INLEIDING.
De natuur is onuitputtelijk in hare wonderen. Allerwegen heeft zij die met kwistige hand verspreid, zoowel op en in den duisteren aardbodem als in de blauwe lucht, in de koele wateren van beek of rivier en in de onpeilbare diepten der zee.
En in die wateren was moeder natuur zeker wel het vrijgevigst in het uitstrooien van hare gaven. Beelden van ongeëvenaarde schoonheid, oneindig wisselende vormen, van den zeldzaamsten en avontuurlijksten aard, treffen ons oog bij het beschouwen van die dierenwereld, zoowel in haar rijke verscheidenheid in de kalme binnenwateren, als in haar fabelachtige pracht in de woelende en kokende golven van den oceaan.
Fantastische tooneelen van een onafgebroken kamp op leven en dood, van een onverbiddelijken strijd om het bestaan, doch ook liefelijke tafereeltjes van innige vriendschap en onbaatzuchtige samenwerking, ontmoeten wij in menigte, hetzij wij, in onze verbeelding, afdalen in de duizelingwekkende afgronden der zee, of den blik laten dwalen over den stillen waterplas, het zacht murmelende beekje of den bruisenden stroom. Alles is daar vol van het krachtigste en vruchtbaarste dierlijke leven, een oneindige afwisseling van worden en vergaan, een onophoudelijk komen en gaan van geslachten en soorten, in de bontste verscheidenheid.
Vooral merkwaardig is echter de onnoemelijke rijkdom aan vormen, die deongewerveldeenlageredieren in die waterwereld ten toon spreiden, vormen en tafereelen, die nu eens onze aandacht boeien door het bekoorlijke en liefelijke, dan weer onze belangstelling wekken door het avontuurlijke en zeldzame.
En daarom willen wij ons—met terzijdestelling van de visschen en hoogere dieren—hier slechts bepalen tot die lagere levende wezens en den lezer in de volgende bladzijden de interessante vormen van deze dierenwereld uit het water, in eenige losse schetsen, zonder veel geleerden omhaal van woorden, voor den geest roepen.
Wij willen onzen ontdekkingstocht in het water ondernemen, gewapend met een goeden voorraad geduld en opmerkzaamheid. Daar wij echter voor den lezer een veilige gids hopen te zijn in die diepten der wateren, zoo volge hij ons vol moed en onvervaard: een rijke schat van wetenschappelijk genot zal onze moeite loonen.