[Inhoud]THESEUS.Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.[40]Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.
[Inhoud]THESEUS.Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.[40]Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.
[Inhoud]THESEUS.Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.[40]Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.
[Inhoud]THESEUS.Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.[40]Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.
THESEUS.
Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.[40]Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.
Theseuswas een zoon van den Atheenschen koningAegeus. Deze was naar Troezen in Argolis getrokken en daar getrouwd; in Troezen werd ook Theseus geboren. Toen zijn vader naar Athene terugkeerde, legde hij onder een rotsblok een zwaard en een paar sandalen; als Theseus volwassen was, moest zijn moeder, die met het kind in Troezen achterbleef, hem bij den steen brengen; lukte het den jongen dien steen van zijn plaats te krijgen, dan moest zij hem toerusten met het zwaard en de sandalen en hem naar Aegeus in Athene sturen. De proef werd genomen toen Theseus zestien jaar oud was: de jonge man verplaatste het rotsblok met gemak, wapende zich met het zwaard, schoeide zich met de sandalen en begon onbevreesd den gevaarlijken tocht naar Athene. In dien tijd namelijk waren bergen en wouden nog bewoond door wreede reuzen, door roovers en monsters van allerlei aard en ook Theseus vond die in grooten getale op zijn weg. Hij overwon ze allen en deed ze ondergaan, wat zij zoo dikwijls vreedzame reizigers hadden doen lijden. Eindelijk kwam Theseus in Athene aan; aan het zwaard, dat hij voerde, werd hij door zijn vader herkend en blijde werd hij opgenomen in het vaderlijk paleis.
Athene echter verkeerde toen in drukkende afhankelijkheid van het eiland Creta. Aegeus had den zoon van KoningMinosvan Creta gedood en moest nu, door hem overwonnen, alle negen jaar zeven jongens en zeven meisjes naar het eiland zenden. De ongelukkigen werden dan opgesloten in het labyrinth, een doolhof vol dwaalgangen, door den Atheenschen kunstenaarDaidalos(Daedalus) gebouwd. Daar werden ze verslonden door denMinotaurus, half stier, half mensch. De derde zending zou nu vertrekken; reeds was het lot geworpen, en de straten van Athene waren vol gejammer. Toen[38]maakte medelijden met de treurenden en toorn over de vernedering van zijn vaderstad zich van Theseus meester; hij wilde meê om den strijd met het monster aan te gaan. Met tegenzin willigde zijn vader dit verzoek in, en er werd afgesproken dat in plaats van de zwarte rouwzeilen, die het schip placht te voeren, witte zeilen geheschen zouden worden als het waagstuk gelukt zou zijn; dan kon Aegeus al uit de verte zich verheugen over den behouden terugkeer van zijn eenigen zoon. Dus voer Theseus weg en kwam gelukkig op Creta aan, waarAriàdne, Minos’ dochter, liefde opvatte voor den moedigen jongen man. Op raad van Daìdalos gaf zij hem een kluwen; het uiteinde daarvan kon hij vastmaken bij den ingang van het labyrinth en het onder het voortgaan laten afloopen; was de overwinning behaald, dan zou hij langs dien draad den uitgang weer kunnen bereiken. Het lukte Theseus den Minotaurus te verslaan en, dank zij de hulp van Ariàdne, den uitweg te vinden uit het labyrinth. Samen scheepten zij zich nu in en verlieten haastig het eiland. Aanvankelijk ging alles goed; gunstige wind deed de zeilen zwellen en als een pijl vloog het lichte schip door de zee. Onderweg deden zij Naxos aan en toen de avond daalde vielen beiden in een koele grot in slaap.
Toen ontdekteDionỳsos, aan wien het eiland was gewijd, de schoone Ariàdne. Haar aanblik trof hem zóó, dat hij meende zonder haar bezit niet gelukkig te kunnen zijn. In den droom verscheen hij aan Theseus en beval hem, als hij zijn leven lief had, onmiddellijk Ariàdne te verlaten. Theseus ontwaakte, hevig verschrikt, want nog was het hem als hoorde hij de woorden van den god. Vlug sprong hij op van zijn leger, wekte zijn makkers en ging scheep. Toen Ariàdne ontwaakte, was hij reeds zóó ver weg, dat zij nog slechts de zeilen op grooten afstand bespeurde.Dionỳsosechter troostte haar in haar verlatenheid en nam haar nu tot vrouw. De blijde bruiloft[39]werd door alle goden bijgewoond; rijke geschenken werden de bruid vereerd; Zeus verleende haar zelfs de onsterfelijkheid; enDionỳsosvoerde verheugd zijn jonge vrouw naar den Olympus, waar zij aan zijn zijde voor eeuwig onder de goden vertoeft.
Theseus voer ondertusschen de vaderlandsche kust tegemoet. Maar hij vergat de zwarte zeilen door witte te vervangen. Lang had Aegeus in spanning al gewacht op den terugkeer van het schip, dat naar Creta was uitgevaren. Eindelijk, terwijl hij op een hooge rotspunt op den uitkijk stond, zag hij in de verte het sombere doek, dat hem den dood van zijn zoon scheen te melden. Toen maakte wanhoop zich van hem meester; hij stortte zich in de zee, die sinds dien tijd den naam van de Aegaeïsche draagt.
Theseus werd nu koning van Athene. Vele dappere daden worden nog van hem verteld. Zoo zou hij den stier, dien Heracles van Creta had gehaald en bij Marathon had laten loopen, gevangen, naar Athene gebracht, en aan Apollo daar geofferd hebben. Ook wordt van hem verhaald, dat hij de tien stad-staatjes, waarin Attica was opgelost, tot één geheel vereenigde en ter viering van die vereeniging het groote feest der Panathenaeën instelde.
De vertrouwdste vriend van Theseus wasPeirìthoös, de koning derLapithen, een stam in Thessalië. Toen deze zijn huwelijk vierde was ook Theseus onder de gasten; verder waren, onder meerderen, deCentaurengevraagd, ruwe wezens, half mensch, half paard. Zij wierpen zich op de vrouwelijke gasten en trachtten die met zich meê te sleuren; een ontzettende strijd ontbrandde, waarin ten slotte, met veel moeite, de Lapithen hun woeste tegenstanders versloegen, die nu verdreven werden naar meer afgelegen streken. In de beeldhouwkunst is deze worsteling, de strijd der beschaving met het barbarendom, herhaaldelijk uitgebeeld; zoo b.v. op een der gevelvelden van den Zeustempel te Olympia en op metopen van het Parthenon.
12. Centaur in strijd met een Lapith.12.Centaur in strijd met een Lapith.Metoop van het Parthenon.P. Noordhoff, Groningen.
12.Centaur in strijd met een Lapith.
Metoop van het Parthenon.
P. Noordhoff, Groningen.
[40]
Ten slotte nog iets over Daìdalos, den kunstigen bouwmeester van het labyrinth. Om de hulp, dien hij Theseus had bewezen, hield Minos hem en zijn zoonÌkarosgevangen. Maar Daìdalos maakte vleugels uit veeren en was; zoo dacht hij over zee te ontkomen. Vóór hij de reis begon gaf hij zijn zoon den raad, dicht in zijn nabijheid te blijven; vloog hij te laag, dan zou het vocht van de zee de vleugels verzwaren; vloog hij te hoog, dan zou de warmte van de zon de was doen smelten.Ìkaros beloofde wat van hem gevraagd werd; maar hij vergat al spoedig wat hij zich had voorgenomen. In de weelde van de vlucht ging het hooger en hooger; toen lieten de veeren los en hij plofte in de zee, die naar hem de Ikarische werd genoemd. Eenzaam vervolgde de vader zijn weg en diep ongelukkig bereikte hij ten slotte de kust van Italië.