HERACLES.

[Inhoud]HERACLES.De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]

[Inhoud]HERACLES.De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]

[Inhoud]HERACLES.De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]

[Inhoud]HERACLES.De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]

HERACLES.

De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]

De sterkste held uit den Griekschen voortijd wasHèracles(Hercules), de zoon vanAmphìtryonenAlcmène. Zijn vader was uit Argos naar Thebe gevlucht; daar werd Hèracles geboren. Om zijn geweldige kracht werd hij ook wel voor een zoon van Zeus gehouden; daarom, zoo meent men, heeft Hera hem zoo bitter gehaat en hem zijn geheele leven lang aan allerlei gevaren en moeiten blootgesteld. Toen hij nog maar pas geboren was, zond zij twee reusachtige slangen op hem af; het ventje greep ze dicht onder den kop en wurgde ze met zijn stevige handjes.

Op zestienjarigen leeftijd zond zijn vader hem naar de kudden op den berg Cithaeron. Hier versloeg hij den Cithaeronschen leeuw, die onder het vee veel schade aanrichtte; huid en kop droeg hij als kleeding en hoofdbedekking voortaan meê en als wapen een boog en een zware knods (Zie de Farnesische Hèracles, het bekende beeld te Napels). Hier zou hij ook, volgens een later verhaal, door bewuste keuze den loop van zijn verder leven hebben bepaald. Twee vrouwen nl. traden op hem toe: de eene waardig en eerbaar en ingetogen bij haar schoonheid; de andere van een opvallend mooi, dartel en uitdagend. Toen de eerste hem toe wilde spreken, drong de andere haar weg; zij, het Genot, beloofde hem te voeren langs een weg van louter genietingen als hij haar wilde volgen. De Deugd daarentegen stelde hem, als hij haar gezelschap koos, een langen en bezwaarlijken weg in het vooruitzicht; want—zeide zij—de goden verleenen de menschen zonder arbeid en moeite geen geluk; maar vast en zeker zou hij zóó eenmaal komen aan het goede doel.—En Hèracles koos den weg van de Deugd.

Niet lang nadat hij in Thebe was teruggekeerd, beval het Delphisch orakel hem naar Mycene te gaan, om in[30]dienst van koningEurystheustwaalf zware werken te verrichten; na de volbrenging daarvan zou hem de onsterfelijkheid ten deel vallen. Allereerst werd hem opgedragen denNemeïschen leeuwte dooden, die vreeselijk huis hield in het dal van Nemèa. Hèracles bestookte het dier eerst met pijlen; toen hij echter bemerkte, dat het onkwetsbaar was, dreef hij het met zijn knods in zijn hol terug, ving het, toen het op hem afsprong, in zijn armen op en worgde het tegen zijn borst. De tweede strijd gold deHydra van Lerna, een waterslang met negen koppen, waarvan de middelste onsterfelijk was; zoodra één kop werd afgehouwen, kwamen er twee nieuwe voor in de plaats. Bovendien werd het monster geholpen door een reuzenkreeft, die, zoo gauw het werd aangevallen, uit zee kwam opdagen. Die kreeft werd eenvoudig door Hèracles vertrapt; en door een vriend liet hij, telkens wanneer hij een kop had afgeslagen, met een gloeienden paal het gat toeschroeien, zoodat geen nieuwe weer op kon schieten; eindelijk wierp hij op den onsterfelijken kop een geweldig rotsblok. Met de giftige gal van de Hydra bestreek hij zijn pijlen, zoodat hun wonden ongeneeslijk werden.

Nu volgden drie jachtavonturen in Arcadië. Op den berg Keryneia, op de grens van Arcadië en Archaie, leefde hetkerynitische hert, aan Artemis gewijd, met gouden gewei en koperen hoeven; levend moest Heracles het aan Eurystheus brengen. Een vol jaar lang achtervolgde hij het snelle dier: toen wondde hij het licht in den poot en wist het zoo te vangen. Ook denErymanthischen ever, die het landschap aan den voet van den berg Erymanthus verwoestte, ving hij levend; hij dreef hem in de diepe bergsneeuw, bond hem en droeg hem weg. Eindelijk werd hem nog gelast deStymphalische vogelste verdrijven; zij huisden in de omgeving van het meer Stymphalos, hadden metalen klauwen en snavels en veeren, die zij als pijlen konden afschieten. Met groote,[31]ijzeren kleppers joeg Heracles ze op, doodde een gedeelte met zijn pijlen en verdreef de anderen.

Ook naar Elis voerden hem zijn tochten. Daar woonde koningAugìas, die zeer rijk was aan vee. In één dag moest hij nu den hof, waarin de runderen verblijf plachten te houden, reinigen van allen mest. Hij leidde de rivieren Alpheüs en Peneüs door den stal en volbracht zóó de opdracht, die hem was verstrekt.

Nu richtte Heracles zich naar Zuid en Noord. OpCretaregeerde koningMinos. Eenstier, dien Poseidon uit zee had laten opkomen, had hij den zeegod moeten offeren. Maar het dier was zoo mooi, dat Minos het had behouden. Toen had Poseidon het beest dol gemaakt, zoodat het alles verwoestend, het heele land onveilig maakte. Heracles bracht nu den stier gebonden naar Mycene, waar Eurystheus, doodelijk verschrikt, hem dadelijk weer liet loopen. Bij Marathon in Attica werd hij later door Theseus gevangen en aan Apollo geofferd.

Ook de woestepaardenvan den Thracischen koningDiomèdes, die met menschenvleesch gevoed werden, bracht Heracles levend over naar Mycene. Eurystheus liet ze weer vrij; toen werden ze in het gebergte door wilde dieren verscheurd.

De volgende tocht voerde Heracles ver naar het Oosten. In Azië woonde het dappere vrouwenvolk derAmazonen, die door koninginHippolỳtewerden geregeerd. Deze droeg, als teeken van haar waardigheid, een kostbarengordel, welken Admete, de dochter van Eurystheus, wenschte te bezitten.Hippolỳtewilde aanvankelijk den gordel vrijwillig geven; maar Hera verspreidde onder de Amazonen het gerucht, dat de koningin geroofd zou worden. Toen stormden de krijgshaftige vrouwen te paard op Heracles los, die in een woedenden strijd met moeite overwon,Hippolỳte, die hij van verraad verdacht, doodde en den gordel met zich meê voerde.

Op den terugweg landde Heracles bij Troje. Daar[32]heerschte groote rouw. Apollo en Poseidon hadden, in menschelijke gedaante, koningLaòmedonaangeboden om tegen een bepaalde belooning de vesting Pergamos te ommuren. Toen het werk klaar was, werd het loon hun geweigerd. Apollo zond nu een pest, Poseidon een zeemonster, dat mensch en dier doodde. Pas als de koning zijn dochter aan het ondier offeren zou, zou de bezoeking wijken. Daarom werdHesìoneaan een klip aan het strand der zee geketend, opdat zij door het monster verslonden zou worden. Juist toen landde Heracles. Hij bood aan het meisje te redden, als hem de paarden werden gegeven, die Laòmedon als vergoeding voor zijn geroofden zoonGanymèdesvan Zeus had gekregen. De overeenkomst werd aangegaan; het ondier werd door Heracles gedood; maar ook hem werd de beloofde belooning onthouden. Toen ging hij weg onder de bedreiging, dat hij eens met een legermacht terug zou keeren om wraak te nemen.

Het terrein van de volgende daden van Heracles lag in het verre westen. Hij moestde runderen vanGerỳoneshalen, die woonde op een eilandje in den Oceaan; uit drie lichamen was het monster samengegroeid. Zijn prachtige runderen werden bewaakt door een reus en een grimmigen hond. Heracles trok om de Middellandsche Zee heen langs de noordkust van Afrika en plaatste aan weerskanten van de straat van Gibraltar een groote rots, als een zuil, die de herinnering aan zijn versten tocht moest bewaren. Toen hij aan den oever van den Oceaan was aangekomen, wist hij niet, hoe hij het eiland zou bereiken. Juist reed Helios met zijn zonnewagen dicht over zijn hoofd heen, op het punt het zeevlak in het westen te bereiken. Heracles had last van de felle stralen en boos legde hij op den zonnegod aan. Deze had pleizier in den durf van den sterveling en leende hem de gouden, bekervormige boot, waarmeê hij ’s nachts naar het Oosten terug placht te varen. Zoo kwam Heracles[33]op het eiland, versloeg den reus en zijn hond, doodde ookGerỳones, toen die hem na wilde zetten, en dreef de runderen weg. Toen hij nu in Italië was gekomen en rust nam in de grasrijke vlakte van den Tiber, ontstal hem, terwijl hij sliep, de vuursnuivende reusCacusenkele van zijn mooiste beesten. Bij den staart trok hij ze naar zijn hol, opdat Heracles het spoor zou bijster worden. Deze zocht ook vergeefs en besloot ten slotte maar weg te trekken. Maar het geloei van de opbrekende kudde werd uit de verte beantwoord; zóó ontdekte hij de plaats waar de ontbrekende koeien verborgen waren. Van boven af sprong hij neer in de grot, waarin Cacus zich verschanst had, en na een hevige worsteling te midden van vuur en vlammen werd hij hem ten slotte meester. De bevolking van de streek was hem dankbaar voor zijn daad, een plechtig feest werd te zijner eere gevierd, en van dien tijd af bestond in Latium een eeredienst voor Hercules.

11. Hera Ludovisi.11.Hera Ludovisi.Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.

11.Hera Ludovisi.

Uit: Brunn,Denkmäler griech. und röm. Skulptur.

F. Bruckmann, München. P. Noordhoff, Groningen.

Weer naar het westen voerde hem zijn volgende tocht. Aan den oever van den Oceaan stond in de tuinen van Atlas een wonderboom metgouden appelen, die de aarde eens als een huwelijksgeschenk voor Hera had laten groeien; de dochters van Atlas,de Hesperiden, verzorgden den boom en een nooit slapende draak bewaakte hem. Heracles moest drie van die appelen halen. Na lang rondzwerven kwam hij bij Atlas, die het hemelgewelf op zijn schouders droeg. Deze plukte voor hem de vruchten, terwijl Heracles zoolang de ontzettende vracht van hem overnam. Toen Atlas echter met de drie appels terugkwam, wilde hij den zwaren hemel niet weer opnemen, maar zelf de vruchten naar Eurystheus brengen. Heracles ging op het voorstel in, maar verzocht hem nog even den hemel te houden, tot hij zich een kussen op den schouder zou hebben gelegd, die wat zeer begon te doen. Atlas liet zich vangen; Heracles raapte boog, pijlen en appels van den grond en maakte zich uit de voeten.[34]Eurystheus schonk hem de gouden vruchten en hij wijdde ze aan Athene, die hem bij zijn werken zoo dikwijls had bijgestaan.

De laatste en zwaarste onderneming van Heracles washet halen van Cèrberus, den vreeselijken hond, die de wacht hield voor de onderwereld. Bij kaap Taenarum daalde Heracles naar de Hades af; Pluto gaf hem verlof den hond met zich mee te voeren, als hij hem zonder wapens meester kon worden. Dat lukte. Stevig bond hij toen het monster vast en droeg het zoo naar de bovenwereld om het aan Eurystheus te laten zien. Daarop bracht hij het naar zijn vroegere verblijfplaats terug.

Na de volbrenging van deze twaalf daden, waarvan een bekende voorstelling in beeldhouwwerk voorkwam op de metopen van den grooten Zeustempel in Olympia, was Heracles uit den dienst van Eurystheus ontslagen. Uit innerlijken drang ging hij echter toch op avontuur uit. Hij begaf zich naar Oechalië op Euboea, waar de beroemde boogschutterEùrytosregeerde; die had zijn dochterIoletot vrouw beloofd aan wie hem in het schieten zou overtreffen. Heracles won het van hem: maar Eùrytos gaf hem zijn dochter niet en joeg hem bovendien met smaad uit zijn woning. Bij de herinnering aan dien hoon doodde Heracles niet lang daarna in zijn eigen paleis Eùrytos’ zoonIphitos, door hem, zijn gast, in een vlaag van drift van den burchtmuur naar beneden te storten. Die schending der gastvrijheid kon niet ongestraft blijven; Heracles werd zwaar ziek en de ziekte zou pas wijken, als hij voor een jaar als slaaf zou verkocht worden en de koopsom als zoengeld aan Eùrytos zou worden gegeven. Zoo kwam hij, door bemiddeling van Hermes, in tijdelijken slavendienst bijÒmphale, koningin van Lycië; de prijs werd Eùrytos als weergeld aangeboden, maar deze weigerde hem aan te nemen en de oude wrok bleef dus bestaan.

In den dienst van Omphale werd Heracles diep vernederd;[35]de trotsche koningin trok hem een vrouwenkleed en zachte sandalen aan en liet hem wol spinnen, terwijl zij zelve er bij stond met zijn leeuwenhuid om de schouders en spelend met zijn knods. Alleen af en toe vergunde zij hem ook nu nog op avonturen uit te gaan.

Na afloop van den tijd dezer slavernij trok Heracles op zijn wraaktocht tegen Troje uit; verschillende helden voerde hij met zich meê, Laòmedon werd overwonnen en met al zijn zonen omgebracht; alleen de jongste,PodàrkesofPrìamos, werd op Hesìone’s voorbede in het leven gelaten; daarvoor trad het meisje met den Griekschen held Télamon in het huwelijk.

Na nog verschillende avontuurlijke ondernemingen in allerlei deelen van de Grieksche wereld, begaf Heracles zich naar Calydon in Aetolië, waar de gastvrije koningOineustroonde; diens dochterDeïaneirabegeerde hij tot vrouw. Velen dongen naar de hand van het mooie meisje, onder hen de naburige stroomgod Achelòüs, die allerlei gestalten aan kon nemen, en nu eens als een stier, dan weer als een slang of in de gedaante van een mensch met een kop van een stier zich aan de beangste Deïaneira vertoonde. In een ontzettend gevecht overwon Heracles zijn medeminnaar. Als echtgenoot van Deïaneira bleef hij toen langen tijd in het paleis van koning Oineus. Eindelijk trok hij weg met zijn jonge vrouw en begaf zich naar Trachis aan het Oetagebergte, waar een vriend van hem woonde. Onderweg kwam hij aan een breede rivier, waarover de CentaurNessosde reizigers op zijn rug placht over te dragen. Ook Deïaneira zou hij overvoeren. Maar plotseling hoorde Heracles haar een angstkreet slaken en hij zag, hoe de Centaur zich met haar uit de voeten wilde maken. Toen greep hij zijn boog en doodde Nessos met een pijlschot. Stervend ried deze Deïaneira aan, het bloed, dat aan den pijl kleefde, als een toovermiddel te bewaren; het zou dienst kunnen doen, als Heracles haar ooit ontrouw mocht worden.[36]

Toen Heracles nu in Trachis woonde, besloot hij met Eùrytos af te rekenen. Hij veroverde en verwoestte Oechalië, versloeg Eùrytos en zijn zonen en nam Iole als krijgsgevangene mee. Aan den rand van Euboea hield hij halt om er Zeus een dankoffer te brengen voor het slagen van zijn onderneming; Iole zond hij naar Trachis vooruit. ToenDeïaneirazag, hoe mooi deze was, werd zij bang dat Heracles haar om Eùrytos’ dochter verstooten zou. Zij dacht aan het toovermiddel, dat Nessos haar verschaft had, bestreek met het zorgvuldig bewaarde bloed een prachtig feestgewaad en zond dat Heracles om het te dragen, als hij Zeus het bedoelde offer zou brengen. Verheugd sloeg de held zich het kleed om de schouders, maar nauwelijks was het bloed aan zijn lichaam warm geworden of het drong verterend in zijn ledematen door. Door razende pijnen werd hij gefolterd. Toen de eerste aanval voorbij was,liethij zich op een schip naar Trachis overbrengen, waar Deïaneira zich zelve had gedood, zoodra zij had vernomen welk onheil zij tegen wil en dank had aangericht. Hier vernam Heracles, dat het gif van Nessos afkomstig was, die zich zoo op afschuwelijke wijze aan hem had gewroken; nu wist hij ook, dat zijn einde nabij was, want een orakel had hem voorspeld, dat hij door een doode gedood zou worden. Hij liet zich naar den Oeta dragen, richtte daar een brandstapel op, besteeg hem, en verzocht alle voorbijgangers hem aan te steken. Niemand wilde. Maar eindelijk beweesPhiloctètes, die als koning heerschte op het Oetagebergte, hem dien vriendendienst; als belooning kreeg hij daarvoor Heracles’ boog en zijn nooit missende pijlen. Weldra laaiden de vlammen op, bliksemstralen schoten neer, en onder het rollen van de donderslagen werd de held naar den Olympus opgevoerd. Daar leefde hij voort onder de onsterfelijke goden, met Hera nu verzoend, en gehuwd met Hebe.[37]


Back to IndexNext