U,jû;U(rbis)C(onditae)= van af de stichting der stad Rome;U(pper)C(anada);U(ta)h;U(triusque)J(uris)D(octor)= doctor in de beide rechten;U(nited)K(ingdom);Ult(imo)= laatste, van de laatste maand;Unit(arian);Univ(ersity);Unm(arried);Up(per);U(nited)S(tates)=U(ncle)S(am);U(t)S(upra)= als boven;U(nited)S(tates of)A(merica);U(nited)S(tates)A(rmy)ofN(avy);Usu(al);U(tah)T(erritory).Ubiquitary,jubikwitəri=Ubiquitous,jubikwitɐs, alomtegenwoordig, overal tegelijk zijnde;Ubiquity= alomtegenwoordigheid.’Ud,ud= would.Udal,jûd’l, allodiaal; subst. allodium (op de Orkney en Shetland eilanden);Udaller,Udalman= bezitter van een allodium.Udder,ɐdə, uier;Uddered= met uier(s).Udometer,judomətə, regenmeter.Ugh,u, bah!Ugliness,ɐglinəs, subst. v.Ugly,ɐgli, leelijk, wanstaltig, terugstootend; gevaarlijk; verdrietig (Amer.):As ugly as sin= zoo leelijk als de nacht.Uhlan,(j)ûl’n, Ulaan.Uist,wist.Ukase,jûkeis, ukase.Ukraine,jûkrein,ûkrein.Ulcer,ɐlsə, zweer, gezwel;Ulcerate= zweren:His heart wasulcerated withhatred= hij droeg een ingekankerden haat in zijn hart;Ulceration, zweer, verzwering;Ulcerative,Ulceratory= zwerend;Ulcerous= als eene zweer; subst.Ulcerousness.Ule,jûlə, caoutchoucboom =Ule-tree.Ullage,ɐlidž, lekkage:Ullages= restanten wijn bij een diner.Ulla-lulla,ɐlə-lɐlə, lijkklacht.Ulmaceous,ɐlmeišəs, olmachtig;Ulmus,ɐlməs, olm.Ulna,ɐlnə, ellepijp; adj.Ulnar.Ulric,ɐlrik;Ulrica,ɐlraikə.Ulster,ɐlstə, lange getailleerde overjas.Ulterior,ɐltîriə, verder(af gelegen), aan de andere zijde.Ultimate,ɐltimit, verste, laagste, uiterste, achterste, slot - -, grond - -;Ultimatum,ɐltimeit’m, ultimatum;Ultimo,ɐltimou, van de laatste maand;Ultimogeniture,ɐltimədženitjə, erfopvolgingsrecht van den jongsten zoon of broeder.Ultra,ɐltrə, uiterst, buitensporig; subst. ultra, radicaal;Ultramarine,ɐltrəmərîn,ɐltrəmərîn, subst. ultramarijn; adj. ultramarin, overzeesch;Ultramontane,ɐltrəmontein, subst. ultramontaan; adj. aan de andere zijde der bergen gelegen:Ultramontane party;Ultramontanism,ɐltrəmontənizm, ultramontanisme;Ultramontanist.Ululate,ɐljuleit,ûluleit, huilen, krassen;Ululation, gehuil, gekras, weeklacht.Ulysses,jûlisîz; adj.Ulyssean.[599]Umbel,ɐmb’l, scherm;Umbellate(d),ɐmbəlit(Umbeleitid) schermbloemig, schermdragend =Umbelliferous,ɐmbəlifərɐs;Umbellule,ɐmbeljûl, klein scherm.Umber,ɐmbə, subst. vlagzalm; omber (verfstof); adj. bruin, donker;Umberverb. metumberverven, donker verven:Burnt umber= gebrande;Raw umber= ongebrande.Umbilic(al),ɐmbilik(’l), navel - -:Umbilical cord= navelstreng;Umbilical region= navelstreek;Umbilicate(d)= navelvormig;Umbilicus,ɐmbilaikəs, navel, navelkruid.Umbles,ɐmb’lz, ingewand van een hert.Umbo,ɐmbou(Meerv.Umbones,ɐmbounîz), knop van een schild, bult; adj.Umbonal.Umbra,ɐmbrə, kernschaduw, ombervisch.Umbrage,ɐmbridž, schaduw, lommer; verdenking, aanstoot:Hegave umbrage tothe more advanced= ergerde;I am sorry you havetaken umbrage atmy words= dat gij u geërgerd hebt;Umbrageous,ɐmbreidžəs, schaduwrijk, lommerrijk; subst.Umbrageousness.Umbre,ɐmbə=Umber.Umbrella,ɐmbrelə, paraplu:Toopen (To put up),Toshut an umbrella;Umbrella-case= foudraal;Umbrella-maker;Umbrella-runner= schuifring;Umbrella-stand= paraplustander;Umbrella-stick.Umbria,ɐmbriə, Umbrië.Umph,ɐmp, interj. H’m!Umpire,ɐmpaiə, subst. scheidsrechter;Umpireverb. als scheidsrechter optreden;Umpireship.’Un,ɐn=one.Un= on, niet, etc. in samenstellingen. ZieIn.Unabashed,ɐnəbašt, schaamteloos, onbeschaamd.Unabated,ɐnəbeitid, onverminderd, onverzwakt, onverflauwd.Unabbreviated,ɐnəbrîvjeitid, onverkort.Unable,ɐneib’l, onbekwaam, niet in staat; subst.Unableness.Unabolished,ɐnəbolišt, niet afgeschaft, nog van kracht.Unabridged,ɐnəbridžd, onverkort.Unabrogated,ɐnabrəgeitid, niet afgeschaft.Unabsorbable,ɐnəbsöbəb’l, niet absorbeerbaar.Unacceptable,ɐnəkseptəb’l, onaangenaam, onaannemelijk, niet welkom; subst.Unacceptableness.Unaccommodating,ɐnəkomədeitiŋ, niet inschikkelijk, onbuigzaam.Unaccompanied,ɐnəkɐmpənid, niet vergezeld, zonder begeleiding.Unaccomplished,ɐnəkomplišt, onvoltooid, onvolvoerd.Unaccountability,ɐnəkauntəbiliti, subst. v.Unaccountable,ɐnəkauntəb’l, onverklaarbaar, onverantwoordelijk; subst.Unaccountableness;Six of the lost areunaccounted foryet= zijn nog niet terecht gebracht.Unaccustomed,ɐnəkɐst’md, ongewoon, ongebruikelijk, ongewend (to).Unachievable,ɐnətšîvəb’l, onuitvoerbaar, onbereikbaar;Unachieved= onuitgevoerd, onvoltooid.Unacknowledged,ɐnəknolidžd, niet erkend.Unacquainted,ɐnəkweintid, onbekend (with); subst.Unacquaintedness.Unacquired,ɐnəkwaiəd, onverkregen.Unacquitted,ɐnəkwitid, niet vrijgesproken; niet betaald.Unactable,ɐnaktəb’l, niet opvoerbaar;Unacted,ɐnaktid, onopgevoerd, ongevoelig voor (by).Unactuated,ɐnaktjueitid, niet bewerkt of geïnfluenceerd, levenloos:Unactuated bysuch opinions.Unadapted,ɐnədaptid, ongeschikt; subst.Unadaptedness.Unaddicted,ɐnədiktid, niet overgegeven of verslaafd (to).Unadjusted,ɐnədžɐstid, niet uitgemaakt of beslist.Unadorned,ɐnədönd, onversierd.Unadulterate(d),ɐnədɐltərit(ɐnədɐltəreitid), onvervalscht, zuiver, echt.Unadvised,ɐnədvaizd, onverstandig, onvoorzichtig; subst.Unadvisedness.Unaffected,ɐnəfektid, natuurlijk, ongedwongen, ongekunsteld; subst.Unaffectedness.Unaided,ɐneidid, zonder hulp, bloot (oog).Unallowable,ɐnəlauəb’l, ongeoorloofd, niet toelaatbaar.Unalloyed,ɐnəlôid, onvermengd, zuiver.Unalterable,ɐnôltərəb’l, onveranderlijk, onbuigzaam, onverwrikbaar; subst.Unalterableness;Unaltered= onveranderd.Unambiguous,ɐnəmbigjuəs, niet dubbelzinnig, klaar, helder; subst.Unambiguousness.Unambitious,ɐnəmbišəs, niet eerzuchtig, bescheiden; subst.Unambitiousness.Unamenable,ɐnəmînəb’l, niet verantwoordelijk, onhandelbaar.Unamended,ɐnəmendid, niet verbeterd.Unamiable,ɐneimjəb’l, onvriendelijk, onbeminnelijk; subst.Unamiableness.Unamused,ɐnəmjûzd, niet vermaakt;Unamusing= niet vermakelijk.Unanimated,ɐnanimeitid, onbezield, vervelend.Unanimity,jûnənimiti, eenstemmigheid;Unanimous,jûnanimɐs, eenstemmig:With unanimous consent;subst.Unanimousness.Unanointed,ɐnənôintid, niet gezalfd.Unanswerability,ɐnânsərəbiliti, subst. v.Unanswerable,ɐnânsərəb’l, onweerlegbaar; subst.Unanswerableness;Unanswered,ɐnânsəd, onbeantwoord, niet wederlegd.Unappalled,ɐnəpôld, onvervaard.Unappeasable,ɐnəpîzəb’l, onverzoenlijk;Unappeased= onbevredigd, onverzoend.Unapplied,ɐnəplaid, niet aangewend:Unapplied funds= dood kapitaal.Unappreciated,ɐnəprîšeitid, niet gewaardeerd.Unapprehended,ɐnaprihendid, niet gearresteerd, niet gevreesd;Unapprehensive= niet begrijpend, zorgeloos:I am not unapprehensive that= ik weet heel wel, dat; subst.Unapprehensiveness.Unapprised,ɐnəpraizd, niet onderricht.Unapproachable,ɐnəproutšəb’l, ongenaakbaar; subst.Unapproachableness.Unappropriated,ɐnəprouprieitid, niet toegeëigend, niet voor een bepaald doel aangewezen of gebruikt:Unappropriated funds= dood kapitaal.[600]Unapproved,ɐnəprûvd, niet goedgekeurd.Unapt,ɐnapt, ongeschikt, ongenegen; subst.Unaptness.Unarm,ɐnâm, ontwapenen, de wapenen neerleggen;Unarmed= ongewapend, bloot.Unarrested,ɐnərestid, onbelemmerd.Unartistic,ɐnâtistik, onartistiek.Unascertainable,ɐnasəteinəb’l, wat niet uitgemaakt of uitgevorscht kan worden;Unascertained= niet zeker bekend.Unashamed,ɐnəšeimd, zonder schaamte.Unasked,ɐnâs(k)t, ongevraagd, ongenood.Unassailable,ɐnəseiləb’l, onaantastbaar, onbetwistbaar;Unassailed= onbetwist.Unassignable,ɐnəsainəb’l, niet over te dragen of toe te wijzen;Unassigned.Unassimilable,ɐnəsimiləb’l, niet te assimileeren;Unassimilated.Unassisted,ɐnəsistid, zonder hulp.Unassociated,ɐnəsoušeitid, niet vereenigd.Unassuaged,ɐnəsweidžd, niet bevredigd of gestild.Unassuming,ɐnəsiûmiŋ, bescheiden, niet aanmatigend.Unattached,ɐnətatšt, niet verbonden, niet toegedaan, extern,à la suite, niet in beslag genomen of benaderd; los:Colonel unattached= à la suite;Unattached students= extern, niet in een college wonend.Unattainable,ɐnəteinəb’l, onbereikbaar; subst.Unattainableness.Unattempted,ɐnətemtid, onbeproefd.Unattended,ɐnətendid, onvergezeld, zonder gevolg, verwaarloosd.Unau,jûnô,junô, tweeteenige luiaard.Unaudited,ɐnôditid, niet nagezien of verevend.Unauthenticated,ɐnôthentikeitid, niet bekrachtigd, waarvan de echtheid niet bewezen is.Unauthorised,ɐnôthəraizd, onbevoegd, onwettig, niet echt.Unavailable,ɐnəveiləb’l, onbruikbaar, ongeldig; subst.Unavailableness;Unavailing= nutteloos.Unavenged,ɐnəvenžd, ongewroken, ongestraft.Unavoidable,ɐnəvôidəb’l, onvermijdelijk; subst.Unavoidableness.Unavowed,ɐnəvaud, niet erkend.Unaware,ɐnəwêə, adj. onwetend, onwillekeurig, zorgeloos, onattent;Unaware(s), adv. plotseling, onverhoeds, onverwachts.Unawed,ɐnôd, onbeschroomd.Unbacked,ɐnbakt, niet gesteund, nog niet gedresseerd om een ruiter te dragen; paard waarop niet gewed is.Unbag,ɐnbag, (den vos) uit den zak laten; uitbrengen.Unbaked,ɐnbeikt, niet gebakken, ongaar, onrijp.Unbalanced,ɐnbal’nst, niet in evenwicht, niet vereffend.Unballasted,ɐnbaləstid, zonder ballast, onvast.Unbandaged,ɐnbandidžd, zonder verbanden.Unbaptized,ɐnbaptaizd, ongedoopt.Unbar,ɐnbâ, ontgrendelen, ontsluiten.Unbated,ɐnbeitid, onverzwakt, niet stomp gemaakt.Unbathed,ɐnbeidhd, niet bevochtigd.Unbattered,ɐnbatəd, niet gekneusd of gedeukt.Unbearable,ɐnbêrəb’l, ondragelijk.Unbearded,ɐnbîədid, baardeloos.Unbeaten,ɐnbît’n, niet geslagen, ongebaand, niet betreden.Unbecoming,ɐnbikɐmiŋ, ongepast, onbehoorlijk, onwelvoeglijk, niet kleedend; subst.Unbecomingness.Unbefriended,ɐnbifrendid, zonder vrienden, niet begunstigd.Unbegot(ten),ɐnbigot(’n), niet geboren, eeuwig.Unbeheld,ɐnbiheld, niet aanschouwd, onzichtbaar =Unbeholden.Unbeknowing,ɐnbinouiŋ, niet wetend;Unbeknown(st)= onbekend:Unbeknowing to me= zonder mijn voorkennis;The land of the unbeknowing= het onbekende land.Unbelief,ɐnbilîf, ongeloof;Unbelievable= ongelooflijk;Unbeliever= ongeloovige;Unbelieving= ongeloovig.Unbeloved,ɐnbilɐvd, onbemind.Unbend,ɐnbend, ontspannen, losmaken, verslappen, gemoedelijk worden, afslaan (van zeilen):Tounbend one’s mind= zich ontspannen;unbending= onbuigzaam, stijf, hardnekkig, aan ontspanning gewijd (Unbend-hour); ook subst.Unbenefited,ɐnbenəfitid, geen voordeel trekkend uit, niet begunstigd door.Unbeseeming,ɐnbisîmiŋ, ongepast; subst.Unbeseemingness.Unbesought,ɐnbisôt, ongevraagd, vrijwillig.Unbespeak,ɐnbispîk, afzeggen, herroepen.Unbewailed,ɐnbiweild, onbetreurd.Unbias(s)ed,ɐnbaiəst, onpartijdig; subst.Unbiasedness.Unbidden,ɐnbid’n, vanzelf, ongenood:Hertears started unbidden= vloeiden onwillekeurig.Unbigoted,ɐnbigətid, vrij van dweeperij.Unbind,ɐnbaind, losbinden, bevrijden.Unblam(e)able,ɐnbleiməb’l, onschuldig, onberispelijk, onlaakbaar; subst.Unblam(e)ableness.Unbleached,ɐnblîtšt, ongebleekt.Unblemished,ɐnblemišt, onbevlekt, smetteloos.Unblended,ɐnblendid, onvermengd.Unblessed, Unblest,ɐnblest, ongezegend, ellendig, vervloekt.Unblinkered,ɐnbliŋkəd, zonder oogkleppen, met open oogen:His eyes wereunblinkered by fees= hij deed geen oogje dicht om een fooi.Unbloody,ɐnblɐdi, niet bedoeld of bloeddorstig:Unbloody sacrifice= bloedlooze offerande.Unblotted,ɐnblotid, on(uit)gevlekt.Unblunted,ɐnblɐntid, niet verstompt of versuft.Unblushing,ɐnblɐšiŋ, schaamteloos.Unbodied,ɐnbodid, onlichamelijk, van het lichaam bevrijd of ontdaan.Unboiled,ɐnbôild, ongekookt.Unbonnet,ɐnbonət, de muts of den hoed afnemen of afzetten, ontblooten.Unborn,ɐnbön, ongeboren, toekomstig.[601]Unborrowed,ɐnboroud, niet ontleend, oorspronkelijk, echt.Unbosom,ɐnbuz’m:Heunbosomed himself= stortte zijn hart uit.Unbought,ɐnbôt, ongekocht.Unbound,ɐnbaund, niet gebonden.Unbounded,ɐnbaundid, onbegrensd, eindeloos; subst.Unboundedness.Unbrace,ɐnbreis, losmaken (-gespen, -knoopen):Unbraced drums= ontspannen trommen.Unbred,ɐnbred, ongemanierd, onkundig.Unbreeched,ɐnbrîtšt, zonder broek.Unbridle,ɐnbraid’l, aftoomen, loslaten;Unbridled= ongetoomd, losbandig, uitgelaten.Unbroke(n),ɐnbrouk(’n), on(af)gebroken, regelmatig, ongeschonden, niet afgereden, onverminderd, ongestoord.Unbrotherly,ɐnbrɐdhəli, onbroederlijk, onvriendelijk, onnatuurlijk.Unbuckle,ɐnbɐk’l, losgespen.Unbuilt,ɐnbilt, ongebouwd.Unburden,ɐnbɐ̂d’n, ontlasten, afwerpen, ontdekken, openbaren:He had something to unburden= op ’t hart;When I have any unburdening to do,there’s always mother= iets op ’t hart heb;Tounburden oneself= zijn hart uitstorten.Unburied,ɐnberid, onbegraven.Unburned,ɐnbɐ̂nd,Unburnt,ɐnbɐ̂nt, ongebrand, onverbrand.Unburthen,ɐnbɐ̂dhən=Unburden.Unbusinesslike,ɐnbiznəslaik, niet overeenkomstig de handelsusanties, onpractisch.Unbutton,ɐnbɐt’n, losknoopen.Uncalled,ɐnkôld, ongeroepen:Your pityis uncalled for= is te onpas, niet noodig;Your jealousy isuncalled for= uwe jaloerschheid is zonder grond, onredelijk.Uncancel(l)ed,ɐnkânsəld, niet doorgehaald, niet opgeheven.Uncanny,ɐnkani, onvoorzichtig, roekeloos, onzeker, hevig, sterk, geheimzinnig:Uncanny legal documents= geheimzinnige, duistere documenten;The contrast between the shining eyes and the impassive face was so extraordinary asto be almost uncanny= dat het haast iets spookachtigs had;The faces of our departed youthhave an uncanny trick of rising up suddenly= duiken op onverklaarbare wijze op.Uncanonical,ɐnkənonik’l, niet kanoniek:Uncanonical hours= uren waarop geene huwelijksinzegening mag plaats hebben (in Engeland tusschen 8 a.m. en 3 p.m.); subst.Uncanonicalness.Uncap,ɐnkap, openen, de bedekking afnemen:Uncapped= met ongedekt hoofd.Uncape,ɐnkeip, het kapje (van den valk) afnemen; de honden loslaten; den vos uit den zak laten.Uncared,ɐnkêəd, zonder dat er op gelet wordt:There he layuncared for= verwaarloosd.Uncarpeted,ɐnkâpətid, zonder vloerkleed.Uncase,ɐnkeis, uit de bedekking of étui nemen, openbaren, ontplooien (v. h. vaandel), ontkleeden.Unceasing,ɐnsîsiŋ, onophoudelijk.Unceremonious,ɐnserəmounjəs, zonder complimenten, familiaar.Uncertain,ɐnsɐ̂tin, onzeker, grillig, onvast, dubbelzinnig, weifelend, wispelturig:Uncertain on one’s legs= onvast;Uncertainty= onzekerheid, twijfelachtigheid, gebeurlijkheid.Uncertificated,ɐnsətifikeitid, niet gediplomeerd.Unchain,ɐntšein, ontketenen, loslaten.Unchallengeable,ɐntšal’nžəb’l, ontwijfelbaar, onwraakbaar, zonder eenige kwestie;Unchallenged= niet betwijfeld.Unchangeable,ɐntšeinžəb’l, onveranderlijk:Unchangeable of purpose= vastbesloten; subst.Unchangeableness;Unchanged;Unchanging.Uncharged,ɐntšâdžd, ongeladen, niet aangevallen; van normale sterkte.Uncharitable,ɐntšaritəb’l, liefdeloos, onbarmhartig; subst.Uncharitableness.Unchary,ɐntšêri, onvoorzichtig, verspillend.Unchaste,ɐntšeist, onkuisch;Unchastity,ɐntšastiti, onkuischheid.Unchecked,ɐntšekt, ongehinderd.Unchivalric,ɐnšiv’lrik,Unchivalrous,ɐnšiv’lrɐs, onridderlijk.Unchristened,ɐnkris’nd, ongedoopt.Unchristian,ɐnkristj’n, onchristelijk.Unchronicled,ɐnkronik’ld, onvermeld.Uncial,ɐnš’l, subst en adj. (met) unciaal (letters).Unciform,ɐnsiföm, haakvormig =Uncinate,ɐnsinit.Uncircumcised,ɐnsɐ̂k’msaizd, onbesneden; subst.Uncircumcision, ook: alle niet-Joden.Uncircumscribed,ɐnsɐ̂k’mskraibd, onbeperkt.Uncircumspect,ɐnsɐ̂k’mspekt, onbedachtzaam.Uncivil,ɐnsivil, onbeleefd, lomp;Uncivilized= barbaarsch, onbeschaafd.Unclaimed,ɐnkleimd, niet opgevraagd of opgeëischt, onbestelbaar.Unclasp,ɐnklâsp, loshaken, openen.Uncle,ɐŋk’l, oom; pandjeshuishouder;Uncle-in-law= aangehuwde oom;My watch isat my Uncle’s= bij “Oome Jan”;Uncle Sam= de Vereenigde Staten (v. N. Amer.).Unclean,ɐnklîn, adj. onrein, vuil, onkuisch; subst.Uncleanliness,ɐnklenlinəs;Uncleanly,ɐnklenli, onrein, vuil, onkuisch; adv.ɐnklînli;Uncleanness,ɐnklînnəs=Uncleanliness;Uncleansed,ɐnklenzd, ongereinigd.Uncleared,ɐnklîəd, onontgonnen, niet opgeruimd, niet afgesloten.Unclerical,ɐnklerik’l, niet strookende met den geestelijken stand.Unclipped,ɐnklipt, ongesnoeid.Uncloak,ɐnklouk, den mantel afleggen, afnemen.Unclog,ɐnklog, de belemmering wegnemen, vrijmaken.Unclose,ɐnklouz, openen, opslaan, openbaren:Unclosed= open, onvoltooid.Unclothe,ɐnkloudh, ontkleeden, ontblooten.Unclouded,ɐnklaudid, onbewolkt, helder; subst.Uncloudedness;Uncloudy= helder.Unco,ɐŋkou, Schotsch voorUncouth, ongemeen, buitengewoon; subst. rare snuiter, vreemd iets.Uncock,ɐnkok, in rust zetten (den haan v. een geweer), neerslaan (van den rand van een hoed), uitspreiden (van hooi).[602]Uncockneyfied,ɐnkoknifaid, natuurlijk, ongemaakt.Uncoffined,ɐnkofind, niet in eene kist gelegd.Uncoil,ɐnkôil, afrollen.Uncoined,ɐnkôind, ongemunt, echt.Uncoloured,ɐnkɐləd, ongekleurd, onopgesmukt.Uncombed,ɐnkoumd, ongekamd.Uncombinable,ɐnk’mbainəb’l, onvereenigbaar;Uncombined= niet verbonden.Uncomeatable,ɐnkəmatəb’l, ongenaakbaar, onbereikbaar.Uncomeliness,ɐnkɐmlinəs, subst. v.Uncomely,ɐnkɐmli, onbevallig, onwelvoegelijk.Uncomfortable,ɐnkɐmfətəb’l, ongemakkelijk, onbehagelijk, troosteloos, droevig; subst.Uncomfortableness;Uncomforted= troosteloos, ongetroost.Uncommanded,ɐnkəmândid, niet bevolen, niet bestreken.Uncommemorated,ɐnkəmeməreitid, niet herdacht.Uncommended,ɐnkəmendid, roemloos.Uncommercial,ɐnkəmɐ̂š’l, tegen de handelsusanties.Uncommiserated,ɐnkəmizəreitid, onbetreurd.Uncommitted,ɐnkəmitid, niet bedreven, niet toevertrouwd, niet commissoriaal gemaakt, niet gearresteerd.Uncommon,ɐnkom’n, ongewoon, ongemeen; subst.Uncommonness.Uncommunicated,ɐnkəmjûnikeitid, niet medegedeeld;Anuncommunicativeman= zwijgend, gereserveerd persoon.Uncompelled,ɐnk’mpeld, ongedwongen.Uncomplaining,ɐnk’mpleiniŋ, gelaten.Uncompleted,ɐnk’mplîtid, niet voltooid.Uncomplimentary,ɐnkomplimentəri, zonder complimenten, ruw, lomp.Uncomplying,ɐnk’mplaiiŋ, oninschikkelijk, onhandelbaar.Uncompounded,ɐnk’mpaundid, niet samengesteld, eenvoudig; subst.Uncompoundedness.Uncompromising,ɐnkomprəmaiziŋ, onbuigzaam, star, onhandelbaar.Unconcealed,ɐnk’nsîld, onverholen.Unconceived,ɐnk’nsîvd, onbegrepen, onvoorzien.Unconcern,ɐnk’nsɐ̂n, zorgeloosheid, onverschilligheid, kalmte:With great unconcern= volkomen kalm;Unconcerned= onverschillig, etc.Unconciliatory,ɐnk’nsiljətəri, onverzoenlijk.Uncondensable,ɐnk’ndensəb’l, wat niet verdicht kan worden;Uncondensed.Unconditional,ɐnk’ndišən’l, onvoorwaardelijk, absoluut;Unconditioned= absoluut.Unconfessed,ɐnk’nfest, niet beleden, ontkend, zonder gebiecht te hebben.Unconfined,ɐnk’nfaind, onbeperkt.Unconfirmed,ɐnk’nfɐ̂md, niet bevestigd, zwak, wankelmoedig, onervaren, niet geconfirmeerd.Unconformable,ɐnk’nföməb’l, niet bestaanbaar of overeenkomstig, niet parallel (van lagen).Uncongenial,ɐnk’ndžînj’l, ongelijksoortig, onsympathiek.Unconnected,ɐnkənektid, onsamenhangend, niet verwant.Unconquerable,ɐnkoŋkərəb’l, onverwinbaar;Unconquered,ɐnkoŋkəd, onoverwonnen.Unconscionable,ɐnkonšənəb’l, gewetenloos, onredelijk, overdreven, enorm, kolossaal:Such anunconscionable time= onmogelijk lange tijd; subst.Unconscionableness;At anunconscionably earlyhour= onmogelijk vroeg.Unconscious,ɐnkonšəs, onbewust, niet lettend op, bewusteloos:Iam unconscious of it= mij daarvan niet bewust; subst.Unconsciousness.Unconsecrated,ɐnkonsikreitid, ongewijd.Unconsidered,ɐnk’nsidəd, ondoordacht.Unconsolidated,ɐnk’nsolideitid, niet geconsolideerd.Unconstitutional,ɐnkonstitjûšən’l, ongrondwettig;Unconstitutionality,ɐnkonstitjûšənaliti, ongrondwettigheid.Unconstrained,ɐnk’nstreind, ongedwongen.Unconsumed,ɐnk’nsiûmd, onverteerd.Uncontemplated,ɐnkont’mpleitid,ɐnk’ntempleitid, niet overdacht.Uncontestable,ɐnk’ntestib’l, onbetwistbaar;Uncontested,ɐnk’ntestid, onbetwist.Uncontradictable,ɐnkontrədiktəb’l, onbetwistbaar;Uncontradicted,ɐnkontrədiktid, niet tegengesproken.Uncontrollable,ɐnk’ntrouləb’l, onhandelbaar, teugelloos, wat niet nagegaan kan worden;Uncontrolled,ɐnk’ntrould, niet nagegaan, bandeloos, onbuigzaam.Uncontroverted,ɐnkontrəvɐ̂tid, onbetwist.Unconverted,ɐnk’nvɐ̂tid, onbekeerd;Unconvertible,ɐnk’nvɐ̂tib’l, onveranderbaar.Unconvinced,ɐnk’nvinst, onovertuigd.Uncork,ɐnkök, ontkurken, lucht geven aan.Uncoroneted,ɐnkorənetid, niet gekroond.Uncorrected,ɐnkərektid, onverbeterd.Uncorroborated,ɐnkərobəreitid, niet bevestigd of gestaafd.Uncorrupt(ed),ɐnkərɐpt(id), onbedorven, onvervalscht; subst.Uncorrupt(ed)ness.Uncountable,ɐnkauntəb’l, ontelbaar;Uncounted,ɐnkauntid, ongeteld.Uncouple,ɐnkɐp’l, loskoppelen.Uncourteous,ɐnkötjəs,ɐnkɐ̂tjəs, onhoffelijk;Uncourteousness=Uncourtliness,ɐnkötlinəs= onbeleefdheid, lompheid;Uncourtly= lomp, onbeschaafd.Uncouth,ɐnkûth, vreemd, zonderling, onhandig, ruw; subst.Uncouthness.Uncovenanted,ɐnkɐvənantid, niet volgens contract beloofd, onverdiend, onafgesproken:Uncovenanted civil service= tak van den burgerlijken dienst (Indië), waarvan de leden geen examen doen en geen pensioen krijgen.Uncover,ɐnkɐvə, openen, (zich) ontblooten, zonder bedekking laten, groeten;Uncovered= ontbloot, blootgelegd, ongedekt:Toleave uncovered.Uncritical,ɐnkritik’l, niet kritisch.Unction,ɐŋkš’n, oliesel, zalf, zalving, verzachting:Extreme unction= laatste oliesel; subst.Unctuosity,ɐŋktjuositi, subst. v.[603]Unctuous,ɐŋjktuəs, vettig, olieachtig, verzachtend, zalvend; subst.Unctuousness.Uncultivable,ɐnkɐltivəb’l, onbebouwbaar, niet te beschaven;Uncultivated= onbebouwd, onbeschaafd, ruw:A waste ofuncultivated heath.Uncurbed,ɐnkɐ̂bd, ongetemd, teugelloos.Uncurl,ɐnkɐ̂l, glad maken, de krul verliezen.Uncurtailed,ɐnkəteild, onverkort.Uncustomary,ɐnkɐstəməri, ongewoon, ongebruikelijk;Uncustomed= zonder klanten.Uncut,ɐnkɐt, niet bekapt, onopengesneden, niet geschoren, onbeschadigd.Undamaged,ɐndamidžd, onbeschadigd.Undamped,ɐndampt, niet ingevocht of bevochtigd, niet ontmoedigd.Undated,ɐndeitid, ongedateerd.Undated,ɐndeitid, golvend.Undaunted,ɐndôntid,ɐndântid, onversaagd, onverschrokken; subst.Undauntedness.Undazzled,ɐndaz’ld, niet verblind.Undebased,ɐndibeist, onverbasterd.Undebauched,ɐndibôtšt, onbedorven.Undecayed,ɐndikeid, niet vervallen, onverzwakt;Undecaying= onveranderlijk, onsterfelijk.Undeceive,ɐndisîv, ontgoochelen, uit den droom helpen, de oogen openen:At lastI was undeceived= vielen mij de schellen van de oogen;I haveundeceived his error= hem van zijne dwaling genezen.Undecided,ɐndisaidid, onbeslist, weifelend.Undecipherable,ɐndisaifərəb’l, niet te ontcijferen;Undeciphered,ɐndisaifəd, niet ontcijferd.Undecked,ɐndekt, niet versierd; zonder dek, open.Undeclared,ɐndiklêəd, niet verklaard.Undeclinable,ɐndiklainəb’l, onverbuigbaar;Undeclined= onverbogen.Undecorated,ɐndekəreitid, onversierd.Undedicated,ɐndedikeitid, niet opgedragen.Undefaceable,ɐndifeisəb’l, onuitwischbaar;Undefaced= onuitgewischt, niet misvormd.Undefended,ɐndifendid, onverdedigd, onbeschermd.Undefiled,ɐndifaild, onbesmet, rein.Undefinable,ɐndifainəb’l, niet bepaalbaar, onbegrensd; subst.Undefinableness;Undefined= onbepaald, vaag.Undefrayed,ɐndifreid, niet betaald of gedekt.Undeliverable,ɐndilivərəb’l, onbestelbaar;Undelivered,ɐndilivəd, niet verlost, niet afgeleverd, niet besteld.Undemolished,ɐndimolišt, niet gesloopt.Undeniable,ɐndinaiəb’l, onloochenbaar.Undenominational,ɐndinomineišən’l, niet van een sekte:Undenominational school= neutrale school.Undeplored,ɐndiplöd, onbetreurd.Undeposable,ɐndipouzəb’l, onafzetbaar.Undepraved,ɐndipreivd, onbedorven.Undeprived,ɐndipraivd, niet beroofd.Under,ɐndə, onder, lager dan, beneden, minder:Under this act= krachtens deze wet;To beunder age= minderjarig;To beunder arms= onder de wapenen;To speakunder one’s breath= zeer zacht;Under these circumstances;He wasunder a cloud= terneergedrukt, melancholiek, had geldgebrek, in ’t ongeluk;He did itunder colour oftaking an interest in me= onder den schijn van;Under command of;Under consideration= in overweging;The bill wasunder discussion= in behandeling;Under your favour= met uw verlof;The troops wereunder the enemy’s fire= blootgesteld aan het vuur;Under the firm of= onder de firma;She wears the undergarments of men= heeft de broek aan;Under God= naast God;Under his own hand= eigenhandig;To beunder oath= onder eede;Under pain of death= op straffe van;Under pretence= onder voorwendsel;Under the rose= “onder de roos”, in ’t geheim;He was disqualifiedunder another rule= hij mocht niet meedoen (geen lid worden) volgens een andere bepaling;Under sail= onder zeil;Under the royal seal= met het koninklijk zegel;He wasunder sentence of death= ter dood veroordeeld;I won’t sell itunder three figures= voor minder dan 100 pond sterling;Under treatment= in (onder) behandeling;Under water;To getunder weigh= anker op gaan;Her beauty was a glittering mantlewith no soul under= daaronder;Keep him under= houd hem onder de plak;Tolabour under a severe cold= lijden aan;Totrample under foot= vertrappen;Underbid= minder bieden dan, te weinig bieden;Underbred= slecht opgevoed;Underbrush= hak of kreupelhout;An over-estimate of expenditure or anunder-calculation of income;Underclay= laag klei onder een kolenlaag;Underclothes, onderkleeren =Underclothing;Undercurrent, subst. benedenstroom, neveninvloed;Underditch,ɐndəditš, draineeren;Underdo,ɐndədû, minder doen (dan men kan);The meat wasunderdone= niet gaar;Underdose,ɐndədous, te kleine hoeveelheden geven of nemen;ɐndədous, onvoldoende hoeveelheid of dosis;Underdrain,ɐndədrein, subst. onderaardsch afvoerkanaal;Underverb. (ɐndədrein) rioleeren;Under-estimate,ɐndərestimeit, onderschatten;ɐndərestimit, onderschatting;Underfaction= nevenpartij;Underfeed,ɐndəfîd, onvoldoende voeden;Underfoot,ɐndəfut, onder den voet, beneden;Underfurrow,ɐndəfɐrou, onderploegen;Undergird,ɐndəgɐ̂d, beneden steunen;Undergo= ondergaan, doorstaan, ondervinden, lijden;Undergrad(uate),ɐndəgrad(ju-it), student (OxfordenCambridge, andersStudent);Underground= onder den grond, onderaardsch, heimelijk:Underground (railway)= ondergrondsche spoor;Undergrown,ɐndəgroun, niet uitgegroeid, te klein;Undergrowth,ɐndəgrouth, onderhout, hakhout;Underhand= heimelijk, onderhands geslagen:His sneaking,Underhanded ways= heimelijke manier van doen;He istreacherous and Underhanded= achterbaksch;Underhung= met vooruitstekende benedenkaak;Underinsured= te laag verzekerd;Under-jaw= onderkaak;Underlay, verb. iets onderleggen,[604]steunen:Sand underlaid with clay= op klei rustend zand; subst. (ɐndəlei) onderlegger;Under-lease= onderpacht, onderhuur;Underlet= onderverhuren; onder de waarde verhuren;Underletter= onderhuurder, die onder de waarde verhuurt;Underlie= liggen onder, ten grondslag liggen, gebonden zijn aan:Heunderlay the accusationcontained in those words= had de hand in;Underline= onderstrèpen;Underlinen;Underling= ondergeschikte;Underlip;Underlock= wol onder den buik van een schaap;Undermanned,ɐndəmand, niet voldoende van manschappen voorzien;Undermasted,ɐndəmâstid, niet voldoende van masten voorzien;Undermentioned= nagenoemde;Undermine= ondermijnen, benadeelen;Underminer= ondermijner, geheime of stille vijand;Undermost= onderste;Underneath,[andənîth],ɐndənîdh, beneden, onder;Underpart= ondergeschikte rol, minder belangrijk deel;Underpay= onvoldoend bezoldigen of betalen:The poor seamstresses are shamefullyUnderpaid= worden schandelijk slecht betaald;Underpayment;Underpeopled,ɐndəpîp’ld,ɐndəpîp’ld, te schaars bevolkt;Underpin= ondersteunen, stutten;Underplot= episode, nevenintrige;Under-policed,ɐndepəlîst, niet voldoende van politie voorzien:London is very muchunder-policed= heeft veel te weinig politie;Underprice= spotprijs;Underproof= beneden normale sterkte;Underprop= ondersteunen, stutten;Underrate= onderschàtten, te laag waardeeren;Underrun= onderdoorloopen of varen;Underscore,ɐndəskö, onderschrappen;Undersell= verkoopen onder de waarde en goedkooper dan;Underset= benedenstroom (tegen den bovenstroom in);Undershot= bewogen door onderdoorstroomend water:Undershot wheel;Undershrub= kreupelhout;Undersign,ɐndəsain, onderteekenen:The undersigned= de ondergeteekende(n);Undersized= onder de middelbare grootte;Undersoil= ondergrond;The schools areunderstaffed= hebben te weinig personeel;Understand= begrijpen, verstaan, vernemen, overtuigd zijn, meenen, aannemen, opmaken:He could notmake himself understood= kon zich niet verstaanbaar maken, werd niet begrepen;Such things are understood= spreken vanzelf;We understandthat many are expected= wij vernemen;I wasgiven to understand= mij werd te kennen gegeven;Hewill have me understand= wil dat ik begrijpe;Iunderstand fromwhat you say= maak op uit hetgeen ge zegt;You’ll haveto understand yourself withhim= zult u met hem moeten verstaan;Understandable= begrijpelijk;Not understanded ofthe people= niet door het volk begrepen;Understanding, subst. verstand, begrip, kennis, verstandhouding, oordeel; adj. bekwaam, verstandig, ervaren:We could notcome to an understandingwith him= tot een schikking komen;I will do iton the (with this) understandingthat you help me= mits, met dien verstande dat;Understate= niet de volle waarheid mededeelen;Understatement= onderschatting, te lage opgaaf;Understrapper= ondergeschikte;Understrapping= ondergeschikt, dienend;Understudy, subst. plaatsvervanger van een acteur (die de rol heeft geleerd om ze desnoods te kunnen vervullen);Underverb.ɐndəstɐdi, in geval van nood vervangen;Undertake= ondernemen, wagen, op zich nemen, behandelen, zich belasten met, borgstaan voor:You have undertakento be here at seven= op u genomen, beloofd;Undertaker= aannemer, speculant, ondernemer (vooral van begrafenissen);Undertaking= onderneming, plechtige belofte;Undertaxed= te laag getaxeerd of belast;Under-tenant, onderpachter;Under-tenancy= ònderhuur, onderpacht;Underthings= onderkleeren;Under-timed= te kort belicht;Undertone= lage of zwakke toon:He spoke to mein an undertone= met gedempte stem;Undertook, imperf. vanto undertake;Under-tow=Under-current;Undervaluation,valjueiš’n, onderschàtting, te lage waardeering;Undervalue, verb. onder de waarde schatten, minachten; subst.ɐndəvaljû,ɐndəvaljû, te geringe prijs;Under-wear=onderkleeren;Underwent, imperf. vanto undergo;Under-wood= laag hout, kreupelhout;Underwork,ɐndəwɐ̂k, te weinig (slecht) werken, goedkooper werken;Underworked= niet genoeg werk hebbend;Under-world= de tegenvoeters, onderwereld, hel;Underwrite= onderschrijven, onderteekenen, zich onderwerpen aan; assureeren (van schepen);Underwriterɐndəraitə, assuradeur.
U,jû;U(rbis)C(onditae)= van af de stichting der stad Rome;U(pper)C(anada);U(ta)h;U(triusque)J(uris)D(octor)= doctor in de beide rechten;U(nited)K(ingdom);Ult(imo)= laatste, van de laatste maand;Unit(arian);Univ(ersity);Unm(arried);Up(per);U(nited)S(tates)=U(ncle)S(am);U(t)S(upra)= als boven;U(nited)S(tates of)A(merica);U(nited)S(tates)A(rmy)ofN(avy);Usu(al);U(tah)T(erritory).Ubiquitary,jubikwitəri=Ubiquitous,jubikwitɐs, alomtegenwoordig, overal tegelijk zijnde;Ubiquity= alomtegenwoordigheid.’Ud,ud= would.Udal,jûd’l, allodiaal; subst. allodium (op de Orkney en Shetland eilanden);Udaller,Udalman= bezitter van een allodium.Udder,ɐdə, uier;Uddered= met uier(s).Udometer,judomətə, regenmeter.Ugh,u, bah!Ugliness,ɐglinəs, subst. v.Ugly,ɐgli, leelijk, wanstaltig, terugstootend; gevaarlijk; verdrietig (Amer.):As ugly as sin= zoo leelijk als de nacht.Uhlan,(j)ûl’n, Ulaan.Uist,wist.Ukase,jûkeis, ukase.Ukraine,jûkrein,ûkrein.Ulcer,ɐlsə, zweer, gezwel;Ulcerate= zweren:His heart wasulcerated withhatred= hij droeg een ingekankerden haat in zijn hart;Ulceration, zweer, verzwering;Ulcerative,Ulceratory= zwerend;Ulcerous= als eene zweer; subst.Ulcerousness.Ule,jûlə, caoutchoucboom =Ule-tree.Ullage,ɐlidž, lekkage:Ullages= restanten wijn bij een diner.Ulla-lulla,ɐlə-lɐlə, lijkklacht.Ulmaceous,ɐlmeišəs, olmachtig;Ulmus,ɐlməs, olm.Ulna,ɐlnə, ellepijp; adj.Ulnar.Ulric,ɐlrik;Ulrica,ɐlraikə.Ulster,ɐlstə, lange getailleerde overjas.Ulterior,ɐltîriə, verder(af gelegen), aan de andere zijde.Ultimate,ɐltimit, verste, laagste, uiterste, achterste, slot - -, grond - -;Ultimatum,ɐltimeit’m, ultimatum;Ultimo,ɐltimou, van de laatste maand;Ultimogeniture,ɐltimədženitjə, erfopvolgingsrecht van den jongsten zoon of broeder.Ultra,ɐltrə, uiterst, buitensporig; subst. ultra, radicaal;Ultramarine,ɐltrəmərîn,ɐltrəmərîn, subst. ultramarijn; adj. ultramarin, overzeesch;Ultramontane,ɐltrəmontein, subst. ultramontaan; adj. aan de andere zijde der bergen gelegen:Ultramontane party;Ultramontanism,ɐltrəmontənizm, ultramontanisme;Ultramontanist.Ululate,ɐljuleit,ûluleit, huilen, krassen;Ululation, gehuil, gekras, weeklacht.Ulysses,jûlisîz; adj.Ulyssean.[599]Umbel,ɐmb’l, scherm;Umbellate(d),ɐmbəlit(Umbeleitid) schermbloemig, schermdragend =Umbelliferous,ɐmbəlifərɐs;Umbellule,ɐmbeljûl, klein scherm.Umber,ɐmbə, subst. vlagzalm; omber (verfstof); adj. bruin, donker;Umberverb. metumberverven, donker verven:Burnt umber= gebrande;Raw umber= ongebrande.Umbilic(al),ɐmbilik(’l), navel - -:Umbilical cord= navelstreng;Umbilical region= navelstreek;Umbilicate(d)= navelvormig;Umbilicus,ɐmbilaikəs, navel, navelkruid.Umbles,ɐmb’lz, ingewand van een hert.Umbo,ɐmbou(Meerv.Umbones,ɐmbounîz), knop van een schild, bult; adj.Umbonal.Umbra,ɐmbrə, kernschaduw, ombervisch.Umbrage,ɐmbridž, schaduw, lommer; verdenking, aanstoot:Hegave umbrage tothe more advanced= ergerde;I am sorry you havetaken umbrage atmy words= dat gij u geërgerd hebt;Umbrageous,ɐmbreidžəs, schaduwrijk, lommerrijk; subst.Umbrageousness.Umbre,ɐmbə=Umber.Umbrella,ɐmbrelə, paraplu:Toopen (To put up),Toshut an umbrella;Umbrella-case= foudraal;Umbrella-maker;Umbrella-runner= schuifring;Umbrella-stand= paraplustander;Umbrella-stick.Umbria,ɐmbriə, Umbrië.Umph,ɐmp, interj. H’m!Umpire,ɐmpaiə, subst. scheidsrechter;Umpireverb. als scheidsrechter optreden;Umpireship.’Un,ɐn=one.Un= on, niet, etc. in samenstellingen. ZieIn.Unabashed,ɐnəbašt, schaamteloos, onbeschaamd.Unabated,ɐnəbeitid, onverminderd, onverzwakt, onverflauwd.Unabbreviated,ɐnəbrîvjeitid, onverkort.Unable,ɐneib’l, onbekwaam, niet in staat; subst.Unableness.Unabolished,ɐnəbolišt, niet afgeschaft, nog van kracht.Unabridged,ɐnəbridžd, onverkort.Unabrogated,ɐnabrəgeitid, niet afgeschaft.Unabsorbable,ɐnəbsöbəb’l, niet absorbeerbaar.Unacceptable,ɐnəkseptəb’l, onaangenaam, onaannemelijk, niet welkom; subst.Unacceptableness.Unaccommodating,ɐnəkomədeitiŋ, niet inschikkelijk, onbuigzaam.Unaccompanied,ɐnəkɐmpənid, niet vergezeld, zonder begeleiding.Unaccomplished,ɐnəkomplišt, onvoltooid, onvolvoerd.Unaccountability,ɐnəkauntəbiliti, subst. v.Unaccountable,ɐnəkauntəb’l, onverklaarbaar, onverantwoordelijk; subst.Unaccountableness;Six of the lost areunaccounted foryet= zijn nog niet terecht gebracht.Unaccustomed,ɐnəkɐst’md, ongewoon, ongebruikelijk, ongewend (to).Unachievable,ɐnətšîvəb’l, onuitvoerbaar, onbereikbaar;Unachieved= onuitgevoerd, onvoltooid.Unacknowledged,ɐnəknolidžd, niet erkend.Unacquainted,ɐnəkweintid, onbekend (with); subst.Unacquaintedness.Unacquired,ɐnəkwaiəd, onverkregen.Unacquitted,ɐnəkwitid, niet vrijgesproken; niet betaald.Unactable,ɐnaktəb’l, niet opvoerbaar;Unacted,ɐnaktid, onopgevoerd, ongevoelig voor (by).Unactuated,ɐnaktjueitid, niet bewerkt of geïnfluenceerd, levenloos:Unactuated bysuch opinions.Unadapted,ɐnədaptid, ongeschikt; subst.Unadaptedness.Unaddicted,ɐnədiktid, niet overgegeven of verslaafd (to).Unadjusted,ɐnədžɐstid, niet uitgemaakt of beslist.Unadorned,ɐnədönd, onversierd.Unadulterate(d),ɐnədɐltərit(ɐnədɐltəreitid), onvervalscht, zuiver, echt.Unadvised,ɐnədvaizd, onverstandig, onvoorzichtig; subst.Unadvisedness.Unaffected,ɐnəfektid, natuurlijk, ongedwongen, ongekunsteld; subst.Unaffectedness.Unaided,ɐneidid, zonder hulp, bloot (oog).Unallowable,ɐnəlauəb’l, ongeoorloofd, niet toelaatbaar.Unalloyed,ɐnəlôid, onvermengd, zuiver.Unalterable,ɐnôltərəb’l, onveranderlijk, onbuigzaam, onverwrikbaar; subst.Unalterableness;Unaltered= onveranderd.Unambiguous,ɐnəmbigjuəs, niet dubbelzinnig, klaar, helder; subst.Unambiguousness.Unambitious,ɐnəmbišəs, niet eerzuchtig, bescheiden; subst.Unambitiousness.Unamenable,ɐnəmînəb’l, niet verantwoordelijk, onhandelbaar.Unamended,ɐnəmendid, niet verbeterd.Unamiable,ɐneimjəb’l, onvriendelijk, onbeminnelijk; subst.Unamiableness.Unamused,ɐnəmjûzd, niet vermaakt;Unamusing= niet vermakelijk.Unanimated,ɐnanimeitid, onbezield, vervelend.Unanimity,jûnənimiti, eenstemmigheid;Unanimous,jûnanimɐs, eenstemmig:With unanimous consent;subst.Unanimousness.Unanointed,ɐnənôintid, niet gezalfd.Unanswerability,ɐnânsərəbiliti, subst. v.Unanswerable,ɐnânsərəb’l, onweerlegbaar; subst.Unanswerableness;Unanswered,ɐnânsəd, onbeantwoord, niet wederlegd.Unappalled,ɐnəpôld, onvervaard.Unappeasable,ɐnəpîzəb’l, onverzoenlijk;Unappeased= onbevredigd, onverzoend.Unapplied,ɐnəplaid, niet aangewend:Unapplied funds= dood kapitaal.Unappreciated,ɐnəprîšeitid, niet gewaardeerd.Unapprehended,ɐnaprihendid, niet gearresteerd, niet gevreesd;Unapprehensive= niet begrijpend, zorgeloos:I am not unapprehensive that= ik weet heel wel, dat; subst.Unapprehensiveness.Unapprised,ɐnəpraizd, niet onderricht.Unapproachable,ɐnəproutšəb’l, ongenaakbaar; subst.Unapproachableness.Unappropriated,ɐnəprouprieitid, niet toegeëigend, niet voor een bepaald doel aangewezen of gebruikt:Unappropriated funds= dood kapitaal.[600]Unapproved,ɐnəprûvd, niet goedgekeurd.Unapt,ɐnapt, ongeschikt, ongenegen; subst.Unaptness.Unarm,ɐnâm, ontwapenen, de wapenen neerleggen;Unarmed= ongewapend, bloot.Unarrested,ɐnərestid, onbelemmerd.Unartistic,ɐnâtistik, onartistiek.Unascertainable,ɐnasəteinəb’l, wat niet uitgemaakt of uitgevorscht kan worden;Unascertained= niet zeker bekend.Unashamed,ɐnəšeimd, zonder schaamte.Unasked,ɐnâs(k)t, ongevraagd, ongenood.Unassailable,ɐnəseiləb’l, onaantastbaar, onbetwistbaar;Unassailed= onbetwist.Unassignable,ɐnəsainəb’l, niet over te dragen of toe te wijzen;Unassigned.Unassimilable,ɐnəsimiləb’l, niet te assimileeren;Unassimilated.Unassisted,ɐnəsistid, zonder hulp.Unassociated,ɐnəsoušeitid, niet vereenigd.Unassuaged,ɐnəsweidžd, niet bevredigd of gestild.Unassuming,ɐnəsiûmiŋ, bescheiden, niet aanmatigend.Unattached,ɐnətatšt, niet verbonden, niet toegedaan, extern,à la suite, niet in beslag genomen of benaderd; los:Colonel unattached= à la suite;Unattached students= extern, niet in een college wonend.Unattainable,ɐnəteinəb’l, onbereikbaar; subst.Unattainableness.Unattempted,ɐnətemtid, onbeproefd.Unattended,ɐnətendid, onvergezeld, zonder gevolg, verwaarloosd.Unau,jûnô,junô, tweeteenige luiaard.Unaudited,ɐnôditid, niet nagezien of verevend.Unauthenticated,ɐnôthentikeitid, niet bekrachtigd, waarvan de echtheid niet bewezen is.Unauthorised,ɐnôthəraizd, onbevoegd, onwettig, niet echt.Unavailable,ɐnəveiləb’l, onbruikbaar, ongeldig; subst.Unavailableness;Unavailing= nutteloos.Unavenged,ɐnəvenžd, ongewroken, ongestraft.Unavoidable,ɐnəvôidəb’l, onvermijdelijk; subst.Unavoidableness.Unavowed,ɐnəvaud, niet erkend.Unaware,ɐnəwêə, adj. onwetend, onwillekeurig, zorgeloos, onattent;Unaware(s), adv. plotseling, onverhoeds, onverwachts.Unawed,ɐnôd, onbeschroomd.Unbacked,ɐnbakt, niet gesteund, nog niet gedresseerd om een ruiter te dragen; paard waarop niet gewed is.Unbag,ɐnbag, (den vos) uit den zak laten; uitbrengen.Unbaked,ɐnbeikt, niet gebakken, ongaar, onrijp.Unbalanced,ɐnbal’nst, niet in evenwicht, niet vereffend.Unballasted,ɐnbaləstid, zonder ballast, onvast.Unbandaged,ɐnbandidžd, zonder verbanden.Unbaptized,ɐnbaptaizd, ongedoopt.Unbar,ɐnbâ, ontgrendelen, ontsluiten.Unbated,ɐnbeitid, onverzwakt, niet stomp gemaakt.Unbathed,ɐnbeidhd, niet bevochtigd.Unbattered,ɐnbatəd, niet gekneusd of gedeukt.Unbearable,ɐnbêrəb’l, ondragelijk.Unbearded,ɐnbîədid, baardeloos.Unbeaten,ɐnbît’n, niet geslagen, ongebaand, niet betreden.Unbecoming,ɐnbikɐmiŋ, ongepast, onbehoorlijk, onwelvoeglijk, niet kleedend; subst.Unbecomingness.Unbefriended,ɐnbifrendid, zonder vrienden, niet begunstigd.Unbegot(ten),ɐnbigot(’n), niet geboren, eeuwig.Unbeheld,ɐnbiheld, niet aanschouwd, onzichtbaar =Unbeholden.Unbeknowing,ɐnbinouiŋ, niet wetend;Unbeknown(st)= onbekend:Unbeknowing to me= zonder mijn voorkennis;The land of the unbeknowing= het onbekende land.Unbelief,ɐnbilîf, ongeloof;Unbelievable= ongelooflijk;Unbeliever= ongeloovige;Unbelieving= ongeloovig.Unbeloved,ɐnbilɐvd, onbemind.Unbend,ɐnbend, ontspannen, losmaken, verslappen, gemoedelijk worden, afslaan (van zeilen):Tounbend one’s mind= zich ontspannen;unbending= onbuigzaam, stijf, hardnekkig, aan ontspanning gewijd (Unbend-hour); ook subst.Unbenefited,ɐnbenəfitid, geen voordeel trekkend uit, niet begunstigd door.Unbeseeming,ɐnbisîmiŋ, ongepast; subst.Unbeseemingness.Unbesought,ɐnbisôt, ongevraagd, vrijwillig.Unbespeak,ɐnbispîk, afzeggen, herroepen.Unbewailed,ɐnbiweild, onbetreurd.Unbias(s)ed,ɐnbaiəst, onpartijdig; subst.Unbiasedness.Unbidden,ɐnbid’n, vanzelf, ongenood:Hertears started unbidden= vloeiden onwillekeurig.Unbigoted,ɐnbigətid, vrij van dweeperij.Unbind,ɐnbaind, losbinden, bevrijden.Unblam(e)able,ɐnbleiməb’l, onschuldig, onberispelijk, onlaakbaar; subst.Unblam(e)ableness.Unbleached,ɐnblîtšt, ongebleekt.Unblemished,ɐnblemišt, onbevlekt, smetteloos.Unblended,ɐnblendid, onvermengd.Unblessed, Unblest,ɐnblest, ongezegend, ellendig, vervloekt.Unblinkered,ɐnbliŋkəd, zonder oogkleppen, met open oogen:His eyes wereunblinkered by fees= hij deed geen oogje dicht om een fooi.Unbloody,ɐnblɐdi, niet bedoeld of bloeddorstig:Unbloody sacrifice= bloedlooze offerande.Unblotted,ɐnblotid, on(uit)gevlekt.Unblunted,ɐnblɐntid, niet verstompt of versuft.Unblushing,ɐnblɐšiŋ, schaamteloos.Unbodied,ɐnbodid, onlichamelijk, van het lichaam bevrijd of ontdaan.Unboiled,ɐnbôild, ongekookt.Unbonnet,ɐnbonət, de muts of den hoed afnemen of afzetten, ontblooten.Unborn,ɐnbön, ongeboren, toekomstig.[601]Unborrowed,ɐnboroud, niet ontleend, oorspronkelijk, echt.Unbosom,ɐnbuz’m:Heunbosomed himself= stortte zijn hart uit.Unbought,ɐnbôt, ongekocht.Unbound,ɐnbaund, niet gebonden.Unbounded,ɐnbaundid, onbegrensd, eindeloos; subst.Unboundedness.Unbrace,ɐnbreis, losmaken (-gespen, -knoopen):Unbraced drums= ontspannen trommen.Unbred,ɐnbred, ongemanierd, onkundig.Unbreeched,ɐnbrîtšt, zonder broek.Unbridle,ɐnbraid’l, aftoomen, loslaten;Unbridled= ongetoomd, losbandig, uitgelaten.Unbroke(n),ɐnbrouk(’n), on(af)gebroken, regelmatig, ongeschonden, niet afgereden, onverminderd, ongestoord.Unbrotherly,ɐnbrɐdhəli, onbroederlijk, onvriendelijk, onnatuurlijk.Unbuckle,ɐnbɐk’l, losgespen.Unbuilt,ɐnbilt, ongebouwd.Unburden,ɐnbɐ̂d’n, ontlasten, afwerpen, ontdekken, openbaren:He had something to unburden= op ’t hart;When I have any unburdening to do,there’s always mother= iets op ’t hart heb;Tounburden oneself= zijn hart uitstorten.Unburied,ɐnberid, onbegraven.Unburned,ɐnbɐ̂nd,Unburnt,ɐnbɐ̂nt, ongebrand, onverbrand.Unburthen,ɐnbɐ̂dhən=Unburden.Unbusinesslike,ɐnbiznəslaik, niet overeenkomstig de handelsusanties, onpractisch.Unbutton,ɐnbɐt’n, losknoopen.Uncalled,ɐnkôld, ongeroepen:Your pityis uncalled for= is te onpas, niet noodig;Your jealousy isuncalled for= uwe jaloerschheid is zonder grond, onredelijk.Uncancel(l)ed,ɐnkânsəld, niet doorgehaald, niet opgeheven.Uncanny,ɐnkani, onvoorzichtig, roekeloos, onzeker, hevig, sterk, geheimzinnig:Uncanny legal documents= geheimzinnige, duistere documenten;The contrast between the shining eyes and the impassive face was so extraordinary asto be almost uncanny= dat het haast iets spookachtigs had;The faces of our departed youthhave an uncanny trick of rising up suddenly= duiken op onverklaarbare wijze op.Uncanonical,ɐnkənonik’l, niet kanoniek:Uncanonical hours= uren waarop geene huwelijksinzegening mag plaats hebben (in Engeland tusschen 8 a.m. en 3 p.m.); subst.Uncanonicalness.Uncap,ɐnkap, openen, de bedekking afnemen:Uncapped= met ongedekt hoofd.Uncape,ɐnkeip, het kapje (van den valk) afnemen; de honden loslaten; den vos uit den zak laten.Uncared,ɐnkêəd, zonder dat er op gelet wordt:There he layuncared for= verwaarloosd.Uncarpeted,ɐnkâpətid, zonder vloerkleed.Uncase,ɐnkeis, uit de bedekking of étui nemen, openbaren, ontplooien (v. h. vaandel), ontkleeden.Unceasing,ɐnsîsiŋ, onophoudelijk.Unceremonious,ɐnserəmounjəs, zonder complimenten, familiaar.Uncertain,ɐnsɐ̂tin, onzeker, grillig, onvast, dubbelzinnig, weifelend, wispelturig:Uncertain on one’s legs= onvast;Uncertainty= onzekerheid, twijfelachtigheid, gebeurlijkheid.Uncertificated,ɐnsətifikeitid, niet gediplomeerd.Unchain,ɐntšein, ontketenen, loslaten.Unchallengeable,ɐntšal’nžəb’l, ontwijfelbaar, onwraakbaar, zonder eenige kwestie;Unchallenged= niet betwijfeld.Unchangeable,ɐntšeinžəb’l, onveranderlijk:Unchangeable of purpose= vastbesloten; subst.Unchangeableness;Unchanged;Unchanging.Uncharged,ɐntšâdžd, ongeladen, niet aangevallen; van normale sterkte.Uncharitable,ɐntšaritəb’l, liefdeloos, onbarmhartig; subst.Uncharitableness.Unchary,ɐntšêri, onvoorzichtig, verspillend.Unchaste,ɐntšeist, onkuisch;Unchastity,ɐntšastiti, onkuischheid.Unchecked,ɐntšekt, ongehinderd.Unchivalric,ɐnšiv’lrik,Unchivalrous,ɐnšiv’lrɐs, onridderlijk.Unchristened,ɐnkris’nd, ongedoopt.Unchristian,ɐnkristj’n, onchristelijk.Unchronicled,ɐnkronik’ld, onvermeld.Uncial,ɐnš’l, subst en adj. (met) unciaal (letters).Unciform,ɐnsiföm, haakvormig =Uncinate,ɐnsinit.Uncircumcised,ɐnsɐ̂k’msaizd, onbesneden; subst.Uncircumcision, ook: alle niet-Joden.Uncircumscribed,ɐnsɐ̂k’mskraibd, onbeperkt.Uncircumspect,ɐnsɐ̂k’mspekt, onbedachtzaam.Uncivil,ɐnsivil, onbeleefd, lomp;Uncivilized= barbaarsch, onbeschaafd.Unclaimed,ɐnkleimd, niet opgevraagd of opgeëischt, onbestelbaar.Unclasp,ɐnklâsp, loshaken, openen.Uncle,ɐŋk’l, oom; pandjeshuishouder;Uncle-in-law= aangehuwde oom;My watch isat my Uncle’s= bij “Oome Jan”;Uncle Sam= de Vereenigde Staten (v. N. Amer.).Unclean,ɐnklîn, adj. onrein, vuil, onkuisch; subst.Uncleanliness,ɐnklenlinəs;Uncleanly,ɐnklenli, onrein, vuil, onkuisch; adv.ɐnklînli;Uncleanness,ɐnklînnəs=Uncleanliness;Uncleansed,ɐnklenzd, ongereinigd.Uncleared,ɐnklîəd, onontgonnen, niet opgeruimd, niet afgesloten.Unclerical,ɐnklerik’l, niet strookende met den geestelijken stand.Unclipped,ɐnklipt, ongesnoeid.Uncloak,ɐnklouk, den mantel afleggen, afnemen.Unclog,ɐnklog, de belemmering wegnemen, vrijmaken.Unclose,ɐnklouz, openen, opslaan, openbaren:Unclosed= open, onvoltooid.Unclothe,ɐnkloudh, ontkleeden, ontblooten.Unclouded,ɐnklaudid, onbewolkt, helder; subst.Uncloudedness;Uncloudy= helder.Unco,ɐŋkou, Schotsch voorUncouth, ongemeen, buitengewoon; subst. rare snuiter, vreemd iets.Uncock,ɐnkok, in rust zetten (den haan v. een geweer), neerslaan (van den rand van een hoed), uitspreiden (van hooi).[602]Uncockneyfied,ɐnkoknifaid, natuurlijk, ongemaakt.Uncoffined,ɐnkofind, niet in eene kist gelegd.Uncoil,ɐnkôil, afrollen.Uncoined,ɐnkôind, ongemunt, echt.Uncoloured,ɐnkɐləd, ongekleurd, onopgesmukt.Uncombed,ɐnkoumd, ongekamd.Uncombinable,ɐnk’mbainəb’l, onvereenigbaar;Uncombined= niet verbonden.Uncomeatable,ɐnkəmatəb’l, ongenaakbaar, onbereikbaar.Uncomeliness,ɐnkɐmlinəs, subst. v.Uncomely,ɐnkɐmli, onbevallig, onwelvoegelijk.Uncomfortable,ɐnkɐmfətəb’l, ongemakkelijk, onbehagelijk, troosteloos, droevig; subst.Uncomfortableness;Uncomforted= troosteloos, ongetroost.Uncommanded,ɐnkəmândid, niet bevolen, niet bestreken.Uncommemorated,ɐnkəmeməreitid, niet herdacht.Uncommended,ɐnkəmendid, roemloos.Uncommercial,ɐnkəmɐ̂š’l, tegen de handelsusanties.Uncommiserated,ɐnkəmizəreitid, onbetreurd.Uncommitted,ɐnkəmitid, niet bedreven, niet toevertrouwd, niet commissoriaal gemaakt, niet gearresteerd.Uncommon,ɐnkom’n, ongewoon, ongemeen; subst.Uncommonness.Uncommunicated,ɐnkəmjûnikeitid, niet medegedeeld;Anuncommunicativeman= zwijgend, gereserveerd persoon.Uncompelled,ɐnk’mpeld, ongedwongen.Uncomplaining,ɐnk’mpleiniŋ, gelaten.Uncompleted,ɐnk’mplîtid, niet voltooid.Uncomplimentary,ɐnkomplimentəri, zonder complimenten, ruw, lomp.Uncomplying,ɐnk’mplaiiŋ, oninschikkelijk, onhandelbaar.Uncompounded,ɐnk’mpaundid, niet samengesteld, eenvoudig; subst.Uncompoundedness.Uncompromising,ɐnkomprəmaiziŋ, onbuigzaam, star, onhandelbaar.Unconcealed,ɐnk’nsîld, onverholen.Unconceived,ɐnk’nsîvd, onbegrepen, onvoorzien.Unconcern,ɐnk’nsɐ̂n, zorgeloosheid, onverschilligheid, kalmte:With great unconcern= volkomen kalm;Unconcerned= onverschillig, etc.Unconciliatory,ɐnk’nsiljətəri, onverzoenlijk.Uncondensable,ɐnk’ndensəb’l, wat niet verdicht kan worden;Uncondensed.Unconditional,ɐnk’ndišən’l, onvoorwaardelijk, absoluut;Unconditioned= absoluut.Unconfessed,ɐnk’nfest, niet beleden, ontkend, zonder gebiecht te hebben.Unconfined,ɐnk’nfaind, onbeperkt.Unconfirmed,ɐnk’nfɐ̂md, niet bevestigd, zwak, wankelmoedig, onervaren, niet geconfirmeerd.Unconformable,ɐnk’nföməb’l, niet bestaanbaar of overeenkomstig, niet parallel (van lagen).Uncongenial,ɐnk’ndžînj’l, ongelijksoortig, onsympathiek.Unconnected,ɐnkənektid, onsamenhangend, niet verwant.Unconquerable,ɐnkoŋkərəb’l, onverwinbaar;Unconquered,ɐnkoŋkəd, onoverwonnen.Unconscionable,ɐnkonšənəb’l, gewetenloos, onredelijk, overdreven, enorm, kolossaal:Such anunconscionable time= onmogelijk lange tijd; subst.Unconscionableness;At anunconscionably earlyhour= onmogelijk vroeg.Unconscious,ɐnkonšəs, onbewust, niet lettend op, bewusteloos:Iam unconscious of it= mij daarvan niet bewust; subst.Unconsciousness.Unconsecrated,ɐnkonsikreitid, ongewijd.Unconsidered,ɐnk’nsidəd, ondoordacht.Unconsolidated,ɐnk’nsolideitid, niet geconsolideerd.Unconstitutional,ɐnkonstitjûšən’l, ongrondwettig;Unconstitutionality,ɐnkonstitjûšənaliti, ongrondwettigheid.Unconstrained,ɐnk’nstreind, ongedwongen.Unconsumed,ɐnk’nsiûmd, onverteerd.Uncontemplated,ɐnkont’mpleitid,ɐnk’ntempleitid, niet overdacht.Uncontestable,ɐnk’ntestib’l, onbetwistbaar;Uncontested,ɐnk’ntestid, onbetwist.Uncontradictable,ɐnkontrədiktəb’l, onbetwistbaar;Uncontradicted,ɐnkontrədiktid, niet tegengesproken.Uncontrollable,ɐnk’ntrouləb’l, onhandelbaar, teugelloos, wat niet nagegaan kan worden;Uncontrolled,ɐnk’ntrould, niet nagegaan, bandeloos, onbuigzaam.Uncontroverted,ɐnkontrəvɐ̂tid, onbetwist.Unconverted,ɐnk’nvɐ̂tid, onbekeerd;Unconvertible,ɐnk’nvɐ̂tib’l, onveranderbaar.Unconvinced,ɐnk’nvinst, onovertuigd.Uncork,ɐnkök, ontkurken, lucht geven aan.Uncoroneted,ɐnkorənetid, niet gekroond.Uncorrected,ɐnkərektid, onverbeterd.Uncorroborated,ɐnkərobəreitid, niet bevestigd of gestaafd.Uncorrupt(ed),ɐnkərɐpt(id), onbedorven, onvervalscht; subst.Uncorrupt(ed)ness.Uncountable,ɐnkauntəb’l, ontelbaar;Uncounted,ɐnkauntid, ongeteld.Uncouple,ɐnkɐp’l, loskoppelen.Uncourteous,ɐnkötjəs,ɐnkɐ̂tjəs, onhoffelijk;Uncourteousness=Uncourtliness,ɐnkötlinəs= onbeleefdheid, lompheid;Uncourtly= lomp, onbeschaafd.Uncouth,ɐnkûth, vreemd, zonderling, onhandig, ruw; subst.Uncouthness.Uncovenanted,ɐnkɐvənantid, niet volgens contract beloofd, onverdiend, onafgesproken:Uncovenanted civil service= tak van den burgerlijken dienst (Indië), waarvan de leden geen examen doen en geen pensioen krijgen.Uncover,ɐnkɐvə, openen, (zich) ontblooten, zonder bedekking laten, groeten;Uncovered= ontbloot, blootgelegd, ongedekt:Toleave uncovered.Uncritical,ɐnkritik’l, niet kritisch.Unction,ɐŋkš’n, oliesel, zalf, zalving, verzachting:Extreme unction= laatste oliesel; subst.Unctuosity,ɐŋktjuositi, subst. v.[603]Unctuous,ɐŋjktuəs, vettig, olieachtig, verzachtend, zalvend; subst.Unctuousness.Uncultivable,ɐnkɐltivəb’l, onbebouwbaar, niet te beschaven;Uncultivated= onbebouwd, onbeschaafd, ruw:A waste ofuncultivated heath.Uncurbed,ɐnkɐ̂bd, ongetemd, teugelloos.Uncurl,ɐnkɐ̂l, glad maken, de krul verliezen.Uncurtailed,ɐnkəteild, onverkort.Uncustomary,ɐnkɐstəməri, ongewoon, ongebruikelijk;Uncustomed= zonder klanten.Uncut,ɐnkɐt, niet bekapt, onopengesneden, niet geschoren, onbeschadigd.Undamaged,ɐndamidžd, onbeschadigd.Undamped,ɐndampt, niet ingevocht of bevochtigd, niet ontmoedigd.Undated,ɐndeitid, ongedateerd.Undated,ɐndeitid, golvend.Undaunted,ɐndôntid,ɐndântid, onversaagd, onverschrokken; subst.Undauntedness.Undazzled,ɐndaz’ld, niet verblind.Undebased,ɐndibeist, onverbasterd.Undebauched,ɐndibôtšt, onbedorven.Undecayed,ɐndikeid, niet vervallen, onverzwakt;Undecaying= onveranderlijk, onsterfelijk.Undeceive,ɐndisîv, ontgoochelen, uit den droom helpen, de oogen openen:At lastI was undeceived= vielen mij de schellen van de oogen;I haveundeceived his error= hem van zijne dwaling genezen.Undecided,ɐndisaidid, onbeslist, weifelend.Undecipherable,ɐndisaifərəb’l, niet te ontcijferen;Undeciphered,ɐndisaifəd, niet ontcijferd.Undecked,ɐndekt, niet versierd; zonder dek, open.Undeclared,ɐndiklêəd, niet verklaard.Undeclinable,ɐndiklainəb’l, onverbuigbaar;Undeclined= onverbogen.Undecorated,ɐndekəreitid, onversierd.Undedicated,ɐndedikeitid, niet opgedragen.Undefaceable,ɐndifeisəb’l, onuitwischbaar;Undefaced= onuitgewischt, niet misvormd.Undefended,ɐndifendid, onverdedigd, onbeschermd.Undefiled,ɐndifaild, onbesmet, rein.Undefinable,ɐndifainəb’l, niet bepaalbaar, onbegrensd; subst.Undefinableness;Undefined= onbepaald, vaag.Undefrayed,ɐndifreid, niet betaald of gedekt.Undeliverable,ɐndilivərəb’l, onbestelbaar;Undelivered,ɐndilivəd, niet verlost, niet afgeleverd, niet besteld.Undemolished,ɐndimolišt, niet gesloopt.Undeniable,ɐndinaiəb’l, onloochenbaar.Undenominational,ɐndinomineišən’l, niet van een sekte:Undenominational school= neutrale school.Undeplored,ɐndiplöd, onbetreurd.Undeposable,ɐndipouzəb’l, onafzetbaar.Undepraved,ɐndipreivd, onbedorven.Undeprived,ɐndipraivd, niet beroofd.Under,ɐndə, onder, lager dan, beneden, minder:Under this act= krachtens deze wet;To beunder age= minderjarig;To beunder arms= onder de wapenen;To speakunder one’s breath= zeer zacht;Under these circumstances;He wasunder a cloud= terneergedrukt, melancholiek, had geldgebrek, in ’t ongeluk;He did itunder colour oftaking an interest in me= onder den schijn van;Under command of;Under consideration= in overweging;The bill wasunder discussion= in behandeling;Under your favour= met uw verlof;The troops wereunder the enemy’s fire= blootgesteld aan het vuur;Under the firm of= onder de firma;She wears the undergarments of men= heeft de broek aan;Under God= naast God;Under his own hand= eigenhandig;To beunder oath= onder eede;Under pain of death= op straffe van;Under pretence= onder voorwendsel;Under the rose= “onder de roos”, in ’t geheim;He was disqualifiedunder another rule= hij mocht niet meedoen (geen lid worden) volgens een andere bepaling;Under sail= onder zeil;Under the royal seal= met het koninklijk zegel;He wasunder sentence of death= ter dood veroordeeld;I won’t sell itunder three figures= voor minder dan 100 pond sterling;Under treatment= in (onder) behandeling;Under water;To getunder weigh= anker op gaan;Her beauty was a glittering mantlewith no soul under= daaronder;Keep him under= houd hem onder de plak;Tolabour under a severe cold= lijden aan;Totrample under foot= vertrappen;Underbid= minder bieden dan, te weinig bieden;Underbred= slecht opgevoed;Underbrush= hak of kreupelhout;An over-estimate of expenditure or anunder-calculation of income;Underclay= laag klei onder een kolenlaag;Underclothes, onderkleeren =Underclothing;Undercurrent, subst. benedenstroom, neveninvloed;Underditch,ɐndəditš, draineeren;Underdo,ɐndədû, minder doen (dan men kan);The meat wasunderdone= niet gaar;Underdose,ɐndədous, te kleine hoeveelheden geven of nemen;ɐndədous, onvoldoende hoeveelheid of dosis;Underdrain,ɐndədrein, subst. onderaardsch afvoerkanaal;Underverb. (ɐndədrein) rioleeren;Under-estimate,ɐndərestimeit, onderschatten;ɐndərestimit, onderschatting;Underfaction= nevenpartij;Underfeed,ɐndəfîd, onvoldoende voeden;Underfoot,ɐndəfut, onder den voet, beneden;Underfurrow,ɐndəfɐrou, onderploegen;Undergird,ɐndəgɐ̂d, beneden steunen;Undergo= ondergaan, doorstaan, ondervinden, lijden;Undergrad(uate),ɐndəgrad(ju-it), student (OxfordenCambridge, andersStudent);Underground= onder den grond, onderaardsch, heimelijk:Underground (railway)= ondergrondsche spoor;Undergrown,ɐndəgroun, niet uitgegroeid, te klein;Undergrowth,ɐndəgrouth, onderhout, hakhout;Underhand= heimelijk, onderhands geslagen:His sneaking,Underhanded ways= heimelijke manier van doen;He istreacherous and Underhanded= achterbaksch;Underhung= met vooruitstekende benedenkaak;Underinsured= te laag verzekerd;Under-jaw= onderkaak;Underlay, verb. iets onderleggen,[604]steunen:Sand underlaid with clay= op klei rustend zand; subst. (ɐndəlei) onderlegger;Under-lease= onderpacht, onderhuur;Underlet= onderverhuren; onder de waarde verhuren;Underletter= onderhuurder, die onder de waarde verhuurt;Underlie= liggen onder, ten grondslag liggen, gebonden zijn aan:Heunderlay the accusationcontained in those words= had de hand in;Underline= onderstrèpen;Underlinen;Underling= ondergeschikte;Underlip;Underlock= wol onder den buik van een schaap;Undermanned,ɐndəmand, niet voldoende van manschappen voorzien;Undermasted,ɐndəmâstid, niet voldoende van masten voorzien;Undermentioned= nagenoemde;Undermine= ondermijnen, benadeelen;Underminer= ondermijner, geheime of stille vijand;Undermost= onderste;Underneath,[andənîth],ɐndənîdh, beneden, onder;Underpart= ondergeschikte rol, minder belangrijk deel;Underpay= onvoldoend bezoldigen of betalen:The poor seamstresses are shamefullyUnderpaid= worden schandelijk slecht betaald;Underpayment;Underpeopled,ɐndəpîp’ld,ɐndəpîp’ld, te schaars bevolkt;Underpin= ondersteunen, stutten;Underplot= episode, nevenintrige;Under-policed,ɐndepəlîst, niet voldoende van politie voorzien:London is very muchunder-policed= heeft veel te weinig politie;Underprice= spotprijs;Underproof= beneden normale sterkte;Underprop= ondersteunen, stutten;Underrate= onderschàtten, te laag waardeeren;Underrun= onderdoorloopen of varen;Underscore,ɐndəskö, onderschrappen;Undersell= verkoopen onder de waarde en goedkooper dan;Underset= benedenstroom (tegen den bovenstroom in);Undershot= bewogen door onderdoorstroomend water:Undershot wheel;Undershrub= kreupelhout;Undersign,ɐndəsain, onderteekenen:The undersigned= de ondergeteekende(n);Undersized= onder de middelbare grootte;Undersoil= ondergrond;The schools areunderstaffed= hebben te weinig personeel;Understand= begrijpen, verstaan, vernemen, overtuigd zijn, meenen, aannemen, opmaken:He could notmake himself understood= kon zich niet verstaanbaar maken, werd niet begrepen;Such things are understood= spreken vanzelf;We understandthat many are expected= wij vernemen;I wasgiven to understand= mij werd te kennen gegeven;Hewill have me understand= wil dat ik begrijpe;Iunderstand fromwhat you say= maak op uit hetgeen ge zegt;You’ll haveto understand yourself withhim= zult u met hem moeten verstaan;Understandable= begrijpelijk;Not understanded ofthe people= niet door het volk begrepen;Understanding, subst. verstand, begrip, kennis, verstandhouding, oordeel; adj. bekwaam, verstandig, ervaren:We could notcome to an understandingwith him= tot een schikking komen;I will do iton the (with this) understandingthat you help me= mits, met dien verstande dat;Understate= niet de volle waarheid mededeelen;Understatement= onderschatting, te lage opgaaf;Understrapper= ondergeschikte;Understrapping= ondergeschikt, dienend;Understudy, subst. plaatsvervanger van een acteur (die de rol heeft geleerd om ze desnoods te kunnen vervullen);Underverb.ɐndəstɐdi, in geval van nood vervangen;Undertake= ondernemen, wagen, op zich nemen, behandelen, zich belasten met, borgstaan voor:You have undertakento be here at seven= op u genomen, beloofd;Undertaker= aannemer, speculant, ondernemer (vooral van begrafenissen);Undertaking= onderneming, plechtige belofte;Undertaxed= te laag getaxeerd of belast;Under-tenant, onderpachter;Under-tenancy= ònderhuur, onderpacht;Underthings= onderkleeren;Under-timed= te kort belicht;Undertone= lage of zwakke toon:He spoke to mein an undertone= met gedempte stem;Undertook, imperf. vanto undertake;Under-tow=Under-current;Undervaluation,valjueiš’n, onderschàtting, te lage waardeering;Undervalue, verb. onder de waarde schatten, minachten; subst.ɐndəvaljû,ɐndəvaljû, te geringe prijs;Under-wear=onderkleeren;Underwent, imperf. vanto undergo;Under-wood= laag hout, kreupelhout;Underwork,ɐndəwɐ̂k, te weinig (slecht) werken, goedkooper werken;Underworked= niet genoeg werk hebbend;Under-world= de tegenvoeters, onderwereld, hel;Underwrite= onderschrijven, onderteekenen, zich onderwerpen aan; assureeren (van schepen);Underwriterɐndəraitə, assuradeur.
U,jû;U(rbis)C(onditae)= van af de stichting der stad Rome;U(pper)C(anada);U(ta)h;U(triusque)J(uris)D(octor)= doctor in de beide rechten;U(nited)K(ingdom);Ult(imo)= laatste, van de laatste maand;Unit(arian);Univ(ersity);Unm(arried);Up(per);U(nited)S(tates)=U(ncle)S(am);U(t)S(upra)= als boven;U(nited)S(tates of)A(merica);U(nited)S(tates)A(rmy)ofN(avy);Usu(al);U(tah)T(erritory).Ubiquitary,jubikwitəri=Ubiquitous,jubikwitɐs, alomtegenwoordig, overal tegelijk zijnde;Ubiquity= alomtegenwoordigheid.’Ud,ud= would.Udal,jûd’l, allodiaal; subst. allodium (op de Orkney en Shetland eilanden);Udaller,Udalman= bezitter van een allodium.Udder,ɐdə, uier;Uddered= met uier(s).Udometer,judomətə, regenmeter.Ugh,u, bah!Ugliness,ɐglinəs, subst. v.Ugly,ɐgli, leelijk, wanstaltig, terugstootend; gevaarlijk; verdrietig (Amer.):As ugly as sin= zoo leelijk als de nacht.Uhlan,(j)ûl’n, Ulaan.Uist,wist.Ukase,jûkeis, ukase.Ukraine,jûkrein,ûkrein.Ulcer,ɐlsə, zweer, gezwel;Ulcerate= zweren:His heart wasulcerated withhatred= hij droeg een ingekankerden haat in zijn hart;Ulceration, zweer, verzwering;Ulcerative,Ulceratory= zwerend;Ulcerous= als eene zweer; subst.Ulcerousness.Ule,jûlə, caoutchoucboom =Ule-tree.Ullage,ɐlidž, lekkage:Ullages= restanten wijn bij een diner.Ulla-lulla,ɐlə-lɐlə, lijkklacht.Ulmaceous,ɐlmeišəs, olmachtig;Ulmus,ɐlməs, olm.Ulna,ɐlnə, ellepijp; adj.Ulnar.Ulric,ɐlrik;Ulrica,ɐlraikə.Ulster,ɐlstə, lange getailleerde overjas.Ulterior,ɐltîriə, verder(af gelegen), aan de andere zijde.Ultimate,ɐltimit, verste, laagste, uiterste, achterste, slot - -, grond - -;Ultimatum,ɐltimeit’m, ultimatum;Ultimo,ɐltimou, van de laatste maand;Ultimogeniture,ɐltimədženitjə, erfopvolgingsrecht van den jongsten zoon of broeder.Ultra,ɐltrə, uiterst, buitensporig; subst. ultra, radicaal;Ultramarine,ɐltrəmərîn,ɐltrəmərîn, subst. ultramarijn; adj. ultramarin, overzeesch;Ultramontane,ɐltrəmontein, subst. ultramontaan; adj. aan de andere zijde der bergen gelegen:Ultramontane party;Ultramontanism,ɐltrəmontənizm, ultramontanisme;Ultramontanist.Ululate,ɐljuleit,ûluleit, huilen, krassen;Ululation, gehuil, gekras, weeklacht.Ulysses,jûlisîz; adj.Ulyssean.[599]Umbel,ɐmb’l, scherm;Umbellate(d),ɐmbəlit(Umbeleitid) schermbloemig, schermdragend =Umbelliferous,ɐmbəlifərɐs;Umbellule,ɐmbeljûl, klein scherm.Umber,ɐmbə, subst. vlagzalm; omber (verfstof); adj. bruin, donker;Umberverb. metumberverven, donker verven:Burnt umber= gebrande;Raw umber= ongebrande.Umbilic(al),ɐmbilik(’l), navel - -:Umbilical cord= navelstreng;Umbilical region= navelstreek;Umbilicate(d)= navelvormig;Umbilicus,ɐmbilaikəs, navel, navelkruid.Umbles,ɐmb’lz, ingewand van een hert.Umbo,ɐmbou(Meerv.Umbones,ɐmbounîz), knop van een schild, bult; adj.Umbonal.Umbra,ɐmbrə, kernschaduw, ombervisch.Umbrage,ɐmbridž, schaduw, lommer; verdenking, aanstoot:Hegave umbrage tothe more advanced= ergerde;I am sorry you havetaken umbrage atmy words= dat gij u geërgerd hebt;Umbrageous,ɐmbreidžəs, schaduwrijk, lommerrijk; subst.Umbrageousness.Umbre,ɐmbə=Umber.Umbrella,ɐmbrelə, paraplu:Toopen (To put up),Toshut an umbrella;Umbrella-case= foudraal;Umbrella-maker;Umbrella-runner= schuifring;Umbrella-stand= paraplustander;Umbrella-stick.Umbria,ɐmbriə, Umbrië.Umph,ɐmp, interj. H’m!Umpire,ɐmpaiə, subst. scheidsrechter;Umpireverb. als scheidsrechter optreden;Umpireship.’Un,ɐn=one.Un= on, niet, etc. in samenstellingen. ZieIn.Unabashed,ɐnəbašt, schaamteloos, onbeschaamd.Unabated,ɐnəbeitid, onverminderd, onverzwakt, onverflauwd.Unabbreviated,ɐnəbrîvjeitid, onverkort.Unable,ɐneib’l, onbekwaam, niet in staat; subst.Unableness.Unabolished,ɐnəbolišt, niet afgeschaft, nog van kracht.Unabridged,ɐnəbridžd, onverkort.Unabrogated,ɐnabrəgeitid, niet afgeschaft.Unabsorbable,ɐnəbsöbəb’l, niet absorbeerbaar.Unacceptable,ɐnəkseptəb’l, onaangenaam, onaannemelijk, niet welkom; subst.Unacceptableness.Unaccommodating,ɐnəkomədeitiŋ, niet inschikkelijk, onbuigzaam.Unaccompanied,ɐnəkɐmpənid, niet vergezeld, zonder begeleiding.Unaccomplished,ɐnəkomplišt, onvoltooid, onvolvoerd.Unaccountability,ɐnəkauntəbiliti, subst. v.Unaccountable,ɐnəkauntəb’l, onverklaarbaar, onverantwoordelijk; subst.Unaccountableness;Six of the lost areunaccounted foryet= zijn nog niet terecht gebracht.Unaccustomed,ɐnəkɐst’md, ongewoon, ongebruikelijk, ongewend (to).Unachievable,ɐnətšîvəb’l, onuitvoerbaar, onbereikbaar;Unachieved= onuitgevoerd, onvoltooid.Unacknowledged,ɐnəknolidžd, niet erkend.Unacquainted,ɐnəkweintid, onbekend (with); subst.Unacquaintedness.Unacquired,ɐnəkwaiəd, onverkregen.Unacquitted,ɐnəkwitid, niet vrijgesproken; niet betaald.Unactable,ɐnaktəb’l, niet opvoerbaar;Unacted,ɐnaktid, onopgevoerd, ongevoelig voor (by).Unactuated,ɐnaktjueitid, niet bewerkt of geïnfluenceerd, levenloos:Unactuated bysuch opinions.Unadapted,ɐnədaptid, ongeschikt; subst.Unadaptedness.Unaddicted,ɐnədiktid, niet overgegeven of verslaafd (to).Unadjusted,ɐnədžɐstid, niet uitgemaakt of beslist.Unadorned,ɐnədönd, onversierd.Unadulterate(d),ɐnədɐltərit(ɐnədɐltəreitid), onvervalscht, zuiver, echt.Unadvised,ɐnədvaizd, onverstandig, onvoorzichtig; subst.Unadvisedness.Unaffected,ɐnəfektid, natuurlijk, ongedwongen, ongekunsteld; subst.Unaffectedness.Unaided,ɐneidid, zonder hulp, bloot (oog).Unallowable,ɐnəlauəb’l, ongeoorloofd, niet toelaatbaar.Unalloyed,ɐnəlôid, onvermengd, zuiver.Unalterable,ɐnôltərəb’l, onveranderlijk, onbuigzaam, onverwrikbaar; subst.Unalterableness;Unaltered= onveranderd.Unambiguous,ɐnəmbigjuəs, niet dubbelzinnig, klaar, helder; subst.Unambiguousness.Unambitious,ɐnəmbišəs, niet eerzuchtig, bescheiden; subst.Unambitiousness.Unamenable,ɐnəmînəb’l, niet verantwoordelijk, onhandelbaar.Unamended,ɐnəmendid, niet verbeterd.Unamiable,ɐneimjəb’l, onvriendelijk, onbeminnelijk; subst.Unamiableness.Unamused,ɐnəmjûzd, niet vermaakt;Unamusing= niet vermakelijk.Unanimated,ɐnanimeitid, onbezield, vervelend.Unanimity,jûnənimiti, eenstemmigheid;Unanimous,jûnanimɐs, eenstemmig:With unanimous consent;subst.Unanimousness.Unanointed,ɐnənôintid, niet gezalfd.Unanswerability,ɐnânsərəbiliti, subst. v.Unanswerable,ɐnânsərəb’l, onweerlegbaar; subst.Unanswerableness;Unanswered,ɐnânsəd, onbeantwoord, niet wederlegd.Unappalled,ɐnəpôld, onvervaard.Unappeasable,ɐnəpîzəb’l, onverzoenlijk;Unappeased= onbevredigd, onverzoend.Unapplied,ɐnəplaid, niet aangewend:Unapplied funds= dood kapitaal.Unappreciated,ɐnəprîšeitid, niet gewaardeerd.Unapprehended,ɐnaprihendid, niet gearresteerd, niet gevreesd;Unapprehensive= niet begrijpend, zorgeloos:I am not unapprehensive that= ik weet heel wel, dat; subst.Unapprehensiveness.Unapprised,ɐnəpraizd, niet onderricht.Unapproachable,ɐnəproutšəb’l, ongenaakbaar; subst.Unapproachableness.Unappropriated,ɐnəprouprieitid, niet toegeëigend, niet voor een bepaald doel aangewezen of gebruikt:Unappropriated funds= dood kapitaal.[600]Unapproved,ɐnəprûvd, niet goedgekeurd.Unapt,ɐnapt, ongeschikt, ongenegen; subst.Unaptness.Unarm,ɐnâm, ontwapenen, de wapenen neerleggen;Unarmed= ongewapend, bloot.Unarrested,ɐnərestid, onbelemmerd.Unartistic,ɐnâtistik, onartistiek.Unascertainable,ɐnasəteinəb’l, wat niet uitgemaakt of uitgevorscht kan worden;Unascertained= niet zeker bekend.Unashamed,ɐnəšeimd, zonder schaamte.Unasked,ɐnâs(k)t, ongevraagd, ongenood.Unassailable,ɐnəseiləb’l, onaantastbaar, onbetwistbaar;Unassailed= onbetwist.Unassignable,ɐnəsainəb’l, niet over te dragen of toe te wijzen;Unassigned.Unassimilable,ɐnəsimiləb’l, niet te assimileeren;Unassimilated.Unassisted,ɐnəsistid, zonder hulp.Unassociated,ɐnəsoušeitid, niet vereenigd.Unassuaged,ɐnəsweidžd, niet bevredigd of gestild.Unassuming,ɐnəsiûmiŋ, bescheiden, niet aanmatigend.Unattached,ɐnətatšt, niet verbonden, niet toegedaan, extern,à la suite, niet in beslag genomen of benaderd; los:Colonel unattached= à la suite;Unattached students= extern, niet in een college wonend.Unattainable,ɐnəteinəb’l, onbereikbaar; subst.Unattainableness.Unattempted,ɐnətemtid, onbeproefd.Unattended,ɐnətendid, onvergezeld, zonder gevolg, verwaarloosd.Unau,jûnô,junô, tweeteenige luiaard.Unaudited,ɐnôditid, niet nagezien of verevend.Unauthenticated,ɐnôthentikeitid, niet bekrachtigd, waarvan de echtheid niet bewezen is.Unauthorised,ɐnôthəraizd, onbevoegd, onwettig, niet echt.Unavailable,ɐnəveiləb’l, onbruikbaar, ongeldig; subst.Unavailableness;Unavailing= nutteloos.Unavenged,ɐnəvenžd, ongewroken, ongestraft.Unavoidable,ɐnəvôidəb’l, onvermijdelijk; subst.Unavoidableness.Unavowed,ɐnəvaud, niet erkend.Unaware,ɐnəwêə, adj. onwetend, onwillekeurig, zorgeloos, onattent;Unaware(s), adv. plotseling, onverhoeds, onverwachts.Unawed,ɐnôd, onbeschroomd.Unbacked,ɐnbakt, niet gesteund, nog niet gedresseerd om een ruiter te dragen; paard waarop niet gewed is.Unbag,ɐnbag, (den vos) uit den zak laten; uitbrengen.Unbaked,ɐnbeikt, niet gebakken, ongaar, onrijp.Unbalanced,ɐnbal’nst, niet in evenwicht, niet vereffend.Unballasted,ɐnbaləstid, zonder ballast, onvast.Unbandaged,ɐnbandidžd, zonder verbanden.Unbaptized,ɐnbaptaizd, ongedoopt.Unbar,ɐnbâ, ontgrendelen, ontsluiten.Unbated,ɐnbeitid, onverzwakt, niet stomp gemaakt.Unbathed,ɐnbeidhd, niet bevochtigd.Unbattered,ɐnbatəd, niet gekneusd of gedeukt.Unbearable,ɐnbêrəb’l, ondragelijk.Unbearded,ɐnbîədid, baardeloos.Unbeaten,ɐnbît’n, niet geslagen, ongebaand, niet betreden.Unbecoming,ɐnbikɐmiŋ, ongepast, onbehoorlijk, onwelvoeglijk, niet kleedend; subst.Unbecomingness.Unbefriended,ɐnbifrendid, zonder vrienden, niet begunstigd.Unbegot(ten),ɐnbigot(’n), niet geboren, eeuwig.Unbeheld,ɐnbiheld, niet aanschouwd, onzichtbaar =Unbeholden.Unbeknowing,ɐnbinouiŋ, niet wetend;Unbeknown(st)= onbekend:Unbeknowing to me= zonder mijn voorkennis;The land of the unbeknowing= het onbekende land.Unbelief,ɐnbilîf, ongeloof;Unbelievable= ongelooflijk;Unbeliever= ongeloovige;Unbelieving= ongeloovig.Unbeloved,ɐnbilɐvd, onbemind.Unbend,ɐnbend, ontspannen, losmaken, verslappen, gemoedelijk worden, afslaan (van zeilen):Tounbend one’s mind= zich ontspannen;unbending= onbuigzaam, stijf, hardnekkig, aan ontspanning gewijd (Unbend-hour); ook subst.Unbenefited,ɐnbenəfitid, geen voordeel trekkend uit, niet begunstigd door.Unbeseeming,ɐnbisîmiŋ, ongepast; subst.Unbeseemingness.Unbesought,ɐnbisôt, ongevraagd, vrijwillig.Unbespeak,ɐnbispîk, afzeggen, herroepen.Unbewailed,ɐnbiweild, onbetreurd.Unbias(s)ed,ɐnbaiəst, onpartijdig; subst.Unbiasedness.Unbidden,ɐnbid’n, vanzelf, ongenood:Hertears started unbidden= vloeiden onwillekeurig.Unbigoted,ɐnbigətid, vrij van dweeperij.Unbind,ɐnbaind, losbinden, bevrijden.Unblam(e)able,ɐnbleiməb’l, onschuldig, onberispelijk, onlaakbaar; subst.Unblam(e)ableness.Unbleached,ɐnblîtšt, ongebleekt.Unblemished,ɐnblemišt, onbevlekt, smetteloos.Unblended,ɐnblendid, onvermengd.Unblessed, Unblest,ɐnblest, ongezegend, ellendig, vervloekt.Unblinkered,ɐnbliŋkəd, zonder oogkleppen, met open oogen:His eyes wereunblinkered by fees= hij deed geen oogje dicht om een fooi.Unbloody,ɐnblɐdi, niet bedoeld of bloeddorstig:Unbloody sacrifice= bloedlooze offerande.Unblotted,ɐnblotid, on(uit)gevlekt.Unblunted,ɐnblɐntid, niet verstompt of versuft.Unblushing,ɐnblɐšiŋ, schaamteloos.Unbodied,ɐnbodid, onlichamelijk, van het lichaam bevrijd of ontdaan.Unboiled,ɐnbôild, ongekookt.Unbonnet,ɐnbonət, de muts of den hoed afnemen of afzetten, ontblooten.Unborn,ɐnbön, ongeboren, toekomstig.[601]Unborrowed,ɐnboroud, niet ontleend, oorspronkelijk, echt.Unbosom,ɐnbuz’m:Heunbosomed himself= stortte zijn hart uit.Unbought,ɐnbôt, ongekocht.Unbound,ɐnbaund, niet gebonden.Unbounded,ɐnbaundid, onbegrensd, eindeloos; subst.Unboundedness.Unbrace,ɐnbreis, losmaken (-gespen, -knoopen):Unbraced drums= ontspannen trommen.Unbred,ɐnbred, ongemanierd, onkundig.Unbreeched,ɐnbrîtšt, zonder broek.Unbridle,ɐnbraid’l, aftoomen, loslaten;Unbridled= ongetoomd, losbandig, uitgelaten.Unbroke(n),ɐnbrouk(’n), on(af)gebroken, regelmatig, ongeschonden, niet afgereden, onverminderd, ongestoord.Unbrotherly,ɐnbrɐdhəli, onbroederlijk, onvriendelijk, onnatuurlijk.Unbuckle,ɐnbɐk’l, losgespen.Unbuilt,ɐnbilt, ongebouwd.Unburden,ɐnbɐ̂d’n, ontlasten, afwerpen, ontdekken, openbaren:He had something to unburden= op ’t hart;When I have any unburdening to do,there’s always mother= iets op ’t hart heb;Tounburden oneself= zijn hart uitstorten.Unburied,ɐnberid, onbegraven.Unburned,ɐnbɐ̂nd,Unburnt,ɐnbɐ̂nt, ongebrand, onverbrand.Unburthen,ɐnbɐ̂dhən=Unburden.Unbusinesslike,ɐnbiznəslaik, niet overeenkomstig de handelsusanties, onpractisch.Unbutton,ɐnbɐt’n, losknoopen.Uncalled,ɐnkôld, ongeroepen:Your pityis uncalled for= is te onpas, niet noodig;Your jealousy isuncalled for= uwe jaloerschheid is zonder grond, onredelijk.Uncancel(l)ed,ɐnkânsəld, niet doorgehaald, niet opgeheven.Uncanny,ɐnkani, onvoorzichtig, roekeloos, onzeker, hevig, sterk, geheimzinnig:Uncanny legal documents= geheimzinnige, duistere documenten;The contrast between the shining eyes and the impassive face was so extraordinary asto be almost uncanny= dat het haast iets spookachtigs had;The faces of our departed youthhave an uncanny trick of rising up suddenly= duiken op onverklaarbare wijze op.Uncanonical,ɐnkənonik’l, niet kanoniek:Uncanonical hours= uren waarop geene huwelijksinzegening mag plaats hebben (in Engeland tusschen 8 a.m. en 3 p.m.); subst.Uncanonicalness.Uncap,ɐnkap, openen, de bedekking afnemen:Uncapped= met ongedekt hoofd.Uncape,ɐnkeip, het kapje (van den valk) afnemen; de honden loslaten; den vos uit den zak laten.Uncared,ɐnkêəd, zonder dat er op gelet wordt:There he layuncared for= verwaarloosd.Uncarpeted,ɐnkâpətid, zonder vloerkleed.Uncase,ɐnkeis, uit de bedekking of étui nemen, openbaren, ontplooien (v. h. vaandel), ontkleeden.Unceasing,ɐnsîsiŋ, onophoudelijk.Unceremonious,ɐnserəmounjəs, zonder complimenten, familiaar.Uncertain,ɐnsɐ̂tin, onzeker, grillig, onvast, dubbelzinnig, weifelend, wispelturig:Uncertain on one’s legs= onvast;Uncertainty= onzekerheid, twijfelachtigheid, gebeurlijkheid.Uncertificated,ɐnsətifikeitid, niet gediplomeerd.Unchain,ɐntšein, ontketenen, loslaten.Unchallengeable,ɐntšal’nžəb’l, ontwijfelbaar, onwraakbaar, zonder eenige kwestie;Unchallenged= niet betwijfeld.Unchangeable,ɐntšeinžəb’l, onveranderlijk:Unchangeable of purpose= vastbesloten; subst.Unchangeableness;Unchanged;Unchanging.Uncharged,ɐntšâdžd, ongeladen, niet aangevallen; van normale sterkte.Uncharitable,ɐntšaritəb’l, liefdeloos, onbarmhartig; subst.Uncharitableness.Unchary,ɐntšêri, onvoorzichtig, verspillend.Unchaste,ɐntšeist, onkuisch;Unchastity,ɐntšastiti, onkuischheid.Unchecked,ɐntšekt, ongehinderd.Unchivalric,ɐnšiv’lrik,Unchivalrous,ɐnšiv’lrɐs, onridderlijk.Unchristened,ɐnkris’nd, ongedoopt.Unchristian,ɐnkristj’n, onchristelijk.Unchronicled,ɐnkronik’ld, onvermeld.Uncial,ɐnš’l, subst en adj. (met) unciaal (letters).Unciform,ɐnsiföm, haakvormig =Uncinate,ɐnsinit.Uncircumcised,ɐnsɐ̂k’msaizd, onbesneden; subst.Uncircumcision, ook: alle niet-Joden.Uncircumscribed,ɐnsɐ̂k’mskraibd, onbeperkt.Uncircumspect,ɐnsɐ̂k’mspekt, onbedachtzaam.Uncivil,ɐnsivil, onbeleefd, lomp;Uncivilized= barbaarsch, onbeschaafd.Unclaimed,ɐnkleimd, niet opgevraagd of opgeëischt, onbestelbaar.Unclasp,ɐnklâsp, loshaken, openen.Uncle,ɐŋk’l, oom; pandjeshuishouder;Uncle-in-law= aangehuwde oom;My watch isat my Uncle’s= bij “Oome Jan”;Uncle Sam= de Vereenigde Staten (v. N. Amer.).Unclean,ɐnklîn, adj. onrein, vuil, onkuisch; subst.Uncleanliness,ɐnklenlinəs;Uncleanly,ɐnklenli, onrein, vuil, onkuisch; adv.ɐnklînli;Uncleanness,ɐnklînnəs=Uncleanliness;Uncleansed,ɐnklenzd, ongereinigd.Uncleared,ɐnklîəd, onontgonnen, niet opgeruimd, niet afgesloten.Unclerical,ɐnklerik’l, niet strookende met den geestelijken stand.Unclipped,ɐnklipt, ongesnoeid.Uncloak,ɐnklouk, den mantel afleggen, afnemen.Unclog,ɐnklog, de belemmering wegnemen, vrijmaken.Unclose,ɐnklouz, openen, opslaan, openbaren:Unclosed= open, onvoltooid.Unclothe,ɐnkloudh, ontkleeden, ontblooten.Unclouded,ɐnklaudid, onbewolkt, helder; subst.Uncloudedness;Uncloudy= helder.Unco,ɐŋkou, Schotsch voorUncouth, ongemeen, buitengewoon; subst. rare snuiter, vreemd iets.Uncock,ɐnkok, in rust zetten (den haan v. een geweer), neerslaan (van den rand van een hoed), uitspreiden (van hooi).[602]Uncockneyfied,ɐnkoknifaid, natuurlijk, ongemaakt.Uncoffined,ɐnkofind, niet in eene kist gelegd.Uncoil,ɐnkôil, afrollen.Uncoined,ɐnkôind, ongemunt, echt.Uncoloured,ɐnkɐləd, ongekleurd, onopgesmukt.Uncombed,ɐnkoumd, ongekamd.Uncombinable,ɐnk’mbainəb’l, onvereenigbaar;Uncombined= niet verbonden.Uncomeatable,ɐnkəmatəb’l, ongenaakbaar, onbereikbaar.Uncomeliness,ɐnkɐmlinəs, subst. v.Uncomely,ɐnkɐmli, onbevallig, onwelvoegelijk.Uncomfortable,ɐnkɐmfətəb’l, ongemakkelijk, onbehagelijk, troosteloos, droevig; subst.Uncomfortableness;Uncomforted= troosteloos, ongetroost.Uncommanded,ɐnkəmândid, niet bevolen, niet bestreken.Uncommemorated,ɐnkəmeməreitid, niet herdacht.Uncommended,ɐnkəmendid, roemloos.Uncommercial,ɐnkəmɐ̂š’l, tegen de handelsusanties.Uncommiserated,ɐnkəmizəreitid, onbetreurd.Uncommitted,ɐnkəmitid, niet bedreven, niet toevertrouwd, niet commissoriaal gemaakt, niet gearresteerd.Uncommon,ɐnkom’n, ongewoon, ongemeen; subst.Uncommonness.Uncommunicated,ɐnkəmjûnikeitid, niet medegedeeld;Anuncommunicativeman= zwijgend, gereserveerd persoon.Uncompelled,ɐnk’mpeld, ongedwongen.Uncomplaining,ɐnk’mpleiniŋ, gelaten.Uncompleted,ɐnk’mplîtid, niet voltooid.Uncomplimentary,ɐnkomplimentəri, zonder complimenten, ruw, lomp.Uncomplying,ɐnk’mplaiiŋ, oninschikkelijk, onhandelbaar.Uncompounded,ɐnk’mpaundid, niet samengesteld, eenvoudig; subst.Uncompoundedness.Uncompromising,ɐnkomprəmaiziŋ, onbuigzaam, star, onhandelbaar.Unconcealed,ɐnk’nsîld, onverholen.Unconceived,ɐnk’nsîvd, onbegrepen, onvoorzien.Unconcern,ɐnk’nsɐ̂n, zorgeloosheid, onverschilligheid, kalmte:With great unconcern= volkomen kalm;Unconcerned= onverschillig, etc.Unconciliatory,ɐnk’nsiljətəri, onverzoenlijk.Uncondensable,ɐnk’ndensəb’l, wat niet verdicht kan worden;Uncondensed.Unconditional,ɐnk’ndišən’l, onvoorwaardelijk, absoluut;Unconditioned= absoluut.Unconfessed,ɐnk’nfest, niet beleden, ontkend, zonder gebiecht te hebben.Unconfined,ɐnk’nfaind, onbeperkt.Unconfirmed,ɐnk’nfɐ̂md, niet bevestigd, zwak, wankelmoedig, onervaren, niet geconfirmeerd.Unconformable,ɐnk’nföməb’l, niet bestaanbaar of overeenkomstig, niet parallel (van lagen).Uncongenial,ɐnk’ndžînj’l, ongelijksoortig, onsympathiek.Unconnected,ɐnkənektid, onsamenhangend, niet verwant.Unconquerable,ɐnkoŋkərəb’l, onverwinbaar;Unconquered,ɐnkoŋkəd, onoverwonnen.Unconscionable,ɐnkonšənəb’l, gewetenloos, onredelijk, overdreven, enorm, kolossaal:Such anunconscionable time= onmogelijk lange tijd; subst.Unconscionableness;At anunconscionably earlyhour= onmogelijk vroeg.Unconscious,ɐnkonšəs, onbewust, niet lettend op, bewusteloos:Iam unconscious of it= mij daarvan niet bewust; subst.Unconsciousness.Unconsecrated,ɐnkonsikreitid, ongewijd.Unconsidered,ɐnk’nsidəd, ondoordacht.Unconsolidated,ɐnk’nsolideitid, niet geconsolideerd.Unconstitutional,ɐnkonstitjûšən’l, ongrondwettig;Unconstitutionality,ɐnkonstitjûšənaliti, ongrondwettigheid.Unconstrained,ɐnk’nstreind, ongedwongen.Unconsumed,ɐnk’nsiûmd, onverteerd.Uncontemplated,ɐnkont’mpleitid,ɐnk’ntempleitid, niet overdacht.Uncontestable,ɐnk’ntestib’l, onbetwistbaar;Uncontested,ɐnk’ntestid, onbetwist.Uncontradictable,ɐnkontrədiktəb’l, onbetwistbaar;Uncontradicted,ɐnkontrədiktid, niet tegengesproken.Uncontrollable,ɐnk’ntrouləb’l, onhandelbaar, teugelloos, wat niet nagegaan kan worden;Uncontrolled,ɐnk’ntrould, niet nagegaan, bandeloos, onbuigzaam.Uncontroverted,ɐnkontrəvɐ̂tid, onbetwist.Unconverted,ɐnk’nvɐ̂tid, onbekeerd;Unconvertible,ɐnk’nvɐ̂tib’l, onveranderbaar.Unconvinced,ɐnk’nvinst, onovertuigd.Uncork,ɐnkök, ontkurken, lucht geven aan.Uncoroneted,ɐnkorənetid, niet gekroond.Uncorrected,ɐnkərektid, onverbeterd.Uncorroborated,ɐnkərobəreitid, niet bevestigd of gestaafd.Uncorrupt(ed),ɐnkərɐpt(id), onbedorven, onvervalscht; subst.Uncorrupt(ed)ness.Uncountable,ɐnkauntəb’l, ontelbaar;Uncounted,ɐnkauntid, ongeteld.Uncouple,ɐnkɐp’l, loskoppelen.Uncourteous,ɐnkötjəs,ɐnkɐ̂tjəs, onhoffelijk;Uncourteousness=Uncourtliness,ɐnkötlinəs= onbeleefdheid, lompheid;Uncourtly= lomp, onbeschaafd.Uncouth,ɐnkûth, vreemd, zonderling, onhandig, ruw; subst.Uncouthness.Uncovenanted,ɐnkɐvənantid, niet volgens contract beloofd, onverdiend, onafgesproken:Uncovenanted civil service= tak van den burgerlijken dienst (Indië), waarvan de leden geen examen doen en geen pensioen krijgen.Uncover,ɐnkɐvə, openen, (zich) ontblooten, zonder bedekking laten, groeten;Uncovered= ontbloot, blootgelegd, ongedekt:Toleave uncovered.Uncritical,ɐnkritik’l, niet kritisch.Unction,ɐŋkš’n, oliesel, zalf, zalving, verzachting:Extreme unction= laatste oliesel; subst.Unctuosity,ɐŋktjuositi, subst. v.[603]Unctuous,ɐŋjktuəs, vettig, olieachtig, verzachtend, zalvend; subst.Unctuousness.Uncultivable,ɐnkɐltivəb’l, onbebouwbaar, niet te beschaven;Uncultivated= onbebouwd, onbeschaafd, ruw:A waste ofuncultivated heath.Uncurbed,ɐnkɐ̂bd, ongetemd, teugelloos.Uncurl,ɐnkɐ̂l, glad maken, de krul verliezen.Uncurtailed,ɐnkəteild, onverkort.Uncustomary,ɐnkɐstəməri, ongewoon, ongebruikelijk;Uncustomed= zonder klanten.Uncut,ɐnkɐt, niet bekapt, onopengesneden, niet geschoren, onbeschadigd.Undamaged,ɐndamidžd, onbeschadigd.Undamped,ɐndampt, niet ingevocht of bevochtigd, niet ontmoedigd.Undated,ɐndeitid, ongedateerd.Undated,ɐndeitid, golvend.Undaunted,ɐndôntid,ɐndântid, onversaagd, onverschrokken; subst.Undauntedness.Undazzled,ɐndaz’ld, niet verblind.Undebased,ɐndibeist, onverbasterd.Undebauched,ɐndibôtšt, onbedorven.Undecayed,ɐndikeid, niet vervallen, onverzwakt;Undecaying= onveranderlijk, onsterfelijk.Undeceive,ɐndisîv, ontgoochelen, uit den droom helpen, de oogen openen:At lastI was undeceived= vielen mij de schellen van de oogen;I haveundeceived his error= hem van zijne dwaling genezen.Undecided,ɐndisaidid, onbeslist, weifelend.Undecipherable,ɐndisaifərəb’l, niet te ontcijferen;Undeciphered,ɐndisaifəd, niet ontcijferd.Undecked,ɐndekt, niet versierd; zonder dek, open.Undeclared,ɐndiklêəd, niet verklaard.Undeclinable,ɐndiklainəb’l, onverbuigbaar;Undeclined= onverbogen.Undecorated,ɐndekəreitid, onversierd.Undedicated,ɐndedikeitid, niet opgedragen.Undefaceable,ɐndifeisəb’l, onuitwischbaar;Undefaced= onuitgewischt, niet misvormd.Undefended,ɐndifendid, onverdedigd, onbeschermd.Undefiled,ɐndifaild, onbesmet, rein.Undefinable,ɐndifainəb’l, niet bepaalbaar, onbegrensd; subst.Undefinableness;Undefined= onbepaald, vaag.Undefrayed,ɐndifreid, niet betaald of gedekt.Undeliverable,ɐndilivərəb’l, onbestelbaar;Undelivered,ɐndilivəd, niet verlost, niet afgeleverd, niet besteld.Undemolished,ɐndimolišt, niet gesloopt.Undeniable,ɐndinaiəb’l, onloochenbaar.Undenominational,ɐndinomineišən’l, niet van een sekte:Undenominational school= neutrale school.Undeplored,ɐndiplöd, onbetreurd.Undeposable,ɐndipouzəb’l, onafzetbaar.Undepraved,ɐndipreivd, onbedorven.Undeprived,ɐndipraivd, niet beroofd.Under,ɐndə, onder, lager dan, beneden, minder:Under this act= krachtens deze wet;To beunder age= minderjarig;To beunder arms= onder de wapenen;To speakunder one’s breath= zeer zacht;Under these circumstances;He wasunder a cloud= terneergedrukt, melancholiek, had geldgebrek, in ’t ongeluk;He did itunder colour oftaking an interest in me= onder den schijn van;Under command of;Under consideration= in overweging;The bill wasunder discussion= in behandeling;Under your favour= met uw verlof;The troops wereunder the enemy’s fire= blootgesteld aan het vuur;Under the firm of= onder de firma;She wears the undergarments of men= heeft de broek aan;Under God= naast God;Under his own hand= eigenhandig;To beunder oath= onder eede;Under pain of death= op straffe van;Under pretence= onder voorwendsel;Under the rose= “onder de roos”, in ’t geheim;He was disqualifiedunder another rule= hij mocht niet meedoen (geen lid worden) volgens een andere bepaling;Under sail= onder zeil;Under the royal seal= met het koninklijk zegel;He wasunder sentence of death= ter dood veroordeeld;I won’t sell itunder three figures= voor minder dan 100 pond sterling;Under treatment= in (onder) behandeling;Under water;To getunder weigh= anker op gaan;Her beauty was a glittering mantlewith no soul under= daaronder;Keep him under= houd hem onder de plak;Tolabour under a severe cold= lijden aan;Totrample under foot= vertrappen;Underbid= minder bieden dan, te weinig bieden;Underbred= slecht opgevoed;Underbrush= hak of kreupelhout;An over-estimate of expenditure or anunder-calculation of income;Underclay= laag klei onder een kolenlaag;Underclothes, onderkleeren =Underclothing;Undercurrent, subst. benedenstroom, neveninvloed;Underditch,ɐndəditš, draineeren;Underdo,ɐndədû, minder doen (dan men kan);The meat wasunderdone= niet gaar;Underdose,ɐndədous, te kleine hoeveelheden geven of nemen;ɐndədous, onvoldoende hoeveelheid of dosis;Underdrain,ɐndədrein, subst. onderaardsch afvoerkanaal;Underverb. (ɐndədrein) rioleeren;Under-estimate,ɐndərestimeit, onderschatten;ɐndərestimit, onderschatting;Underfaction= nevenpartij;Underfeed,ɐndəfîd, onvoldoende voeden;Underfoot,ɐndəfut, onder den voet, beneden;Underfurrow,ɐndəfɐrou, onderploegen;Undergird,ɐndəgɐ̂d, beneden steunen;Undergo= ondergaan, doorstaan, ondervinden, lijden;Undergrad(uate),ɐndəgrad(ju-it), student (OxfordenCambridge, andersStudent);Underground= onder den grond, onderaardsch, heimelijk:Underground (railway)= ondergrondsche spoor;Undergrown,ɐndəgroun, niet uitgegroeid, te klein;Undergrowth,ɐndəgrouth, onderhout, hakhout;Underhand= heimelijk, onderhands geslagen:His sneaking,Underhanded ways= heimelijke manier van doen;He istreacherous and Underhanded= achterbaksch;Underhung= met vooruitstekende benedenkaak;Underinsured= te laag verzekerd;Under-jaw= onderkaak;Underlay, verb. iets onderleggen,[604]steunen:Sand underlaid with clay= op klei rustend zand; subst. (ɐndəlei) onderlegger;Under-lease= onderpacht, onderhuur;Underlet= onderverhuren; onder de waarde verhuren;Underletter= onderhuurder, die onder de waarde verhuurt;Underlie= liggen onder, ten grondslag liggen, gebonden zijn aan:Heunderlay the accusationcontained in those words= had de hand in;Underline= onderstrèpen;Underlinen;Underling= ondergeschikte;Underlip;Underlock= wol onder den buik van een schaap;Undermanned,ɐndəmand, niet voldoende van manschappen voorzien;Undermasted,ɐndəmâstid, niet voldoende van masten voorzien;Undermentioned= nagenoemde;Undermine= ondermijnen, benadeelen;Underminer= ondermijner, geheime of stille vijand;Undermost= onderste;Underneath,[andənîth],ɐndənîdh, beneden, onder;Underpart= ondergeschikte rol, minder belangrijk deel;Underpay= onvoldoend bezoldigen of betalen:The poor seamstresses are shamefullyUnderpaid= worden schandelijk slecht betaald;Underpayment;Underpeopled,ɐndəpîp’ld,ɐndəpîp’ld, te schaars bevolkt;Underpin= ondersteunen, stutten;Underplot= episode, nevenintrige;Under-policed,ɐndepəlîst, niet voldoende van politie voorzien:London is very muchunder-policed= heeft veel te weinig politie;Underprice= spotprijs;Underproof= beneden normale sterkte;Underprop= ondersteunen, stutten;Underrate= onderschàtten, te laag waardeeren;Underrun= onderdoorloopen of varen;Underscore,ɐndəskö, onderschrappen;Undersell= verkoopen onder de waarde en goedkooper dan;Underset= benedenstroom (tegen den bovenstroom in);Undershot= bewogen door onderdoorstroomend water:Undershot wheel;Undershrub= kreupelhout;Undersign,ɐndəsain, onderteekenen:The undersigned= de ondergeteekende(n);Undersized= onder de middelbare grootte;Undersoil= ondergrond;The schools areunderstaffed= hebben te weinig personeel;Understand= begrijpen, verstaan, vernemen, overtuigd zijn, meenen, aannemen, opmaken:He could notmake himself understood= kon zich niet verstaanbaar maken, werd niet begrepen;Such things are understood= spreken vanzelf;We understandthat many are expected= wij vernemen;I wasgiven to understand= mij werd te kennen gegeven;Hewill have me understand= wil dat ik begrijpe;Iunderstand fromwhat you say= maak op uit hetgeen ge zegt;You’ll haveto understand yourself withhim= zult u met hem moeten verstaan;Understandable= begrijpelijk;Not understanded ofthe people= niet door het volk begrepen;Understanding, subst. verstand, begrip, kennis, verstandhouding, oordeel; adj. bekwaam, verstandig, ervaren:We could notcome to an understandingwith him= tot een schikking komen;I will do iton the (with this) understandingthat you help me= mits, met dien verstande dat;Understate= niet de volle waarheid mededeelen;Understatement= onderschatting, te lage opgaaf;Understrapper= ondergeschikte;Understrapping= ondergeschikt, dienend;Understudy, subst. plaatsvervanger van een acteur (die de rol heeft geleerd om ze desnoods te kunnen vervullen);Underverb.ɐndəstɐdi, in geval van nood vervangen;Undertake= ondernemen, wagen, op zich nemen, behandelen, zich belasten met, borgstaan voor:You have undertakento be here at seven= op u genomen, beloofd;Undertaker= aannemer, speculant, ondernemer (vooral van begrafenissen);Undertaking= onderneming, plechtige belofte;Undertaxed= te laag getaxeerd of belast;Under-tenant, onderpachter;Under-tenancy= ònderhuur, onderpacht;Underthings= onderkleeren;Under-timed= te kort belicht;Undertone= lage of zwakke toon:He spoke to mein an undertone= met gedempte stem;Undertook, imperf. vanto undertake;Under-tow=Under-current;Undervaluation,valjueiš’n, onderschàtting, te lage waardeering;Undervalue, verb. onder de waarde schatten, minachten; subst.ɐndəvaljû,ɐndəvaljû, te geringe prijs;Under-wear=onderkleeren;Underwent, imperf. vanto undergo;Under-wood= laag hout, kreupelhout;Underwork,ɐndəwɐ̂k, te weinig (slecht) werken, goedkooper werken;Underworked= niet genoeg werk hebbend;Under-world= de tegenvoeters, onderwereld, hel;Underwrite= onderschrijven, onderteekenen, zich onderwerpen aan; assureeren (van schepen);Underwriterɐndəraitə, assuradeur.
U,jû;U(rbis)C(onditae)= van af de stichting der stad Rome;U(pper)C(anada);U(ta)h;U(triusque)J(uris)D(octor)= doctor in de beide rechten;U(nited)K(ingdom);Ult(imo)= laatste, van de laatste maand;Unit(arian);Univ(ersity);Unm(arried);Up(per);U(nited)S(tates)=U(ncle)S(am);U(t)S(upra)= als boven;U(nited)S(tates of)A(merica);U(nited)S(tates)A(rmy)ofN(avy);Usu(al);U(tah)T(erritory).
Ubiquitary,jubikwitəri=Ubiquitous,jubikwitɐs, alomtegenwoordig, overal tegelijk zijnde;Ubiquity= alomtegenwoordigheid.
’Ud,ud= would.
Udal,jûd’l, allodiaal; subst. allodium (op de Orkney en Shetland eilanden);Udaller,Udalman= bezitter van een allodium.
Udder,ɐdə, uier;Uddered= met uier(s).
Udometer,judomətə, regenmeter.
Ugh,u, bah!
Ugliness,ɐglinəs, subst. v.Ugly,ɐgli, leelijk, wanstaltig, terugstootend; gevaarlijk; verdrietig (Amer.):As ugly as sin= zoo leelijk als de nacht.
Uhlan,(j)ûl’n, Ulaan.
Uist,wist.
Ukase,jûkeis, ukase.
Ukraine,jûkrein,ûkrein.
Ulcer,ɐlsə, zweer, gezwel;Ulcerate= zweren:His heart wasulcerated withhatred= hij droeg een ingekankerden haat in zijn hart;Ulceration, zweer, verzwering;Ulcerative,Ulceratory= zwerend;Ulcerous= als eene zweer; subst.Ulcerousness.
Ule,jûlə, caoutchoucboom =Ule-tree.
Ullage,ɐlidž, lekkage:Ullages= restanten wijn bij een diner.
Ulla-lulla,ɐlə-lɐlə, lijkklacht.
Ulmaceous,ɐlmeišəs, olmachtig;Ulmus,ɐlməs, olm.
Ulna,ɐlnə, ellepijp; adj.Ulnar.
Ulric,ɐlrik;Ulrica,ɐlraikə.
Ulster,ɐlstə, lange getailleerde overjas.
Ulterior,ɐltîriə, verder(af gelegen), aan de andere zijde.
Ultimate,ɐltimit, verste, laagste, uiterste, achterste, slot - -, grond - -;Ultimatum,ɐltimeit’m, ultimatum;Ultimo,ɐltimou, van de laatste maand;Ultimogeniture,ɐltimədženitjə, erfopvolgingsrecht van den jongsten zoon of broeder.
Ultra,ɐltrə, uiterst, buitensporig; subst. ultra, radicaal;Ultramarine,ɐltrəmərîn,ɐltrəmərîn, subst. ultramarijn; adj. ultramarin, overzeesch;Ultramontane,ɐltrəmontein, subst. ultramontaan; adj. aan de andere zijde der bergen gelegen:Ultramontane party;Ultramontanism,ɐltrəmontənizm, ultramontanisme;Ultramontanist.
Ululate,ɐljuleit,ûluleit, huilen, krassen;Ululation, gehuil, gekras, weeklacht.
Ulysses,jûlisîz; adj.Ulyssean.[599]
Umbel,ɐmb’l, scherm;Umbellate(d),ɐmbəlit(Umbeleitid) schermbloemig, schermdragend =Umbelliferous,ɐmbəlifərɐs;Umbellule,ɐmbeljûl, klein scherm.
Umber,ɐmbə, subst. vlagzalm; omber (verfstof); adj. bruin, donker;Umberverb. metumberverven, donker verven:Burnt umber= gebrande;Raw umber= ongebrande.
Umbilic(al),ɐmbilik(’l), navel - -:Umbilical cord= navelstreng;Umbilical region= navelstreek;Umbilicate(d)= navelvormig;Umbilicus,ɐmbilaikəs, navel, navelkruid.
Umbles,ɐmb’lz, ingewand van een hert.
Umbo,ɐmbou(Meerv.Umbones,ɐmbounîz), knop van een schild, bult; adj.Umbonal.
Umbra,ɐmbrə, kernschaduw, ombervisch.
Umbrage,ɐmbridž, schaduw, lommer; verdenking, aanstoot:Hegave umbrage tothe more advanced= ergerde;I am sorry you havetaken umbrage atmy words= dat gij u geërgerd hebt;Umbrageous,ɐmbreidžəs, schaduwrijk, lommerrijk; subst.Umbrageousness.
Umbre,ɐmbə=Umber.
Umbrella,ɐmbrelə, paraplu:Toopen (To put up),Toshut an umbrella;Umbrella-case= foudraal;Umbrella-maker;Umbrella-runner= schuifring;Umbrella-stand= paraplustander;Umbrella-stick.
Umbria,ɐmbriə, Umbrië.
Umph,ɐmp, interj. H’m!
Umpire,ɐmpaiə, subst. scheidsrechter;Umpireverb. als scheidsrechter optreden;Umpireship.
’Un,ɐn=one.
Un= on, niet, etc. in samenstellingen. ZieIn.
Unabashed,ɐnəbašt, schaamteloos, onbeschaamd.
Unabated,ɐnəbeitid, onverminderd, onverzwakt, onverflauwd.
Unabbreviated,ɐnəbrîvjeitid, onverkort.
Unable,ɐneib’l, onbekwaam, niet in staat; subst.Unableness.
Unabolished,ɐnəbolišt, niet afgeschaft, nog van kracht.
Unabridged,ɐnəbridžd, onverkort.
Unabrogated,ɐnabrəgeitid, niet afgeschaft.
Unabsorbable,ɐnəbsöbəb’l, niet absorbeerbaar.
Unacceptable,ɐnəkseptəb’l, onaangenaam, onaannemelijk, niet welkom; subst.Unacceptableness.
Unaccommodating,ɐnəkomədeitiŋ, niet inschikkelijk, onbuigzaam.
Unaccompanied,ɐnəkɐmpənid, niet vergezeld, zonder begeleiding.
Unaccomplished,ɐnəkomplišt, onvoltooid, onvolvoerd.
Unaccountability,ɐnəkauntəbiliti, subst. v.Unaccountable,ɐnəkauntəb’l, onverklaarbaar, onverantwoordelijk; subst.Unaccountableness;Six of the lost areunaccounted foryet= zijn nog niet terecht gebracht.
Unaccustomed,ɐnəkɐst’md, ongewoon, ongebruikelijk, ongewend (to).
Unachievable,ɐnətšîvəb’l, onuitvoerbaar, onbereikbaar;Unachieved= onuitgevoerd, onvoltooid.
Unacknowledged,ɐnəknolidžd, niet erkend.
Unacquainted,ɐnəkweintid, onbekend (with); subst.Unacquaintedness.
Unacquired,ɐnəkwaiəd, onverkregen.
Unacquitted,ɐnəkwitid, niet vrijgesproken; niet betaald.
Unactable,ɐnaktəb’l, niet opvoerbaar;Unacted,ɐnaktid, onopgevoerd, ongevoelig voor (by).
Unactuated,ɐnaktjueitid, niet bewerkt of geïnfluenceerd, levenloos:Unactuated bysuch opinions.
Unadapted,ɐnədaptid, ongeschikt; subst.Unadaptedness.
Unaddicted,ɐnədiktid, niet overgegeven of verslaafd (to).
Unadjusted,ɐnədžɐstid, niet uitgemaakt of beslist.
Unadorned,ɐnədönd, onversierd.
Unadulterate(d),ɐnədɐltərit(ɐnədɐltəreitid), onvervalscht, zuiver, echt.
Unadvised,ɐnədvaizd, onverstandig, onvoorzichtig; subst.Unadvisedness.
Unaffected,ɐnəfektid, natuurlijk, ongedwongen, ongekunsteld; subst.Unaffectedness.
Unaided,ɐneidid, zonder hulp, bloot (oog).
Unallowable,ɐnəlauəb’l, ongeoorloofd, niet toelaatbaar.
Unalloyed,ɐnəlôid, onvermengd, zuiver.
Unalterable,ɐnôltərəb’l, onveranderlijk, onbuigzaam, onverwrikbaar; subst.Unalterableness;Unaltered= onveranderd.
Unambiguous,ɐnəmbigjuəs, niet dubbelzinnig, klaar, helder; subst.Unambiguousness.
Unambitious,ɐnəmbišəs, niet eerzuchtig, bescheiden; subst.Unambitiousness.
Unamenable,ɐnəmînəb’l, niet verantwoordelijk, onhandelbaar.
Unamended,ɐnəmendid, niet verbeterd.
Unamiable,ɐneimjəb’l, onvriendelijk, onbeminnelijk; subst.Unamiableness.
Unamused,ɐnəmjûzd, niet vermaakt;Unamusing= niet vermakelijk.
Unanimated,ɐnanimeitid, onbezield, vervelend.
Unanimity,jûnənimiti, eenstemmigheid;Unanimous,jûnanimɐs, eenstemmig:With unanimous consent;subst.Unanimousness.
Unanointed,ɐnənôintid, niet gezalfd.
Unanswerability,ɐnânsərəbiliti, subst. v.Unanswerable,ɐnânsərəb’l, onweerlegbaar; subst.Unanswerableness;Unanswered,ɐnânsəd, onbeantwoord, niet wederlegd.
Unappalled,ɐnəpôld, onvervaard.
Unappeasable,ɐnəpîzəb’l, onverzoenlijk;Unappeased= onbevredigd, onverzoend.
Unapplied,ɐnəplaid, niet aangewend:Unapplied funds= dood kapitaal.
Unappreciated,ɐnəprîšeitid, niet gewaardeerd.
Unapprehended,ɐnaprihendid, niet gearresteerd, niet gevreesd;Unapprehensive= niet begrijpend, zorgeloos:I am not unapprehensive that= ik weet heel wel, dat; subst.Unapprehensiveness.
Unapprised,ɐnəpraizd, niet onderricht.
Unapproachable,ɐnəproutšəb’l, ongenaakbaar; subst.Unapproachableness.
Unappropriated,ɐnəprouprieitid, niet toegeëigend, niet voor een bepaald doel aangewezen of gebruikt:Unappropriated funds= dood kapitaal.[600]
Unapproved,ɐnəprûvd, niet goedgekeurd.
Unapt,ɐnapt, ongeschikt, ongenegen; subst.Unaptness.
Unarm,ɐnâm, ontwapenen, de wapenen neerleggen;Unarmed= ongewapend, bloot.
Unarrested,ɐnərestid, onbelemmerd.
Unartistic,ɐnâtistik, onartistiek.
Unascertainable,ɐnasəteinəb’l, wat niet uitgemaakt of uitgevorscht kan worden;Unascertained= niet zeker bekend.
Unashamed,ɐnəšeimd, zonder schaamte.
Unasked,ɐnâs(k)t, ongevraagd, ongenood.
Unassailable,ɐnəseiləb’l, onaantastbaar, onbetwistbaar;Unassailed= onbetwist.
Unassignable,ɐnəsainəb’l, niet over te dragen of toe te wijzen;Unassigned.
Unassimilable,ɐnəsimiləb’l, niet te assimileeren;Unassimilated.
Unassisted,ɐnəsistid, zonder hulp.
Unassociated,ɐnəsoušeitid, niet vereenigd.
Unassuaged,ɐnəsweidžd, niet bevredigd of gestild.
Unassuming,ɐnəsiûmiŋ, bescheiden, niet aanmatigend.
Unattached,ɐnətatšt, niet verbonden, niet toegedaan, extern,à la suite, niet in beslag genomen of benaderd; los:Colonel unattached= à la suite;Unattached students= extern, niet in een college wonend.
Unattainable,ɐnəteinəb’l, onbereikbaar; subst.Unattainableness.
Unattempted,ɐnətemtid, onbeproefd.
Unattended,ɐnətendid, onvergezeld, zonder gevolg, verwaarloosd.
Unau,jûnô,junô, tweeteenige luiaard.
Unaudited,ɐnôditid, niet nagezien of verevend.
Unauthenticated,ɐnôthentikeitid, niet bekrachtigd, waarvan de echtheid niet bewezen is.
Unauthorised,ɐnôthəraizd, onbevoegd, onwettig, niet echt.
Unavailable,ɐnəveiləb’l, onbruikbaar, ongeldig; subst.Unavailableness;Unavailing= nutteloos.
Unavenged,ɐnəvenžd, ongewroken, ongestraft.
Unavoidable,ɐnəvôidəb’l, onvermijdelijk; subst.Unavoidableness.
Unavowed,ɐnəvaud, niet erkend.
Unaware,ɐnəwêə, adj. onwetend, onwillekeurig, zorgeloos, onattent;Unaware(s), adv. plotseling, onverhoeds, onverwachts.
Unawed,ɐnôd, onbeschroomd.
Unbacked,ɐnbakt, niet gesteund, nog niet gedresseerd om een ruiter te dragen; paard waarop niet gewed is.
Unbag,ɐnbag, (den vos) uit den zak laten; uitbrengen.
Unbaked,ɐnbeikt, niet gebakken, ongaar, onrijp.
Unbalanced,ɐnbal’nst, niet in evenwicht, niet vereffend.
Unballasted,ɐnbaləstid, zonder ballast, onvast.
Unbandaged,ɐnbandidžd, zonder verbanden.
Unbaptized,ɐnbaptaizd, ongedoopt.
Unbar,ɐnbâ, ontgrendelen, ontsluiten.
Unbated,ɐnbeitid, onverzwakt, niet stomp gemaakt.
Unbathed,ɐnbeidhd, niet bevochtigd.
Unbattered,ɐnbatəd, niet gekneusd of gedeukt.
Unbearable,ɐnbêrəb’l, ondragelijk.
Unbearded,ɐnbîədid, baardeloos.
Unbeaten,ɐnbît’n, niet geslagen, ongebaand, niet betreden.
Unbecoming,ɐnbikɐmiŋ, ongepast, onbehoorlijk, onwelvoeglijk, niet kleedend; subst.Unbecomingness.
Unbefriended,ɐnbifrendid, zonder vrienden, niet begunstigd.
Unbegot(ten),ɐnbigot(’n), niet geboren, eeuwig.
Unbeheld,ɐnbiheld, niet aanschouwd, onzichtbaar =Unbeholden.
Unbeknowing,ɐnbinouiŋ, niet wetend;Unbeknown(st)= onbekend:Unbeknowing to me= zonder mijn voorkennis;The land of the unbeknowing= het onbekende land.
Unbelief,ɐnbilîf, ongeloof;Unbelievable= ongelooflijk;Unbeliever= ongeloovige;Unbelieving= ongeloovig.
Unbeloved,ɐnbilɐvd, onbemind.
Unbend,ɐnbend, ontspannen, losmaken, verslappen, gemoedelijk worden, afslaan (van zeilen):Tounbend one’s mind= zich ontspannen;unbending= onbuigzaam, stijf, hardnekkig, aan ontspanning gewijd (Unbend-hour); ook subst.
Unbenefited,ɐnbenəfitid, geen voordeel trekkend uit, niet begunstigd door.
Unbeseeming,ɐnbisîmiŋ, ongepast; subst.Unbeseemingness.
Unbesought,ɐnbisôt, ongevraagd, vrijwillig.
Unbespeak,ɐnbispîk, afzeggen, herroepen.
Unbewailed,ɐnbiweild, onbetreurd.
Unbias(s)ed,ɐnbaiəst, onpartijdig; subst.Unbiasedness.
Unbidden,ɐnbid’n, vanzelf, ongenood:Hertears started unbidden= vloeiden onwillekeurig.
Unbigoted,ɐnbigətid, vrij van dweeperij.
Unbind,ɐnbaind, losbinden, bevrijden.
Unblam(e)able,ɐnbleiməb’l, onschuldig, onberispelijk, onlaakbaar; subst.Unblam(e)ableness.
Unbleached,ɐnblîtšt, ongebleekt.
Unblemished,ɐnblemišt, onbevlekt, smetteloos.
Unblended,ɐnblendid, onvermengd.
Unblessed, Unblest,ɐnblest, ongezegend, ellendig, vervloekt.
Unblinkered,ɐnbliŋkəd, zonder oogkleppen, met open oogen:His eyes wereunblinkered by fees= hij deed geen oogje dicht om een fooi.
Unbloody,ɐnblɐdi, niet bedoeld of bloeddorstig:Unbloody sacrifice= bloedlooze offerande.
Unblotted,ɐnblotid, on(uit)gevlekt.
Unblunted,ɐnblɐntid, niet verstompt of versuft.
Unblushing,ɐnblɐšiŋ, schaamteloos.
Unbodied,ɐnbodid, onlichamelijk, van het lichaam bevrijd of ontdaan.
Unboiled,ɐnbôild, ongekookt.
Unbonnet,ɐnbonət, de muts of den hoed afnemen of afzetten, ontblooten.
Unborn,ɐnbön, ongeboren, toekomstig.[601]
Unborrowed,ɐnboroud, niet ontleend, oorspronkelijk, echt.
Unbosom,ɐnbuz’m:Heunbosomed himself= stortte zijn hart uit.
Unbought,ɐnbôt, ongekocht.
Unbound,ɐnbaund, niet gebonden.
Unbounded,ɐnbaundid, onbegrensd, eindeloos; subst.Unboundedness.
Unbrace,ɐnbreis, losmaken (-gespen, -knoopen):Unbraced drums= ontspannen trommen.
Unbred,ɐnbred, ongemanierd, onkundig.
Unbreeched,ɐnbrîtšt, zonder broek.
Unbridle,ɐnbraid’l, aftoomen, loslaten;Unbridled= ongetoomd, losbandig, uitgelaten.
Unbroke(n),ɐnbrouk(’n), on(af)gebroken, regelmatig, ongeschonden, niet afgereden, onverminderd, ongestoord.
Unbrotherly,ɐnbrɐdhəli, onbroederlijk, onvriendelijk, onnatuurlijk.
Unbuckle,ɐnbɐk’l, losgespen.
Unbuilt,ɐnbilt, ongebouwd.
Unburden,ɐnbɐ̂d’n, ontlasten, afwerpen, ontdekken, openbaren:He had something to unburden= op ’t hart;When I have any unburdening to do,there’s always mother= iets op ’t hart heb;Tounburden oneself= zijn hart uitstorten.
Unburied,ɐnberid, onbegraven.
Unburned,ɐnbɐ̂nd,Unburnt,ɐnbɐ̂nt, ongebrand, onverbrand.
Unburthen,ɐnbɐ̂dhən=Unburden.
Unbusinesslike,ɐnbiznəslaik, niet overeenkomstig de handelsusanties, onpractisch.
Unbutton,ɐnbɐt’n, losknoopen.
Uncalled,ɐnkôld, ongeroepen:Your pityis uncalled for= is te onpas, niet noodig;Your jealousy isuncalled for= uwe jaloerschheid is zonder grond, onredelijk.
Uncancel(l)ed,ɐnkânsəld, niet doorgehaald, niet opgeheven.
Uncanny,ɐnkani, onvoorzichtig, roekeloos, onzeker, hevig, sterk, geheimzinnig:Uncanny legal documents= geheimzinnige, duistere documenten;The contrast between the shining eyes and the impassive face was so extraordinary asto be almost uncanny= dat het haast iets spookachtigs had;The faces of our departed youthhave an uncanny trick of rising up suddenly= duiken op onverklaarbare wijze op.
Uncanonical,ɐnkənonik’l, niet kanoniek:Uncanonical hours= uren waarop geene huwelijksinzegening mag plaats hebben (in Engeland tusschen 8 a.m. en 3 p.m.); subst.Uncanonicalness.
Uncap,ɐnkap, openen, de bedekking afnemen:Uncapped= met ongedekt hoofd.
Uncape,ɐnkeip, het kapje (van den valk) afnemen; de honden loslaten; den vos uit den zak laten.
Uncared,ɐnkêəd, zonder dat er op gelet wordt:There he layuncared for= verwaarloosd.
Uncarpeted,ɐnkâpətid, zonder vloerkleed.
Uncase,ɐnkeis, uit de bedekking of étui nemen, openbaren, ontplooien (v. h. vaandel), ontkleeden.
Unceasing,ɐnsîsiŋ, onophoudelijk.
Unceremonious,ɐnserəmounjəs, zonder complimenten, familiaar.
Uncertain,ɐnsɐ̂tin, onzeker, grillig, onvast, dubbelzinnig, weifelend, wispelturig:Uncertain on one’s legs= onvast;Uncertainty= onzekerheid, twijfelachtigheid, gebeurlijkheid.
Uncertificated,ɐnsətifikeitid, niet gediplomeerd.
Unchain,ɐntšein, ontketenen, loslaten.
Unchallengeable,ɐntšal’nžəb’l, ontwijfelbaar, onwraakbaar, zonder eenige kwestie;Unchallenged= niet betwijfeld.
Unchangeable,ɐntšeinžəb’l, onveranderlijk:Unchangeable of purpose= vastbesloten; subst.Unchangeableness;Unchanged;Unchanging.
Uncharged,ɐntšâdžd, ongeladen, niet aangevallen; van normale sterkte.
Uncharitable,ɐntšaritəb’l, liefdeloos, onbarmhartig; subst.Uncharitableness.
Unchary,ɐntšêri, onvoorzichtig, verspillend.
Unchaste,ɐntšeist, onkuisch;Unchastity,ɐntšastiti, onkuischheid.
Unchecked,ɐntšekt, ongehinderd.
Unchivalric,ɐnšiv’lrik,Unchivalrous,ɐnšiv’lrɐs, onridderlijk.
Unchristened,ɐnkris’nd, ongedoopt.
Unchristian,ɐnkristj’n, onchristelijk.
Unchronicled,ɐnkronik’ld, onvermeld.
Uncial,ɐnš’l, subst en adj. (met) unciaal (letters).
Unciform,ɐnsiföm, haakvormig =Uncinate,ɐnsinit.
Uncircumcised,ɐnsɐ̂k’msaizd, onbesneden; subst.Uncircumcision, ook: alle niet-Joden.
Uncircumscribed,ɐnsɐ̂k’mskraibd, onbeperkt.
Uncircumspect,ɐnsɐ̂k’mspekt, onbedachtzaam.
Uncivil,ɐnsivil, onbeleefd, lomp;Uncivilized= barbaarsch, onbeschaafd.
Unclaimed,ɐnkleimd, niet opgevraagd of opgeëischt, onbestelbaar.
Unclasp,ɐnklâsp, loshaken, openen.
Uncle,ɐŋk’l, oom; pandjeshuishouder;Uncle-in-law= aangehuwde oom;My watch isat my Uncle’s= bij “Oome Jan”;Uncle Sam= de Vereenigde Staten (v. N. Amer.).
Unclean,ɐnklîn, adj. onrein, vuil, onkuisch; subst.Uncleanliness,ɐnklenlinəs;Uncleanly,ɐnklenli, onrein, vuil, onkuisch; adv.ɐnklînli;Uncleanness,ɐnklînnəs=Uncleanliness;Uncleansed,ɐnklenzd, ongereinigd.
Uncleared,ɐnklîəd, onontgonnen, niet opgeruimd, niet afgesloten.
Unclerical,ɐnklerik’l, niet strookende met den geestelijken stand.
Unclipped,ɐnklipt, ongesnoeid.
Uncloak,ɐnklouk, den mantel afleggen, afnemen.
Unclog,ɐnklog, de belemmering wegnemen, vrijmaken.
Unclose,ɐnklouz, openen, opslaan, openbaren:Unclosed= open, onvoltooid.
Unclothe,ɐnkloudh, ontkleeden, ontblooten.
Unclouded,ɐnklaudid, onbewolkt, helder; subst.Uncloudedness;Uncloudy= helder.
Unco,ɐŋkou, Schotsch voorUncouth, ongemeen, buitengewoon; subst. rare snuiter, vreemd iets.
Uncock,ɐnkok, in rust zetten (den haan v. een geweer), neerslaan (van den rand van een hoed), uitspreiden (van hooi).[602]
Uncockneyfied,ɐnkoknifaid, natuurlijk, ongemaakt.
Uncoffined,ɐnkofind, niet in eene kist gelegd.
Uncoil,ɐnkôil, afrollen.
Uncoined,ɐnkôind, ongemunt, echt.
Uncoloured,ɐnkɐləd, ongekleurd, onopgesmukt.
Uncombed,ɐnkoumd, ongekamd.
Uncombinable,ɐnk’mbainəb’l, onvereenigbaar;Uncombined= niet verbonden.
Uncomeatable,ɐnkəmatəb’l, ongenaakbaar, onbereikbaar.
Uncomeliness,ɐnkɐmlinəs, subst. v.Uncomely,ɐnkɐmli, onbevallig, onwelvoegelijk.
Uncomfortable,ɐnkɐmfətəb’l, ongemakkelijk, onbehagelijk, troosteloos, droevig; subst.Uncomfortableness;Uncomforted= troosteloos, ongetroost.
Uncommanded,ɐnkəmândid, niet bevolen, niet bestreken.
Uncommemorated,ɐnkəmeməreitid, niet herdacht.
Uncommended,ɐnkəmendid, roemloos.
Uncommercial,ɐnkəmɐ̂š’l, tegen de handelsusanties.
Uncommiserated,ɐnkəmizəreitid, onbetreurd.
Uncommitted,ɐnkəmitid, niet bedreven, niet toevertrouwd, niet commissoriaal gemaakt, niet gearresteerd.
Uncommon,ɐnkom’n, ongewoon, ongemeen; subst.Uncommonness.
Uncommunicated,ɐnkəmjûnikeitid, niet medegedeeld;Anuncommunicativeman= zwijgend, gereserveerd persoon.
Uncompelled,ɐnk’mpeld, ongedwongen.
Uncomplaining,ɐnk’mpleiniŋ, gelaten.
Uncompleted,ɐnk’mplîtid, niet voltooid.
Uncomplimentary,ɐnkomplimentəri, zonder complimenten, ruw, lomp.
Uncomplying,ɐnk’mplaiiŋ, oninschikkelijk, onhandelbaar.
Uncompounded,ɐnk’mpaundid, niet samengesteld, eenvoudig; subst.Uncompoundedness.
Uncompromising,ɐnkomprəmaiziŋ, onbuigzaam, star, onhandelbaar.
Unconcealed,ɐnk’nsîld, onverholen.
Unconceived,ɐnk’nsîvd, onbegrepen, onvoorzien.
Unconcern,ɐnk’nsɐ̂n, zorgeloosheid, onverschilligheid, kalmte:With great unconcern= volkomen kalm;Unconcerned= onverschillig, etc.
Unconciliatory,ɐnk’nsiljətəri, onverzoenlijk.
Uncondensable,ɐnk’ndensəb’l, wat niet verdicht kan worden;Uncondensed.
Unconditional,ɐnk’ndišən’l, onvoorwaardelijk, absoluut;Unconditioned= absoluut.
Unconfessed,ɐnk’nfest, niet beleden, ontkend, zonder gebiecht te hebben.
Unconfined,ɐnk’nfaind, onbeperkt.
Unconfirmed,ɐnk’nfɐ̂md, niet bevestigd, zwak, wankelmoedig, onervaren, niet geconfirmeerd.
Unconformable,ɐnk’nföməb’l, niet bestaanbaar of overeenkomstig, niet parallel (van lagen).
Uncongenial,ɐnk’ndžînj’l, ongelijksoortig, onsympathiek.
Unconnected,ɐnkənektid, onsamenhangend, niet verwant.
Unconquerable,ɐnkoŋkərəb’l, onverwinbaar;Unconquered,ɐnkoŋkəd, onoverwonnen.
Unconscionable,ɐnkonšənəb’l, gewetenloos, onredelijk, overdreven, enorm, kolossaal:Such anunconscionable time= onmogelijk lange tijd; subst.Unconscionableness;At anunconscionably earlyhour= onmogelijk vroeg.
Unconscious,ɐnkonšəs, onbewust, niet lettend op, bewusteloos:Iam unconscious of it= mij daarvan niet bewust; subst.Unconsciousness.
Unconsecrated,ɐnkonsikreitid, ongewijd.
Unconsidered,ɐnk’nsidəd, ondoordacht.
Unconsolidated,ɐnk’nsolideitid, niet geconsolideerd.
Unconstitutional,ɐnkonstitjûšən’l, ongrondwettig;Unconstitutionality,ɐnkonstitjûšənaliti, ongrondwettigheid.
Unconstrained,ɐnk’nstreind, ongedwongen.
Unconsumed,ɐnk’nsiûmd, onverteerd.
Uncontemplated,ɐnkont’mpleitid,ɐnk’ntempleitid, niet overdacht.
Uncontestable,ɐnk’ntestib’l, onbetwistbaar;Uncontested,ɐnk’ntestid, onbetwist.
Uncontradictable,ɐnkontrədiktəb’l, onbetwistbaar;Uncontradicted,ɐnkontrədiktid, niet tegengesproken.
Uncontrollable,ɐnk’ntrouləb’l, onhandelbaar, teugelloos, wat niet nagegaan kan worden;Uncontrolled,ɐnk’ntrould, niet nagegaan, bandeloos, onbuigzaam.
Uncontroverted,ɐnkontrəvɐ̂tid, onbetwist.
Unconverted,ɐnk’nvɐ̂tid, onbekeerd;Unconvertible,ɐnk’nvɐ̂tib’l, onveranderbaar.
Unconvinced,ɐnk’nvinst, onovertuigd.
Uncork,ɐnkök, ontkurken, lucht geven aan.
Uncoroneted,ɐnkorənetid, niet gekroond.
Uncorrected,ɐnkərektid, onverbeterd.
Uncorroborated,ɐnkərobəreitid, niet bevestigd of gestaafd.
Uncorrupt(ed),ɐnkərɐpt(id), onbedorven, onvervalscht; subst.Uncorrupt(ed)ness.
Uncountable,ɐnkauntəb’l, ontelbaar;Uncounted,ɐnkauntid, ongeteld.
Uncouple,ɐnkɐp’l, loskoppelen.
Uncourteous,ɐnkötjəs,ɐnkɐ̂tjəs, onhoffelijk;Uncourteousness=Uncourtliness,ɐnkötlinəs= onbeleefdheid, lompheid;Uncourtly= lomp, onbeschaafd.
Uncouth,ɐnkûth, vreemd, zonderling, onhandig, ruw; subst.Uncouthness.
Uncovenanted,ɐnkɐvənantid, niet volgens contract beloofd, onverdiend, onafgesproken:Uncovenanted civil service= tak van den burgerlijken dienst (Indië), waarvan de leden geen examen doen en geen pensioen krijgen.
Uncover,ɐnkɐvə, openen, (zich) ontblooten, zonder bedekking laten, groeten;Uncovered= ontbloot, blootgelegd, ongedekt:Toleave uncovered.
Uncritical,ɐnkritik’l, niet kritisch.
Unction,ɐŋkš’n, oliesel, zalf, zalving, verzachting:Extreme unction= laatste oliesel; subst.Unctuosity,ɐŋktjuositi, subst. v.[603]Unctuous,ɐŋjktuəs, vettig, olieachtig, verzachtend, zalvend; subst.Unctuousness.
Uncultivable,ɐnkɐltivəb’l, onbebouwbaar, niet te beschaven;Uncultivated= onbebouwd, onbeschaafd, ruw:A waste ofuncultivated heath.
Uncurbed,ɐnkɐ̂bd, ongetemd, teugelloos.
Uncurl,ɐnkɐ̂l, glad maken, de krul verliezen.
Uncurtailed,ɐnkəteild, onverkort.
Uncustomary,ɐnkɐstəməri, ongewoon, ongebruikelijk;Uncustomed= zonder klanten.
Uncut,ɐnkɐt, niet bekapt, onopengesneden, niet geschoren, onbeschadigd.
Undamaged,ɐndamidžd, onbeschadigd.
Undamped,ɐndampt, niet ingevocht of bevochtigd, niet ontmoedigd.
Undated,ɐndeitid, ongedateerd.
Undated,ɐndeitid, golvend.
Undaunted,ɐndôntid,ɐndântid, onversaagd, onverschrokken; subst.Undauntedness.
Undazzled,ɐndaz’ld, niet verblind.
Undebased,ɐndibeist, onverbasterd.
Undebauched,ɐndibôtšt, onbedorven.
Undecayed,ɐndikeid, niet vervallen, onverzwakt;Undecaying= onveranderlijk, onsterfelijk.
Undeceive,ɐndisîv, ontgoochelen, uit den droom helpen, de oogen openen:At lastI was undeceived= vielen mij de schellen van de oogen;I haveundeceived his error= hem van zijne dwaling genezen.
Undecided,ɐndisaidid, onbeslist, weifelend.
Undecipherable,ɐndisaifərəb’l, niet te ontcijferen;Undeciphered,ɐndisaifəd, niet ontcijferd.
Undecked,ɐndekt, niet versierd; zonder dek, open.
Undeclared,ɐndiklêəd, niet verklaard.
Undeclinable,ɐndiklainəb’l, onverbuigbaar;Undeclined= onverbogen.
Undecorated,ɐndekəreitid, onversierd.
Undedicated,ɐndedikeitid, niet opgedragen.
Undefaceable,ɐndifeisəb’l, onuitwischbaar;Undefaced= onuitgewischt, niet misvormd.
Undefended,ɐndifendid, onverdedigd, onbeschermd.
Undefiled,ɐndifaild, onbesmet, rein.
Undefinable,ɐndifainəb’l, niet bepaalbaar, onbegrensd; subst.Undefinableness;Undefined= onbepaald, vaag.
Undefrayed,ɐndifreid, niet betaald of gedekt.
Undeliverable,ɐndilivərəb’l, onbestelbaar;Undelivered,ɐndilivəd, niet verlost, niet afgeleverd, niet besteld.
Undemolished,ɐndimolišt, niet gesloopt.
Undeniable,ɐndinaiəb’l, onloochenbaar.
Undenominational,ɐndinomineišən’l, niet van een sekte:Undenominational school= neutrale school.
Undeplored,ɐndiplöd, onbetreurd.
Undeposable,ɐndipouzəb’l, onafzetbaar.
Undepraved,ɐndipreivd, onbedorven.
Undeprived,ɐndipraivd, niet beroofd.
Under,ɐndə, onder, lager dan, beneden, minder:Under this act= krachtens deze wet;To beunder age= minderjarig;To beunder arms= onder de wapenen;To speakunder one’s breath= zeer zacht;Under these circumstances;He wasunder a cloud= terneergedrukt, melancholiek, had geldgebrek, in ’t ongeluk;He did itunder colour oftaking an interest in me= onder den schijn van;Under command of;Under consideration= in overweging;The bill wasunder discussion= in behandeling;Under your favour= met uw verlof;The troops wereunder the enemy’s fire= blootgesteld aan het vuur;Under the firm of= onder de firma;She wears the undergarments of men= heeft de broek aan;Under God= naast God;Under his own hand= eigenhandig;To beunder oath= onder eede;Under pain of death= op straffe van;Under pretence= onder voorwendsel;Under the rose= “onder de roos”, in ’t geheim;He was disqualifiedunder another rule= hij mocht niet meedoen (geen lid worden) volgens een andere bepaling;Under sail= onder zeil;Under the royal seal= met het koninklijk zegel;He wasunder sentence of death= ter dood veroordeeld;I won’t sell itunder three figures= voor minder dan 100 pond sterling;Under treatment= in (onder) behandeling;Under water;To getunder weigh= anker op gaan;Her beauty was a glittering mantlewith no soul under= daaronder;Keep him under= houd hem onder de plak;Tolabour under a severe cold= lijden aan;Totrample under foot= vertrappen;Underbid= minder bieden dan, te weinig bieden;Underbred= slecht opgevoed;Underbrush= hak of kreupelhout;An over-estimate of expenditure or anunder-calculation of income;Underclay= laag klei onder een kolenlaag;Underclothes, onderkleeren =Underclothing;Undercurrent, subst. benedenstroom, neveninvloed;Underditch,ɐndəditš, draineeren;Underdo,ɐndədû, minder doen (dan men kan);The meat wasunderdone= niet gaar;Underdose,ɐndədous, te kleine hoeveelheden geven of nemen;ɐndədous, onvoldoende hoeveelheid of dosis;Underdrain,ɐndədrein, subst. onderaardsch afvoerkanaal;Underverb. (ɐndədrein) rioleeren;Under-estimate,ɐndərestimeit, onderschatten;ɐndərestimit, onderschatting;Underfaction= nevenpartij;Underfeed,ɐndəfîd, onvoldoende voeden;Underfoot,ɐndəfut, onder den voet, beneden;Underfurrow,ɐndəfɐrou, onderploegen;Undergird,ɐndəgɐ̂d, beneden steunen;Undergo= ondergaan, doorstaan, ondervinden, lijden;Undergrad(uate),ɐndəgrad(ju-it), student (OxfordenCambridge, andersStudent);Underground= onder den grond, onderaardsch, heimelijk:Underground (railway)= ondergrondsche spoor;Undergrown,ɐndəgroun, niet uitgegroeid, te klein;Undergrowth,ɐndəgrouth, onderhout, hakhout;Underhand= heimelijk, onderhands geslagen:His sneaking,Underhanded ways= heimelijke manier van doen;He istreacherous and Underhanded= achterbaksch;Underhung= met vooruitstekende benedenkaak;Underinsured= te laag verzekerd;Under-jaw= onderkaak;Underlay, verb. iets onderleggen,[604]steunen:Sand underlaid with clay= op klei rustend zand; subst. (ɐndəlei) onderlegger;Under-lease= onderpacht, onderhuur;Underlet= onderverhuren; onder de waarde verhuren;Underletter= onderhuurder, die onder de waarde verhuurt;Underlie= liggen onder, ten grondslag liggen, gebonden zijn aan:Heunderlay the accusationcontained in those words= had de hand in;Underline= onderstrèpen;Underlinen;Underling= ondergeschikte;Underlip;Underlock= wol onder den buik van een schaap;Undermanned,ɐndəmand, niet voldoende van manschappen voorzien;Undermasted,ɐndəmâstid, niet voldoende van masten voorzien;Undermentioned= nagenoemde;Undermine= ondermijnen, benadeelen;Underminer= ondermijner, geheime of stille vijand;Undermost= onderste;Underneath,[andənîth],ɐndənîdh, beneden, onder;Underpart= ondergeschikte rol, minder belangrijk deel;Underpay= onvoldoend bezoldigen of betalen:The poor seamstresses are shamefullyUnderpaid= worden schandelijk slecht betaald;Underpayment;Underpeopled,ɐndəpîp’ld,ɐndəpîp’ld, te schaars bevolkt;Underpin= ondersteunen, stutten;Underplot= episode, nevenintrige;Under-policed,ɐndepəlîst, niet voldoende van politie voorzien:London is very muchunder-policed= heeft veel te weinig politie;Underprice= spotprijs;Underproof= beneden normale sterkte;Underprop= ondersteunen, stutten;Underrate= onderschàtten, te laag waardeeren;Underrun= onderdoorloopen of varen;Underscore,ɐndəskö, onderschrappen;Undersell= verkoopen onder de waarde en goedkooper dan;Underset= benedenstroom (tegen den bovenstroom in);Undershot= bewogen door onderdoorstroomend water:Undershot wheel;Undershrub= kreupelhout;Undersign,ɐndəsain, onderteekenen:The undersigned= de ondergeteekende(n);Undersized= onder de middelbare grootte;Undersoil= ondergrond;The schools areunderstaffed= hebben te weinig personeel;Understand= begrijpen, verstaan, vernemen, overtuigd zijn, meenen, aannemen, opmaken:He could notmake himself understood= kon zich niet verstaanbaar maken, werd niet begrepen;Such things are understood= spreken vanzelf;We understandthat many are expected= wij vernemen;I wasgiven to understand= mij werd te kennen gegeven;Hewill have me understand= wil dat ik begrijpe;Iunderstand fromwhat you say= maak op uit hetgeen ge zegt;You’ll haveto understand yourself withhim= zult u met hem moeten verstaan;Understandable= begrijpelijk;Not understanded ofthe people= niet door het volk begrepen;Understanding, subst. verstand, begrip, kennis, verstandhouding, oordeel; adj. bekwaam, verstandig, ervaren:We could notcome to an understandingwith him= tot een schikking komen;I will do iton the (with this) understandingthat you help me= mits, met dien verstande dat;Understate= niet de volle waarheid mededeelen;Understatement= onderschatting, te lage opgaaf;Understrapper= ondergeschikte;Understrapping= ondergeschikt, dienend;Understudy, subst. plaatsvervanger van een acteur (die de rol heeft geleerd om ze desnoods te kunnen vervullen);Underverb.ɐndəstɐdi, in geval van nood vervangen;Undertake= ondernemen, wagen, op zich nemen, behandelen, zich belasten met, borgstaan voor:You have undertakento be here at seven= op u genomen, beloofd;Undertaker= aannemer, speculant, ondernemer (vooral van begrafenissen);Undertaking= onderneming, plechtige belofte;Undertaxed= te laag getaxeerd of belast;Under-tenant, onderpachter;Under-tenancy= ònderhuur, onderpacht;Underthings= onderkleeren;Under-timed= te kort belicht;Undertone= lage of zwakke toon:He spoke to mein an undertone= met gedempte stem;Undertook, imperf. vanto undertake;Under-tow=Under-current;Undervaluation,valjueiš’n, onderschàtting, te lage waardeering;Undervalue, verb. onder de waarde schatten, minachten; subst.ɐndəvaljû,ɐndəvaljû, te geringe prijs;Under-wear=onderkleeren;Underwent, imperf. vanto undergo;Under-wood= laag hout, kreupelhout;Underwork,ɐndəwɐ̂k, te weinig (slecht) werken, goedkooper werken;Underworked= niet genoeg werk hebbend;Under-world= de tegenvoeters, onderwereld, hel;Underwrite= onderschrijven, onderteekenen, zich onderwerpen aan; assureeren (van schepen);Underwriterɐndəraitə, assuradeur.