BERGIDYLLE

BERGIDYLLEWat is uw aanblik toch bekoorlijk,Ja Alpen eenig schoon!Waar zich de grootsche pracht der bergen,Getooid met witte kroon,Zich heerlijk spreidt ten toon!En dan uw heldre blauwe meren,Waar over de azuurpracht,Te midden der bebloemde helling,Naast stille pijnenschaduwnacht,In kleur en rijkdom lacht!Waar gletschers der juweelen luister,Verbergen in hun schoot!Waar ’t flonkrend schittrend Alpengloeien!Een stroom van stralen overgoot,Gewekt door vlammend avondrood.Niet minder schoon is ’t, waar het beekje,Aan gletschers borst ontvloeid,De Sennhut groet, met zingend kabb’len,Als ’t ruitje in ’t Westerzontje gloeit,En ’t kuddeke uit de verte loeit!

Wat is uw aanblik toch bekoorlijk,Ja Alpen eenig schoon!Waar zich de grootsche pracht der bergen,Getooid met witte kroon,Zich heerlijk spreidt ten toon!

En dan uw heldre blauwe meren,Waar over de azuurpracht,Te midden der bebloemde helling,Naast stille pijnenschaduwnacht,In kleur en rijkdom lacht!

Waar gletschers der juweelen luister,Verbergen in hun schoot!Waar ’t flonkrend schittrend Alpengloeien!Een stroom van stralen overgoot,Gewekt door vlammend avondrood.

Niet minder schoon is ’t, waar het beekje,Aan gletschers borst ontvloeid,De Sennhut groet, met zingend kabb’len,Als ’t ruitje in ’t Westerzontje gloeit,En ’t kuddeke uit de verte loeit!


Back to IndexNext