaar, huur … =Tenementary,tenəmentəri.

Tenerife,tenərif.

Tenet,tenət, leerstuk, beginsel.

Tennessee,tenəsî.

Tennis,tenis, tennis;Tennis-ball;Tennis-court= tennisbaan;Tennis-net;Tennis-racket.

Tennyson,tenis’n.

Tenon,tenən, subst. pen, pin, tap, neut ter verbinding;Tenonverb. met eentenonverbinden.

Tenor,tenə, subst. gang, loop, richting, inhoud, geest, wezen, afschrift, tenor, altviool:Thetenor of this man’s life= de richting van zijn leven;Thetenor of this work= bedoeling of hoofdgedachte:The even tenor ofthe session was never ruffled= de gelijkmatige gang.

Tense,tens, tijd (gramm.).

Tense,tens, streng. strak, gespannen; subst.Tenseness;Tensibility= rekbaarheid; adj.Tensible;Tensile,tens(a)il, rekbaar, spannings - -:Tensile force= spankracht;Tension,tenš’n, spanning, gespannenheid, spankracht, groote inspanning;Tensive, spannend;Tensor,tensə, spanspier.

Tent,tent, subst. tent, kap, overtrek, wiek[568](om eene wond open te houden), donkerroode Spaansche wijn;Tentverb. van tenten voorzien, tenten opslaan, onder tenten wonen; sondeeren, peilen of openhouden van eene wond;Tent-bed= ledikant met hemel;Tent-cloth;Tent-maker= tentenmaker;Tent-pin;Tent-pole;Tent-rope.

Tentacle,tentək’l, zuig- of tastorgaan;Tentacular,tentakjulə, zuig …, tast …;Tentaculate(d),tentakjulit(-eitid), van zuigorganen voorzien.

Tentative,tentətiv, subst. proeve, proef, poging; adj. pogend, beproevend.

Tenter,tentə, subst. spanraam, spanhaak, voeldraad;Tenterverb. opspannen, rekken:Tobe on the tenter(s)= op heete kolen zitten;Tokeep on the tenter(s)= in angstige spanning houden;Tenter-ground= plaats voor het stellen van spanramen;Tenter-hook= spanhaak:We areon (the) tenter-hooks=on the tenter(s).

Tenuifolius,tenjuifouljəs, met fijne en smalle bladen;Tenuity,tənjûiti, fijnheid, dunheid, ijlheid;Tenuous,tenjuəs, dun, ijl, fijn, klein.

Tenure,tenjə, eigendomsrecht, leendiensten, bezit:Tenure of life= levenstijd;Tenure of office= diensttijd.

Tepefaction,tepifakš’n, matige verwarming;Tepefy= matig verwarmen, lauw worden;Tepid,tepid, lauw; subst.Tepidity=Tepidness.

Teraph,terəf(mv.Teraphim), huisgod der oude Israëlieten.

Terce,tɐ̂s, ± 190,830 L. (wijn, brandewijn, azijn, olie, etc.) ook ± 158,963 L.; ± 137,892 of ± 152,407 K.G. (vleesch voor schepen);Terce-major= de drie hoogste kaarten.

Tercel(et),tɐ̂səl(et), mannetjesvalk.

Tercentenary,tɐ̂sentənəri, subst. en adj. driehonderdjarige (gedenkdag).

Tercet,tɐ̂set, drieregelig gedichtje.

Terebinth,terəbinth, terpentijnboom:Oil of Terebinth= terpentijnolie;Terebinthine,terəbinthin, terpentijn .…

Teredine,terədin,Teredo,tərîdou, paalworm.

Tergiversate,tɐ̂dživəseit, uitvluchten zoeken, draaien;Tergiversation, draaierij, uitvlucht, afvalligheid.

Term,tɐ̂m, subst. grens, beperking, termijn, vervaldag, betaaldag, collegetijd, berechtingstijd, lid, uitdrukking, bewoording (In plain terms);Terms= voorwaarden, condities, honorarium, prijs, schoolgeld; stonden (med.);Termverb. noemen, benoemen, uitdrukken:A naval term= zeemansuitdrukking;Tobring to terms= tot toegeven noodzaken;Couldn’t youcome to terms? = het eens worden;Why don’t youexpress yourself in more definite terms= niet juister;Igot on termswith him= kwam op goeden voet;Theymarried on equal terms= in gemeenschap van goederen;Tobe on even terms= gelijk staan;Tobeon good terms= goed met elkaar;They areon intimate terms, terms of intimacy= zeer intiem met elkaar, op intiemen voet;To beon poor terms= niet al te best met elkaar;What are your terms?= wat vraagt u daarvoor?Term of life (of a person’s natural life) = levensduur;Term of office= diensttijd;Term of payment= betalingstermijn.

Termagant,tɐ̂məg’nt, subst. helleveeg; adj. kijfachtig.

Terminable,tɐ̂minəb’l, begrensbaar; subst.Terminableableness;Terminal, subst. einde, grens, uiterste; adj. eindigend, begrenzend:Terminal station= kopstation;Terminate,tɐ̂minit, begrensd, beperkt;Terminateverb.tɐ̂mineit, begrenzen, eindigen, een einde maken aan:I shall soonbe terminated withyou= tusschen ons beiden zal het gauw uit zijn;Termination= grens, einde, begrenzing:Todraw to a termination= ten einde loopen;Terminative= begrenzend, uitsluitend;Terminology, terminologie;Terminus= grenssteen, eindstation.

Termite,tɐ̂mait, witte mier.

Ternary,tɐ̂nəri, subst. drietal, groep van drie; adj. van of bij drieën, drietallig.

Terpsichore,tɐ̂pksikərî, Terpsichore;Terpsichorean,tɐ̂psikərîən, dans —.

Terra,terə, de aarde:Terra del Fuego,terədelfjûgou, Vuurland;Terra alba= pijpaarde;Terra-cotta= terracotta;Terra firma= vaste grond;Terra incognita= onbekend land.

Terrace,teris, subst. terras, plat dak;Terraceverb. tot terrassen vormen.

Terrapin,terəpin, moerasschildpad (Amer.).

Terraqueous,təreikwiəs,tərakwiəs, uit land en water bestaande.

Terrestrial,tərestriəl, ondermaansch, aard—, land—; subst. aardbewoner:Terrestrial animal;Terrestrial globe.

Terret,terət, de ring waar doorheen de leidsels worden gestoken.

Terrible,terib’l, verschrikkelijk, ontzagwekkend, ijselijk, kolossaal; subst.Terribleness.

Terrier,teriə, terrier.

Terrific,tərifik, schrik- of ontzagwekkend;Terrify,terifai, doen verschrikken, schokken:I wasterrified to death= schrikte me dood.

Territorial,teritôriəl, territoriaal; subst. soldaat behoorende bij hetTerritorial Army (Territorial Force)i e. een corps van vrijwilligers, dat in 1908 de oudeVolunteersverving;Territorialize= vergrooten; tot een territory maken (Amer.);Territoried,teritərid, land in eigendom hebbende;Territory,teritəri, gebied, (ookfig.), landstreek, bereik; gebied met minder dan 60.000 inwoners en zonder vertegenwoordiging in het Congres (Amer.).

Terror,terə, schrik, ontsteltenis:The King of Terrors= de Dood;The Reign of Terror= het Schrikbewind;I amstruck with terror, terror-struck, terror-stricken= van schrik verpletterd;Terrorism= schrikbewind;Terrorist= lid van het schrikbewind, terrorist;Terrorize,terəraiz, schrik aanjagen, door schrik dwingen.

Terry,teri, soort van pluche;Terry-velvet= soort katoenfluweel.

Terse,tɐ̂s, beknopt, kort en bondig; subst.Terseness.

Tertian,tɐ̂š’n, derdedaagsch:Tertian fever;Tertiary,tɐ̂šəri, tertiair:Tertiary epoch, formation.[569]

Tertullian,tɐ̂tɐlj’n, Tertulianus.

Terza-rima,tɐ̂tsə-rîmə, tercine;Terzetto,ter-tsətou, terzet (muz.).

Tessellar,tesələ, geruit;Tesselated,tesəleitid, geruit, als mozaïek;Tessellation= ruit- of mozaïekwerk;Tessera,tesərə, klein kubusje van marmer, etc. voor mozaïekwerk;Tesseral=Tessellar.

Test,test, subst. toets, toetssteen, onderzoek, proef, reagens, oordeel, kroes tot zuiveren van metaal;Testverb. toetsen, beproeven, keuren, onderzoeken, attesteeren:Crucial test= vuurproef (fig.);That’sa fair test= een geschikte opgaaf (bij een examen, b.v.);Toapply a severe testto= aan een streng onderzoek onderwerpen;Toput to the test= op de proef stellen;Tostand the test= de proef doorstaan;Test Act= Eng. wet van 1678–1828, die voor ambtenaren een eed voorschreef waarbij ze betuigden niet Katholiek te zijn;State testedunadulterated liquor= van rijkswege gekeurde, onvervalschte sterke drank;Test-paper= lakmoespapier;Test-tube= reageerbuisje;Test-types= letters om de gezichtsscherpte te keuren;Testable= wat geattesteerd kan worden, in staat een testament te maken of getuigenis af te leggen;Tester= toetser. ZieTester.

Testacea,testeišə, schelpdieren;Testacean, subst. schelpdier; adj. tot de schelpdieren behoorende;Testaceous,testeišəs, schaal - -; bruingeel:Testacean animals= schaaldieren.

Testament,testəment, testament, verbond:New Testament;Old Testament;Testamental, Testamentary,testəment’l,testəmentəri, testamenteel;Testamur,təsteimə, testimonium;Testate,testit, subst. die een testament gemaakt heeft; adj. een testament nalatend:Todie testate;Testator,testeitə,Testatrix,testeitriks, erflater, erflaatster.

Tester,testə, oude shilling (onder Henry VIII); vierkante ledikantshemel, plat klankbord (kansel):Tester-bed= met een hemel. ZieTest.

Testicle,testik’l, zaadbal;Testiculate,təstikjulit,Testicular,təstikjulə, gelijk een bal.

Testification,testifikeiš’n, getuigenis;Testifier= getuige;Testify,testifai, plechtig verklaren, getuigen, getuigenis afleggen:I shall nevertestify againstyou= tegen u getuigen;Hetestified tomy good conduct= hij gaf getuige van.

Testimonial,testimounj’l, subst. getuigschrift, verklaring, attestatie, hulde, huldeblijk; ook adj.:Testimonial dinner= feestmaaltijd ter eere van;Testimonial letter;Testimony,testiməni, getuigenis, betuiging, openbaring, Gods woord:In testimony whereof= ten bewijze waarvan;Tobear testimony= getuigenis afleggen;Tocall in testimony= tot getuige roepen.

Testiness,testinəs, subst. v.Testy,testi, eigenzinnig, knorrig, gemelijk, prikkelbaar.

Tetchiness,tetšinəs, subst. vanTetchy= knorrig, gemelijk.

Tether,tedhə, subst. touw waaraan een grazend dier is gebonden, speelruimte, bevoegdheid;Tetherverb. vastbinden, beperken:Hecame to the end of his tether= zijne middelen waren uitgeput;Togo to the end of one’s tether= zoo ver gaan als men kan;Totether a person by a short rope= iemand kort houden.

Tetra,tetrə, (in samenst.), vier:Tetrachord= halve octaaf (vanctotfof vangtotc); viersnarige lier;Tetradactyl(e),tetrədaktil, viervingerig;Tetradiapason,tetrədaiəpeiz’n, viervoudige octaaf;Tetragon,tetrəgon, vierhoek; adj.Tetragonal,tətragən’l;Tetrahedron,tetrəhîdr’n,tetrəhedr’n, regelmatig viervlak;Tetrameter,tətramətə, viervoetige versregel;Tetrapetalous,tetrəpetəlɐs, vierbladig;Tetrapod= vierpootig;Tetrapteran,tətraptər’n, viervleugelig (insect);Tetrapterous,tətraptərɐs, viervleugelig;Tetrarch,tetrâk,tîtrâk, gouverneur van het vierde van een wingewest (Rom.):Tetrarchate,tetrâkit,tîtrâkit,Tetrarchy,tetrâki, grondgebied van een T.;Tetrastich,tetrəstik,tətrastik, vierregelig gedicht.

Tetter,tetə, subst. naam voor verschillende huidziekten (Eating tetter= lupus);Tetterverb. eene huidziekte bezorgen.

Teuton,tjût’n, iemand v. Teutonischen stam;Teutonic,tjutonik, Teutonisch, Germaansch:Teuton languages= Germaansche talen;Teutonicism,tjutonisizm, Germaansch idioom;Teutonize= germaniseeren.

Teviot,tiviət;Tewk(e)sbury,tjûksb’ri;Texan,teks’n;Texas,teksəs;(The) Texel,dhəteks’l.

Text,tekst, tekst, onderwerp, inhoud;Textbook= handboek, schoolboek;Text-hand= groot loopend schrift;Textual= volgens den tekst;Textualist= schriftgeleerde, iemand die zich streng aan den tekst houdt.

Textile,tekst(a)il, subst. geweven stof; adj. geweven:Textile industry;Texture,tekstjə, het weefsel, structuur.

Thackeray,thakər(e)i;Thaddeus,thədîəs,thadiəs;Thaisa,theiizə,thəîzə.

Thaler,tâlə, thaler.

Thales,theilîz;Thalia,thəlaiə, Thalia:Thalian= komisch;Thaliard,thaliəd.

Thames,temz, Theems:He will notset the Thames on fire. ZieFire.

T(h)ammuz,t(h)aməz, vierde maand van het Joodsche burgerlijk jaar.

Than,dhan, dan (alléén na comparatieven):He is older than I by seven years.

Thane,thein, Angelsaksische titel der grootere grondbezitters tot de 12de eeuw;Thanedom;Thane-lands;Thaneship.

Thanet,thanət.

Thank,thaŋk, subst. dank (thans steeds meervoud);Thankverb. danken, bedanken (dikwijls ironisch):Thanks to thee, I am safe= ik ben veilig, dank zij u;Thanks= ik dank u;No, thanks!= dank u; geen dank;Thanks toyour eagerness= dank zij;Thanks be to God= God zij dank;Togive thanks= danken (na den maaltijd);Toreturn thanks= dank betuigen;No thank you= ik dank u;Thank you, yes= alstublieft;Thank you for nothing= ik zou je danken;Thank Godwe are rid of him= Goddank;Hehas only to thank himself for= ’t is zijn eigen schuld, dat …;I’ll thank you to shut the door= doe alstublieft de deur dicht;I’ll thank you not to do it= gij doet me[570]plezier als gij het laat;I’ll thank you for the potatoes (for a cup of tea)= mag ik alstublieft;Thank-offering= dankoffer;Thanksgiver= bedanker, dankzegger;Thanksgiving= dankzegging (aan God);Thanksgiving-day= dankdag;Thankee= dank u;Thankful= dankbaar; subst.Thankfulness;Thankless= ondankbaar:Thankless task; subst.Thanklessness;Thankworthiness, subst. v.Thankworthy= dankenswaard, verdienstelijk.

That,dhat, gene, die, dat; opdat:That is me (I)= dat ben ik;He is a good fellowfor all that= toch een goede vent;And that for this reason= en wel om deze reden;Nothing follows,nothing that is,which is of any real weight= namelijk niets;While his family,his mother that is,were living in D.= zijn moeder namelijk;No human being ever spokelike that= op zoo’n manier;This is horrible,that is= dit is bepaald af grijselijk;Mrs Quilp that is= de tegenwoordige;Mrs Corney that was= de vroegere;He has been here,but what of that? = wat zou dat, bewijst dat;I was the eldest son andnot much of a help at that= en trouwens als zoodanig nog geen groote steun;‘Christmas comes but once a year’, and adds the cynic, ‘once too often at that’ = en dat is trouwens nog één keer te vaak;I send you wordthat you may be prepared= opdat gij voorbereid zijt;It is not that I believe= niet omdat ik geloof;Do tell me,that’s a good girl= dan ben je eene beste meid;That muchis certain= zooveel;I am that sorry= het spijt me zóó!I supposeyou are worth all that= wel zóó rijk;I amtougher than that= daar ben ik te taai voor.

Thatch,thatš, subst. dakstroo, dakriet, stroodak, hut;Thatchverb. met stroo of riet dekken;Thatcher= rietdekker.

Thaumatrope,thômətroup, thaumatroop;Thaumaturge,thômətɐ̂dž, wonderdoener =Thaumaturgist;Thaumaturgic(al),thômətɐ̂džik(’l), wonderdadig;Thaumaturgy,thômətɐ̂dži, wonderdoenerij.

Thaw,thô, subst. dooi;Thawverb. dooien, ontdooien (ookfig.):Silver thaw= ijzel;Thethaw set in= het begon te dooien;It thaws.

The,dhə,dhi(vóór een klinker),dhî(met nadruk), de, het:The more the merrier= hoe meer zieltjes hoe meer vreugde;The sooner the better= hoe eerder hoe beter;The moreI see youthe betterI like you= hoe meer ik u zie, hoe meer ik van u houd;The more so,as I do not know him= des te meer omdat;The rather= temeer;So thisthegrand-daughter, is it? = je kleindochter;TheLady Grace Eveleigh= Freule G. E. (meer officieel dan zonder ’t lidwoord);TheDouglasses’ house= der familie D.

Theatre,thîətə, theater, schouwburg, toeneel, medische gehoorzaal:Theatre of war= oorlogstooneel;Theatre-goers= bezoekers;Theatrical,thiatrik’l, theatraal:Theatricals= tooneelvertooningen:Private theatricals= liefhebberijtooneel;Theatricality,thîatrikaliti, theatrale manier van doen, vertoon.

Theban,thîb’n, subst. en adj. Thebaan(sch):Theban year= 365 d. en 6 u;Thebes,thîbz, Thebe;Thecla,theklə.

Thee,dhî, u (object van Thou):They thee and thou each other= spreken elkaar aan met je en jou.

Theft,theft, diefstal.

Theina,thiainə,Theine,thî-in, theeïne.

Their,dhêə, hun, haar;Theirs= van hen, van haar:These books are theirs= zijn de hunne.

Theism,thîizm, theïsme;Theist; adj.Theistic(al).

Them,dhem, hen, haar (object van They);Themselves,dh’mselvz, zich zelven, zij zelven.

Thematic,thimatik, thematisch;Theme,thîm, onderwerp, thema, stam, (gram.).

Themis,thîmis, Themis.

Then,dhen, adj. toenmalig; adv. en conj. toen, dan, later, alsdan, daarom, diensvolgens, derhalve:The then measureswere insufficient= toen genomen;You might have had a bad fall then= daar had je leelijk kunnen vallen;What did he say then?= wat zei hij daar toch;Did he laugh at you?Then he ought not= maar dat moest hij niet;I hear his footstep,then he is back= dus is hij terug;I think, then I exist= ik denk, dus besta ik;By then= tegen dien tijd;On then!= vooruit!If he sees us,what then? = wat zou dat, wat hindert dat;Now and then= nu en dan;Every now and then= telkens;Now then,what can you say to the contrary? = welnu;Then and there= onmiddellijk, op staanden voet;Till then= tot dien tijd, tot zoolang;Not until then= eerst toen;Thence, vandaar, derhalve:From then= van uit die plaats;Thenforth,dhensföth,Thenforward,dhensföwəd, van dien tijd af aan.

Theobald,thîəbôld.

Theocracy,thiokrəsi, theocratie;Theocrat;Theocratic(al)= theocratisch;Theodicy,thiodisi, theodicee.

Theodora,thîədôrə;Theodore,thîədö.

Theogony,thiogəni, theogonie;Theologian,thiəloudž’n, godgeleerde;Theologic(al),thîəlodžik(’l), theologisch:The theological virtues are:Faith, Hope and Charity= de goddelijke deugden zijn: Geloof, Hoop en Liefde;Theologize,thiolədžaiz, theologiseeren;Theology,thiolədži, theologie:Natural theology= de kennis Gods uit Zijne werken.

Theophilus.thiofilɐs.

Theorbo,thiöbou, theorbe, groote basluit.

Theorem,thîər’m, theorema; adj.Theorematic(al).

Theoretic(al),thîəretik(’l), theoretisch;Theoretics= het theoretisch gedeelte eener wetenschap;Theorist,thîərist, theoreticus;Theorize= theoretiseeren:Theorizer;Theory,thîəri, theorie:His practice falls short of his theory= zijne praktijk haalt niet bij zijne theorie.

Theosophy,thiosəfi, theosophie.

Therapeutic(al),therəpjûtik(’l), therapeutisch;Therapeutics= therapie.

There,dhêa, daar, er:When did he leave there= wanneer is hij vandaar vertrokken;You are right (wrong) there= daar hebt ge gelijk (ongelijk) aan;Here[571]and there= hier en daar;Then and there= op dat zelfde oogenblik (=There and then);I am all there= ik weet drommels goed wat ik doe;There you are!= klaar is ’t; alstublieft;There is a horse for you= dat is nog eens een paard!I am no match for you there= in dat opzicht kan ik niet tegen u op;You have got a tile off and arenot all there= je bent niet recht bij het hoofd, en weet niet wat je doet;That to me is everything!So there!= nu weet je het; en daarmede basta!Stop, there’s a good fellow= dan ben je een beste;Thereabout(s)= daaromtrent:A guilder or thereabouts= een gulden of daaromtrent;Thereafter= daarna, volgens dat, daarnaar;Thereanent= met betrekking tot dat punt;Thereat= daar, om die reden, bovendien:He is poorand a fool thereat= en een dwaas op den koop toe;Thereby= daarnevens, daardoor, diensvolgens, daaromtrent;Therefor= hiervoor;Therefore= daarom, daarvoor, met dat doel;Therefrom= daarvan, daaruit;Therein= daarin, hierin;Thereinto= daarin;Thereof,dhêrov, hier- of daarvan;Thereon= hier- of daarop, er op;Thereout= daaruit;Thereto= daar- of hiertoe, buiten en behalve;Thereunder= daaronder;Thereunto= daartoe;Thereupon= hier- of daarop, ten gevolge daarvan, dadelijk;Therewith= daarmede, onmiddellijk;Therewithal,dhêəwidhôl, daarbij, terzelfdertijd, daarenboven.

Theresa,tərîsə, Therese.

Thermae,thɐ̂mî, heete bronnen of baden; adj.Thermal:Thermal waters,Thermal springs;Thermal unit= warmte-eenheid.

Thermit,thɐ̂mit, thermiet.

Thermometer,thɐ̂mometə, thermometer:Aclinical thermometer.

Thermopylae,thɐ̂mopilî, de Thermopylen.

Thermoscope,thɐ̂məskoup, thermoscoop;Thermostat,thɐ̂məstat, thermostaat.

Thersites,thɐ̂saitîz.

Thesaurus,thisôrəs, woordenschat (boek).

These,dhîz(meerv. vanThis), deze.

Thesis,thîsis, thesis, stelling (Mv.Theses,thîsîz,thesîz):Thesis for the degree of M. D.= medische dissertatie.

Thespian,thespiən, Thespisch; subst. tooneelspeler.

Thessalian,thəseilj’n, Thessaalsch; Thessaliër;Thessaly,thesəli, Thessalië.

Thetis,thîtis.

Thews,thjûz, spierkracht, spieren;Thewy= gespierd.

They,dhei, zij, degenen:They say= men zegt.

Thibet,tibət,tibet.

Thick,thik, subst. dikke gedeelte, heetst (van den strijd), dikte; adj. dik, dicht, troebel, mistig, onduidelijk, opeengedrongen, snel, overvloedig, intiem;Thickverb. verdikken:He issuch a thick= zoo’n domkop;He wasin the thick ofthe fight;Toback through thick and thin= meegaan door dik en dun (fig.);This isa bit too thick= te kras;They areas thick as peas in a shell= zeer overvloedig; zijn vrienden als olifanten;They areas thick as thieves together= het zijn twee handen op één buik, zij spelen onder één hoedje;His blows came downas thick as hail= zoo snel en hard als hagelsteenen;Tobe(Tobecome,Toget)thick with= intiem zijn (worden) met;Tolay it on thick= overdrijven, er dik op leggen;I amthick of hearing= hardhoorig;Thick of sight= met slecht gezicht;Thick of speech= slecht bespraakt;A thick one= goudstuk;Athick pronunciation= onduidelijke;A thick-and-thin supporterof the government= iemand die door dik en dun meegaat;Thick-grown= dicht;Thickhead= dik- of domkop;Thick-headed= dom, stomp;Thick-leaved;Thick-legged;Thick-lipped;Thick-nosed;Thick-planted;Thick-ribbed= met krachtige ribben;Thick-set= dicht beplant, rijk aan; kort en sterk (dik); subst. dichte heg, een gestreepte stof;Thick-side= dikhuid(ig):Histhick-side patience= olifantachtig geduld;Thick-skin= ongelikte beer, vlegel, domkop;Thick-skull= domkop;Thicken= verdikken, vermeerderen, verduisteren:The crowd thicks= het gedrang neemt toe;The plot thicks= de verwikkeling neemt toe.

Thicket,thikət, boschje.

Thickish,thikiš, ietwat dik.

Thief,thîf, dief:A thief was in the candle= er was een dief aan de kaars;Stop thief!= houdt den dief;Set a thief to catch a thief;Thief-catcher= dievenvanger;Thieves’ Latin= dieventaal.

Thieve,thîv, stelen;Thievery= het stelen, dieverij;Thievish= diefachtig, steelswijze, sluiksch; subst.Thievishness.

Thigh,thai, dij;Thigh-bone= dijbeen.

Thill,thil, lamoen;Thill-horse= lamoenpaard =Thiller.

Thimble,thimb’l, vingerhoed, kous (ring);Thimble-berry= soort braambes;Thimble-case= foudraal;Thimble-rig,Thimble-rigger= bedrieger, die laat wedden onder welk van drie bekertjes een balletje door hem is gestopt; ook verb.;Thimbleful= vingerhoedvol.

Thin,thin, dun, licht, slap, zwak, mager, dunnetjes, flauw, gering; ledig, doorzichtig;Thinverb. verdunnen, ijler maken, dunnen, afnemen, uitverkoopen:His disguise was very thin= erg doorzichtig;This month’s number isa little thin= is vrij dunnetjes;Toget (grow) thin= mager worden;Thin diet= magere kost;Thin streets= ledige straten;The strata werethinning out and away= werden langzamerhand dunner en verdwenen eindelijk geheel;Thin-faced= met een smal en schraal gezicht;Thin-leaved;Thin-lipped;Thin-skinned= met fijne huid; overgevoelig, prikkelbaar;Thin-sown;Thin-spun; subst.Thinness.

Thine,dhain, van u, het of de uwe.

Thing,thiŋ, ding, zaak, iets, persoontje, verhaal, lied (Things= dingen, zaken, goed, spullen):He isa thing of nothing= een kerel van niets;That’sa thing of naught (nothing)= niets waard;She isn’tquite the thing= niet recht wel;That’sthe (very) thing= moet ik net hebben, zoo is het precies;Neither one thing nor another= geen visch en geen vleesch;When things are the worst they will sometimes mend= als de nood op het hoogst is, is de hulp[572]nabij;Things past may be repented but not recalled= gedane zaken nemen geen keer;As things stand= zooals de zaken staan;Itcomes all to the same thing= komt alles op hetzelfde neer;Youhave got the wrong thing= het verkeerde;Heknows (is up to) a thing or two= hij is slim, goed op de hoogte;He made a tidy (good) thing of it= hij sloeg er een slaatje uit;I like himabove all things= bovenal;It wasquite in the nature of things= het sprak (volgde) vanzelf, lag in den aard der zaak, in de rede.

Thingummy,thingəmi, Dinges, dingsigheidje, goedje:His name washeld up to thingummy= aan de verachting prijs gegeven;Theirpink silk thingummies= hunne rose zijden japonnetjes.

Think,thiŋk, denken, vinden, meenen, oordeelen, bedoelen, onderstellen, achten:Only think= denk eens aan;To think= als men bedenkt;I should think not indeed= dat moest er nog bijkomen;I should think so= dat zou ik denken;Tothink abouta thing= ergens over denken;More than youthink for= dan ge verwacht;What do youthink ofhim? = wat denkt ge van hem;Now that I come tothink ofit= nu ik mij eens goed bezin;I havethought better ofit= mij bedacht;Hethinks much ofyou= schat u hoog, heeft een hoog idee van u;Tothink on (over)= nadenken over;No,thought I to myself= dacht ik bij mezelf;Ithink with youthere= dat ben ik met u eens;Methinks= mij dunkt (verouderend);Thinkable= denkbaar;Thinker= denker;Thinking:To my thinkingyou might have profited more by it= mijns inziens;He is of my way of thinking= ’t met mij eens.

Thionville,tîənvil, Diedenhoven.

Third,thɐ̂d, subst. en adj. derde (deel), terts, tertia wissel; (Thirds= het derde van de bezittingen van den overleden man, waarvan de weduwe het vruchtgebruik heeft):The Third Estate= de burgerij;Third-class;Third-rate= 3de rangs;Thirdly= ten derde;Thirdsman= scheidsman.

Thirl,thɐ̂l, doorboren, perforeeren.

Thirst,thɐ̂st, subst. dorst (ookfig.);Thirstverb. dorsten, vurig verlangen:His (the)thirst afterwealth and honour= zijn dorst naar;Athirst(ing) forpower= een haken naar;My throat isparched with thirst= is droog, ik versmacht van dorst;Thirstiness, subst. v.Thirsty= dorstig, droog, versmachtend:I am thirsty= ik heb dorst.

Thirteen,thɐ̂tîn, subst. en adj. dertien(tal);Thirteenth, subst. en adj. dertiende (deel);Thirtieth,thɐ̂tiəth, subst. en adj. dertigste (deel);Thirty,thɐ̂ti, subst. en adj.dertig(tal):The Thirty Years’ War= Dertigjarige Oorlog.


Back to IndexNext