Chapter 66

Map,map, subst. landkaart, hemelkaart, nauwk. voorstelling;Mapverb. teekenen, afbeelden, nauwkeurig beschrijven, ontwerpen (out);Map-maker= landkaartmaker.Maple,meip’l, ahorn.Mar,mâ, beschadigen, bederven, ontsieren, verijdelen.Marabou(t),marəbû,marəbû, marabout (veêr, zijde);Marabou-feathers.Marabout,marəbût,marəbût, Mahomedaansch priester en toovenaar (N. Afr.).Maracan,marəkan, ara-papegaai (Brazilië).Maraschino,marəskînou, marasquin.Marasmus,mərasməs:Marasmus senilis= senile aftakeling.Maraud,mərôd, stroopen, plunderen;Marauder.Marble,mâb’l, subst. marmer, marmeren beeld; knikker; adj. marmeren, als marmer[330]geaderd;Marbleverb. marmeren:Marble Arch= een der toegangen van hetHydepark;The children wereplaying at marbles= waren aan het knikkeren;Marble-edged= gemarmerd op snede;Marble-hearted= hardvochtig;Marble-quarry= groeve;Marbled= gemarmerd:Marbling= marmeren; het doorgroeid zijn van vleesch;Marbly= marmerachtig, gemarmerd.Marcescent,mâses’nt, verwelkend; verschrompelend.March,mâtš, subst. Maart; grens, markegrond; marsch, marche, tocht, loop, geleidelijke ontwikkeling;Marchverb. grenzen; marcheeren, doen marcheeren, wegvoeren (off):Order of march= marschroute;I havegained (got, stolen) a march upon you= ben u vóór gekomen, u te slim af geweest;Toride the marches= de grenzen omrijden (Schotl.);(Forward) march!The generalmarched the armyto the enemy= rukte met het leger op tegen;Wemarched down uponthe enemy= rukten aan op;Tomarch off= afmarcheeren;Tomarch on= voortmarcheeren; oprukken tegen;Tomarch past= voorbijmarcheeren, defileeren;The soldiers weremarched up fromthe barracks= men liet hen uit de kazerne rukken;March-chick= brutaaltje;March-land= grensland;Marchman= grensbewoner;Marching-order= marschbevel:Tobe(Toput)under marching-orders;Marching-past= défilé.Marchioness,mâšənəs, markiezin.Marconigram,mâkounigram, draadloos telegram.Mare,mêə, merrie:Brood mare= fokmerrie;A face as long as any mare’s= een gezicht als een oorworm;On Shank’s mare= op Apostelpaarden;He hasfound a mare’s nest (and is laughing over the eggs)= hij dacht heel wat bijzonders gevonden te hebben, doch blijkt zich geducht te hebben vergist;Some experience willsave you from mare’s nests= zal u voor teleurstellingen bewaren;Mare’s-tail= lange vederwolk:Waterdogs(= regenwolkjes)andmare’s tails,Make lofty ships have low sails.Margaret,mâgərət,mâgrət.Margarine,mâgərin, margarine.Margate,mâgit.Margay,mâgei, tijgerkat.Marge,mâdž, rand, marge.Margin,mâdžin, subst. rand, grens, speelruimte, verschil tusschen inkoops- en verkoopsprijs, overschot, waarborgsom;Marginverb. van een rand voorzien, van kantteekeningen voorzien; zich dekken:In such a work amargin of errorshould be allowed= kan men een zeker getal vergissingen verwachten;A smallmargin of profit= een klein voordeeltje;He is so devoted to his work, that he has not amargin for social life= dat er geen tijd overschiet voor ’t gezellige leven;I sold out so as to have alarger marginwith which to operate= om wat meer geld in handen te hebben;He has but anarrow marginon which to subsist= hij kan maar even rondkomen;Eleven to four is asufficient marginfor me= van 11 tot 4 heb ik tijd genoeg;Named in the margin= terzijde vermeld;Tooperate on a margin= alléén verkoopen (b.v. van effecten) als men erop kan winnen;Marginal:Marginal notes, glosses(Marginalia,mâdžineiljə) kantteekeningen;Marginate(d)= met een rand, gerand.Margravate,mâgrəvit,Margraviate,mâgreivi-it, markgraafschap;Margrave,mâgreiv, markgraaf;Margravine,mâgrəvin, markgravin.Maria,məraiə:Black Maria= dievenwagen;Marian,mêriən, Maria - -;The Mariana Islands,mêrianəail’ndz, de Dieveneilanden;Marianne,mêrian.Marigold,marigould, goudsbloem; een millioen £;Marigold window= radvenster.Marinate,marineit, marineeren.Marine,mərîn, adj. zee - -, scheeps - -, marine - -; subst. marine, marinier, zeestuk:Tell that to the marines= maak dat je grootje wijs;Marine blue:Marine drive= rijweg langs het strand;Marine insurance= zeeassurantie;Marine law= zeerecht;Marine store dealer= soort scheepstagrijn;Blue marines= matrozen artillerie;Red marines= marine infanterie;Mercantile (Naval) marine= koopvaardijvloot (de marine);Mariner,marinə, zeeman, matroos:Master mariner= kapitein.Mariolatry,mêriolətri, Maria-vereering.Marionette,mariənet, marionet (ookfig.).Marish,mariš, subst. moeras; adj. drassig.Marital,marit’l, echtgenoots - -, echtelijk:I have no sympathy with marital wrongs= voel niets voor mannengrieven.Maritime,marit(a)im, zee - -, marine - -, maritime - -, strand - -:Maritime Alps= de Zee-alpen;Maritime commerce(Maritime trade) = zeehandel;Maritime insurance= zeeassurantie;Maritime power= zeemacht.Marjoram,mâdžər’m, marjolein.Marjoribanks,mâtšbaŋks;Mark,mâk, Marcus.Mark,mâk, subst. merk, teeken, blijk, baak, striem, nerf, stempel, spoor, doelwit, kruisje (van iemand, die niet kan schrijven), aanzien, gewicht, handelsmerk, nummer, prijs, cijfer;Markverb. merken, noteeren, opschrijven, stempelen, punten geven, markeeren, maat slaan, onderscheiden, letten op, scherp onderzoeken, uitpikken, etc.:Above, below the mark= te hoog, te laag;You arebeside the mark= gij zijt de plank mis;Near the mark= het doel nabij;A man (names)of mark= van beteekenis;That (He) isnot up to the mark= beneden peil, kan er niet door;Wide of the mark= geheel mis;Mark of the beast(ZieOpenbaring XIX, 19);High-(Low-)water mark= hoog (laag) waterpeil;Load mark= lastlijn, diepgang;Heleft his markon the country= de invloed van zijne persoonlijkheid doet zich nog gevoelen;That man willmake his mark= zal van zich doen spreken;Godbless (save) the mark= God betere het (iron.);Mark my words(=Mark me) = let op mijne woorden;Tomark time= den pas markeeren;They weremarked out fordestruction= ten doode opgeschreven;Tomark with a hot iron= brandmerken;One of themarked men of his age= groote mannen van[331]zijn tijd;It wouldlook markedif you stayed away= het zou erg in ’t oog vallen;Marker= aanschrijver, teller, marqueur, vleugelman, fiche;Marking-ink= merkinkt:Marking-iron= brandijzer;Marking-list= cijferlijst (School);Marksman= scherpschutter.Market,mâkit, markt, marktplaats (bezoek), navraag, aftrek, marktprijs, voordeel;Marketverb. de markt bezoeken, op de markt koopen of verkoopen:In the market= voorhanden, aanwezig;Clerk of the market= marktmeester;There is no market for= wordt niet gevraagd;Tofind (meet with) a ready market= gereeden aftrek vinden;Tomake market out of= profijt trekken van;Good waresmake quick markets= goede waar is half verkocht;It wasput upon the market= openbaar ten verkoop aangeboden;They looked like devils who weremarketing a corpse= die om een lijk dobbelden;Market-bell;Market-cross= kruis op een markt (vroeger symbool van het marktrecht);Market-day;Market-dues= marktgelden;Market-garden= moestuin;Market-gardener= hovenier, gaardenier;Market-hall= hal;Market-merry= licht aangeschoten na de markt;Market-place= marktplein;Market-porter= marktbediende;Market-price(Market-rate) = marktprijs;Market-report= marktbericht;Market-rigging= beursmanoeuvre;Market-stall= stalletje;Market-town= stad met het recht eene weekmarkt te houden;Marketable= verkoopbaar;Marketing= marktbezoek, marktvoorraad.Marl,mâl, subst. mergel; stof, aarde;Marlverb, bemesten; marlen (scheepst.);Marl-pit= mergelgroeve;Marlaceous= mergelachtig.Marlborough,môlbrə;mâlbərə(als plaatsn.).Marline,mâlin, marlijn;Marline-spikeofMarling-spike= marlpriem.Marlow(e),mâlou.Marly,mâli, mergelachtig, mergel …Marmalade,mâmeleid, marmelade.Marmoratum,mâməreit’m, marmercement;Marmoreal,Marmorean,mâmôriəl,mâmôriən, marmerachtig, marmer …Marmot,mâmət, marmot.Maronites,marənaits, Maronieten (godsd. sekte aan den Libanon).Maroon,mərûn, kastanjebruin.Maroon,məûn, weggeloopen slaaf (West-Ind.);Maroonverb. iemand op een onbewoond eiland opzettelijk achterlaten; wegloopen, rondboemelen:A marooning party= een gezelschap, dat een uitstapje maakt van eenige dagen en kampeert in de open lucht.Marplot,mâplot, spelbreker; zieMar.Marque,mâk:Letters of marque= kaperbrieven.Marquee,mâkî, groote tent.Marquet(e)ry,mâkətri, ingelegd werk.Marquis,mâkwis, markies;Marquisate,mâkwisit, markisaat.Marriage,maridž, huwelijk(splechtigheid):By marriage= aangetrouwd;One marriage makes a-many= van bruiloft komt bruiloft;Toask in marriage= ten huwelijk vragen;Marriage-articles= huwelijksvoorwaarden;Marriage-certificate= trouwakte;Marriage-contract= huwelijkscontract;Marriage-favours= witte strikken of linten, bouquet witte bloemen bij een bruiloft gedragen;Marriage-licence= huwelijksvolmacht;Marriage-lines= huwelijksbewijs;Marriage-portion= huwelijksgift;Marriage-ring= trouwring:Marriage-service= de liturgie bij het kerkelijk huwelijk;Marriage-vow= huwelijksgelofte;Marriageable= huwbaar;Marriageables= huwbaren;Married:Newly married couple= jonggehuwden;Married life (state).Marrow,marou, merg, kern, pit:Vegetable marrow= mergpompoen;Togo by the marrow stage= te voet gaan;Marrowbone= mergpijp;Marrowbones= knieën (ZieCleaver):Down on your marrows= op je knieën!Marrowfat= mergvet;Marrowfat pea= groote erwt;Marrowless;Marrowy.Marry,mari, trouwen, huwen, uithuwen:Marry in haste, repent at leisure= snel getrouwd, lang berouwd;Hemarried below his station= beneden zijn stand;Is your brothera married man?No, he is nota marrying man= is uw broer getrouwd? Neen, dat is geen man om te trouwen.Marry,mari, verbastering vanMary:Marry, you are right= waarachtig je hebt gelijk.Mars,mâz, Mars (oorlogsgod, planeet).Marsala,mâsâlə, Siciliaansche wijn.Marseilles,mâseilz.Marsh,mâš, drassig land, moeras:Marsh-fever= malaria;Marsh-fire= dwaallicht;Marsh-gas= moerasgas;Marsh-mallow= gewone heemst;Marsh-marigold= dotterbloem;Marsh-parsley= selderie;Marshiness, subst. v.Marshy= drassig, dras …Marshal,mâšəl, subst. maarschalk; ceremoniemeester; schout, i.e. hoofd van een AmerikaanschJudicial District, overeenkomend met eenSheriffin Engeland;Marshalverb. rangschikken, scharen, ordenen, rangeeren (Amer.):Earl Marshal= opperceremoniemeester aan het Eng. hof (erfelijke waardigheid in het geslacht Norfolk);Marshalship.Marshalsea,mâšəlsî, vroegere gevangenis voor gijzelaars in Londen (Southwark).Marsupial,mâsiûpiəl(Mv.Marsupialia,mâsiupieiljə), subst. buideldier; adj. buideldragend, beursvormig;Marsupium= buidel van deMarsupialia.Mart,mât, subst. markt, marktplaats;Martverb. verhandelen, schacheren.Martello(tower),mâtelou(tauə), gewelfde, ronde kusttoren, kustfort.Marten,mât’n, marter(-vel).Martial,mâš’l, krijgshaftig, krijgs.…:Court Martial= krijgsraad;Martial law was proclaimedin the country= de krijgswet werd afgekondigd;Martial music.Martin,mâtin, zwaluw:Bank martin= oeverzwaluw;House martin= huiszwaluw;St. Martin’s Day= 11 Nov.;(St.) Martin’s Summer=Martinmas summer.Martinet,mâtinet, dienstklopper:He gives himselfmartinet airs;He hasa touch of the martinet= is een echte dienstdoener;Martinetism= dienstklopperij.Martingal,mâtiŋgal,Martingale,mâtiŋgeil, springteugel; doove Jut (Scheepst.); voortdurende verdubbeling van den inzet:[332]Heplayed the martingal on fate= bond een wanhopigen strijd aan tegen.Martinmas,mâtinmas, St. Maarten (Nov. 11):Martinmas summer= mooie dagen laat in den herfst.Martyr,mâtə, subst. martelaar;Martyrverb. den marteldood doen sterven, martelen:I’m quite a martyr to the gout= lijd verschrikkelijk aan;Martyrdom= martelaarschap;Martyrology,mâtirolədži, geschiedenis of lijst van martelaren.Marvel,mâv’l, subst. wonder;Marvelverb. zich verbazen, benieuwd zijn:It is amarvel of cheapness= wondergoedkoop;Marvel of Peru= bonte wonderbloem;I marvelwhere he can be= ik wou wel eens weten waar hij is;Marvellous= wonderbaar; subst.Marvellousness.Mary,mêri, Marie:Mary Janes= dienstboden;A Hail Mary= Ave Maria;Maryland,mêrilənd,merilənd;Marylebone,maribən,maribən;Marymas,mêrimas, Maria Boodschap (25 Maart).Mascle,mask’l, ruitvormig stuk op een geschubd pantser; open ruit (Herald.);Mascled.Mascot(te),maskot, mascotte.Masculine,maskjulin, mannelijk, krachtig, flink, onvrouwelijk, brutaal; subst.Masculineness=Masculinity.Mash,maš, subst.mengelmoes, mengvoer, brouwsel; liefje, minnaar, vlam;Mashverb. vermengen, fijn stampen, mout verdunnen, verliefd worden op, het hoofd op hol maken; gek zijn op; den fat uithangen:Mary ismashed on you= verkikkerd op je;Masher= damesgek, fat; soort boord;Mashy= papperig.Mashie,maši, een ijzeren kolf bij hetgolfspel.Mashonaland,məšounəland.Mask,mâsk, subst. masker, maskerade(pak), gemaskerde, dekmantel, scherm, vossekop, voorwendsel, draai;Maskverb. (zich) maskeeren, vermommen, bedekken:Mask(ed)-balls;Masker= gemaskerde.Maslin,mazlin, subst. messing:Maslin kettle= ketel daarvan gemaakt.Mason,meis’n, steenhouwer, vrijmetselaar;Masonverb. metselen, steenhouwen;Masonic,məsonik, maçonniek:Masonic emblems,jewels= vrijmetselaars-insignes;Masonic hall (lodge)= loge;Masonry= metselaarswerk, vrijmetselarij.Masque,mâsk,Masquerade,maskəreid, ZieMask.;Masquerader.Mass,mâs, massa, troep, hoop, gesloten formatie van cavalerie, brigade kolonne van infanterie;Massverb. (zich) tot een massa verzamelen:The masses and the classes= het volk en de aristocraten;A mass of information= groote hoeveelheid kennis;The Boers are massing in entrenched positions;Mass-meeting= algemeene bijeenkomst;Massiness, subst. v.Massy= omvangrijk, zwaar, in massa.Mass,mas, mis:Toattend (the) mass,Togo to mass;Tosay mass= de mis lezen;High (Low, Morning) mass= hoogmis (stille mis, vroegmis);Mass-book.Massachusetts,masətšûsəts.Massacre,masəkə, subst. moord, bloedbad;Massacreverb. in het wilde moorden.Massage,masidž,masâž, massage:Massagist,masâdžist, masseur.Masseter,masîtə, kauwspier.Masseur,Masseuse,beide Fr. uitspr.Massinger,masinžə.Massive,masiv, massief; subst.Massiveness.Mast,mâst, subst. mast; vrucht van eik of beuk, eikels, beukenoten;Mastverb. van masten voorzien; mesten:He hasserved before the mast= als gewoon matroos gediend;The flagfloated at halfmast-high= woei halfstok;Mast-beam= zeilbalk;Mast-head= subst. top van den mast;Mast-headverb. in top hijschen; voor straf naar boven in den mast zenden;Mast-hoop= band of hoepel om den mast;Masted: Four masted vessel= schip met 4 masten =Four-master;Mastless= zonder masten.Master,mâstə, subst. meester, vader (v. armhuis, etc.), heer, baas, “vrind”, eigenaar, jongeheer, magister, kapitein of gezagvoerder; adj. voornaamste, hoofd - -, meester - -;Masterverb. vermeesteren, meester worden, overwinnen, temmen:Themaster and matronof a workhouse= vader en moeder;Under-master= ondermeester;He is a masterat it= hij is het meester;Masterof the horse= stalmeester;Master of (the) (Fox)hounds= jagermeester van een vossenjachtclub;Master-at-arms= provoostgeweldiger;Master-builder= bouwmeester;Master-hand= meesterhand;Master-key= looper;Master-man= opzichter, baas;Master-mariner= gezagvoerder:Master-mason= meestersteenhouwer;Mastermind= buitengewone geest, supérieur mensch;Masterpiece= meesterstuk;Master-spring= hoofdveer;Master-stroke= meestertrek, meesterstuk;Mastertheme= hoofdthema;Masterwork= meesterstuk;Masterdom= heerschappij;Masterful= bazig, despotisch;Masterhood= meesterschap;Masterless= zonder meester;Masterliness, subst. v.Masterly= meesterlijk, meesterachtig;Mastership= meesterschap, meerderheid; leeraarschap:TheFrench mastership= betrekking van leeraar in het Fransch;Mastery= heerschappij, grootere voortreffelijkheid, meerderheid, voorrang:Togain (get, obtain) the mastery= de overhand winnen, heerschappij verkrijgen, onderwerpen.Mastic,mastik, mastik, mastikboom (=Mastic-tree);Mastic-cement.Masticate,mastikeit, kauwen, fijn snijden; subst.Mastication;Masticator= hakmachine;Masticatory= kauw - -.Mastiff,mastif, bulhond, kettinghond.Mastodon,mastədon, mastodont.Mat,mat, subst. mat, grof vlechtwerk;Matverb. met matten beleggen, dooreen vlechten, verwarren, in de war zijn of raken:Sherubbed her boots on the mat= veegde af;Hismatted hair= verward haar;He wasmattedly unkempt= ongekamd, met verwarde haren;Mat-grass= borstelgras;Matting= matten, matwerk, stof voor matten.Mat,mat, dof, mat; subst. wit metaal,[333]matbijtel;Matverb. matteeren;Mat-gold= matgoud.Matabele,matəbîl.Matador(e),matədö,matədö, matador.Match,matš, subst. zwavelstok, lucifer, lont; weddenschap, wedstrijd, partij, partuur, gelijke, paar, span; huwelijk; adj. bij elkaar passend;Matchverb. paarsgewijze vereenigen, verbinden, iets passends uitkiezen, evenaren, opgewassen zijn tegen, zich meten, passen bij:Is it a match?= wedden?It isa match!= top!The match will not come off= de wedstrijd gaat niet door;I amno match forhim= ben niet tegen hem opgewassen;He isa match forthem all= hij staat ze allemaal;He is more than a match for you= je de baas;Tolight (strike) a match= een lucifer aanstrijken;You two arewell matched= jullie beiden hoort net bij elkaar;This matches it nicely= komt er mooi bij;Tomatch pennies= pennies opgooien (dobbelen);Not to be matched(Vergel.:Match to none) = onvergelijkelijk;To beill-(well-)matched= slecht (goed) bij elkaar passen;Match-box= lucifersdoosje;Match-girl= meisje dat lucifers verkoopt;Matchlock= snaphaan;Match-maker= lucifersfabrikant; koppelaar(ster):She is amatch-making woman= zij mag graag zoo’n beetje koppelen;Match-wood= hout voor zwavelstokken, splinters:The carriagecollapsed like match-wood= viel in elkaar als tonder;Matchable= vergelijkbaar;Matchless= onvergelijkelijk; subst.Matchlessness.Mate,meit, subst. maat, kameraad, helper, echtgenoot(e), mannetje, wijfje;Mateverb. vereenigen, trouwen, paren:Chief mate= eerste stuurman;Cook’s mate= koksmaat;Mating-season= paartijd.Mate,meit, mat (schaakspel);Mateverb. mat zetten.Mater,meitə, moeder, “ouwe vrouw”.Material,mətîriəl, subst. (bouw)stof, materiaal; adj. stoffelijk, lichamelijk, gewichtig, belangrijk, materialistisch:Hebought the house for its materials= voor afbraak;That ismaterial toyour welfare= van ’t hoogste belang voor uw welzijn;His healthimproves materially= gaat hard vooruit;They were leftmaterially undisturbed= in hoofdzaak met rust gelaten;Materialism= materialisme;Materialist;Materialistic= materialistisch;Materiality,matirialiti= stoffelijkheid;Materialization= verstoffelijking;Materialize= verstoffelijken, realiseeren, stoffelijk voordeel (of resultaat) opleveren; een stoffelijken vorm aannemen:All our announcements and posters have failed to materialize= al onze advertenties en aanplakbiljetten hebben niets gegeven;Materialness=Materiality.Maternal,mətɐ̂n’l, moederlijk, moeder.., van moederszijde;Maternity= moederschap:Maternal-hospital= kraaminrichting.Mathematic(al),mathimatik(’l), wiskundig:Mathematical master= leeraar in de wiskunde;Mathematician,mathimətiš’n, wiskundige;Mathematics= wiskunde:Thehigher mathematics.Mather(s),madhə(z),Mathew,mathjû.Matie,meiti, maatjesharing.Matins,matinz, vroegdienst, metten;Matinee,matinei, matinée; morgenjapon.Matricidal,meitrisaid’l,matrisaid’l, moedermoord betreffend;Matricide,meitrisaid,matrisaid, moedermoord(er).Matriculate,mətrikjuleit, immatriculeeren, (zich laten) inschrijven in dematricula(= naamlijst); subst.Matriculation.Matrimonial,matrimounj’l, huwelijks …:Matrimonial agents;Matrimonial duties= huwelijksplichten;He ismatrimonially inclinedtowards her= wenscht haar tot zijne vrouw;Matrimony= huwelijk, huwelijke staat.Matrix,meitriks,matriks, baarmoeder, matrijs, de vijf eenvoudige kleuren bij het wolverven (zwart, wit, blauw, rood en geel).Matron,meitr’n,matrən, matrone, deftige dame, directrice van eene instelling of inrichting;Matronage,meitrənidž,matrənidž, de gezamenlijkematrons, moederlijke zorg;Matronal= matroneachtig; adj. bejaard;Matronhood=Matronage;Matronize= als oudere dame (of moeder) eene jonge vergezellen;Matronlike=Matronal=Matronly;Matronship.Matter,matə, subst. stof, zelfstandigheid, onderwerp, voorwerp, zaak, gewicht, etter, kopij (drukkerij), enz.;Matterverb. van belang zijn:What is the matter= wat is er, scheelt er aan?There is always something or other the matter with him= hij heeft ook altijd wat;It isa matter of five pounds= zoo wat 60 gld.;That isa matter of course= dàt spreekt vanzelf;Matter of fact= daadzaak:As a matter of fact= feitelijk;He isa matter-of-fact person= door-en-door practisch, nuchter;That isa great matter= dat is van groot gewicht;It is not amatter of pencebut principle= niet om de knikkers, maar om ’t recht van ’t spel;I might go therefor that matter,for the matter of that= wat dat aangaat;No matter= het kan niet schelen;It is no matter of mine= ’t gaat mij niet aan;Nosuch matter= niets daarvan;Thesubject matter= stof, inhoud;Itdoes not matter= het kan niet schelen;Itmatters to us all= is van belang voor ons allen;Itcannot greatly matter= het doet er niet veel toe;Matterful= van gewicht, kracht of beteekenis.Matthew,mathjû;Matthias,məthaiəs.Mattock,matək, houweel.Mattress,matrəs, matras; fascine:Hair mattress,Wire mattress.Maturate,matjureit, rijp worden; subst.Maturation;Maturative= rijpend, ettering bevorderend (middel).Mature,mətjûə, adj. rijp, gerijpt, geheel ontwikkeld, voorbereid, vervallen (van wissels):Amatured plan= wel overlegd, goed doordacht;Matured wine= belegen wijn;Matureness=Maturity= rijpheid, vervaltijd (van wissels):At (On) maturity= op den vervaldag.Matutinal,matjutain’l,mətjûtin’l, vroeg, morgen …:Matutinal bath;Matutinal habits= gewoonte vroeg op te staan.Maud,môd, Maud; wollen plaid (Schotl.).Maudlin,môdlin, sentimenteel, schreierig als een dronken mensch; subst.Maudlinism.Maugre,môgə, niettegenstaande.Maul,môl, subst. groote houten hamer,[334]moker;Maulverb. ranselen, verpletteren, beschadigen, mishandelen:They wereseverely mauled= leelijk toegetakeld, scherp gecritiseerd.Maulstick,môlstik, schildersstok.Maunder,môndə,mândə, op huilerigen toon spreken, mompelen, bazelen; subst. gebazel;Maunderer= brompot.Maundy-Thursday,môndi-thɐ̂zdi, Witte Donderdag, waarop;Maundy moneywordt uitgedeeld door denRoyal AlmonerinWhitehall(gewoonlijk eenpennyvoor elk levensjaar van den vorst).Maurice,môris,moris;Mauritania,môriteinjə;Mauritius,môrišəs.Mausoleum,môsəlîəm, praalgraf.Mauve,mouv, subst. purperkleur; adj. purperkleurig.Mavis,meivis, zanglijster.Maw,mô, pens, krop, maag; bek:Hold your maw;Maw-seed= papaverzaad;Maw-worm= spoelworm; huichelaar.Mawkish,môkiš, walgelijk; overgevoelig, kieskeurig; subst.Mawkishness.Maxilla,maksilə, kaakbeen, bovenkaak;Maxillary,maksiləri,maksiləri, tot de kaak behoorende, kaak.…Maxim,maksim, grondstelling, leerspreuk.Maxim,maksim:Maxim gun= soort van repeteerkanon.Maximal,maksim’l, maximaal.Maximilian,maksimilj’n.Maximum,maksimɐm, subst. maximum; adj. grootst.May,mei, Mei, lente, meidoorn, Meifeest;Mayverb. het Meifeest vieren;May-bloom= meidoorn;May-bug,May-chafer= meikever;May-day= eerste Mei;May-duke= meikers;May-flower= meidoorn, dotterbloem, pinksterbloem, koekoeksbloem;May-fly= soort watervlieg (Sialis lutaria);May-lady,May-queen= meikoningin;May-lily= lelietje v. dalen;May-meeting= Mei-bijeenkomst (van godsdienstige sekten en staatkundige partijen);May-pole= meiboom, boonestaak (fig.), “kip op hooge pooten”;Togo a-maying= naar het Meifeest gaan;Mayer= iemand, die aan het Meifeest deelneemt.May,mei, mogen, kunnen, misschien kunnen:Be this as it may= laat dit zijn zoo het wil;As one may say= om zoo te zeggen;He that will not when he may, When he will he shall have nay= Wie niet wil wanneer hij mag, Krijgt een “neen” op later dag;Come what come may= laat er gebeuren wat er wil;It may be fine to-morrow= het is morgen misschien wel mooi weer;Maybe= kan zijn, misschien;Mayhap= misschien, toevallig.Mayence,Fr. uitspr.Mainz;Mayfair,meifêə;Mayhew,meihjû;Maynooth,meinûth,meinûth;Mainwaring,manəriŋ.Mayor,meijə,mêə, burgemeester (in Engeland); adj.Mayoral;Mayoralty= burgemeestersambt;Mayoress= burgemeestersvrouw;Mayorship.Mazard,mazəd, schedel, kop; soort kers.Maze,meiz, subst. doolhof; verlegenheid;Mazeverb. verbijsteren, in verlegenheid brengen; subst.Mazement=Maziness.Maz(o)urka,məzɐ̂kə,məzûəkə, mazurka.Mazy,meizi, verward, verlegen.Me,mî, mij:That’s me= dat ben ik.Mead,mîd, mee (drank); weide (dichterl.).Meadow,medou, weide, weiland:Meadow-land= weiland;Meadow-mouse= veldmuis;Meadowsweet= moeras-spiraea; theeboompje (Amer.);Meadowy= uit weiden bestaande.Meager, Meagre,mîgə, adj. mager, schraal, onvruchtbaar:Ameagre correspondent= die weinig schrijft; subst.Meagreness.Meal,mîl, maal, maaltijd; meel; maismeel (Amer.);Mealverb. tot meel of poeder wrijven, met meel bestrooien:Youshall be paid in meal or malt= in elk geval, hoe dan ook;Hemade a meal of it= at er zijn bekomst van;Meal-brimstone= fijne zwavel;Meal-man= meelhandelaar;Meal-meat= meelspijs;Meal-time= etenstijd;Meal-worm;Mealies,mîliz, maïs (Z.-Afr.);Mealiness= meligheid;Mealy= melig, droog, als met meel bestoven;Mealy-mouthed= schuchter, zoetsappig.Mean,mîn, laag, gering, armelijk, gemeen, onbeteekenend, slaafsch, krenterig:No mean foe= een tegenstander, dien men niet moet onderschatten;There wasnothing mean aboutthe party= het was eene royale partij;He has a mean look about him= de krenterigheid ziet hem de oogen uit;You aretoo mean for anything= je bent al heel min;Mean-born= van lage geboorte;Mean-spirited= kruiperig; subst.Mean-spiritedness;To thinkMeanlyof= geringschatten;Meanness= nederige stand, gemeenheid, krenterigheid.Mean,mîn, middelmatig, gemiddeld; subst. middelweg, middelmaat, middenterm, middel:Mean distance= gemiddelde;Themean Englishman= gewone;Agolden mean= middelweg;Toadopt a happy mean= middelweg kiezen;In the meantime= ondertusschen;In the meanwhile= middelerwijl;Means= middel, middelen, inkomsten, oorzaak:Helives beyond his means= boven zijn vermogen;By means of= door middel van;You must go thereby all means(= vooral);You must try to do itby any means= hoe dan ook;By no means= vooral niet;By no manner of means= in geen geval.Mean,mîn, meenen, bedoelen, beteekenen, van plan zijn, voornemens zijn:He meant no harm= bedoelde het goed;Tomean mischief= wat in het schild voeren;I do not mean to say= ik wil niet zeggen;Youmeant (it) well= hebt het goed bedoeld;Meaning= beteekenis, meening;Meaningless= zonder zin.Meander,miandə, subst. kronkeling, doolhof;Meanderverb. kronkelen, zich slingeren, drentelen:You tell him my very words, andno meandering of your own= zonder verdraaiing.Meandrina,mîəndrainə, hersenkoraal.Meandrous,miandrəs, kronkelend.Meant,ment, imp. en p.p. vanto mean.Mease,mîz,mîs:Mease of herrings= ± 500 haringen.Measles,mîz’lz, mazelen, puisten (bij varkens):[335]Tohave measles;Measly,mîzli, aan de mazelen lijdend; puisterig, gevlekt, vuil, jammerlijk, armzalig:I will break every bone in yourmeasly skin= ik zal je fijn wrijven, vuile kerel!Measurable,mežurəb’lmeetbaar; subst.Measurableness;Measure,mežə, subst. maat, maatstaf, verhouding, aandeel, versmaat, (tijd)maat, maatregel, gematigdheid, statige dans;Measureverb. meten, afmeten, toemeten, opmeten, afleggen:Lineal, Square measure= lengtemaat, vlaktemaat;Measure of capacity= inhoudsmaat;Beyond (Out of) all measure= buitenmate;In a (In some) measure= in zekere mate;In a great measure= grootendeels;Made to measure= naar maat;Measure for measure= leer om leer;I had soontaken his measure= begrepen wat hij waard was;Totake measures= maatregelen nemen;Tomeasure one’s length= languit vallen;Before daybreak wemeasured twenty miles= legden wij twintig mijlen af;Tomeasure one’s words= wikken en wegen;Tomeasure swords= de degens kruisen;Hemeasured me fora coat= nam mij de maat voor eene jas;As you measure so it will be measured unto you= met de mate waarmede gij meet, met die mate zal u gemeten worden;Measured= gelijkmatig, rhythmisch, gematigd, afgemeten;Measureless= mateloos; subst.Measurelessness;Measurement= meting, maat, tonneninhoud:I havetaken your measurementsand laid down the chart of your genius= ik heb u gewogen en uitgemaakt wat ge waard zijt;Measurement-goods= goederen waarvoor vracht wordt betaald naar maat of grootte;Measurer= (land)meter, meetinstrument;Measuring-chain (Measuring-cord, Measuring-tape)= maatstok, etc.Meat,mît, voedsel, kost, spijs, vleesch:Spoonmeat= lepelkost;Sweetmeat= bonbons;I amas full of business as an egg is full of meat= ik ben naar alle kanten bezet;One man’s meat is another man’s poison= den een zijn dood is den ander zijn brood; je kunt niet alle menschen over den zelfden kam scheren;The meat is done= goed gaar, op;Meat and drink:That is meat and drink to me= dat is een kolfje naar mijne hand;Meatball= balletje;Meat-biscuit= vleeschbeschuitje;Meat-extract;Meat-hook= vleeschhaak; spuuglok;Meat-jack= spit;Meat-offering= Joodsch spijsoffer;Meat-safe= vliegenkast;Meat-salesman= groothandelaar in vleesch;Meat-tea= thee met vleesch (visch, etc.);Meatiness, subst. v.Meaty= vleezig, stevig.Mebbe,mebi, verk. vanmaybe= misschien.Mechanic,mikanik, subst. mechaniker, handwerksman; adj. =Mechanical, werktuigelijk, machinaal (ookfig.), handwerks.., werktuigkundig:Mechanical drawing= lijnteekenen;Mechanical engineer= werktuigkundige;Mechanical powers= werktuigelijke krachten;Mechanical science= werktuigkunde;Mechanicality=Mechanicalness= werktuigelijkheid;Mechanician,mekəniš’n, werktuigkundige;Mechanics= werktuigkunde;Mechanism,mekənizm, mechaniek, machinerie, mechanismus, techniek;Mechanist,mekənist= technicus, machinist.Mechlin,meklin, Mechelen, Mechelsche kant =Mechlin lace.Meconium,mikouniəm, kinderpek; papaversap.Medal,med’l, medaille;Medalverb. een medaille verleenen;Medallic,mədalik, medaille..;Medallion,mədalj’n, penning, medaillon;Medallist= penningkundige, met eene medaille bekroonde, stempelsnijder.Meddle,med’l, zich bemoeien:Do notmeddle withmy affairs= steek je neus niet in;Do not meddle with him= bemoei je niet met hem;I will neither meddle nor make with it= ik wil er niets mee te maken hebben;Meddler= bemoeial;Meddlesome= bemoeiziek; subst.Meddlesomeness=Meddling, ook subst.Mede,mîd, Mediër;Medea,midîə;Media,mîdjə, Medië.Medieaeval,mediîv’l,mîdiîv’l, middeleeuwsch, ouderwetsch;Medieaevalism= de geest der middeleeuwen in kunst en godsd.;Medieaevalist= kenner, vereerder der middeleeuwen;Medieaevalize= middeleeuwsch maken.Medial,mîdj’l, gemiddeld, middel..:An initial,medial,final consonant= begin-, tusschen- en eindmedeklinker.Median,mîdj’n, midden-, mediaan; van Medië, Mediër.Mediate,mîdi-it, adj. in het midden liggend, bemiddelend;Mediateverb. (mîdieit) bemiddelen, als bemiddelaar optreden:Mediated water= suikerwater;Mediation= bemiddeling, voorspraak.Mediatization,mîdiətizeiš’n, subst. v.Mediatize,mîdiətaiz, aan de staatsoverheid onderwerpen.Mediator,mîdieitə, bemiddelaar; adj.Mediatorial;Mediatorship;Mediatory= bemiddelend;MediatrixofMediatrix.Medical,medik’l, geneeskundig, medisch:Medical man= medicus;Medical Officerand Public Vaccinator for a district= districts armendokter;Medical profession= beroep van geneesheer;Medical student;Medicament,mədikəment,medikəment, geneesmiddel;Medicamental= geneeskrachtig, heilzaam;Medicaster,medikastə, kwakzalver;Medicate,medikeit, geneeskundig bereiden of behandelen:Medicated coffee= geneeskrachtige koffie;Medication= geneeskundige behandeling of bereiding;Medicinal= genezend;Medicine,medsinofmedisin, geneesmiddel, geneeskunde:Medicine-bag= amulet;Medicine-chest= medicijnkist;Medicine-man= dokter en bezweerder bij de indianen;Medico,medikou, subst. esculaap (schertsend voor geneesheer); adj. tot de geneeskunde behoorende:Medico-legal= tot de gerechtelijke geneeskunde behoorende;Medicus.Medina,midînə, Medina;midainə, rivier op Wight, stad in Amerika.Mediocre,mîdioukə, middelmatig:Mediocrity,mîdiokriti, middelmatigheid; middelmatig persoon.Meditate,mediteit, peinzen, overdenken, voornemens zijn; subst.Meditation;Meditative= peinzend, zinnend; subst.Meditativeness;Meditator.[336]Mediterranean,meditəreinj’n, subst. Middellandsche Zee; adj. middellandsch.Medium,mîdj’m, subst. midden, middensoort, middenterm, middenstof, middel, hulpmiddel, Engl. mediaanpapier (18 × 28 inches), medium; adj. middelmatig, gemiddeld, doorsnee - -:Through the medium of= door bemiddeling (middel) van;At a medium;Of (Less than, Over the) medium height;Medium-sized.Medlar,medlə, mispel(boom):Medlar-tree.Medley,medli, verwarde massa, potpourri; ook adj.Medulla,midɐlə, merg;Medullary,midɐləri,medələri= mergachtig, merg..;Medullin= mergstof (Chem.).Medusa,mədjûsə, Medusa; kwal; mv.Medusae,mədjûsî.Meed,mîd, belooning, prijs, gift.Meek,mîk, zachtzinnig, gedwee, nederig:Meek-eyed;Meek-spirited= deemoedig; subst.Meekness.Meerschaum,mîəšôm,mîəšəm, meerschuim(en pijp):Meerschaum pipe.Meet,mît, subst. bijeenkomst (van sportlui); rendez-vous voor sportlui, de gezamenlijke sportlui; adj. geschikt, gepast;Meetverb. ontmoeten, tegenkomen, tegemoet komen, bijeenkomen, nakomen, voldoen aan, bevredigen, enz.:A meet of the Coaching Club= het samenkomen van de leden dier club, diecoachesbezitten en zelf rijden;It is not meetthat he should go there= gepast;Mere inquiry will notmeet the case= is in dit geval niet voldoende;More is meant thanmeets the ear (the eyes)= daar schuilt meer achter dan men hoort (ziet);Thatmeets the needsof the people= voorziet in;Tomeet due protection= behoorlijk gehonoreerd worden;I willmeet you on equal terms= durf je staan onder gelijke voorwaarden;The carriage is tomeet the 10,5 train= moet zijn aan;Tomeet a person halfway= tegemoet komen (fig.);Have I met you?= Is dit wat u verlangt, is dit voldoende?Imet witha kind reception= vond eene vriendelijke ontvangst;Imet withan accident, a bad fall, a loss= mij trof, ik kreeg;He is met with= heeft zijn man gevonden;He tried tomeet all my wants= te voorzien in;I cannotmake both ends meet= ik kan niet rondkomen;Isent to meet them at the 10,5 train= liet ze afhalen;It was Greek meet Greek, diamond cut diamond= twee Joden weten wat een bril kost;Meeting= ontmoeting, bijeenkomst, vergadering, zitting, dag van een wedren, samenvloeiing:The meeting was called forhalf-past seven= bijeengeroepen tegen;Meeting-house= bedehuis;Meeting-place= plaats van samenkomst;Meetly= gepast, geschikt;Meetness= gepast-, geschiktheid.Meg(a), in samenst.: groot, reusachtig;Megaphone,megəfoun, soort roeper;Megascope,megəskoup, megascoop.Megass(e),məgas, uitgeperst suikerriet.Megrim,mîgrim, schele hoofdpijn, gril, luim:Megrims= zwaarmoedigheid; koliek bij paarden.Melancholia,mel’nkouljə, zwaarmoedigheid;Melancholiac= melancholicus;Melancholy,mel’nkoli, subst. zwaarmoedigheid, droefgeestigheid; ook adj.:He isin a melancholy mood= in eene sombere stemming.Melanesia,melənîsiə;Melanesian, adj. en bewoner van M.Melanite,melənait, melaniet.Mêlée,Fr. uitspr.handgemeen.Melib(o)ean,melibîən:Melib(o)ean song= beurtzang.Melilot,melilot, honigklaver.Melinite,melinait, meliniet.Meliorate,mîljəreit, verbeteren, beter worden; subst.Melioration;Meliorism,mîljərizm, de leer dat verbetering mogelijk is; het streven hiernaar.Meliphagous,məlifəgɐs, honigetend; Melliferous = honig voortbrengend;Mellifluence,məlifluens, zoetvloeiendheid;Mellifluent,Mellifluous= zoetvloeiend;Mellite,melait, honigsteen.Mellay,melei=Mêlée.Mellow,melou, adj. overrijp, beursch, zacht, aangenaam, vol, gerijpt, lichtelijk aangeschoten;Mellowverb, rijp of zacht worden (maken), rijpen, benevelen; subst.Mellowness;Mellowy= zacht, zoet.Melodious,miloudiəs, welluidend; subst.Melodiousness;Melodist= componist of zanger v. melodiën; verzameling van melodiën;Melody,melədi, melodie, zangwijze.Melodrama,melədrâmə,melədrâmə, melodrama;Melodramatic,melədrəmatik, melodramatisch;Melodramatist,melədramətist, schrijver van melodramas.Melon,mel’n, meloen:Melon-juice.Melpomene,melpominî;Melrose,melrouz.

Map,map, subst. landkaart, hemelkaart, nauwk. voorstelling;Mapverb. teekenen, afbeelden, nauwkeurig beschrijven, ontwerpen (out);Map-maker= landkaartmaker.Maple,meip’l, ahorn.Mar,mâ, beschadigen, bederven, ontsieren, verijdelen.Marabou(t),marəbû,marəbû, marabout (veêr, zijde);Marabou-feathers.Marabout,marəbût,marəbût, Mahomedaansch priester en toovenaar (N. Afr.).Maracan,marəkan, ara-papegaai (Brazilië).Maraschino,marəskînou, marasquin.Marasmus,mərasməs:Marasmus senilis= senile aftakeling.Maraud,mərôd, stroopen, plunderen;Marauder.Marble,mâb’l, subst. marmer, marmeren beeld; knikker; adj. marmeren, als marmer[330]geaderd;Marbleverb. marmeren:Marble Arch= een der toegangen van hetHydepark;The children wereplaying at marbles= waren aan het knikkeren;Marble-edged= gemarmerd op snede;Marble-hearted= hardvochtig;Marble-quarry= groeve;Marbled= gemarmerd:Marbling= marmeren; het doorgroeid zijn van vleesch;Marbly= marmerachtig, gemarmerd.Marcescent,mâses’nt, verwelkend; verschrompelend.March,mâtš, subst. Maart; grens, markegrond; marsch, marche, tocht, loop, geleidelijke ontwikkeling;Marchverb. grenzen; marcheeren, doen marcheeren, wegvoeren (off):Order of march= marschroute;I havegained (got, stolen) a march upon you= ben u vóór gekomen, u te slim af geweest;Toride the marches= de grenzen omrijden (Schotl.);(Forward) march!The generalmarched the armyto the enemy= rukte met het leger op tegen;Wemarched down uponthe enemy= rukten aan op;Tomarch off= afmarcheeren;Tomarch on= voortmarcheeren; oprukken tegen;Tomarch past= voorbijmarcheeren, defileeren;The soldiers weremarched up fromthe barracks= men liet hen uit de kazerne rukken;March-chick= brutaaltje;March-land= grensland;Marchman= grensbewoner;Marching-order= marschbevel:Tobe(Toput)under marching-orders;Marching-past= défilé.Marchioness,mâšənəs, markiezin.Marconigram,mâkounigram, draadloos telegram.Mare,mêə, merrie:Brood mare= fokmerrie;A face as long as any mare’s= een gezicht als een oorworm;On Shank’s mare= op Apostelpaarden;He hasfound a mare’s nest (and is laughing over the eggs)= hij dacht heel wat bijzonders gevonden te hebben, doch blijkt zich geducht te hebben vergist;Some experience willsave you from mare’s nests= zal u voor teleurstellingen bewaren;Mare’s-tail= lange vederwolk:Waterdogs(= regenwolkjes)andmare’s tails,Make lofty ships have low sails.Margaret,mâgərət,mâgrət.Margarine,mâgərin, margarine.Margate,mâgit.Margay,mâgei, tijgerkat.Marge,mâdž, rand, marge.Margin,mâdžin, subst. rand, grens, speelruimte, verschil tusschen inkoops- en verkoopsprijs, overschot, waarborgsom;Marginverb. van een rand voorzien, van kantteekeningen voorzien; zich dekken:In such a work amargin of errorshould be allowed= kan men een zeker getal vergissingen verwachten;A smallmargin of profit= een klein voordeeltje;He is so devoted to his work, that he has not amargin for social life= dat er geen tijd overschiet voor ’t gezellige leven;I sold out so as to have alarger marginwith which to operate= om wat meer geld in handen te hebben;He has but anarrow marginon which to subsist= hij kan maar even rondkomen;Eleven to four is asufficient marginfor me= van 11 tot 4 heb ik tijd genoeg;Named in the margin= terzijde vermeld;Tooperate on a margin= alléén verkoopen (b.v. van effecten) als men erop kan winnen;Marginal:Marginal notes, glosses(Marginalia,mâdžineiljə) kantteekeningen;Marginate(d)= met een rand, gerand.Margravate,mâgrəvit,Margraviate,mâgreivi-it, markgraafschap;Margrave,mâgreiv, markgraaf;Margravine,mâgrəvin, markgravin.Maria,məraiə:Black Maria= dievenwagen;Marian,mêriən, Maria - -;The Mariana Islands,mêrianəail’ndz, de Dieveneilanden;Marianne,mêrian.Marigold,marigould, goudsbloem; een millioen £;Marigold window= radvenster.Marinate,marineit, marineeren.Marine,mərîn, adj. zee - -, scheeps - -, marine - -; subst. marine, marinier, zeestuk:Tell that to the marines= maak dat je grootje wijs;Marine blue:Marine drive= rijweg langs het strand;Marine insurance= zeeassurantie;Marine law= zeerecht;Marine store dealer= soort scheepstagrijn;Blue marines= matrozen artillerie;Red marines= marine infanterie;Mercantile (Naval) marine= koopvaardijvloot (de marine);Mariner,marinə, zeeman, matroos:Master mariner= kapitein.Mariolatry,mêriolətri, Maria-vereering.Marionette,mariənet, marionet (ookfig.).Marish,mariš, subst. moeras; adj. drassig.Marital,marit’l, echtgenoots - -, echtelijk:I have no sympathy with marital wrongs= voel niets voor mannengrieven.Maritime,marit(a)im, zee - -, marine - -, maritime - -, strand - -:Maritime Alps= de Zee-alpen;Maritime commerce(Maritime trade) = zeehandel;Maritime insurance= zeeassurantie;Maritime power= zeemacht.Marjoram,mâdžər’m, marjolein.Marjoribanks,mâtšbaŋks;Mark,mâk, Marcus.Mark,mâk, subst. merk, teeken, blijk, baak, striem, nerf, stempel, spoor, doelwit, kruisje (van iemand, die niet kan schrijven), aanzien, gewicht, handelsmerk, nummer, prijs, cijfer;Markverb. merken, noteeren, opschrijven, stempelen, punten geven, markeeren, maat slaan, onderscheiden, letten op, scherp onderzoeken, uitpikken, etc.:Above, below the mark= te hoog, te laag;You arebeside the mark= gij zijt de plank mis;Near the mark= het doel nabij;A man (names)of mark= van beteekenis;That (He) isnot up to the mark= beneden peil, kan er niet door;Wide of the mark= geheel mis;Mark of the beast(ZieOpenbaring XIX, 19);High-(Low-)water mark= hoog (laag) waterpeil;Load mark= lastlijn, diepgang;Heleft his markon the country= de invloed van zijne persoonlijkheid doet zich nog gevoelen;That man willmake his mark= zal van zich doen spreken;Godbless (save) the mark= God betere het (iron.);Mark my words(=Mark me) = let op mijne woorden;Tomark time= den pas markeeren;They weremarked out fordestruction= ten doode opgeschreven;Tomark with a hot iron= brandmerken;One of themarked men of his age= groote mannen van[331]zijn tijd;It wouldlook markedif you stayed away= het zou erg in ’t oog vallen;Marker= aanschrijver, teller, marqueur, vleugelman, fiche;Marking-ink= merkinkt:Marking-iron= brandijzer;Marking-list= cijferlijst (School);Marksman= scherpschutter.Market,mâkit, markt, marktplaats (bezoek), navraag, aftrek, marktprijs, voordeel;Marketverb. de markt bezoeken, op de markt koopen of verkoopen:In the market= voorhanden, aanwezig;Clerk of the market= marktmeester;There is no market for= wordt niet gevraagd;Tofind (meet with) a ready market= gereeden aftrek vinden;Tomake market out of= profijt trekken van;Good waresmake quick markets= goede waar is half verkocht;It wasput upon the market= openbaar ten verkoop aangeboden;They looked like devils who weremarketing a corpse= die om een lijk dobbelden;Market-bell;Market-cross= kruis op een markt (vroeger symbool van het marktrecht);Market-day;Market-dues= marktgelden;Market-garden= moestuin;Market-gardener= hovenier, gaardenier;Market-hall= hal;Market-merry= licht aangeschoten na de markt;Market-place= marktplein;Market-porter= marktbediende;Market-price(Market-rate) = marktprijs;Market-report= marktbericht;Market-rigging= beursmanoeuvre;Market-stall= stalletje;Market-town= stad met het recht eene weekmarkt te houden;Marketable= verkoopbaar;Marketing= marktbezoek, marktvoorraad.Marl,mâl, subst. mergel; stof, aarde;Marlverb, bemesten; marlen (scheepst.);Marl-pit= mergelgroeve;Marlaceous= mergelachtig.Marlborough,môlbrə;mâlbərə(als plaatsn.).Marline,mâlin, marlijn;Marline-spikeofMarling-spike= marlpriem.Marlow(e),mâlou.Marly,mâli, mergelachtig, mergel …Marmalade,mâmeleid, marmelade.Marmoratum,mâməreit’m, marmercement;Marmoreal,Marmorean,mâmôriəl,mâmôriən, marmerachtig, marmer …Marmot,mâmət, marmot.Maronites,marənaits, Maronieten (godsd. sekte aan den Libanon).Maroon,mərûn, kastanjebruin.Maroon,məûn, weggeloopen slaaf (West-Ind.);Maroonverb. iemand op een onbewoond eiland opzettelijk achterlaten; wegloopen, rondboemelen:A marooning party= een gezelschap, dat een uitstapje maakt van eenige dagen en kampeert in de open lucht.Marplot,mâplot, spelbreker; zieMar.Marque,mâk:Letters of marque= kaperbrieven.Marquee,mâkî, groote tent.Marquet(e)ry,mâkətri, ingelegd werk.Marquis,mâkwis, markies;Marquisate,mâkwisit, markisaat.Marriage,maridž, huwelijk(splechtigheid):By marriage= aangetrouwd;One marriage makes a-many= van bruiloft komt bruiloft;Toask in marriage= ten huwelijk vragen;Marriage-articles= huwelijksvoorwaarden;Marriage-certificate= trouwakte;Marriage-contract= huwelijkscontract;Marriage-favours= witte strikken of linten, bouquet witte bloemen bij een bruiloft gedragen;Marriage-licence= huwelijksvolmacht;Marriage-lines= huwelijksbewijs;Marriage-portion= huwelijksgift;Marriage-ring= trouwring:Marriage-service= de liturgie bij het kerkelijk huwelijk;Marriage-vow= huwelijksgelofte;Marriageable= huwbaar;Marriageables= huwbaren;Married:Newly married couple= jonggehuwden;Married life (state).Marrow,marou, merg, kern, pit:Vegetable marrow= mergpompoen;Togo by the marrow stage= te voet gaan;Marrowbone= mergpijp;Marrowbones= knieën (ZieCleaver):Down on your marrows= op je knieën!Marrowfat= mergvet;Marrowfat pea= groote erwt;Marrowless;Marrowy.Marry,mari, trouwen, huwen, uithuwen:Marry in haste, repent at leisure= snel getrouwd, lang berouwd;Hemarried below his station= beneden zijn stand;Is your brothera married man?No, he is nota marrying man= is uw broer getrouwd? Neen, dat is geen man om te trouwen.Marry,mari, verbastering vanMary:Marry, you are right= waarachtig je hebt gelijk.Mars,mâz, Mars (oorlogsgod, planeet).Marsala,mâsâlə, Siciliaansche wijn.Marseilles,mâseilz.Marsh,mâš, drassig land, moeras:Marsh-fever= malaria;Marsh-fire= dwaallicht;Marsh-gas= moerasgas;Marsh-mallow= gewone heemst;Marsh-marigold= dotterbloem;Marsh-parsley= selderie;Marshiness, subst. v.Marshy= drassig, dras …Marshal,mâšəl, subst. maarschalk; ceremoniemeester; schout, i.e. hoofd van een AmerikaanschJudicial District, overeenkomend met eenSheriffin Engeland;Marshalverb. rangschikken, scharen, ordenen, rangeeren (Amer.):Earl Marshal= opperceremoniemeester aan het Eng. hof (erfelijke waardigheid in het geslacht Norfolk);Marshalship.Marshalsea,mâšəlsî, vroegere gevangenis voor gijzelaars in Londen (Southwark).Marsupial,mâsiûpiəl(Mv.Marsupialia,mâsiupieiljə), subst. buideldier; adj. buideldragend, beursvormig;Marsupium= buidel van deMarsupialia.Mart,mât, subst. markt, marktplaats;Martverb. verhandelen, schacheren.Martello(tower),mâtelou(tauə), gewelfde, ronde kusttoren, kustfort.Marten,mât’n, marter(-vel).Martial,mâš’l, krijgshaftig, krijgs.…:Court Martial= krijgsraad;Martial law was proclaimedin the country= de krijgswet werd afgekondigd;Martial music.Martin,mâtin, zwaluw:Bank martin= oeverzwaluw;House martin= huiszwaluw;St. Martin’s Day= 11 Nov.;(St.) Martin’s Summer=Martinmas summer.Martinet,mâtinet, dienstklopper:He gives himselfmartinet airs;He hasa touch of the martinet= is een echte dienstdoener;Martinetism= dienstklopperij.Martingal,mâtiŋgal,Martingale,mâtiŋgeil, springteugel; doove Jut (Scheepst.); voortdurende verdubbeling van den inzet:[332]Heplayed the martingal on fate= bond een wanhopigen strijd aan tegen.Martinmas,mâtinmas, St. Maarten (Nov. 11):Martinmas summer= mooie dagen laat in den herfst.Martyr,mâtə, subst. martelaar;Martyrverb. den marteldood doen sterven, martelen:I’m quite a martyr to the gout= lijd verschrikkelijk aan;Martyrdom= martelaarschap;Martyrology,mâtirolədži, geschiedenis of lijst van martelaren.Marvel,mâv’l, subst. wonder;Marvelverb. zich verbazen, benieuwd zijn:It is amarvel of cheapness= wondergoedkoop;Marvel of Peru= bonte wonderbloem;I marvelwhere he can be= ik wou wel eens weten waar hij is;Marvellous= wonderbaar; subst.Marvellousness.Mary,mêri, Marie:Mary Janes= dienstboden;A Hail Mary= Ave Maria;Maryland,mêrilənd,merilənd;Marylebone,maribən,maribən;Marymas,mêrimas, Maria Boodschap (25 Maart).Mascle,mask’l, ruitvormig stuk op een geschubd pantser; open ruit (Herald.);Mascled.Mascot(te),maskot, mascotte.Masculine,maskjulin, mannelijk, krachtig, flink, onvrouwelijk, brutaal; subst.Masculineness=Masculinity.Mash,maš, subst.mengelmoes, mengvoer, brouwsel; liefje, minnaar, vlam;Mashverb. vermengen, fijn stampen, mout verdunnen, verliefd worden op, het hoofd op hol maken; gek zijn op; den fat uithangen:Mary ismashed on you= verkikkerd op je;Masher= damesgek, fat; soort boord;Mashy= papperig.Mashie,maši, een ijzeren kolf bij hetgolfspel.Mashonaland,məšounəland.Mask,mâsk, subst. masker, maskerade(pak), gemaskerde, dekmantel, scherm, vossekop, voorwendsel, draai;Maskverb. (zich) maskeeren, vermommen, bedekken:Mask(ed)-balls;Masker= gemaskerde.Maslin,mazlin, subst. messing:Maslin kettle= ketel daarvan gemaakt.Mason,meis’n, steenhouwer, vrijmetselaar;Masonverb. metselen, steenhouwen;Masonic,məsonik, maçonniek:Masonic emblems,jewels= vrijmetselaars-insignes;Masonic hall (lodge)= loge;Masonry= metselaarswerk, vrijmetselarij.Masque,mâsk,Masquerade,maskəreid, ZieMask.;Masquerader.Mass,mâs, massa, troep, hoop, gesloten formatie van cavalerie, brigade kolonne van infanterie;Massverb. (zich) tot een massa verzamelen:The masses and the classes= het volk en de aristocraten;A mass of information= groote hoeveelheid kennis;The Boers are massing in entrenched positions;Mass-meeting= algemeene bijeenkomst;Massiness, subst. v.Massy= omvangrijk, zwaar, in massa.Mass,mas, mis:Toattend (the) mass,Togo to mass;Tosay mass= de mis lezen;High (Low, Morning) mass= hoogmis (stille mis, vroegmis);Mass-book.Massachusetts,masətšûsəts.Massacre,masəkə, subst. moord, bloedbad;Massacreverb. in het wilde moorden.Massage,masidž,masâž, massage:Massagist,masâdžist, masseur.Masseter,masîtə, kauwspier.Masseur,Masseuse,beide Fr. uitspr.Massinger,masinžə.Massive,masiv, massief; subst.Massiveness.Mast,mâst, subst. mast; vrucht van eik of beuk, eikels, beukenoten;Mastverb. van masten voorzien; mesten:He hasserved before the mast= als gewoon matroos gediend;The flagfloated at halfmast-high= woei halfstok;Mast-beam= zeilbalk;Mast-head= subst. top van den mast;Mast-headverb. in top hijschen; voor straf naar boven in den mast zenden;Mast-hoop= band of hoepel om den mast;Masted: Four masted vessel= schip met 4 masten =Four-master;Mastless= zonder masten.Master,mâstə, subst. meester, vader (v. armhuis, etc.), heer, baas, “vrind”, eigenaar, jongeheer, magister, kapitein of gezagvoerder; adj. voornaamste, hoofd - -, meester - -;Masterverb. vermeesteren, meester worden, overwinnen, temmen:Themaster and matronof a workhouse= vader en moeder;Under-master= ondermeester;He is a masterat it= hij is het meester;Masterof the horse= stalmeester;Master of (the) (Fox)hounds= jagermeester van een vossenjachtclub;Master-at-arms= provoostgeweldiger;Master-builder= bouwmeester;Master-hand= meesterhand;Master-key= looper;Master-man= opzichter, baas;Master-mariner= gezagvoerder:Master-mason= meestersteenhouwer;Mastermind= buitengewone geest, supérieur mensch;Masterpiece= meesterstuk;Master-spring= hoofdveer;Master-stroke= meestertrek, meesterstuk;Mastertheme= hoofdthema;Masterwork= meesterstuk;Masterdom= heerschappij;Masterful= bazig, despotisch;Masterhood= meesterschap;Masterless= zonder meester;Masterliness, subst. v.Masterly= meesterlijk, meesterachtig;Mastership= meesterschap, meerderheid; leeraarschap:TheFrench mastership= betrekking van leeraar in het Fransch;Mastery= heerschappij, grootere voortreffelijkheid, meerderheid, voorrang:Togain (get, obtain) the mastery= de overhand winnen, heerschappij verkrijgen, onderwerpen.Mastic,mastik, mastik, mastikboom (=Mastic-tree);Mastic-cement.Masticate,mastikeit, kauwen, fijn snijden; subst.Mastication;Masticator= hakmachine;Masticatory= kauw - -.Mastiff,mastif, bulhond, kettinghond.Mastodon,mastədon, mastodont.Mat,mat, subst. mat, grof vlechtwerk;Matverb. met matten beleggen, dooreen vlechten, verwarren, in de war zijn of raken:Sherubbed her boots on the mat= veegde af;Hismatted hair= verward haar;He wasmattedly unkempt= ongekamd, met verwarde haren;Mat-grass= borstelgras;Matting= matten, matwerk, stof voor matten.Mat,mat, dof, mat; subst. wit metaal,[333]matbijtel;Matverb. matteeren;Mat-gold= matgoud.Matabele,matəbîl.Matador(e),matədö,matədö, matador.Match,matš, subst. zwavelstok, lucifer, lont; weddenschap, wedstrijd, partij, partuur, gelijke, paar, span; huwelijk; adj. bij elkaar passend;Matchverb. paarsgewijze vereenigen, verbinden, iets passends uitkiezen, evenaren, opgewassen zijn tegen, zich meten, passen bij:Is it a match?= wedden?It isa match!= top!The match will not come off= de wedstrijd gaat niet door;I amno match forhim= ben niet tegen hem opgewassen;He isa match forthem all= hij staat ze allemaal;He is more than a match for you= je de baas;Tolight (strike) a match= een lucifer aanstrijken;You two arewell matched= jullie beiden hoort net bij elkaar;This matches it nicely= komt er mooi bij;Tomatch pennies= pennies opgooien (dobbelen);Not to be matched(Vergel.:Match to none) = onvergelijkelijk;To beill-(well-)matched= slecht (goed) bij elkaar passen;Match-box= lucifersdoosje;Match-girl= meisje dat lucifers verkoopt;Matchlock= snaphaan;Match-maker= lucifersfabrikant; koppelaar(ster):She is amatch-making woman= zij mag graag zoo’n beetje koppelen;Match-wood= hout voor zwavelstokken, splinters:The carriagecollapsed like match-wood= viel in elkaar als tonder;Matchable= vergelijkbaar;Matchless= onvergelijkelijk; subst.Matchlessness.Mate,meit, subst. maat, kameraad, helper, echtgenoot(e), mannetje, wijfje;Mateverb. vereenigen, trouwen, paren:Chief mate= eerste stuurman;Cook’s mate= koksmaat;Mating-season= paartijd.Mate,meit, mat (schaakspel);Mateverb. mat zetten.Mater,meitə, moeder, “ouwe vrouw”.Material,mətîriəl, subst. (bouw)stof, materiaal; adj. stoffelijk, lichamelijk, gewichtig, belangrijk, materialistisch:Hebought the house for its materials= voor afbraak;That ismaterial toyour welfare= van ’t hoogste belang voor uw welzijn;His healthimproves materially= gaat hard vooruit;They were leftmaterially undisturbed= in hoofdzaak met rust gelaten;Materialism= materialisme;Materialist;Materialistic= materialistisch;Materiality,matirialiti= stoffelijkheid;Materialization= verstoffelijking;Materialize= verstoffelijken, realiseeren, stoffelijk voordeel (of resultaat) opleveren; een stoffelijken vorm aannemen:All our announcements and posters have failed to materialize= al onze advertenties en aanplakbiljetten hebben niets gegeven;Materialness=Materiality.Maternal,mətɐ̂n’l, moederlijk, moeder.., van moederszijde;Maternity= moederschap:Maternal-hospital= kraaminrichting.Mathematic(al),mathimatik(’l), wiskundig:Mathematical master= leeraar in de wiskunde;Mathematician,mathimətiš’n, wiskundige;Mathematics= wiskunde:Thehigher mathematics.Mather(s),madhə(z),Mathew,mathjû.Matie,meiti, maatjesharing.Matins,matinz, vroegdienst, metten;Matinee,matinei, matinée; morgenjapon.Matricidal,meitrisaid’l,matrisaid’l, moedermoord betreffend;Matricide,meitrisaid,matrisaid, moedermoord(er).Matriculate,mətrikjuleit, immatriculeeren, (zich laten) inschrijven in dematricula(= naamlijst); subst.Matriculation.Matrimonial,matrimounj’l, huwelijks …:Matrimonial agents;Matrimonial duties= huwelijksplichten;He ismatrimonially inclinedtowards her= wenscht haar tot zijne vrouw;Matrimony= huwelijk, huwelijke staat.Matrix,meitriks,matriks, baarmoeder, matrijs, de vijf eenvoudige kleuren bij het wolverven (zwart, wit, blauw, rood en geel).Matron,meitr’n,matrən, matrone, deftige dame, directrice van eene instelling of inrichting;Matronage,meitrənidž,matrənidž, de gezamenlijkematrons, moederlijke zorg;Matronal= matroneachtig; adj. bejaard;Matronhood=Matronage;Matronize= als oudere dame (of moeder) eene jonge vergezellen;Matronlike=Matronal=Matronly;Matronship.Matter,matə, subst. stof, zelfstandigheid, onderwerp, voorwerp, zaak, gewicht, etter, kopij (drukkerij), enz.;Matterverb. van belang zijn:What is the matter= wat is er, scheelt er aan?There is always something or other the matter with him= hij heeft ook altijd wat;It isa matter of five pounds= zoo wat 60 gld.;That isa matter of course= dàt spreekt vanzelf;Matter of fact= daadzaak:As a matter of fact= feitelijk;He isa matter-of-fact person= door-en-door practisch, nuchter;That isa great matter= dat is van groot gewicht;It is not amatter of pencebut principle= niet om de knikkers, maar om ’t recht van ’t spel;I might go therefor that matter,for the matter of that= wat dat aangaat;No matter= het kan niet schelen;It is no matter of mine= ’t gaat mij niet aan;Nosuch matter= niets daarvan;Thesubject matter= stof, inhoud;Itdoes not matter= het kan niet schelen;Itmatters to us all= is van belang voor ons allen;Itcannot greatly matter= het doet er niet veel toe;Matterful= van gewicht, kracht of beteekenis.Matthew,mathjû;Matthias,məthaiəs.Mattock,matək, houweel.Mattress,matrəs, matras; fascine:Hair mattress,Wire mattress.Maturate,matjureit, rijp worden; subst.Maturation;Maturative= rijpend, ettering bevorderend (middel).Mature,mətjûə, adj. rijp, gerijpt, geheel ontwikkeld, voorbereid, vervallen (van wissels):Amatured plan= wel overlegd, goed doordacht;Matured wine= belegen wijn;Matureness=Maturity= rijpheid, vervaltijd (van wissels):At (On) maturity= op den vervaldag.Matutinal,matjutain’l,mətjûtin’l, vroeg, morgen …:Matutinal bath;Matutinal habits= gewoonte vroeg op te staan.Maud,môd, Maud; wollen plaid (Schotl.).Maudlin,môdlin, sentimenteel, schreierig als een dronken mensch; subst.Maudlinism.Maugre,môgə, niettegenstaande.Maul,môl, subst. groote houten hamer,[334]moker;Maulverb. ranselen, verpletteren, beschadigen, mishandelen:They wereseverely mauled= leelijk toegetakeld, scherp gecritiseerd.Maulstick,môlstik, schildersstok.Maunder,môndə,mândə, op huilerigen toon spreken, mompelen, bazelen; subst. gebazel;Maunderer= brompot.Maundy-Thursday,môndi-thɐ̂zdi, Witte Donderdag, waarop;Maundy moneywordt uitgedeeld door denRoyal AlmonerinWhitehall(gewoonlijk eenpennyvoor elk levensjaar van den vorst).Maurice,môris,moris;Mauritania,môriteinjə;Mauritius,môrišəs.Mausoleum,môsəlîəm, praalgraf.Mauve,mouv, subst. purperkleur; adj. purperkleurig.Mavis,meivis, zanglijster.Maw,mô, pens, krop, maag; bek:Hold your maw;Maw-seed= papaverzaad;Maw-worm= spoelworm; huichelaar.Mawkish,môkiš, walgelijk; overgevoelig, kieskeurig; subst.Mawkishness.Maxilla,maksilə, kaakbeen, bovenkaak;Maxillary,maksiləri,maksiləri, tot de kaak behoorende, kaak.…Maxim,maksim, grondstelling, leerspreuk.Maxim,maksim:Maxim gun= soort van repeteerkanon.Maximal,maksim’l, maximaal.Maximilian,maksimilj’n.Maximum,maksimɐm, subst. maximum; adj. grootst.May,mei, Mei, lente, meidoorn, Meifeest;Mayverb. het Meifeest vieren;May-bloom= meidoorn;May-bug,May-chafer= meikever;May-day= eerste Mei;May-duke= meikers;May-flower= meidoorn, dotterbloem, pinksterbloem, koekoeksbloem;May-fly= soort watervlieg (Sialis lutaria);May-lady,May-queen= meikoningin;May-lily= lelietje v. dalen;May-meeting= Mei-bijeenkomst (van godsdienstige sekten en staatkundige partijen);May-pole= meiboom, boonestaak (fig.), “kip op hooge pooten”;Togo a-maying= naar het Meifeest gaan;Mayer= iemand, die aan het Meifeest deelneemt.May,mei, mogen, kunnen, misschien kunnen:Be this as it may= laat dit zijn zoo het wil;As one may say= om zoo te zeggen;He that will not when he may, When he will he shall have nay= Wie niet wil wanneer hij mag, Krijgt een “neen” op later dag;Come what come may= laat er gebeuren wat er wil;It may be fine to-morrow= het is morgen misschien wel mooi weer;Maybe= kan zijn, misschien;Mayhap= misschien, toevallig.Mayence,Fr. uitspr.Mainz;Mayfair,meifêə;Mayhew,meihjû;Maynooth,meinûth,meinûth;Mainwaring,manəriŋ.Mayor,meijə,mêə, burgemeester (in Engeland); adj.Mayoral;Mayoralty= burgemeestersambt;Mayoress= burgemeestersvrouw;Mayorship.Mazard,mazəd, schedel, kop; soort kers.Maze,meiz, subst. doolhof; verlegenheid;Mazeverb. verbijsteren, in verlegenheid brengen; subst.Mazement=Maziness.Maz(o)urka,məzɐ̂kə,məzûəkə, mazurka.Mazy,meizi, verward, verlegen.Me,mî, mij:That’s me= dat ben ik.Mead,mîd, mee (drank); weide (dichterl.).Meadow,medou, weide, weiland:Meadow-land= weiland;Meadow-mouse= veldmuis;Meadowsweet= moeras-spiraea; theeboompje (Amer.);Meadowy= uit weiden bestaande.Meager, Meagre,mîgə, adj. mager, schraal, onvruchtbaar:Ameagre correspondent= die weinig schrijft; subst.Meagreness.Meal,mîl, maal, maaltijd; meel; maismeel (Amer.);Mealverb. tot meel of poeder wrijven, met meel bestrooien:Youshall be paid in meal or malt= in elk geval, hoe dan ook;Hemade a meal of it= at er zijn bekomst van;Meal-brimstone= fijne zwavel;Meal-man= meelhandelaar;Meal-meat= meelspijs;Meal-time= etenstijd;Meal-worm;Mealies,mîliz, maïs (Z.-Afr.);Mealiness= meligheid;Mealy= melig, droog, als met meel bestoven;Mealy-mouthed= schuchter, zoetsappig.Mean,mîn, laag, gering, armelijk, gemeen, onbeteekenend, slaafsch, krenterig:No mean foe= een tegenstander, dien men niet moet onderschatten;There wasnothing mean aboutthe party= het was eene royale partij;He has a mean look about him= de krenterigheid ziet hem de oogen uit;You aretoo mean for anything= je bent al heel min;Mean-born= van lage geboorte;Mean-spirited= kruiperig; subst.Mean-spiritedness;To thinkMeanlyof= geringschatten;Meanness= nederige stand, gemeenheid, krenterigheid.Mean,mîn, middelmatig, gemiddeld; subst. middelweg, middelmaat, middenterm, middel:Mean distance= gemiddelde;Themean Englishman= gewone;Agolden mean= middelweg;Toadopt a happy mean= middelweg kiezen;In the meantime= ondertusschen;In the meanwhile= middelerwijl;Means= middel, middelen, inkomsten, oorzaak:Helives beyond his means= boven zijn vermogen;By means of= door middel van;You must go thereby all means(= vooral);You must try to do itby any means= hoe dan ook;By no means= vooral niet;By no manner of means= in geen geval.Mean,mîn, meenen, bedoelen, beteekenen, van plan zijn, voornemens zijn:He meant no harm= bedoelde het goed;Tomean mischief= wat in het schild voeren;I do not mean to say= ik wil niet zeggen;Youmeant (it) well= hebt het goed bedoeld;Meaning= beteekenis, meening;Meaningless= zonder zin.Meander,miandə, subst. kronkeling, doolhof;Meanderverb. kronkelen, zich slingeren, drentelen:You tell him my very words, andno meandering of your own= zonder verdraaiing.Meandrina,mîəndrainə, hersenkoraal.Meandrous,miandrəs, kronkelend.Meant,ment, imp. en p.p. vanto mean.Mease,mîz,mîs:Mease of herrings= ± 500 haringen.Measles,mîz’lz, mazelen, puisten (bij varkens):[335]Tohave measles;Measly,mîzli, aan de mazelen lijdend; puisterig, gevlekt, vuil, jammerlijk, armzalig:I will break every bone in yourmeasly skin= ik zal je fijn wrijven, vuile kerel!Measurable,mežurəb’lmeetbaar; subst.Measurableness;Measure,mežə, subst. maat, maatstaf, verhouding, aandeel, versmaat, (tijd)maat, maatregel, gematigdheid, statige dans;Measureverb. meten, afmeten, toemeten, opmeten, afleggen:Lineal, Square measure= lengtemaat, vlaktemaat;Measure of capacity= inhoudsmaat;Beyond (Out of) all measure= buitenmate;In a (In some) measure= in zekere mate;In a great measure= grootendeels;Made to measure= naar maat;Measure for measure= leer om leer;I had soontaken his measure= begrepen wat hij waard was;Totake measures= maatregelen nemen;Tomeasure one’s length= languit vallen;Before daybreak wemeasured twenty miles= legden wij twintig mijlen af;Tomeasure one’s words= wikken en wegen;Tomeasure swords= de degens kruisen;Hemeasured me fora coat= nam mij de maat voor eene jas;As you measure so it will be measured unto you= met de mate waarmede gij meet, met die mate zal u gemeten worden;Measured= gelijkmatig, rhythmisch, gematigd, afgemeten;Measureless= mateloos; subst.Measurelessness;Measurement= meting, maat, tonneninhoud:I havetaken your measurementsand laid down the chart of your genius= ik heb u gewogen en uitgemaakt wat ge waard zijt;Measurement-goods= goederen waarvoor vracht wordt betaald naar maat of grootte;Measurer= (land)meter, meetinstrument;Measuring-chain (Measuring-cord, Measuring-tape)= maatstok, etc.Meat,mît, voedsel, kost, spijs, vleesch:Spoonmeat= lepelkost;Sweetmeat= bonbons;I amas full of business as an egg is full of meat= ik ben naar alle kanten bezet;One man’s meat is another man’s poison= den een zijn dood is den ander zijn brood; je kunt niet alle menschen over den zelfden kam scheren;The meat is done= goed gaar, op;Meat and drink:That is meat and drink to me= dat is een kolfje naar mijne hand;Meatball= balletje;Meat-biscuit= vleeschbeschuitje;Meat-extract;Meat-hook= vleeschhaak; spuuglok;Meat-jack= spit;Meat-offering= Joodsch spijsoffer;Meat-safe= vliegenkast;Meat-salesman= groothandelaar in vleesch;Meat-tea= thee met vleesch (visch, etc.);Meatiness, subst. v.Meaty= vleezig, stevig.Mebbe,mebi, verk. vanmaybe= misschien.Mechanic,mikanik, subst. mechaniker, handwerksman; adj. =Mechanical, werktuigelijk, machinaal (ookfig.), handwerks.., werktuigkundig:Mechanical drawing= lijnteekenen;Mechanical engineer= werktuigkundige;Mechanical powers= werktuigelijke krachten;Mechanical science= werktuigkunde;Mechanicality=Mechanicalness= werktuigelijkheid;Mechanician,mekəniš’n, werktuigkundige;Mechanics= werktuigkunde;Mechanism,mekənizm, mechaniek, machinerie, mechanismus, techniek;Mechanist,mekənist= technicus, machinist.Mechlin,meklin, Mechelen, Mechelsche kant =Mechlin lace.Meconium,mikouniəm, kinderpek; papaversap.Medal,med’l, medaille;Medalverb. een medaille verleenen;Medallic,mədalik, medaille..;Medallion,mədalj’n, penning, medaillon;Medallist= penningkundige, met eene medaille bekroonde, stempelsnijder.Meddle,med’l, zich bemoeien:Do notmeddle withmy affairs= steek je neus niet in;Do not meddle with him= bemoei je niet met hem;I will neither meddle nor make with it= ik wil er niets mee te maken hebben;Meddler= bemoeial;Meddlesome= bemoeiziek; subst.Meddlesomeness=Meddling, ook subst.Mede,mîd, Mediër;Medea,midîə;Media,mîdjə, Medië.Medieaeval,mediîv’l,mîdiîv’l, middeleeuwsch, ouderwetsch;Medieaevalism= de geest der middeleeuwen in kunst en godsd.;Medieaevalist= kenner, vereerder der middeleeuwen;Medieaevalize= middeleeuwsch maken.Medial,mîdj’l, gemiddeld, middel..:An initial,medial,final consonant= begin-, tusschen- en eindmedeklinker.Median,mîdj’n, midden-, mediaan; van Medië, Mediër.Mediate,mîdi-it, adj. in het midden liggend, bemiddelend;Mediateverb. (mîdieit) bemiddelen, als bemiddelaar optreden:Mediated water= suikerwater;Mediation= bemiddeling, voorspraak.Mediatization,mîdiətizeiš’n, subst. v.Mediatize,mîdiətaiz, aan de staatsoverheid onderwerpen.Mediator,mîdieitə, bemiddelaar; adj.Mediatorial;Mediatorship;Mediatory= bemiddelend;MediatrixofMediatrix.Medical,medik’l, geneeskundig, medisch:Medical man= medicus;Medical Officerand Public Vaccinator for a district= districts armendokter;Medical profession= beroep van geneesheer;Medical student;Medicament,mədikəment,medikəment, geneesmiddel;Medicamental= geneeskrachtig, heilzaam;Medicaster,medikastə, kwakzalver;Medicate,medikeit, geneeskundig bereiden of behandelen:Medicated coffee= geneeskrachtige koffie;Medication= geneeskundige behandeling of bereiding;Medicinal= genezend;Medicine,medsinofmedisin, geneesmiddel, geneeskunde:Medicine-bag= amulet;Medicine-chest= medicijnkist;Medicine-man= dokter en bezweerder bij de indianen;Medico,medikou, subst. esculaap (schertsend voor geneesheer); adj. tot de geneeskunde behoorende:Medico-legal= tot de gerechtelijke geneeskunde behoorende;Medicus.Medina,midînə, Medina;midainə, rivier op Wight, stad in Amerika.Mediocre,mîdioukə, middelmatig:Mediocrity,mîdiokriti, middelmatigheid; middelmatig persoon.Meditate,mediteit, peinzen, overdenken, voornemens zijn; subst.Meditation;Meditative= peinzend, zinnend; subst.Meditativeness;Meditator.[336]Mediterranean,meditəreinj’n, subst. Middellandsche Zee; adj. middellandsch.Medium,mîdj’m, subst. midden, middensoort, middenterm, middenstof, middel, hulpmiddel, Engl. mediaanpapier (18 × 28 inches), medium; adj. middelmatig, gemiddeld, doorsnee - -:Through the medium of= door bemiddeling (middel) van;At a medium;Of (Less than, Over the) medium height;Medium-sized.Medlar,medlə, mispel(boom):Medlar-tree.Medley,medli, verwarde massa, potpourri; ook adj.Medulla,midɐlə, merg;Medullary,midɐləri,medələri= mergachtig, merg..;Medullin= mergstof (Chem.).Medusa,mədjûsə, Medusa; kwal; mv.Medusae,mədjûsî.Meed,mîd, belooning, prijs, gift.Meek,mîk, zachtzinnig, gedwee, nederig:Meek-eyed;Meek-spirited= deemoedig; subst.Meekness.Meerschaum,mîəšôm,mîəšəm, meerschuim(en pijp):Meerschaum pipe.Meet,mît, subst. bijeenkomst (van sportlui); rendez-vous voor sportlui, de gezamenlijke sportlui; adj. geschikt, gepast;Meetverb. ontmoeten, tegenkomen, tegemoet komen, bijeenkomen, nakomen, voldoen aan, bevredigen, enz.:A meet of the Coaching Club= het samenkomen van de leden dier club, diecoachesbezitten en zelf rijden;It is not meetthat he should go there= gepast;Mere inquiry will notmeet the case= is in dit geval niet voldoende;More is meant thanmeets the ear (the eyes)= daar schuilt meer achter dan men hoort (ziet);Thatmeets the needsof the people= voorziet in;Tomeet due protection= behoorlijk gehonoreerd worden;I willmeet you on equal terms= durf je staan onder gelijke voorwaarden;The carriage is tomeet the 10,5 train= moet zijn aan;Tomeet a person halfway= tegemoet komen (fig.);Have I met you?= Is dit wat u verlangt, is dit voldoende?Imet witha kind reception= vond eene vriendelijke ontvangst;Imet withan accident, a bad fall, a loss= mij trof, ik kreeg;He is met with= heeft zijn man gevonden;He tried tomeet all my wants= te voorzien in;I cannotmake both ends meet= ik kan niet rondkomen;Isent to meet them at the 10,5 train= liet ze afhalen;It was Greek meet Greek, diamond cut diamond= twee Joden weten wat een bril kost;Meeting= ontmoeting, bijeenkomst, vergadering, zitting, dag van een wedren, samenvloeiing:The meeting was called forhalf-past seven= bijeengeroepen tegen;Meeting-house= bedehuis;Meeting-place= plaats van samenkomst;Meetly= gepast, geschikt;Meetness= gepast-, geschiktheid.Meg(a), in samenst.: groot, reusachtig;Megaphone,megəfoun, soort roeper;Megascope,megəskoup, megascoop.Megass(e),məgas, uitgeperst suikerriet.Megrim,mîgrim, schele hoofdpijn, gril, luim:Megrims= zwaarmoedigheid; koliek bij paarden.Melancholia,mel’nkouljə, zwaarmoedigheid;Melancholiac= melancholicus;Melancholy,mel’nkoli, subst. zwaarmoedigheid, droefgeestigheid; ook adj.:He isin a melancholy mood= in eene sombere stemming.Melanesia,melənîsiə;Melanesian, adj. en bewoner van M.Melanite,melənait, melaniet.Mêlée,Fr. uitspr.handgemeen.Melib(o)ean,melibîən:Melib(o)ean song= beurtzang.Melilot,melilot, honigklaver.Melinite,melinait, meliniet.Meliorate,mîljəreit, verbeteren, beter worden; subst.Melioration;Meliorism,mîljərizm, de leer dat verbetering mogelijk is; het streven hiernaar.Meliphagous,məlifəgɐs, honigetend; Melliferous = honig voortbrengend;Mellifluence,məlifluens, zoetvloeiendheid;Mellifluent,Mellifluous= zoetvloeiend;Mellite,melait, honigsteen.Mellay,melei=Mêlée.Mellow,melou, adj. overrijp, beursch, zacht, aangenaam, vol, gerijpt, lichtelijk aangeschoten;Mellowverb, rijp of zacht worden (maken), rijpen, benevelen; subst.Mellowness;Mellowy= zacht, zoet.Melodious,miloudiəs, welluidend; subst.Melodiousness;Melodist= componist of zanger v. melodiën; verzameling van melodiën;Melody,melədi, melodie, zangwijze.Melodrama,melədrâmə,melədrâmə, melodrama;Melodramatic,melədrəmatik, melodramatisch;Melodramatist,melədramətist, schrijver van melodramas.Melon,mel’n, meloen:Melon-juice.Melpomene,melpominî;Melrose,melrouz.

Map,map, subst. landkaart, hemelkaart, nauwk. voorstelling;Mapverb. teekenen, afbeelden, nauwkeurig beschrijven, ontwerpen (out);Map-maker= landkaartmaker.Maple,meip’l, ahorn.Mar,mâ, beschadigen, bederven, ontsieren, verijdelen.Marabou(t),marəbû,marəbû, marabout (veêr, zijde);Marabou-feathers.Marabout,marəbût,marəbût, Mahomedaansch priester en toovenaar (N. Afr.).Maracan,marəkan, ara-papegaai (Brazilië).Maraschino,marəskînou, marasquin.Marasmus,mərasməs:Marasmus senilis= senile aftakeling.Maraud,mərôd, stroopen, plunderen;Marauder.Marble,mâb’l, subst. marmer, marmeren beeld; knikker; adj. marmeren, als marmer[330]geaderd;Marbleverb. marmeren:Marble Arch= een der toegangen van hetHydepark;The children wereplaying at marbles= waren aan het knikkeren;Marble-edged= gemarmerd op snede;Marble-hearted= hardvochtig;Marble-quarry= groeve;Marbled= gemarmerd:Marbling= marmeren; het doorgroeid zijn van vleesch;Marbly= marmerachtig, gemarmerd.Marcescent,mâses’nt, verwelkend; verschrompelend.March,mâtš, subst. Maart; grens, markegrond; marsch, marche, tocht, loop, geleidelijke ontwikkeling;Marchverb. grenzen; marcheeren, doen marcheeren, wegvoeren (off):Order of march= marschroute;I havegained (got, stolen) a march upon you= ben u vóór gekomen, u te slim af geweest;Toride the marches= de grenzen omrijden (Schotl.);(Forward) march!The generalmarched the armyto the enemy= rukte met het leger op tegen;Wemarched down uponthe enemy= rukten aan op;Tomarch off= afmarcheeren;Tomarch on= voortmarcheeren; oprukken tegen;Tomarch past= voorbijmarcheeren, defileeren;The soldiers weremarched up fromthe barracks= men liet hen uit de kazerne rukken;March-chick= brutaaltje;March-land= grensland;Marchman= grensbewoner;Marching-order= marschbevel:Tobe(Toput)under marching-orders;Marching-past= défilé.Marchioness,mâšənəs, markiezin.Marconigram,mâkounigram, draadloos telegram.Mare,mêə, merrie:Brood mare= fokmerrie;A face as long as any mare’s= een gezicht als een oorworm;On Shank’s mare= op Apostelpaarden;He hasfound a mare’s nest (and is laughing over the eggs)= hij dacht heel wat bijzonders gevonden te hebben, doch blijkt zich geducht te hebben vergist;Some experience willsave you from mare’s nests= zal u voor teleurstellingen bewaren;Mare’s-tail= lange vederwolk:Waterdogs(= regenwolkjes)andmare’s tails,Make lofty ships have low sails.Margaret,mâgərət,mâgrət.Margarine,mâgərin, margarine.Margate,mâgit.Margay,mâgei, tijgerkat.Marge,mâdž, rand, marge.Margin,mâdžin, subst. rand, grens, speelruimte, verschil tusschen inkoops- en verkoopsprijs, overschot, waarborgsom;Marginverb. van een rand voorzien, van kantteekeningen voorzien; zich dekken:In such a work amargin of errorshould be allowed= kan men een zeker getal vergissingen verwachten;A smallmargin of profit= een klein voordeeltje;He is so devoted to his work, that he has not amargin for social life= dat er geen tijd overschiet voor ’t gezellige leven;I sold out so as to have alarger marginwith which to operate= om wat meer geld in handen te hebben;He has but anarrow marginon which to subsist= hij kan maar even rondkomen;Eleven to four is asufficient marginfor me= van 11 tot 4 heb ik tijd genoeg;Named in the margin= terzijde vermeld;Tooperate on a margin= alléén verkoopen (b.v. van effecten) als men erop kan winnen;Marginal:Marginal notes, glosses(Marginalia,mâdžineiljə) kantteekeningen;Marginate(d)= met een rand, gerand.Margravate,mâgrəvit,Margraviate,mâgreivi-it, markgraafschap;Margrave,mâgreiv, markgraaf;Margravine,mâgrəvin, markgravin.Maria,məraiə:Black Maria= dievenwagen;Marian,mêriən, Maria - -;The Mariana Islands,mêrianəail’ndz, de Dieveneilanden;Marianne,mêrian.Marigold,marigould, goudsbloem; een millioen £;Marigold window= radvenster.Marinate,marineit, marineeren.Marine,mərîn, adj. zee - -, scheeps - -, marine - -; subst. marine, marinier, zeestuk:Tell that to the marines= maak dat je grootje wijs;Marine blue:Marine drive= rijweg langs het strand;Marine insurance= zeeassurantie;Marine law= zeerecht;Marine store dealer= soort scheepstagrijn;Blue marines= matrozen artillerie;Red marines= marine infanterie;Mercantile (Naval) marine= koopvaardijvloot (de marine);Mariner,marinə, zeeman, matroos:Master mariner= kapitein.Mariolatry,mêriolətri, Maria-vereering.Marionette,mariənet, marionet (ookfig.).Marish,mariš, subst. moeras; adj. drassig.Marital,marit’l, echtgenoots - -, echtelijk:I have no sympathy with marital wrongs= voel niets voor mannengrieven.Maritime,marit(a)im, zee - -, marine - -, maritime - -, strand - -:Maritime Alps= de Zee-alpen;Maritime commerce(Maritime trade) = zeehandel;Maritime insurance= zeeassurantie;Maritime power= zeemacht.Marjoram,mâdžər’m, marjolein.Marjoribanks,mâtšbaŋks;Mark,mâk, Marcus.Mark,mâk, subst. merk, teeken, blijk, baak, striem, nerf, stempel, spoor, doelwit, kruisje (van iemand, die niet kan schrijven), aanzien, gewicht, handelsmerk, nummer, prijs, cijfer;Markverb. merken, noteeren, opschrijven, stempelen, punten geven, markeeren, maat slaan, onderscheiden, letten op, scherp onderzoeken, uitpikken, etc.:Above, below the mark= te hoog, te laag;You arebeside the mark= gij zijt de plank mis;Near the mark= het doel nabij;A man (names)of mark= van beteekenis;That (He) isnot up to the mark= beneden peil, kan er niet door;Wide of the mark= geheel mis;Mark of the beast(ZieOpenbaring XIX, 19);High-(Low-)water mark= hoog (laag) waterpeil;Load mark= lastlijn, diepgang;Heleft his markon the country= de invloed van zijne persoonlijkheid doet zich nog gevoelen;That man willmake his mark= zal van zich doen spreken;Godbless (save) the mark= God betere het (iron.);Mark my words(=Mark me) = let op mijne woorden;Tomark time= den pas markeeren;They weremarked out fordestruction= ten doode opgeschreven;Tomark with a hot iron= brandmerken;One of themarked men of his age= groote mannen van[331]zijn tijd;It wouldlook markedif you stayed away= het zou erg in ’t oog vallen;Marker= aanschrijver, teller, marqueur, vleugelman, fiche;Marking-ink= merkinkt:Marking-iron= brandijzer;Marking-list= cijferlijst (School);Marksman= scherpschutter.Market,mâkit, markt, marktplaats (bezoek), navraag, aftrek, marktprijs, voordeel;Marketverb. de markt bezoeken, op de markt koopen of verkoopen:In the market= voorhanden, aanwezig;Clerk of the market= marktmeester;There is no market for= wordt niet gevraagd;Tofind (meet with) a ready market= gereeden aftrek vinden;Tomake market out of= profijt trekken van;Good waresmake quick markets= goede waar is half verkocht;It wasput upon the market= openbaar ten verkoop aangeboden;They looked like devils who weremarketing a corpse= die om een lijk dobbelden;Market-bell;Market-cross= kruis op een markt (vroeger symbool van het marktrecht);Market-day;Market-dues= marktgelden;Market-garden= moestuin;Market-gardener= hovenier, gaardenier;Market-hall= hal;Market-merry= licht aangeschoten na de markt;Market-place= marktplein;Market-porter= marktbediende;Market-price(Market-rate) = marktprijs;Market-report= marktbericht;Market-rigging= beursmanoeuvre;Market-stall= stalletje;Market-town= stad met het recht eene weekmarkt te houden;Marketable= verkoopbaar;Marketing= marktbezoek, marktvoorraad.Marl,mâl, subst. mergel; stof, aarde;Marlverb, bemesten; marlen (scheepst.);Marl-pit= mergelgroeve;Marlaceous= mergelachtig.Marlborough,môlbrə;mâlbərə(als plaatsn.).Marline,mâlin, marlijn;Marline-spikeofMarling-spike= marlpriem.Marlow(e),mâlou.Marly,mâli, mergelachtig, mergel …Marmalade,mâmeleid, marmelade.Marmoratum,mâməreit’m, marmercement;Marmoreal,Marmorean,mâmôriəl,mâmôriən, marmerachtig, marmer …Marmot,mâmət, marmot.Maronites,marənaits, Maronieten (godsd. sekte aan den Libanon).Maroon,mərûn, kastanjebruin.Maroon,məûn, weggeloopen slaaf (West-Ind.);Maroonverb. iemand op een onbewoond eiland opzettelijk achterlaten; wegloopen, rondboemelen:A marooning party= een gezelschap, dat een uitstapje maakt van eenige dagen en kampeert in de open lucht.Marplot,mâplot, spelbreker; zieMar.Marque,mâk:Letters of marque= kaperbrieven.Marquee,mâkî, groote tent.Marquet(e)ry,mâkətri, ingelegd werk.Marquis,mâkwis, markies;Marquisate,mâkwisit, markisaat.Marriage,maridž, huwelijk(splechtigheid):By marriage= aangetrouwd;One marriage makes a-many= van bruiloft komt bruiloft;Toask in marriage= ten huwelijk vragen;Marriage-articles= huwelijksvoorwaarden;Marriage-certificate= trouwakte;Marriage-contract= huwelijkscontract;Marriage-favours= witte strikken of linten, bouquet witte bloemen bij een bruiloft gedragen;Marriage-licence= huwelijksvolmacht;Marriage-lines= huwelijksbewijs;Marriage-portion= huwelijksgift;Marriage-ring= trouwring:Marriage-service= de liturgie bij het kerkelijk huwelijk;Marriage-vow= huwelijksgelofte;Marriageable= huwbaar;Marriageables= huwbaren;Married:Newly married couple= jonggehuwden;Married life (state).Marrow,marou, merg, kern, pit:Vegetable marrow= mergpompoen;Togo by the marrow stage= te voet gaan;Marrowbone= mergpijp;Marrowbones= knieën (ZieCleaver):Down on your marrows= op je knieën!Marrowfat= mergvet;Marrowfat pea= groote erwt;Marrowless;Marrowy.Marry,mari, trouwen, huwen, uithuwen:Marry in haste, repent at leisure= snel getrouwd, lang berouwd;Hemarried below his station= beneden zijn stand;Is your brothera married man?No, he is nota marrying man= is uw broer getrouwd? Neen, dat is geen man om te trouwen.Marry,mari, verbastering vanMary:Marry, you are right= waarachtig je hebt gelijk.Mars,mâz, Mars (oorlogsgod, planeet).Marsala,mâsâlə, Siciliaansche wijn.Marseilles,mâseilz.Marsh,mâš, drassig land, moeras:Marsh-fever= malaria;Marsh-fire= dwaallicht;Marsh-gas= moerasgas;Marsh-mallow= gewone heemst;Marsh-marigold= dotterbloem;Marsh-parsley= selderie;Marshiness, subst. v.Marshy= drassig, dras …Marshal,mâšəl, subst. maarschalk; ceremoniemeester; schout, i.e. hoofd van een AmerikaanschJudicial District, overeenkomend met eenSheriffin Engeland;Marshalverb. rangschikken, scharen, ordenen, rangeeren (Amer.):Earl Marshal= opperceremoniemeester aan het Eng. hof (erfelijke waardigheid in het geslacht Norfolk);Marshalship.Marshalsea,mâšəlsî, vroegere gevangenis voor gijzelaars in Londen (Southwark).Marsupial,mâsiûpiəl(Mv.Marsupialia,mâsiupieiljə), subst. buideldier; adj. buideldragend, beursvormig;Marsupium= buidel van deMarsupialia.Mart,mât, subst. markt, marktplaats;Martverb. verhandelen, schacheren.Martello(tower),mâtelou(tauə), gewelfde, ronde kusttoren, kustfort.Marten,mât’n, marter(-vel).Martial,mâš’l, krijgshaftig, krijgs.…:Court Martial= krijgsraad;Martial law was proclaimedin the country= de krijgswet werd afgekondigd;Martial music.Martin,mâtin, zwaluw:Bank martin= oeverzwaluw;House martin= huiszwaluw;St. Martin’s Day= 11 Nov.;(St.) Martin’s Summer=Martinmas summer.Martinet,mâtinet, dienstklopper:He gives himselfmartinet airs;He hasa touch of the martinet= is een echte dienstdoener;Martinetism= dienstklopperij.Martingal,mâtiŋgal,Martingale,mâtiŋgeil, springteugel; doove Jut (Scheepst.); voortdurende verdubbeling van den inzet:[332]Heplayed the martingal on fate= bond een wanhopigen strijd aan tegen.Martinmas,mâtinmas, St. Maarten (Nov. 11):Martinmas summer= mooie dagen laat in den herfst.Martyr,mâtə, subst. martelaar;Martyrverb. den marteldood doen sterven, martelen:I’m quite a martyr to the gout= lijd verschrikkelijk aan;Martyrdom= martelaarschap;Martyrology,mâtirolədži, geschiedenis of lijst van martelaren.Marvel,mâv’l, subst. wonder;Marvelverb. zich verbazen, benieuwd zijn:It is amarvel of cheapness= wondergoedkoop;Marvel of Peru= bonte wonderbloem;I marvelwhere he can be= ik wou wel eens weten waar hij is;Marvellous= wonderbaar; subst.Marvellousness.Mary,mêri, Marie:Mary Janes= dienstboden;A Hail Mary= Ave Maria;Maryland,mêrilənd,merilənd;Marylebone,maribən,maribən;Marymas,mêrimas, Maria Boodschap (25 Maart).Mascle,mask’l, ruitvormig stuk op een geschubd pantser; open ruit (Herald.);Mascled.Mascot(te),maskot, mascotte.Masculine,maskjulin, mannelijk, krachtig, flink, onvrouwelijk, brutaal; subst.Masculineness=Masculinity.Mash,maš, subst.mengelmoes, mengvoer, brouwsel; liefje, minnaar, vlam;Mashverb. vermengen, fijn stampen, mout verdunnen, verliefd worden op, het hoofd op hol maken; gek zijn op; den fat uithangen:Mary ismashed on you= verkikkerd op je;Masher= damesgek, fat; soort boord;Mashy= papperig.Mashie,maši, een ijzeren kolf bij hetgolfspel.Mashonaland,məšounəland.Mask,mâsk, subst. masker, maskerade(pak), gemaskerde, dekmantel, scherm, vossekop, voorwendsel, draai;Maskverb. (zich) maskeeren, vermommen, bedekken:Mask(ed)-balls;Masker= gemaskerde.Maslin,mazlin, subst. messing:Maslin kettle= ketel daarvan gemaakt.Mason,meis’n, steenhouwer, vrijmetselaar;Masonverb. metselen, steenhouwen;Masonic,məsonik, maçonniek:Masonic emblems,jewels= vrijmetselaars-insignes;Masonic hall (lodge)= loge;Masonry= metselaarswerk, vrijmetselarij.Masque,mâsk,Masquerade,maskəreid, ZieMask.;Masquerader.Mass,mâs, massa, troep, hoop, gesloten formatie van cavalerie, brigade kolonne van infanterie;Massverb. (zich) tot een massa verzamelen:The masses and the classes= het volk en de aristocraten;A mass of information= groote hoeveelheid kennis;The Boers are massing in entrenched positions;Mass-meeting= algemeene bijeenkomst;Massiness, subst. v.Massy= omvangrijk, zwaar, in massa.Mass,mas, mis:Toattend (the) mass,Togo to mass;Tosay mass= de mis lezen;High (Low, Morning) mass= hoogmis (stille mis, vroegmis);Mass-book.Massachusetts,masətšûsəts.Massacre,masəkə, subst. moord, bloedbad;Massacreverb. in het wilde moorden.Massage,masidž,masâž, massage:Massagist,masâdžist, masseur.Masseter,masîtə, kauwspier.Masseur,Masseuse,beide Fr. uitspr.Massinger,masinžə.Massive,masiv, massief; subst.Massiveness.Mast,mâst, subst. mast; vrucht van eik of beuk, eikels, beukenoten;Mastverb. van masten voorzien; mesten:He hasserved before the mast= als gewoon matroos gediend;The flagfloated at halfmast-high= woei halfstok;Mast-beam= zeilbalk;Mast-head= subst. top van den mast;Mast-headverb. in top hijschen; voor straf naar boven in den mast zenden;Mast-hoop= band of hoepel om den mast;Masted: Four masted vessel= schip met 4 masten =Four-master;Mastless= zonder masten.Master,mâstə, subst. meester, vader (v. armhuis, etc.), heer, baas, “vrind”, eigenaar, jongeheer, magister, kapitein of gezagvoerder; adj. voornaamste, hoofd - -, meester - -;Masterverb. vermeesteren, meester worden, overwinnen, temmen:Themaster and matronof a workhouse= vader en moeder;Under-master= ondermeester;He is a masterat it= hij is het meester;Masterof the horse= stalmeester;Master of (the) (Fox)hounds= jagermeester van een vossenjachtclub;Master-at-arms= provoostgeweldiger;Master-builder= bouwmeester;Master-hand= meesterhand;Master-key= looper;Master-man= opzichter, baas;Master-mariner= gezagvoerder:Master-mason= meestersteenhouwer;Mastermind= buitengewone geest, supérieur mensch;Masterpiece= meesterstuk;Master-spring= hoofdveer;Master-stroke= meestertrek, meesterstuk;Mastertheme= hoofdthema;Masterwork= meesterstuk;Masterdom= heerschappij;Masterful= bazig, despotisch;Masterhood= meesterschap;Masterless= zonder meester;Masterliness, subst. v.Masterly= meesterlijk, meesterachtig;Mastership= meesterschap, meerderheid; leeraarschap:TheFrench mastership= betrekking van leeraar in het Fransch;Mastery= heerschappij, grootere voortreffelijkheid, meerderheid, voorrang:Togain (get, obtain) the mastery= de overhand winnen, heerschappij verkrijgen, onderwerpen.Mastic,mastik, mastik, mastikboom (=Mastic-tree);Mastic-cement.Masticate,mastikeit, kauwen, fijn snijden; subst.Mastication;Masticator= hakmachine;Masticatory= kauw - -.Mastiff,mastif, bulhond, kettinghond.Mastodon,mastədon, mastodont.Mat,mat, subst. mat, grof vlechtwerk;Matverb. met matten beleggen, dooreen vlechten, verwarren, in de war zijn of raken:Sherubbed her boots on the mat= veegde af;Hismatted hair= verward haar;He wasmattedly unkempt= ongekamd, met verwarde haren;Mat-grass= borstelgras;Matting= matten, matwerk, stof voor matten.Mat,mat, dof, mat; subst. wit metaal,[333]matbijtel;Matverb. matteeren;Mat-gold= matgoud.Matabele,matəbîl.Matador(e),matədö,matədö, matador.Match,matš, subst. zwavelstok, lucifer, lont; weddenschap, wedstrijd, partij, partuur, gelijke, paar, span; huwelijk; adj. bij elkaar passend;Matchverb. paarsgewijze vereenigen, verbinden, iets passends uitkiezen, evenaren, opgewassen zijn tegen, zich meten, passen bij:Is it a match?= wedden?It isa match!= top!The match will not come off= de wedstrijd gaat niet door;I amno match forhim= ben niet tegen hem opgewassen;He isa match forthem all= hij staat ze allemaal;He is more than a match for you= je de baas;Tolight (strike) a match= een lucifer aanstrijken;You two arewell matched= jullie beiden hoort net bij elkaar;This matches it nicely= komt er mooi bij;Tomatch pennies= pennies opgooien (dobbelen);Not to be matched(Vergel.:Match to none) = onvergelijkelijk;To beill-(well-)matched= slecht (goed) bij elkaar passen;Match-box= lucifersdoosje;Match-girl= meisje dat lucifers verkoopt;Matchlock= snaphaan;Match-maker= lucifersfabrikant; koppelaar(ster):She is amatch-making woman= zij mag graag zoo’n beetje koppelen;Match-wood= hout voor zwavelstokken, splinters:The carriagecollapsed like match-wood= viel in elkaar als tonder;Matchable= vergelijkbaar;Matchless= onvergelijkelijk; subst.Matchlessness.Mate,meit, subst. maat, kameraad, helper, echtgenoot(e), mannetje, wijfje;Mateverb. vereenigen, trouwen, paren:Chief mate= eerste stuurman;Cook’s mate= koksmaat;Mating-season= paartijd.Mate,meit, mat (schaakspel);Mateverb. mat zetten.Mater,meitə, moeder, “ouwe vrouw”.Material,mətîriəl, subst. (bouw)stof, materiaal; adj. stoffelijk, lichamelijk, gewichtig, belangrijk, materialistisch:Hebought the house for its materials= voor afbraak;That ismaterial toyour welfare= van ’t hoogste belang voor uw welzijn;His healthimproves materially= gaat hard vooruit;They were leftmaterially undisturbed= in hoofdzaak met rust gelaten;Materialism= materialisme;Materialist;Materialistic= materialistisch;Materiality,matirialiti= stoffelijkheid;Materialization= verstoffelijking;Materialize= verstoffelijken, realiseeren, stoffelijk voordeel (of resultaat) opleveren; een stoffelijken vorm aannemen:All our announcements and posters have failed to materialize= al onze advertenties en aanplakbiljetten hebben niets gegeven;Materialness=Materiality.Maternal,mətɐ̂n’l, moederlijk, moeder.., van moederszijde;Maternity= moederschap:Maternal-hospital= kraaminrichting.Mathematic(al),mathimatik(’l), wiskundig:Mathematical master= leeraar in de wiskunde;Mathematician,mathimətiš’n, wiskundige;Mathematics= wiskunde:Thehigher mathematics.Mather(s),madhə(z),Mathew,mathjû.Matie,meiti, maatjesharing.Matins,matinz, vroegdienst, metten;Matinee,matinei, matinée; morgenjapon.Matricidal,meitrisaid’l,matrisaid’l, moedermoord betreffend;Matricide,meitrisaid,matrisaid, moedermoord(er).Matriculate,mətrikjuleit, immatriculeeren, (zich laten) inschrijven in dematricula(= naamlijst); subst.Matriculation.Matrimonial,matrimounj’l, huwelijks …:Matrimonial agents;Matrimonial duties= huwelijksplichten;He ismatrimonially inclinedtowards her= wenscht haar tot zijne vrouw;Matrimony= huwelijk, huwelijke staat.Matrix,meitriks,matriks, baarmoeder, matrijs, de vijf eenvoudige kleuren bij het wolverven (zwart, wit, blauw, rood en geel).Matron,meitr’n,matrən, matrone, deftige dame, directrice van eene instelling of inrichting;Matronage,meitrənidž,matrənidž, de gezamenlijkematrons, moederlijke zorg;Matronal= matroneachtig; adj. bejaard;Matronhood=Matronage;Matronize= als oudere dame (of moeder) eene jonge vergezellen;Matronlike=Matronal=Matronly;Matronship.Matter,matə, subst. stof, zelfstandigheid, onderwerp, voorwerp, zaak, gewicht, etter, kopij (drukkerij), enz.;Matterverb. van belang zijn:What is the matter= wat is er, scheelt er aan?There is always something or other the matter with him= hij heeft ook altijd wat;It isa matter of five pounds= zoo wat 60 gld.;That isa matter of course= dàt spreekt vanzelf;Matter of fact= daadzaak:As a matter of fact= feitelijk;He isa matter-of-fact person= door-en-door practisch, nuchter;That isa great matter= dat is van groot gewicht;It is not amatter of pencebut principle= niet om de knikkers, maar om ’t recht van ’t spel;I might go therefor that matter,for the matter of that= wat dat aangaat;No matter= het kan niet schelen;It is no matter of mine= ’t gaat mij niet aan;Nosuch matter= niets daarvan;Thesubject matter= stof, inhoud;Itdoes not matter= het kan niet schelen;Itmatters to us all= is van belang voor ons allen;Itcannot greatly matter= het doet er niet veel toe;Matterful= van gewicht, kracht of beteekenis.Matthew,mathjû;Matthias,məthaiəs.Mattock,matək, houweel.Mattress,matrəs, matras; fascine:Hair mattress,Wire mattress.Maturate,matjureit, rijp worden; subst.Maturation;Maturative= rijpend, ettering bevorderend (middel).Mature,mətjûə, adj. rijp, gerijpt, geheel ontwikkeld, voorbereid, vervallen (van wissels):Amatured plan= wel overlegd, goed doordacht;Matured wine= belegen wijn;Matureness=Maturity= rijpheid, vervaltijd (van wissels):At (On) maturity= op den vervaldag.Matutinal,matjutain’l,mətjûtin’l, vroeg, morgen …:Matutinal bath;Matutinal habits= gewoonte vroeg op te staan.Maud,môd, Maud; wollen plaid (Schotl.).Maudlin,môdlin, sentimenteel, schreierig als een dronken mensch; subst.Maudlinism.Maugre,môgə, niettegenstaande.Maul,môl, subst. groote houten hamer,[334]moker;Maulverb. ranselen, verpletteren, beschadigen, mishandelen:They wereseverely mauled= leelijk toegetakeld, scherp gecritiseerd.Maulstick,môlstik, schildersstok.Maunder,môndə,mândə, op huilerigen toon spreken, mompelen, bazelen; subst. gebazel;Maunderer= brompot.Maundy-Thursday,môndi-thɐ̂zdi, Witte Donderdag, waarop;Maundy moneywordt uitgedeeld door denRoyal AlmonerinWhitehall(gewoonlijk eenpennyvoor elk levensjaar van den vorst).Maurice,môris,moris;Mauritania,môriteinjə;Mauritius,môrišəs.Mausoleum,môsəlîəm, praalgraf.Mauve,mouv, subst. purperkleur; adj. purperkleurig.Mavis,meivis, zanglijster.Maw,mô, pens, krop, maag; bek:Hold your maw;Maw-seed= papaverzaad;Maw-worm= spoelworm; huichelaar.Mawkish,môkiš, walgelijk; overgevoelig, kieskeurig; subst.Mawkishness.Maxilla,maksilə, kaakbeen, bovenkaak;Maxillary,maksiləri,maksiləri, tot de kaak behoorende, kaak.…Maxim,maksim, grondstelling, leerspreuk.Maxim,maksim:Maxim gun= soort van repeteerkanon.Maximal,maksim’l, maximaal.Maximilian,maksimilj’n.Maximum,maksimɐm, subst. maximum; adj. grootst.May,mei, Mei, lente, meidoorn, Meifeest;Mayverb. het Meifeest vieren;May-bloom= meidoorn;May-bug,May-chafer= meikever;May-day= eerste Mei;May-duke= meikers;May-flower= meidoorn, dotterbloem, pinksterbloem, koekoeksbloem;May-fly= soort watervlieg (Sialis lutaria);May-lady,May-queen= meikoningin;May-lily= lelietje v. dalen;May-meeting= Mei-bijeenkomst (van godsdienstige sekten en staatkundige partijen);May-pole= meiboom, boonestaak (fig.), “kip op hooge pooten”;Togo a-maying= naar het Meifeest gaan;Mayer= iemand, die aan het Meifeest deelneemt.May,mei, mogen, kunnen, misschien kunnen:Be this as it may= laat dit zijn zoo het wil;As one may say= om zoo te zeggen;He that will not when he may, When he will he shall have nay= Wie niet wil wanneer hij mag, Krijgt een “neen” op later dag;Come what come may= laat er gebeuren wat er wil;It may be fine to-morrow= het is morgen misschien wel mooi weer;Maybe= kan zijn, misschien;Mayhap= misschien, toevallig.Mayence,Fr. uitspr.Mainz;Mayfair,meifêə;Mayhew,meihjû;Maynooth,meinûth,meinûth;Mainwaring,manəriŋ.Mayor,meijə,mêə, burgemeester (in Engeland); adj.Mayoral;Mayoralty= burgemeestersambt;Mayoress= burgemeestersvrouw;Mayorship.Mazard,mazəd, schedel, kop; soort kers.Maze,meiz, subst. doolhof; verlegenheid;Mazeverb. verbijsteren, in verlegenheid brengen; subst.Mazement=Maziness.Maz(o)urka,məzɐ̂kə,məzûəkə, mazurka.Mazy,meizi, verward, verlegen.Me,mî, mij:That’s me= dat ben ik.Mead,mîd, mee (drank); weide (dichterl.).Meadow,medou, weide, weiland:Meadow-land= weiland;Meadow-mouse= veldmuis;Meadowsweet= moeras-spiraea; theeboompje (Amer.);Meadowy= uit weiden bestaande.Meager, Meagre,mîgə, adj. mager, schraal, onvruchtbaar:Ameagre correspondent= die weinig schrijft; subst.Meagreness.Meal,mîl, maal, maaltijd; meel; maismeel (Amer.);Mealverb. tot meel of poeder wrijven, met meel bestrooien:Youshall be paid in meal or malt= in elk geval, hoe dan ook;Hemade a meal of it= at er zijn bekomst van;Meal-brimstone= fijne zwavel;Meal-man= meelhandelaar;Meal-meat= meelspijs;Meal-time= etenstijd;Meal-worm;Mealies,mîliz, maïs (Z.-Afr.);Mealiness= meligheid;Mealy= melig, droog, als met meel bestoven;Mealy-mouthed= schuchter, zoetsappig.Mean,mîn, laag, gering, armelijk, gemeen, onbeteekenend, slaafsch, krenterig:No mean foe= een tegenstander, dien men niet moet onderschatten;There wasnothing mean aboutthe party= het was eene royale partij;He has a mean look about him= de krenterigheid ziet hem de oogen uit;You aretoo mean for anything= je bent al heel min;Mean-born= van lage geboorte;Mean-spirited= kruiperig; subst.Mean-spiritedness;To thinkMeanlyof= geringschatten;Meanness= nederige stand, gemeenheid, krenterigheid.Mean,mîn, middelmatig, gemiddeld; subst. middelweg, middelmaat, middenterm, middel:Mean distance= gemiddelde;Themean Englishman= gewone;Agolden mean= middelweg;Toadopt a happy mean= middelweg kiezen;In the meantime= ondertusschen;In the meanwhile= middelerwijl;Means= middel, middelen, inkomsten, oorzaak:Helives beyond his means= boven zijn vermogen;By means of= door middel van;You must go thereby all means(= vooral);You must try to do itby any means= hoe dan ook;By no means= vooral niet;By no manner of means= in geen geval.Mean,mîn, meenen, bedoelen, beteekenen, van plan zijn, voornemens zijn:He meant no harm= bedoelde het goed;Tomean mischief= wat in het schild voeren;I do not mean to say= ik wil niet zeggen;Youmeant (it) well= hebt het goed bedoeld;Meaning= beteekenis, meening;Meaningless= zonder zin.Meander,miandə, subst. kronkeling, doolhof;Meanderverb. kronkelen, zich slingeren, drentelen:You tell him my very words, andno meandering of your own= zonder verdraaiing.Meandrina,mîəndrainə, hersenkoraal.Meandrous,miandrəs, kronkelend.Meant,ment, imp. en p.p. vanto mean.Mease,mîz,mîs:Mease of herrings= ± 500 haringen.Measles,mîz’lz, mazelen, puisten (bij varkens):[335]Tohave measles;Measly,mîzli, aan de mazelen lijdend; puisterig, gevlekt, vuil, jammerlijk, armzalig:I will break every bone in yourmeasly skin= ik zal je fijn wrijven, vuile kerel!Measurable,mežurəb’lmeetbaar; subst.Measurableness;Measure,mežə, subst. maat, maatstaf, verhouding, aandeel, versmaat, (tijd)maat, maatregel, gematigdheid, statige dans;Measureverb. meten, afmeten, toemeten, opmeten, afleggen:Lineal, Square measure= lengtemaat, vlaktemaat;Measure of capacity= inhoudsmaat;Beyond (Out of) all measure= buitenmate;In a (In some) measure= in zekere mate;In a great measure= grootendeels;Made to measure= naar maat;Measure for measure= leer om leer;I had soontaken his measure= begrepen wat hij waard was;Totake measures= maatregelen nemen;Tomeasure one’s length= languit vallen;Before daybreak wemeasured twenty miles= legden wij twintig mijlen af;Tomeasure one’s words= wikken en wegen;Tomeasure swords= de degens kruisen;Hemeasured me fora coat= nam mij de maat voor eene jas;As you measure so it will be measured unto you= met de mate waarmede gij meet, met die mate zal u gemeten worden;Measured= gelijkmatig, rhythmisch, gematigd, afgemeten;Measureless= mateloos; subst.Measurelessness;Measurement= meting, maat, tonneninhoud:I havetaken your measurementsand laid down the chart of your genius= ik heb u gewogen en uitgemaakt wat ge waard zijt;Measurement-goods= goederen waarvoor vracht wordt betaald naar maat of grootte;Measurer= (land)meter, meetinstrument;Measuring-chain (Measuring-cord, Measuring-tape)= maatstok, etc.Meat,mît, voedsel, kost, spijs, vleesch:Spoonmeat= lepelkost;Sweetmeat= bonbons;I amas full of business as an egg is full of meat= ik ben naar alle kanten bezet;One man’s meat is another man’s poison= den een zijn dood is den ander zijn brood; je kunt niet alle menschen over den zelfden kam scheren;The meat is done= goed gaar, op;Meat and drink:That is meat and drink to me= dat is een kolfje naar mijne hand;Meatball= balletje;Meat-biscuit= vleeschbeschuitje;Meat-extract;Meat-hook= vleeschhaak; spuuglok;Meat-jack= spit;Meat-offering= Joodsch spijsoffer;Meat-safe= vliegenkast;Meat-salesman= groothandelaar in vleesch;Meat-tea= thee met vleesch (visch, etc.);Meatiness, subst. v.Meaty= vleezig, stevig.Mebbe,mebi, verk. vanmaybe= misschien.Mechanic,mikanik, subst. mechaniker, handwerksman; adj. =Mechanical, werktuigelijk, machinaal (ookfig.), handwerks.., werktuigkundig:Mechanical drawing= lijnteekenen;Mechanical engineer= werktuigkundige;Mechanical powers= werktuigelijke krachten;Mechanical science= werktuigkunde;Mechanicality=Mechanicalness= werktuigelijkheid;Mechanician,mekəniš’n, werktuigkundige;Mechanics= werktuigkunde;Mechanism,mekənizm, mechaniek, machinerie, mechanismus, techniek;Mechanist,mekənist= technicus, machinist.Mechlin,meklin, Mechelen, Mechelsche kant =Mechlin lace.Meconium,mikouniəm, kinderpek; papaversap.Medal,med’l, medaille;Medalverb. een medaille verleenen;Medallic,mədalik, medaille..;Medallion,mədalj’n, penning, medaillon;Medallist= penningkundige, met eene medaille bekroonde, stempelsnijder.Meddle,med’l, zich bemoeien:Do notmeddle withmy affairs= steek je neus niet in;Do not meddle with him= bemoei je niet met hem;I will neither meddle nor make with it= ik wil er niets mee te maken hebben;Meddler= bemoeial;Meddlesome= bemoeiziek; subst.Meddlesomeness=Meddling, ook subst.Mede,mîd, Mediër;Medea,midîə;Media,mîdjə, Medië.Medieaeval,mediîv’l,mîdiîv’l, middeleeuwsch, ouderwetsch;Medieaevalism= de geest der middeleeuwen in kunst en godsd.;Medieaevalist= kenner, vereerder der middeleeuwen;Medieaevalize= middeleeuwsch maken.Medial,mîdj’l, gemiddeld, middel..:An initial,medial,final consonant= begin-, tusschen- en eindmedeklinker.Median,mîdj’n, midden-, mediaan; van Medië, Mediër.Mediate,mîdi-it, adj. in het midden liggend, bemiddelend;Mediateverb. (mîdieit) bemiddelen, als bemiddelaar optreden:Mediated water= suikerwater;Mediation= bemiddeling, voorspraak.Mediatization,mîdiətizeiš’n, subst. v.Mediatize,mîdiətaiz, aan de staatsoverheid onderwerpen.Mediator,mîdieitə, bemiddelaar; adj.Mediatorial;Mediatorship;Mediatory= bemiddelend;MediatrixofMediatrix.Medical,medik’l, geneeskundig, medisch:Medical man= medicus;Medical Officerand Public Vaccinator for a district= districts armendokter;Medical profession= beroep van geneesheer;Medical student;Medicament,mədikəment,medikəment, geneesmiddel;Medicamental= geneeskrachtig, heilzaam;Medicaster,medikastə, kwakzalver;Medicate,medikeit, geneeskundig bereiden of behandelen:Medicated coffee= geneeskrachtige koffie;Medication= geneeskundige behandeling of bereiding;Medicinal= genezend;Medicine,medsinofmedisin, geneesmiddel, geneeskunde:Medicine-bag= amulet;Medicine-chest= medicijnkist;Medicine-man= dokter en bezweerder bij de indianen;Medico,medikou, subst. esculaap (schertsend voor geneesheer); adj. tot de geneeskunde behoorende:Medico-legal= tot de gerechtelijke geneeskunde behoorende;Medicus.Medina,midînə, Medina;midainə, rivier op Wight, stad in Amerika.Mediocre,mîdioukə, middelmatig:Mediocrity,mîdiokriti, middelmatigheid; middelmatig persoon.Meditate,mediteit, peinzen, overdenken, voornemens zijn; subst.Meditation;Meditative= peinzend, zinnend; subst.Meditativeness;Meditator.[336]Mediterranean,meditəreinj’n, subst. Middellandsche Zee; adj. middellandsch.Medium,mîdj’m, subst. midden, middensoort, middenterm, middenstof, middel, hulpmiddel, Engl. mediaanpapier (18 × 28 inches), medium; adj. middelmatig, gemiddeld, doorsnee - -:Through the medium of= door bemiddeling (middel) van;At a medium;Of (Less than, Over the) medium height;Medium-sized.Medlar,medlə, mispel(boom):Medlar-tree.Medley,medli, verwarde massa, potpourri; ook adj.Medulla,midɐlə, merg;Medullary,midɐləri,medələri= mergachtig, merg..;Medullin= mergstof (Chem.).Medusa,mədjûsə, Medusa; kwal; mv.Medusae,mədjûsî.Meed,mîd, belooning, prijs, gift.Meek,mîk, zachtzinnig, gedwee, nederig:Meek-eyed;Meek-spirited= deemoedig; subst.Meekness.Meerschaum,mîəšôm,mîəšəm, meerschuim(en pijp):Meerschaum pipe.Meet,mît, subst. bijeenkomst (van sportlui); rendez-vous voor sportlui, de gezamenlijke sportlui; adj. geschikt, gepast;Meetverb. ontmoeten, tegenkomen, tegemoet komen, bijeenkomen, nakomen, voldoen aan, bevredigen, enz.:A meet of the Coaching Club= het samenkomen van de leden dier club, diecoachesbezitten en zelf rijden;It is not meetthat he should go there= gepast;Mere inquiry will notmeet the case= is in dit geval niet voldoende;More is meant thanmeets the ear (the eyes)= daar schuilt meer achter dan men hoort (ziet);Thatmeets the needsof the people= voorziet in;Tomeet due protection= behoorlijk gehonoreerd worden;I willmeet you on equal terms= durf je staan onder gelijke voorwaarden;The carriage is tomeet the 10,5 train= moet zijn aan;Tomeet a person halfway= tegemoet komen (fig.);Have I met you?= Is dit wat u verlangt, is dit voldoende?Imet witha kind reception= vond eene vriendelijke ontvangst;Imet withan accident, a bad fall, a loss= mij trof, ik kreeg;He is met with= heeft zijn man gevonden;He tried tomeet all my wants= te voorzien in;I cannotmake both ends meet= ik kan niet rondkomen;Isent to meet them at the 10,5 train= liet ze afhalen;It was Greek meet Greek, diamond cut diamond= twee Joden weten wat een bril kost;Meeting= ontmoeting, bijeenkomst, vergadering, zitting, dag van een wedren, samenvloeiing:The meeting was called forhalf-past seven= bijeengeroepen tegen;Meeting-house= bedehuis;Meeting-place= plaats van samenkomst;Meetly= gepast, geschikt;Meetness= gepast-, geschiktheid.Meg(a), in samenst.: groot, reusachtig;Megaphone,megəfoun, soort roeper;Megascope,megəskoup, megascoop.Megass(e),məgas, uitgeperst suikerriet.Megrim,mîgrim, schele hoofdpijn, gril, luim:Megrims= zwaarmoedigheid; koliek bij paarden.Melancholia,mel’nkouljə, zwaarmoedigheid;Melancholiac= melancholicus;Melancholy,mel’nkoli, subst. zwaarmoedigheid, droefgeestigheid; ook adj.:He isin a melancholy mood= in eene sombere stemming.Melanesia,melənîsiə;Melanesian, adj. en bewoner van M.Melanite,melənait, melaniet.Mêlée,Fr. uitspr.handgemeen.Melib(o)ean,melibîən:Melib(o)ean song= beurtzang.Melilot,melilot, honigklaver.Melinite,melinait, meliniet.Meliorate,mîljəreit, verbeteren, beter worden; subst.Melioration;Meliorism,mîljərizm, de leer dat verbetering mogelijk is; het streven hiernaar.Meliphagous,məlifəgɐs, honigetend; Melliferous = honig voortbrengend;Mellifluence,məlifluens, zoetvloeiendheid;Mellifluent,Mellifluous= zoetvloeiend;Mellite,melait, honigsteen.Mellay,melei=Mêlée.Mellow,melou, adj. overrijp, beursch, zacht, aangenaam, vol, gerijpt, lichtelijk aangeschoten;Mellowverb, rijp of zacht worden (maken), rijpen, benevelen; subst.Mellowness;Mellowy= zacht, zoet.Melodious,miloudiəs, welluidend; subst.Melodiousness;Melodist= componist of zanger v. melodiën; verzameling van melodiën;Melody,melədi, melodie, zangwijze.Melodrama,melədrâmə,melədrâmə, melodrama;Melodramatic,melədrəmatik, melodramatisch;Melodramatist,melədramətist, schrijver van melodramas.Melon,mel’n, meloen:Melon-juice.Melpomene,melpominî;Melrose,melrouz.

Map,map, subst. landkaart, hemelkaart, nauwk. voorstelling;Mapverb. teekenen, afbeelden, nauwkeurig beschrijven, ontwerpen (out);Map-maker= landkaartmaker.

Maple,meip’l, ahorn.

Mar,mâ, beschadigen, bederven, ontsieren, verijdelen.

Marabou(t),marəbû,marəbû, marabout (veêr, zijde);Marabou-feathers.

Marabout,marəbût,marəbût, Mahomedaansch priester en toovenaar (N. Afr.).

Maracan,marəkan, ara-papegaai (Brazilië).

Maraschino,marəskînou, marasquin.

Marasmus,mərasməs:Marasmus senilis= senile aftakeling.

Maraud,mərôd, stroopen, plunderen;Marauder.

Marble,mâb’l, subst. marmer, marmeren beeld; knikker; adj. marmeren, als marmer[330]geaderd;Marbleverb. marmeren:Marble Arch= een der toegangen van hetHydepark;The children wereplaying at marbles= waren aan het knikkeren;Marble-edged= gemarmerd op snede;Marble-hearted= hardvochtig;Marble-quarry= groeve;Marbled= gemarmerd:Marbling= marmeren; het doorgroeid zijn van vleesch;Marbly= marmerachtig, gemarmerd.

Marcescent,mâses’nt, verwelkend; verschrompelend.

March,mâtš, subst. Maart; grens, markegrond; marsch, marche, tocht, loop, geleidelijke ontwikkeling;Marchverb. grenzen; marcheeren, doen marcheeren, wegvoeren (off):Order of march= marschroute;I havegained (got, stolen) a march upon you= ben u vóór gekomen, u te slim af geweest;Toride the marches= de grenzen omrijden (Schotl.);(Forward) march!The generalmarched the armyto the enemy= rukte met het leger op tegen;Wemarched down uponthe enemy= rukten aan op;Tomarch off= afmarcheeren;Tomarch on= voortmarcheeren; oprukken tegen;Tomarch past= voorbijmarcheeren, defileeren;The soldiers weremarched up fromthe barracks= men liet hen uit de kazerne rukken;March-chick= brutaaltje;March-land= grensland;Marchman= grensbewoner;Marching-order= marschbevel:Tobe(Toput)under marching-orders;Marching-past= défilé.

Marchioness,mâšənəs, markiezin.

Marconigram,mâkounigram, draadloos telegram.

Mare,mêə, merrie:Brood mare= fokmerrie;A face as long as any mare’s= een gezicht als een oorworm;On Shank’s mare= op Apostelpaarden;He hasfound a mare’s nest (and is laughing over the eggs)= hij dacht heel wat bijzonders gevonden te hebben, doch blijkt zich geducht te hebben vergist;Some experience willsave you from mare’s nests= zal u voor teleurstellingen bewaren;Mare’s-tail= lange vederwolk:Waterdogs(= regenwolkjes)andmare’s tails,Make lofty ships have low sails.

Margaret,mâgərət,mâgrət.

Margarine,mâgərin, margarine.

Margate,mâgit.

Margay,mâgei, tijgerkat.

Marge,mâdž, rand, marge.

Margin,mâdžin, subst. rand, grens, speelruimte, verschil tusschen inkoops- en verkoopsprijs, overschot, waarborgsom;Marginverb. van een rand voorzien, van kantteekeningen voorzien; zich dekken:In such a work amargin of errorshould be allowed= kan men een zeker getal vergissingen verwachten;A smallmargin of profit= een klein voordeeltje;He is so devoted to his work, that he has not amargin for social life= dat er geen tijd overschiet voor ’t gezellige leven;I sold out so as to have alarger marginwith which to operate= om wat meer geld in handen te hebben;He has but anarrow marginon which to subsist= hij kan maar even rondkomen;Eleven to four is asufficient marginfor me= van 11 tot 4 heb ik tijd genoeg;Named in the margin= terzijde vermeld;Tooperate on a margin= alléén verkoopen (b.v. van effecten) als men erop kan winnen;Marginal:Marginal notes, glosses(Marginalia,mâdžineiljə) kantteekeningen;Marginate(d)= met een rand, gerand.

Margravate,mâgrəvit,Margraviate,mâgreivi-it, markgraafschap;Margrave,mâgreiv, markgraaf;Margravine,mâgrəvin, markgravin.

Maria,məraiə:Black Maria= dievenwagen;Marian,mêriən, Maria - -;The Mariana Islands,mêrianəail’ndz, de Dieveneilanden;Marianne,mêrian.

Marigold,marigould, goudsbloem; een millioen £;Marigold window= radvenster.

Marinate,marineit, marineeren.

Marine,mərîn, adj. zee - -, scheeps - -, marine - -; subst. marine, marinier, zeestuk:Tell that to the marines= maak dat je grootje wijs;Marine blue:Marine drive= rijweg langs het strand;Marine insurance= zeeassurantie;Marine law= zeerecht;Marine store dealer= soort scheepstagrijn;Blue marines= matrozen artillerie;Red marines= marine infanterie;Mercantile (Naval) marine= koopvaardijvloot (de marine);Mariner,marinə, zeeman, matroos:Master mariner= kapitein.

Mariolatry,mêriolətri, Maria-vereering.

Marionette,mariənet, marionet (ookfig.).

Marish,mariš, subst. moeras; adj. drassig.

Marital,marit’l, echtgenoots - -, echtelijk:I have no sympathy with marital wrongs= voel niets voor mannengrieven.

Maritime,marit(a)im, zee - -, marine - -, maritime - -, strand - -:Maritime Alps= de Zee-alpen;Maritime commerce(Maritime trade) = zeehandel;Maritime insurance= zeeassurantie;Maritime power= zeemacht.

Marjoram,mâdžər’m, marjolein.

Marjoribanks,mâtšbaŋks;Mark,mâk, Marcus.

Mark,mâk, subst. merk, teeken, blijk, baak, striem, nerf, stempel, spoor, doelwit, kruisje (van iemand, die niet kan schrijven), aanzien, gewicht, handelsmerk, nummer, prijs, cijfer;Markverb. merken, noteeren, opschrijven, stempelen, punten geven, markeeren, maat slaan, onderscheiden, letten op, scherp onderzoeken, uitpikken, etc.:Above, below the mark= te hoog, te laag;You arebeside the mark= gij zijt de plank mis;Near the mark= het doel nabij;A man (names)of mark= van beteekenis;That (He) isnot up to the mark= beneden peil, kan er niet door;Wide of the mark= geheel mis;Mark of the beast(ZieOpenbaring XIX, 19);High-(Low-)water mark= hoog (laag) waterpeil;Load mark= lastlijn, diepgang;Heleft his markon the country= de invloed van zijne persoonlijkheid doet zich nog gevoelen;That man willmake his mark= zal van zich doen spreken;Godbless (save) the mark= God betere het (iron.);Mark my words(=Mark me) = let op mijne woorden;Tomark time= den pas markeeren;They weremarked out fordestruction= ten doode opgeschreven;Tomark with a hot iron= brandmerken;One of themarked men of his age= groote mannen van[331]zijn tijd;It wouldlook markedif you stayed away= het zou erg in ’t oog vallen;Marker= aanschrijver, teller, marqueur, vleugelman, fiche;Marking-ink= merkinkt:Marking-iron= brandijzer;Marking-list= cijferlijst (School);Marksman= scherpschutter.

Market,mâkit, markt, marktplaats (bezoek), navraag, aftrek, marktprijs, voordeel;Marketverb. de markt bezoeken, op de markt koopen of verkoopen:In the market= voorhanden, aanwezig;Clerk of the market= marktmeester;There is no market for= wordt niet gevraagd;Tofind (meet with) a ready market= gereeden aftrek vinden;Tomake market out of= profijt trekken van;Good waresmake quick markets= goede waar is half verkocht;It wasput upon the market= openbaar ten verkoop aangeboden;They looked like devils who weremarketing a corpse= die om een lijk dobbelden;Market-bell;Market-cross= kruis op een markt (vroeger symbool van het marktrecht);Market-day;Market-dues= marktgelden;Market-garden= moestuin;Market-gardener= hovenier, gaardenier;Market-hall= hal;Market-merry= licht aangeschoten na de markt;Market-place= marktplein;Market-porter= marktbediende;Market-price(Market-rate) = marktprijs;Market-report= marktbericht;Market-rigging= beursmanoeuvre;Market-stall= stalletje;Market-town= stad met het recht eene weekmarkt te houden;Marketable= verkoopbaar;Marketing= marktbezoek, marktvoorraad.

Marl,mâl, subst. mergel; stof, aarde;Marlverb, bemesten; marlen (scheepst.);Marl-pit= mergelgroeve;Marlaceous= mergelachtig.

Marlborough,môlbrə;mâlbərə(als plaatsn.).

Marline,mâlin, marlijn;Marline-spikeofMarling-spike= marlpriem.

Marlow(e),mâlou.

Marly,mâli, mergelachtig, mergel …

Marmalade,mâmeleid, marmelade.

Marmoratum,mâməreit’m, marmercement;Marmoreal,Marmorean,mâmôriəl,mâmôriən, marmerachtig, marmer …

Marmot,mâmət, marmot.

Maronites,marənaits, Maronieten (godsd. sekte aan den Libanon).

Maroon,mərûn, kastanjebruin.

Maroon,məûn, weggeloopen slaaf (West-Ind.);Maroonverb. iemand op een onbewoond eiland opzettelijk achterlaten; wegloopen, rondboemelen:A marooning party= een gezelschap, dat een uitstapje maakt van eenige dagen en kampeert in de open lucht.

Marplot,mâplot, spelbreker; zieMar.

Marque,mâk:Letters of marque= kaperbrieven.

Marquee,mâkî, groote tent.

Marquet(e)ry,mâkətri, ingelegd werk.

Marquis,mâkwis, markies;Marquisate,mâkwisit, markisaat.

Marriage,maridž, huwelijk(splechtigheid):By marriage= aangetrouwd;One marriage makes a-many= van bruiloft komt bruiloft;Toask in marriage= ten huwelijk vragen;Marriage-articles= huwelijksvoorwaarden;Marriage-certificate= trouwakte;Marriage-contract= huwelijkscontract;Marriage-favours= witte strikken of linten, bouquet witte bloemen bij een bruiloft gedragen;Marriage-licence= huwelijksvolmacht;Marriage-lines= huwelijksbewijs;Marriage-portion= huwelijksgift;Marriage-ring= trouwring:Marriage-service= de liturgie bij het kerkelijk huwelijk;Marriage-vow= huwelijksgelofte;Marriageable= huwbaar;Marriageables= huwbaren;Married:Newly married couple= jonggehuwden;Married life (state).

Marrow,marou, merg, kern, pit:Vegetable marrow= mergpompoen;Togo by the marrow stage= te voet gaan;Marrowbone= mergpijp;Marrowbones= knieën (ZieCleaver):Down on your marrows= op je knieën!Marrowfat= mergvet;Marrowfat pea= groote erwt;Marrowless;Marrowy.

Marry,mari, trouwen, huwen, uithuwen:Marry in haste, repent at leisure= snel getrouwd, lang berouwd;Hemarried below his station= beneden zijn stand;Is your brothera married man?No, he is nota marrying man= is uw broer getrouwd? Neen, dat is geen man om te trouwen.

Marry,mari, verbastering vanMary:Marry, you are right= waarachtig je hebt gelijk.

Mars,mâz, Mars (oorlogsgod, planeet).

Marsala,mâsâlə, Siciliaansche wijn.

Marseilles,mâseilz.

Marsh,mâš, drassig land, moeras:Marsh-fever= malaria;Marsh-fire= dwaallicht;Marsh-gas= moerasgas;Marsh-mallow= gewone heemst;Marsh-marigold= dotterbloem;Marsh-parsley= selderie;Marshiness, subst. v.Marshy= drassig, dras …

Marshal,mâšəl, subst. maarschalk; ceremoniemeester; schout, i.e. hoofd van een AmerikaanschJudicial District, overeenkomend met eenSheriffin Engeland;Marshalverb. rangschikken, scharen, ordenen, rangeeren (Amer.):Earl Marshal= opperceremoniemeester aan het Eng. hof (erfelijke waardigheid in het geslacht Norfolk);Marshalship.

Marshalsea,mâšəlsî, vroegere gevangenis voor gijzelaars in Londen (Southwark).

Marsupial,mâsiûpiəl(Mv.Marsupialia,mâsiupieiljə), subst. buideldier; adj. buideldragend, beursvormig;Marsupium= buidel van deMarsupialia.

Mart,mât, subst. markt, marktplaats;Martverb. verhandelen, schacheren.

Martello(tower),mâtelou(tauə), gewelfde, ronde kusttoren, kustfort.

Marten,mât’n, marter(-vel).

Martial,mâš’l, krijgshaftig, krijgs.…:Court Martial= krijgsraad;Martial law was proclaimedin the country= de krijgswet werd afgekondigd;Martial music.

Martin,mâtin, zwaluw:Bank martin= oeverzwaluw;House martin= huiszwaluw;St. Martin’s Day= 11 Nov.;(St.) Martin’s Summer=Martinmas summer.

Martinet,mâtinet, dienstklopper:He gives himselfmartinet airs;He hasa touch of the martinet= is een echte dienstdoener;Martinetism= dienstklopperij.

Martingal,mâtiŋgal,Martingale,mâtiŋgeil, springteugel; doove Jut (Scheepst.); voortdurende verdubbeling van den inzet:[332]Heplayed the martingal on fate= bond een wanhopigen strijd aan tegen.

Martinmas,mâtinmas, St. Maarten (Nov. 11):Martinmas summer= mooie dagen laat in den herfst.

Martyr,mâtə, subst. martelaar;Martyrverb. den marteldood doen sterven, martelen:I’m quite a martyr to the gout= lijd verschrikkelijk aan;Martyrdom= martelaarschap;Martyrology,mâtirolədži, geschiedenis of lijst van martelaren.

Marvel,mâv’l, subst. wonder;Marvelverb. zich verbazen, benieuwd zijn:It is amarvel of cheapness= wondergoedkoop;Marvel of Peru= bonte wonderbloem;I marvelwhere he can be= ik wou wel eens weten waar hij is;Marvellous= wonderbaar; subst.Marvellousness.

Mary,mêri, Marie:Mary Janes= dienstboden;A Hail Mary= Ave Maria;Maryland,mêrilənd,merilənd;Marylebone,maribən,maribən;Marymas,mêrimas, Maria Boodschap (25 Maart).

Mascle,mask’l, ruitvormig stuk op een geschubd pantser; open ruit (Herald.);Mascled.

Mascot(te),maskot, mascotte.

Masculine,maskjulin, mannelijk, krachtig, flink, onvrouwelijk, brutaal; subst.Masculineness=Masculinity.

Mash,maš, subst.mengelmoes, mengvoer, brouwsel; liefje, minnaar, vlam;Mashverb. vermengen, fijn stampen, mout verdunnen, verliefd worden op, het hoofd op hol maken; gek zijn op; den fat uithangen:Mary ismashed on you= verkikkerd op je;Masher= damesgek, fat; soort boord;Mashy= papperig.

Mashie,maši, een ijzeren kolf bij hetgolfspel.

Mashonaland,məšounəland.

Mask,mâsk, subst. masker, maskerade(pak), gemaskerde, dekmantel, scherm, vossekop, voorwendsel, draai;Maskverb. (zich) maskeeren, vermommen, bedekken:Mask(ed)-balls;Masker= gemaskerde.

Maslin,mazlin, subst. messing:Maslin kettle= ketel daarvan gemaakt.

Mason,meis’n, steenhouwer, vrijmetselaar;Masonverb. metselen, steenhouwen;Masonic,məsonik, maçonniek:Masonic emblems,jewels= vrijmetselaars-insignes;Masonic hall (lodge)= loge;Masonry= metselaarswerk, vrijmetselarij.

Masque,mâsk,Masquerade,maskəreid, ZieMask.;Masquerader.

Mass,mâs, massa, troep, hoop, gesloten formatie van cavalerie, brigade kolonne van infanterie;Massverb. (zich) tot een massa verzamelen:The masses and the classes= het volk en de aristocraten;A mass of information= groote hoeveelheid kennis;The Boers are massing in entrenched positions;Mass-meeting= algemeene bijeenkomst;Massiness, subst. v.Massy= omvangrijk, zwaar, in massa.

Mass,mas, mis:Toattend (the) mass,Togo to mass;Tosay mass= de mis lezen;High (Low, Morning) mass= hoogmis (stille mis, vroegmis);Mass-book.

Massachusetts,masətšûsəts.

Massacre,masəkə, subst. moord, bloedbad;Massacreverb. in het wilde moorden.

Massage,masidž,masâž, massage:Massagist,masâdžist, masseur.

Masseter,masîtə, kauwspier.

Masseur,Masseuse,beide Fr. uitspr.

Massinger,masinžə.

Massive,masiv, massief; subst.Massiveness.

Mast,mâst, subst. mast; vrucht van eik of beuk, eikels, beukenoten;Mastverb. van masten voorzien; mesten:He hasserved before the mast= als gewoon matroos gediend;The flagfloated at halfmast-high= woei halfstok;Mast-beam= zeilbalk;Mast-head= subst. top van den mast;Mast-headverb. in top hijschen; voor straf naar boven in den mast zenden;Mast-hoop= band of hoepel om den mast;Masted: Four masted vessel= schip met 4 masten =Four-master;Mastless= zonder masten.

Master,mâstə, subst. meester, vader (v. armhuis, etc.), heer, baas, “vrind”, eigenaar, jongeheer, magister, kapitein of gezagvoerder; adj. voornaamste, hoofd - -, meester - -;Masterverb. vermeesteren, meester worden, overwinnen, temmen:Themaster and matronof a workhouse= vader en moeder;Under-master= ondermeester;He is a masterat it= hij is het meester;Masterof the horse= stalmeester;Master of (the) (Fox)hounds= jagermeester van een vossenjachtclub;Master-at-arms= provoostgeweldiger;Master-builder= bouwmeester;Master-hand= meesterhand;Master-key= looper;Master-man= opzichter, baas;Master-mariner= gezagvoerder:Master-mason= meestersteenhouwer;Mastermind= buitengewone geest, supérieur mensch;Masterpiece= meesterstuk;Master-spring= hoofdveer;Master-stroke= meestertrek, meesterstuk;Mastertheme= hoofdthema;Masterwork= meesterstuk;Masterdom= heerschappij;Masterful= bazig, despotisch;Masterhood= meesterschap;Masterless= zonder meester;Masterliness, subst. v.Masterly= meesterlijk, meesterachtig;Mastership= meesterschap, meerderheid; leeraarschap:TheFrench mastership= betrekking van leeraar in het Fransch;Mastery= heerschappij, grootere voortreffelijkheid, meerderheid, voorrang:Togain (get, obtain) the mastery= de overhand winnen, heerschappij verkrijgen, onderwerpen.

Mastic,mastik, mastik, mastikboom (=Mastic-tree);Mastic-cement.

Masticate,mastikeit, kauwen, fijn snijden; subst.Mastication;Masticator= hakmachine;Masticatory= kauw - -.

Mastiff,mastif, bulhond, kettinghond.

Mastodon,mastədon, mastodont.

Mat,mat, subst. mat, grof vlechtwerk;Matverb. met matten beleggen, dooreen vlechten, verwarren, in de war zijn of raken:Sherubbed her boots on the mat= veegde af;Hismatted hair= verward haar;He wasmattedly unkempt= ongekamd, met verwarde haren;Mat-grass= borstelgras;Matting= matten, matwerk, stof voor matten.

Mat,mat, dof, mat; subst. wit metaal,[333]matbijtel;Matverb. matteeren;Mat-gold= matgoud.

Matabele,matəbîl.

Matador(e),matədö,matədö, matador.

Match,matš, subst. zwavelstok, lucifer, lont; weddenschap, wedstrijd, partij, partuur, gelijke, paar, span; huwelijk; adj. bij elkaar passend;Matchverb. paarsgewijze vereenigen, verbinden, iets passends uitkiezen, evenaren, opgewassen zijn tegen, zich meten, passen bij:Is it a match?= wedden?It isa match!= top!The match will not come off= de wedstrijd gaat niet door;I amno match forhim= ben niet tegen hem opgewassen;He isa match forthem all= hij staat ze allemaal;He is more than a match for you= je de baas;Tolight (strike) a match= een lucifer aanstrijken;You two arewell matched= jullie beiden hoort net bij elkaar;This matches it nicely= komt er mooi bij;Tomatch pennies= pennies opgooien (dobbelen);Not to be matched(Vergel.:Match to none) = onvergelijkelijk;To beill-(well-)matched= slecht (goed) bij elkaar passen;Match-box= lucifersdoosje;Match-girl= meisje dat lucifers verkoopt;Matchlock= snaphaan;Match-maker= lucifersfabrikant; koppelaar(ster):She is amatch-making woman= zij mag graag zoo’n beetje koppelen;Match-wood= hout voor zwavelstokken, splinters:The carriagecollapsed like match-wood= viel in elkaar als tonder;Matchable= vergelijkbaar;Matchless= onvergelijkelijk; subst.Matchlessness.

Mate,meit, subst. maat, kameraad, helper, echtgenoot(e), mannetje, wijfje;Mateverb. vereenigen, trouwen, paren:Chief mate= eerste stuurman;Cook’s mate= koksmaat;Mating-season= paartijd.

Mate,meit, mat (schaakspel);Mateverb. mat zetten.

Mater,meitə, moeder, “ouwe vrouw”.

Material,mətîriəl, subst. (bouw)stof, materiaal; adj. stoffelijk, lichamelijk, gewichtig, belangrijk, materialistisch:Hebought the house for its materials= voor afbraak;That ismaterial toyour welfare= van ’t hoogste belang voor uw welzijn;His healthimproves materially= gaat hard vooruit;They were leftmaterially undisturbed= in hoofdzaak met rust gelaten;Materialism= materialisme;Materialist;Materialistic= materialistisch;Materiality,matirialiti= stoffelijkheid;Materialization= verstoffelijking;Materialize= verstoffelijken, realiseeren, stoffelijk voordeel (of resultaat) opleveren; een stoffelijken vorm aannemen:All our announcements and posters have failed to materialize= al onze advertenties en aanplakbiljetten hebben niets gegeven;Materialness=Materiality.

Maternal,mətɐ̂n’l, moederlijk, moeder.., van moederszijde;Maternity= moederschap:Maternal-hospital= kraaminrichting.

Mathematic(al),mathimatik(’l), wiskundig:Mathematical master= leeraar in de wiskunde;Mathematician,mathimətiš’n, wiskundige;Mathematics= wiskunde:Thehigher mathematics.

Mather(s),madhə(z),Mathew,mathjû.

Matie,meiti, maatjesharing.

Matins,matinz, vroegdienst, metten;Matinee,matinei, matinée; morgenjapon.

Matricidal,meitrisaid’l,matrisaid’l, moedermoord betreffend;Matricide,meitrisaid,matrisaid, moedermoord(er).

Matriculate,mətrikjuleit, immatriculeeren, (zich laten) inschrijven in dematricula(= naamlijst); subst.Matriculation.

Matrimonial,matrimounj’l, huwelijks …:Matrimonial agents;Matrimonial duties= huwelijksplichten;He ismatrimonially inclinedtowards her= wenscht haar tot zijne vrouw;Matrimony= huwelijk, huwelijke staat.

Matrix,meitriks,matriks, baarmoeder, matrijs, de vijf eenvoudige kleuren bij het wolverven (zwart, wit, blauw, rood en geel).

Matron,meitr’n,matrən, matrone, deftige dame, directrice van eene instelling of inrichting;Matronage,meitrənidž,matrənidž, de gezamenlijkematrons, moederlijke zorg;Matronal= matroneachtig; adj. bejaard;Matronhood=Matronage;Matronize= als oudere dame (of moeder) eene jonge vergezellen;Matronlike=Matronal=Matronly;Matronship.

Matter,matə, subst. stof, zelfstandigheid, onderwerp, voorwerp, zaak, gewicht, etter, kopij (drukkerij), enz.;Matterverb. van belang zijn:What is the matter= wat is er, scheelt er aan?There is always something or other the matter with him= hij heeft ook altijd wat;It isa matter of five pounds= zoo wat 60 gld.;That isa matter of course= dàt spreekt vanzelf;Matter of fact= daadzaak:As a matter of fact= feitelijk;He isa matter-of-fact person= door-en-door practisch, nuchter;That isa great matter= dat is van groot gewicht;It is not amatter of pencebut principle= niet om de knikkers, maar om ’t recht van ’t spel;I might go therefor that matter,for the matter of that= wat dat aangaat;No matter= het kan niet schelen;It is no matter of mine= ’t gaat mij niet aan;Nosuch matter= niets daarvan;Thesubject matter= stof, inhoud;Itdoes not matter= het kan niet schelen;Itmatters to us all= is van belang voor ons allen;Itcannot greatly matter= het doet er niet veel toe;Matterful= van gewicht, kracht of beteekenis.

Matthew,mathjû;Matthias,məthaiəs.

Mattock,matək, houweel.

Mattress,matrəs, matras; fascine:Hair mattress,Wire mattress.

Maturate,matjureit, rijp worden; subst.Maturation;Maturative= rijpend, ettering bevorderend (middel).

Mature,mətjûə, adj. rijp, gerijpt, geheel ontwikkeld, voorbereid, vervallen (van wissels):Amatured plan= wel overlegd, goed doordacht;Matured wine= belegen wijn;Matureness=Maturity= rijpheid, vervaltijd (van wissels):At (On) maturity= op den vervaldag.

Matutinal,matjutain’l,mətjûtin’l, vroeg, morgen …:Matutinal bath;Matutinal habits= gewoonte vroeg op te staan.

Maud,môd, Maud; wollen plaid (Schotl.).

Maudlin,môdlin, sentimenteel, schreierig als een dronken mensch; subst.Maudlinism.

Maugre,môgə, niettegenstaande.

Maul,môl, subst. groote houten hamer,[334]moker;Maulverb. ranselen, verpletteren, beschadigen, mishandelen:They wereseverely mauled= leelijk toegetakeld, scherp gecritiseerd.

Maulstick,môlstik, schildersstok.

Maunder,môndə,mândə, op huilerigen toon spreken, mompelen, bazelen; subst. gebazel;Maunderer= brompot.

Maundy-Thursday,môndi-thɐ̂zdi, Witte Donderdag, waarop;Maundy moneywordt uitgedeeld door denRoyal AlmonerinWhitehall(gewoonlijk eenpennyvoor elk levensjaar van den vorst).

Maurice,môris,moris;Mauritania,môriteinjə;Mauritius,môrišəs.

Mausoleum,môsəlîəm, praalgraf.

Mauve,mouv, subst. purperkleur; adj. purperkleurig.

Mavis,meivis, zanglijster.

Maw,mô, pens, krop, maag; bek:Hold your maw;Maw-seed= papaverzaad;Maw-worm= spoelworm; huichelaar.

Mawkish,môkiš, walgelijk; overgevoelig, kieskeurig; subst.Mawkishness.

Maxilla,maksilə, kaakbeen, bovenkaak;Maxillary,maksiləri,maksiləri, tot de kaak behoorende, kaak.…

Maxim,maksim, grondstelling, leerspreuk.

Maxim,maksim:Maxim gun= soort van repeteerkanon.

Maximal,maksim’l, maximaal.

Maximilian,maksimilj’n.

Maximum,maksimɐm, subst. maximum; adj. grootst.

May,mei, Mei, lente, meidoorn, Meifeest;Mayverb. het Meifeest vieren;May-bloom= meidoorn;May-bug,May-chafer= meikever;May-day= eerste Mei;May-duke= meikers;May-flower= meidoorn, dotterbloem, pinksterbloem, koekoeksbloem;May-fly= soort watervlieg (Sialis lutaria);May-lady,May-queen= meikoningin;May-lily= lelietje v. dalen;May-meeting= Mei-bijeenkomst (van godsdienstige sekten en staatkundige partijen);May-pole= meiboom, boonestaak (fig.), “kip op hooge pooten”;Togo a-maying= naar het Meifeest gaan;Mayer= iemand, die aan het Meifeest deelneemt.

May,mei, mogen, kunnen, misschien kunnen:Be this as it may= laat dit zijn zoo het wil;As one may say= om zoo te zeggen;He that will not when he may, When he will he shall have nay= Wie niet wil wanneer hij mag, Krijgt een “neen” op later dag;Come what come may= laat er gebeuren wat er wil;It may be fine to-morrow= het is morgen misschien wel mooi weer;Maybe= kan zijn, misschien;Mayhap= misschien, toevallig.

Mayence,Fr. uitspr.Mainz;Mayfair,meifêə;Mayhew,meihjû;Maynooth,meinûth,meinûth;Mainwaring,manəriŋ.

Mayor,meijə,mêə, burgemeester (in Engeland); adj.Mayoral;Mayoralty= burgemeestersambt;Mayoress= burgemeestersvrouw;Mayorship.

Mazard,mazəd, schedel, kop; soort kers.

Maze,meiz, subst. doolhof; verlegenheid;Mazeverb. verbijsteren, in verlegenheid brengen; subst.Mazement=Maziness.

Maz(o)urka,məzɐ̂kə,məzûəkə, mazurka.

Mazy,meizi, verward, verlegen.

Me,mî, mij:That’s me= dat ben ik.

Mead,mîd, mee (drank); weide (dichterl.).

Meadow,medou, weide, weiland:Meadow-land= weiland;Meadow-mouse= veldmuis;Meadowsweet= moeras-spiraea; theeboompje (Amer.);Meadowy= uit weiden bestaande.

Meager, Meagre,mîgə, adj. mager, schraal, onvruchtbaar:Ameagre correspondent= die weinig schrijft; subst.Meagreness.

Meal,mîl, maal, maaltijd; meel; maismeel (Amer.);Mealverb. tot meel of poeder wrijven, met meel bestrooien:Youshall be paid in meal or malt= in elk geval, hoe dan ook;Hemade a meal of it= at er zijn bekomst van;Meal-brimstone= fijne zwavel;Meal-man= meelhandelaar;Meal-meat= meelspijs;Meal-time= etenstijd;Meal-worm;Mealies,mîliz, maïs (Z.-Afr.);Mealiness= meligheid;Mealy= melig, droog, als met meel bestoven;Mealy-mouthed= schuchter, zoetsappig.

Mean,mîn, laag, gering, armelijk, gemeen, onbeteekenend, slaafsch, krenterig:No mean foe= een tegenstander, dien men niet moet onderschatten;There wasnothing mean aboutthe party= het was eene royale partij;He has a mean look about him= de krenterigheid ziet hem de oogen uit;You aretoo mean for anything= je bent al heel min;Mean-born= van lage geboorte;Mean-spirited= kruiperig; subst.Mean-spiritedness;To thinkMeanlyof= geringschatten;Meanness= nederige stand, gemeenheid, krenterigheid.

Mean,mîn, middelmatig, gemiddeld; subst. middelweg, middelmaat, middenterm, middel:Mean distance= gemiddelde;Themean Englishman= gewone;Agolden mean= middelweg;Toadopt a happy mean= middelweg kiezen;In the meantime= ondertusschen;In the meanwhile= middelerwijl;Means= middel, middelen, inkomsten, oorzaak:Helives beyond his means= boven zijn vermogen;By means of= door middel van;You must go thereby all means(= vooral);You must try to do itby any means= hoe dan ook;By no means= vooral niet;By no manner of means= in geen geval.

Mean,mîn, meenen, bedoelen, beteekenen, van plan zijn, voornemens zijn:He meant no harm= bedoelde het goed;Tomean mischief= wat in het schild voeren;I do not mean to say= ik wil niet zeggen;Youmeant (it) well= hebt het goed bedoeld;Meaning= beteekenis, meening;Meaningless= zonder zin.

Meander,miandə, subst. kronkeling, doolhof;Meanderverb. kronkelen, zich slingeren, drentelen:You tell him my very words, andno meandering of your own= zonder verdraaiing.

Meandrina,mîəndrainə, hersenkoraal.

Meandrous,miandrəs, kronkelend.

Meant,ment, imp. en p.p. vanto mean.

Mease,mîz,mîs:Mease of herrings= ± 500 haringen.

Measles,mîz’lz, mazelen, puisten (bij varkens):[335]Tohave measles;Measly,mîzli, aan de mazelen lijdend; puisterig, gevlekt, vuil, jammerlijk, armzalig:I will break every bone in yourmeasly skin= ik zal je fijn wrijven, vuile kerel!

Measurable,mežurəb’lmeetbaar; subst.Measurableness;Measure,mežə, subst. maat, maatstaf, verhouding, aandeel, versmaat, (tijd)maat, maatregel, gematigdheid, statige dans;Measureverb. meten, afmeten, toemeten, opmeten, afleggen:Lineal, Square measure= lengtemaat, vlaktemaat;Measure of capacity= inhoudsmaat;Beyond (Out of) all measure= buitenmate;In a (In some) measure= in zekere mate;In a great measure= grootendeels;Made to measure= naar maat;Measure for measure= leer om leer;I had soontaken his measure= begrepen wat hij waard was;Totake measures= maatregelen nemen;Tomeasure one’s length= languit vallen;Before daybreak wemeasured twenty miles= legden wij twintig mijlen af;Tomeasure one’s words= wikken en wegen;Tomeasure swords= de degens kruisen;Hemeasured me fora coat= nam mij de maat voor eene jas;As you measure so it will be measured unto you= met de mate waarmede gij meet, met die mate zal u gemeten worden;Measured= gelijkmatig, rhythmisch, gematigd, afgemeten;Measureless= mateloos; subst.Measurelessness;Measurement= meting, maat, tonneninhoud:I havetaken your measurementsand laid down the chart of your genius= ik heb u gewogen en uitgemaakt wat ge waard zijt;Measurement-goods= goederen waarvoor vracht wordt betaald naar maat of grootte;Measurer= (land)meter, meetinstrument;Measuring-chain (Measuring-cord, Measuring-tape)= maatstok, etc.

Meat,mît, voedsel, kost, spijs, vleesch:Spoonmeat= lepelkost;Sweetmeat= bonbons;I amas full of business as an egg is full of meat= ik ben naar alle kanten bezet;One man’s meat is another man’s poison= den een zijn dood is den ander zijn brood; je kunt niet alle menschen over den zelfden kam scheren;The meat is done= goed gaar, op;Meat and drink:That is meat and drink to me= dat is een kolfje naar mijne hand;Meatball= balletje;Meat-biscuit= vleeschbeschuitje;Meat-extract;Meat-hook= vleeschhaak; spuuglok;Meat-jack= spit;Meat-offering= Joodsch spijsoffer;Meat-safe= vliegenkast;Meat-salesman= groothandelaar in vleesch;Meat-tea= thee met vleesch (visch, etc.);Meatiness, subst. v.Meaty= vleezig, stevig.

Mebbe,mebi, verk. vanmaybe= misschien.

Mechanic,mikanik, subst. mechaniker, handwerksman; adj. =Mechanical, werktuigelijk, machinaal (ookfig.), handwerks.., werktuigkundig:Mechanical drawing= lijnteekenen;Mechanical engineer= werktuigkundige;Mechanical powers= werktuigelijke krachten;Mechanical science= werktuigkunde;Mechanicality=Mechanicalness= werktuigelijkheid;Mechanician,mekəniš’n, werktuigkundige;Mechanics= werktuigkunde;Mechanism,mekənizm, mechaniek, machinerie, mechanismus, techniek;Mechanist,mekənist= technicus, machinist.

Mechlin,meklin, Mechelen, Mechelsche kant =Mechlin lace.

Meconium,mikouniəm, kinderpek; papaversap.

Medal,med’l, medaille;Medalverb. een medaille verleenen;Medallic,mədalik, medaille..;Medallion,mədalj’n, penning, medaillon;Medallist= penningkundige, met eene medaille bekroonde, stempelsnijder.

Meddle,med’l, zich bemoeien:Do notmeddle withmy affairs= steek je neus niet in;Do not meddle with him= bemoei je niet met hem;I will neither meddle nor make with it= ik wil er niets mee te maken hebben;Meddler= bemoeial;Meddlesome= bemoeiziek; subst.Meddlesomeness=Meddling, ook subst.

Mede,mîd, Mediër;Medea,midîə;Media,mîdjə, Medië.

Medieaeval,mediîv’l,mîdiîv’l, middeleeuwsch, ouderwetsch;Medieaevalism= de geest der middeleeuwen in kunst en godsd.;Medieaevalist= kenner, vereerder der middeleeuwen;Medieaevalize= middeleeuwsch maken.

Medial,mîdj’l, gemiddeld, middel..:An initial,medial,final consonant= begin-, tusschen- en eindmedeklinker.

Median,mîdj’n, midden-, mediaan; van Medië, Mediër.

Mediate,mîdi-it, adj. in het midden liggend, bemiddelend;Mediateverb. (mîdieit) bemiddelen, als bemiddelaar optreden:Mediated water= suikerwater;Mediation= bemiddeling, voorspraak.

Mediatization,mîdiətizeiš’n, subst. v.Mediatize,mîdiətaiz, aan de staatsoverheid onderwerpen.

Mediator,mîdieitə, bemiddelaar; adj.Mediatorial;Mediatorship;Mediatory= bemiddelend;MediatrixofMediatrix.

Medical,medik’l, geneeskundig, medisch:Medical man= medicus;Medical Officerand Public Vaccinator for a district= districts armendokter;Medical profession= beroep van geneesheer;Medical student;Medicament,mədikəment,medikəment, geneesmiddel;Medicamental= geneeskrachtig, heilzaam;Medicaster,medikastə, kwakzalver;Medicate,medikeit, geneeskundig bereiden of behandelen:Medicated coffee= geneeskrachtige koffie;Medication= geneeskundige behandeling of bereiding;Medicinal= genezend;Medicine,medsinofmedisin, geneesmiddel, geneeskunde:Medicine-bag= amulet;Medicine-chest= medicijnkist;Medicine-man= dokter en bezweerder bij de indianen;Medico,medikou, subst. esculaap (schertsend voor geneesheer); adj. tot de geneeskunde behoorende:Medico-legal= tot de gerechtelijke geneeskunde behoorende;Medicus.

Medina,midînə, Medina;midainə, rivier op Wight, stad in Amerika.

Mediocre,mîdioukə, middelmatig:Mediocrity,mîdiokriti, middelmatigheid; middelmatig persoon.

Meditate,mediteit, peinzen, overdenken, voornemens zijn; subst.Meditation;Meditative= peinzend, zinnend; subst.Meditativeness;Meditator.[336]

Mediterranean,meditəreinj’n, subst. Middellandsche Zee; adj. middellandsch.

Medium,mîdj’m, subst. midden, middensoort, middenterm, middenstof, middel, hulpmiddel, Engl. mediaanpapier (18 × 28 inches), medium; adj. middelmatig, gemiddeld, doorsnee - -:Through the medium of= door bemiddeling (middel) van;At a medium;Of (Less than, Over the) medium height;Medium-sized.

Medlar,medlə, mispel(boom):Medlar-tree.

Medley,medli, verwarde massa, potpourri; ook adj.

Medulla,midɐlə, merg;Medullary,midɐləri,medələri= mergachtig, merg..;Medullin= mergstof (Chem.).

Medusa,mədjûsə, Medusa; kwal; mv.Medusae,mədjûsî.

Meed,mîd, belooning, prijs, gift.

Meek,mîk, zachtzinnig, gedwee, nederig:Meek-eyed;Meek-spirited= deemoedig; subst.Meekness.

Meerschaum,mîəšôm,mîəšəm, meerschuim(en pijp):Meerschaum pipe.

Meet,mît, subst. bijeenkomst (van sportlui); rendez-vous voor sportlui, de gezamenlijke sportlui; adj. geschikt, gepast;Meetverb. ontmoeten, tegenkomen, tegemoet komen, bijeenkomen, nakomen, voldoen aan, bevredigen, enz.:A meet of the Coaching Club= het samenkomen van de leden dier club, diecoachesbezitten en zelf rijden;It is not meetthat he should go there= gepast;Mere inquiry will notmeet the case= is in dit geval niet voldoende;More is meant thanmeets the ear (the eyes)= daar schuilt meer achter dan men hoort (ziet);Thatmeets the needsof the people= voorziet in;Tomeet due protection= behoorlijk gehonoreerd worden;I willmeet you on equal terms= durf je staan onder gelijke voorwaarden;The carriage is tomeet the 10,5 train= moet zijn aan;Tomeet a person halfway= tegemoet komen (fig.);Have I met you?= Is dit wat u verlangt, is dit voldoende?Imet witha kind reception= vond eene vriendelijke ontvangst;Imet withan accident, a bad fall, a loss= mij trof, ik kreeg;He is met with= heeft zijn man gevonden;He tried tomeet all my wants= te voorzien in;I cannotmake both ends meet= ik kan niet rondkomen;Isent to meet them at the 10,5 train= liet ze afhalen;It was Greek meet Greek, diamond cut diamond= twee Joden weten wat een bril kost;Meeting= ontmoeting, bijeenkomst, vergadering, zitting, dag van een wedren, samenvloeiing:The meeting was called forhalf-past seven= bijeengeroepen tegen;Meeting-house= bedehuis;Meeting-place= plaats van samenkomst;Meetly= gepast, geschikt;Meetness= gepast-, geschiktheid.

Meg(a), in samenst.: groot, reusachtig;Megaphone,megəfoun, soort roeper;Megascope,megəskoup, megascoop.

Megass(e),məgas, uitgeperst suikerriet.

Megrim,mîgrim, schele hoofdpijn, gril, luim:Megrims= zwaarmoedigheid; koliek bij paarden.

Melancholia,mel’nkouljə, zwaarmoedigheid;Melancholiac= melancholicus;Melancholy,mel’nkoli, subst. zwaarmoedigheid, droefgeestigheid; ook adj.:He isin a melancholy mood= in eene sombere stemming.

Melanesia,melənîsiə;Melanesian, adj. en bewoner van M.

Melanite,melənait, melaniet.

Mêlée,Fr. uitspr.handgemeen.

Melib(o)ean,melibîən:Melib(o)ean song= beurtzang.

Melilot,melilot, honigklaver.

Melinite,melinait, meliniet.

Meliorate,mîljəreit, verbeteren, beter worden; subst.Melioration;Meliorism,mîljərizm, de leer dat verbetering mogelijk is; het streven hiernaar.

Meliphagous,məlifəgɐs, honigetend; Melliferous = honig voortbrengend;Mellifluence,məlifluens, zoetvloeiendheid;Mellifluent,Mellifluous= zoetvloeiend;Mellite,melait, honigsteen.

Mellay,melei=Mêlée.

Mellow,melou, adj. overrijp, beursch, zacht, aangenaam, vol, gerijpt, lichtelijk aangeschoten;Mellowverb, rijp of zacht worden (maken), rijpen, benevelen; subst.Mellowness;Mellowy= zacht, zoet.

Melodious,miloudiəs, welluidend; subst.Melodiousness;Melodist= componist of zanger v. melodiën; verzameling van melodiën;Melody,melədi, melodie, zangwijze.

Melodrama,melədrâmə,melədrâmə, melodrama;Melodramatic,melədrəmatik, melodramatisch;Melodramatist,melədramətist, schrijver van melodramas.

Melon,mel’n, meloen:Melon-juice.

Melpomene,melpominî;Melrose,melrouz.


Back to IndexNext