Een waterpas van karton.

Een waterpas van karton.Een waterpas van karton.Neem twee zuiver rechthoekige stukken karton, van dezelfde lengte (omstreeks 20 cM), maar van verschillende breedte, stel 10 en 6 cM. Maak in beide een gaatje in het midden van de lengte en 4 of 5 mM van den bovenkant; steek eene speld door het groote karton en bevestig die, door er van achteren een paar stukjes karton tegen te plakken, zooals de teekening aanwijst. Vergroot het gaatje in het kleine stuk karton, dat bewegelijk moet zijn, tot een vertikaal sleufje, en hang nu het kleine karton op de punt van de speld, op eenigen afstand van het groote, waartegen het niet mag wrijven. Plaats dit werktuigje op een marmeren schoorsteenmantel en hang het bewegelijkekarton eens andersom, om te zien of het ten opzichte van het achterste denzelfden stand behoudt, namelijk zoodanig, dat de bovenkanten van beide stukken karton evenwijdig blijven; hetgeen men verkrijgt door zoo noodig een klein randje van het kleinste stuk weg te snijden.Wilt ge nu een meubelstuk met dit toestelletje waterpas plaatsen, dan plaatst ge daarop het vaste stuk karton; steekt het bewegelijke stuk nu rechts of links daarboven uit, dan helt het meubelstuk en ge laat het zoo lang rijzen of dalen tot de bovenkanten der stukken karton weder evenwijdig zijn.

Een waterpas van karton.Een waterpas van karton.Neem twee zuiver rechthoekige stukken karton, van dezelfde lengte (omstreeks 20 cM), maar van verschillende breedte, stel 10 en 6 cM. Maak in beide een gaatje in het midden van de lengte en 4 of 5 mM van den bovenkant; steek eene speld door het groote karton en bevestig die, door er van achteren een paar stukjes karton tegen te plakken, zooals de teekening aanwijst. Vergroot het gaatje in het kleine stuk karton, dat bewegelijk moet zijn, tot een vertikaal sleufje, en hang nu het kleine karton op de punt van de speld, op eenigen afstand van het groote, waartegen het niet mag wrijven. Plaats dit werktuigje op een marmeren schoorsteenmantel en hang het bewegelijkekarton eens andersom, om te zien of het ten opzichte van het achterste denzelfden stand behoudt, namelijk zoodanig, dat de bovenkanten van beide stukken karton evenwijdig blijven; hetgeen men verkrijgt door zoo noodig een klein randje van het kleinste stuk weg te snijden.Wilt ge nu een meubelstuk met dit toestelletje waterpas plaatsen, dan plaatst ge daarop het vaste stuk karton; steekt het bewegelijke stuk nu rechts of links daarboven uit, dan helt het meubelstuk en ge laat het zoo lang rijzen of dalen tot de bovenkanten der stukken karton weder evenwijdig zijn.

Een waterpas van karton.Een waterpas van karton.

Een waterpas van karton.

Neem twee zuiver rechthoekige stukken karton, van dezelfde lengte (omstreeks 20 cM), maar van verschillende breedte, stel 10 en 6 cM. Maak in beide een gaatje in het midden van de lengte en 4 of 5 mM van den bovenkant; steek eene speld door het groote karton en bevestig die, door er van achteren een paar stukjes karton tegen te plakken, zooals de teekening aanwijst. Vergroot het gaatje in het kleine stuk karton, dat bewegelijk moet zijn, tot een vertikaal sleufje, en hang nu het kleine karton op de punt van de speld, op eenigen afstand van het groote, waartegen het niet mag wrijven. Plaats dit werktuigje op een marmeren schoorsteenmantel en hang het bewegelijkekarton eens andersom, om te zien of het ten opzichte van het achterste denzelfden stand behoudt, namelijk zoodanig, dat de bovenkanten van beide stukken karton evenwijdig blijven; hetgeen men verkrijgt door zoo noodig een klein randje van het kleinste stuk weg te snijden.Wilt ge nu een meubelstuk met dit toestelletje waterpas plaatsen, dan plaatst ge daarop het vaste stuk karton; steekt het bewegelijke stuk nu rechts of links daarboven uit, dan helt het meubelstuk en ge laat het zoo lang rijzen of dalen tot de bovenkanten der stukken karton weder evenwijdig zijn.

Neem twee zuiver rechthoekige stukken karton, van dezelfde lengte (omstreeks 20 cM), maar van verschillende breedte, stel 10 en 6 cM. Maak in beide een gaatje in het midden van de lengte en 4 of 5 mM van den bovenkant; steek eene speld door het groote karton en bevestig die, door er van achteren een paar stukjes karton tegen te plakken, zooals de teekening aanwijst. Vergroot het gaatje in het kleine stuk karton, dat bewegelijk moet zijn, tot een vertikaal sleufje, en hang nu het kleine karton op de punt van de speld, op eenigen afstand van het groote, waartegen het niet mag wrijven. Plaats dit werktuigje op een marmeren schoorsteenmantel en hang het bewegelijkekarton eens andersom, om te zien of het ten opzichte van het achterste denzelfden stand behoudt, namelijk zoodanig, dat de bovenkanten van beide stukken karton evenwijdig blijven; hetgeen men verkrijgt door zoo noodig een klein randje van het kleinste stuk weg te snijden.

Wilt ge nu een meubelstuk met dit toestelletje waterpas plaatsen, dan plaatst ge daarop het vaste stuk karton; steekt het bewegelijke stuk nu rechts of links daarboven uit, dan helt het meubelstuk en ge laat het zoo lang rijzen of dalen tot de bovenkanten der stukken karton weder evenwijdig zijn.


Back to IndexNext