VEene Afrikaansche KaravaanDe eerste stap, dien men te doen heeft bij de aankomst te Zanzibar, is zich een lokaal aan te schaffen om de waren te bergen, die men voornemens is te koopen, en hetmateriëel, dat men uit Europa heeft meegebracht. Dit zijn: de wapens en munitiën; de natuurkundige tuigen; het linnen, de kleederen en schoeisels; de tenten en ’t beddegoed; de artsenijen; de conserven en ’t keukengerief; de werktuigen, boeken, papier en honderd verschillige artikels, kleine en groote, van de vischhaken en den tandenborstel af, tot het draaiorgel toe.Wat de handelswaren betreft, die worden te Zanzibar gekocht. Zij zijn van verschillenden aard: wit en blauw katoen,koper- enlatoendraad, groote en kleine koralen met uitgekozen tinten, gekleurde weefsels, rood laken, kleederen, Arabische mantels of vesten, zwart of rood, met goud geborduurd, enten laatste, wisselpoeder, hetwelk een monopool van den sultan is.Al die waren dienen tot gangbare munt voor de betaling der dragers en soldaten, voor den aankoop der levensmiddelen, voor het voldoen van denhongoof doortochtrecht.Eindelijk is het noodig, ook eenige kleine geschenken mee te nemen, zooals: messen, bellen, armbanden, spiegels, bekers, enz., die men blij zal wezen op sommige oogenblikken te bezitten, om de eene of andere groote moeilijkheid uit den weg te ruimen.De aankoop dier belangrijke nietigheden is een werk, dat eene groote omzichtigheid en, op voorhand, de nauwkeurigste inlichtingen vereischt. Want, indien de mode in Europa afwisselt, doet zij dit ook in Afrika; nu is ’t het katoen, dat gevraagd wordt, dan is ’t het glaswerk. Eene karavaan trekt voorbij en betaalt hare aankoopen in stoffen; eene andere volgt haar en ziet zich verplicht, in hetzelfde district, met koralen te betalen. Wat deze laatste betreft, in deze streek worden de witte vurig verlangd, in gene de zwarte, of de roode, of de roze, met uitsluiting van alle andere. In 1858 is Burton gedwongen geweest, verscheidene duizenden reien kralen als nutteloos weg te werpen; niemand wilde er van, zelfs niet «als geschenk».Eens de koopwaren aangekocht, zal de reizigereen tientalinpakkershuren om de vrachten klaar te maken, die zullen verschillen van 25 tot 30 Kilogram per man! Elk pak moet genummerd worden en men zal nauwkeurig aanteekening nemen van zijnen inhoud.Terwijl de lasten gemaakt worden, zorgvuldig in zakken van vlechtwerk gewikkeld, zal men het geleide van Zanzibariten aanwerven. Men zal zich vóor alles eenen kapitein aanschaffen, een krachtdadigen en verkleefden hoofdman, die zich doorgaans, tegen commissiegeld, zal gelasten met de soldaten ofaskariste kiezen. Cambier nam er tachtig in dienst, waarover hij zeer tevreden was. Hoewel men hen soldaten heet, hebben die askaris niets gemeens met de militaire macht van ’t land; zij zijn gelast met de tucht der karavaan, en desnoods met hare verdediging tegen de aanvallen der struikroovers, die zekere districten onveilig maken. Zij worden met geweren gewapend (die van Gambier hadden comblains) en krijgen dien ten gevolge slechts eenen geringen last, meestendeels bestaande uit voorwerpen van dagelijksch gebruik.Wanneer ik nu nog vermeld zal hebben de aanwerving van gidsen, tolken en knechts, de laatste bijzonder gelast met den dienst van kamp en keuken, dan zal ik, dunkt mij, het einde hebben bereikt van de opsomming der voorbereidende werkzaamheden, welke te Zanzibar zelf moeten verricht worden; ende reiziger zal gereed zijn om zich in te schepen, met personeel en bagage, op eenigedaoes, om de zeeëngte over te steken en aan wal te stappen op Afrika’s grond. Daar wacht hem een veel ingewikkelder en moeilijker werk: de werving van dragers. Ik ga er komen.Cambier had gedaan met het inpakken zijner balen en het aannemen zijner soldaten, toen te Zanzibar aanlandde, het was op 28 April, de heer luitenant Wautier, weinige dagen nadien gevolgd van den heer dokter Dutrieux. De drij reizigers staken zonder verwijl naar het vasteland over.De kust, tegenover Zanzibar, telt drij kleine dorpen, welke de voornaamste vertrekpunten zijn der karavanen met bestemming voor Oenyangembe en Tanganika. Het zijn: Sadani in ’t Noorden, Bagamayo in ’t midden en Kaole in ’t Zuiden. Gedurende de maanden Juni, Juli en Augustus vindt men er immer een aanzienlijk aantal inboorlingen, gereed om dienst te nemen als dragers of pagazis.De groote hinderpaal tegen de snelheid der reizen in dat gedeelte van Afrika spruit voort uit den aard van ’t vervoer en de afwezigheid van muntspeciën. In plaats van een vijffrankstuk of eenen dollar, hebt gij vier meters stof noodig (eendoti); een kralen halssnoer in stede van eenen stuiver; eenen rollatoendraad bij wijze van goudstuk; en om die lastige munt te vervoeren hebt gij noch rijtuig, noch kemel, noch paard, noch os. Detetza, de giftige vlieg van centraal Afrika, verspert den weg naar ’t binnenland voor al de trekdieren, en de kwestie van het temmen van den inlandschen olifant staat nog niet verder dan de voorbereidende studie. Blijft de neger. Het aanwerven eener bende van drie tot vierhonderd dragers is dus de laatste taak, welke de onderzoekingsreiziger te vervullen heeft, vooraleer zich in ’t binnenland te wagen. Het is verreweg de lastigste en ondankbaarste.De eerste man, die gehuurd moet worden, is dekirangosi; het is een invloedrijk inboorling, gelast met het besturen van de marschen, en bestemd om de man van vertrouwen van den aanvoerder te worden. Deze zal hem moeten weten te paaien met kleine geschenken, tusschen vier oogen met hem den te volgen weg vaststellen, zoowel als den afstand voor elken dag, enz., en eindelijk, hem gedurig en tegen iedereen beschermen. In éen woord, gij moet trachten, den kirangosi altoos langs uwen kant te hebben in uwe geschillen met de dragers. Deze zullen u dan volgen gelijk schapen van Panurge.De heeren Cambier, Wautier en Dutrieux kwamen dus te Sadani aan om er hunne karavaan van pagazis in te richten en er degene te ontvangen,welke M. Broyon—een Zwitsersch belastingpachter, door Cambier nabij Kiora ontmoet—beloofd had, naar de expeditie te sturen. Maar de dragers naar Bagamayo gegaan zijnde en dit dorp niet willende verlaten voor Sadani, waren de drie reizigers wel gedwongen, zich met heel hunnen trein naar Bagamayo te begeven.Het aanwerven der pagazis vraagt een zoodanig geduld, dat het voor een nieuwen reiziger nutteloos is er aan te peinzen, dit zelf te verrichten. Hij zal zich dus moeten wenden, ofwel tot eenen Indiaan van de streek, wiens specialiteit het is, ofwel tot het opperhoofd van het geleide, die, tegen een te bedingen prijs, hem de noodige manschappen zal leveren. Men moet zorgen, deze te nemen tusschen de Oeanyamoeëzis, welke de boodschappers zijn van dit gedeelte van ’t vasteland. En bovendien moet men de echte uitkiezen, zachtaardig en gedwee, en geene Oeachetas bij voorbeeld, wier woelig karakter en boosaardigheid de expeditie weldra zou leeren ondervinden.De luitenant Wautier bracht alleen de werving ten einde. De heeren Cambier en Dutrieux, beiden door de koorts aangetast, waren verplicht geweest de gastvrijheid te aanvaarden, hun op de hartelijkste wijze aangeboden door de Fransche missionarissen, te Bagamayo gevestigd.Den 26stenJuni was de karavaan, dank aan eencontract, gesloten met den Indiaan Sewa, bepaald gevormd. Zij bestond uit 327 dragers, hetgeen met de 80 zanzibaritische soldaten en knechts eene macht van 407 man uitmaakte, die onmiddellijk gevoerd werden naar eene kleine plaats, Chamba Gonera genaamd, waar het gemakkelijker valt de tucht te handhaven, dan te Bagamayo zelf.
VEene Afrikaansche KaravaanDe eerste stap, dien men te doen heeft bij de aankomst te Zanzibar, is zich een lokaal aan te schaffen om de waren te bergen, die men voornemens is te koopen, en hetmateriëel, dat men uit Europa heeft meegebracht. Dit zijn: de wapens en munitiën; de natuurkundige tuigen; het linnen, de kleederen en schoeisels; de tenten en ’t beddegoed; de artsenijen; de conserven en ’t keukengerief; de werktuigen, boeken, papier en honderd verschillige artikels, kleine en groote, van de vischhaken en den tandenborstel af, tot het draaiorgel toe.Wat de handelswaren betreft, die worden te Zanzibar gekocht. Zij zijn van verschillenden aard: wit en blauw katoen,koper- enlatoendraad, groote en kleine koralen met uitgekozen tinten, gekleurde weefsels, rood laken, kleederen, Arabische mantels of vesten, zwart of rood, met goud geborduurd, enten laatste, wisselpoeder, hetwelk een monopool van den sultan is.Al die waren dienen tot gangbare munt voor de betaling der dragers en soldaten, voor den aankoop der levensmiddelen, voor het voldoen van denhongoof doortochtrecht.Eindelijk is het noodig, ook eenige kleine geschenken mee te nemen, zooals: messen, bellen, armbanden, spiegels, bekers, enz., die men blij zal wezen op sommige oogenblikken te bezitten, om de eene of andere groote moeilijkheid uit den weg te ruimen.De aankoop dier belangrijke nietigheden is een werk, dat eene groote omzichtigheid en, op voorhand, de nauwkeurigste inlichtingen vereischt. Want, indien de mode in Europa afwisselt, doet zij dit ook in Afrika; nu is ’t het katoen, dat gevraagd wordt, dan is ’t het glaswerk. Eene karavaan trekt voorbij en betaalt hare aankoopen in stoffen; eene andere volgt haar en ziet zich verplicht, in hetzelfde district, met koralen te betalen. Wat deze laatste betreft, in deze streek worden de witte vurig verlangd, in gene de zwarte, of de roode, of de roze, met uitsluiting van alle andere. In 1858 is Burton gedwongen geweest, verscheidene duizenden reien kralen als nutteloos weg te werpen; niemand wilde er van, zelfs niet «als geschenk».Eens de koopwaren aangekocht, zal de reizigereen tientalinpakkershuren om de vrachten klaar te maken, die zullen verschillen van 25 tot 30 Kilogram per man! Elk pak moet genummerd worden en men zal nauwkeurig aanteekening nemen van zijnen inhoud.Terwijl de lasten gemaakt worden, zorgvuldig in zakken van vlechtwerk gewikkeld, zal men het geleide van Zanzibariten aanwerven. Men zal zich vóor alles eenen kapitein aanschaffen, een krachtdadigen en verkleefden hoofdman, die zich doorgaans, tegen commissiegeld, zal gelasten met de soldaten ofaskariste kiezen. Cambier nam er tachtig in dienst, waarover hij zeer tevreden was. Hoewel men hen soldaten heet, hebben die askaris niets gemeens met de militaire macht van ’t land; zij zijn gelast met de tucht der karavaan, en desnoods met hare verdediging tegen de aanvallen der struikroovers, die zekere districten onveilig maken. Zij worden met geweren gewapend (die van Gambier hadden comblains) en krijgen dien ten gevolge slechts eenen geringen last, meestendeels bestaande uit voorwerpen van dagelijksch gebruik.Wanneer ik nu nog vermeld zal hebben de aanwerving van gidsen, tolken en knechts, de laatste bijzonder gelast met den dienst van kamp en keuken, dan zal ik, dunkt mij, het einde hebben bereikt van de opsomming der voorbereidende werkzaamheden, welke te Zanzibar zelf moeten verricht worden; ende reiziger zal gereed zijn om zich in te schepen, met personeel en bagage, op eenigedaoes, om de zeeëngte over te steken en aan wal te stappen op Afrika’s grond. Daar wacht hem een veel ingewikkelder en moeilijker werk: de werving van dragers. Ik ga er komen.Cambier had gedaan met het inpakken zijner balen en het aannemen zijner soldaten, toen te Zanzibar aanlandde, het was op 28 April, de heer luitenant Wautier, weinige dagen nadien gevolgd van den heer dokter Dutrieux. De drij reizigers staken zonder verwijl naar het vasteland over.De kust, tegenover Zanzibar, telt drij kleine dorpen, welke de voornaamste vertrekpunten zijn der karavanen met bestemming voor Oenyangembe en Tanganika. Het zijn: Sadani in ’t Noorden, Bagamayo in ’t midden en Kaole in ’t Zuiden. Gedurende de maanden Juni, Juli en Augustus vindt men er immer een aanzienlijk aantal inboorlingen, gereed om dienst te nemen als dragers of pagazis.De groote hinderpaal tegen de snelheid der reizen in dat gedeelte van Afrika spruit voort uit den aard van ’t vervoer en de afwezigheid van muntspeciën. In plaats van een vijffrankstuk of eenen dollar, hebt gij vier meters stof noodig (eendoti); een kralen halssnoer in stede van eenen stuiver; eenen rollatoendraad bij wijze van goudstuk; en om die lastige munt te vervoeren hebt gij noch rijtuig, noch kemel, noch paard, noch os. Detetza, de giftige vlieg van centraal Afrika, verspert den weg naar ’t binnenland voor al de trekdieren, en de kwestie van het temmen van den inlandschen olifant staat nog niet verder dan de voorbereidende studie. Blijft de neger. Het aanwerven eener bende van drie tot vierhonderd dragers is dus de laatste taak, welke de onderzoekingsreiziger te vervullen heeft, vooraleer zich in ’t binnenland te wagen. Het is verreweg de lastigste en ondankbaarste.De eerste man, die gehuurd moet worden, is dekirangosi; het is een invloedrijk inboorling, gelast met het besturen van de marschen, en bestemd om de man van vertrouwen van den aanvoerder te worden. Deze zal hem moeten weten te paaien met kleine geschenken, tusschen vier oogen met hem den te volgen weg vaststellen, zoowel als den afstand voor elken dag, enz., en eindelijk, hem gedurig en tegen iedereen beschermen. In éen woord, gij moet trachten, den kirangosi altoos langs uwen kant te hebben in uwe geschillen met de dragers. Deze zullen u dan volgen gelijk schapen van Panurge.De heeren Cambier, Wautier en Dutrieux kwamen dus te Sadani aan om er hunne karavaan van pagazis in te richten en er degene te ontvangen,welke M. Broyon—een Zwitsersch belastingpachter, door Cambier nabij Kiora ontmoet—beloofd had, naar de expeditie te sturen. Maar de dragers naar Bagamayo gegaan zijnde en dit dorp niet willende verlaten voor Sadani, waren de drie reizigers wel gedwongen, zich met heel hunnen trein naar Bagamayo te begeven.Het aanwerven der pagazis vraagt een zoodanig geduld, dat het voor een nieuwen reiziger nutteloos is er aan te peinzen, dit zelf te verrichten. Hij zal zich dus moeten wenden, ofwel tot eenen Indiaan van de streek, wiens specialiteit het is, ofwel tot het opperhoofd van het geleide, die, tegen een te bedingen prijs, hem de noodige manschappen zal leveren. Men moet zorgen, deze te nemen tusschen de Oeanyamoeëzis, welke de boodschappers zijn van dit gedeelte van ’t vasteland. En bovendien moet men de echte uitkiezen, zachtaardig en gedwee, en geene Oeachetas bij voorbeeld, wier woelig karakter en boosaardigheid de expeditie weldra zou leeren ondervinden.De luitenant Wautier bracht alleen de werving ten einde. De heeren Cambier en Dutrieux, beiden door de koorts aangetast, waren verplicht geweest de gastvrijheid te aanvaarden, hun op de hartelijkste wijze aangeboden door de Fransche missionarissen, te Bagamayo gevestigd.Den 26stenJuni was de karavaan, dank aan eencontract, gesloten met den Indiaan Sewa, bepaald gevormd. Zij bestond uit 327 dragers, hetgeen met de 80 zanzibaritische soldaten en knechts eene macht van 407 man uitmaakte, die onmiddellijk gevoerd werden naar eene kleine plaats, Chamba Gonera genaamd, waar het gemakkelijker valt de tucht te handhaven, dan te Bagamayo zelf.
VEene Afrikaansche Karavaan
De eerste stap, dien men te doen heeft bij de aankomst te Zanzibar, is zich een lokaal aan te schaffen om de waren te bergen, die men voornemens is te koopen, en hetmateriëel, dat men uit Europa heeft meegebracht. Dit zijn: de wapens en munitiën; de natuurkundige tuigen; het linnen, de kleederen en schoeisels; de tenten en ’t beddegoed; de artsenijen; de conserven en ’t keukengerief; de werktuigen, boeken, papier en honderd verschillige artikels, kleine en groote, van de vischhaken en den tandenborstel af, tot het draaiorgel toe.Wat de handelswaren betreft, die worden te Zanzibar gekocht. Zij zijn van verschillenden aard: wit en blauw katoen,koper- enlatoendraad, groote en kleine koralen met uitgekozen tinten, gekleurde weefsels, rood laken, kleederen, Arabische mantels of vesten, zwart of rood, met goud geborduurd, enten laatste, wisselpoeder, hetwelk een monopool van den sultan is.Al die waren dienen tot gangbare munt voor de betaling der dragers en soldaten, voor den aankoop der levensmiddelen, voor het voldoen van denhongoof doortochtrecht.Eindelijk is het noodig, ook eenige kleine geschenken mee te nemen, zooals: messen, bellen, armbanden, spiegels, bekers, enz., die men blij zal wezen op sommige oogenblikken te bezitten, om de eene of andere groote moeilijkheid uit den weg te ruimen.De aankoop dier belangrijke nietigheden is een werk, dat eene groote omzichtigheid en, op voorhand, de nauwkeurigste inlichtingen vereischt. Want, indien de mode in Europa afwisselt, doet zij dit ook in Afrika; nu is ’t het katoen, dat gevraagd wordt, dan is ’t het glaswerk. Eene karavaan trekt voorbij en betaalt hare aankoopen in stoffen; eene andere volgt haar en ziet zich verplicht, in hetzelfde district, met koralen te betalen. Wat deze laatste betreft, in deze streek worden de witte vurig verlangd, in gene de zwarte, of de roode, of de roze, met uitsluiting van alle andere. In 1858 is Burton gedwongen geweest, verscheidene duizenden reien kralen als nutteloos weg te werpen; niemand wilde er van, zelfs niet «als geschenk».Eens de koopwaren aangekocht, zal de reizigereen tientalinpakkershuren om de vrachten klaar te maken, die zullen verschillen van 25 tot 30 Kilogram per man! Elk pak moet genummerd worden en men zal nauwkeurig aanteekening nemen van zijnen inhoud.Terwijl de lasten gemaakt worden, zorgvuldig in zakken van vlechtwerk gewikkeld, zal men het geleide van Zanzibariten aanwerven. Men zal zich vóor alles eenen kapitein aanschaffen, een krachtdadigen en verkleefden hoofdman, die zich doorgaans, tegen commissiegeld, zal gelasten met de soldaten ofaskariste kiezen. Cambier nam er tachtig in dienst, waarover hij zeer tevreden was. Hoewel men hen soldaten heet, hebben die askaris niets gemeens met de militaire macht van ’t land; zij zijn gelast met de tucht der karavaan, en desnoods met hare verdediging tegen de aanvallen der struikroovers, die zekere districten onveilig maken. Zij worden met geweren gewapend (die van Gambier hadden comblains) en krijgen dien ten gevolge slechts eenen geringen last, meestendeels bestaande uit voorwerpen van dagelijksch gebruik.Wanneer ik nu nog vermeld zal hebben de aanwerving van gidsen, tolken en knechts, de laatste bijzonder gelast met den dienst van kamp en keuken, dan zal ik, dunkt mij, het einde hebben bereikt van de opsomming der voorbereidende werkzaamheden, welke te Zanzibar zelf moeten verricht worden; ende reiziger zal gereed zijn om zich in te schepen, met personeel en bagage, op eenigedaoes, om de zeeëngte over te steken en aan wal te stappen op Afrika’s grond. Daar wacht hem een veel ingewikkelder en moeilijker werk: de werving van dragers. Ik ga er komen.Cambier had gedaan met het inpakken zijner balen en het aannemen zijner soldaten, toen te Zanzibar aanlandde, het was op 28 April, de heer luitenant Wautier, weinige dagen nadien gevolgd van den heer dokter Dutrieux. De drij reizigers staken zonder verwijl naar het vasteland over.De kust, tegenover Zanzibar, telt drij kleine dorpen, welke de voornaamste vertrekpunten zijn der karavanen met bestemming voor Oenyangembe en Tanganika. Het zijn: Sadani in ’t Noorden, Bagamayo in ’t midden en Kaole in ’t Zuiden. Gedurende de maanden Juni, Juli en Augustus vindt men er immer een aanzienlijk aantal inboorlingen, gereed om dienst te nemen als dragers of pagazis.De groote hinderpaal tegen de snelheid der reizen in dat gedeelte van Afrika spruit voort uit den aard van ’t vervoer en de afwezigheid van muntspeciën. In plaats van een vijffrankstuk of eenen dollar, hebt gij vier meters stof noodig (eendoti); een kralen halssnoer in stede van eenen stuiver; eenen rollatoendraad bij wijze van goudstuk; en om die lastige munt te vervoeren hebt gij noch rijtuig, noch kemel, noch paard, noch os. Detetza, de giftige vlieg van centraal Afrika, verspert den weg naar ’t binnenland voor al de trekdieren, en de kwestie van het temmen van den inlandschen olifant staat nog niet verder dan de voorbereidende studie. Blijft de neger. Het aanwerven eener bende van drie tot vierhonderd dragers is dus de laatste taak, welke de onderzoekingsreiziger te vervullen heeft, vooraleer zich in ’t binnenland te wagen. Het is verreweg de lastigste en ondankbaarste.De eerste man, die gehuurd moet worden, is dekirangosi; het is een invloedrijk inboorling, gelast met het besturen van de marschen, en bestemd om de man van vertrouwen van den aanvoerder te worden. Deze zal hem moeten weten te paaien met kleine geschenken, tusschen vier oogen met hem den te volgen weg vaststellen, zoowel als den afstand voor elken dag, enz., en eindelijk, hem gedurig en tegen iedereen beschermen. In éen woord, gij moet trachten, den kirangosi altoos langs uwen kant te hebben in uwe geschillen met de dragers. Deze zullen u dan volgen gelijk schapen van Panurge.De heeren Cambier, Wautier en Dutrieux kwamen dus te Sadani aan om er hunne karavaan van pagazis in te richten en er degene te ontvangen,welke M. Broyon—een Zwitsersch belastingpachter, door Cambier nabij Kiora ontmoet—beloofd had, naar de expeditie te sturen. Maar de dragers naar Bagamayo gegaan zijnde en dit dorp niet willende verlaten voor Sadani, waren de drie reizigers wel gedwongen, zich met heel hunnen trein naar Bagamayo te begeven.Het aanwerven der pagazis vraagt een zoodanig geduld, dat het voor een nieuwen reiziger nutteloos is er aan te peinzen, dit zelf te verrichten. Hij zal zich dus moeten wenden, ofwel tot eenen Indiaan van de streek, wiens specialiteit het is, ofwel tot het opperhoofd van het geleide, die, tegen een te bedingen prijs, hem de noodige manschappen zal leveren. Men moet zorgen, deze te nemen tusschen de Oeanyamoeëzis, welke de boodschappers zijn van dit gedeelte van ’t vasteland. En bovendien moet men de echte uitkiezen, zachtaardig en gedwee, en geene Oeachetas bij voorbeeld, wier woelig karakter en boosaardigheid de expeditie weldra zou leeren ondervinden.De luitenant Wautier bracht alleen de werving ten einde. De heeren Cambier en Dutrieux, beiden door de koorts aangetast, waren verplicht geweest de gastvrijheid te aanvaarden, hun op de hartelijkste wijze aangeboden door de Fransche missionarissen, te Bagamayo gevestigd.Den 26stenJuni was de karavaan, dank aan eencontract, gesloten met den Indiaan Sewa, bepaald gevormd. Zij bestond uit 327 dragers, hetgeen met de 80 zanzibaritische soldaten en knechts eene macht van 407 man uitmaakte, die onmiddellijk gevoerd werden naar eene kleine plaats, Chamba Gonera genaamd, waar het gemakkelijker valt de tucht te handhaven, dan te Bagamayo zelf.
De eerste stap, dien men te doen heeft bij de aankomst te Zanzibar, is zich een lokaal aan te schaffen om de waren te bergen, die men voornemens is te koopen, en hetmateriëel, dat men uit Europa heeft meegebracht. Dit zijn: de wapens en munitiën; de natuurkundige tuigen; het linnen, de kleederen en schoeisels; de tenten en ’t beddegoed; de artsenijen; de conserven en ’t keukengerief; de werktuigen, boeken, papier en honderd verschillige artikels, kleine en groote, van de vischhaken en den tandenborstel af, tot het draaiorgel toe.
Wat de handelswaren betreft, die worden te Zanzibar gekocht. Zij zijn van verschillenden aard: wit en blauw katoen,koper- enlatoendraad, groote en kleine koralen met uitgekozen tinten, gekleurde weefsels, rood laken, kleederen, Arabische mantels of vesten, zwart of rood, met goud geborduurd, enten laatste, wisselpoeder, hetwelk een monopool van den sultan is.
Al die waren dienen tot gangbare munt voor de betaling der dragers en soldaten, voor den aankoop der levensmiddelen, voor het voldoen van denhongoof doortochtrecht.
Eindelijk is het noodig, ook eenige kleine geschenken mee te nemen, zooals: messen, bellen, armbanden, spiegels, bekers, enz., die men blij zal wezen op sommige oogenblikken te bezitten, om de eene of andere groote moeilijkheid uit den weg te ruimen.
De aankoop dier belangrijke nietigheden is een werk, dat eene groote omzichtigheid en, op voorhand, de nauwkeurigste inlichtingen vereischt. Want, indien de mode in Europa afwisselt, doet zij dit ook in Afrika; nu is ’t het katoen, dat gevraagd wordt, dan is ’t het glaswerk. Eene karavaan trekt voorbij en betaalt hare aankoopen in stoffen; eene andere volgt haar en ziet zich verplicht, in hetzelfde district, met koralen te betalen. Wat deze laatste betreft, in deze streek worden de witte vurig verlangd, in gene de zwarte, of de roode, of de roze, met uitsluiting van alle andere. In 1858 is Burton gedwongen geweest, verscheidene duizenden reien kralen als nutteloos weg te werpen; niemand wilde er van, zelfs niet «als geschenk».
Eens de koopwaren aangekocht, zal de reizigereen tientalinpakkershuren om de vrachten klaar te maken, die zullen verschillen van 25 tot 30 Kilogram per man! Elk pak moet genummerd worden en men zal nauwkeurig aanteekening nemen van zijnen inhoud.
Terwijl de lasten gemaakt worden, zorgvuldig in zakken van vlechtwerk gewikkeld, zal men het geleide van Zanzibariten aanwerven. Men zal zich vóor alles eenen kapitein aanschaffen, een krachtdadigen en verkleefden hoofdman, die zich doorgaans, tegen commissiegeld, zal gelasten met de soldaten ofaskariste kiezen. Cambier nam er tachtig in dienst, waarover hij zeer tevreden was. Hoewel men hen soldaten heet, hebben die askaris niets gemeens met de militaire macht van ’t land; zij zijn gelast met de tucht der karavaan, en desnoods met hare verdediging tegen de aanvallen der struikroovers, die zekere districten onveilig maken. Zij worden met geweren gewapend (die van Gambier hadden comblains) en krijgen dien ten gevolge slechts eenen geringen last, meestendeels bestaande uit voorwerpen van dagelijksch gebruik.
Wanneer ik nu nog vermeld zal hebben de aanwerving van gidsen, tolken en knechts, de laatste bijzonder gelast met den dienst van kamp en keuken, dan zal ik, dunkt mij, het einde hebben bereikt van de opsomming der voorbereidende werkzaamheden, welke te Zanzibar zelf moeten verricht worden; ende reiziger zal gereed zijn om zich in te schepen, met personeel en bagage, op eenigedaoes, om de zeeëngte over te steken en aan wal te stappen op Afrika’s grond. Daar wacht hem een veel ingewikkelder en moeilijker werk: de werving van dragers. Ik ga er komen.
Cambier had gedaan met het inpakken zijner balen en het aannemen zijner soldaten, toen te Zanzibar aanlandde, het was op 28 April, de heer luitenant Wautier, weinige dagen nadien gevolgd van den heer dokter Dutrieux. De drij reizigers staken zonder verwijl naar het vasteland over.
De kust, tegenover Zanzibar, telt drij kleine dorpen, welke de voornaamste vertrekpunten zijn der karavanen met bestemming voor Oenyangembe en Tanganika. Het zijn: Sadani in ’t Noorden, Bagamayo in ’t midden en Kaole in ’t Zuiden. Gedurende de maanden Juni, Juli en Augustus vindt men er immer een aanzienlijk aantal inboorlingen, gereed om dienst te nemen als dragers of pagazis.
De groote hinderpaal tegen de snelheid der reizen in dat gedeelte van Afrika spruit voort uit den aard van ’t vervoer en de afwezigheid van muntspeciën. In plaats van een vijffrankstuk of eenen dollar, hebt gij vier meters stof noodig (eendoti); een kralen halssnoer in stede van eenen stuiver; eenen rollatoendraad bij wijze van goudstuk; en om die lastige munt te vervoeren hebt gij noch rijtuig, noch kemel, noch paard, noch os. Detetza, de giftige vlieg van centraal Afrika, verspert den weg naar ’t binnenland voor al de trekdieren, en de kwestie van het temmen van den inlandschen olifant staat nog niet verder dan de voorbereidende studie. Blijft de neger. Het aanwerven eener bende van drie tot vierhonderd dragers is dus de laatste taak, welke de onderzoekingsreiziger te vervullen heeft, vooraleer zich in ’t binnenland te wagen. Het is verreweg de lastigste en ondankbaarste.
De eerste man, die gehuurd moet worden, is dekirangosi; het is een invloedrijk inboorling, gelast met het besturen van de marschen, en bestemd om de man van vertrouwen van den aanvoerder te worden. Deze zal hem moeten weten te paaien met kleine geschenken, tusschen vier oogen met hem den te volgen weg vaststellen, zoowel als den afstand voor elken dag, enz., en eindelijk, hem gedurig en tegen iedereen beschermen. In éen woord, gij moet trachten, den kirangosi altoos langs uwen kant te hebben in uwe geschillen met de dragers. Deze zullen u dan volgen gelijk schapen van Panurge.
De heeren Cambier, Wautier en Dutrieux kwamen dus te Sadani aan om er hunne karavaan van pagazis in te richten en er degene te ontvangen,welke M. Broyon—een Zwitsersch belastingpachter, door Cambier nabij Kiora ontmoet—beloofd had, naar de expeditie te sturen. Maar de dragers naar Bagamayo gegaan zijnde en dit dorp niet willende verlaten voor Sadani, waren de drie reizigers wel gedwongen, zich met heel hunnen trein naar Bagamayo te begeven.
Het aanwerven der pagazis vraagt een zoodanig geduld, dat het voor een nieuwen reiziger nutteloos is er aan te peinzen, dit zelf te verrichten. Hij zal zich dus moeten wenden, ofwel tot eenen Indiaan van de streek, wiens specialiteit het is, ofwel tot het opperhoofd van het geleide, die, tegen een te bedingen prijs, hem de noodige manschappen zal leveren. Men moet zorgen, deze te nemen tusschen de Oeanyamoeëzis, welke de boodschappers zijn van dit gedeelte van ’t vasteland. En bovendien moet men de echte uitkiezen, zachtaardig en gedwee, en geene Oeachetas bij voorbeeld, wier woelig karakter en boosaardigheid de expeditie weldra zou leeren ondervinden.
De luitenant Wautier bracht alleen de werving ten einde. De heeren Cambier en Dutrieux, beiden door de koorts aangetast, waren verplicht geweest de gastvrijheid te aanvaarden, hun op de hartelijkste wijze aangeboden door de Fransche missionarissen, te Bagamayo gevestigd.
Den 26stenJuni was de karavaan, dank aan eencontract, gesloten met den Indiaan Sewa, bepaald gevormd. Zij bestond uit 327 dragers, hetgeen met de 80 zanzibaritische soldaten en knechts eene macht van 407 man uitmaakte, die onmiddellijk gevoerd werden naar eene kleine plaats, Chamba Gonera genaamd, waar het gemakkelijker valt de tucht te handhaven, dan te Bagamayo zelf.